Categorie archieven: ILT

Zelfstandigen domineren de taximarkt: record aan chauffeurskaarten laat herstel zien

Recordaantal chauffeurskaarten laat volgens ILT herstel taxibranche zien.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft de nieuwste editie van de Taximonitor gepubliceerd, waarin de belangrijkste ontwikkelingen binnen de Nederlandse taxibranche over het afgelopen jaar worden belicht. Uit de cijfers blijkt dat de sector zich duidelijk heeft hersteld van de zware klap tijdens de coronacrisis. Zowel het aantal taxi’s als het aantal chauffeurs en ondernemingen is opnieuw toegenomen.

De Taximonitor, die jaarlijks wordt uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau, geeft een cijfermatig overzicht van de taxiwereld en maakt gebruik van gegevens uit meerdere bronnen. ILT presenteert met deze monitor een duidelijk beeld van de stand van zaken in 2024 en de trends die de sector kenmerken.

herstelmoment

Het meest opvallende gegeven is dat het totale aantal taxi’s in Nederland na de terugval van 2021 weer is gegroeid. Waar er in 2021 nog 32.630 taxi’s op de weg waren, zijn dat er inmiddels 41.356 in 2025. Daarmee ligt het aantal voertuigen voor het eerst sinds 2020 weer boven het niveau van vóór de coronacrisis. De toename markeert volgens ILT een belangrijk herstelmoment voor de branche.

Ook het aantal chauffeurskaarten is flink gestegen. Sinds 2022 neemt het aantal chauffeurs gestaag toe, en in 2024 werden er in totaal 59.094 kaarten geregistreerd. Dat is het hoogste aantal sinds de start van de Taximonitor in 2018. De ILT spreekt van een “duidelijke opleving van de markt, met meer werkgelegenheid en een toenemende instroom van nieuwe chauffeurs.”

De groei beperkt zich niet tot de taxi’s en chauffeurs alleen. Het aantal taxiondernemingen blijft eveneens stijgen. In 2018 werden nog 9.670 ondernemingen geregistreerd, terwijl dat aantal in 2024 is opgelopen tot 15.445. Een groot deel van deze groei is te danken aan de forse toename van het aantal zelfstandige ondernemers.

De sterke groei van het aantal zelfstandige taxichauffeurs heeft een duidelijk merkbaar effect op de bedrijven die nog mensen in loondienst hebben. Uit de gegevens van de Taximonitor 2024 blijkt dat het aandeel zzp’ers in de sector inmiddels tussen de 75 en 87 procent ligt. Dat betekent dat slechts een relatief klein deel van de taxiondernemingen nog werkt met personeel in loondienst.

Het aandeel zzp’ers binnen de sector is bijzonder groot. Tussen 2016 en 2024 groeide het aantal zelfstandige chauffeurs van 5.210 naar 13.440. Dat betekent dat tussen de 75 en 87 procent van alle taxiondernemingen in Nederland inmiddels door zelfstandigen wordt gerund. Deze trend, die al enkele jaren zichtbaar is, blijkt volgens ILT een belangrijke motor achter de groei van het totale aantal ondernemingen.

Wat betreft de geografische spreiding constateert ILT dat de meeste taxivestigingen nog steeds geconcentreerd zijn in de vier grote steden. Toch groeit het aantal vestigingen vooral buiten deze stedelijke gebieden. Daarmee lijkt de taximarkt zich ook in kleinere gemeenten en regio’s verder te ontwikkelen, mogelijk door veranderend reisgedrag en een toenemende vraag naar flexibel vervoer.

Foto: © Pitane Blue – taxichauffeurs op de standplaats Scheveningen

Voor de bedrijven die wél met werknemers werken, zorgt deze ontwikkeling voor stevige concurrentiedruk. Zelfstandige chauffeurs kunnen vaak flexibeler opereren, hun tarieven zelf bepalen en direct inspelen op de vraag via digitale platforms of rittenapps. Traditionele taxibedrijven, die vaste chauffeurs in dienst hebben, kampen daardoor met hogere vaste lasten zoals loonbetalingen, verzekeringen en administratiekosten.

De ILT houdt zelf toezicht op de naleving van de regels in de sector en voerde ook in 2024 weer talrijke controles uit. Het aantal controles nam toe ten opzichte van 2023, maar bleef onder het niveau van 2022. In de bestelmarkt – waar ritten vooraf worden geboekt – steeg het aandeel controles van 44 procent in 2023 naar 57 procent in 2024. Daarentegen daalde het aantal controles in de opstapmarkt, waar taxi’s direct op straat worden genomen, van 44 naar 27 procent. Daarnaast betrof 9 procent van de controles de contract- en overige markten.

geschillen

Opvallend is dat het aantal geschillen binnen de branche sterk is gedaald. De Geschillencommissie Taxivervoer behandelde in 2024 nog slechts één zaak. Dat aantal neemt sinds 2020 gestaag af, wat kan wijzen op een betere naleving van de regels of een afname van conflicten tussen klanten en vervoerders.

Hoewel de cijfers formeel kloppen volgens de bronnen die ILT gebruikt, is het niet automatisch een bewijs dat er daadwerkelijk minder conflicten of klachten zijn. Het landelijke klachtenmeldpunt Taxivervoer, dat jarenlang fungeerde als centrale plek waar consumenten problemen met taxiritten konden melden, is namelijk per 1 januari 2023 opgeheven. Sinds die tijd worden klachten niet meer systematisch landelijk geregistreerd, maar via verschillende lokale of particuliere kanalen afgehandeld.

