Tag archieven: ILT

Zelfstandigen domineren de taximarkt: record aan chauffeurskaarten laat herstel zien

Recordaantal chauffeurskaarten laat volgens ILT herstel taxibranche zien.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft de nieuwste editie van de Taximonitor gepubliceerd, waarin de belangrijkste ontwikkelingen binnen de Nederlandse taxibranche over het afgelopen jaar worden belicht. Uit de cijfers blijkt dat de sector zich duidelijk heeft hersteld van de zware klap tijdens de coronacrisis. Zowel het aantal taxi’s als het aantal chauffeurs en ondernemingen is opnieuw toegenomen.

De Taximonitor, die jaarlijks wordt uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau, geeft een cijfermatig overzicht van de taxiwereld en maakt gebruik van gegevens uit meerdere bronnen. ILT presenteert met deze monitor een duidelijk beeld van de stand van zaken in 2024 en de trends die de sector kenmerken.

herstelmoment

Het meest opvallende gegeven is dat het totale aantal taxi’s in Nederland na de terugval van 2021 weer is gegroeid. Waar er in 2021 nog 32.630 taxi’s op de weg waren, zijn dat er inmiddels 41.356 in 2025. Daarmee ligt het aantal voertuigen voor het eerst sinds 2020 weer boven het niveau van vóór de coronacrisis. De toename markeert volgens ILT een belangrijk herstelmoment voor de branche.

Ook het aantal chauffeurskaarten is flink gestegen. Sinds 2022 neemt het aantal chauffeurs gestaag toe, en in 2024 werden er in totaal 59.094 kaarten geregistreerd. Dat is het hoogste aantal sinds de start van de Taximonitor in 2018. De ILT spreekt van een “duidelijke opleving van de markt, met meer werkgelegenheid en een toenemende instroom van nieuwe chauffeurs.”

De groei beperkt zich niet tot de taxi’s en chauffeurs alleen. Het aantal taxiondernemingen blijft eveneens stijgen. In 2018 werden nog 9.670 ondernemingen geregistreerd, terwijl dat aantal in 2024 is opgelopen tot 15.445. Een groot deel van deze groei is te danken aan de forse toename van het aantal zelfstandige ondernemers.

De sterke groei van het aantal zelfstandige taxichauffeurs heeft een duidelijk merkbaar effect op de bedrijven die nog mensen in loondienst hebben. Uit de gegevens van de Taximonitor 2024 blijkt dat het aandeel zzp’ers in de sector inmiddels tussen de 75 en 87 procent ligt. Dat betekent dat slechts een relatief klein deel van de taxiondernemingen nog werkt met personeel in loondienst.

Het aandeel zzp’ers binnen de sector is bijzonder groot. Tussen 2016 en 2024 groeide het aantal zelfstandige chauffeurs van 5.210 naar 13.440. Dat betekent dat tussen de 75 en 87 procent van alle taxiondernemingen in Nederland inmiddels door zelfstandigen wordt gerund. Deze trend, die al enkele jaren zichtbaar is, blijkt volgens ILT een belangrijke motor achter de groei van het totale aantal ondernemingen.

Wat betreft de geografische spreiding constateert ILT dat de meeste taxivestigingen nog steeds geconcentreerd zijn in de vier grote steden. Toch groeit het aantal vestigingen vooral buiten deze stedelijke gebieden. Daarmee lijkt de taximarkt zich ook in kleinere gemeenten en regio’s verder te ontwikkelen, mogelijk door veranderend reisgedrag en een toenemende vraag naar flexibel vervoer.

Foto: © Pitane Blue – taxichauffeurs op de standplaats Scheveningen

Voor de bedrijven die wél met werknemers werken, zorgt deze ontwikkeling voor stevige concurrentiedruk. Zelfstandige chauffeurs kunnen vaak flexibeler opereren, hun tarieven zelf bepalen en direct inspelen op de vraag via digitale platforms of rittenapps. Traditionele taxibedrijven, die vaste chauffeurs in dienst hebben, kampen daardoor met hogere vaste lasten zoals loonbetalingen, verzekeringen en administratiekosten.

De ILT houdt zelf toezicht op de naleving van de regels in de sector en voerde ook in 2024 weer talrijke controles uit. Het aantal controles nam toe ten opzichte van 2023, maar bleef onder het niveau van 2022. In de bestelmarkt – waar ritten vooraf worden geboekt – steeg het aandeel controles van 44 procent in 2023 naar 57 procent in 2024. Daarentegen daalde het aantal controles in de opstapmarkt, waar taxi’s direct op straat worden genomen, van 44 naar 27 procent. Daarnaast betrof 9 procent van de controles de contract- en overige markten.

geschillen

Opvallend is dat het aantal geschillen binnen de branche sterk is gedaald. De Geschillencommissie Taxivervoer behandelde in 2024 nog slechts één zaak. Dat aantal neemt sinds 2020 gestaag af, wat kan wijzen op een betere naleving van de regels of een afname van conflicten tussen klanten en vervoerders.

Hoewel de cijfers formeel kloppen volgens de bronnen die ILT gebruikt, is het niet automatisch een bewijs dat er daadwerkelijk minder conflicten of klachten zijn. Het landelijke klachtenmeldpunt Taxivervoer, dat jarenlang fungeerde als centrale plek waar consumenten problemen met taxiritten konden melden, is namelijk per 1 januari 2023 opgeheven. Sinds die tijd worden klachten niet meer systematisch landelijk geregistreerd, maar via verschillende lokale of particuliere kanalen afgehandeld.

Dat betekent concreet dat de officiële cijfers van de Geschillencommissie Taxivervoer slechts een deel van de werkelijkheid laten zien. Slechts die geschillen die formeel via de commissie worden ingediend, komen in de statistieken terecht. Omdat consumenten nu minder duidelijk weten waar zij terechtkunnen met een klacht, en sommige platforms of bedrijven hun eigen interne klachtenafhandeling hebben ingericht, is de kans groot dat veel klachten niet meer in landelijke overzichten verschijnen.

