Tag archieven: VDL

Elektrisch vervoer rukt op: Nederland rijdt recordaantal emissievrije bussen

De elektrische bus is bezig aan een stille revolutie in het Nederlandse straatbeeld.

Voor het eerst rijden er meer dan vijfduizend zero-emissiebussen in het openbaar vervoer. Dat blijkt uit de nieuwste Monitor zero-emissiebussen Nederland van kennisinstituut CROW, die deze maand verscheen.

De ongeveer 5.200 ov-bussen dat in Nederland rijden zijn (helaas) nog niet allemaal zero-emissie, maar de groei van emissievrije bussen in Nederland is opmerkelijk. Inmiddels rijden er 2.418 zero-emissie bussen in het Nederlandse openbaar vervoer. Daarmee behoort Nederland tot de Europese koplopers op het gebied van schoon busvervoer. Alleen Duitsland telt er meer, maar Nederland heeft er naar verhouding de meeste per inwoner.

steden

De overgang naar elektrisch vervoer gaat niet overal even snel. In stedelijke gebieden is de omslag al bijna compleet. In Amstelland-Meerlanden en Amsterdam rijdt inmiddels meer dan tachtig procent van de bussen zonder uitstoot. Ook Arnhem-Nijmegen en Rotterdam scoren hoog.

In landelijke regio’s, zoals Zeeland, Twente en Zuid-Holland Noord, blijft het aandeel emissievrije bussen nog achter. De afstanden zijn daar groter en laadinfrastructuur ontbreekt soms nog. Toch verwacht CROW dat ook deze regio’s de komende jaren versneld zullen overstappen.

pantograaf

Het merendeel van de Nederlandse elektrische bussen laadt met een pantograaf, een soort laadarm die op het dak van de bus klikt. Bij 39 procent van de voertuigen beweegt de pantograaf omlaag, bij 33 procent juist omhoog. Slechts 10 procent van de vloot rijdt op waterstof. 

Hoewel waterstofbussen de afgelopen jaren aan terrein winnen, blijft de technologie voorlopig een aanvulling op batterij-elektrisch vervoer. De meeste fabrikanten investeren vooral in accutechniek.

Foto: © Pitane Blue –
Bravo – busvervoer

“De elektrificatie van het openbaar vervoer is geen experiment meer, het is de nieuwe standaard,” zegt een woordvoerder van CROW. “Elke nieuwe concessie gaat in principe uit van zero-emissie.”
De monitor besluit optimistisch: als het huidige tempo aanhoudt, rijdt er binnen vijf jaar geen dieselbus meer in Nederland.

De Nederlandse busbouwers VDL en Ebusco zijn de grote winnaars van de elektrificatieronde. Samen leveren zij het grootste deel van de nieuwe bussen. Buitenlandse merken als BYD, Solaris en Mercedes-Benz volgen op afstand.

De vervoerders Arriva, Qbuzz en Connexxion beschikken over de grootste elektrische vloten. In totaal rijden deze bedrijven samen al duizenden bussen op stroom.

Het effect van de transitie is duidelijk zichtbaar in de cijfers. De totale afstand die elektrische bussen jaarlijks afleggen, steeg van 18 miljoen kilometer in 2018 tot 360 miljoen kilometer in 2024. Diesel verdwijnt langzaam uit het straatbeeld, en gas- en waterstofbussen vullen de resterende niches.

Volgens CROW is de milieuwinst aanzienlijk. De uitstoot van fijnstof, stikstof en CO₂ door het busvervoer daalde sinds 2018 met tientallen procenten. “De verbetering van de luchtkwaliteit is vooral in stedelijke gebieden goed merkbaar,” aldus de monitor.

Europa

Nederland loopt met deze cijfers voorop in Europa. Tussen 2012 en 2024 werden in ons land 4.782 zero-emissiebussen geregistreerd, meer dan in Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk of Noorwegen. Alleen Duitsland noteerde hogere absolute aantallen, maar verspreid over een veel groter land.

De Europese markt voor elektrische bussen groeide vorig jaar tot meer dan 8.000 nieuwe registraties. Daarmee lijkt de overstap naar schoon openbaar vervoer in heel Europa in een stroomversnelling te komen.

De verwachting is dat Nederland tegen 2030 vrijwel volledig uitstootvrij busvervoer heeft. Dat is vijf jaar eerder dan in veel andere Europese landen.

“De uitdaging ligt nu niet meer bij de voertuigen, maar bij de stroomvoorziening,” zegt CROW. “De laadinfrastructuur moet meegroeien, en dat vraagt samenwerking tussen vervoerders, gemeenten en netbeheerders.”

Busworld 2025: VDL Bus Group presenteert trots haar nieuwe vlaggenschip

Tijdens de openingsdag van Busworld 2025 in Brussel heeft VDL Bus Group de internationale vakwereld verrast met een dubbele primeur.

Het Nederlandse busconcern presenteerde niet alleen de gloednieuwe touringcar VDL Futura 3, maar kondigde ook de vorming van een volledig geïntegreerd busbedrijf aan waarin VDL Bus & Coach en het recent verworven VDL Van Hool samen verdergaan onder één naam: VDL Bus Group.

Volgens het vakblad Personenvervoer Magazine is de VDL Futura 3 het resultaat van jarenlang onderzoek, ontwikkeling en nauwe samenwerking met klanten en chauffeurs. De nieuwe generatie touringcars moet een belangrijke stap betekenen in het langeafstandsvervoer, met nadruk op comfort, efficiëntie en duurzaamheid. Een van de meest opvallende verbeteringen is de verlaging van de totale levensduurkosten (TCO), dankzij een brandstofbesparing die kan oplopen tot wel 15 procent.

vlaggenschip

“Wij zijn trots op onze medewerkers die hun vakmanschap hebben getoond tijdens de ontwikkeling én de productie van dit nieuwe vlaggenschip,” zei Marc van Doorn, directeur Coach van VDL Bus Group, tijdens de presentatie in de Belgische hoofdstad. “We hebben er veel vertrouwen in dat we met deze derde generatie VDL Futura onze klanten, hun passagiers en hun chauffeurs een optimale reiservaring gaan bieden.”

