Categorie archieven: Busvervoer

Niet alle touringcarbedrijven doen mee aan corona muiterij

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Touringcarbedrijven leggen de oproep naast zich neer van de brancheorganisatie Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) om per direct weer maximaal dertig mensen per bus te gaan vervoeren in plaats van dertien. Deze oproep werd de afgelopen week nog versterkt door Johan Pouw van Pouw Vervoer in Vianen in het programma Hart van Nederland. KNV wil zich bewust opstellen tegen de landelijke corona-richtlijnen maar daar zijn verschillende touringcarondernemers het niet mee eens.

geen sterke lobby

De kritiek op de lobby en zichtbaarheid van de branchevereniging KNV klinkt steeds luider binnen zowel de taxi- als touringcarsector. Touringcarbedrijf Bak Reizen in Alkmaar legt eveneens de oproep naast zich neer van zijn brancheorganisatie en houdt vast aan de bestaande regels voor touringcars. Bak Reizen heeft 35 touringcars, waarvan de meeste al maanden stil staan in de garage.

“Dat krijg je ervan als vliegtuigen afgeladen vol mogen vertrekken en er in het openbaar vervoer helemaal geen vragen worden gesteld over de gezondheid van passagiers. Die mondkapjes daar lijken vooral symboolbeleid. In onze moderne touringcars kun je nog veel beter ventileren dan in vliegtuigen en openbaar vervoer. Dan valt niet meer te begrijpen waarom het voor ons zo streng moet zijn. Wij stonden als eerste stil en gaan waarschijnlijk als laatste weer in bedrijf. Hadden wij maar zo’n sterke lobby als de luchtvaart.”, aldus Olaf Bak.

grote bedrijven volgen coronarichtlijnen

Olaf Bak laat via Alkmaar Centraal weten de oproep van zijn brancheorganisatie wel te begrijpen, maar voor de weinige ritten die er nu zijn kan Bak nog wel uit de voeten met de strenge landelijke richtlijnen. Munckhof Groep uit Horst laat weten dat, ondanks de verschillende berichten die in de pers zijn verschenen, het vervoeren van 30 personen in één voertuig in strijd met de coronarichtlijnen voor het besloten busvervoer. Zij willen de klant en hun medewerkers niet in de problemen brengen door deze regels te overtreden. Daarom volgen zij, tot nader bericht, de huidige coronarichtlijnen voor het besloten busvervoer.

“Of je het eens bent of niet, het is niet te begrijpen en aan onze buspassagiers uit te leggen waarom er in het vliegtuig en OV andere regels gelden dan in touringcar bedrijven, terwijl we allen dezelfde dienst bieden.”, aldus Ruud van der Marel, directeur van SnelleVliet Touringcars.

eigen branche coronarichtlijn

Om toch perspectief te hebben en op verzoek van de overheid maakten de touringcarondernemers een eigen coronarichtlijn in de veronderstelling dat zij met deze richtlijn voorzichtig weer aan omzet konden denken. De richtlijn gaat uit van het gebruik van ongeveer de helft van de zitplaatsen van een touringcar, net zoals in het ov gerekend wordt met de helft van de zitplaatsen.

Met de eigen richtlijn die door de branchevereniging werd aangeboden aan het ministerie, het veiligheidsberaad en de politie, dachten de touringcarondernemers te voldoen aan alle eisen. Op de valreep bleek echter dat de touringcarondernemers genoodzaakt zijn de anderhalvemetermaatregelen strikter te volgen dan het ov en de luchtvaart. Handhavers lieten namelijk weten dat zij zich baseren op de (nood)verordeningen en handhaven op de anderhalve meter binnen de sector.

Lees ook: KNV gaat er van uit dat Rijk meerkosten zal betalen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp


Munckhof Groep


het nieuwe thuiswerken
voor taxibedrijven met de Pitane Mobility Webeditie

Touringcarbedrijven gaan tegen corona-regels in vervoeren

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Johan Pouw van Pouw Vervoer in Vianen maakt de actie zaterdagavond bekend aan Hart van Nederland.  Pouw spreekt naar eigen zeggen over 90 procent van de touringcarbranche. Brancheorganisatie KNV Busvervoer heeft de afgelopen weken lang gelobbyd en gewerkt aan een strenge richtlijn om vanaf 1 juni weer 30 mensen te mogen vervoeren. Touringcarbedrijven staan al langer in de kou wanneer het om een herstart van de sector gaat.

“Het gaat om zo’n 200 familiebedrijven, die er allemaal min of meer hetzelfde in staan. Eventuele boetes nemen de bedrijven voor lief.”, aldus Johan Pouw.

Nederlandse touringcarbedrijven gaan de corona-richtlijnen willen dezelfde regels die worden gehanteerd binnen het openbaar vervoer. De ondernemers zijn het niet eens met het afschieten van hun plannen voor versoepeling van de maatregelen. Daarom vervoeren ze vanaf zaterdag 30 mensen per bus, in plaats van de toegestane dertien.

Voor het openbaar vervoer is door de overheid wel een uitzondering gemaakt om dagelijks 30 mensen te kunnen vervoeren, voor de touringcarbranche geldt dat niet. En ook in vliegtuigen reizen meer dan 30 mensen in dezelfde ruimte.

Lees ook: Touringcarsector dreigt om te vallen door kapitaalintensiteit


Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

stilstaande touringcars

Samenwerking RET met deelfiets en elektrische scooters

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De RET, gemeente Rotterdam, Rotterdam Ahoy en de deelvervoerders Check, Donkey Republic, felyx en GO Sharing werken vanaf vandaag samen om Rotterdam bereikbaar te houden. OV-reizigers in Rotterdam worden door de RET en Ahoy actief gewezen op het gebruik van deelvervoer: fietsen, e-bikes en elektrische scooters. 

De deelvervoerders stemmen het aanbod af op drukke punten in het OV. Dit draagt eraan bij dat het OV van de RET binnen de maximale bezetting van 40% kan blijven en dat reizigers ook andere reismogelijkheden hebben. Maurice Unck, directeur RET: “Ik ben trots dat we in deze tijd door de handen ineen te slaan, slimme oplossingen vinden. Veilig reizen doen we samen.”

Uniek: vier deelvervoerders samen met RET

Check, Donkey Republic, felyx en GO Sharing zijn inmiddels bekende namen binnen Rotterdam. Samen zijn zij verantwoordelijk voor de deelfietsen/e-bikes en elektrische scooters die in de stad te gebruiken zijn. Zij gingen een unieke samenwerking aan met elkaar en met de RET, Ahoy en gemeente Rotterdam: op drukke punten in het openbaar vervoer is door de gemeente ruimte gemaakt voor extra aanbod van deelvervoer. 