Bovendien speelt digitalisering een rol. Steeds meer taxiritten worden geboekt via apps, waar reizigers klachten rechtstreeks bij het platform indienen in plaats van via officiële commissies. Deze meldingen worden vaak intern opgelost en komen niet in de ILT-rapportage terecht.

De ILT benadrukt dat de volledige Taximonitor 2024, inclusief de onderliggende documenten, kan worden opgevraagd via het officiële vragenformulier. Ook eerdere edities van de monitor zijn op die manier beschikbaar voor geïnteresseerden.

Taxibranche: chauffeurs moeten wennen aan CDT en aanmelden met rijbewijs

De Centrale Database Taxivervoer (CDT) vervangt sinds 1 juli 2025 de vertrouwde Boordcomputer Taxi (BCT).

De Nederlandse taxibranche staat midden in een grote digitale omslag. Na jarenlange discussies en proefprojecten heeft de overheid besloten de vertrouwde Boordcomputer Taxi (BCT) geleidelijk uit te faseren en te vervangen door de Centrale Database Taxivervoer (CDT). Die overstap gaat niet zonder slag of stoot, want voor chauffeurs en ondernemers verandert er veel in de dagelijkse praktijk. De verschillen tussen beide systemen zijn fundamenteel en hebben gevolgen voor de manier waarop ritten geregistreerd, gecontroleerd en bewaard worden.

vormvrij

Hoewel de Centrale Database Taxivervoer vormvrij is opgezet en daarmee volop ruimte biedt voor innovatieve toepassingen via tablets en smartphones, blijkt de praktijk voorlopig achter te blijven bij de verwachtingen. Waar men bij de introductie van de CDT rekende op een stormloop van softwareleveranciers die met toegankelijke apps de markt zouden betreden, zijn het tot nu toe uitsluitend de gevestigde hardwareleveranciers die daadwerkelijk de overstap hebben gemaakt. Het aanbod bestaat momenteel uit twee bekende spelers die ook bij de Boordcomputer Taxi al een belangrijke rol speelden, aangevuld met één nieuwe partij die zich als uitdager in de markt heeft gemeld. Daarmee blijft de keuze voor ondernemers voorlopig beperkt en lijkt de grootschalige verschuiving naar gebruiksvriendelijke softwareoplossingen via telefoon of tablet nog toekomstmuziek.

verschillen

Een van de belangrijkste verschillen is de soort gegevens die geregistreerd worden. Waar de BCT tijdens elke rit vrijwel alle details vastlegt, kiest de CDT voor een beperktere en gerichtere aanpak. Alleen de gegevens die nodig zijn voor het taxitoezicht worden centraal verzameld. Dat zijn onder andere de identiteit van de chauffeur, de gegevens van het voertuig en de onderneming, de startlocatie, begin- en eindtijden van de dienst, de momenten waarop een taxi beladen of onbeladen rijdt, pauzes, het totaal aantal kilometers en de ritprijs in het geval van opstapritten. Ook overige werkzaamheden, zoals wachttijd of ondersteunende taken, worden geregistreerd. Daarmee verdwijnt een groot deel van de overbodige administratieve ballast die de BCT jarenlang met zich meebracht.

praktische problemen

Het tweede grote verschil is de wijze van aanlevering van gegevens. Bij de BCT werden alle data lokaal in het voertuig opgeslagen. Als de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) de gegevens wilde inzien, moest een inspecteur het apparaat uitlezen. Dit leverde vertraging en veel praktische problemen op. De CDT werkt volgens een compleet ander principe: gegevens worden realtime via een ICT-dienstverlener doorgestuurd naar de centrale database. Dat betekent dat de ILT altijd over actuele informatie beschikt zonder dat er eerst handmatig bestanden uit een voertuig gehaald hoeven te worden. Voor chauffeurs betekent dit dat controles sneller verlopen, omdat er niet meer ter plekke een apparaat hoeft te worden uitgelezen.

toekomstbestendiger

Een derde verschil betreft de vorm van het systeem. De BCT was een vast apparaat dat in iedere taxi moest worden ingebouwd. Dit bracht hoge aanschafkosten en technische beperkingen met zich mee. De CDT is daarentegen “vormvrij”. Dat houdt in dat het niet uitmaakt welk middel een ondernemer kiest om gegevens te registreren en aan te leveren, zolang het maar voldoet aan de wettelijke eisen. Dat kan een speciaal apparaat zijn, maar ook een tablet of smartphone. Per ICT-dienstverlener verschilt het welke oplossingen worden aangeboden. Deze flexibiliteit maakt het systeem niet alleen goedkoper, maar ook toekomstbestendiger, omdat er ruimte is voor innovaties en technologische vernieuwing.

Het laatste grote verschil gaat over de benodigde kaarten en pasjes. De BCT werkte met een ingewikkeld systeem van systeemkaarten en ondernemerskaarten. Die waren nodig om het apparaat te gebruiken en data te beveiligen. Bij de CDT verdwijnen die kaarten volledig. Alleen de chauffeurskaart blijft bestaan, zodat een chauffeur zich kan identificeren en zijn bevoegdheid kan tonen. Voor klanten en toezichthouders blijft dit een vertrouwd bewijs van professionaliteit. In de toekomst wordt deze chauffeurskaart vervangen door een chauffeurspas, maar tot 2028 blijft de bestaande kaart geldig.

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

Al met al is de overgang van de BCT naar de CDT een van de grootste technologische veranderingen voor de Nederlandse taxiwereld in decennia.

Deze vier verschillen tonen aan dat de overstap naar de CDT veel verder gaat dan alleen een technische modernisering. Het is een fundamentele verandering in de manier waarop toezicht op de taxibranche wordt georganiseerd. Voor chauffeurs betekent het dat hun werk minder omslachtig wordt, omdat er geen fysieke apparaten meer uitgelezen hoeven te worden en de administratie grotendeels automatisch verloopt. Voor ondernemers biedt het systeem meer vrijheid in de keuze van middelen en waarschijnlijk ook lagere kosten, doordat dure hardware niet langer verplicht is.

balans

Toch zijn er ook zorgen. De realtime aanlevering van gegevens roept vragen op over privacy en toezicht. De ILT benadrukt dat er niet meer gegevens worden opgeslagen dan strikt noodzakelijk en dat voertuigen niet gevolgd worden tijdens ritten. Alleen de startlocatie wordt geregistreerd, niet de eindbestemming. Daarmee moet de balans gevonden worden tussen efficiënt toezicht en bescherming van persoonlijke gegevens.