Dat betekent concreet dat de officiële cijfers van de Geschillencommissie Taxivervoer slechts een deel van de werkelijkheid laten zien. Slechts die geschillen die formeel via de commissie worden ingediend, komen in de statistieken terecht. Omdat consumenten nu minder duidelijk weten waar zij terechtkunnen met een klacht, en sommige platforms of bedrijven hun eigen interne klachtenafhandeling hebben ingericht, is de kans groot dat veel klachten niet meer in landelijke overzichten verschijnen.

Bovendien speelt digitalisering een rol. Steeds meer taxiritten worden geboekt via apps, waar reizigers klachten rechtstreeks bij het platform indienen in plaats van via officiële commissies. Deze meldingen worden vaak intern opgelost en komen niet in de ILT-rapportage terecht.

De ILT benadrukt dat de volledige Taximonitor 2024, inclusief de onderliggende documenten, kan worden opgevraagd via het officiële vragenformulier. Ook eerdere edities van de monitor zijn op die manier beschikbaar voor geïnteresseerden.

ILT: centrale database taxivervoer maakt kans op Computable Award 2025

Centrale database taxivervoer wordt gezien als voorbeeld van samenwerking.

De Centrale Database Taxivervoer van de Inspectie Leefomgeving en Transport, afgekort CDT, is genomineerd voor een Computable Award 2025 in de categorie overheidsprojecten. Het systeem geldt als een toonbeeld van samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven en wordt nu officieel erkend met een plek op de prestigieuze lijst genomineerden.

Het project is tot stand gekomen door een intensief traject waarin de Inspectie Leefomgeving en Transport, de Rijksorganisatie ODI, de taxibranche en een aantal ICT-dienstverleners nauw hebben samengewerkt. De nominatie wordt door betrokken partijen gezien als een grote erkenning voor de gezamenlijke inspanningen die zijn geleverd om het systeem operationeel te maken.

De Centrale Database Taxivervoer is ontwikkeld om meer inzicht te krijgen in het functioneren van de taximarkt en om toezicht effectiever te kunnen uitvoeren. Door gegevens uit de branche centraal te bundelen en toegankelijk te maken, is het voor de inspectie mogelijk geworden om beter te controleren en sneller in te grijpen bij overtredingen. Daarmee vervult het systeem een cruciale rol bij het vergroten van transparantie en betrouwbaarheid binnen de sector.

onafhankelijke jury

Voor de Computable Awards 2025 worden genomineerden niet beoordeeld op het aantal keren dat zij zijn voorgedragen, maar op de kwaliteit van de onderbouwing en de informatie die is aangeleverd bij de voordracht. Een onafhankelijke vakjury heeft op basis van die criteria een lijst met kanshebbers samengesteld. De nominatie van de CDT benadrukt volgens kenners dat het project niet alleen technisch goed is uitgevoerd, maar ook maatschappelijk relevant is.

Wie het project daadwerkelijk wil steunen, kan tot en met 5 oktober 2025 zijn stem uitbrengen. Het bijzondere aan de Computable Awards is dat zowel het publiek als de vakjury invloed heeft op de uiteindelijke winnaar. De publieksstemmen wegen voor vijftig procent mee in het eindresultaat. De andere helft van de beslissing ligt in handen van de professionele jury. Daarmee wordt zowel de mening van experts als van het brede publiek meegenomen in de afweging.

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

De stemming verloopt digitaal en iedere stemmer kan eenmaal per categorie een stem uitbrengen. Voor het team achter de Centrale Database Taxivervoer is het nu vooral zaak om zoveel mogelijk steun te verzamelen bij zowel branchegenoten als burgers die belang hechten aan een eerlijke en betrouwbare taximarkt. De uitreiking van de Computable Awards geldt jaarlijks als een van de belangrijkste momenten binnen de Nederlandse ICT-wereld, waar innovaties en succesvolle projecten een podium krijgen.

De nominatie kan voor de ILT en haar partners gezien worden als een kroon op het werk. Niet alleen laat het zien dat de inzet van technologie in de taxibranche succesvol is, ook bewijst het dat samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en inspectiediensten tot tastbare resultaten kan leiden. Met de nominatie wordt bovendien duidelijk dat digitalisering binnen de publieke sector niet alleen noodzakelijk is, maar ook op een breed draagvlak kan rekenen wanneer de uitvoering zorgvuldig en transparant gebeurt.

stimulans

Of de Centrale Database Taxivervoer daadwerkelijk de prijs in de wacht sleept, hangt dus af van de balans tussen de stemmen van het publiek en het oordeel van de jury. Tot die tijd wordt er vanuit de betrokken organisaties volop campagne gevoerd om zoveel mogelijk mensen te bewegen hun stem uit te brengen. Voor de taxibranche zou een overwinning een extra stimulans zijn om de ingezette vernieuwing verder door te zetten.

Mattheus Wassenaar: “toezicht taxisector wordt strakker en administratie minder belastend”

Tijdens het KNV Kennisfestival in Maarssen kwamen vertegenwoordigers uit de vervoerssector bijeen om te praten over de toekomst van de taxibranche.

Op het KNV Kennisfestival in Maarssen vond afgelopen woensdag een gesprek plaats tussen Fred Teeven, voorzitter van Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), en Mattheus Wassenaar, Inspecteur-Generaal bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Aanleiding voor dit overleg was de introductie van de Centrale Database Taxi (CDT), een thema dat centraal stond tijdens het festival.