De vier deelvervoerders zorgen hier voor voldoende aanbod van hun fietsen en e-bikes (Donkey Republic) en elektrische scooters (Check, felyx en GO Sharing). De RET wijst reizigers er actief op: maak eens gebruik van ander deelvervoer, om je reis te vervolgen. Dit doet de RET onder meer via pictogrammen op de grotere metrostations, digitale schermen, social media en www.ret.nl/bereikbaar. Ook Rotterdam Ahoy communiceert actief over ParknBike: voor vier euro parkeer je een dag je auto en heb je de beschikking over een deelfiets/e-bike of elektrische scooter om je weg te vervolgen.

Slimme combinaties van vervoersmiddelen

Maurice Unck: “Sinds 1 juni rijden we met maximaal 40% bezetting. Door reizigers te wijzen op de aanwezigheid van aanvullende vormen van vervoer, zoals deelfietsen en elektrische scooters, helpen we hen op weg. Hiermee geven we bovendien invulling aan onze ambitie om als vervoerder slimme combinaties van vervoersmiddelen te faciliteren. Daar werkten we ook al voor corona aan: reizigers helpen om met de beste combinatie op een duurzame manier hun bestemming te bereiken.”

Gebruik van elektrische scooters, deelfietsen en e-bikes

OV-reizigers die willen overstappen op elektrische scooters, deelfietsen of e-bikes, kunnen de beschikbaarheid controleren via de RET Real Time App. Besluit de reiziger een elektrische scooter of deelfiets/e-bike te gebruiken? Dan verloopt het verdere gebruik via de app van de aanbieder die de reiziger kiest.

Deelvervoer en landelijke maatregelen

Check, Donkey Republic, felyx en GO Sharing nemen de landelijke maatregelen in acht. Er is extra aandacht voor schoonmaak, en reizigers worden actief gewezen op hygiënemaatregelen en het houden van afstand. Omdat het mogelijk is om afstand te houden, is het niet nodig om op een scooter of fiets een mondkapje te dragen, zoals in het openbaar vervoer sinds 1 juni wel verplicht is.

Lees ook: NS kampt aankomende jaren met grote omzetverliezen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Donkey Republic




Geen ‘disclaimer’ meer bij corona-protocol leerlingen VSO

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

KNV, FNV en CNV hebben eergisteren het protocol voor leerlingenvervoer uitgebreid met voorschriften voor het vervoer van oudere kinderen naar het voortgezet speciaal onderwijs. Er is toen bij gezegd dat een aantal vragen rondom dit vervoer nog open stonden bij het RIVM. Die ‘slag om de arm’ is nu weg, omdat de antwoorden van het RIVM er zijn. De conclusie is dat het protocol zoals het werd gepubliceerd, voldoet aan de kaders van het RIVM.

In een begeleidende tekst bij het verschijnen van het uitgebreide protocol voor het leerlingenvervoer legde KNV uit dat er nog een aantal vragen onbeantwoord waren en dat het gebruik van het protocol voor het VSO-vervoer daarom als ondernemersrisico moest worden gezien. Deze ‘disclaimer’ heeft bij vervoerders, maar vooral ook bij een aantal opdrachtgevers, twijfels veroorzaakt over de status van het protocol.

Na bestudering van de RIVM-adviezen, die vandaag bekend zijn geworden, blijkt dat een voorbehoud niet langer nodig is. Het leerlingenvervoerprotocol past binnen de hygiënerichtlijnen die het RIVM maakte voor speciaal vervoer van jongeren in de middelbare school leeftijd.

De adviezen van het RIVM gaan over de handhygiëne toepassen, de ventilatie tijdens het vervoer aan hebben staan, oppervlaktes die veel aangeraakt worden na gebruik reinigen en minimaal 1,5 meter afstand tussen personen blijft het uitgangspunt. In het protocol van KNV, FNV, CNV is aan de RIVM-adviezen zorgvuldig invulling gegeven door het toepassen van gezondheidscheck (zogenaamde triage door ouders/verzorger als dat mogelijk is en in ieder geval door de chauffeurs voorafgaand aan de rit), door het vervoer zoveel mogelijk steeds met dezelfde kinderen te doen en door de jongeren van de middelbare school leeftijd een mondkapje te laten dragen (daar waar de 1,5 meter niet in acht is te nemen). Voor chauffeurs geldt dat ze bij het doen van leerlingenvervoer met oudere leerlingen een beschermend (chirurgisch) mondkapje dragen.

KNV, FNV en CNV werken nog aan een protocol voor het vervoer van en naar dagopvang, WMO en Valys. Dit in nauwe afstemming met VWS en uiteraard binnen de kaders van wat het RIVM adviseert. De bedoeling is dat dit ‘zorgvervoerprotocol’ nog deze week verschijnt. Veel van de dagopvang- en het vraag afhankelijke zorgvervoer zal immers begin juni weer langzaam worden opgestart of opgeschaald.

Lees ook: KNV vraagt aan gemeenten om vervoer door te betalen

Hubert Andela – directeur KNV




Desinfecteren bus aan binnenkant is nieuwe normaal

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Het desinfecteren van de bus na gebruik is een van de nieuwe aspecten waar we rekening moeten mee houden in het nieuwe ‘normaal’. In die zin presenteerde Marcopolo Next, een divisie van Marcopolo gericht op innovatie, verschillende oplossingen om meer veiligheid en rust te bieden aan degenen die gebruik moeten maken van het openbaar vervoer.

Met systemen zoals FIP Onboard® voor het desinfecteren van de binnenkant van de bus, en de protection kit, een scheidingssysteem dat werkt als een beschermingsbarrière voor chauffeurs, controleurs en passagiers, kunnen ondernemers alle veiligheidsmaatregelen nemen. Marcopolo heeft met klanten en partners opties ontwikkeld die gericht zijn op de preventie van Covid-19. 

ondanks de crisis veel werk

Marcopolo begon crisis met een productie achterstand en er waren weinig annuleringen. Sinds het einde van de bedrijfsbrede verplichtte vakanties door de coronacrisis heeft het bedrijf ongeveer 50% van het personeel in activiteiten voor de nationale eenheden behouden hoewel ze in kleinere volumes dagelijks nieuwe bestellingen ontvangen, zowel voor de binnenlandse markt als vooral voor de buitenlandse markt. 

Lees meer: Coronaproof materieel bij treinvervangend busvervoer

Foto: Vinicius Pauletti.




