Categorie archieven: Politiek

Bart Groothuis: ‘china werpt technologische muren op, wij moeten volgen’

De groeiende complexiteit van moderne auto’s heeft niet alleen voordelen op het gebied van comfort en technologie, maar brengt ook aanzienlijke risico’s met zich mee.

Volgens VVD-parlementariër Bart Groothuis functioneren auto’s tegenwoordig als “rijdende computers” en dit maakt ze kwetsbaar voor cyberaanvallen en spionage. De digitale systemen in voertuigen verzamelen continu gegevens en kunnen, als ze niet goed beveiligd zijn, gemakkelijk worden gehackt of overgenomen door kwaadwillenden. Dit vormt niet alleen een gevaar voor de privacy van de eigenaar, maar ook voor de veiligheid van de bestuurder en andere weggebruikers.

De opkomst van verbonden voertuigen, die afhankelijk zijn van software en internetverbindingen, heeft een nieuw type dreiging geïntroduceerd. Moderne auto’s zijn vaak uitgerust met sensoren, GPS-systemen en ingebouwde communicatietechnologieën, waardoor ze potentieel doelwit zijn voor hackers die deze systemen kunnen misbruiken om toegang te krijgen tot gevoelige gegevens of zelfs de controle over het voertuig over te nemen. Groothuis wijst op deze gevaren en benadrukt dat het van cruciaal belang is dat overheden en fabrikanten de veiligheid van deze technologieën prioriteit geven.

potentiële dreiging

Een van de meest zorgwekkende aspecten die Groothuis aankaart, is de mogelijkheid van spionage door buitenlandse mogendheden, in het bijzonder China. Groothuis wijst erop dat landen zoals China al verregaande maatregelen hebben genomen om westerse technologieën te beperken in gevoelige gebieden, zoals militaire installaties en overheidsgebouwen. “De Chinezen zelf zijn verre van naïef,” zegt Groothuis. Hij verwijst naar het beleid van China om auto’s van bijvoorbeeld Tesla en andere westerse merken te weren van militaire bases en ministeries, uit angst voor spionage. Groothuis stelt voor dat westerse landen een vergelijkbare aanpak zouden moeten hanteren om zichzelf te beschermen tegen potentiële dreigingen.

“Wat de Chinezen in Polen zelf doen, is zeggen van Tesla en allerlei westerse producten dat deze niet welkom zijn op militaire installaties of niet welkom bij Chinese ministeries,” aldus Groothuis. Hij benadrukt dat dit een duidelijk voorbeeld is van hoe een land zichzelf probeert te beschermen tegen buitenlandse inmenging. “Onze producten van Nokia en Ericsson zijn niet welkom in hun telecominfrastructuur. En ik vind dat we dat moeten spiegelen. Dan zijn jullie producten ook niet welkom op onze markt. Zij zijn aan het ontkoppelen van ons. En het enige wat wij doen, is dat spiegelen.”

Foto: © Pitane Blue – Bart Groothuis (VVD)

Volgens Groothuis gaat het echter niet alleen om economische belangen of protectionisme, maar vooral om nationale veiligheid. Hij maakt zich zorgen over de afhankelijkheid van buitenlandse technologieën en de mogelijke gevolgen als deze worden misbruikt voor spionage of andere schadelijke doeleinden. “Je toont hiermee heel snel aan wat economisch protectionisme is en wat echt nationale veiligheid betekent,” waarschuwt hij.

De dreiging van buitenlandse inmenging is volgens Groothuis vooral zorgwekkend omdat moderne auto’s niet alleen afhankelijk zijn van westerse technologie, maar ook van buitenlandse fabrikanten en softwareleveranciers. Hij roept op tot strengere regelgeving en maatregelen om ervoor te zorgen dat gevoelige informatie die via auto’s wordt verzameld, veilig blijft en niet in handen valt van kwaadwillenden of vijandige staten.

gehackt

De oproep van Groothuis komt op een moment waarop steeds meer landen zich bewust worden van de risico’s van digitale spionage en cyberaanvallen. In het verleden zijn er al meerdere gevallen geweest waarin systemen van auto’s op afstand zijn gehackt, wat leidde tot bezorgdheid over de veiligheid van de bestuurders en hun passagiers. Daarnaast worden er wereldwijd steeds meer zorgen geuit over de invloed van China op kritieke infrastructuren, zoals telecommunicatie en transport.

Groothuis’ pleidooi voor een strengere aanpak en een spiegelbeleid met landen zoals China sluit aan bij de bredere discussie over de bescherming van nationale belangen en de toenemende zorgen over de afhankelijkheid van buitenlandse technologieën. De balans tussen economische samenwerking en nationale veiligheid wordt steeds moeilijker te handhaven, zeker in een wereld waarin technologieën zoals die in moderne auto’s steeds meer verweven raken met geopolitieke spanningen.

Het parlementair debat zit erop: “Tjonge jonge jonge”

Na twee dagen intensief debatteren in de Tweede Kamer over de Prinsjesdagstukken is duidelijk geworden dat premier Dick Schoof er voorlopig in geslaagd is zijn coalitie bij elkaar te houden.

De fracties van PVV, VVD, NSC en BBB hebben hun steun uitgesproken voor het beleid van de premier en zijn ministerploeg, maar het debat heeft ook pijnlijk blootgelegd dat er grote spanningen zijn binnen de coalitie, met name tussen de PVV en de NSC. Hoewel de vier partijen een akkoord hebben gesloten waarbij ze afgesproken hebben dat ze op bepaalde punten afwijkende standpunten mogen innemen, werd het tijdens de debatten vooral op het gebied van asielbeleid duidelijk dat de PVV en NSC lijnrecht tegenover elkaar staan. 

Waar de PVV inzet op een veel strengere asielwetgeving en sterkere grenscontroles, kiest de NSC voor een humaner beleid met meer focus op Europese samenwerking en opvang in de regio. Dit verschil in visie zorgt voor een steeds groter wordende kloof binnen de coalitie, en een conflict hierover lijkt dan ook onvermijdelijk.

unaniem

Het asielbeleid is één van de meest beladen onderwerpen binnen het kabinet-Schoof. De oppositie was unaniem in haar kritiek op het plan van het kabinet om de asielnoodwet in te roepen. Een van de belangrijkste punten die naar voren kwam, was dat de ambtelijke adviezen duidelijk stellen dat er geen juridische basis is om het staatsnoodrecht in te zetten voor een langdurig probleem zoals de asielcrisis. 

“Dit is een probleem dat al veel langer speelt en dat vraagt om oplossingen via de reguliere wetgeving, niet via noodwetgeving,” zo staat in de adviezen. Deze wet zou volgens het kabinet snelle en strenge maatregelen mogelijk maken, maar de ambtenaren waarschuwden dat er geen sprake is van een plotselinge, acute noodsituatie, een voorwaarde die essentieel is om het staatsnoodrecht te kunnen rechtvaardigen.

Foto: © Pitane Blue – Frans Timmermans – lid van de Tweede Kamer

Frans Timmermans, leider van de gezamenlijke fractie van GroenLinks en PvdA, was fel in zijn kritiek op het voornemen van het kabinet. “Wat het kabinet hier doet, is staatsrechtelijk vandalisme,” aldus Timmermans. “Door de asielnoodwet in te roepen, probeert het kabinet via de achterdeur verregaande maatregelen door te voeren, zonder dat daarvoor voldoende democratische controle is. Dit is een gevaarlijke trend.”

Ook andere oppositiepartijen, waaronder D66 en de SP, sloten zich aan bij de kritiek. Zij waarschuwden dat de noodwet het kabinet in staat zou stellen om besluiten te nemen zonder dat de Tweede Kamer vooraf goedkeuring hoeft te geven. Dit zou de parlementaire controle ernstig ondermijnen, zo luidde de waarschuwing.

Ondanks de forse kritiek vanuit de oppositie bleef premier Dick Schoof vasthouden aan het plan om de noodwet in te roepen. Volgens Schoof is de noodwet noodzakelijk om de instroom van asielzoekers op korte termijn te beperken en de druk op de opvangcapaciteit te verminderen. Hij verwees naar de overvolle asielzoekerscentra en de toenemende onrust in verschillende gemeenten over de plaatsing van nieuwe opvanglocaties.

Zero emissie: Brabant zet in op elektrische bussen met aankoop busremise Uden

Ondertussen blijft het busvervoer in Zuidoost-Brabant tot ten minste de zomer van 2029 in handen van vervoersbedrijf Hermes

De provincie Noord-Brabant heeft een belangrijke stap gezet in de verduurzaming van het openbaar vervoer door de aankoop van de busremise aan de Energielaan in Uden. Deze overname is een strategische zet, gezien de centrale ligging en de goede infrastructuur die nodig is voor het opladen van elektrische bussen. Met de aanschaf van deze remise, die een oppervlakte van 0,7 hectare beslaat, verzekert de provincie zich van een cruciale locatie in het concessiegebied Oost-Brabant. Gedeputeerde Stijn Smeulders benadrukt het belang van deze aankoop: “Een paar jaar geleden had je voor een remise vooral asfalt en een bereikbare plek nodig. Inmiddels is het ook essentieel om een goede stroomaansluiting te hebben, anders is de remise niet geschikt om de Zero Emissie-busvloot van de toekomst te stallen.”

gelijk speelveld

De aankoop, waarvoor de provincie 2,2 miljoen euro betaalt en een extra ton reserveert voor onderhoud, heeft niet alleen betrekking op de verduurzaming van het openbaar vervoer, maar speelt ook in op de steeds grotere rol van elektrische bussen. De provincie wil met de overname bovendien een gelijk speelveld creëren voor vervoersbedrijven die willen meedingen naar de nieuwe concessie voor Oost-Brabant. Deze concessie, die in december 2026 ingaat en een looptijd van 12,5 jaar heeft, biedt ruimte voor vervoersbedrijven om zich in te schrijven en de remise te huren van de provincie. Dit zorgt ervoor dat de concessie eerlijker verloopt, zonder dat één vervoersbedrijf al voordelen heeft vanwege het bezit van essentiële infrastructuur. Momenteel is Arriva de concessiehouder in Oost-Brabant en huurt het bedrijf de remise in Uden.

De aankoop van de remise in Uden is opvallend omdat het de eerste keer is dat de provincie een bestaande remise overneemt. Eerder speelde de provincie al een actieve rol in de bouw van nieuwe remises in Breda en Roosendaal, maar in Uden gaat het om een bestaande locatie. Smeulders legt uit: “De ontwikkelingen in ons openbaar vervoer gaan snel. Het strategische belang van een goede busremise is alleen maar groter geworden. Daarom bekijken we per geval hoe we dat het beste kunnen borgen. In dit geval door een locatie zelf over te nemen.”

De provincie Noord-Brabant heeft in het Programma van Eisen voor de nieuwe concessie een belangrijke voorwaarde opgenomen: het ZE-busmaterieel. Dit betekent dat de bussen die in het concessiegebied rijden, geen schadelijke stoffen mogen uitstoten. De remise in Uden speelt hierbij een cruciale rol, omdat het een plek biedt waar de elektrische bussen kunnen worden opgeladen en gestald. Naast Uden zijn er in het concessiegebied nog drie andere remises, in ‘s-Hertogenbosch, Tilburg en Waalwijk. Ook deze locaties zullen in de toekomst een rol spelen in de verduurzaming van het openbaar vervoer in de regio.

Foto: © Pitane Blue – Bravo Eindhoven

Hermes verzorgt het busvervoer in Zuidoost-Brabant en Arnhem-Nijmegen. Dat doen ze in Zuidoost-Brabant onder de naam ‘Bravo’.

Ondertussen blijft het busvervoer in Zuidoost-Brabant tot ten minste de zomer van 2029 in handen van vervoersbedrijf Hermes. Dit nieuws kwam naar buiten via het Eindhovens Dagblad. Hoewel Hermes kampt met een chauffeurstekort, heeft de provincie Noord-Brabant besloten het contract met het bedrijf met 2,5 jaar te verlengen. Dit besluit is echter niet zonder voorwaarden genomen. 