Het thema van de presentatie, MOVE.TOGETHER., symboliseert de samensmelting van innovatie en samenwerking binnen het nieuwe VDL Bus Group. De lancering van de Futura 3 markeert niet alleen een technisch hoogtepunt, maar ook het begin van een nieuwe bedrijfsstructuur waarin de krachten van twee gerenommeerde merken worden gebundeld. VDL Bus Group zal voortaan met twee complementaire merken opereren – VDL en Van Hool – elk met een eigen identiteit en marktfocus.

Foto: © Personenvervoer Magazine

Met de Futura 3 zet VDL Bus Group opnieuw een stap richting de toekomst van het personenvervoer: zuiniger, veiliger en comfortabeler dan ooit tevoren.

De Futura 3 is ontworpen met de ervaring van alle betrokken partijen in gedachten. Feedback van chauffeurs, reizigers, klanten en het aftersales-netwerk is geïntegreerd in het ontwerp. De dieselbus is bovendien voorbereid op toekomstige alternatieve aandrijflijnen, zodat de touringcar ook op lange termijn relevant blijft.

gebruiksgemak

Voor chauffeurs biedt de Futura 3 een volledig vernieuwde werkplek. De ergonomie is verbeterd door een geoptimaliseerde indeling, beter zitcomfort en intuïtieve bedieningselementen. Dit zorgt niet alleen voor meer gebruiksgemak, maar vermindert ook de fysieke belasting tijdens lange ritten.

Passagiers profiteren van een interieur waarin comfort en beleving centraal staan. Nieuwe stoelen, sfeervolle LED-verlichting en zorgvuldig gekozen materialen zorgen voor een premium uitstraling. Het interieur ademt rust en ruimte, terwijl het exterieur een strak en modern lijnenspel vertoont dat naadloos aansluit bij de hedendaagse designverwachtingen.

Op het gebied van veiligheid maakt de Futura 3 eveneens een grote sprong voorwaarts. De touringcar is uitgerust met de nieuwste generatie ADAS-rijhulpsystemen, verbeterde zichtlijnen en structurele versterkingen. Daarmee voldoet het voertuig aan de strengste Europese veiligheidsnormen.

Ook aan het comfort is gedacht. Het volledig vernieuwde klimaatsysteem zorgt voor een stille en efficiënte temperatuurregeling, waardoor passagiers onder alle weersomstandigheden aangenaam kunnen reizen.

slimme techniek

VDL Bus Group heeft bij de ontwikkeling veel nadruk gelegd op onderhoudsgemak en lage exploitatiekosten. Door slimme engineering, modulaire componenten en een betere toegankelijkheid van technische systemen wordt de Total Cost of Ownership aanzienlijk verlaagd. Dat maakt de Futura 3 economisch aantrekkelijker voor operators in de touringcarbranche.

Tijdens Busworld 2025 toont VDL Bus Group niet alleen twee exemplaren van de nieuwe Futura 3, maar ook een VDL Citea 13,5 meter Low Entry. Van Hool is vertegenwoordigd met een Astron superhoogdekker en een Astromega dubbeldekker. Daarmee benadrukt de onderneming de kracht van haar gecombineerde portfolio, waarin innovatie, efficiëntie en klantgerichtheid hand in hand gaan.

VDL Born: miljoeneninvestering moet werkgelegenheid in Limburg stimuleren

De investeringen op deze plek zijn van grote waarde voor de Limburgse economie.

De toekomst van de VDL-locatie in Born krijgt een nieuwe wending nu de Provincie Limburg en de VDL Groep de handen ineenslaan om het terrein een alternatieve en innovatieve invulling te geven. Beide partijen hebben een intentieovereenkomst ondertekend die ruimte biedt voor uiteenlopende ontwikkelingen. Daarmee wordt niet alleen de Limburgse maakindustrie versterkt, maar ook de werkgelegenheid in de regio vergroot.

De VDL-site, jarenlang bekend als thuisbasis van autofabriek VDL Nedcar, wordt door VDL Groep herontwikkeld met een focus op duurzame mobiliteit, nieuwe batterij- en energiesystemen, hightech maakindustrie en defensie-industrie. Bij de plannen wordt nadrukkelijk gekeken naar zogenoemde ‘dual-use’-toepassingen, technologieën die zowel voor civiele als militaire doeleinden inzetbaar zijn. Dit geeft de locatie een veelzijdige en toekomstbestendige rol.

samenwerking

Gedeputeerde Stephan Satijn, verantwoordelijk voor Economie, Financiën, Bedrijfsvoering en Public Affairs, benadrukt het belang van de ontwikkelingen voor de provincie. Hij stelt: “De ontwikkeling van de VDL-site in Born is van groot belang voor de Limburgse economie. Het is een goede zaak dat de directie van VDL zich inspant om plannen voor deze site te ontwikkelen waarmee de potenties van de locatie volledig worden benut. De beoogde productie van militair materieel op een deel van de site sluit naadloos aan bij de Limburg Defensie Agenda. Samen met het ministerie van Defensie kijken we waar mogelijkheden in onze provincie liggen om aan de defensie-opgave te kunnen voldoen. Met VDL zetten we stappen voorwaarts om ruimte te bieden aan defensieactiviteiten en werken we tegelijkertijd aan een innovatieve Limburgse maakindustrie die onze regionale economie versterkt en onmisbaar is voor Nederland.”

Ook binnen VDL Groep is er vertrouwen in de toekomst. President-directeur Willem van der Leegte legt uit dat de locatie in Born nooit is opgegeven. “Wij hebben altijd vertrouwen gehouden in de toekomst van onze locatie in Born. Daarom blijven we investeren, ook in Born en omgeving. Deze samenwerking met de Provincie Limburg markeert een krachtig initiatief waarmee onze locatie in Born wordt omgevormd tot een duurzame, autonome productielocatie voor de nationale en Europese hoogwaardige maakindustrie met positieve impact op werkgelegenheid en economie. Waar deze miljoenen in geïnvesteerd gaan worden, daarover zijn we met de provincie in gesprek. Uitgangspunt daarbij vormt het stimuleren van innovatie, werkgelegenheid en leefbaarheid op de VDL-site in Born en in de omgeving.”

Foto: Provincie Limburg – Willem van der Leegte (VDL) en Stephan Satijn (Provicie Limburg)

De nieuwe koers voor de VDL-locatie in Born lijkt daarmee niet alleen een impuls te geven aan de Limburgse maakindustrie en de werkgelegenheid, maar ook aan innovatie, duurzaamheid en regionale samenwerking.