Scholen verantwoordelijk voor regelen speciaal vervoer

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Wellicht kunnen scholen of gemeenten die speciaal vervoer moeten regelen beroep doen op de vele busbedrijven waar honderden touringcars in de stalling staan sinds 17 maart. Na de persconferentie van de minister-president Rutte en minister De Jonge na afloop van crisisberaad kabinet werd duidelijk dat scholen zelf verantwoordelijk zijn voor het regelen van speciaal vervoer voor die kinderen die te ver weg wonen. Het openbaar vervoer gebruiken blijft taboe en is bedoeld voor essentieel vervoer.

regels voor het onderwijs 

Het openbaar vervoer rijdt vanaf 1 juni weer volgens de normale dienstregeling op ongeveer 40% van de capaciteit. Dat betekent dat het OV alleen bedoeld is voor noodzakelijke reizen. De verplichting een niet-medisch mondkapje te dragen geldt vanaf 1 juni vanaf 13 jaar in de trein, tram, bus of metro. Op de stations en perrons blijft anderhalve meter afstand de regel.

De middelbare scholen gaan per 2 juni open op basis van de anderhalvemeterregel, ook voor leerlingen onderling. Dat betekent in de praktijk dat niet alle leerlingen tegelijkertijd op school kunnen zijn. De scholen krijgen zoveel mogelijk ruimte om tot werkbare roosters te komen en zijn daar ook inmiddels ook mee aan de slag. Het is wel echt de bedoeling dat scholen alle leerlingen fysiek onderwijs geven en dat niet beperken tot bijvoorbeeld een mentoruurtje of een paar toetsen op school en verder is het belangrijk dat het openbaar vervoer niet overbelast raakt als de middelbare scholen weer opengaan. Dus leerlingen komen lopend of met de fiets. En  voor leerlingen die ver weg wonen, wordt door scholen speciaal vervoer geregeld.

voortgezet onderwijs

Scholen voor voortgezet speciaal onderwijs mogen per 2 juni ook open op basis van de anderhalvemeterregel. Daarbij realiseren we ons natuurlijk dat voor deze scholen nog meer maatwerk nodig is om anderhalve meter afstand te bewaren. Zo bestaat de mogelijkheid dat bepaalde leerlingen om medische redenen niet of niet meteen volledig gebruik maken van fysiek onderwijs. En uiteraard is het in het voortgezet speciaal onderwijs nog belangrijker dat risicogroepen extra voorzichtig zijn en dat mensen met klachten thuis blijven.

Basisschoolkinderen gaan op dit moment voor de helft van de tijd naar school. En we zien dat scholen dit goed oppakken. Vanaf 8 juni gaan de basisscholen geheel open, tenzij in de komende weken uit alle lopende onderzoeken naar de verspreiding van het virus in het primair onderwijs blijkt dat dit niet verantwoord zou zijn. In de komende weken zullen met het onderwijs afspraken worden gemaakt over de invulling van deze verdere openstelling. Aansluitend op dit voornemen gaat ook de buitenschoolse opvang vanaf 8 juni weer gewoon open. Kinderen kunnen vanaf dan weer op alle normale dagen terecht. Daarmee stopt ook de regeling waarmee de overheid de eigen bijdrage voor ouders vergoedt.

Tot slot kunnen in het mbo, hbo en wetenschappelijk onderwijs per 15 juni toetsen en praktijkonderwijs weer op de instelling plaatsvinden. En dat onderwijs wordt zo georganiseerd dat studenten niet in de spits hoeven te reizen.

Lees ook: Een dag stilstand kost achthonderd euro per bus






Ebusco levert elektrische bussen met de Transdev Group

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Ebusco levert eind 2020 13 elektrische bussen aan Frankfurt met de Transdev Group in Duitsland. Vanaf eind 2020 zullen 13 gloednieuwe elektrische Ebusco 2.2 bussen in Frankfurt in gebruik worden genomen bij Transdev Rhein-Main GmbH onder het merk Alpina, die de huidige dieselbussen zullen vervangen. De Transdev Group is de grootste particuliere aanbieder van mobiliteit in Duitsland.

Ebusco is bijzonder trots om partner te zijn van Transdev Duitsland om bij te dragen aan de verbetering van de luchtkwaliteit. De elektrische bussen van Ebusco hebben geen uitstoot zoals NOx, CO2 of fijnstof. Transdev heeft voor Ebusco gekozen vanwege de grote range van de Ebusco-bussen zonder tussentijds te hoeven laden. Dit verlaagt de totale bedrijfskosten als gevolg van laadinfrastructuur en de vermindering van het aantal keren dat men een bus moet opladen.

over de elektrische bussen

Deze 13 bussen zijn de 12 meter lange Ebusco 2.2 low floor bussen. Deze bussen hebben hun succes al bewezen in verschillende Duitse steden (o.a. in München, Wartburg en op het eiland Borkum) en in Nederlandse steden (zoals in Groningen, Dordrecht en Utrecht). Eind 2020 rijden er nog 156 meer in de Nederlandse steden Haarlem en Amsterdam, die worden geëxploiteerd door Transdev Nederland.

de schone luchtambities van de stad Frankfurt

De stad Frankfurt am Main streeft ernaar om in 2030 al het busverkeer te laten rijden met alternatieve rijtypes. Transdev Rhein-Main GmbH, met het merk Alpina, gaat de A- en G-lijnbundels exploiteren. Deze bussen worden de elektrische Ebusco 2.2-bussen. Passagiers in Frankfurt am Main zullen voor het eerst het comfort van moderne elektrische bussen gaan ervaren. De operatie start vanaf december 2020.

“Met onze Europese ervaring op het gebied van e-mobiliteit ondersteunen we lokale overheden actief bij de ommekeer in het verkeer en dragen we tegelijkertijd bij aan het verbeteren van de luchtkwaliteit.” Henrik Behrens, Managing Director Bus van de Transdev Group in Duitsland

hoge kwaliteit E-bussen 

De Ebusco 2.2 bussen zijn Europese elektrische bussen van hoge kwaliteit. Ze zijn onder meer uitgerust met de LFP-technologie, een van de beste en veiligste batterijtechnologieën in de branche. Daarnaast ontwikkelt Ebusco continu aan gewichtsvermindering om de beste elektrische bus te kunnen leveren. Door de combinatie van technologieën en innovaties kan deze Ebusco 2.2 bus 350 km rijden op één lading. Ook voor passagiers zullen de e-bussen zeker opvallen in Frankfurt, aangezien de bussen worden uitgerust met tal van kwaliteitskenmerken zoals airco.

Ebusco-bussen in Duitsland

Eind dit jaar rijden er al 40 elektrische bussen van Ebusco rond in verschillende steden in Duitsland en in 2021 zullen meer bussen hun weg naar Duitsland vinden (onder andere in andere grote steden zoals München en Bonn).

Lees ook: Emirates ontslaat 30.000 medewerkers de komende jaren






De Lijn laat eind juni de trambus rijden in Vlaamse Rand

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De Lijn is er helemaal klaar voor: vanaf zondag 28 juni 2020 worden trambussen ingezet op lijn 820. Met de introductie van de trambus in haar aanbod brengt De Lijn hoogwaardig openbaar vervoer naar de Noordrand van Brussel. Het tracé van de Ringtrambus loopt langs belangrijke attractiepunten waaronder het UZ in Jette, Strombeek, het centrum en het station van Vilvoorde, Brucargo en de internationale luchthaven van Zaventem.Tijdens de rustige vakantiemaanden rijdt de Ringtrambus om de 30 minuten, vanaf september wordt dat om het kwartier. De Ringtrambus ontleent zijn naam aan de unieke combinatie van de wendbaarheid van een bus en het comfort van een tram.