Tijdens het gesprek lichtte Mattheus Wassenaar toe dat de ontwikkeling van de CDT voortkomt uit de wens om toezicht binnen de taxibranche efficiënter en effectiever te maken. Volgens hem maken moderne technologieën en apps het noodzakelijk om op een andere manier gegevens te verzamelen en te delen. Hij gaf aan dat het huidige systeem, de Boordcomputer Taxi (BCT), niet meer voldoet aan de eisen van deze tijd. “De oude systemen, zoals de BCT, waren verouderd en niet geschikt voor de huidige behoeften van zowel toezichthouders als taxibedrijven”, aldus Wassenaar.

informatie

De CDT is ontworpen om toezichthouders alleen de strikt noodzakelijke informatie te verschaffen. Daarmee wordt het voor hen eenvoudiger om toe te zien op naleving van arbeidstijden en rustperiodes, wat de veiligheid in de sector ten goede moet komen. Tegelijkertijd zou het nieuwe systeem de administratieve lasten voor taxibedrijven moeten verminderen, omdat gegevens efficiënter en doelgerichter worden verwerkt.

Martijn Kersing, directeur van Noot Personenvervoer, bevestigde dat zijn organisatie heeft deelgenomen aan de testfase van het nieuwe systeem en dat ze momenteel zijn aangesloten op de CDT. “Het apparaat werkt en we wachten nu om de oude systemen eruit te halen en met het nieuwe te beginnen”, aldus Kersing. Zijn verklaring laat zien dat de overstap naar de CDT in de praktijk al in gang is gezet door vervoerders die voorop willen lopen.

Foto: © Pitane Blue – KNV Kennisfestival

Tijdens het KNV Kennisfestival in Maarssen kwamen vertegenwoordigers uit de vervoerssector bijeen om te praten over de toekomst van de taxibranche. Het evenement, georganiseerd door Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), is specifiek gericht op kennisdeling en innovatie binnen het personenvervoer. Met een duidelijke focus op de taxi-industrie en aanverwante diensten bood het festival een platform voor professionals om met elkaar in contact te komen, ideeën uit te wisselen en zich te verdiepen in trends en technologieën die de sector aan het veranderen zijn.

Toch kent de invoering van het systeem ook uitdagingen. Kersing merkte op dat het aanmelden van grote aantallen voertuigen, het zogenoemde ‘bulk aanmelden’, complex is en verschillende handelingen vereist. Die complexiteit vormt een knelpunt bij de verdere uitrol, met name voor grote vervoerders. Zijn zorgen worden gedeeld door de toezichthouder.

Mattheus Wassenaar erkende de problemen en gaf aan dat er wordt gewerkt aan verbeteringen in dit proces. “Er zijn plannen om het proces te verbeteren, bijvoorbeeld door gebruik te maken van moderne technieken en apps die het aanmeldproces gemakkelijker maken”, aldus de Inspecteur-Generaal. Zijn reactie benadrukt dat ILT openstaat voor aanpassingen en samenwerking met de sector, juist om de overgang naar het nieuwe systeem zo soepel mogelijk te laten verlopen.

rijbewijs

Een van de terugkerende problemen is het gebruik van de NFC-chip in het rijbewijs waarmee chauffeurs zich moeten identificeren. Al tijdens de beide praktijktesten die voorafgingen aan de invoering, werd duidelijk dat de gevoeligheid van de NFC chip of de antenne voor inlogproblemen kan zorgen. Dit technische obstakel maakt het voor chauffeurs soms lastig om zich snel en betrouwbaar aan te melden via het systeem.

Inspecteur-Generaal Mattheus Wassenaar erkent dit probleem, maar wijst ook op de gezamenlijke verantwoordelijkheid van chauffeurs en ondernemers. “Als een rijbewijs niet in orde is, wordt er rekening gehouden met de omstandigheden, maar er zijn duidelijke verwachtingen omtrent handhaving en straf bij overtredingen”, aldus Wassenaar. Hij onderstreept hiermee dat de regelgeving rondom identificatie en geldigheid van rijbewijzen strikt gehandhaafd blijft, ook als er technische obstakels zijn.

verantwoordelijkheid

De verantwoordelijkheid voor een geldig rijbewijs en een goed functionerende identificatiemethode rust volgens hem dus niet enkel op de individuele chauffeur. Ondernemers dragen eveneens een verplichting om te zorgen dat hun personeel beschikt over de juiste middelen en dat het systeem naar behoren functioneert. Dit is essentieel om toezicht effectief uit te kunnen voeren, zonder vertraging of technische ruis.

Hoewel de CDT bedoeld is om administratieve lasten te verlagen en toezicht te stroomlijnen, blijkt uit de praktijk dat de technische uitvoering op sommige punten nog verfijning nodig heeft. De ILT is zich hiervan bewust en werkt, samen met vertegenwoordigers uit de branche zoals KNV, aan oplossingen. Onderdeel daarvan is het verbeteren van het aanmeldproces en het vergroten van de betrouwbaarheid van de systemen waarmee chauffeurs zich identificeren.

Waarschuwingsfase voorbij: strengere handhaving vanaf 1 juli

Vanaf 1 juli gaan op het terrein van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) diverse maatregelen van kracht die zowel particuliere weggebruikers als ondernemers raken.

Het ministerie voert aanpassingen door op het gebied van rijbewijzen, handhaving en registratie, met als doel het verkeer veiliger, schoner en beter controleerbaar te maken.

Voor bezitters van een B-rijbewijs is er slecht nieuws als zij ook met een trekker de weg op willen. De overgangsregeling voor het T-rijbewijs komt namelijk definitief ten einde. Wie na 1 juli 2015 zijn autorijbewijs heeft gehaald, moet vanaf nu verplicht een aanvullend examen afleggen om met landbouwvoertuigen of mobiele machines op de openbare weg te mogen rijden. De regeling waarbij het T-rijbewijs automatisch werd toegekend bij vernieuwing van het B-rijbewijs vervalt hiermee volledig.