Het nieuwe systeem belooft eenvoud, lagere kosten en betrouwbaarder toezicht, maar vergt ook aanpassing van iedereen in de branche. Voor de ene chauffeur zal dat vooral een opluchting zijn, voor de ander een bron van onzekerheid. Maar één ding staat vast: na 1 januari 2028 is de BCT definitief verleden tijd en is de CDT de nieuwe norm.

Beluister meer over dit artikel als podcast

ILT: centrale database taxivervoer maakt kans op Computable Award 2025

Centrale database taxivervoer wordt gezien als voorbeeld van samenwerking.

De Centrale Database Taxivervoer van de Inspectie Leefomgeving en Transport, afgekort CDT, is genomineerd voor een Computable Award 2025 in de categorie overheidsprojecten. Het systeem geldt als een toonbeeld van samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven en wordt nu officieel erkend met een plek op de prestigieuze lijst genomineerden.

Het project is tot stand gekomen door een intensief traject waarin de Inspectie Leefomgeving en Transport, de Rijksorganisatie ODI, de taxibranche en een aantal ICT-dienstverleners nauw hebben samengewerkt. De nominatie wordt door betrokken partijen gezien als een grote erkenning voor de gezamenlijke inspanningen die zijn geleverd om het systeem operationeel te maken.

De Centrale Database Taxivervoer is ontwikkeld om meer inzicht te krijgen in het functioneren van de taximarkt en om toezicht effectiever te kunnen uitvoeren. Door gegevens uit de branche centraal te bundelen en toegankelijk te maken, is het voor de inspectie mogelijk geworden om beter te controleren en sneller in te grijpen bij overtredingen. Daarmee vervult het systeem een cruciale rol bij het vergroten van transparantie en betrouwbaarheid binnen de sector.

onafhankelijke jury

Voor de Computable Awards 2025 worden genomineerden niet beoordeeld op het aantal keren dat zij zijn voorgedragen, maar op de kwaliteit van de onderbouwing en de informatie die is aangeleverd bij de voordracht. Een onafhankelijke vakjury heeft op basis van die criteria een lijst met kanshebbers samengesteld. De nominatie van de CDT benadrukt volgens kenners dat het project niet alleen technisch goed is uitgevoerd, maar ook maatschappelijk relevant is.

Wie het project daadwerkelijk wil steunen, kan tot en met 5 oktober 2025 zijn stem uitbrengen. Het bijzondere aan de Computable Awards is dat zowel het publiek als de vakjury invloed heeft op de uiteindelijke winnaar. De publieksstemmen wegen voor vijftig procent mee in het eindresultaat. De andere helft van de beslissing ligt in handen van de professionele jury. Daarmee wordt zowel de mening van experts als van het brede publiek meegenomen in de afweging.

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

De stemming verloopt digitaal en iedere stemmer kan eenmaal per categorie een stem uitbrengen. Voor het team achter de Centrale Database Taxivervoer is het nu vooral zaak om zoveel mogelijk steun te verzamelen bij zowel branchegenoten als burgers die belang hechten aan een eerlijke en betrouwbare taximarkt. De uitreiking van de Computable Awards geldt jaarlijks als een van de belangrijkste momenten binnen de Nederlandse ICT-wereld, waar innovaties en succesvolle projecten een podium krijgen.

De nominatie kan voor de ILT en haar partners gezien worden als een kroon op het werk. Niet alleen laat het zien dat de inzet van technologie in de taxibranche succesvol is, ook bewijst het dat samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en inspectiediensten tot tastbare resultaten kan leiden. Met de nominatie wordt bovendien duidelijk dat digitalisering binnen de publieke sector niet alleen noodzakelijk is, maar ook op een breed draagvlak kan rekenen wanneer de uitvoering zorgvuldig en transparant gebeurt.

stimulans

Of de Centrale Database Taxivervoer daadwerkelijk de prijs in de wacht sleept, hangt dus af van de balans tussen de stemmen van het publiek en het oordeel van de jury. Tot die tijd wordt er vanuit de betrokken organisaties volop campagne gevoerd om zoveel mogelijk mensen te bewegen hun stem uit te brengen. Voor de taxibranche zou een overwinning een extra stimulans zijn om de ingezette vernieuwing verder door te zetten.

Realtime ritregistratie: storingen bij Odido leggen CDT in taxi’s plat

Een landelijke storing bij telecomprovider Odido heeft het taxivervoer in Nederland flink in de war geschopt.

Door een technische fout in een datacentrum in de vroege ochtenduren van vrijdag 1 augustus lag het netwerk urenlang plat. De gevolgen waren direct voelbaar: taxibedrijven konden geen ritgegevens meer aanleveren aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), wat hen mogelijk in overtreding bracht van de wettelijke verplichtingen.

Sinds de invoering van het Centrale Database Taxi (CDT) zijn al veel taxi’s verplicht om realtime gegevens over ritten, rusttijden en de ritstatus door te geven aan de ILT. Die verplichting geldt sinds juli van dit jaar en vervangt de oude registratie via boordcomputers. De gegevens moeten automatisch worden verstuurd via mobiele netwerken. En juist daar ging het mis, want veel vervoerders maken gebruik van Odido als netwerkleverancier.

dispatchsystemen

Het gevolg was dat ritten niet of slechts deels geregistreerd werden. Boordcomputers verloren de verbinding, apps vielen uit, en dispatchsystemen konden geen contact maken met de centrale. Vooral in Noord-Holland, Utrecht en Rotterdam was de impact groot. Een systeembeheerder van een taxibedrijf in Rotterdam spreekt van totale chaos. “We kregen ineens foutmeldingen in ons systeem. Sommige voertuigen waren niet meer zichtbaar op de kaart. Als je dan verantwoordelijk bent voor tientallen ritten tegelijk, is dat een ramp.”