De intentieovereenkomst gaat gepaard met stevige financiële impulsen. VDL Groep reserveert 10 miljoen euro voor de verdere ontwikkeling van de site. Provincie Limburg wil 15 miljoen euro beschikbaar stellen uit het restant van het eerdere programmabudget ‘Gebiedsontwikkeling VDL Nedcar’. Van dit bedrag kan 5 miljoen euro besteed worden aan natuurontwikkeling en leefbaarheid in de aangrenzende gebieden van de gemeenten Echt-Susteren en Sittard-Geleen. Daarmee benadrukken beide partijen dat de herontwikkeling niet alleen binnen de poorten van de fabriek zal plaatsvinden, maar ook een positief effect moet hebben op de omliggende regio.

gebiedsontwikkeling

Een andere belangrijke stap is het beëindigen van de in 2020 gesloten Anterieure Overeenkomst tussen VDL en de provincie. Deze overeenkomst maakte destijds onderdeel uit van de plannen voor gebiedsontwikkeling rond VDL Nedcar. Het gevolg is dat de geplande aanleg van een randweg en een ongelijkvloerse kruising aan de zuidzijde van het bedrijventerrein voorlopig niet doorgaan. Voor de gemeente Sittard-Geleen heeft dit echter geen directe gevolgen voor het bestaande Omgevingsplan. Bestaande afspraken met Sittard-Geleen en Echt-Susteren over natuurcompensatie en leefbaarheidsfondsen blijven gewoon overeind en zullen worden uitgevoerd.

De Provincie Limburg is daarnaast met de ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur en met het Waterschap in gesprek om eerder toegezegde bijdragen te behouden voor toekomstige ontwikkelingen op en rond de VDL-site. Daarmee blijft de herontwikkeling stevig verankerd binnen zowel de provinciale als nationale agenda voor economie en innovatie.

Duurzame dromen kosten jobs: meerderheid van e-bussen komt niet uit eigen land

Waarom krijgt hypermoderne fabriek in roeselare slechts 50 voertuigen?

De Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn maakt grootse plannen bekend: een investering van 185 miljoen euro in 290 elektrische bussen, waarvan vijftig exemplaren gebouwd zullen worden in de gloednieuwe fabriek van VDL in Roeselare. Op het eerste gezicht lijkt dit een logische en vooral noodzakelijke stap richting duurzaam openbaar vervoer. Maar achter dit politieke vlaggenschipproject schuilen belangrijke vragen over haalbaarheid, economische impact en de duurzaamheid van de keuze.

Het is ontegensprekelijk: elektrisch rijden is de toekomst van stedelijke mobiliteit. Minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) liet weinig ruimte voor twijfel toen ze verklaarde dat deze investering perfect past in het beleid van De Lijn om tegen 2035 volledig emissievrij te rijden. Toch valt het op dat slechts een klein deel van de productie in Vlaanderen plaatsvindt, ondanks de aanwezigheid van een geavanceerde productie-eenheid in eigen land.

leverzekerheid

Van de 290 bussen worden er 140 gebouwd door het Chinese BYD in Hongarije, 100 door Iveco in Frankrijk en slechts 50 door VDL in Roeselare. Waarom werd niet gekozen voor meer lokale productie, terwijl Vlaanderen over de middelen én de knowhow beschikt? Volgens De Lijn is er geopteerd voor meerdere leveranciers om leverzekerheid te garanderen, maar dat roept vragen op over de langetermijnvisie. Als het Vlaamse beleid echt inzet op strategische autonomie en groene jobs in eigen regio, waarom dan de meerderheid van het contract buiten België laten uitvoeren?

Foto: © Pitane Blue – VDL Roeselare

De VDL-fabriek in Roeselare is nochtans een toonbeeld van modern industriebeleid. Het 27.000 vierkante meter grote gebouw op het Krommebeekpark is energie-efficiënt, draait deels op zonne-energie en is gericht op de productie van louter elektrische bussen. CEO Willem van der Leegte noemde het “misschien wel de modernste busfabriek in Europa”, en de fabriek heeft een capaciteit van 800 voertuigen per jaar. Toch zullen er dit jaar slechts ongeveer 340 gebouwd worden.

verlieslatend

De realiteit is dat VDL Bus & Coach, ondanks de steun van moederbedrijf VDL Groep, verlieslatend blijft. De coronapandemie, gestegen grondstofprijzen en hevige concurrentie, vooral vanuit China, zetten de marges onder druk. Het feit dat bedrijven zoals BYD via subsidies opereren in markten waar Europese spelers nauwelijks kunnen concurreren, ondermijnt het gelijke speelveld dat de EU zo graag wil verdedigen.

De keuze van De Lijn illustreert deze spagaat. Enerzijds is er de politieke druk om snel te vergroenen, anderzijds laat de economische realiteit weinig ruimte voor idealisme. Vlaanderen wil duurzaamheid, maar wil het ook goedkoop. En in die context is de goedkoopste oplossing zelden de meest lokale.

koffiedik kijken

De Lijn wil tegen eind 2024 de eerste exemplaren in roulatie brengen. De Vlaamse regering heeft hiervoor het budget en het beleidskader klaar. Maar of die 290 e-bussen straks ook synoniem zullen zijn met Vlaamse jobs, economische zekerheid en technologische onafhankelijkheid, blijft voorlopig koffiedik kijken.

De doelstelling van zero-emissievervoer verdient alle steun, maar moet hand in hand gaan met industriële versterking in eigen land. De Vlaamse overheid moet niet alleen investeren in het reduceren van CO₂, maar ook in het behoud van lokale maakindustrie. Anders dreigt vergroening een hol begrip te worden, waar de prijs pas jaren later zichtbaar wordt.

VDL stapt met defensie in wapenindustrie: Bornse autofabriek VDL wordt militair bolwerk

De autofabriek van VDL Nedcar in Born, jarenlang het kloppend hart van de Limburgse auto-industrie, krijgt een nieuwe bestemming.

Wat ooit de productielocatie was van de iconische Mini’s, wordt binnenkort deels omgebouwd tot een faciliteit voor de productie van defensiematerieel. Dat maakte VDL samen met defensieminister Ruben Brekelmans vanmiddag bekend tijdens een gezamenlijke presentatie op de locatie in Born.