Om een trambus van 24 meter lang veilig te laten rijden in de Vlaamse rand rond Brussel, werden de afgelopen maanden heel wat werken uitgevoerd. “Niet alleen aan veiligheid bij het manoeuvreren werd gedacht”, zegt Marc Descheemaecker, voorzitter Raad van Bestuur De Lijn. “Ook veiligheid en comfort voor de reiziger kregen alle aandacht.  Aan de eindpunten van de lijn 820 aan het UZ Brussel in Jette en op de internationale luchthaven Brussels Airport werden nieuwe haltes gebouwd. 

De perrons werden aangelegd op zo’n manier dat de reizigers hier zowel comfortabel kunnen wachten als vlot en veilig kunnen in- en uitstappen.” Ook op andere locaties werden haltes verbeterd zodat de reizigers via de verschillende deuren in en uit het voertuig kunnen stappen. Het meest in het oog springen de nieuwe trambushaltes in de Strombeeklinde in Strombeek-Bever of aan de luchthaven van Zaventem.

Om vlot door alle straten te kunnen rijden, heeft De Werkvennootschap wegenwerken uitgevoerd op maat van de trambussen. Ook aan vrijliggende busbanen wordt gewerkt. De bedoeling is dat de Ringtrambus elk jaar een stukje sneller en efficiënter wordt.

Aan de Schaarbeeklei in Vilvoorde wordt de laatste hand gelegd aan de nieuwe thuis voor de 14 trambussen. Naast de bestaande stelplaats van De Lijn, wordt de vroegere autokeuring omgebouwd tot een stelplaats. Hier kunnen de 14 trambussen overnachten, gewassen, getankt en onderhouden worden.

Lees ook: Vlaamse ombudsdienst ontvangt veel klachten over OV De Lijn

De Lijn – Trambus



gelezen in Personenvervoer Magazine


Coronaproof materieel bij treinvervangend busvervoer

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Niet alleen werkzaamheden op en aan het spoor en plotselinge stremmingen betekenen traditioneel een bijzondere evenwichtsoefening voor de inzet van treinvervangende bussen. Die bussen moeten nu wel allemaal ‘coronaproof’ zijn en bieden dus plaats aan aanzienlijk minder reizigers – slechts 20-25% in vergelijking met de normale situatie: een 13 tot 15 passagiers.

Vooral de terugkeer naar de ‘oude’ dienstregeling zal vanaf 1 juni zorgen voor een bijzondere uitdaging. In Nederland zijn Jan de Wit Group en Transvision – namens NS – verantwoordelijk voor het treinvervangend busvervoer op het NS-hoofdnet. Arriva en Keolis regelen het (grotendeels) zelf. In België coördineren infrastructuurbeheerder Infrabel en NMBS de te nemen actie en NMBS bestelt uiteindelijk de bussen.

Toch was het spannend vorige week, toen er bij werkzaamheden in Groningen (tot 3 juni) een aantal stremmingen optraden en Assen, Veendam en Weener niet per trein bereikbaar waren. In het weekend kwamen daar nog Delfzijl, Leeuwarden en Roodeschool bij.

Op vrijdag wachtte een behoorlijke rij reizigers netjes ‘coronaproof’ op treinvervangend busvervoer. Arriva en NS hadden in overleg het busvervoer geregeld. De vervoerders hadden al laten weten dat er genoeg bussen waren, maar dat ze op dienstregeling reden en niet permanent klaar zouden staan. Dat betekende – ondanks het lage aantal treinreizigers – toch wachten voor veel passagiers. Gemiddeld konden de touringcars maar maximaal een kwart van hun capaciteit ‘coronaproof’ vullen.

Toezichthouders hielden de rij corona-veilig en bus-spotters hadden een prachtig weekend, want de touringcars die ‘coronaproof’ waren bevonden, kwamen uit heel Nederland – tot zelfs uit Noord-Brabant. Blijkbaar kostte het, in een grotendeels stilstaande bedrijfstak, toch wat moeite om dichter in de buurt coronaveilig treinvervangend busvervoer bijelkaar te sprokkelen. Niet iedere touringcarondernemer had blijkbaar enig coronaveilig materieel in de aanbieding. Ook in normale omstandigheden – met een touringcarsector die in haar hoogseizoen zit – zou het overigens niet gemakkelijk zijn geweest voor deze mega-klus een groot aantal touringcars te regelen.

Mondkapjes vanaf 1 juni ook in de treinvervangende touringcar verplicht

Hoe loopt de organisatie van dit vervoer eigenlijk?

“NS verzorgt ook bij werkzaamheden het vervoer, dus ook bij deze werkzaamheden in Groningen” vertelt een woordvoerder van NS. “In het geval van Groningen Spoorzone is er afgestemd met Arriva. Ook bij andere werkzaamheden en calamiteiten regelen wij bussen waar geen treinen kunnen rijden. Dit gaat zoals het altijd gaat – nu met inachtneming van de regelgeving rondom corona.”

Wie regelt eigenlijk wat in deze coronatijd? 

“De busleveranciers zijn verantwoordelijk voor het coronaproof maken van de bussen. De leverancier draagt er dus zorg voor dat reizigers op 1,5 meter afstand van elkaar kunnen blijven in een bus. De leverancier werkt met een standaard indeling van de bus en gebruikt verschillende middelen (linten en afdekfolie/plastic hoezen) om de plekken te markeren waar de reiziger niet mag gaan zitten. In de praktijk betekent dit dat bussen momenteel plek bieden aan 13 tot 15 reizigers bij treinvervangend busvervoer.”

Ondanks deze aanzienlijk lagere capaciteit, levert de coronaproof-businzet momenteel nog geen grote problemen op: “Uiteraard houden we dit scherp in de gaten en is regelgeving vanuit de overheid voor het reizen met het OV van invloed op het aantal reizigers en het aantal bussen dat moet worden ingezet.”

En hoe zit het met de financiële kant van de inzet van extra bussen of van extra (schoonmaak)werkzaamheden? “Het aantal reizigers is op dit moment dusdanig dat dit niet tot meer inzet van bussen leidt omdat het reizigersaantal veel kleiner is dan voorheen. De kosten zijn momenteel dus ongeveer hetzelfde. ProRail en NS betalen de inzet van de bussen.”