Volgens insiders binnen de sector is het niet de eerste keer dat een storing bij Odido zorgt voor paniek. Meerdere ondernemers melden dat het al de derde grote storing in een paar maanden tijd is. De roep om alternatieve netwerken of technische back-ups klinkt steeds luider. “Je bent letterlijk vleugellam als de verbinding uitvalt. En we krijgen geen enkele waarschuwing vooraf,” aldus een vervoerder uit Den Bosch.

begripvol

Bij de ILT is bekend dat dergelijke storingen plaatsvinden. Toch wordt de verplichting tot realtime aanlevering van gegevens niet versoepeld. Wel erkent de inspectie dat er ruimte is voor coulance, mits de ondernemer kan aantonen dat de storing buiten zijn macht lag en later alsnog de data kan aanleveren. Een verklaring met tijdstippen, systeemlogboeken en schermafbeeldingen van de officiële storingspagina van Odido kan in dat geval worden geaccepteerd. De ILT toont begrip, maar herhaling zonder maatregelen kan uiteindelijk leiden tot sancties.

Illustratie: © Pitane Blue

Om herhaling te voorkomen nemen steeds meer bedrijven maatregelen. Zo worden er dual-SIM routers geplaatst die automatisch overschakelen op een ander netwerk bij uitval van de hoofdprovider. Ook werden systemen zo aangepast zodat gegevens lokaal worden opgeslagen en later alsnog verzonden kunnen worden. Daarnaast wordt er steeds vaker gewerkt met realtime monitoring van de verbinding, zodat storingen direct zichtbaar zijn en gemeld kunnen worden.

updates

De storing van vrijdag werd volgens Odido veroorzaakt door een mislukte update in een datacentrum. Tegen het einde van de middag meldde het bedrijf dat de storing grotendeels was verholpen. Toch bleef de bereikbaarheid in delen van het land ook zaterdag nog problematisch. Op gebruikersfora klonk stevige kritiek. “Het is niet de eerste keer en het zal zeker niet de laatste zijn,” schreef een taxiondernemer uit Haarlem. “Onze hele bedrijfsvoering is afhankelijk van een stabiele verbinding. Als Odido dat niet kan garanderen, stappen we over.”

Ondertussen blijft de afhankelijkheid van digitale netwerken een kwetsbaar punt in het Nederlandse taxivervoer. Zolang er geen structurele, provideronafhankelijke oplossingen zijn, blijven bedrijven blootstaan aan de grillen van een enkele storing. En die kan, zoals nu blijkt, direct leiden tot administratieve chaos en een groot verlies aan vertrouwen.

Klaar voor uitrol: Neone krijgt als eerste ILT-goedkeuring voor CDT-oplossingen

Neone mag zich met recht koploper noemen in de transitie naar digitale boordcomputers binnen de taxibranche.

Neone heeft als eerste leverancier in Nederland officiële goedkeuring ontvangen van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) voor aansluiting op de Centrale Database Taxi (CDT). Het bedrijf kreeg groen licht voor zowel de Mobitab-CDT als de CDT-Only, waarmee het als pionier optreedt in de landelijke uitrol van de nieuwe digitale boordcomputer.

beloning

De certificering betekent dat Neone haar producten mag leveren aan taxibedrijven in Nederland en voldoet aan alle technische en wettelijke eisen die door ILT zijn vastgesteld. De erkenning is niet alleen een beloning voor maanden werk, maar onderstreept ook de ambitie van het familiebedrijf. “We weten allemaal als leveranciers hoeveel werk en investeringen hieraan vooraf zijn gegaan, en vinden het mooi dat we zover zijn gekomen,” zegt een trotse Meta Doodkorte, mede-eigenaar van Neone.

Rob Doodkorte, die samen met Meta het bedrijf leidt, benadrukt dat de Nederlandse markt nu in een fase komt die in België al eerder werd doorlopen. “Wat er nu in Nederland gaat gebeuren, is in België al sinds 2020 de praktijk. We kennen de markt en weten hoe de implementatie zal verlopen.”

De Mobitab-CDT is een volwaardige mobiele dataterminal in tabletvorm die volledig in eigen beheer geïnstalleerd kan worden. Het systeem biedt uitgebreide functies voor chauffeurs en handige tools voor wagenparkbeheerders, zoals OTA-updates (Over The Air) en realtime datacommunicatie. Daarmee speelt Neone in op de behoefte aan flexibiliteit en kostenbesparing, zeker nu de traditionele boordcomputer taxi (BCT) wordt uitgefaseerd.

CDT-Only

Voor zelfstandig ondernemers en eigen rijders biedt Neone een lichtere variant in de vorm van de CDT-Only app. Deze oplossing is rechtstreeks te downloaden uit de gangbare app-stores en vereist geen installatie via een werkplaats. Het verlaagt de drempel voor kleine ondernemers om tijdig aan de nieuwe regelgeving te voldoen.

Vanaf 1 juli 2025 mogen taxi’s met een CDT uitgerust zijn, maar uiterlijk op 1 januari 2028 is het systeem verplicht voor elk voertuig dat wordt ingezet als taxi. Tot die tijd blijft het gebruik van de oude BCT toegestaan. Neone is op dit moment samen met Cabman van Euphoria een van de twee leveranciers die een complete oplossing aanbieden voor de nieuwe wetgeving.

Foto: © Pitane Blue – Martijn Kersing (Noot Personenvervoer) en Meta Doodkorte (Neone)

Quipment, een derde leverancier die eveneens goedkeuring kreeg van ILT, heeft aangegeven haar CDT-oplossing niet commercieel te willen aanbieden. In plaats daarvan wordt het systeem uitsluitend gebruikt binnen de eigen vloot van Noot Personenvervoer.

Volgens de ILT zullen in het najaar van 2025 ook de eerste softwareleveranciers toetreden tot de markt. Onder andere Pitane Mobility is van plan om in het derde kwartaal te starten met het certificeringsproces voor hun app-gebaseerde oplossing. Tijdens eerdere praktijktests was Pitane al actief betrokken bij het testen van alternatieve CDT-oplossingen.