De samenwerking tussen VDL en het ministerie van Defensie moet leiden tot een grotere Europese zelfstandigheid op het gebied van militaire productie. Brekelmans benadrukte dat Nederland en andere Europese landen minder afhankelijk moeten worden van defensieleveranciers buiten het continent. “Deze samenwerking moet het vlaggenschip worden in de samenwerking tussen Defensie en bedrijven,” aldus de minister.

nieuwe defensietak

Concreet betekent dit dat Defensie productiefaciliteiten gaat huren bij VDL, en dat het ministerie ook actief op zoek gaat naar Europese opdrachtgevers voor de nieuwe defensietak van het concern. Hoewel de exacte invulling van de samenwerking nog in ontwikkeling is, noemt Brekelmans expliciet de mogelijkheid dat in Born drones geproduceerd gaan worden. Tijdens een interview in het tv-programma Café Kockelmann op NPO 2 verklaarde hij: “Vandaag hebben we de samenwerking met VDL aangekondigd. Daarmee zetten we een grote stap. Het kan gaan over de productie van drones of andere gevechtsvoertuigen. Als Defensie ondersteunen wij daarbij.”

Volgens Brekelmans is de behoefte aan grootschalige productie van drones urgent. “We zien dat er heel veel toonaangevende droneproducenten zijn in Nederland, maar het zijn allemaal ondernemers die enkele honderden drones per jaar kunnen produceren, terwijl wij duizenden of tienduizenden drones nodig hebben. Met de capaciteit en ervaring kan VDL voor die opschaling zorgen.”

VDL Nedcar te Born

De fabriek in Born is daar volgens VDL zelf bij uitstek geschikt voor. De locatie, waar eerder jaarlijks tienduizenden Mini’s van de band rolden, beschikt over een oppervlak van tien voetbalvelden en een eigen energiecentrale. Bestuursvoorzitter Willem van der Leegte stelt: “We zijn een aantal keer beste autofabriek van Europa geweest. Dan kun je ook heel veel andere dingen kwalitatief maken.”

De fabriek ligt strategisch naast de A2, dichtbij de Duitse en Belgische grens, en beschikt over bestaande logistieke en technische infrastructuur. Toch zal het ombouwen van de fabriek naar een defensieproductielijn niet van vandaag op morgen gebeuren. Ed Leunissen, bestuurder bij vakbond CNV, spreekt van een ingrijpend proces: “Zo makkelijk is het niet. Er moet een hele nieuwe productielijn gebouwd worden. En er moeten mensen worden aangenomen. Die zijn allemaal weg.”

Toch ziet ook Leunissen voordelen laat hij weten bij de NOS. “Het is triest dat we moeten opschalen om de oorlogsindustrie op gang te brengen. Maar als het moet, waarom dan niet hier? Er zijn nog zeker 400 oud-medewerkers die nog geen baan hebben en graag aan de slag willen.” Tegelijkertijd waarschuwt hij voor een gebrek aan langetermijnvisie. “Wat als Donald Trump straks toch weer vriendjes wordt met Europa? Gaan we dan toch weer in de Verenigde Staten defensiematerieel kopen om hem te paaien? Werknemers komen echt niet terug omdat het hun oude fabriek is. Ze moeten perspectief hebben.”

VDL Born

De aankondiging komt op een moment dat VDL hard op zoek was naar een nieuwe bestemming voor de fabriek. Vorig jaar verloor het bedrijf het contract met BMW, waardoor zo’n 3.500 werknemers hun baan verloren. Sindsdien stond de toekomst van de fabriek op losse schroeven.

Het Eindhovense familiebedrijf VDL, opgericht in 1953, bestaat uit meer dan honderd werkmaatschappijen en behaalde in 2023 een omzet van bijna 4,3 miljard euro met een nettowinst van 66 miljoen. De onderneming is actief in uiteenlopende sectoren, van openbaar vervoer tot hightech industrie. Het bedrijf beschikt al over een defensietak die onder meer elektrische voertuigen ontwikkelt voor Defensie. De stap naar grootschalige productie van drones of gevechtsvoertuigen markeert daarmee een forse uitbreiding van VDL’s rol in de militaire industrie.

Nieuwe impuls voor Born: VDL versterkt positie met groot contract

VDL Special Vehicles in Born heeft een belangrijke samenwerkingsovereenkomst gesloten met het Oostenrijkse familiebedrijf Hödlmayr, een van Europa’s grootste logistieke spelers in de automotive-sector.

In het kader van deze overeenkomst zal VDL jaarlijks ongeveer 50.000 voertuigen onderwerpen aan uitgebreide pre-leveringsinspecties. Deze strategische stap betekent niet alleen een versterking van de positie van VDL in de regio, maar ook een impuls voor werkgelegenheid en innovatie op het gebied van duurzame mobiliteit.

Bij de inspecties, die plaatsvinden op de campus in Born, worden voertuigen minutieus gecontroleerd voordat ze worden getransporteerd naar autodealers in heel Europa. De controles omvatten een breed scala aan kwaliteitsprocedures, waaronder lakschadebeoordeling, kleine reparaties en het verwijderen van deuken. Dit zorgt ervoor dat elk voertuig in perfecte staat de weg op gaat.

Volgens VDL-directeur Robbert Smolders biedt de samenwerking met Hödlmayr belangrijke voordelen voor beide partijen. “Met deze order van Hödlmayr zetten we een grote stap in het creëren van extra werkgelegenheid en continuïteit bij VDL Special Vehicles in Born. Onze moderne productiefaciliteiten en expertise sluiten perfect aan bij de logistieke specialisatie van Hödlmayr. Samen maken we het motto van de VDL Groep, ‘kracht door samenwerking’, volledig waar.”

nieuwe toekomst voor Born

De samenwerking met Hödlmayr is een belangrijk onderdeel van de transitie die VDL in Born doormaakt. Waar de focus in het verleden voornamelijk lag op productie, richt het bedrijf zich nu op bredere diensten binnen de automotive-sector, waaronder geautomatiseerde assemblage van batterijpakketten en pre-leveringsinspecties. Deze verbreding sluit aan bij de ambities van VDL om een toonaangevende partner te worden in duurzame mobiliteit.