B-rijbewijs

Ondernemers die werken met duurzame voertuigen profiteren juist wél van versoepelingen. Wie elektrisch rijdt tot een gewicht van 4.250 kilo mag dat voortaan met een gewoon B-rijbewijs doen. Een vrachtwagenrijbewijs (C of C1) is niet langer vereist, mits de voertuigen emissievrij zijn. Ook is er een vrijstelling van de tachograafplicht ingevoerd voor elektrische bedrijfsauto’s die binnen een straal van 100 kilometer van hun vestigingsadres blijven. Dit bespaart volgens het ministerie tijd, administratieve lasten en verhoogt tegelijkertijd de efficiëntie. De arbeidstijdenwet blijft in alle gevallen onverkort van kracht.

Een ander opvallend besluit betreft de invoering van de kentekenplicht voor bijzondere bromfietsen, waaronder e-steps en andere lichte elektrische voertuigen zonder trapondersteuning. Vanaf 1 juli moeten nieuwe modellen verplicht worden voorzien van een blauw kenteken, beginnend met de letter E. Voor bestaande voertuigen is er een overgangsperiode tot 1 juli 2026. Volgens de minister van Infrastructuur en Waterstaat draagt de maatregel bij aan een veiliger verkeer en betere handhaafbaarheid. “Dankzij de kentekenplicht is direct zichtbaar of een voertuig is toegelaten tot de openbare weg,” aldus de bewindsman. Voor de registratie van bestaande voertuigen wordt een gereduceerd tarief gehanteerd van 18 euro, waarbij het ministerie het verschil met het normale tarief van ruim 50 euro voor zijn rekening neemt.

Foto: © Pitane Blue – taxichauffeurs op de standplaats Scheveningen

Taxichauffeurs en ondernemers in het personenvervoer krijgen te maken met een compleet nieuw registratiesysteem. De zogeheten Centrale Database Taxivervoer (CDT) vervangt per 1 juli de bekende boordcomputer taxi. Het systeem registreert automatisch ritgegevens en stuurt deze direct door naar de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Dit moet leiden tot minder papierwerk, snellere verwerking en beter toezicht op werk- en rusttijden. Volgens de ILT zal ook de opsporing van fraude hierdoor effectiever worden. Het systeem is verplicht voor alle taxiondernemers en chauffeurs in Nederland.

zero-emissiezones

Tot slot eindigt ook de waarschuwingsperiode voor zero-emissiezones in een aantal Nederlandse gemeenten. Tot nu toe kregen ondernemers nog geen boete bij overtredingen van de nieuwe toegangseisen, maar vanaf 1 juli gaat de handhaving echt van start. De zero-emissiezones maken deel uit van landelijke afspraken tussen het Rijk, gemeenten en het bedrijfsleven om de stedelijke logistiek schoner te maken. Voertuigen die niet aan de emissienormen voldoen, riskeren vanaf nu sancties als zij zich toch binnen deze zones begeven.

De invoering van deze maatregelen per 1 juli markeert een duidelijke koerswijziging in het Nederlandse mobiliteitsbeleid. Door strengere eisen te stellen aan registratie en handhaving, en tegelijkertijd duurzame alternatieven aantrekkelijker te maken, zet het ministerie in op een toekomstbestendig en veiliger verkeer.

Verplichte chipcontrole: nieuw taxibeleid vereist vervanging van niet-werkende rijbewijzen

Vanaf 1 juli 2025 worden taxichauffeurs in Nederland geconfronteerd met nieuwe eisen rondom hun rijbewijs.

In het kader van aangescherpt toezicht voert de overheid maatregelen in waarbij het rijbewijs draadloos moet kunnen worden uitgelezen voor identificatiedoeleinden. Deze wijziging is onderdeel van het bredere pakket aan moderniseringen binnen het taxitoezicht en wordt gecoördineerd door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) in samenwerking met de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW).

De maatregel is bedoeld om de handhaving te vereenvoudigen en identiteitsfraude terug te dringen. Bij controles op straat of op standplaatsen moet een taxichauffeur zijn identiteit voortaan kunnen aantonen door het draadloos uitlezen van zijn of haar rijbewijs via speciale apparatuur. Uit een recente praktijktest blijkt echter dat niet alle rijbewijzen over de juiste chiptechnologie beschikken of goed functioneren bij het uitlezen. Vooral oudere rijbewijzen blijken soms niet compatibel, waardoor chauffeurs zonder werk kunnen komen te zitten als zij niet op tijd actie ondernemen.

nieuwe werkwijze

De ILT heeft inmiddels alle geregistreerde taxichauffeurs geïnformeerd over de nieuwe werkwijze en over de mogelijkheid om hun rijbewijs vooraf te laten testen. Chauffeurs die vermoeden dat hun rijbewijs niet werkt, kunnen dit melden bij hun gemeente. Daar kunnen ze een nieuw rijbewijs aanvragen en bij de aanvraag aangeven dat ze het bestaande document willen laten testen door de RDW.

Bij het ophalen van het nieuwe rijbewijs moet het oude document worden ingeleverd. De gemeente stuurt dit oude rijbewijs vervolgens door naar de RDW, samen met het e-mailadres en telefoonnummer van de chauffeur. Deze gegevens zijn nodig voor een snelle terugkoppeling van de testresultaten. De RDW streeft ernaar binnen twee weken uitsluitsel te geven over de staat van het oude rijbewijs en of de kosten voor vervanging vergoed kunnen worden.