De overstap naar digitale registratie wordt door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gezien als een belangrijke stap richting betere handhaving en transparantie. Staatssecretaris Chris Jansen liet eerder weten dat door de centrale database toezicht efficiënter wordt. Tegelijkertijd zijn de privacywaarborgen aangescherpt: de CDT registreert alleen het beginpunt van een rit en de afgelegde afstand, zonder gegevens over het eindpunt van de rit vast te leggen.

ISO 27001

De invoering van het CDT-systeem betekent ook het einde van de fysieke ondernemerskaart. Vanaf 2028 worden alle ritgegevens automatisch verzonden via een beveiligde digitale verbinding met de database van ILT. Neone voldoet met haar ISO 27001-certificering aan de strengste eisen op het gebied van informatiebeveiliging, een vereiste voor deelname aan de CDT-markt.

De goedkeuring van Neone markeert een belangrijk moment voor de sector, die zich moet voorbereiden op een volledig digitale toekomst. De komende maanden richt het bedrijf zich op de verdere uitrol en ondersteuning van hun systemen, in samenwerking met taxiondernemers die op tijd willen voldoen aan de nieuwe verplichtingen.

Mattheus Wassenaar: “toezicht taxisector wordt strakker en administratie minder belastend”

Tijdens het KNV Kennisfestival in Maarssen kwamen vertegenwoordigers uit de vervoerssector bijeen om te praten over de toekomst van de taxibranche.

Op het KNV Kennisfestival in Maarssen vond afgelopen woensdag een gesprek plaats tussen Fred Teeven, voorzitter van Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), en Mattheus Wassenaar, Inspecteur-Generaal bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Aanleiding voor dit overleg was de introductie van de Centrale Database Taxi (CDT), een thema dat centraal stond tijdens het festival.

Tijdens het gesprek lichtte Mattheus Wassenaar toe dat de ontwikkeling van de CDT voortkomt uit de wens om toezicht binnen de taxibranche efficiënter en effectiever te maken. Volgens hem maken moderne technologieën en apps het noodzakelijk om op een andere manier gegevens te verzamelen en te delen. Hij gaf aan dat het huidige systeem, de Boordcomputer Taxi (BCT), niet meer voldoet aan de eisen van deze tijd. “De oude systemen, zoals de BCT, waren verouderd en niet geschikt voor de huidige behoeften van zowel toezichthouders als taxibedrijven”, aldus Wassenaar.

informatie

De CDT is ontworpen om toezichthouders alleen de strikt noodzakelijke informatie te verschaffen. Daarmee wordt het voor hen eenvoudiger om toe te zien op naleving van arbeidstijden en rustperiodes, wat de veiligheid in de sector ten goede moet komen. Tegelijkertijd zou het nieuwe systeem de administratieve lasten voor taxibedrijven moeten verminderen, omdat gegevens efficiënter en doelgerichter worden verwerkt.

Martijn Kersing, directeur van Noot Personenvervoer, bevestigde dat zijn organisatie heeft deelgenomen aan de testfase van het nieuwe systeem en dat ze momenteel zijn aangesloten op de CDT. “Het apparaat werkt en we wachten nu om de oude systemen eruit te halen en met het nieuwe te beginnen”, aldus Kersing. Zijn verklaring laat zien dat de overstap naar de CDT in de praktijk al in gang is gezet door vervoerders die voorop willen lopen.

Foto: © Pitane Blue – KNV Kennisfestival

Tijdens het KNV Kennisfestival in Maarssen kwamen vertegenwoordigers uit de vervoerssector bijeen om te praten over de toekomst van de taxibranche. Het evenement, georganiseerd door Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), is specifiek gericht op kennisdeling en innovatie binnen het personenvervoer. Met een duidelijke focus op de taxi-industrie en aanverwante diensten bood het festival een platform voor professionals om met elkaar in contact te komen, ideeën uit te wisselen en zich te verdiepen in trends en technologieën die de sector aan het veranderen zijn.

Toch kent de invoering van het systeem ook uitdagingen. Kersing merkte op dat het aanmelden van grote aantallen voertuigen, het zogenoemde ‘bulk aanmelden’, complex is en verschillende handelingen vereist. Die complexiteit vormt een knelpunt bij de verdere uitrol, met name voor grote vervoerders. Zijn zorgen worden gedeeld door de toezichthouder.

Mattheus Wassenaar erkende de problemen en gaf aan dat er wordt gewerkt aan verbeteringen in dit proces. “Er zijn plannen om het proces te verbeteren, bijvoorbeeld door gebruik te maken van moderne technieken en apps die het aanmeldproces gemakkelijker maken”, aldus de Inspecteur-Generaal. Zijn reactie benadrukt dat ILT openstaat voor aanpassingen en samenwerking met de sector, juist om de overgang naar het nieuwe systeem zo soepel mogelijk te laten verlopen.

rijbewijs

Een van de terugkerende problemen is het gebruik van de NFC-chip in het rijbewijs waarmee chauffeurs zich moeten identificeren. Al tijdens de beide praktijktesten die voorafgingen aan de invoering, werd duidelijk dat de gevoeligheid van de NFC chip of de antenne voor inlogproblemen kan zorgen. Dit technische obstakel maakt het voor chauffeurs soms lastig om zich snel en betrouwbaar aan te melden via het systeem.

Inspecteur-Generaal Mattheus Wassenaar erkent dit probleem, maar wijst ook op de gezamenlijke verantwoordelijkheid van chauffeurs en ondernemers. “Als een rijbewijs niet in orde is, wordt er rekening gehouden met de omstandigheden, maar er zijn duidelijke verwachtingen omtrent handhaving en straf bij overtredingen”, aldus Wassenaar. Hij onderstreept hiermee dat de regelgeving rondom identificatie en geldigheid van rijbewijzen strikt gehandhaafd blijft, ook als er technische obstakels zijn.

verantwoordelijkheid

De verantwoordelijkheid voor een geldig rijbewijs en een goed functionerende identificatiemethode rust volgens hem dus niet enkel op de individuele chauffeur. Ondernemers dragen eveneens een verplichting om te zorgen dat hun personeel beschikt over de juiste middelen en dat het systeem naar behoren functioneert. Dit is essentieel om toezicht effectief uit te kunnen voeren, zonder vertraging of technische ruis.