Hödlmayr, een specialist in de toeleveringsketen van voertuigen, speelt een cruciale rol in dit proces. Het bedrijf verzorgt logistieke diensten voor grote Europese en Chinese automerken, van ontvangst bij de fabriek of haven tot aflevering bij dealers of eindklanten. Met deze samenwerking verstevigt Hödlmayr zijn positie in Nederland, benadrukt regiodirecteur Ivan Driesen.

“Gemeenschappelijke waarden en doelstellingen zijn de sleutel tot een succesvolle samenwerking die toegevoegde waarde biedt voor onze klanten,” zegt Driesen. “We zijn verheugd om met VDL Special Vehicles een betrouwbare partner te hebben gevonden die dezelfde mentaliteit deelt. Samen werken we aan een sterke toekomst in Nederland.”

Foto: VDL -Een medewerker van VDL Special Vehicles in Born behandelt een auto met lakschade.

De komst van dit contract betekent ook goed nieuws voor de regio Born, waar werkgelegenheid een belangrijke pijler is voor de lokale economie. Het inspectieproces vraagt om specifieke vaardigheden die naadloos aansluiten bij de expertise van de medewerkers in Born. Naast de focus op kwaliteitsinspecties blijft VDL ook investeren in technologische vernieuwingen, zoals geautomatiseerde processen en verduurzaming van productie en logistiek.

Het partnerschap met Hödlmayr onderstreept het belang van samenwerking in een sector die sterk in beweging is. De opkomst van elektrische voertuigen en strengere milieueisen dwingen bedrijven tot innovatie en efficiëntie. Dankzij de gecombineerde krachten van VDL en Hödlmayr kunnen beide partijen inspelen op deze trends en zich positioneren als koplopers in een veranderende markt.

Voor VDL is de samenwerking met Hödlmayr meer dan een zakelijke overeenkomst; het is een bevestiging van hun strategie om zich te ontwikkelen tot een veelzijdige en toekomstgerichte speler in de automotive-sector. Terwijl de eerste auto’s binnenkort de inspecties in Born zullen ondergaan, blijft de focus liggen op groei, kwaliteit en duurzaamheid.

Economie: grote boost voor VDL-fabriek in Roeselare dankzij order van Arriva

De Nederlandse vervoersmaatschappij Arriva heeft een belangrijke order geplaatst bij de busbouwer VDL voor de levering van 157 elektrische bussen.

Deze bussen zijn bestemd voor de regio West-Brabant en vormen een essentieel onderdeel van het openbaar vervoer dat Arriva zal verzorgen vanaf juli 2025. Dit is de op een na grootste bestelling die VDL ooit heeft ontvangen voor zijn Citea-bussen, een mijlpaal die de busbouwer nieuwe kansen biedt, ondanks de aanhoudende uitdagingen in de sector.

De VDL-fabriek in Roeselare, België, speelt een cruciale rol in de productie van deze bussen. Hoewel het nog niet volledig duidelijk is hoeveel van de 157 bussen in de West-Vlaamse vestiging gebouwd zullen worden, is het zeker dat een deel van de productie daar zal plaatsvinden. Voor de fabriek in Roeselare, die door de coronacrisis flinke klappen heeft gekregen, is dit order een welkome ontwikkeling. Toch zal het extra werk niet leiden tot nieuwe banen, meldt VDL. Dit komt omdat de bussector nog steeds te kampen heeft met de gevolgen van de pandemie en de teruglopende omzet van de afgelopen jaren.

innovatie

De nieuwe elektrische bussen zijn niet zomaar voertuigen. Ze zijn voorzien van innovatieve technologieën en voldoen aan de hoogste eisen op het gebied van duurzaamheid en veiligheid. Zo zullen de bussen volledig emissievrij zijn, wat perfect aansluit bij de zero-emissie doelstellingen van zowel Arriva als VDL. Daarnaast zullen de bussen uitgerust zijn met cameramonitoringsystemen, ter vervanging van de traditionele spiegels, en zowel aan de linker- als rechterzijde laadaansluitingen hebben. Dit maakt het opladen flexibeler en efficiënter.

Veiligheid is ook een belangrijk punt in het ontwerp van deze nieuwe generatie bussen. Iedere bus wordt uitgerust met een elektrische rolstoeloprijplaat, waardoor reizigers met een beperking gemakkelijker kunnen in- en uitstappen. Daarnaast zullen er AED-apparaten (Automatische Externe Defibrillatoren) aan boord zijn, waarmee in noodgevallen snel gereageerd kan worden. Deze maatregelen onderstrepen het streven van Arriva en VDL om zowel het comfort als de veiligheid van de passagiers te waarborgen.

samenwerking

De bestelling van Arriva is een duidelijke indicatie van het vertrouwen dat het vervoersbedrijf heeft in VDL en hun gezamenlijke visie op duurzaam openbaar vervoer. Beide bedrijven hebben een lange geschiedenis van samenwerking en hebben in de afgelopen jaren verschillende projecten succesvol afgerond. “Deze bestelling is een bevestiging van onze sterke samenwerking en ons gezamenlijke doel om het openbaar vervoer groener en efficiënter te maken,” aldus een woordvoerder van VDL. Door de jaren heen hebben Arriva en VDL zich samen ingezet om bij te dragen aan de realisatie van de Europese emissiedoelstellingen, en deze nieuwe bestelling is een logische voortzetting van die missie.

Foto: © Pitane Blue – VDL Roeselare

VDL mag trots zijn op deze bestelling, die niet alleen een positief effect heeft op de productie in zowel Nederland als België, maar ook laat zien dat er ondanks de uitdagingen in de bussector nog steeds ruimte is voor groei en innovatie. De toekomst van het openbaar vervoer wordt steeds groener en VDL en Arriva staan klaar om die verandering aan te voeren.

VDL Bus & Coach, een divisie van de VDL Groep, heeft echter moeilijke tijden gekend. Vorig jaar zag het bedrijf de omzet met 33 procent dalen, mede door de hevige concurrentie van Chinese busbouwers die steeds meer marktaandeel in Europa veroveren. Deze nieuwe order geeft VDL dan ook een broodnodige impuls om zich opnieuw te positioneren op de internationale markt. Hoewel de productie van elektrische bussen steeds belangrijker wordt, blijft de concurrentie intens, vooral nu Europese steden steeds meer de nadruk leggen op milieuvriendelijk transport.

