Tag archieven: vervoer

RDW onderzoekt landelijke keuring: snelle gehandicaptenvoertuigen aangepakt

Tot nu toe geldt er voor geen enkel gehandicaptenvoertuig een typegoedkeuring, terwijl sommige modellen veel weg hebben van brommobielen.

De aankondiging van minister Robert Tieman van Infrastructuur en Waterstaat brengt een duidelijke koerswijziging teweeg voor iedereen die afhankelijk is van een gehandicaptenvoertuig of ermee te maken heeft in het verkeer. De overheid wil dat deze voertuigen veiliger worden en dat het gebruik ervan beter aansluit bij het doel waarvoor ze ooit zijn bedoeld. Die omslag komt voort uit een groeiende zorg over zowel het toenemende aantal voertuigen in deze categorie als het opvallend hoge aantal incidenten in het verkeer.

Het ministerie maakt voortaan onderscheid tussen twee soorten gehandicaptenvoertuigen: de voertuigen die harder kunnen dan twintig kilometer per uur en de veel langzamere scootmobielen die onder deze snelheid blijven. Deze tweedeling moet de basis vormen voor een nieuw systeem dat zowel veiligheid als duidelijkheid moet garanderen.

keuringsplicht

Voertuigen die meer dan twintig kilometer per uur rijden, krijgen te maken met een landelijke keuringsplicht. Minister Tieman heeft laten weten dat de RDW momenteel onderzoekt hoe die keuring precies moet worden vormgegeven. Het gaat dan vooral om voertuigen die qua uiterlijk en rijgedrag dicht tegen brommobielen aan liggen, zoals de bekende Canta-achtige modellen. Hoewel deze voertuigen nu geen enkele vorm van typegoedkeuring nodig hebben, ziet het ministerie dat dit leidt tot een onwenselijke situatie. Brommobielen moeten wél aan Europese keuringsregels voldoen, maar soortgelijke gehandicaptenvoertuigen worden zonder enige controle toegelaten. De nieuwe verplichte keuring moet dat gat dichten en zorgt volgens het ministerie voor een veiliger en eerlijker systeem voor alle gebruikers en fabrikanten.

Tegelijkertijd onderzoekt het ministerie of aanvullende regels noodzakelijk zijn voor deze snellere categorie voertuigen. De aanleiding daarvoor is het groeiende aantal mensen dat een dergelijk voertuig aanschaft terwijl zij niet behoren tot de doelgroep waarvoor het bedoeld is. Sommige kopers kiezen bewust voor deze voertuigen omdat ze voordelen bieden die reguliere weggebruikers niet hebben, zoals parkeren op de stoep of deelname aan het verkeer zonder rijbewijs. Dat misbruik kan volgens het ministerie leiden tot gevaarlijke situaties en tot een scheef gebruik van de uitzonderingspositie die de voertuigen hebben.

Foto: Pitane Blue – Canta

Het ministerie verwacht in de zomer van 2026 meer duidelijkheid te kunnen geven over de aanvullende regels die gaan gelden voor de snellere voertuigen. Zodra alle beleidskeuzes zijn uitgewerkt, start het wetgevingstraject dat de nieuwe regels definitief moet vastleggen.

Voor de voertuigen die maximaal twintig kilometer per uur rijden, verandert er niets in de manier waarop ze worden toegelaten. De verantwoordelijkheid blijft daar volledig bij de fabrikant, die moet garanderen dat het voertuig technisch veilig is en zonder risico’s de weg op kan. Scootmobielen vormen veruit de grootste groep binnen deze langzamere categorie en blijven daarmee buiten de nieuwe nationale keuring. 

Minister Tieman benadrukt dat juist deze groep essentieel is voor de zelfstandigheid van veel gebruikers. Hij zegt hierover: “Gehandicaptenvoertuigen zijn voor hun gebruikers essentieel in het dagelijks leven. Sommige mensen kunnen zonder deze voertuigen helemaal niet meer naar buiten. Ik vind het dan ook belangrijk dat we als Rijk de drempel voor toelating laag houden, tegelijkertijd zie ik ook dat er relatief veel slachtoffers vallen met deze voertuigen. Juist daarom is het cruciaal om goed te kijken naar de voorwaarden: niet meer regels dan noodzakelijk, maar wel voldoende om de veiligheid te waarborgen.”

Pukkelpop: gratis vervoer en fietsenstalling zorgen voor duurzaam vervoer

Het Limburgse muziekfestival Pukkelpop zet dit jaar opnieuw zwaar in op slimme en duurzame mobiliteitsoplossingen.

Naast het indrukwekkende muziekprogramma draait het evenement ook om een sterke samenwerking tussen overheden, vervoersmaatschappijen en de organisatie zelf. Het resultaat is een uitgekiend netwerk van gratis pendelbussen, nachtbussen en veilige fietsroutes, waarmee tienduizenden bezoekers op een comfortabele en milieuvriendelijke manier naar het festivalterrein in Kiewit en weer veilig thuis worden gebracht.