“Er komen veel hogere boetes als Hermes de dienstregeling niet volgens afspraak uitvoert,” meldt gedeputeerde Smeulders tegenover de regionale krant. Volgens hem was er zelfs een plan B in overweging genomen, waarbij het contract niet verlengd zou worden. “Dat lag als plan B op tafel als we er samen niet uit waren gekomen. Dan waren we nu in een razend tempo doorgegaan met de nieuwe aanbesteding,” aldus Smeulders in het ED.

De ontwikkelingen rond het openbaar vervoer in Noord-Brabant laten zien dat de provincie zich actief inzet voor een toekomst waarin duurzaamheid en een goed functionerend netwerk centraal staan. De overname van de remise in Uden is een belangrijke stap in de richting van een schoner en efficiënter openbaar vervoerssysteem. Met de inzet op elektrische bussen en een gelijk speelveld voor vervoersbedrijven, zorgt de provincie ervoor dat de regio voorbereid is op de uitdagingen van de toekomst.

Foto: Stijn Smeulders – fotograaf Marc Bolsius

Madlener onder druk: kamermeerderheid eist actie tegen fatbikes

De problematiek rondom fatbikes in Nederland neemt steeds ernstiger vormen aan, met als gevolg een toenemend aantal ongelukken waarbij vaak jonge kinderen betrokken zijn.

Hoewel de zorgen binnen de samenleving en de politiek groeien, lijkt minister van Infrastructuur en Waterstaat, Gerard Madlener, nog geen noodzaak te zien om striktere regels in te voeren voor deze opvallende en populaire fietsen. Fatbikes, herkenbaar aan hun dikke banden en robuuste ontwerp, vallen wettelijk gezien onder de categorie elektrische fietsen. Dit betekent dat ze zonder leeftijdsbeperking of helmplicht gebruikt mogen worden, iets waar steeds meer kritiek op komt. 

veiligheid

De Tweede Kamer is al enige tijd in discussie over de veiligheidsrisico’s die deze fietsen met zich meebrengen. Onlangs heeft ook de grootste regeringspartij, de PVV, zich uitgesproken voor het instellen van een leeftijdsgrens voor bestuurders van fatbikes. Dit nieuwe standpunt werd bekendgemaakt door PVV-Kamerlid Theo Heutink via het sociale mediaplatform X.

“Wij denken serieus na over het instellen van een leeftijdsgrens, maar de exacte leeftijd moet nog worden bepaald,” aldus Heutink in zijn verklaring. Hij benadrukte dat de regels wel “handhaafbaar” moeten zijn en dat er onderscheid gemaakt moet worden tussen fatbikes en reguliere elektrische fietsen. Deze nuance is belangrijk omdat ook andere partijen, zoals de PvdA, aandringen op een meer gedifferentieerd beleid dat rekening houdt met de verschillende typen e-bikes die op de markt zijn.

Het debat over fatbikes kreeg extra momentum toen BBB-leider Caroline van der Plas zich eveneens via X uitsprak voor strengere regels. Zij drong er bij minister Madlener op aan om zo snel mogelijk een helmplicht en een leeftijdsgrens van 16 jaar in te voeren voor fatbike-bestuurders. Volgens Van der Plas is het onverantwoord om de huidige situatie te laten voortduren, gezien het groeiende aantal incidenten waarbij vooral jonge kinderen slachtoffer worden.

Minister Madlener, echter, blijft terughoudend. In een recente verklaring aan RTL Nieuws gaf hij aan dat hij vooralsnog geen heil ziet in het invoeren van een leeftijdsgrens voor fatbikes. Hij stelt dat betere voorlichting en strengere handhaving van het verbod op opgevoerde fatbikes effectiever zouden zijn om het aantal ongelukken terug te dringen. Madlener vreest bovendien dat een leeftijdsgrens scholieren zou ontmoedigen om met een elektrische fiets naar school te gaan, wat volgens hem ongewenste gevolgen kan hebben voor hun mobiliteit.

juridische status

De juridische status van fatbikes als elektrische fietsen maakt het ingewikkeld om specifieke regels alleen voor deze fietsen in te voeren. Dit leidt tot de vraag of een eventuele helmplicht of leeftijdsgrens wel juridisch haalbaar en effectief zou zijn. De zorg bestaat dat nieuwe regels moeilijk te handhaven zullen zijn en mogelijk verwarring zullen veroorzaken onder gebruikers en handhavers.

Met de steun van de PVV lijkt er nu een meerderheid in de Tweede Kamer te zijn die voorstander is van een leeftijdsgrens, maar de discussie over de exacte leeftijd en de manier waarop de regels vorm moeten krijgen, is nog niet afgerond. Het komende debat in de Kamer zal daarom van cruciaal belang zijn voor de toekomst van de fatbike-regulering in Nederland.

Ondertussen blijft de maatschappelijke discussie voortduren, met veel ouders die zich zorgen maken over de veiligheid van hun kinderen op de weg. Terwijl de politiek zich buigt over de juiste maatregelen, groeit de druk op minister Madlener om niet alleen naar handhaving en voorlichting te kijken, maar ook om daadwerkelijk stappen te ondernemen die de veiligheid op de weg kunnen verbeteren. De komende weken zullen uitwijzen of de regering bereid is om concessies te doen en de regels voor fatbikes aan te scherpen.

Ron DeSantis: LGBTQ+ toerist niet langer welkom in Florida

De laatste jaren is Florida uitgegroeid tot een van de meest geliefde bestemmingen voor LGBTQ+-reizigers.

Met zijn warme stranden, levendige cultuur en een gevoel van vrijheid, heeft de Sunshine State miljarden dollars gegenereerd door het aantrekken van LGBTQ+-toeristen. Maar onder het bewind van de Republikeinse gouverneur Ron DeSantis lijkt deze gastvrije houding ten opzichte van de LGBTQ+-gemeenschap te veranderen, een verandering die een voorproefje zou kunnen zijn van wat er te verwachten valt onder een mogelijk toekomstig presidentschap van Donald Trump.

In de afgelopen tien jaar heeft Florida, en dan met name Fort Lauderdale, fors geïnvesteerd in het verwelkomen van LGBTQ+-reizigers. De staat en regionale toerismekantoren richtten zich specifiek op deze gemeenschap, wat Florida tot een van de populairste bestemmingen voor LGBTQ+-toeristen maakte. Dit leverde de staat niet alleen aanzienlijke economische voordelen op, maar vestigde ook zijn reputatie als een inclusieve en vooruitstrevende vakantiebestemming.

wetten

Die tijd lijkt echter voorbij. In mei tijdens de Internationale Dag tegen Homofobie, Transfobie en Bifobie, ondertekende gouverneur DeSantis een reeks wetten die gericht zijn op de LGBTQ+-gemeenschap. Deze wetten beperken onder andere de toegang tot transgenderzorg, beperken het opnemen van LGBTQ+-identiteiten in schoolcurricula, en reguleren het gebruik van toiletten door transgender personen en drag-optredens in de staat. 

Tegelijkertijd lijkt de staat stilletjes te zijn gestopt met het promoten van toerisme voor LGBTQ+-reizigers. Dit werd pas duidelijk in de afgelopen dagen, toen bleek dat verwijzingen naar LGBTQ+-reizigers van de toerismewebsites van Florida waren verwijderd.

Foto: – gouverneur Ron DeSantis

Deze veranderingen hebben geleid tot ongerustheid onder LGBTQ+-bezoekers, die zich nu afvragen of ze nog wel welkom zijn in Florida en de Verenigde Staten als geheel. Uit recent onderzoek van de International Gay & Lesbian Transgender Tourism Association (IGLTA), opgericht in Fort Lauderdale, blijkt dat meer dan 80% van de LGBTQ+-reizigers uit de VS Florida als enigszins of zeer onwelkom beschouwt. 

inclusiviteit

Het verwijderen van bronnen die specifiek inspelen op de behoeften en zorgen van LGBTQ+-reizigers zou dit vitale marktsegment verder kunnen ontmoedigen.Toch blijven veel steden in Florida een significant niveau van inclusiviteit vertonen, met homo-gekozen ambtenaren en LGBTQ+-eigendom van bedrijven. Het is belangrijk voor bezoekers om te erkennen dat deze steden niet noodzakelijkerwijs in lijn liggen met het beleid van de staatsregering.

Florida blijft een van de meest gewilde toeristische bestemmingen in de Verenigde Staten, met een bloeiende toeristische sector die een van de belangrijkste economische pijlers van de staat vormt. In het jaar 2023 alleen al verwelkomde Florida een verbluffend aantal van 141 miljoen bezoekers, en toeristen van buiten de staat leverden een aanzienlijke bijdrage van meer dan $102 miljard aan de economie van de staat.

Foto: © Pitane Blue – Florida

Terwijl de zon blijft schijnen op de stranden van Florida, lijkt de warme gastvrijheid die ooit werd uitgebreid aan LGBTQ+-reizigers langzaam te verdwijnen onder de politieke druk van een steeds conservatiever staatsbestuur.

John Tanzella, oprichter en hoofd van IGLTA, sprak zich op LinkedIn uit over de situatie: “We willen ook benadrukken dat IGLTA veel lidbedrijven en bestemmingen in heel Florida heeft die waarde hechten aan inclusie. We zullen hen altijd ondersteunen in hun inspanningen om LGBTQ+-reizigers zich welkom en veilig te laten voelen.”

De IGLTA Foundation publiceerde onlangs een rapport getiteld “State Policy Impact on LGBTQ+ Tourism,” waarin de economische impact van LGBTQ+-reizigers wordt benadrukt. De rol van gelijkheid voor alle mensen, inclusief LGBTQ+, is een belangrijk punt dat nu de aandacht van de leiders in de reis- en toerisme-industrie in Florida zou moeten trekken. 

LGBTQ+

Steden als Key West, Fort Lauderdale, Wilton Manors en St. Petersburg hebben historisch gezien veel LGBTQ+-toeristen aangetrokken. Toch was het voor veel reizigers een verrassing om deze week te ontdekken dat de toerismemarktetingafdeling van Florida stilletjes de LGBTQ+-reissectie van haar website had verwijderd in de afgelopen maanden.

Keith Blackburn, hoofd van de Greater Fort Lauderdale LGBT Chamber of Commerce, uitte zijn ongenoegen over deze ontwikkeling: “Het is gewoon walgelijk om dit te zien,” zei hij. “Ze lijken ons te willen uitwissen.” NBC News meldde als eerste de aanpassing van de website van Visit Florida, waarbij werd opgemerkt dat hoewel de sectie werd verwijderd, een zoekopdracht nog steeds resultaten oplevert voor LGBTQ+-vriendelijke etablissementen.

De stille verwijdering van verwijzingen naar LGBTQ+-toerisme komt op een moment waarop Florida’s reputatie als inclusieve bestemming onder druk staat. In het afgelopen jaar hebben verschillende burgerrechtenorganisaties reisadviezen afgegeven voor Florida, waarin ze waarschuwen voor de vijandige houding van DeSantis en de wetgevers van Florida tegenover Afro-Amerikanen, mensen van kleur en LGBTQ+-personen.

Wegenvignet: discussie over Vlaamse kilometerheffing weer aangewakkerd

Wat MR en Les Engagés betreft, moet iedere autobestuurder vanaf 2029 een wegenvignet kopen om over de Waalse snelwegen te rijden.

De Waalse regering heeft aangekondigd dat er vanaf 2029 een wegenvignet ingevoerd zal worden voor alle automobilisten die over de Waalse snelwegen willen rijden. Dit nieuwe beleid, vastgelegd in het Waalse regeerakkoord, wordt vooral gesteund door de partijen MR en Les Engagés. Het doel is om buitenlanders te laten bijdragen aan het onderhoud van de Waalse wegen, terwijl de Waalse inwoners gecompenseerd zouden worden door een verlaging van de autobelasting. Het voorgestelde systeem lijkt op dat van Zwitserland, waar een wegenvignet jaarlijks 44 euro kost.