De eerste leveringen van de bussen zullen naar verwachting plaatsvinden in de eerste helft van 2025. Dit tijdschema is cruciaal, omdat Arriva vanaf juli 2025 verantwoordelijk is voor de nieuwe concessie in West-Brabant. Met de toevoeging van deze bussen aan hun vloot kan Arriva niet alleen voldoen aan de strengere milieueisen, maar ook haar passagiers een modern en veilig vervoersmiddel bieden. De vervoersmaatschappij heeft aangegeven dat dit project een belangrijke stap is in de verdere vergroening van haar diensten in Nederland.

VDL Bus Roeselare is een autobusfabriek in het Belgische Beveren bij Roeselare en is onderdeel van VDL Bus & Coach. Het bedrijf voerde tussen 1881 en 1994 de naam Jonckheere. In 1994 werd het bedrijf opgekocht door de Berkhof Groep en gaat het sinds 1998 verder als VDL Jonckheere Bus & Coach N.V..

VDL: Arriva bestelt 157 nieuwe elektrische bussen voor West-brabant

Arriva heeft een nieuwe, indrukwekkende stap gezet in de verduurzaming van het openbaar vervoer in Nederland door een bestelling te plaatsen voor maar liefst 157 nieuwe elektrische bussen bij VDL Bus & Coach.

Deze voertuigen zijn bestemd voor de concessie West-Brabant, die op 6 juli 2025 van start zal gaan. Deze bestelling vormt een belangrijke pijler in het streven van Arriva en de provincie Noord-Brabant naar volledig CO2-neutraal openbaar vervoer in de regio tegen 2027. De bestelling omvat 58 Citea-bussen van het type LE-122 en 99 exemplaren van het type LE-135. 

Deze bussen zullen vanaf de eerste helft van 2025 worden geleverd en ingezet worden voor het openbaar vervoer in West-Brabant. Dit is echter niet de eerste grote bestelling voor Arriva. Eerder kocht het vervoersbedrijf al 64 elektrische bussen van VDL voor het vervoer in Oost-Brabant. Die bussen zullen binnenkort worden ingezet in de stad Tilburg en op hoogwaardige buslijnen tussen Uden, Veghel, Eindhoven en Den Bosch.

Citea-bussen

De nieuwe generatie Citea-bussen van Arriva zijn uitgerust met de nieuwste technologische snufjes. De 58 LE-122-modellen krijgen een tractiebatterij van 429 kWh, terwijl de 99 LE-135-bussen voorzien worden van een batterij van 368 kWh. Beide busmodellen zijn volledig emissievrij en beschikken over oplaadmogelijkheden via CCS Combo 2-aansluitingen aan zowel de linker- als rechterkant van de voertuigen. Dit zorgt voor maximale flexibiliteit bij het opladen op verschillende depotlocaties.

Opvallend is dat deze bussen niet langer gebruik maken van conventionele zijspiegels, maar voorzien zijn van camerabewakingssystemen. Hierdoor wordt de veiligheid vergroot en heeft de chauffeur een beter zicht rondom het voertuig. Daarnaast zijn de bussen uitgerust met een innovatief klimaatsysteem, dat zorgt voor een aangename temperatuurregulering, en een ergonomische chauffeurscabine. De elektrisch verstelbare en geventileerde chauffeursstoel met geheugenfunctie is slechts één van de vele details die het comfort voor de bestuurder verbeteren. Ook voor de passagiers is er gezorgd voor extra luxe: de bussen zijn uitgerust met comfortabele zitplaatsen voorzien van extra dikke kussens en een overwegend vooruit gerichte indeling voor optimaal comfort.

Bravo branding

Wat opvalt aan deze nieuwe bussen is het gebruik van de opvallende Bravo-huisstijl. Niet alleen de buitenkant van de bussen is gehuld in de bekende rode, paarse en blauwe kleuren van Bravo, maar ook het interieur ademt de merkidentiteit. De zitkussens, leuningen en zelfs de vloer zijn voorzien van de herkenbare Bravo-kleuren. Het kenmerkende Bravo-hart is prominent aanwezig in het design van de bus, wat zorgt voor een eigentijdse en herkenbare uitstraling.

Foto: © Pitane Blue – Bravo Eindhoven

Opvallend is dat de nieuwe bussen niet alleen de Bravo-formule volgen, maar ook de Bravodirect-productlijn. Beide hebben hun eigen unieke kenmerken en kleurstellingen, wat een onderscheidend karakter geeft aan het busvervoer in de regio.

Naast comfort en design staat veiligheid centraal in de nieuwe generatie bussen. Alle voertuigen zijn uitgerust met tal van veiligheidsvoorzieningen. Zo hebben de bussen een elektrische rolstoellift, Isofix-bevestigingspunten voor kinderzitjes en zelfs een AED (Automatische Externe Defibrillator) aan boord. Bovendien zijn de bussen voorzien van de nieuwste veiligheidssystemen volgens de General Safety Regulation (GSR), zoals cruisecontrol met snelheidsbegrenzer, een bandenspanningscontrolesysteem (TPMS), camerasystemen voor dodehoekbewaking, en systemen voor het herkennen van verkeersborden en snelheidslimieten.

Ook zijn de bussen voorzien van waarschuwingssystemen zoals een blindspot-informatiesysteem, een rijstrookwaarschuwingssysteem, en een waakzaamheidsmonitor die de alertheid van de chauffeur in de gaten houdt. Voor extra veiligheid tijdens het rijden zijn er een achteruitrijcamera en een akoestisch waarschuwingssysteem (AVAS) die voetgangers waarschuwt voor naderende voertuigen.

verduurzaming

Jan Pieter Been, regiodirecteur van Arriva Zuid, benadrukt de betekenis van deze bestelling voor de verduurzaming van het openbaar vervoer in Brabant: “Met deze uitbreiding zetten we opnieuw een belangrijke stap in onze ambitie voor zero-emissie. Meer dan 90% van het openbaar vervoer in West-Brabant zal straks door elektrische bussen worden verzorgd. Dat is een prestatie waar we trots op zijn en die perfect aansluit bij ons doel om in Brabant al in 2027 volledig CO2-neutraal te opereren.”