NS heeft de leveranciers gevraagd toe te zien op het uitvoeren van corona-maatregelen in de bussen. “Op dit moment is de inzet voldoende. Maar vanaf 1 juni worden mondkapjes verplicht in het OV. De regelgeving zal in bussen op eenzelfde manier worden toegepast als in de rest van het OV in Nederland.”

aangepaste touringcars bij calamiteiten

Ook Arriva werkt op een vergelijkbare manier, legt een woordvoerder uit. Zeker nu er een aangepaste dienstregeling wordt gereden en reizen met het OV “als uitje” wordt ontmoedigd. “We richten ons op het vervoeren van mensen werkzaam in vitale beroepen. We zien dus hele andere reizigersaantallen.”

“Dit heeft ook zijn effect op het treinvervangende vervoer. We houden rekening met de lagere reizigersaantallen en tegelijkertijd houden we er ook rekening mee dat de touringcars minder mensen mee kunnen nemen bij treinvervangend busvervoer. Dus we regelen alles ‘zoals normaal’ maar houden rekening met de omstandigheden en richtlijnen die het RIVM heeft uitgevaardigd.” Ook in het geval van een calamiteit werkt dat voor Arriva niet anders. “We proberen dan de touringcars zo snel mogelijk, aangepast op de situatie, ter plaatse te krijgen. Daar waar we werkzaamheden op trajecten hebben waarop ook andere vervoerders rijden stemmen we de inzet op elkaar af.” Als voorbeeld noemt ze de recente stremming op Maastricht-Sittard: “Wij werken eigenlijk altijd samen met NS.”

In de praktijk worden in alle treinvervangende bussen die Arriva inzet, of die van Arriva zijn of van anderen, reizigers attent gemaakt op de geldende richtlijnen. “Bij het instappen gaat, net als bij de bussen die we in het OV inzetten, de voorste deur niet open en moet men instappen bij de middendeur. De chauffeur zit achter een lint, dus met een afstand tot de reizigers. Voor de schoonmaak van de bussen is extra aandacht.”

Wat de kosten van de eventuele extra businzet en extra (schoonmaak)werkzaamheden betreft, houdt Arriva zich enigszins op de vlakte: “Onze aandacht gaat uit naar het voor elkaar krijgen van een goede en op de RIVM-maatregelen aangepaste businzet bij de diverse werkzaamheden. Wij volgen de RIVM uitspraken en richtlijnen die voor Nederland gelden en als daar een andere of nieuwe beslissing in wordt genomen zullen we die – net als andere OV-bedrijven – volgen.”

Keolis heeft maar één schakelpunt

Keolis heeft een andere aanpak voor treinvervangend vervoer bij incidenten en werkzaamheden. Omdat bus- en treinactiviteiten normaal gesproken in Keolis’ ‘visgraatmodel’ nauw geïntegreerd zijn, zorgt Keolis, volgens de woordvoerder, graag een eigen oplossing voor treinvervangend busvervoer. “In principe lossen we het in het geval van geplande werkzaamheden graag zelf op. Maar mocht het maandagochtend in de spits gebeuren, dan schakelen we één bedrijf in, TG Via in Goor, een koeriersbedrijf dat ook bussen heeft en alles bij incidenten voor ons coördineert. Vroeger reden ze in de bijhuur voor ons en hebben we jarenlang samengewerkt.” Keolis heeft voor geplande werkzaamheden twee bijzondere voordelen: Keolis-machinisten kunnen ook op de bus rijden en de reisinformatie die in de trein langskomt, is ook in de bussen te vinden.

“Het voordeel bij een normale treinvervangende busdienst is dat we onze bussen die stilstaan inzetten en dat die bussen aangestuurd worden via één regiecentrale en dat ze allemaal een lage vloer hebben, dat ze rolstoeltoegankelijk zijn, dat er fietsen mee kunnen, ze vrijwel allemaal WiFi aan boord hebben en dat ze zelf de verzinkbare palen kunnen bedienen.”

Maar het meest opvallende aan recente werkzaamheden in Overijssel was wel dat Keolis haar – flink ruimere – OV-bussen uit Almere haalde. “Ja, wel een eind weg, maar in dit geval beter. Touringcars hebben maar een smal gangpad en nu met corona heb je eigenlijk wat meer ruimte nodig. We hebben de plaatsen zo afgeplakt dat er tussen de 12 en 15 mensen veilig in vervoerd kunnen worden. Want er mogen maximaal 15 mensen in zon’n bus. Daarom is er ook altijd een reservebus achter de hand.”

Elke avond krijgen alle Keolis-bussen in de garage een intensieve desinfectiebeurt die zorgt voor een langdurige bescherming. “Maar overdag komen we ook langs en nemen we de vlakken af en alle gedeelten die de passagiers aanraken. We doen dat preventieve werk zoveel mogelijk in het zicht van de reizigers. En vóór 1 juni zullen we onze passagiers via pictogrammen al herinneren aan het dragen van een mondkapje na die datum.”

Lees ook: BTM wint aanbesteding voor vervangend treinvervoer

Arriva


gelezen in Personenvervoer Magazine




Van Veldhoven gematigd positief over plannen busvervoer

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (I&W) reageerde zaterdagochtend in het programma Goedemorgen Nederland van MAX gematigd positief op de vrijdagavond gepresenteerde plannen van Busvervoer Nederland (BVN) om hulp te bieden aan de openbaar vervoerbedrijven bij de heropstart vanaf 1 juni.

“Ik neem het zeker mee. Iedereen moet meedenken hoe we Nederland mobiel houden. Scholieren van middelbare scholen kunnen best acht kilometer op de fiets gaan. Misschien komt dan de touringcar in beeld voor langere afstanden. Maar dat is aan de OV-bedrijven. Ik leg het voorstel van de touringcarsector daar zeker op tafel. We zien elkaar per slot van rekening elke week.”

Van Veldhoven gaf in het programma aan dat de hamvraag in de komende tijd is “Hoe gaan we weer reizen? We hebben daar met alle maatregelen nu meer ruimte voor nodig en we zien nu al dat het drukker wordt. Reizigers en vervoerders moeten daar samen uit komen. Nederland is er het land niet na om een papiertje bij je te moeten hebben als je op straat wilt zijn.” Ze noemde met name de positieve kant van de ‘crisis-spirit’ “die je gelukkig steeds vaker ziet.”

Over de kritische opmerkingen die RIVM-directeur Van Dissel maakte ten aanzien van de mondkapje-verplichting in het OV, vond Van Veldhoven “dat dat begrijpelijk is vanuit zijn perspectief. Het mondkapje komt ook niet in plaats van afstand. Maar die anderhalve meter kan niet overal in het OV. We hebben wekenlang naar Van Dissel geluisterd en kunnen nu meer omdat we afstand hebben gehouden.” Ze beloofde “ruim voor 1 juni” met de richtlijn voor de mondkapjes-verplichting in het OV te komen.