Er is nog onduidelijkheid over of Vlamingen en Brusselaars ook een wegenvignet moeten aanschaffen om door Wallonië te rijden. Georges-Louis Bouchez, voorzitter van de MR, verklaarde in de Franstalige media dat het niet de bedoeling is om andere Belgen te laten betalen. Hij stelt voor om samen met Vlaanderen en Brussel tot een gemeenschappelijk systeem te komen. Dit idee wordt al langer door experts gesteund, die aangeven dat een wegenvignet of andere vormen van rekeningrijden beter nationaal ingevoerd kunnen worden.

In Vlaanderen is het onderwerp van een wegenvignet nog niet besproken in de onderhandelingen voor een nieuwe regering. De Vlaamse partijen staan echter overwegend negatief tegenover een wegenvignet, omdat dit buitenlanders weliswaar laat meebetalen, maar niets verandert aan de autofiscaliteit voor Vlamingen. Er wordt eerder gedacht aan een kilometerheffing, waarbij automobilisten meer betalen naarmate ze meer kilometers rijden. Dit systeem verschuift de lasten van autobezit naar autogebruik en stimuleert mensen om minder vaak de auto te gebruiken.

Foto: © Pitane Blue – Ardennen – Dinant

In het verleden gingen de voorstellen eerder in de richting van een kilometerheffing, ook op de locale wegen.

Sinds 2016 is er al een kilometerheffing voor vrachtwagens, waartoe Vlaanderen, Brussel en Wallonië gezamenlijk besloten hebben. Misschien kan een dergelijk gezamenlijk systeem in de toekomst ook voor personenwagens worden ingevoerd, als het wegenvignet geen optie blijkt te zijn. In de huidige Vlaamse regeringsonderhandelingen lijkt alleen de partij Vooruit een voorstander van een kilometerheffing. De socialisten bepleiten in hun verkiezingsprogramma een “spitsheffing”, waarbij bestuurders meer belast worden als ze tijdens de spitsuren op filegevoelige plaatsen rijden.

N-VA en CD&V hebben zich tijdens de afgelopen verkiezingscampagne uitgesproken tegen een kilometerheffing. Hoewel N-VA in het verleden een voorstander was, veranderde de partij haar standpunt in aanloop naar de verkiezingen van 2019 vanwege “te weinig draagvlak bij de bevolking”.

In Brussel zou er mogelijk meer politieke steun voor een kilometerheffing kunnen zijn. Daar proberen MR en Les Engagés ook een regering te vormen, hoewel de gesprekken moeizaam verlopen. Mogelijk sluit PS zich aan als derde partner, maar deze partij is niet enthousiast over een kilometerheffing. De vorige Brusselse regering heeft al plannen gemaakt voor een slimme kilometerheffing, maar deze werden teruggefloten door zowel Vlaanderen als Wallonië. Het idee was om bestuurders meer te belasten op basis van de filedrukte.

Het blijft afwachten hoe concreet de Waalse plannen van MR en Les Engagés zullen worden. De invoering van het wegenvignet staat gepland voor het einde van de regeerperiode in 2029, waardoor er nog veel kan veranderen voordat het daadwerkelijk ingevoerd wordt.

Veiligheidstragedie: Donald Trump neergeschoten tijdens rally

“Ik bid voor hem en zijn van familie en iedereen die bij de campagne aanwezig was terwijl wij wachten op meer informatie”, zei Biden.

De campagnebijeenkomst van voormalig president Donald Trump in Butler, Pennsylvania, nam afgelopen zaterdag een onverwachte en dramatische wending toen er schoten werden gelost. Deze schietpartij veroorzaakte niet alleen paniek onder de aanwezigen, maar bracht ook een stortvloed aan reacties teweeg van wereldleiders, politici en het grote publiek.

Tijdens de rally, waar Trump sprak over immigratie en zijn prestaties als president, klonken plotseling schoten. Volgens getuigen leek het eerst alsof er een ballon knapte, maar al snel werd duidelijk dat het om geweervuur ging. De schoten bleken afkomstig van een verhoogde positie buiten de rallylocatie. Secret Service-agenten reageerden onmiddellijk, omcirkelden Trump en begeleidden hem van het podium af. Eén kogel raakte Trump in zijn rechteroor, wat leidde tot bloed op zijn gezicht.

Een toeschouwer werd dodelijk getroffen, en twee anderen raakten ernstig gewond. De vermoedelijke schutter, een 20-jarige man uit Pennsylvania, werd ter plaatse door de Secret Service neergeschoten.

De internationale gemeenschap reageerde geschokt. De Filipijnse president Ferdinand Marcos Jr. veroordeelde de aanval scherp, net als de Australische premier Anthony Albanese en de Japanse premier Fumio Kishida, die het geweld als “onaanvaardbaar” bestempelden en hun steun aan Trump betuigden. Ook de Canadese premier Justin Trudeau en de Britse premier Keir Starmer spraken zich uit tegen het politieke geweld en benadrukten de noodzaak van vrede en veiligheid in de democratische processen.

Foto: Donald Trump Pennsylvania – ABC

In de Verenigde Staten zelf leidde het incident tot een breed scala aan reacties van politici uit beide partijen. President Joe Biden, die net was teruggekeerd naar Washington, verklaarde dat er geen plaats is voor politiek geweld in Amerika. Hij bedankte de Secret Service voor hun snelle optreden en sprak zijn steun uit aan Trump en de getroffen families.

Voormalige presidenten Bill Clinton en Barack Obama veroordeelden eveneens het geweld en riepen op tot civiele omgangsvormen in de politiek. Kamala Harris, de vice-president, benadrukte dat zij en haar man opgelucht waren dat Trump niet ernstig gewond was en dat zij bidden voor de getroffenen.

Op sociale media leidde de schietpartij tot een lawine aan speculaties en reacties. Elon Musk riep op tot het aftreden van de directeur van de Secret Service en gaf Trump zijn officiële steun. Investeerders voorspelden dat het incident de herverkiezingskansen van Trump zou vergroten, wat leidde tot een stijging van Bitcoin.

De FBI en andere wetshandhavingsinstanties hebben aangekondigd dat zij het onderzoek naar de schietpartij leiden. Hoewel er nog geen motief is vastgesteld, hebben zij bevestigd dat er geen verdere dreiging is voor het publiek. De Secret Service ligt ondertussen onder vuur en wordt beschuldigd van beveiligingsfouten.

Dit schietincident roept ernstige vragen op over de veiligheid van politieke evenementen en de toenemende spanningen in de aanloop naar de verkiezingen. De Republikeinse Nationale Conventie, die maandag begint in Milwaukee, staat nu onder verhoogde beveiliging. Het is nog onduidelijk hoe dit incident de campagne van Trump zal beïnvloeden, maar het heeft zonder twijfel een blijvende impact op het politieke landschap van de Verenigde Staten.

Wetgeving: Raad van State kritisch op nieuwe verkeersveiligheidsmaatregelen

De Raad heeft ook opmerkingen gemaakt over de minimumduur van de vervangende hechtenis.

Om de verkeersveiligheid te verbeteren, hebben de ministeries van Justitie en Veiligheid en van Infrastructuur en Waterstaat een wetsvoorstel ingediend dat de Wegenverkeerswet 1994 en het Wetboek van Strafvordering wijzigt. De voorgestelde wijzigingen richten zich vooral op een strengere aanpak van rijden onder invloed en het afschaffen van de huidige recidiveregeling voor ernstige verkeersdelicten.

Uit onderzoek blijkt dat rijden onder invloed een groeiend probleem vormt op de Nederlandse wegen. In 2022 bleek 2,6% van de automobilisten tijdens weekendnachten onder invloed van alcohol te rijden, een stijging ten opzichte van 1,4% in 2017. Deze alarmerende cijfers vragen om drastische maatregelen om de verkeersveiligheid te waarborgen. De toename van het aantal ernstig verkeersgewonden en verkeersdoden versterkt de noodzaak voor strengere regelgeving en effectieve handhaving.

Het huidige wetsvoorstel introduceert drie belangrijke maatregelen om de aanpak van rijden onder invloed te versterken. Allereerst krijgt de rechter de bevoegdheid om de ontzegging van de rijbevoegdheid direct uitvoerbaar te verklaren. Daarnaast kan de rechter, bij oplegging van een ontzegging van de rijbevoegdheid, het rijbewijs direct ongeldig verklaren, zelfs bij een eerste veroordeling. Ten slotte wordt de mogelijkheid gecreëerd om vervangende hechtenis toe te passen in geval van schending van de rijontzegging.

Deze maatregelen zijn gekoppeld aan de ontzegging van de rijbevoegdheid en gelden dus niet alleen voor rijden onder invloed, maar ook voor andere ernstige verkeersdelicten zoals het veroorzaken van gevaar op de weg of het verlaten van de plaats van een ongeval. Dit is een aanzienlijke uitbreiding ten opzichte van de huidige recidiveregeling, die alleen ziet op rijden onder invloed.

Foto: © Pitane Blue – Tweede kamer

De Raad van State heeft kritisch gereageerd op het wetsvoorstel en wijst op enkele belangrijke aandachtspunten. Zo vindt de Raad dat de noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit van de uitbreiding van de maatregelen onvoldoende zijn toegelicht. Bovendien is niet duidelijk welke consequenties de uitbreiding heeft voor de uitvoerbaarheid van het voorstel en hoe bestuurders worden geïnformeerd over de nieuwe maatregelen die een afschrikkende werking moeten hebben.

Een ander belangrijk punt van kritiek is de koppeling van vervangende hechtenis aan de ontzegging van de rijbevoegdheid. De Raad adviseert om de toelichting aan te passen en daarin de noodzaak en proportionaliteit van deze maatregel te motiveren in het licht van de Grondwet, het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM) en het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie (EU-Handvest).

De Raad heeft ook opmerkingen gemaakt over de minimumduur van de vervangende hechtenis. De voorgestelde minimumduur van twee weken zou de straftoemetingsvrijheid van de rechter beperken en kan leiden tot disproportionele uitkomsten. De Raad adviseert daarom om geen minimumduur vast te stellen of de duur te heroverwegen.

In reactie op de kritiek van de Raad van State zijn enkele aanpassingen doorgevoerd in het wetsvoorstel en de memorie van toelichting. Zo is de minimumduur van de vervangende hechtenis verlaagd naar drie dagen, vergelijkbaar met de vervangende hechtenis bij niet-naleving van een vrijheidsbeperkende maatregel. Daarnaast is verduidelijkt dat de rechter in elk individueel geval de duur van de vervangende hechtenis bepaalt, rekening houdend met de omstandigheden van de overtreding en de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde.

Verder is in de memorie van toelichting opgenomen dat de vervangende hechtenis geen punitieve sanctie is voor het overtreden van de rijontzegging, maar een middel om de naleving van de rijontzegging te verzekeren. Ook is de mogelijkheid van een dubbele bestraffing, wat in strijd zou zijn met het ne bis in idem-beginsel, verder uitgewerkt en verduidelijkt dat vervolging voor overtreding van de rijontzegging en de tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis gescheiden trajecten zijn.

Het wetsvoorstel biedt de rechter tevens de mogelijkheid om buitenlandse rijbewijzen ongeldig te verklaren, mits de houder ervan in Nederland woonachtig is. Dit zorgt voor een gelijk speelveld tussen Nederlandse en buitenlandse rijbewijshouders en versterkt de handhaving van verkeersveiligheid op de Nederlandse wegen.

VVD – Dilan Yeşilgöz-Zegerius

Samenvattend schrijft de voormalig Minister van Justitie en Veiligheid Yesilgöz-Zegerius dat de Raad van State enkele belangrijke bezwaren heeft geuit bij het wetsvoorstel, maar na aanpassingen door de ministeries lijkt het voorstel klaar om ingediend te worden bij de Tweede Kamer. De wijzigingen in de Wegenverkeerswet 1994 en het Wetboek van Strafvordering zijn cruciaal voor een effectievere aanpak van rijden onder invloed en andere ernstige verkeersdelicten, met als doel de verkeersveiligheid in Nederland aanzienlijk te verbeteren.

Kabinet-Schoof: ambitieus met focus op migratie en herstel van vertrouwen

“Het is een positie waarnaar ik nooit heb gestreefd, een wonderlijk lot dat op mijn pad is gekomen”, zegt Schoof over het premierschap.