Foto: Taxicontrole – © ILT

Belangrijk detail is dat de RDW alleen de kosten van een nieuw rijbewijs vergoedt als blijkt dat de chip al defect was vóór uitgifte. “Is het probleem pas ontstaan nadat de chauffeur het rijbewijs in bezit had, dan kunnen we geen vergoeding toekennen,” aldus een woordvoerder van de RDW. Hiermee wordt voorkomen dat gebruikersschade op kosten van de overheid wordt hersteld. Chauffeurs doen er dus verstandig aan hun rijbewijs zo snel mogelijk te laten testen, om onaangename verrassingen en onnodige kosten te voorkomen.

mogelijke kosten

Voor veel taxichauffeurs betekent deze maatregel extra administratieve handelingen én mogelijke kosten. Brancheorganisaties hebben met gemengde gevoelens gereageerd. Zo wijst KNV Taxi op het belang van moderne, digitale middelen om fraude tegen te gaan, maar vraagt men ook aandacht voor de praktische uitvoering. “Chauffeurs moeten de tijd en middelen krijgen om dit goed te regelen, zeker zelfstandigen die afhankelijk zijn van een werkend rijbewijs,” aldus een vertegenwoordiger.

Het nieuwe beleid is een direct gevolg van de digitaliseringsslag binnen overheidsdiensten en sluit aan bij eerdere initiatieven zoals het Elektronisch Rijbewijs en andere vormen van digitale identificatie. De verwachting is dat in de toekomst ook andere beroepsgroepen te maken krijgen met vergelijkbare eisen, zodra de infrastructuur voor draadloze controle is uitgerold.

ILT zegt klaar te zijn: taxiwereld gaat digitaal en overheid kijkt realtime mee

Vanaf 1 juli 2025 begint een nieuw hoofdstuk in de Nederlandse taxiwereld.

Dan kunnen chauffeurs en ondernemers hun ritgegevens automatisch doorgeven aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), via de langverwachte Centrale Database Taxivervoer (CDT). Daarmee wordt het ouderwetse tijdperk van de Boordcomputer Taxi (BCT) definitief naar het verleden gedrukt, al geldt er tot 1 januari 2028 nog een overgangsregeling.

De invoering van de CDT is geen kleine stap, maar een digitale revolutie die zich al jaren aankondigde. Wie zich nog herinnert hoeveel weerstand en chaos de verplichte BCT tien jaar geleden veroorzaakte, zal zich afvragen: zijn we er nu wél klaar voor? Volgens de ILT is het antwoord volmondig ja. Er is uitgebreid getest, er zijn technische praktijkproeven gehouden met vervoerders en ICT’ers en de privacywaakhond keek mee over de schouder. Toch blijft het opmerkelijk dat pas na stevige vertraging — van januari naar juli 2025 — het sein op groen werd gezet. Kennelijk ging het allemaal toch nét iets minder vlekkeloos dan gehoopt.

toezicht

Wat wel vaststaat, is dat het toezicht door de CDT op scherp komt te staan. ILT-inspecteurs hoeven straks niet meer met kabeltjes te prutsen in boordcomputers. In plaats daarvan krijgen ze real-time inzicht in wie waar rijdt, hoe lang en wanneer er rust is genomen. Volgens Carol, waarnemend vakgroepcoördinator personenvervoer bij ILT, verandert er voor de inspecteurs feitelijk niets. “Voor ons is de CDT gewoon een nieuw middel om taxichauffeurs te inspecteren. Dankzij de CDT hebben we de informatie wel sneller voorhanden en kunnen wij beter informatiegericht en risicogestuurd werken.”

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

Het klinkt alsof iedereen erbij wint: minder administratieve lasten voor ondernemers, minder oponthoud bij controles, en betere handhaving van regels. Maar het is ook duidelijk dat er nog werk aan de winkel is. De techniek moet kloppen, apps moeten voldoen aan strikte eisen, en de beveiliging mag geen enkel lek vertonen. Het zou niet de eerste keer zijn dat een digitaal systeem onder vuur komt te liggen door een datalek of ondoorzichtig beleid. De overheid verzekert dat communicatie via beveiligde API’s en SSL-verbindingen verloopt en dat gegevens na twee jaar worden verwijderd. Maar honderd procent zekerheid bestaat niet, en de boetes bij fouten of misbruik zijn niet mals.

geen keuze

Het is bovendien opvallend hoe weinig ruimte er nog is voor ondernemers om echt te kiezen. Tot 1 januari 2028 mogen ze zelf weten of ze de CDT gebruiken of niet, maar daarna is het gedaan met de vrijblijvendheid. Of je nu een zelfstandige chauffeur bent met een oude taxi of een grote vervoerder met een wagenpark, de overstap móet worden gemaakt. Daarbij stelt de ILT dat zij toezicht zal houden op zowel CDT-gebruikers als BCT-gebruikers, zonder onderscheid. Maar met verschillende systemen naast elkaar blijft het risico op ongelijkheid in handhaving aanwezig.

En dan is er nog de vraag of dit systeem echt alles gaat oplossen. De taxiwereld kent grotere problemen dan alleen administratieve rompslomp. Oneerlijke concurrentie, schijnzelfstandigheid en illegaal taxivervoer zijn taaie dossiers die niet automatisch verdwijnen door een geavanceerde database. Toch geeft de CDT hoop op een modernere, eerlijkere en vooral efficiëntere sector. De ILT is klaar voor de volgende stap — nu de sector zelf nog.