Ook Rob Mol, Managing Director van VDL Bus & Coach Nederland, benadrukt het belang van de langdurige samenwerking tussen Arriva en VDL. “Arriva en VDL werken al jaren samen om de Europese zero-emissiedoelen te bereiken. Dankzij de goede samenwerking hebben we samen veel succesvolle projecten gerealiseerd. De terugkerende keuze van Arriva voor onze producten en ons bedrijf kenmerkt dit partnerschap, en we zijn 100% toegewijd om de producten naar volle tevredenheid van Arriva en de provincie te leveren en te laten functioneren,” aldus Mol.

Innovatie: VDL presenteert eco-vriendelijk bushokje met zonnepanelen

Met het oog op de toekomst verwacht VDL Mast Solutions dat de vraag naar refurbished masten alleen maar zal toenemen, aangezien steeds meer bedrijven en overheden duurzame oplossingen omarmen om zo de circulaire economie te stimuleren.

Ondanks de afwezigheid van VDL Bus op de grootste wereldwijde expositie Innotrans, was het toch mogelijk om een vertegenwoordiger van VDL Mast Solutions te ontmoeten op de stand van een van de toonaangevende maakbedrijven. Eric Janssen, directeur bij VDL Mast Solutions, was aanwezig om de laatste innovaties van het bedrijf te delen, waarbij de focus lag op hun nieuwste product: de ‘slimme mast’. Dit project, waarbij VDL Groep het voortouw neemt, vormt de kern van een nieuw internationaal ecosysteem.

“Op dit ogenblik kunnen we niet klagen over onze orderportefeuille,” vertelt Janssen. “Er is zelfs interesse vanuit Israël, al ligt dat gezien de huidige ontwikkelingen in de regio wat gecompliceerder.” De slimme mast, waarvan de productie inmiddels in volle gang is, past binnen het streven van VDL Groep om hoogwaardige, duurzame producten te ontwikkelen die de infrastructuur van steden en landen verbeteren.

Foto: © Pitane Blue – VDL Mast Solutions – Innotrans

Samen met het gerenommeerde designbureau Brandes en Meurs Industrial Design heeft VDL Metaal een revolutionair concept ontwikkeld voor een duurzame abri, die volledig aansluit bij de toenemende vraag naar milieuvriendelijke en circulaire oplossingen. Dit innovatieve bushokje wordt gemaakt van zoveel mogelijk gerecycled materiaal, wat niet alleen bijdraagt aan de reductie van afval, maar ook de weg vrijmaakt voor een product dat aan het einde van zijn levensduur eenvoudig gescheiden en hergebruikt kan worden. Dit maakt de abri niet alleen duurzaam in gebruik, maar ook in zijn volledige levenscyclus.

Wat deze abri bijzonder maakt, is het doordachte ontwerp waarbij transparante buitenhoeken zijn geïntegreerd. Deze aanpak minimaliseert het gebruik van materiaal in de draagconstructie, zonder afbreuk te doen aan de stevigheid of esthetiek van het bushokje. Door het transparante ontwerp ontstaat een lichte, open constructie die perfect past in moderne, duurzame stedelijke omgevingen. Daarnaast biedt het ontwerp ook veiligheid, omdat reizigers vanuit elke hoek goed zichtbaar zijn, wat bijdraagt aan het gevoel van veiligheid in het openbaar vervoer.

Een ander indrukwekkend kenmerk van de abri is de veelzijdigheid van het dak. Klanten kunnen kiezen voor een dak voorzien van sedum, wat niet alleen een groen en levendig uiterlijk geeft, maar ook bijdraagt aan een betere waterafvoer en isolatie. Daarnaast is er de mogelijkheid om te kiezen voor een dak van glas, of glas met geïntegreerde PV-cellen. Deze zonnecellen zorgen ervoor dat de abri niet alleen schaduw biedt, maar ook een duurzame energiebron wordt. Dit soort oplossingen maken de abri zelfvoorzienend in energieverbruik, bijvoorbeeld voor verlichting of digitale informatieschermen.

masten

VDL Mast Solutions, onderdeel van de VDL Groep, is gespecialiseerd in het ontwerpen, produceren en plaatsen van hoogwaardige masten. Deze worden niet alleen gebruikt voor straatverlichting en sportvelden, maar ook in steeds meer innovatieve toepassingen, zoals de slimme mast die uitgerust is met sensoren en andere technologieën om data te verzamelen en steden slimmer te maken.

Wat VDL onderscheidt, is de inzet van recyclebaar staal en een duurzame coating voor hun masten. Deze aanpak verlengt de levensduur van de producten aanzienlijk en verlaagt tegelijkertijd de onderhoudskosten. Ze verzorgen het hele proces, van ontwerp en productie tot plaatsing en onderhoud. Recentelijk heeft het bedrijf zelfs een grote order uitgevoerd voor de HTM, waarbij ze ruim twintig bovenleidingmasten een ‘tweede leven’ hebben gegeven.

De samenwerking met HTM onderstreept de groeiende trend van refurbishen binnen de industrie. Deze masten, die soms al meer dan veertig jaar in gebruik waren, zijn zorgvuldig opgeknapt en opnieuw gecoat, waardoor ze weer voldoen aan de moderne technische eisen. Na de functionele aanpassingen, zoals nieuwe deuren en kabelgaten, hebben ze de masten een duurzame coating gegeven, die hen beschermt tegen alle weersomstandigheden.

refurbishen

Dit past binnen de bredere ambitie van de Nederlandse overheid om in 2050 volledig circulair te zijn. Een tussenstap in dit traject is om tegen 2030 de Nederlandse economie voor 50% circulair te maken. VDL Mast Solutions speelt hierop in door oude masten te refurbishen, een proces dat bijdraagt aan het verminderen van grondstoffengebruik en tegelijkertijd de levensduur van producten verlengt. Het refurbishen van masten houdt in dat gebruikte masten een tweede leven krijgen zonder dat ze van eigenaar veranderen. Dit proces is niet alleen duurzaam, maar kan op termijn ook economisch voordeel bieden, vooral bij grotere of zwaardere masten, waar de verhouding tussen materiaal en benodigde arbeid gunstiger uitvalt.