De staatssecretaris schetste hoe er de afgelopen week intensieve gesprekken waren gevoerd met de OV-sector. Ondermeer over compensatie voor verdwenen inkomsten. “Het was een bizarre week. We hebben ongelooflijk hard gewerkt. Iedereen. Het is een vitale sector voor ons land. We moeten in korte tijd van 10% naar 40% gebruik. Dat is een behoorlijke klus. We hebben daarvoor afgesproken dat de vervoerders meer materieel in gaan zetten, dat studenten niet in de spits mogen reizen en het OV blijft bedoeld voor noodzakelijke reizen. Het is blijft belangrijk om de spits te mijden.”

“Het is de bedoeling om meer mensen op een veilige manier te vervoeren. Welke maatregelen daarbij nodig zijn, of dat reserveren is of iets anders, dat laten we graag over aan de professionals. Belangrijk is dat we ons aan de basisregels houden en afstand bewaren.” Van Veldhoven onderstreepte dat er na 1 juni ook weer gecontroleerd zal worden – op kaartjes en mondkapjes. Dit zal deels door conducteurs en deels door BOA’s gebeuren. Hoe dit in de praktijk gebeurt, is volgens de staatssecretaris aan de vervoerders, “waarbij het niet de bedoeling is dat zij op de stoel van de politie moeten gaan zitten.”

Lees ook: Zelf gecreëerde hippe imago van Uber is gebakken lucht



gelezen in Personenvervoer Magazine




Spontane MIVB staking brengt busverkeer aardig in de war

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Verschillende chauffeurs zijn vanmorgen niet opnieuw aan het werk gegaan bij de MIVB in Brussel. Daardoor is er op 16 van de 46 buslijnen geen busverkeer. De trams rijden wel, maar aan een lagere frequentie. Bij de metro zijn er geen problemen. De staking heeft te maken met de coronacrisis en de heropstart van het openbaar vervoer.

Het MIVB-personeel had op moederdag reeds gedreigd het werk neer te leggen wanneer de veiligheidsmaatregelen niet verhoogd zouden worden. Volgens verschillende vakbondsleden zou tot 80 procent van het personeel bereid zijn om maandag het werk neer te leggen. Belangrijk is om te benadrukken dat die eisen geformuleerd worden door afzonderlijke vakbondsleden, en dus niet ondersteund worden door de officiële vakbondsinstanties.

De chauffeurs beschikken over mondmaskers. Sowieso zijn alle chaufeursposten veilig afgescheiden, als extra maatregel zijn ook de stoeltjes die het dichtst bij de bestuurderscabine staan, afgesloten. Daarnaast worden alle voertuigen schoongemaakt voor ze de stelplaats verlaten en ook als er een chauffeurswissel is worden de voertuigen schoongemaakt. De chauffeurs hebben ook desinfecterende spray gekregen. 

Lees ook: Veiligheidsraad kondigt versoepeling lockdown aan





Een dag stilstand kost achthonderd euro per bus

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De touringcarsector vreest dat bijna de helft van de busbedrijven de zomer van 2020 niet overleeft. Van de vierduizend touringcars staat negentig procent stil. Uit een peiling van brancheorganisatie Busvervoer Nederland blijkt dat de sector in de periode tussen maart en juni naar schatting vierhonderd miljoen euro aan omzet misloopt. Het is een totale ramp, de schade is niet te overzien. Dat schrijft Henk Hanssen, financieel redacteur verbonden aan de website faillissementsdossier.nl.  

de bussen zijn dit jaar de garage niet uit geweest

De opening van de Keukenhof eind maart staat bij elk touringcarbedrijf prominent op de agenda. Het is de officieuze opening van het seizoen. Met dagtochtjes, stedentrips, schoolreisjes en busvakanties moet in circa zes maanden tijd de omzet van het hele jaar bij elkaar worden gereden. Normaal gesproken treedt half oktober de stille winterperiode in maar dit jaar brak de winter al in het prille voorjaar aan: veel bussen zijn nauwelijks de garage uit geweest.

touringcarsector derft vierhonderd miljoen omzet

Bij Busvervoer Nederland, de brancheorganisatie die vier vijfde van de busbedrijven vertegenwoordigt, spreekt men van een ‘totale ramp’. Uit een recente ledeninventarisatie blijkt dat in de periode maart-juni bij 77 procent van de ondernemingen meer dan de helft van de omzet wegvalt. Een derde van de leden ziet de omzet met meer dan tachtig procent inzakken. De brancheorganisatie heeft berekend dat de gederfde omzet in totaal minstens vierhonderd miljoen bedraagt.

veel busondernemers zullen de klap niet overleven

De busondernemers verwachten niet dat het verlies in de tweede helft van het seizoen kan worden goedgemaakt. De meesten gaan er vanuit dat hun omzet met vijftig tot tachtig procent terugloopt. Ook wanneer zij een beroep doen op de huidige steunmaatregelen van de overheid, zullen veel bedrijven deze klap niet overleven. In een brandbrief aan staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken waarschuwt de brancheorganisatie dat er acute betalingsproblemen dreigen.

een dag stilstand kost achthonderd euro per bus

In de afgelopen jaren hebben veel bedrijven geïnvesteerd in nieuwe bussen die zuiniger en duurzamer zijn. De aanschafprijs loopt al gauw richting vier ton. Een dag stilstand kost rond de achthonderd euro per bus, rekent Busvervoer Nederland de staatssecretaris voor. Bijkomend probleem is dat veel ondernemers de bussen leasen: terwijl er geen cent meer binnenkomt, lopen de kosten voor lease en rente in beginsel gewoon door. Volgens de brancheorganisatie komen de leasebedrijven de branche wel tegemoet.

Lees ook: Walter de Wit pleit voor meer significante bijdrage busvervoer

Duurzaam vervoer





Touringcarsector dreigt om te vallen door kapitaalintensiteit

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De touringcarsector dreigt om te vallen. Dit komt door de coronamaatregelen, gecombineerd met het kapitaalintensieve karakter van de branche. Branchevereniging Busvervoer Nederland berekende dat er minstens een half miljard euro aan schade is en dat 40% van de bedrijven failliet dreigt te gaan. Hierdoor komen 2500 mensen zonder werk te zitten. Vooral hoge kosten voor lease en rente dreigen de branche de nek om te draaien. Busvervoer Nederland vraagt in een brief aan staatssecretaris Keijzer van EZK de touringcarsector te helpen met een duurzame oplossing voor de doorlopende hoge kosten voor de 4000 Nederlandse touringcars.

Bij vrijwel alle busbedrijven is de omzet naar nul gedaald door de coronamaatregelen. Dit is problematisch omdat het touringcarvervoer veelal seizoensgebonden is. De tussenliggende periodes komen de bedrijven door op de aangelegde reserves. Met de Coronacrisis ontstaat er nu een flink probleem: de reserves zijn op en een buffer wordt niet meer opgebouwd. Een flink aantal busbedrijven komt daarom in betalingsproblemen. Daarmee dreigt een kaalslag in de sector. 