Controlesysteem: ILT belooft eerlijke handhaving, maar taxibranche blijft sceptisch

De invoering van de Centrale Database Taxivervoer (CDT) moet een efficiënter controlesysteem bieden voor rij- en rusttijden binnen de sector.

Maar uit de internetconsultatie blijkt dat verschillende partijen nog grote zorgen hebben over de impact van deze wijziging. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft nu een hoofdlijnenverslag gepubliceerd waarin de ingediende reacties worden samengevat en beantwoord. De grootste discussiepunten gaan over de validatie van voertuigen, de betaalbaarheid van het nieuwe systeem en de handhaafbaarheid tijdens de overgangsperiode.

De overstap naar de CDT betekent dat taxiondernemers en chauffeurs hun gegevens niet langer opslaan in een boordcomputer taxi (BCT), maar rechtstreeks aanleveren bij een centrale database. Dit moet de handhaving door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) verbeteren en fraude tegengaan. Toch is de invoering niet zonder hobbels.

validatieprocedure

Een van de meest besproken onderwerpen in de consultatie is de manier waarop voertuigen gevalideerd moeten worden. Het ministerie stelt dat validatie een eenmalige handeling is waarbij de kentekenkaart van het voertuig gescand moet worden. Maar verschillende indieners, waaronder grote taxibedrijven, zien hierin een kostbaar en inefficiënt proces.

Voor grote bedrijven met een landelijk wagenpark betekent de voorgestelde werkwijze dat voertuigen en hun kentekenkaarten fysiek langs diverse werkplaatsen moeten voor validatie. Dit leidt volgens de branche tot extra administratieve lasten, hogere kosten en een stijging van de operationele complexiteit.

Het ministerie blijft echter bij de huidige plannen en stelt dat de validatie eenmalig is en vaak zal samenvallen met een bezoek aan een garage of inbouwstation. Daarbij benadrukt het ministerie dat grotere bedrijven voordeel kunnen halen uit de mogelijkheid om meerdere voertuigen tegelijk te scannen met hetzelfde apparaat.

Foto: ILT – Alexandra Knipping

De sector vindt het belangrijk dat er op de CDT daadwerkelijk wordt gecontroleerd en
gehandhaafd. Zij wijzen hierbij op de historie rondom de huidige BCT pas. Hoe wordt ervoor
gezorgd voor rechtsgelijkheid tussen een vervoerder die de komende jaren nog gebruik maakt van
de BCT en een vervoerder die al over is op de CDT? Het is niet de bedoeling dat controleurs de
“gemakkelijke” weg kiezen in de controles. In de overgangsperiode moet dezelfde mate van
handhaving plaatsvinden.

Een ander twistpunt is de invoering van het rijbewijs die de chauffeurskaart met chip in de BCT moet vervangen. De sector vindt een dergelijk identificatiemiddel nuttig, maar pleit voor een digitale variant, zoals een digitale wallet. Bovendien is er onduidelijkheid over de kosten en eisen van de nieuwe pas.

Het ministerie reageert hierop door te stellen dat de chauffeurspas nog niet in de huidige wetgeving is opgenomen en pas vanaf 2027 relevant wordt. Tot die tijd blijft de bestaande regeling van kracht.

gelijke handhaving

Een veelgehoorde zorg uit de consultatie is dat de handhaving op de CDT niet eerlijk zal verlopen. Ondernemers vrezen dat controleurs vooral zullen handhaven op de nieuwe CDT-gebruikers, terwijl chauffeurs die nog met de BCT werken minder strenge controles krijgen.

Volgens het ministerie zal de ILT informatiegestuurd te werk gaan en beide systemen naast elkaar blijven controleren. Inspecteurs moeten zowel digitale als fysieke controles uitvoeren om een gelijk speelveld te behouden. Maar ondanks deze toezeggingen blijft de sector sceptisch en vraagt zij om strengere toezeggingen op dit punt.

betaalbaarheid

Ook over de kosten van de CDT zijn er nog vraagtekens. Sommige respondenten gaan ervan uit dat het nieuwe systeem goedkoper zal zijn dan de huidige BCT, terwijl anderen vrezen dat de kosten juist zullen toenemen door de noodzaak om meerdere systemen te integreren.

Een ander probleem dat wordt benoemd, is de verplichte ISO 27001-certificering voor ICT-dienstverleners. Dit is een zware eis, die vooral kleinere softwarebedrijven op hoge kosten kan jagen. Het ministerie houdt echter vast aan deze eis en stelt dat er geen alternatieven zijn die dezelfde dataveiligheid garanderen.

Daarnaast zijn er technische zorgen over de betrouwbaarheid van de CDT-gegevens. Omdat de wetgeving geen geijkte GPS-sensor verplicht stelt, kan de locatiebepaling eenvoudig worden gemanipuleerd met software. Het ministerie erkent dit risico, maar stelt dat er maatregelen mogelijk zijn om misbruik te voorkomen.

invoering vertraagd

De invoering van de CDT stond aanvankelijk gepland voor 2024, maar is inmiddels uitgesteld tot 1 juli 2025. Dit komt volgens het ministerie door de zorgvuldigheid die nodig is bij de invoering en de praktijktoetsen die al zijn uitgevoerd.

Het conceptbesluit zal nu via de ministerraad ter advies worden voorgelegd aan de Raad van State. De definitieve invoeringsdatum hangt af van dit advies, maar de verwachting is dat de regelgeving per juli 2025 in werking treedt.

Ondertussen blijft de taxibranche aandringen op verdere verduidelijkingen en aanpassingen. De komende maanden zullen uitwijzen of het ministerie nog tegemoetkomt aan de bezwaren of vasthoudt aan het huidige plan.