De Tweede Kamer debatteert  over de ambitieuze plannen van het kabinet-Schoof. Nu de regering-Schoof officieel is beëdigd, moet deze zomer het voorlopige akkoord worden omgevormd tot een concreet regeerakkoord. Premier Schoof benadrukte in zijn openingstoespraak dat het kabinet de zorgen van de kiezers serieus neemt, vooral die over migratie. “We moeten die zorgen serieus nemen, juist ook om ervoor te zorgen dat er draagvlak blijft voor de opvang van echte vluchtelingen”, aldus Schoof.

Schoof begon zijn toespraak met een verwijzing naar sportheld Sifan Hassan, die onlangs haar eerste marathon met overtuiging won. “De nerveuze spanning was er, en ik voel ook de adrenaline”, zei Schoof, die zelf een marathonloper is. “Maar we hebben er ook gewoon zin in. Sifan Hassan won haar eerste marathon met overtuiging, en daar trek ik mij als marathonloper aan op.”

vertrouwen

Als oud-topambtenaar heeft Schoof tot nu toe weinig van zijn plannen prijsgegeven, waardoor de Tweede Kamer een belangrijke rol heeft in het verduidelijken van zijn koers. Volgens Schoof is er veel vertrouwen verloren gegaan en moet dat worden hersteld. “Het kabinet beschouwt dat als misschien wel de belangrijkste opdracht voor de komende periode.” Hij verwees specifiek naar het toeslagenschandaal en de gaswinning in Groningen als cruciale dossiers die aangepakt moeten worden. “Maar we willen meer doen dan dat. Er zijn keuzes nodig, en u mag een uitwerking van het hoofdlijnenakkoord verwachten. Het streven is om dat tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen te kunnen bespreken.”

“Dit kabinet staat voor de rechtstaat”, benadrukt Schoof. “Ik vraag aan u en aan alle inwoners van het land: beoordeel ons op wat we doen. Beoordeel ons op onze daden.”

Schoof’s eerste optreden in de plenaire zaal werd gekenmerkt door lof voor zijn voorganger Mark Rutte. “Zijn verdienste kunnen moeilijk overschat worden,” zei Schoof, terwijl hij Rutte bedankte voor zijn jarenlange dienst. Hij sprak ook zijn waardering uit voor Geert Wilders: “Voor hem moet dit vandaag een mijlpaal zijn.”

Foto: © Pitane Blue – Fleur Agema – 1e viceminister-president

Veel aandacht voor economische hervormingen. Het kabinet-Schoof heeft aangekondigd te willen investeren in duurzame energie en innovatie, wat volgens hen niet alleen de economie zal stimuleren maar ook bijdraagt aan de strijd tegen klimaatverandering. “We moeten vooruitkijken en investeren in de toekomst,” benadrukte Schoof. Ook het herstel van vertrouwen in de politiek was een belangrijk onderwerp. 

Verschillende partijen drongen aan op transparantie en verantwoording. “De Nederlandse bevolking moet erop kunnen vertrouwen dat de overheid eerlijk en rechtvaardig handelt,” klonk het vanuit de oppositie. Schoof erkende de noodzaak van openheid en beloofde dat zijn kabinet zich hiervoor zal inzetten. Steun aan Oekraïne blijft, zegt de premier. Er komen geen nationale ‘koppen’ op Europese regelgeving, die beleid strenger maken. “We hoeven niet altijd het beste jongetje van de klas te zijn, dat kunnen we ons niet veroorloven.”

Op 2 juli 2024 was de beëdiging van het kabinet-Schoof.

Ministers

  • Minister-president, minister van Algemene Zaken
    Drs. H.W.M. (Dick) Schoof
  • Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
    M.F. (Fleur) Agema MA (PVV); 1e viceminister-president
  • Minister van Klimaat en Groene Groei
    Drs. S.Th.M. (Sophie) Hermans (VVD); 2e viceminister-president
  • Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
    Dr. Y.J. (Eddy) van Hijum (NSC); 3e viceminister-president
  • Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
    Mona Keijzer (BBB); 4e viceminister-president
  • Minister van Buitenlandse Zaken
    Drs. C.C.J. (Caspar) Veldkamp (NSC)
  • Minister van Justitie en Veiligheid 
    D.M. (David) van Weel (VVD)
  • Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
    Mr. J.J.M. (Judith) Uitermark (NSC)
  • Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
    Dr. E.E.W. (Eppo) Bruins (NSC)
  • Minister van Financiën
    E. (Eelco) Heinen MSc (VVD)
  • Minister van Defensie 
    R.P. (Ruben) Brekelmans MPA, MSc (VVD) 
  • Minister van Infrastructuur en Waterstaat
    B. (Barry) Madlener (PVV)
  • Minister van Economische Zaken
    D.S. (Dirk) Beljaarts (PVV)
  • Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
    F.M. (Femke Marije) Wiersma (BBB)
  • Minister van Asiel en Migratie 
    M.H.M. (Marjolein) Faber (PVV)
  • Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
    Drs. R.J. (Reinette) Klever (PVV)

Staatssecretarissen

  • Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
    I. (Ingrid) Coenradie (PVV)
  • Staatssecretaris Rechtsbescherming
    Dr. mr. Th.H.D. (Teun) Struycken (op voordracht van NSC; partijloos)
  • Staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Digitalisering
    Drs. F.Z. (Zsolt) Szabó (PVV)
  • Staatssecretaris Herstel Groningen 
    E. (Eddie) van Marum (BBB)
  • Staatssecretaris Primair en Voortgezet Onderwijs en Emancipatie
    Drs. M.L.J. (Mariëlle) Paul (VVD)
  • Staatssecretaris Fiscaliteit en Belastingdienst
    Drs. F.L. (Folkert) Idsinga (NSC)
  • Staatssecretaris Toeslagen en Douane
    Mr. N. (Nora) Achahbar (NSC)
  • Staatssecretaris van Defensie
    G.P. (Gijs) Tuinman (BBB)
  • Staatssecretaris Openbaar Vervoer en Milieu
    Ch.A (Chris) Jansen (PVV) 
  • Staatssecretaris Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
    ir. J.F. (Jean) Rummenie (BBB)
  • Staatssecretaris Participatie en Integratie
    Drs. J.N.J. (Jurgen) Nobel (VVD) 
  • Staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg
    V. (Vicky) Maeijer MA (PVV)
  • Staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport
    V.P.G. (Vincent) Karremans LL.M., MSc (VVD)

Klaar voor ministerspost: ex-makelaar Barry Madlener wil infrastructuur aanpakken

Hij erkent de vele uitdagingen die voor hem liggen, zowel financieel als technisch, maar hij is vastberaden om samen met de Kamer deze obstakels te overwinnen.

Barry Madlener wordt wellicht de nieuwe minister van Infrastructuur en Waterstaat. Zijn motivatiebrief aan formateur Van Zwol biedt inzicht in zijn motivatie en achtergrond. In zijn brief reflecteert Madlener op zijn onverwachte politieke carrière en de ervaringen die hem hebben gevormd.

Madlener begint zijn brief met de opmerking dat hij nooit had gedacht kandidaat-minister te worden. In 1999 was hij makelaar en taxateur in de regio Rotterdam. Hij merkte dagelijks een grote kloof tussen de politiek en burgers, wat hem frustreerde. Toen hij hoorde van de oprichting van Leefbaar Nederland, voelde hij zich meteen aangetrokken tot het idee om deze kloof te dichten. Hij besloot zich aan te melden als vrijwilliger en kreeg Kay van der Linde aan de telefoon. Dit leidde tot zijn eerste stap in de politiek, waarbij hij op een zondagmorgen naar Hilversum reed en in een wereld vol gedreven mensen terechtkwam.

politieke reis

Bij Leefbaar Nederland begon Madlener zijn politieke reis, waar hij betrokken raakte bij de verkiezingscampagne van Pim Fortuyn. Hij ontmoette Fortuyn tijdens het tellen van stemmen, een ontmoeting die een blijvende indruk op hem maakte. De moord op Fortuyn in 2002 was een zwarte dag voor Madlener en het land, wat hem nog meer vastberaden maakte om voort te zetten wat Fortuyn was begonnen.

Na de moord op Fortuyn en later ook Theo van Gogh, die vermoord werd vanwege zijn kritische houding over de islam, voelde Madlener de urgentie om de politieke strijd voort te zetten. In 2004 richtte Geert Wilders zijn eigen partij op, wat Madlener als hard nodig beschouwde. Hij bood Wilders zijn hulp aan, wat leidde tot zijn verkiezing in de Tweede Kamer in 2006 als woordvoerder voor Infrastructuur en Waterstaat. 

Madlener spreekt met trots over de Nederlandse infrastructuur, die hij beschouwt als een fundament voor welvaart en vrijheid. Hij verwijst naar zijn jeugd in de haven van Rotterdam en de trots van zijn ouders, die de oorlog hadden meegemaakt en getuige waren van de wederopbouw en economische groei van Nederland. Deze persoonlijke geschiedenis versterkt zijn motivatie om de rol van minister op zich te nemen.

Madlener vertelt in zijn brief dat infrastructuur en waterstaat onderwerpen zijn die hem nauw aan het hart liggen, mede door zijn achtergrond. Als zoon van een havenman groeide hij op in de buurt van de haven van Rotterdam. Zijn ouders waren trots op Nederland en de welvaart die mede dankzij de uitstekende infrastructuur was bereikt.

Madlener’s brief benadrukt zijn trots op de Nederlandse infrastructuur en zijn wens om deze als minister in topconditie te houden. Hij erkent de uitdagingen die voor hem liggen, zowel financieel als qua uitvoering en regeldruk. Toch is hij vastbesloten om zich in te zetten voor de beste infrastructuur en waterbeheer ter wereld. Hij sluit af met de belofte om de Kamer van de juiste informatie te voorzien en tekst en uitleg te geven over politieke keuzes. Hij ziet uit naar een mooie samenwerking met alle partijen en zijn oud-collega’s in de Kamer.

Met deze brief schetst Madlener een beeld van een gedreven politicus die zich inzet voor de verbetering van Nederland’s infrastructuur en waterbeheer. Zijn persoonlijke en professionele achtergrond geven hem een unieke kijk op de uitdagingen die voor hem liggen, en zijn toewijding aan de publieke zaak is duidelijk in elk woord.

Incidenten op Vechtdallijn: stijging van zwartrijden en geweld tegen treinpersoneel

De situatie op de treindienst tussen Zwolle en Emmen, beter bekend als de Vechtdallijn, heeft recentelijk veel aandacht gekregen vanwege een aanzienlijke toename in incidenten van zwartrijden en geweld tegen treinpersoneel.

Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Eric van der Burg en Minister van Infrastructuur en Waterstaat Mark Harbers hebben deze week schriftelijk gereageerd op vragen van leden Veldkamp, Olger van Dijk en Van Hijum van de partij Nieuw Sociaal Contract. Volgens staatssecretaris van der Burg is er slechts gedeeltelijk sprake van een toename in incidenten. “In het nieuwsartikel wordt het eerste kwartaal van 2024 vergeleken met het eerste kwartaal van 2023. 

De stijging van het aantal geregistreerde incidenten ten opzichte van het eerste kwartaal van 2023 komt door de inzet van het service- en veiligheidsteam op de Vechtdallijn. Zij zijn sinds het tweede kwartaal van 2023 volledig operationeel”, aldus Van der Burg. Dit team, dat in koppels meereist met alle treinen op de route, controleert vrijwel alle reizigers, waardoor zwartrijders vaker worden geregistreerd dan vóór april 2023.

De toename in incidenten is vooral zichtbaar in de zogenaamde B-incidenten. Dit betreft reizigers zonder geldig vervoersbewijs waarbij de politie ter plaatse moet komen voor identiteitscontrole als de reiziger geen identiteitsbewijs kan tonen. Volgens Van der Burg zijn er diverse maatregelen genomen om de sociale veiligheid te vergroten. In samenwerking met Arriva en de provincies Drenthe en Overijssel werden in 2021 experimenten uitgevoerd met koppels van stewards in de trein. Hoewel er vanaf 2022 werd teruggekeerd naar één steward per trein, zijn extra perroncontroles op de stations in Zwolle en Emmen ingevoerd.