Voorzitter Theo Vegter: “Deze kaalslag heeft grote maatschappelijke consequenties. Touringcarbedrijven vervullen een belangrijke, maar niet altijd even zichtbare maatschappelijke rol. Wie heeft er niet in een bus gezeten tijdens een schoolreis? Maar niet alleen de schoolreisjes zijn dan verleden tijd. Ook de uitstapjes van kwetsbare groepen zoals gehandicapten of ouderen en het vervoer van sportverenigingen, werknemers en leerlingen komt op de tocht te staan.”

Sector kapitaalintensief, geen overlevingskansen bij kleinere vervoerscapaciteit

De vaste lasten in de toeringcarsector zijn hoog en bestaan uit meer dan alleen de personeelskosten. Vooral de kosten voor de touringcars zelf zijn een molensteen nu er geen inkomsten tegenover staan. Dit terwijl de sector net heeft geïnvesteerd in vernieuwing van het wagenpark om zo milieuvriendelijk te werk te kunnen gaan. Ook in de nabije toekomst blijft dit probleem nijpend. In de verwachte anderhalvemetersamenleving vervalt namelijk het voordeel van de lage kosten per passagier door een hoge bezettingsgraad, normaliter de kracht van de sector.

Touringcarbedrijven zijn kapitaalintensief. Zo bedragen de operationele kosten per bus ongeveer €60.000,- per jaar. MKB-ondernemers kunnen dergelijke doorlopende kosten niet dragen zonder dat daar voldoende inkomsten tegenover staan, zoals nu het geval is tijdens de coronacrisis. Waar mogelijk drukken de bedrijven de doorlopende kosten, bijvoorbeeld door met de leasemaatschappijen uitstel van betalingen te regelen voor de touringcarsector. 

Theo Vegter hierover: ‘Ik ben blij met de flexibele benadering van leasebedrijven. Helaas is uitstellen van leasebetalingen geen duurzame oplossing. De omzet waar we in magere periodes op moeten teren is verdwenen en komt niet meer terug. De bedrijven kunnen de ongeveer 240 miljoen euro aan kosten voor het wagenpark dit jaar simpelweg niet opbrengen. We vragen de overheid daarom hiervoor een oplossing te bieden in het tweede pakket aan steunmaatregelen, bijvoorbeeld door een noodfonds te vormen, tijdelijk het eigendom over te nemen van de bedrijfsmiddelen (de touringcars) of door 100% staatsgarantie (en op termijn schuldsaneringsmogelijkheden) te geven op leningen met lange afbetalingstermijnen.’

Lees ook: Uber chauffeur Rajesh Jayaseelan stierf aan het coronavirus

Staatssecretaris Mona Keijzer





Walter de Wit pleit voor meer significante bijdrage busvervoer

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

In de editie Personenvervoer Magazine aandacht voor Walter de Wit die pleit voor  een beduidend “meer significante bijdrage” aan besloten busvervoersector voor een fractie van de KLM-steun.

“Eén groot drama”, zo omschrijft Walter de Wit van Jan de Wit in Haarlem de huidige situatie in de sector. “We staan voor 80% stil. We blijven nog wel in de weer met o.a. groepsvervoer en trein vervangend vervoer voor de NS. Momenteel nemen we maatregelen op korte termijn om alle variabele kosten zoveel mogelijk te reduceren.”

“Dat we als besloten busvervoer bedrijven nu aanspraak kunnen maken op de NOW en TOGS-steunmaatregelen, is mooi, maar daar ben je er niet mee. Je krijgt slechts een deel van je kosten vergoed. En onze sector is een uitermate kapitaalintensief bedrijf. Begrijp me niet verkeerd, we zijn blij met deze steunmaatregelen, maar met alle respect, er zijn ook flinke verschillen tussen de sectoren maar de basis van de steunmaatregelen is dezelfde.”

meer significante bijdrage

De Wit had liever een “meer significante bijdrage” gezien die beter aan zou sluiten bij de kenmerken van het besloten busvervoer. “Het is bijkans een 100% zekerheid dat wij als busbedrijven, volledig buiten onze invloedssfeer, een sterk negatief bedrijfsresultaat over 2020 gaan realiseren. Een meer passende steunmaatregel zou wat ons betreft dan ook een regeling zijn, waarbij de overheid onder strikte voorwaarden, het negatieve bedrijfsresultaat over 2020 gaat compenseren tot bijvoorbeeld maximaal kostenneutraal (“de 0-lijn”)”

“Ik begrijp dat er haast geboden was bij het optuigen van de steunmaatregelen, maar voor onze sector met haar arbeids- en kapitaalintensieve structuur is een andere aanpak passender. Het besloten busvervoer is bijvoorbeeld, voor wat betreft haar structuur, best goed te vergelijken met die van de burgerluchtvaart. Deze kampt veelal met dezelfde problematiek.” 

“De overheid zou dan ook alles op alles moeten zetten onze sector te behouden en perspectief te bieden om in de toekomst levensvatbaar te kunnen zijn. Het besloten busvervoer speelt namelijk ook een belangrijke rol in het leerlingenvervoer, het (aanvullend) openbaar vervoer en het zakelijk verkeer in Nederland. Zonder collectief personenvervoer over de weg staat namelijk alles stil. Die steun kan voor slechts een fractie van het bedrag dat al is vrijgemaakt voor bijvoorbeeld KLM.”

“De toekomst? Ik hoop van harte dat het bij een korte termijn blijft, maar ik ben daar niet heel erg positief over. Ik heb mijn glazen bol niet bij de hand, maar als ik zie hoe voorzichtig de consument nu is en denkend aan die anderhalve meter sociale afstand die je dan in je bussen moet doorvoeren, dan wordt een gemiddelde opdracht met 100 reizigers vrijwel onmogelijk. Ga maar na, dan heb je voor zo’n groep 8 in plaats van 2 bussen nodig. Dan wordt het onbetaalbaar voor een groot deel van de opdrachtgevers.”

De Wit ziet de oplossing hiervoor in het zolang als noodzakelijk verplicht stellen van het dragen van mondkapjes door reizigers in de bus waarbij de normaal gangbare zitplaatscapaciteit zoveel mogelijk in stand blijft. Het is een drama voor elk bedrijf. Het zou dan ook ook zo maar kunnen dat er pas volgend jaar een licht herstel zal zijn, tegen de tijd dat de Keukenhof start.