Invoering CDT: Ministerraad bespreekt cruciaal wetsvoorstel voor centrale database taxi

De Centrale Database Taxi (CDT) lijkt nog steeds op koers te liggen voor de geplande invoering op 1 juli 2025.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft afgelopen week een update gegeven over de stand van zaken. Hoewel de technische en wettelijke voorbereidingen in volle gang zijn, blijft de precieze planning afhankelijk van meerdere cruciale stappen, waaronder de goedkeuring van een wetsvoorstel dat momenteel op de agenda staat voor de Ministerraad.

Het betreffende wetsvoorstel, dat een aanpassing van de Wet Personenvervoer 2000 (WP2000) betreft, zal naar verwachting aanstaande vrijdag worden besproken in de Ministerraad. Mocht dit voorstel zonder bezwaren worden goedgekeurd, wordt het doorgestuurd naar de Raad van State. Deze onafhankelijke adviseur van regering en parlement speelt een essentiële rol in het beoordelen van wetgeving en bestuur. De Raad van State heeft doorgaans een termijn van 12 weken om een advies uit te brengen. Dit advies kan vervolgens worden meegenomen bij de verdere besluitvorming over de implementatie van de CDT.

tweede praktijktoets 

Naast de wettelijke voorbereiding is ook de technische implementatie van groot belang. De zogeheten Tweede Praktijktoets, waarin de systemen en processen uitvoerig worden getest, lijkt tegen eind maart te worden afgerond. Deze praktijktoets is bedoeld om alle betrokken partijen, waaronder taxiondernemingen, de mogelijkheid te bieden om hun systemen tijdig op orde te krijgen voor de overstap naar het nieuwe systeem.

Met de introductie van de CDT kunnen zowel de boordcomputer taxi (BCT) als de centrale database gebruikt worden voor het vastleggen van gegevens binnen de taxisector. Dit biedt niet alleen meer flexibiliteit voor de sector, maar maakt ook een efficiëntere controle en handhaving mogelijk. De ILT zal de werk- en rusttijden van taxichauffeurs in de toekomst kunnen controleren via beide systemen, wat een belangrijke stap vooruit betekent in het toezicht op de naleving van regelgeving.

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

De CDT is volgens de ILT en brancheverenigingen een aanzienlijke verbetering. Het huidige systeem van de boordcomputers in taxi’s heeft in het verleden te maken gehad met kritiek, onder andere vanwege technische mankementen en onduidelijke regelgeving. Met de introductie van de CDT verwacht men niet alleen een gebruiksvriendelijker systeem, maar ook een meer betrouwbare en uniforme aanpak in de hele sector.

implementatie op koers

Hoewel er dus nog enkele belangrijke stappen genomen moeten worden, lijkt de implementatie van de CDT grotendeels volgens planning te verlopen. Voor zowel de ILT als de branche is dit een opsteker, omdat dit project een einde moet maken aan veel van de praktische problemen waar de sector al jaren mee kampt. De komende maanden blijven echter cruciaal, zowel voor de wettelijke goedkeuring als de technische voorbereidingen.

ILT: overtredingen bij controles taxi’s en touringcars op Schiphol

Inspecteurs van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) hebben onlangs intensieve controles uitgevoerd bij taxi’s en touringcars op Schiphol.

Samen met het taxiteam van de Koninklijke Marechaussee richtten de controles zich op de naleving van de regels rondom arbeids- en rusttijden. Het onderzoek vond plaats op meerdere locaties rondom de luchthaven, waaronder bij vertrek- en aankomsthallen en bij opstellocaties van taxi’s en touringcars. De resultaten onthullen een reeks overtredingen, waarbij in totaal acht processen-verbaal en twee boeterapporten zijn opgemaakt.

toezicht op touringcars

Tijdens de inspectie van tien touringcars werd één overtreding geconstateerd. De betreffende chauffeur reed zonder een geldige of juiste landcode, een essentiële registratie voor internationaal vervoer. Dit vormt niet alleen een administratief probleem, maar heeft ook gevolgen voor de verkeersveiligheid en de betrouwbaarheid van grensoverschrijdend transport. De chauffeur kreeg een waarschuwing.

De situatie onder taxichauffeurs bleek aanzienlijk problematischer. Van de 30 gecontroleerde taxi’s voldeden meerdere chauffeurs niet aan de wettelijke eisen. Vier chauffeurs kregen een bevel tot staken van arbeid (BSA) voor 72 uur. Deze maatregel wordt alleen opgelegd wanneer er sprake is van direct gevaar voor de veiligheid. Twee van hen kregen bovendien een boeterapport omdat zij onvoldoende wekelijkse rust hadden genomen.

zware overtredingen

Twee andere chauffeurs reden zonder een geldige chauffeurskaart. Dit is niet alleen verboden, maar belemmert ook het controleren van hun arbeidstijden. Tegen deze chauffeurs werd proces-verbaal opgemaakt. Eén taxichauffeur werd betrapt met een verlopen rijbewijs. Ook hij kon rekenen op een proces-verbaal. Een andere chauffeur maakte misbruik van zijn taxi door deze voor privéwerkzaamheden te gebruiken zonder dit correct te registreren in de boordcomputer. Privégebruik van een taxi is toegestaan, maar alleen als dit volgens de regels wordt aangegeven en er geen sprake is van commercieel werk.