Desondanks hebben deze maatregelen niet geleid tot een daling van het aantal incidenten. Arriva heeft daarom besloten opnieuw twee stewards per trein in te zetten, zodat in principe elke reiziger gecontroleerd wordt. Dit initiatief wordt gezamenlijk gefinancierd door de provincies Drenthe en Overijssel en het ministerie van Justitie en Veiligheid. Bovendien werken het ministerie van Justitie en Veiligheid, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, COA en openbaar vervoerders aan aanvullende maatregelen voor het verbeteren van de sociale veiligheid op landelijk niveau. Deze maatregelen omvatten onder andere verbeterde informatievoorziening aan asielzoekers over het gebruik van openbaar vervoer en betere gegevensdeling tussen vervoerders en de migratieketen.

De Vakbond voor Rijdend Personeel (VVMC), die machinisten, conducteurs en andere treinmedewerkers vertegenwoordigt, is echter van mening dat de huidige aanpak niet effectief genoeg is. De vakbond stelt dat de maatregelen, ondanks een verbeterd veiligheidsgevoel, niet hebben geleid tot een daadwerkelijke vermindering van het aantal incidenten. Minister Harbers deelt deze conclusie niet volledig. Hij benadrukt dat de inzet van twee stewards per trein een positief effect heeft op het veiligheidsgevoel van reizigers en personeel.

Verder meldde de provincie Overijssel dat de inzet van ‘vliegende brigades’, die het treinpersoneel ondersteunen, succesvol is gebleken in het verhogen van het veiligheidsgevoel. Minister Harbers verklaarde: “Het heeft bijgedragen aan een verhoogd veiligheidsgevoel bij zowel personeel als reizigers. Op dit moment zie ik geen reden om de huidige aanpak te intensiveren, maar ik blijf de ontwikkelingen samen met de provincies Drenthe en Overijssel volgen.”

Staatssecretaris Eric van der Burg

Arriva heeft bevestigd dat elke trein op de Vechtdallijn al is uitgerust met camera’s en dat medewerkers van Service & Veiligheid en stewards met boa-bevoegdheid een bodycam dragen. Incidenten worden geregistreerd volgens de ABC-methodiek. A-incidenten zijn aangiftewaardige incidenten en vallen onder het strafrecht. B-incidenten zijn overtredingen van de Wet Personenvervoer 2000, en C-incidenten zijn overtredingen van het Besluit personenvervoer en de huisregels van vervoerders.

In het eerste kwartaal van 2024 zijn er twaalf A-incidenten geregistreerd, vergeleken met gemiddeld elf per kwartaal in 2023. Het aantal B-incidenten bedroeg 330 in het eerste kwartaal van 2024, tegenover gemiddeld 198 per kwartaal in 2023. Het aantal C-incidenten was zes in het eerste kwartaal van 2024, lager dan het gemiddelde van tien per kwartaal in 2023. De meeste B-incidenten zijn B3-incidenten, waarbij reizigers zonder geldig vervoersbewijs reizen. Het aantal B3-incidenten steeg van veertig in het eerste kwartaal van 2023 naar 303 in het eerste kwartaal van 2024. Arriva verklaart deze stijging door het vervangen van de perroncontroles door controles in elke trein.

Op de vraag of de toename van incidenten wordt veroorzaakt door ‘veiligelanders’ uit het AZC in Ter Apel, antwoordde Van der Burg dat er geen onderscheid wordt gemaakt op basis van nationaliteit bij het registreren van incidenten. Het COA zet zich in om overlast te voorkomen door verschillende pilots en maatregelen, zoals het overplaatsen van overlastgevers naar een andere locatie voor een time-out en het plaatsen van asielzoekers die ernstige overlast veroorzaken op de handhavings- en toezichtslocatie in Hoogeveen.

35 jaar debat: Tweede Kamer zet definitief streep door rekeningrijden

De partijen van het nieuw gevormde kabinet hebben definitief een streep gezet door de invoering van rekeningrijden.

Vandaag werd dit standpunt tijdens de stemming in de Tweede Kamer breed gedragen, waarmee een lange discussie van meer dan 35 jaar tot een einde lijkt te komen. Nederland debatteert al sinds de jaren ’80 over het invoeren van heffingen voor het rijden op autowegen, met als doel de filedruk te verminderen en de uitstoot van schadelijke stoffen terug te dringen. Hoewel het leek alsof het invoeren van rekeningrijden eindelijk door zou gaan, heeft de Tweede Kamer dit plan nu definitief van tafel geveegd.

heffingen

Rekeningrijden, ook bekend onder de term ‘betalen naar gebruik’, houdt in dat automobilisten betalen voor het aantal kilometers dat ze rijden, met extra heffingen tijdens de spitsuren. Dit systeem werd door verschillende politieke partijen gezien als een manier om verkeerscongestie aan te pakken en de uitstoot van CO2 te verminderen. Voorstanders van rekeningrijden wezen erop dat het huidige systeem, waarbij vaste belastingen worden geheven, inefficiënt is en weinig prikkels biedt om het rijgedrag aan te passen.

Tijdens het debat in de Tweede Kamer kwamen diverse argumenten tegen rekeningrijden naar voren. Critici benadrukten dat het systeem onnodig complex en duur zou zijn om te implementeren. Er werden zorgen geuit over de privacy van automobilisten, aangezien het systeem een nauwkeurige registratie van rijgedrag zou vereisen. Daarnaast werd gevreesd dat het zou leiden tot hogere kosten voor mensen die in afgelegen gebieden wonen en afhankelijk zijn van hun auto voor hun dagelijkse verplaatsingen.

Foto: camera’s voor rekeningrijden

De regeringspartijen, straks onder de leiding van beoogd premier Dick Schoof, hebben besloten dat het invoeren van rekeningrijden niet past binnen hun beleidsplannen. De beslissing om af te zien van rekeningrijden betekent niet dat er geen maatregelen worden genomen om de filedruk en uitstoot te verminderen. Het kabinet heeft aangekondigd te willen investeren in infrastructuurverbeteringen en het stimuleren van openbaar vervoer en fietsinfrastructuur. Daarnaast zullen er nieuwe technologieën worden verkend om de verkeersstroom beter te managen en de uitstoot van voertuigen te verlagen.

teleurgesteld

Voorstanders van rekeningrijden zijn teleurgesteld over het besluit van het kabinet. Toch lijkt het politieke draagvlak voor rekeningrijden momenteel onvoldoende om het plan door te voeren. Met het besluit lijkt het erop dat de discussie over kilometerheffingen voorlopig tot rust komt. Voor de komende jaren zullen andere oplossingen moeten worden gezocht om de verkeers- en milieuproblemen in Nederland aan te pakken.

KNV: VVD-coryfee Fred Teeven voorgedragen als nieuwe voorzitter

Het proces om tot de voordracht van Teeven te komen, begon in het voorjaar toen een gezamenlijke vertrouwenscommissie werd ingesteld.

De besturen van KNV Zorgvervoer & Taxi en Busvervoer Nederland hebben besloten Fred Teeven voor te dragen als voorzitter van beide verenigingen, evenals als voorzitter van KNV. Dit nieuws werd vandaag per e-mail aan de leden bekendgemaakt door Carlo Cahn, directeur van KNV. Teeven, een voormalige politicus met aanzienlijke ervaring in Den Haag en Brussel, is unaniem voorgedragen door een gezamenlijke vertrouwenscommissie die sinds het voorjaar op zoek was naar een geschikte kandidaat.

De voordracht van Teeven moet nog formeel worden goedgekeurd tijdens de algemene ledenvergaderingen van beide sectorverenigingen, die in november plaatsvinden. Als de leden instemmen, zal Teeven vervolgens in december worden voorgedragen als voorzitter van de Federatie KNV, waarover de ledenraad van KNV zal beslissen.

De huidige voorzitter, Bertho Eckhardt, zal in november zijn voorzittersrol overdragen. “Hoewel de zomer net begonnen is, leek het mij goed om u alvast op de hoogte te brengen van deze voordracht. Ik ga ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en wens u alvast een mooie zomer,” aldus Carlo Cahn in zijn mededeling aan de leden.

politiek

Fred Teeven is geen onbekende naam in de Nederlandse politiek. Hij was staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en lid van de Tweede Kamer voor de VVD. Zijn achtergrond en netwerk in zowel Den Haag als Brussel worden gezien als waardevolle troeven voor de rol van voorzitter bij KNV, een federatie die zich inzet voor de belangen van de vervoerssector in Nederland.

Het proces om tot de voordracht van Teeven te komen, begon in het voorjaar toen een gezamenlijke vertrouwenscommissie werd ingesteld. Deze commissie had de taak een geschikte kandidaat te vinden die de belangen van beide sectorverenigingen goed kon vertegenwoordigen. Na een zorgvuldige selectieprocedure kwam Fred Teeven als de meest geschikte kandidaat naar voren.

Tijdens de algemene ledenvergaderingen in november zullen de leden van KNV Zorgvervoer & Taxi en Busvervoer Nederland hun stem uitbrengen over de voordracht van Teeven. Als deze positief uitvalt, volgt in december de formele voordracht als voorzitter van de Federatie KNV. Dit proces onderstreept de zorgvuldigheid en transparantie waarmee de besturen te werk zijn gegaan om een nieuwe voorzitter te selecteren.

Foto: © Pitane Blue – voorzitter KNV Bertho Eckhardt

Bertho Eckhardt, de huidige voorzitter, heeft aangegeven de voorzittershamer(s) in november over te dragen. Zijn vertrek markeert het einde van een periode waarin hij een belangrijke rol heeft gespeeld in de vertegenwoordiging van de vervoerssector in Nederland. Carlo Cahn benadrukte in zijn e-mail aan de leden het belang van deze overgang en de noodzaak om tijdig te communiceren over de voorgenomen veranderingen binnen de organisatie.

ervaring

Fred Teeven staat bekend om zijn daadkracht en ervaring in de politiek. Zijn benoeming wordt gezien als een strategische zet om de invloed en effectiviteit van KNV verder te versterken. Met zijn uitgebreide kennis van politieke processen en zijn netwerk binnen de overheid, wordt verwacht dat hij de belangen van de vervoerssector op een krachtige manier zal kunnen behartigen.

In november zullen de leden van KNV Zorgvervoer & Taxi en Busvervoer Nederland niet alleen beslissen over de toekomst van hun nieuwe voorzitter, maar ook over de richting waarin hun sector zich zal ontwikkelen. De komst van Teeven wordt gezien als een positieve stap vooruit, waarbij zijn leiderschap en ervaring cruciaal zullen zijn voor de toekomstige successen van de vereniging.

VEB

Het beoogde voorzitterschap is niet de enige nieuwe voorzittershamer voor Teeven. Op 25 juni draagt Jan Kuipers de voorzittershamer van de Vereniging Erkende Beveiligingsbedrijven (VEB) over aan Fred Teeven. Kuipers gaf sinds 2014 leiding aan de brancheorganisatie, die in die periode groeide van 350 tot zo’n 950 leden en partners. Onder zijn leiderschap heeft de VEB aanzienlijke stappen gezet in de professionalisering en uitbreiding van de beveiligingssector. Kuipers heeft met zijn visie en toewijding de basis gelegd voor een sterke en samenwerkende brancheorganisatie.

Fred Teeven, die nu het stokje overneemt, is al geruime tijd actief binnen de VEB. De vereniging maakte in 2012 voor het eerst kennis met Teeven, toen hij als staatssecretaris van Veiligheid en Justitie gastspreker was tijdens het 25-jarig jubileumfeest in Slot Zeist. Zijn betrokkenheid en passie voor de veiligheidssector hebben hem sindsdien een vertrouwde en gerespecteerde figuur binnen de vereniging gemaakt.

Mark Rutte volgt Jens Stoltenberg op als secretaris-generaal van de NAVO

De weg is vrijd voor de nieuwe baas van de Navo na moeizame onderhandelingen.