Lees ook: Grensovergang met België blijft tot en met 8 juni dicht

Buschauffeur met mondmasker

gelezen in Personenvervoer Magazine

Mobiliteit op maat – Pitane Mobility




De omzet in de duurzame touringcarsector blijft stijgen

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Panteia verricht jaarlijks, in opdracht van Busvervoer Nederland, een onderzoek naar de omvang en samenstelling van het touringcarvervoer in Nederland. De bevindingen staan beschreven in de nieuwe brochure “Kerncijfers 2018 van het Nederlandse touringcarvervoer”.

Het meest opvallende cijfer is die van de omzet. Die steeg in 2018 van 583,5 euro naar 589,9 miljoen euro, waar dit in 2016 nog 534,5 miljoen euro bedroeg voor de sector. De omzetgroei deed zich voor bij alle soorten touringcarvervoer: van meerdaagse reizen en dagtochten tot pendelvervoer en internationale lijndiensten. De dagtochten, voor bijvoorbeeld verenigingen en scholen, leveren jaarlijks de meeste omzet op.

Het aantal touringcars nam jarenlang af en liet in 2017 weer een stijging zien. In 2018 daalde het aantal touringcars echter licht ten opzichte van 2017 (-3,0%). Het aantal touringcarondernemingen bleef in 2018 gelijk.

In 2018 werden de touringcars nog beter benut. Zo steeg het aantal inzetdagen per touringcar van 221 naar 227 dagen per jaar en het aantal afgelegde kilometers groeide van 63.761 naar een ongeëvenaarde hoogte van 71.668 kilometer. De bezettingsgraad van de touringcars is verder opgelopen van gemiddeld 46 naar 48 reizigers per touringcar. Daarom ligt het aantal reizigerskilometers met 10,4 miljard in 2018 ook hoger dan in de voorgaande 10 jaren.

Busvervoer Nederland is verheugd over de bevindingen van Panteia.

“Klanten doen de voordelen van reizen per touringcar weer eer aan. Niet alleen ligt de standaard prijs voor touringcarvervoer beduidend lager dan voor een reis per vliegtuig of trein, ook voor de milieubewuste reizigers zijn touringcars gewenst. De uitstoot van CO2 per reizigerskilometer van een touringcar ligt namelijk lager dan die van de trein, auto en vliegtuig.” Vegter vervolgt: “Naast duurzaam is de touringcar ook een van de veiligste manieren om te reizen. Bij vervoer in een touringcar vinden per afgelegde kilometer veel minder ongevallen met dodelijke afloop plaats dan bij vervoer per auto.”, aldus Theo Vegter, voorzitter van Busvervoer Nederland.

Bron: Persbericht Kerncijfers Nederlands Touringcarvervoer 2018

Lees ook: Noodmaatregelen gelden ook voor touringcarondernemers


Almei Tours






VDL Groep verloor busorder aan Chinees staatssteun bedrijf

Dat busbouwer VDL Groep een busorder verloor aan een Chinees bedrijf viel destijds niet in goede aarde bij leden van de Tweede Kamer en de publieke opinie. Het Chinese BYD Auto, een autofabrikant met hoofdkwartier in Shenzhen, China ging met een belangrijke order van Keolis aan de slag. Het bedrijf produceert elektrische voertuigen zoals auto’s, bussen, fietsen en trucks.

Op de vraag of er voor VDL en BYD van een gelijk speelveld en eerlijke concurrentie sprake is geweest was het antwoord overduidelijk. Het is een private transactie door Keolis, de winnaar van de aanbesteding, die de bussen heeft aangekocht.

“De bussen zijn niet ingekocht door middel van een aanbestedingstraject. Gedeputeerde Staten van de provincies Flevoland, Gelderland en Overijssel hebben de provinciegrensoverschrijdende openbaar vervoersconcessie IJssel- Vecht aanbesteed. De bussen zijn vervolgens aangekocht door de winnaar van die concessie, Keolis Nederland. De inkoop van de bussen door Keolis is een private transactie geweest.”

overheidssubsidie, Chinese steun

De minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de minister van Economische Zaken en Klimaat gaven onlangs antwoord op gestelde vragen. Zo blijkt uit de jaarrekening dat BYD voor €300 miljoen aan steun ontvangen heeft van de overheid waarvan niet te herleiden valt waarvoor dat precies is en welk deel daarvan betrekking heeft op de elektrische bussen. 

BYD Auto werd in 2003 opgericht als een onderdeel van BYD Company Limited (BYD), een van China’s grootste private ondernemingen. BYD Company Limited is een high tech bedrijf dat zich richt op schone energietechnologieën, van opwekking en opslag tot toepassing. Het bedrijf is een van de grootste producenten van oplaadbare batterijen ter wereld en inmiddels ook een zeer grote fabrikant van elektrische voertuigen. Wereldwijd rijden meer dan 50.000 elektrische bussen van BYD op de weg. 

BYD is 100% beursgenoteerd, deels in Hongkong en deels in het vasteland van China, en kan daarmee worden gekwalificeerd als een privaat bedrijf. Wel ontvangt het moederbedrijf BYD overheidssteun in de vorm van bijvoorbeeld subsidie voor R&D-projecten of indirect via aanschafsubsidies op elektrische voertuigen, als onderdeel van Chinees beleid om het gebruik van elektrische voertuigen te bevorderen.

mislopen van deze order door de VDL Groep

Mona Keijzer, Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, ziet graag dat Nederlandse bedrijven orders binnenhalen, zeker als de productie ook in Nederland plaatsvindt. Vanuit die optiek is het mislopen van de order door VDL Groep teleurstellend. Als deze 259 elektrische bussen in Nederland zouden worden geproduceerd had dat immers bijgedragen aan de Nederlandse werkgelegenheid en opbouw van kennis op het gebied van elektrische bussen.

productie in Hongarije

De bussen zijn aangekocht door vervoersbedrijf Keolis, de houder van de openbaar vervoersconcessie IJssel-Vecht. Keolis geeft aan dat het er vooralsnog naar uit ziet dat de BYD bussen worden geproduceerd in China en mogelijk ook deels in Hongarije. Volgens een schrijven aan de Tweede Kamer in reactie op schriftelijke vragen van de leden Amhaouch en Palland (beiden CDA), profiteert desondanks het Nederlandse bedrijfsleven tot op zekere hoogte wel mee. 

Zo worden namelijk veel componenten van het interieur afgenomen van Nederlandse en (West-)Europese toeleveranciers. Zo zijn de Nederlandse bedrijven Ventura Systems (deuren), Carvision (camera’s) en Franz Kiel NL (stoelen) toeleveranciers. Verder leveren bijvoorbeeld de Duitse fabrikanten ZF en Init respectievelijk de assen en boordcomputers van de bussen. Tenslotte gaat het onderhoud in Nederland plaatsvinden.

Lees ook: VDL Groep wint Nederlandse Innovatie Prijs 2019 in Kurhaus Scheveningen

VDL -winnaars innovatieprijs