Foto: © Pitane Blue – Inspectie ILT

De ILT voert dit soort controles uit om de naleving van de Wet personenvervoer 2000 en het Arbeidstijdenbesluit-vervoer te waarborgen. Deze regelgeving is cruciaal voor de sociale bescherming van chauffeurs, het garanderen van de veiligheid van passagiers en andere weggebruikers, en het voorkomen van oneerlijke concurrentie.

Een woordvoerder van de ILT benadrukte het belang van dergelijke controles: “Als toezichthouder willen we niet alleen ongelukken voorkomen, maar ook zorgen dat de werkomstandigheden eerlijk en veilig blijven voor iedereen in de sector. Overtredingen zoals deze brengen zowel chauffeurs als passagiers in gevaar.”

wake-up call

Naast de boetes en processen-verbaal zijn er ook diverse waarschuwingen uitgedeeld. Deze dienen als wake-up call voor chauffeurs om zich in de toekomst aan de regels te houden. Hoewel het aantal overtredingen relatief laag was onder touringcarchauffeurs, laten de bevindingen in de taxibranche zien dat er nog veel ruimte is voor verbetering.

De ILT heeft aangekondigd dat dergelijke controles in de toekomst zullen worden voortgezet. Het is een duidelijke boodschap aan de sector: overtredingen worden niet getolereerd, en veiligheid en eerlijkheid in het personenvervoer staan voorop.

ILT reageert op kritiek: privacy bij taxidatabase krijgt prioriteit

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) neemt de opmerkingen van de Autoriteit Persoonsgegevens ter harte. Ondanks deze geruststellingen blijven privacy-experts sceptisch.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft gereageerd op de zorgen van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) over het plan voor een centrale database taxivervoer (CDT). De ILT benadrukt dat het voorstel zorgvuldig is ontwikkeld, met specifieke aandacht voor de privacy van zowel passagiers als taxichauffeurs. Volgens de ILT is de database bedoeld om toezicht te verbeteren en niet om passagiersgegevens te verzamelen of te verwerken.

alleen chauffeursgegevens

De ILT maakt duidelijk dat de CDT alleen ritgegevens van taxichauffeurs registreert bij zakelijke ritten. “Er worden geen gegevens van passagiers opgeslagen, laat staan verwerkt,” aldus de inspectie. Dit betekent dat informatie zoals gps-coördinaten van ophaal- en afleverlocaties uitsluitend gekoppeld is aan chauffeurs en niet herleidbaar is naar individuele passagiers. 

Hoewel de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) benadrukt dat de centrale database taxivervoer (CDT) uitsluitend gegevens van taxichauffeurs verwerkt, waarschuwen privacy-experts dat reisgegevens alsnog patronen kunnen blootleggen. Het kabinet en de ILT claimen dat passagiersgegevens niet worden opgeslagen, maar de opgeslagen gps-coördinaten van ritten kunnen in praktijk alsnog leiden tot indirecte identificatie van passagiers en hun reisgedrag.

Experts wijzen erop dat zelfs zonder expliciete opslag van passagiersgegevens het mogelijk is om patronen te herkennen die herleidbaar zijn tot specifieke personen. “Als iemand bijvoorbeeld elke ochtend een taxi neemt vanaf dezelfde locatie naar een werkplek, kun je die persoon eenvoudig identificeren,” stelt een privacyadviseur. Daarnaast kunnen gevoelige bestemmingen, zoals een ziekenhuis of een therapeut, een duidelijk beeld geven van iemands privéleven.

veiligheid

Het doel van de CDT is volgens de ILT om de veiligheid en kwaliteit in de taximarkt te waarborgen. Door een centrale opslag kunnen taxi-inspecteurs efficiënter controleren of chauffeurs zich aan de regels houden, zoals de wettelijke arbeidstijden en ritregistratie.

De ILT stelt dat privacybescherming bij de invoering van de database een speerpunt is. Om dit te onderstrepen, zijn er twee uitgebreide DPIA’s (data protection impact assessments) uitgevoerd. Deze analyses hebben mogelijke risico’s voor de bescherming van persoonsgegevens in kaart gebracht en geleid tot de implementatie van diverse veiligheidsmaatregelen.

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

Hoewel de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) benadrukt dat de centrale database taxivervoer (CDT) uitsluitend gegevens van taxichauffeurs verwerkt, waarschuwen privacy-experts dat reisgegevens alsnog patronen kunnen blootleggen.

In een reactie aan de ICT-dienstverleners naar aanleiding van de AP berichtgeving schrijft ILT: “De CDT is een gesloten systeem waarbij alleen bevoegde taxi-inspecteurs toegang hebben.” Volgens ILT is het systeem voorzien van logging en autorisaties om misbruik of onbevoegde toegang te voorkomen. Daarnaast geldt een wettelijke bewaartermijn van twee jaar voor de opgeslagen gegevens. Deze termijn sluit aan bij de regels in de Arbeidstijdenwetgeving. Na deze periode worden de data automatisch vernietigd.

Autoriteit Persoonsgegevens 

Ondanks de geruststellende woorden van de ILT blijft de AP waakzaam. Volgens bestuurslid Katja Mur blijven er risico’s bestaan, zoals de mogelijkheid van ‘function creep’ of datalekken. De AP heeft de overheid geadviseerd om verdere waarborgen te creëren en alternatieven te overwegen waarbij de verzameling van gps-gegevens wordt beperkt.

Het is nu aan het kabinet om de balans te vinden tussen efficiënt toezicht en privacybescherming. De ILT benadrukt dat alle inspanningen in het belang zijn van zowel passagiers als chauffeurs. “Een betrouwbare en veilige taximarkt is uiteindelijk waar we samen naar streven,” aldus de inspectie.