Hoewel de CDT bedoeld is om administratieve lasten te verlagen en toezicht te stroomlijnen, blijkt uit de praktijk dat de technische uitvoering op sommige punten nog verfijning nodig heeft. De ILT is zich hiervan bewust en werkt, samen met vertegenwoordigers uit de branche zoals KNV, aan oplossingen. Onderdeel daarvan is het verbeteren van het aanmeldproces en het vergroten van de betrouwbaarheid van de systemen waarmee chauffeurs zich identificeren.

CDT: digitalisering zonder visie wordt volgens ondernemers symptoombestrijding

Vanaf 1 juli 2025 gaat een nieuw tijdperk beginnen in de Nederlandse taxiwereld.

Ritten van chauffeurs en ondernemers moeten dan automatisch worden doorgegeven aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) via de langverwachte Centrale Database Taxivervoer (CDT). Voor veel stakeholders is deze ontwikkeling welkom en volgens velen is het ook broodnodig. Maar het begint met handhaving, en effectief optreden tegen misstanden in met name de straattaxi. Toch klinkt er steeds vaker kritiek, onder andere van Donald Desmidt, zaakvoerder bij D&D Services, die zijn bedenkingen niet onder stoelen of banken steekt.

Donald Desmidt erkent dat digitale registratie broodnodig is voor transparantie in de sector. Maar hij voelt met deze verplichting een echo uit het verleden. “Ja, digitale registratie is nodig. Maar dit voelt als déjà vu: net zoals in de horeca krijgen we controletechnologie (CDT) opgelegd, zonder structurele hervorming. De BCT was ooit ook een belofte. Nu schuiven we die opzij voor iets nieuws terwijl fundamentele problemen blijven liggen.” Volgens Desmidt mist de invoering van de CDT dezelfde diepgang als eerder beloofd met de BCT: een serieuzere aanpak van de kern van de problemen binnen de branche.

acute uitdagingen

Binnen de taxiwereld spelen meerdere acute uitdagingen: het verouderde wagenpark, de genadeloze race‑to‑the‑bottom, schijnzelfstandigheid van chauffeurs en sociale dumping. Desmidt stelt dat een centrale database deze schrijnende problemen niet zal oplossen. “Waar blijft het beleid rond het wagenpark, de race‑to‑the‑bottom, schijnzelfstandigheid, en sociale dumping? Een centrale database is geen oplossing als het fundament rot is.” De CDT legt zware nadruk op registratie en controle, maar volgens hem ontbreekt het aan systemische hervorming.

Die kritische toon neemt Desmidt nog eens kracht bij door te verwijzen naar ouderwetse instrumenten: “Zolang de overheid focust op data en boetes, maar weigert echt in te grijpen in marktmacht, arbeidsvoorwaarden of voertuigkwaliteit, is dit gewoon een digitale zweep.” Chauffeurs en ondernemers worden op die manier vooral geconfronteerd met toezicht, in plaats van daadwerkelijk geholpen. Desmidt plaatst de inzet op technologie tegenover een totaal gebrek aan visie en bescherming van chauffeurs. Daarmee zou de CDT vooral symptoombestrijding zijn: een digitale doek over een structureel falende sector.

digitale zweep

Wat bedoelt hij precies met “digitale zweep”? Uit zijn woorden spreekt frustratie over het eenzijdig ingrijpen van de overheid. Waar zijn plannen voor duurzaam wagenparkbeleid? Waar blijft een eerlijk speelveld, waarin niet enkele bedrijven de hele markt bepalen? Hoe worden arbeidsvoorwaarden gewaarborgd voor chauffeurs die vaak schijnzelfstandig zijn? En hoe wordt voorkomen dat ontwijkingen zoals sociale dumping aan de orde van de dag blijven?

Desmidt vindt dat de CDT zich zou moeten richten op méér dan alleen registratie. Wat nodig is, is een systeem met harde eisen: minimaal emissievrije voertuigen, fatsoenlijke arbeidscontracten, transparante prijsvorming en strenge handhaving bij overtredingen. Zonder die maatregelen blijft de CDT volgens hem slechts een nieuw laagje op een gammel fundament. Technologie kan dan misschien helpen, maar zonder een heldere visie met bijbehorende regelgeving wordt de CDT een overbodige administratieve last.

Foto: © Pitane Blue – taxistandplaats station Eindhoven Centraal

Niet alle partijen delen Desmidts kritische houding. Verschillende brancheorganisaties juichen de CDT juist toe. Zij wijzen op duidelijke voordelen: betere verkeersveiligheid, strengere controle op illegale ritten en een eerlijkere verdeling van ritten. De CDT creëert een centraal systeem waarin bijvoorbeeld onbetaalde ritten en illegale chauffeurs sneller opgespoord kunnen worden. Die positiviteit wordt gedeeld door de ILT, die benadrukt dat de database helpt bij het efficiënt inzetten van handhaving en bijsturen op beleidsniveau.

redding

Echter blijft de vraag: redt de CDT de sector? Bedrijven vinden dat de_basis van de sector daarmee niet meteen verbetert. Zonder visie op arbeidsstandaarden, wagenparkkwaliteit en integriteit van dienstvergunningen is het volgens Desmidt dweilen met de kraan open. Zijn waarschuwing klinkt alsof de overheid opnieuw kiest voor controle boven inhoud. Die prioriteit zou best anders, meent Desmidt: “Technologie kan helpen maar zonder visie en bescherming blijft het symptoombestrijding.”

Met de invoering van de CDT breekt een periode aan waarin registratie automatisch verloopt en rapportage vanaf 1 juli verplicht is. Maar of dat leidt tot structureel verbeterde arbeidsomstandigheden of eerlijker vervoer, valt te betwijfelen zolang het kabinetsbeleid en wetgeving niet verder gaan dan data en boetes. Voor ondernemers zoals Desmidt is het wachten op het moment dat de overheid wél durft door te pakken — niet met een digitale stok, maar met duurzame hervormingen.

Verplichte chipcontrole: nieuw taxibeleid vereist vervanging van niet-werkende rijbewijzen

Vanaf 1 juli 2025 worden taxichauffeurs in Nederland geconfronteerd met nieuwe eisen rondom hun rijbewijs.