Mark Rutte, de voormalige premier van Nederland, wordt de nieuwe secretaris-generaal van de NAVO. Met deze benoeming treedt Rutte in de voetsporen van onder andere Joseph Luns, die van 1971 tot 1984 deze functie bekleedde. Rutte wordt de vierde Nederlander in deze prestigieuze positie, na een moeizaam proces waarin verschillende landen zich aanvankelijk tegen zijn kandidatuur verzetten.

De weg naar de benoeming van Rutte was allesbehalve eenvoudig. Hoewel 32 bondgenoten nu unaniem achter de Nederlandse politicus staan, was er aanvankelijk weerstand vanuit Slowakije, Hongarije en Roemenië. Deze landen blokkeerden Ruttes kandidatuur om verschillende redenen, variërend van politieke overwegingen tot interne beleidskwesties. De diplomatieke inspanningen van Nederland en zijn bondgenoten hebben echter hun vruchten afgeworpen. Deze week staakten de landen één voor één hun verzet, met Roemenië als laatste.

De Roemeense president Klaus Johannis maakte vandaag formeel bekend zich terug te trekken als tegenkandidaat. “Wij hebben besloten de kandidatuur van Mark Rutte te steunen. Zijn ervaring en leiderschap zijn van grote waarde voor de NAVO in deze uitdagende tijden,” aldus Johannis. Met deze steun is de weg vrij voor Rutte om de leiding van de NAVO over te nemen.

Rutte zal echter niet onmiddellijk zijn nieuwe rol vervullen. De huidige secretaris-generaal, Jens Stoltenberg, zal zijn termijn officieel afmaken tot oktober, hoewel er een mogelijkheid bestaat dat Rutte al eerder aan de slag gaat. De exacte datum van de overgang blijft nog onduidelijk, maar insiders speculeren dat dit mogelijk al in september kan gebeuren.

De termijn van een secretaris-generaal bij de NAVO duurt vier jaar en kan eventueel verlengd worden. Rutte brengt een schat aan ervaring mee uit zijn tijd als premier van Nederland, een functie die hij sinds 2010 bekleedde. Zijn leiderschap werd gekenmerkt door economische hervormingen, internationale diplomatie en een sterk pro-Europese houding.

De benoeming van Rutte komt op een cruciaal moment voor de NAVO. De organisatie staat voor diverse uitdagingen, waaronder de voortdurende spanningen met Rusland en de noodzaak om de defensiecapaciteiten van de lidstaten te versterken. Rutte heeft al aangegeven dat hij zich wil richten op het versterken van de trans-Atlantische banden en het verbeteren van de samenwerking tussen de lidstaten.

“Ik ben vereerd met het vertrouwen dat de NAVO-lidstaten in mij stellen. We staan voor grote uitdagingen, maar ik ben vastberaden om samen met de bondgenoten de veiligheid en stabiliteit van onze alliantie te waarborgen,” zei Rutte in een eerste reactie.

Analisten verwachten dat Rutte’s benoeming positief zal worden ontvangen binnen de NAVO. Zijn bewezen vermogen om consensus te bereiken en zijn ervaring in internationale betrekkingen worden gezien als belangrijke kwaliteiten voor deze rol. Bovendien wordt zijn benoeming gezien als een teken van de groeiende invloed van Nederland binnen de internationale gemeenschap.

De komende maanden zullen cruciaal zijn voor Rutte om zich voor te bereiden op zijn nieuwe rol. Hij zal zich moeten verdiepen in de complexe veiligheidsdossiers die de NAVO domineren en zich positioneren als een leider die in staat is om de diverse belangen van de lidstaten te verenigen. Zijn benoeming markeert een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van de NAVO, waarin Rutte’s leiderschap een bepalende rol zal spelen.

Ministersposten: Mark Harbers neemt afscheid van politiek Den Haag

Hij kijkt nu uit naar nieuwe uitdagingen buiten de politiek, en dankte zijn collega’s en medewerkers voor de samenwerking en het vertrouwen in de afgelopen jaren.

Nu de ministersposten verdeeld zijn over de partijen en de komst van een nieuw kabinet nabij is, heeft aftredend Minister van Infrastructuur en Waterstaat Mark Harbers op sociale media zijn afscheid aangekondigd. “Ik zal daar geen deel meer van uitmaken, het is tijd om wat anders te gaan doen,” schrijft hij. Harbers kijkt terug op een vijftienjarige loopbaan in de landelijke politiek, waar hij actief was in de Tweede Kamer, als staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, en in het huidige kabinet als minister van Infrastructuur en Waterstaat.

Met trots blikt Harbers terug op zijn tijd bij het ministerie, waar hij zich “meer dan thuis” heeft gevoeld. Van jongs af aan heeft hij een passie gehad voor alles wat rijdt, vliegt, vaart en stroomt, en het was voor hem een droom die uitkwam om minister te mogen zijn. “Het ministerie waar ik me meer dan thuis heb gevoeld! Want van jongs af aan heb ik al een passie voor alles wat rijdt, vliegt, vaart en stroomt. Het was dus echt een droom die uit kwam om hier minister te mogen zijn, en nu geef ik het stokje graag door,” aldus Harbers.

uitdagingen

Tijdens zijn ambtstermijn waren er veel uitdagingen en mijlpalen. Harbers was onder andere verantwoordelijk voor de start van de grootste onderhouds- en vervangingsoperatie van wegen, bruggen, vaarwegen en spoorwegen in Nederland. Hij introduceerde een moderne visie op mobiliteit voor 2050, en zette zich in om de negatieve trend op het gebied van verkeers- en fietsveiligheid te keren. Ook werkte hij aan een nieuw toekomstperspectief voor de auto en legde hij een stevig fundament voor de luchtvaart van de toekomst, waarbij luchthavens in balans moeten zijn met hun omgeving.

Een ander belangrijk speerpunt was de waterhuishouding van Nederland. Harbers benadrukte dat het land niet alleen beschermd moet worden tegen hoogwater, maar ook voorbereid moet zijn op droogte en moet zorgen voor schoner water. Hij zette zich daarnaast in voor de verduurzaming van de scheepvaart en havens. Over deze en vele andere onderwerpen heeft Harbers in zijn rol als minister gepassioneerd gewerkt.

Foto: © Pitane Blue – Mark Harbers tijdens opening tunnel in Eindhoven

Nu zijn ambtstermijn ten einde loopt, kijkt Harbers uit naar een nieuw hoofdstuk buiten de politiek. “Nu wordt het na al die jaren tijd voor nieuwe bezigheden. Ik weet nog niet wat ik ga doen maar ik kijk er wel naar uit om het leven buiten politiek Den Haag te verkennen,” zegt hij.

Voor Harbers was het een voorrecht om de afgelopen vijftien jaar voor de VVD aan de slag te zijn in Den Haag, en daarvoor in de Rotterdamse politiek. Hij is dankbaar voor het vertrouwen dat hij vanuit de VVD kreeg en bedankt alle fantastische medewerkers van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. “Ik ben dan ook dankbaar voor het vertrouwen wat ik vanuit de VVD kreeg,” schrijft Harbers. Hij dankt ook alle fantastische medewerkers van IenW – die vanuit het ministerie en overal in het land Nederland iedere dag in beweging houden. “En ook dank aan de medewerkers in de Tweede Kamer, de Kamerleden in de diverse periodes en de collega’s in het kabinet voor de plezierige samenwerking. Ik wens de komende VVD-bewindslieden, alle leden van het komende kabinet en mijn opvolger veel succes,” aldus Harbers.

Met zijn vertrek verliest de Nederlandse politiek een toegewijde en gepassioneerde politicus. Harbers’ bijdragen aan de infrastructuur en waterstaat hebben een blijvende impact gehad, en zijn werk aan de verduurzaming en veiligheid van het Nederlandse transportsysteem zal voortleven. Zijn opvolger zal een stevige basis hebben om op voort te bouwen, en Harbers zelf kijkt uit naar wat de toekomst voor hem in petto heeft buiten de politieke arena.

opvolger

PVV-Kamerlid Barry Madlener lijkt de belangrijkste kandidaat te zijn voor de post van minister van Infrastructuur en Waterstaat in het nieuwe kabinet-Schoof. Deze ministerspost zal in ieder geval naar de partij van Geert Wilders gaan, die tevens de nieuwe staatssecretaris op dit ministerie zal leveren. Madlener, geboren in 1969 in Leiden en opgegroeid in Oostvoorne, heeft gedurende zijn politieke carrière altijd Infrastructuur en Waterstaat in zijn portefeuille gehad. Tijdens zijn eerste periode als Kamerlid van 2006 tot 2009 was hij lid van de Kamercommissie Verkeer en Waterstaat. 

Verkiezingen: Betsy brengt Malik Azmani door het land voor EU-campagne

Het slot van een tour van 3.889 kilometers waarbij men 32 plekken en zelfs drie keer de McDrive heeft bezocht.

Malik Azmani, de lijsttrekker van de VVD voor de komende Europese Parlementsverkiezingen, heeft zijn campagne met de nostalgische charme van een benzine aangedreven Volkswagen Kampeerwagen uit 1978, genaamd Betsy, afgesloten. De keuze voor dit iconische voertuig symboliseerde voor Azmani zowel een persoonlijke als politieke reis door Nederland, waarbij hij vele kiezers ontmoette en hun zorgen en wensen voor de toekomst aanhoorde. “Wat een energie heb ik gekregen van alle bezoeken, gesprekken, vrijwilligers, collega’s en natuurlijk niet te missen: de blauwe campagne bus, die ik Betsy heb genoemd”, aldus een enthousiaste Azmani.

Op donderdag 6 juni 2024 gaan de Nederlandse kiezers naar de stembus voor de Europese Parlementsverkiezingen. Deze verkiezingen zijn cruciaal voor de toekomstige vertegenwoordiging van Nederland in de Europese Unie. Het Europees Parlement, dat momenteel uit 705 zetels verdeeld over 27 lidstaten bestaat, vertegenwoordigt de burgers van de EU. Nederland heeft op dit moment 29 zetels in het Parlement.

Hoewel Nederland de Europese verkiezingen aftrapt op 6 juni, stemmen niet alle lidstaten op dezelfde dag. De verkiezingsperiode is uitgesmeerd over vier dagen, van donderdag 6 juni tot zondag 9 juni 2024. Deze verdeling is historisch zo bepaald om logistieke redenen en om iedere lidstaat de mogelijkheid te bieden de verkiezingen soepel te laten verlopen.

In Nederland zijn de stembureaus geopend van ’s ochtends 7.30 tot ’s avonds 21.00 uur. Dit zijn de reguliere openingstijden, hoewel mobiele en bijzondere stembureaus hiervan kunnen afwijken. Het stemproces zelf is eenvoudig en toegankelijk, waardoor een hoge opkomst wordt aangemoedigd.

Na Nederland, waar de verkiezingen traditioneel op een donderdag worden gehouden vanwege de Europese richtlijnen, zijn op 7 juni de Ieren en Tsjechen aan de beurt om hun stem uit te brengen. De dag daarna, 8 juni, zullen de Letten, Maltezen, Slowaken en Italianen hun stemrecht uitoefenen. De overige lidstaten volgen op 9 juni, waarmee de verkiezingen in Europa worden afgesloten.

Foto: © Pitane Blue – VVD campagnebus Betsy

Azmani’s keuze om met een klassieke Volkswagen Kampeerwagen door het land te reizen, markeerde een terugkeer naar de basis van persoonlijke en directe politiek. Tijdens zijn tournee bezocht hij talloze steden en dorpen, waarbij hij niet alleen de VVD-achterban wist te enthousiasmeren, maar ook nieuwe kiezers aansprak met zijn duidelijke visie op de toekomst van Nederland in Europa.

De Volkswagen T2, liefdevol ‘Betsy’ genoemd, werd een symbool van Azmani’s campagne. Het voertuig, een relikwie uit een vervlogen tijdperk, straalde nostalgie uit en riep herinneringen op aan een tijd waarin politiek en gemeenschap nauwer met elkaar verbonden leken. Azmani’s tournee met Betsy werd dan ook gekenmerkt door een open en benaderbare stijl, waarbij hij letterlijk en figuurlijk dichtbij de mensen stond.