Foto: © Pitane Blue – VDL Mast Solutions – Innotrans

VDL Mast Solutions is gestart in 1947 in het Brabantse Oss met aannemingswerkzaamheden, grondwerken en het installeren van kabelnetwerken. De eerste productie van lichtmasten werd opgericht voor eigen gebruik. In 1966 is de start gemaakt met wat nu de kernactiviteit is van VDL Mast Solutions, namelijk het produceren van mastconstructies. Vanuit deze start is VDL Mast Solutions gegroeid als toonaangevend producent op het gebied van diverse soorten masten.

Bij refurbishen wordt de zinklaag op de masten behouden, aangezien het verwijderen ervan extra kosten en milieubelasting met zich meebrengt. Ze lassen of slijpen niet aan verzinkte masten, omdat dat niet alleen technisch complex is, maar ook uit milieuoogpunt onwenselijk. De zinklaag zorgt voor een natuurlijke bescherming tegen corrosie, en die willen ze zoveel mogelijk behouden.

VDL Mast Solutions heeft een efficiënt systeem ontwikkeld om masten in categorieën in te delen, afhankelijk van hun staat. Deze categorisering bepaalt welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd. Dit zorgt niet alleen voor een gestroomlijnd refurbishproces, maar ook voor beheersbare kosten. Na het refurbishen krijgen de masten een verwachte levensduur van minstens 25 jaar, mits ze goed worden onderhouden. Bovendien worden ze opnieuw voorzien van een CE-markering, wat aantoont dat ze voldoen aan de Europese veiligheids- en milieuvoorschriften.

Met het oog op de toekomst verwacht VDL Mast Solutions dat de vraag naar refurbished masten alleen maar zal toenemen, aangezien steeds meer bedrijven en overheden duurzame oplossingen omarmen om zo de circulaire economie te stimuleren. VDL is vastbesloten om hier een leidende rol in te spelen, zowel nationaal als internationaal.

Vergroening: De Lijn start met eerste VDL e-bussen vanuit Destelbergen

De Lijn neemt op 1 juli de eerste nieuwe generatie elektrische bussen van leverancier VDL in dienst vanuit de stelplaats Destelbergen.

Op 1 juli heeft de Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn haar eerste nieuwe generatie elektrische bussen van leverancier VDL in gebruik genomen. De eerste vijf van in totaal 24 e-bussen zijn gestart vanuit de stelplaats in Destelbergen en zullen de elektrische vloot van De Lijn in de regio Gent versterken.

De uitbreiding van de elektrische vloot markeert een belangrijke stap in de vergroening van het openbaar vervoer in Vlaanderen. “De eerste vijf e-bussen van VDL worden vanaf 1 juli in dienst genomen vanuit de stelplaats Destelbergen,” aldus uittredend Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters. “Deze stelplaats verwacht de volgende weken en maanden nog vijf e-bussen. De overige 14 voertuigen van deze bestelling zullen worden ingezet vanuit de stelplaats Sint-Niklaas. Afgelopen legislatuur hebben we de vergroening van de busvloot bij De Lijn effectief ingezet. Door de bijkomende investeringsmiddelen die werden voorzien, kon de vervoermaatschappij verschillende bestellingen plaatsen.”

Peeters benadrukt de voordelen van e-bussen: “E-bussen verbruiken geen fossiele brandstof en stoten helemaal niets uit. Dit is zowel voor het klimaat als voor de gezondheid van wie zich in of om de bus bevindt een groot voordeel. Daarnaast koopt De Lijn alleen groene stroom, zo is er ook bij de productie van de energie geen uitstoot. Het is noodzakelijk dat deze transitie verder wordt gezet en hier de nodige middelen voor worden voorzien.”

Ann Schoubs, directeur-generaal van De Lijn, uitte haar tevredenheid over de nieuwe aanwinst: “We zijn bijzonder blij dat we ook in de regio Gent onze klanten kunnen laten genieten van de nieuwe generatie e-bussen. Net zoals alle andere e-bussen beschikken ze over vele troeven die het reizigerscomfort verhogen, zoals USB-laadpunten voor smartphones, extra-brede infoschermen met halte-informatie, elektrisch bediende oprijplaten voor minder mobiele reizigers, zetels met gerecycleerd leder, een vloerbedekking met houtlook en een verbeterde ventilatie. Maar ook aan de veiligheid en het comfort van onze chauffeurs is gedacht. De e-bussen zijn uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die in de modernste auto’s niet zouden misstaan, zoals bijvoorbeeld camera’s in plaats van spiegels en meerdere detectiesystemen om voetgangers en fietsers op te merken. Speciale aandacht is geschonken aan de stuurpost van de chauffeur, die over een eigen airco en een verwarmde en geventileerde stoel beschikt.”

De inzet van de nieuwe e-bussen vanuit Destelbergen zal de busvloot in de regio Gent verjongen en moderniseren. Dit initiatief wordt positief ontvangen door de lokale gemeenschap. Elsie Sierens, burgemeester van Destelbergen, verklaarde: “Dat het openbaar vervoer een duurzame weg inslaat en voor elektrificatie kiest, past perfect in de doelstellingen van het Burgemeestersconvenant en het Lokaal Energie- en Klimaatpact. Dat wij in Destelbergen een primeur kunnen aanbieden, namelijk dat de eerste VDL e-bussen van hieruit de regio zullen bedienen, verheugt ons des te meer.”

De keuze voor elektrische bussen sluit aan bij bredere inspanningen om de ecologische voetafdruk van het openbaar vervoer te verkleinen en de luchtkwaliteit te verbeteren. Door te investeren in moderne, milieuvriendelijke voertuigen, draagt De Lijn bij aan een schonere en gezondere leefomgeving voor zowel reizigers als omwonenden. Deze transitie is een belangrijk onderdeel van de strategie om het openbaar vervoer aantrekkelijker en duurzamer te maken, en vormt een voorbeeld voor andere regio’s in Vlaanderen en daarbuiten.

De komende maanden zullen de resterende e-bussen geleidelijk in dienst worden genomen, wat de capaciteit en betrouwbaarheid van de dienstverlening in Gent en Sint-Niklaas verder zal versterken. Met de nieuwe generatie e-bussen zet De Lijn een belangrijke stap naar een groenere toekomst en toont zij zich als een pionier op het gebied van duurzaam openbaar vervoer.