In het kader van aangescherpt toezicht voert de overheid maatregelen in waarbij het rijbewijs draadloos moet kunnen worden uitgelezen voor identificatiedoeleinden. Deze wijziging is onderdeel van het bredere pakket aan moderniseringen binnen het taxitoezicht en wordt gecoördineerd door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) in samenwerking met de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW).

De maatregel is bedoeld om de handhaving te vereenvoudigen en identiteitsfraude terug te dringen. Bij controles op straat of op standplaatsen moet een taxichauffeur zijn identiteit voortaan kunnen aantonen door het draadloos uitlezen van zijn of haar rijbewijs via speciale apparatuur. Uit een recente praktijktest blijkt echter dat niet alle rijbewijzen over de juiste chiptechnologie beschikken of goed functioneren bij het uitlezen. Vooral oudere rijbewijzen blijken soms niet compatibel, waardoor chauffeurs zonder werk kunnen komen te zitten als zij niet op tijd actie ondernemen.

nieuwe werkwijze

De ILT heeft inmiddels alle geregistreerde taxichauffeurs geïnformeerd over de nieuwe werkwijze en over de mogelijkheid om hun rijbewijs vooraf te laten testen. Chauffeurs die vermoeden dat hun rijbewijs niet werkt, kunnen dit melden bij hun gemeente. Daar kunnen ze een nieuw rijbewijs aanvragen en bij de aanvraag aangeven dat ze het bestaande document willen laten testen door de RDW.

Bij het ophalen van het nieuwe rijbewijs moet het oude document worden ingeleverd. De gemeente stuurt dit oude rijbewijs vervolgens door naar de RDW, samen met het e-mailadres en telefoonnummer van de chauffeur. Deze gegevens zijn nodig voor een snelle terugkoppeling van de testresultaten. De RDW streeft ernaar binnen twee weken uitsluitsel te geven over de staat van het oude rijbewijs en of de kosten voor vervanging vergoed kunnen worden.

Foto: Taxicontrole – © ILT

Belangrijk detail is dat de RDW alleen de kosten van een nieuw rijbewijs vergoedt als blijkt dat de chip al defect was vóór uitgifte. “Is het probleem pas ontstaan nadat de chauffeur het rijbewijs in bezit had, dan kunnen we geen vergoeding toekennen,” aldus een woordvoerder van de RDW. Hiermee wordt voorkomen dat gebruikersschade op kosten van de overheid wordt hersteld. Chauffeurs doen er dus verstandig aan hun rijbewijs zo snel mogelijk te laten testen, om onaangename verrassingen en onnodige kosten te voorkomen.

mogelijke kosten

Voor veel taxichauffeurs betekent deze maatregel extra administratieve handelingen én mogelijke kosten. Brancheorganisaties hebben met gemengde gevoelens gereageerd. Zo wijst KNV Taxi op het belang van moderne, digitale middelen om fraude tegen te gaan, maar vraagt men ook aandacht voor de praktische uitvoering. “Chauffeurs moeten de tijd en middelen krijgen om dit goed te regelen, zeker zelfstandigen die afhankelijk zijn van een werkend rijbewijs,” aldus een vertegenwoordiger.

Het nieuwe beleid is een direct gevolg van de digitaliseringsslag binnen overheidsdiensten en sluit aan bij eerdere initiatieven zoals het Elektronisch Rijbewijs en andere vormen van digitale identificatie. De verwachting is dat in de toekomst ook andere beroepsgroepen te maken krijgen met vergelijkbare eisen, zodra de infrastructuur voor draadloze controle is uitgerold.

ILT zegt klaar te zijn: taxiwereld gaat digitaal en overheid kijkt realtime mee

Vanaf 1 juli 2025 begint een nieuw hoofdstuk in de Nederlandse taxiwereld.

Dan kunnen chauffeurs en ondernemers hun ritgegevens automatisch doorgeven aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), via de langverwachte Centrale Database Taxivervoer (CDT). Daarmee wordt het ouderwetse tijdperk van de Boordcomputer Taxi (BCT) definitief naar het verleden gedrukt, al geldt er tot 1 januari 2028 nog een overgangsregeling.

De invoering van de CDT is geen kleine stap, maar een digitale revolutie die zich al jaren aankondigde. Wie zich nog herinnert hoeveel weerstand en chaos de verplichte BCT tien jaar geleden veroorzaakte, zal zich afvragen: zijn we er nu wél klaar voor? Volgens de ILT is het antwoord volmondig ja. Er is uitgebreid getest, er zijn technische praktijkproeven gehouden met vervoerders en ICT’ers en de privacywaakhond keek mee over de schouder. Toch blijft het opmerkelijk dat pas na stevige vertraging — van januari naar juli 2025 — het sein op groen werd gezet. Kennelijk ging het allemaal toch nét iets minder vlekkeloos dan gehoopt.

toezicht

Wat wel vaststaat, is dat het toezicht door de CDT op scherp komt te staan. ILT-inspecteurs hoeven straks niet meer met kabeltjes te prutsen in boordcomputers. In plaats daarvan krijgen ze real-time inzicht in wie waar rijdt, hoe lang en wanneer er rust is genomen. Volgens Carol, waarnemend vakgroepcoördinator personenvervoer bij ILT, verandert er voor de inspecteurs feitelijk niets. “Voor ons is de CDT gewoon een nieuw middel om taxichauffeurs te inspecteren. Dankzij de CDT hebben we de informatie wel sneller voorhanden en kunnen wij beter informatiegericht en risicogestuurd werken.”