De keuze voor een ouderwetse benzinewagen in plaats van een modern elektrisch voertuig was opvallend. Azmani verdedigde deze keuze door te wijzen op de symbolische waarde van het voertuig en het persoonlijke verhaal erachter. De retro-camper bood een directe connectie met het publiek en onderstreepte de persoonlijke benadering die Azmani voorstaat.

Media: Volkskrant berichtgeving over versoepelde eisen onjuist

Staatssecretaris van der Maat komt met reactie op de mediaberichten in de Telegraaf en Volkskrant van 30 mei 2024 over het programma vervanging onderzeebootcapaciteit.

Staatssecretaris van Defensie, Christophe van der Maat kwam met een reactie en ook het Ministerie van Defensie gereageerd op mediaberichten van De Telegraaf en de Volkskrant, beide gepubliceerd op 30 mei 2024. Deze berichten gingen over mogelijke complicaties en beleidsveranderingen met betrekking tot de vervanging van de Nederlandse onderzeebootcapaciteit.

De Telegraaf suggereerde dat de Verenigde Staten niet bereid zouden zijn om Tomahawk langeafstandsraketten te leveren voor gebruik op onderzeeboten gebouwd door een Franse werf. Dit zou volgens het artikel leiden tot extra kosten en logistieke problemen voor de Nederlandse Defensie, aangezien zij verschillende typen langeafstandsraketten zou moeten beheren voor zowel de LC-fregatten als de onderzeeboten.

Defensie heeft echter duidelijk gemaakt dat zij zich niet herkennen in deze beweringen. In de A-brief Maritime Strike (Kamerstuk 27830, nr. 391) heeft Defensie al gekozen voor de aanschaf van de Tomahawk Land Attack Missile (TLAM). Er is regelmatig contact met het Amerikaanse ministerie van Defensie (US DoD) over de integratie van de TLAM op de nieuwe Orkaklasse onderzeeboten. Volgens Defensie hebben de Verenigde Staten zich nog niet uitgesproken over de haalbaarheid van de integratie van de TLAM op de Orkaklasse, noch beperkingen gesteld aan de kandidaat-werven.

De werkwijze van Defensie is dat pas na de definitieve leverancierskeuze en het tekenen van het leveringscontract een concreet plan wordt uitgewerkt voor de integratie van TLAM op de nieuwe onderzeeboten. Dit proces is onafhankelijk van welke werf de onderzeeboten bouwt. Zoals eerder vermeld in de D-brief (Kamerstuk 34225, nr. 52), is de werf verantwoordelijk voor het leveren van een onderzeeboot met voorzieningen waarop Defensie in de toekomst een kruisvluchtwapen kan integreren.

De integratie en installatie van deze wapens zijn geen onderdeel van het onderzeebootprogramma. De kandidaat-werven hebben in hun offertes reeds voorzieningen opgenomen op basis van algemene informatie over de bewapening. Na het gunningsbesluit zal Defensie, in samenwerking met het US DoD, het integratieconcept verder uitwerken, waarna de specifieke informatie wordt aangevraagd die de winnende werf nodig heeft om de vereiste voorzieningen te leveren.

De Volkskrant berichtte op dezelfde dag dat Nederland de eisen zou hebben versoepeld om Frankrijk in de race te houden voor de bouw van de onderzeeboten. Het artikel beweerde dat er discussies waren over de toegang van de Auditdienst Rijk (ADR) tot de financiële gegevens van de winnende werf, waarbij de indruk werd gewekt dat afwijkend van het advies van de Directie Juridische Zaken (DJZ) van het ministerie van Defensie, de staat zou hebben gekozen voor versoepelingen specifiek voor de Franse werf.

Defensie weerspreekt deze beweringen en benadrukt dat de directe toegang van de ADR tot financiële informatie van de leverancier een essentiële voorwaarde is voor de kosten- en risicobeheersing binnen het programma Vervanging Onderzeebootcapaciteit (VOZBT). Deze bepaling is vastgelegd in de Letter of Commitment (LoC), ondertekend met de nationale overheden van de drie kandidaat-werven, als voorwaarde om de Request for Quotation (RfQ) te ontvangen en een offerte te kunnen indienen. De afspraken in de LoC worden verder uitgewerkt in een Memorandum of Understanding (MoU) met de Franse overheid, zoals ook toegelicht in de D-brief.

Defensie erkent dat er discussies zijn geweest met verschillende overheden, waaronder de Franse, over de reikwijdte van de ADR-werkzaamheden bij Naval Group, de Franse werf. Naar aanleiding hiervan heeft DJZ een advies uitgebracht waarin werd gesteld dat een gelijk speelveld tussen de werven behouden moest blijven. Op basis van dit advies is gestreefd naar snelle duidelijkheid over de toegang van de ADR. Er is vastgehouden aan de afspraak in de LoC dat de ADR toegang krijgt tot de noodzakelijke financiële informatie van Naval Group. Dit heeft geleid tot afspraken over een concrete werkwijze voor directe toegang, vastgelegd in het MoU. Er zijn geen wijzigingen doorgevoerd in de contractuele audit-eisen met Naval Group ten opzichte van de eisen in de RfQ. Van een versoepeling zoals beschreven in het Volkskrant-artikel is dus geen sprake.

De staatssecretaris van Defensie, mr. drs. C.A. van der Maat, heeft aangegeven het advies van DJZ vertrouwelijk beschikbaar te stellen aan de Kamer, hoewel procesadviezen van de Landsadvocaat niet gedeeld kunnen worden vanwege kabinetsbeleid. De commissie voor Defensie debatteert maandag 3 juni 2024 van 13.00 tot 18.00 uur over de offerte voor vier nieuwe onderzeeboten. Voor dit debat komen staatssecretaris Christophe van der Maat van Defensie en minister Micky Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat naar de Kamer. Het notaoverleg vindt plaats in de Thorbeckezaal. Via de website kunt u vanaf 13.00 uur live meekijken of meeluisteren. U kunt ook gebruik maken van de app en website Debat Direct.

Premier: buitenlandse media reageren verbaasd op keuze voor Dick Schoof

De zoektocht naar de nieuwe ministers kan beginnen met Dick Schoof en de vier partijleiders.

Buitenlandse media, waaronder Süddeutsche Zeitung, Politico, Nieuwsblad en de BBC, hebben uitgebreid bericht over deze verrassende keuze. Schoof, bekend als een ‘pure technocraat’ zonder politieke achtergrond, werd door Geert Wilders naar voren geschoven als de nieuwe leider van het land. Deze ontwikkeling markeert een significant keerpunt in de Nederlandse politiek.

In een persconferentie op woensdag verklaarde Schoof: “Het zal voor velen een verrassing zijn dat ik hier sta. Toen ik gevraagd werd voor deze positie, dacht ik ook niet dat ik hier vandaag zou staan.” Met deze woorden benadrukte hij de onverwachtheid van zijn kandidatuur, iets wat zowel binnen als buiten Nederland voor veel discussie heeft gezorgd.

De Duitse krant Süddeutsche Zeitung beschrijft Schoof als een niet-politicus die na een lange en moeizame zoektocht naar een nieuwe leider is gevonden. Schoof, 67 jaar oud, is momenteel de secretaris-generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid en heeft in het verleden leiding gegeven aan de Immigratie- en Naturalisatiedienst, de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). Hij speelde een cruciale rol als directeur-generaal van de politie, waar hij de regionale politiediensten samenvoegde tot een nationale politie. Deze uitgebreide bestuurlijke ervaring is volgens Wilders precies wat Nederland nodig heeft.

Politico beschreef hoe de keuze voor Schoof, een technocraat zonder politieke achtergrond, in lijn is met de behoefte aan een ervaren crisismanager in de huidige turbulente politieke klimaat van Nederland. Schoof’s eerdere functies als hoofd van de AIVD en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) onderstrepen zijn capaciteiten op het gebied van nationale veiligheid en crisisbeheersing. Politico stelde ook dat Schoof, ondanks zijn gebrek aan politieke ervaring, wordt gezien als een stabiele en deskundige leider die de verdeeldheid binnen de Nederlandse politiek kan overbruggen.

Illustratie: © Pitane Blue – Politico

In hun artikel “Geert Wilders eyes former spy chief Dick Schoof as Dutch prime minister,” werd Schoof geciteerd tijdens een persconferentie.

Geert Wilders, leider van de Partij voor de Vrijheid (PVV), sprak zijn tevredenheid uit over Schoofs kandidatuur. “Ik ben blij en trots op deze kandidaat,” zei Wilders. “Schoof staat boven de partijen en heeft veel ervaring met belangrijke thema’s. Alle vier de coalitiepartners hebben gezamenlijk voor hem gekozen.” Dilan Yeşilgöz van de rechts-liberale VVD prees Schoof om zijn verbindende kwaliteiten en noemde hem een “zeer sterke persoonlijkheid” die in staat is om de regering bij elkaar te houden.

Voor de Vlaamse krant Het Nieuwsblad liet Dick Schoof geen moment onbenut om te beklemtonen dat hij niet de premier van Wilders maar van alle Nederlanders zal zijn. De topambtenaar van Justitie lijkt perfect in het plaatje van Geert Wilders te passen. Hij trok wel al een lijn in het zand. “Ik word premier, in de leiband van Geert Wilders geloof ik niet.” Toch is volgens de krant het verleden voor Wilders wel een pluspunt. Schoof zette maandag de puntjes op de i bij de vraag of het nu de regering van Wilders wordt of die van hem. “Er is maar één premier en dat word ik. Ik ben gevraagd door vier partijen met een ruime meerderheid in de Tweede Kamer”, beklemtoonde hij.

De Britse omroep BBC merkte op dat Schoofs nominatie komt na 14 jaar van leiderschap door Mark Rutte. De vier partijen die de nieuwe Nederlandse coalitie vormen, kozen Schoof, een voormalig binnenlands inlichtingenchef, als opvolger. Schoof heeft duidelijk gemaakt dat hij premier wil zijn voor alle Nederlanders, niet alleen voor de partijen die hem hebben gekozen. Onder de 25-pagina tellende overeenkomst tussen de coalitiepartners is afgesproken dat de PVV en de drie andere leiders in de coalitie in het parlement blijven en geen deel uitmaken van het kabinet. Ongeveer de helft van de ministers zal van buiten de politiek worden gekozen.

De coalitie heeft zich gecommitteerd aan het “strengste asielregime ooit” en wil strengere controles op migranten en internationale studenten, evenals strikte beperkingen op gezinshereniging voor vluchtelingen. Wilders heeft enkele van zijn partijplannen, zoals het verbieden van de Koran, laten varen vóór de verkiezingen, maar houdt vast aan bepaalde immigratiebeleidspunten die voor wrijving met enkele EU-partners zullen zorgen. De conservatief-liberale VVD, het centrumlinkse Nieuwe Sociale Contract en de BoerBurgerBeweging (BBB) hebben hun steun voor deze deal uitgesproken.

Schoofs benoeming markeert een nieuwe fase in de Nederlandse politiek, waar technocratische expertise wordt gecombineerd met stevige politieke samenwerking. De komende tijd zal uitwijzen hoe deze ongebruikelijke keuze zich zal ontvouwen en welke impact het zal hebben op het Nederlandse politieke landschap.

Europa: Malik Azmani pleit voor betere treinverbindingen en meer concurrentie

Azmani en de Groot over mobiliteit en marktwerking in internationale treinverbindingen.

Veiligheid, economie en asiel stonden centraal tijdens de VVD-bijeenkomst in Veldhoven, gehouden in D’n Burgemister. Deze thema’s zijn van groot belang voor Malik Azmani, de lijsttrekker van de VVD voor de aankomende Europese verkiezingen. Een uitgebreide discussie over Europa en de impact op Brainport, met twee prominente kandidaten, trok veel belangstelling. Naast Azmani was ook Björn de Groot aanwezig, de elfde man op de lijst en een bekend gezicht uit Brabant voor de Renew-fractie van de Europese liberalen.