Foto: © Pitane Blue – Centrale Database Taxi

Het klinkt alsof iedereen erbij wint: minder administratieve lasten voor ondernemers, minder oponthoud bij controles, en betere handhaving van regels. Maar het is ook duidelijk dat er nog werk aan de winkel is. De techniek moet kloppen, apps moeten voldoen aan strikte eisen, en de beveiliging mag geen enkel lek vertonen. Het zou niet de eerste keer zijn dat een digitaal systeem onder vuur komt te liggen door een datalek of ondoorzichtig beleid. De overheid verzekert dat communicatie via beveiligde API’s en SSL-verbindingen verloopt en dat gegevens na twee jaar worden verwijderd. Maar honderd procent zekerheid bestaat niet, en de boetes bij fouten of misbruik zijn niet mals.

geen keuze

Het is bovendien opvallend hoe weinig ruimte er nog is voor ondernemers om echt te kiezen. Tot 1 januari 2028 mogen ze zelf weten of ze de CDT gebruiken of niet, maar daarna is het gedaan met de vrijblijvendheid. Of je nu een zelfstandige chauffeur bent met een oude taxi of een grote vervoerder met een wagenpark, de overstap móet worden gemaakt. Daarbij stelt de ILT dat zij toezicht zal houden op zowel CDT-gebruikers als BCT-gebruikers, zonder onderscheid. Maar met verschillende systemen naast elkaar blijft het risico op ongelijkheid in handhaving aanwezig.

En dan is er nog de vraag of dit systeem echt alles gaat oplossen. De taxiwereld kent grotere problemen dan alleen administratieve rompslomp. Oneerlijke concurrentie, schijnzelfstandigheid en illegaal taxivervoer zijn taaie dossiers die niet automatisch verdwijnen door een geavanceerde database. Toch geeft de CDT hoop op een modernere, eerlijkere en vooral efficiëntere sector. De ILT is klaar voor de volgende stap — nu de sector zelf nog.

Techniek onder druk: rijbewijsproblemen dreigen taxichauffeurs aan de kant te zetten

De uitrol van de Centrale Database Taxi (CDT), die bedoeld is om de registratie en controle van chauffeurs in de taxibranche te stroomlijnen, dreigt te stuiten op onverwachte technische obstakels.

Het uitlezen van rijbewijzen, dat een essentieel onderdeel vormt van de identificatie van chauffeurs, blijkt in de praktijk niet altijd vlekkeloos te verlopen. Zowel chauffeurs als overheidsinstanties kampen met uiteenlopende problemen die de voortgang van de implementatie in gevaar kunnen brengen.

Hoewel de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) elk rijbewijs controleert op de functionaliteit van de ingebouwde NFC-chip vóór uitgifte, blijken sommige pasjes toch niet goed te functioneren. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), die toeziet op de naleving binnen de transportsector, bevestigt dat er een proces bestaat om defecte rijbewijzen te vervangen. Toch is dat voor veel chauffeurs slechts een schrale troost wanneer ze geconfronteerd worden met een niet-werkende chip en daardoor tijdelijk hun werk niet kunnen uitvoeren.

NFC-chip

Een belangrijk knelpunt blijkt het uitlezen van de NFC-chip met behulp van mobiele applicaties die de ICT-dienstverleners ontwikkelen voor de opstart per 1 juni 2025. Deze apps stellen gebruikers in staat om het rijbewijs via de smartphone te scannen en daarmee de echtheid te bevestigen. Volgens betrokkenen is dit proces echter niet altijd succesvol, mede door verschillen in telefoonmodellen en NFC-capaciteiten. “De ene telefoon leest het direct uit, bij de andere krijg je herhaaldelijk een foutmelding,” aldus een chauffeur uit Den Bosch, die inmiddels zijn derde poging deed om een goed werkend rijbewijs te registreren.

Naast defecte chips speelt ook gebruikersfout een rol. Chauffeurs worden straks via instructies geïnformeerd over het correct gebruiken van hun rijbewijs, zoals het stilhouden van het pasje tijdens het scannen en het vermijden van blootstelling aan magnetische velden of buigen. Toch is dit in de praktijk lastig, zeker voor oudere chauffeurs of mensen die minder handig zijn met technologie. ILT bevestigt dat het mislukken van het uitlezen niet altijd direct te wijten is aan het rijbewijs zelf of de app, maar soms ook aan de wijze van gebruik.

Foto: © Pitane Blue – NFC scan rijbewijs

De processen rondom rijbewijzen omvatten testen, instructies voor gebruik, en samenwerking tussen verschillende instanties om ervoor te zorgen dat chauffeurs goed kunnen functioneren met hun rijbewijs. Er zijn echter uitdagingen die moeten worden aangepakt om de efficiëntie en effectiviteit van deze systemen te waarborgen.

Het tijdelijk toestaan dat chauffeurs zonder geldig uitgelezen rijbewijs mogen werken, is momenteel beperkt tot vijf dagen. Dat blijkt in veel gevallen onvoldoende. Een aanvraag voor een nieuw rijbewijs kan langer duren, zeker wanneer sprake is van administratieve vertraging bij gemeenten. “Je zit dan straks letterlijk zonder werk en zonder inkomen, alleen omdat het uitlezen niet lukt,” zegt een Haagse taxichauffeur die dagen heeft gewacht op zijn vervangende rijbewijs.

gemeenten

De ILT werkt samen met de RDW en de 382 Nederlandse gemeenten om het proces te verbeteren. Gemeenten worden geïnstrueerd over de juiste procedures bij defecte rijbewijzen, zodat vervanging sneller kan plaatsvinden. Tegelijkertijd houdt de ILT nauwgezet toezicht op het aantal problematische rijbewijzen. Voor de belanghebbenden moet worden overwogen om de tijdelijke werktermijn bij defecte rijbewijzen te verruimen, zeker tijdens de beginfase van de invoering van de CDT. Een definitieve beslissing daarover is echter nog niet genomen. De ILT is echter geen voorstander van het vooraf aanpassen van deze termijn. Ze willen eerst observeren hoe het systeem functioneert met de huidige vijf dagen en de knelpunten die zich kunnen voordoen, voordat ze besluiten om de termijn te herzien.

geen incidenten

De zorgen rond de uitleesproblemen zijn geen incidenten. Ze raken aan de kern van de betrouwbaarheid en uitvoerbaarheid van de CDT, die juist bedoeld is om de sector te professionaliseren en toezicht te verbeteren. Totdat alle technische en logistieke problemen zijn opgelost, blijft de vlotte invoering van het systeem onder druk staan. Een structurele oplossing lijkt noodzakelijk om te voorkomen dat chauffeurs de dupe worden van een systeem dat vooralsnog niet voor iedereen werkt zoals bedoeld.