Azmani benadrukte de noodzaak om de internationale samenwerking binnen Europa te versterken, met bijzondere aandacht voor de mobiliteit tussen de landen. “Het is essentieel dat we de verbindingen verbeteren, zowel met treinen als met bussen,” aldus Azmani. Hij wees op de aankomende verdubbeling van het aantal treinritten tussen Brussel, Den Haag en Amsterdam vanaf januari 2025 als een positief voorbeeld.

Björn de Groot, die Brabant vertegenwoordigt, sprak eveneens over de verbeterde internationale verbindingen. “De verbinding tussen Eindhoven en Aken staat hoog op de agenda,” aldus De Groot. Sinds 2003 wordt er gewerkt aan een snellere treinverbinding tussen deze steden, maar reizigers moeten nog steeds overstappen in Heerlen, wat de reistijd aanzienlijk verlengt. De Groot onderstreepte het belang van deze verbinding voor de regio, ondanks de huidige beperkingen.

Een ander punt dat tijdens de bijeenkomst naar voren kwam, was de rol van concurrentie op internationale treinroutes. Azmani merkte op dat de huidige markt wordt gedomineerd door enkele spelers zoals Thalys en Eurostar, wat niet altijd in het voordeel van de consument werkt. “Meer concurrentie zou de prijzen kunnen verlagen,” zei Azmani. “Nu betaal je soms echt veel te veel voor een kaartje, dus daar moeten we zeker op inzetten.”

Foto: © Pitane Blue – Malik Azmani -Daan de Kort – Björn de Groot (vlnr)

Tijdens de VVD-bijeenkomst in Veldhoven kwam ook de kloof tussen de Europese politiek en de lokale burger onder de aandacht. Danielle Stijntjes, raadslid voor de VVD in de gemeente Eindhoven, uitte haar zorgen hierover en stelde kritische vragen aan de aanwezige politici Malik Azmani en Björn de Groot.

Stijntjes merkte op dat de Europese verkiezingen ver van de burgers in de regio staan. Tijdens het flyeren op zaterdag werd dit haar pijnlijk duidelijk. “Ik ben geschrokken van de reactie van de mensen op de straat die totaal niets met Europa te maken willen hebben,” vertelde Stijntjes. Haar vraag aan Azmani en de Groot was hoe zij van plan zijn de komende periode Brussel dichter bij de mensen in Nederland te brengen.

Stijntjes benadrukte dat dit probleem niet alleen voor Europa geldt, maar ook voor de lokale politiek. “We moeten hier heel sterk op inzetten, omdat Europa zo verschrikkelijk belangrijk is voor onze toekomst,” voegde ze toe. Ze pleitte voor meer directe communicatie en contact tussen de Europese instellingen en de Nederlandse burgers. “Ik zou graag willen zien dat er vanuit Brussel veel meer contact wordt gezocht met de inwoners hier van Nederland.”

Björn de Groot, een geboren Brabander en actief in het Europees Parlement voor de VVD en Renew Europe, reageerde instemmend. Hij benadrukte het belang van avonden zoals deze voor het versterken van de band tussen de verschillende politieke lagen. “Ik ben graag ook jullie Brabander in Europa, zoals ik al was, maar niet alleen nu, ook de komende jaren,” zei de Groot. “Omdat ik denk dat het contact tussen al die verschillende lagen, de politiek in Brussel, nationaal of lokaal, belangrijk is, zijn avonden als deze van groot belang.”

Foto: © Pitane Blue – Björn de Groot

Tweede Kamerlid voor de VVD en moderator van de avond, Daan de Kort, stelde aan Björn de Groot de vraag hoe de economische ontwikkelingen zich vertalen naar Brabant en Brainport, en wat de rol van Brussel hierin is. De Groot, die als elfde op de VVD-lijst staat voor de komende Europese verkiezingen, begon met een positieve noot: “Om gewoon simpel te beginnen, ik zie dat mijn collega’s de regio kennen. Ze weten wat voor belang hier speelt, of het nu gaat om universiteiten of bedrijven zoals ASML.”

De Groot benadrukte dat sinds het hele Beethoven-verhaal – een codenaam voor een groot project bij ASML – er veel aandacht is voor hoe processen en investeringen in de regio plaatsvinden. “We hebben vandaag ook bij ASML gehoord hoe dat proces is gegaan,” aldus de Groot. Hij merkte op dat er veel aandacht is voor het aantrekken van internationaal talent, maar dat er ook gekeken moet worden naar het potentieel binnen de regio zelf. “De Brabantse economie is echt de motor van de Nederlandse economie en staat, ik geloof, op de derde plek in de top vijf van de meest competitieve regio’s van Europa. In Nederland staat alleen Amsterdam nog boven ons,” grapte de Groot en daarmee doelde hij niet op voetballen.

Hij hoopt dat door slimme investeringen en meer focus op innovatie, deze regio haar concurrentiepositie kan behouden en versterken, met steun op Europees niveau. Malik Azmani beaamde dit en benadrukte dat het Rijk Nederland ook een rol moet spelen in de ondersteuning van de regio Brainport. “Ook belangrijk voor Europa. Het is niet voor niks dat Ursula von der Leyen hier zo’n 1,5 jaar geleden is geweest, bij ASML. Ook Thierry Breton is hier geweest, dus iedereen gaat naar ASML,” zei Azmani.

Azmani waarschuwde echter ook voor de keerzijde van alle aandacht die ASML krijgt. “Het gaat om veel meer dan ASML. Ik vind ook wel dat ASML al heel veel aandacht heeft gekregen. Bij het bezoek aan ASML had ik het gevoel dat ze dat zelf ook vinden, dat ze heel veel aandacht krijgen en dat dat ook weer iets voor hen betekent. Ik weet niet of dat altijd even goed is,” besloot Azmani.

De bijeenkomst liet zien dat er sterke regionale en internationale banden zijn die van groot belang zijn voor de toekomst van Brainport en de bredere Nederlandse economie. Het debat benadrukte niet alleen de noodzaak van lokale en nationale steun, maar ook de cruciale rol die Europa speelt in het stimuleren van veiligheid, innovatie en economische groei.

Foto: © Pitane Blue – promobus Malik Azmani (VVD)

Sinds 2019 is Azmani fractievoorzitter van de VVD-delegatie en eerste vice-fractievoorzitter van Renew Europe. In deze functies heeft hij zich hard ingezet voor een sterk Europa op het wereldtoneel. Hij heeft zich onder andere ingespannen om tot nieuwe migratieafspraken te komen op Europees niveau en om afspraken te maken met derde landen. Daarnaast heeft hij zich sterk gemaakt voor stevige Europese sancties richting Rusland en steun aan Oekraïne. Samen met de Europese liberalen heeft hij een rechtstaatmechanisme afgedwongen, waarmee EU-landen die de rechtstaat schenden, kunnen worden gekort op Europese fondsen.

Malik Azmani, geboren en getogen in Heerenveen als zoon van een Friese moeder en een Marokkaanse vader, studeerde rechten in Groningen. In 2010 werd hij verkozen als Tweede Kamerlid en combineerde dit tot 2014 met een raadslidmaatschap in de gemeente Ommen. Gedurende zijn negen jaar als Kamerlid richtte hij zich op de thema’s migratie en veiligheid. Nu is hij kandidaat-lijsttrekker voor de Europese verkiezingen in 2024.

Björn de Groot, een geboren Brabander woonachtig in Brussel, werkt sinds 2017 in het Europees Parlement voor de VVD en de Europese liberalen van Renew Europe. Hij reist regelmatig tussen Brabant en Brussel om familie en vrienden te zien en om VVD’ers te enthousiasmeren voor de Europese politiek. De Groot benadrukt het belang van nauwe banden tussen de regio en de Europese instellingen, gezien de economische en sociale voordelen die hieruit voortvloeien.

De bijeenkomst in Veldhoven was niet alleen een platform voor debat over de belangrijke verkiezingsthema’s, maar ook een gelegenheid om de betrokkenheid van de regio bij de Europese politiek te onderstrepen. De nauwe banden tussen Brainport en Europa kwamen duidelijk naar voren, evenals de uitdagingen en kansen die voor de deur staan. De avond werd georganiseerd door VVD BOV – VVD Brainport – VVD Den Bosch en Sint-Michielsgestel.

Amsterdam: van der Horst onthult plannen voor betere bereikbaarheid en extra haltes

7,5 miljoen euro extra voor beter openbaar vervoer in Amsterdam!

De Amsterdamse wethouder Melanie van der Horst (D66), verantwoordelijk voor verkeer, vervoer en luchtkwaliteit, openbare ruimte en groen, water en de aanpak Noord, heeft vandaag inzicht gegeven in de plannen voor de investering van 7,5 miljoen euro in het openbaar vervoer van de stad. Deze extra financiële injectie is bedoeld om op korte termijn aanzienlijke verbeteringen aan te brengen in het openbaar vervoer. De vraag is: hoe gaat Amsterdam dit geld precies inzetten?

Op haar sociale media platformen lichtte Van der Horst de plannen toe: “Een groot deel van het geld, zo’n 2,5 miljoen euro, gaat naar het verbeteren van de bereikbaarheid van het openbaar vervoer. Er zijn nu buurten zoals De Eendracht, Cruquiuseiland en de Rijnbuurt waar de afstand tot de haltes te groot is. Daar passen we de wegen zo aan dat de bus beter in de buurt kan komen. Ook maken we de komende tijd extra haltes toegankelijk en ondersteunen we meer vrijwilligersvervoerinitiatieven.”

Daarnaast is 1,55 miljoen euro bestemd voor het openbaar vervoer in nieuwbouwgebieden, waar het aantal reizigers aanzienlijk toeneemt. Specifieke verbeteringen zijn gepland voor Zuidoost, waar de openbare ruimte rondom enkele metrostations verbeterd wordt. In Nieuw-West komt er meer ruimte voor fietsparkeren bij metrostations en wordt een door bedrijven betaalde buslijn naar Riekerpolder eenmalig ondersteund. In Zuid wordt de trambaan op de De Boelelaan geschikt gemaakt voor bussen, terwijl bij de Sluisbuurt een tramhalte wordt verbreed om het toenemende aantal reizigers op te vangen.

Met ruim een half miljoen euro ondersteunt de gemeente stadspashouders die met het openbaar vervoer reizen door hen een gratis kaartje voor een culturele activiteit aan te bieden. Dit geld wordt ook gebruikt om gratis openbaar vervoer voor kinderen langer te laten duren, namelijk tot het einde van de kerstvakantie.

Wethouder Melanie van der Horst – fotograaf Tom Feenstra

“Met zo’n 2,6 miljoen euro maken we in Zuidoost, Nieuw-West en Noord extra fietsparkeerplekken bij OV-haltes en investeren we in dezelfde stadsdelen in fietslessen. Zo zorgen we ervoor dat meer mensen gebruik kunnen maken van een combinatie van fietsen en reizen met het OV,” aldus Van der Horst.

De laatste 250.000 euro wordt ingezet voor een onderzoek naar de mogelijkheden van het laten rijden van de nachtmetro in het weekend. Van der Horst licht toe: “We willen al langer dat de metro ook in de nacht rijdt. Maar dankzij het personeelstekort en doordat het onderhoud aan de metro vaak in de nacht plaatsvindt, is dat lastig. Samen met GVB en de Vervoerregio onderzoeken we nu wat wel mogelijk is en kunnen we met dit geld een proef starten.”

Van der Horst’s reactie volgt op een artikel van Marc Kruyswijk in Het Parool, waarin de investering van 7,5 miljoen euro in het openbaar vervoer en het onderzoek naar de mogelijkheid voor een nachtmetro in Amsterdam werd besproken.

Deze investering is een belangrijke stap om de bereikbaarheid en de kwaliteit van het openbaar vervoer in Amsterdam te verbeteren. Met gerichte aanpassingen en uitbreidingen in verschillende stadsdelen wordt gehoopt dat meer bewoners gebruik kunnen maken van efficiëntere en toegankelijke transportmogelijkheden. De plannen om de nachtmetro te laten rijden, althans in het weekend, tonen aan dat de gemeente serieus bezig is om het openbaar vervoer te moderniseren en beter aan te laten sluiten op de behoeften van de stad.