De samenwerking tussen Pukkelpop, vervoersmaatschappij De Lijn, provincie Limburg, stad Hasselt en maar liefst 33 andere Limburgse gemeenten wordt inmiddels gezien als een voorbeeldproject. Vlaams minister van Mobiliteit, Annick De Ridder, benadrukt het belang hiervan: “Een hele zomer lang vervoert De Lijn op een veilige en duurzame manier festivalgangers. De combinatie van pendel- en nachtbussen tijdens Pukkelpop is de garantie op een lang festivalweekend met een vlotte en veilige mobiliteit. Het festival, provincie Limburg, de lokale besturen en De Lijn bewijzen al jaren consequent dat slim openbaar vervoer een garantie is voor een vlotte organisatie.”

pendelbussen

Het systeem van gratis pendelbussen vormt een belangrijk onderdeel van deze aanpak. Van donderdag 14 augustus tot en met maandag 18 augustus rijden de bussen van ’s ochtends vroeg tot diep in de nacht tussen station Hasselt en de festivalweide. De dienst is volledig gratis en sluit naadloos aan op de treinverbindingen. Pukkelpop-woordvoerder Frederik Luyten ziet vooral de praktische voordelen: “De pendelbussen rijden letterlijk tot aan de ingang van het festival. Geen parkeerproblemen, geen stress. Trein en bus, maar ook de fiets, zijn de vlotste, veiligste en milieuvriendelijkste keuzes.”

Foto: © Pitane Blue – De Lijn

Naast de pendelbussen spelen de nachtbussen een cruciale rol in de veiligheid van de festivalgangers. Vijftien nachtlijnen brengen bezoekers na afloop van de laatste optredens rechtstreeks naar tientallen gemeenten verspreid over de regio. Deze service is gratis voor inwoners van de deelnemende gemeenten, mits zij hun PKP25-polsbandje tonen. De bussen vertrekken op vaste tijden, variërend van 0.30 uur tot 2.30 uur, afhankelijk van de dag. Volgens gedeputeerde voor Mobiliteit Laura Olaerts is het project een groot succes: “Sinds 2014 zorgen we ervoor dat duizenden jongeren veilig thuiskomen na een nacht vol muziek. Het gebruik stijgt elk jaar, en dat bevestigt dat we echt inspelen op een reële behoefte.”

fietsers

Ook de fiets krijgt dit jaar weer een prominente plaats in de mobiliteitsaanpak van Pukkelpop. Met meer dan 15.000 bezoekers per dag die voor de fiets kiezen, is het tweewielige vervoermiddel uitgegroeid tot een onmisbare pijler. De provincie Limburg, bekend als fietsprovincie, heeft samen met de stad Hasselt en de festivalorganisatie gezorgd voor een grote, bewaakte fietsenstalling vlak bij het terrein. Deze faciliteit sluit aan op een uitgebreid netwerk van fietssnelwegen, waardoor bezoekers snel en veilig het festival kunnen bereiken.

De gezamenlijke inspanningen van alle betrokken partijen tonen aan dat grootschalige evenementen niet per se synoniem hoeven te zijn met verkeerschaos en milieubelasting. Door het aanbieden van aantrekkelijke, gratis alternatieven voor de auto, wordt niet alleen de veiligheid van bezoekers verhoogd, maar ook de ecologische voetafdruk van het festival aanzienlijk verkleind. Met deze aanpak bewijst Pukkelpop dat een goed doordacht mobiliteitsplan net zo belangrijk kan zijn als de line-up zelf.en.

Recordaantal mensen pakt fiets: fietsforens massaal terug in het straatbeeld

Vandaag maakt het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat bekend dat het ambitieuze doel om 100.000 extra forenzen op de fiets naar het werk te krijgen, ruimschoots is overtroffen.

De cijfers spreken voor zich: sinds het tweede kwartaal van 2022 zijn er maar liefst 380.000 nieuwe fietsforenzen bijgekomen. Daarmee komt het totaal op bijna 2,8 miljoen Nederlanders die op de fiets naar hun werk gaan. Een forse stijging ten opzichte van de periode voor corona, toen het aantal rond de 2,4 miljoen lag.

De cijfers zijn afkomstig uit de jaarlijkse monitor van het fietsgebruik in het woon-werkverkeer, die wordt uitgevoerd door Dat.mobility in opdracht van het ministerie. Voor deze monitor wordt gebruik gemaakt van data uit het Nederlands Verplaatsingspanel, waarbij kwartaalcijfers over meerdere jaren worden vergeleken.

gedragsverandering

De groei is opvallend en valt samen met de toename van het aantal banen. Sinds 2022 is de werkzame beroepsbevolking met 4 procent gegroeid. Toch verklaart dat niet volledig de forse stijging van het aantal fietsende forenzen. Volgens de monitor zijn er duidelijke tekenen van gedragsverandering: meer mensen kiezen bewust voor de fiets, met name in stedelijke gebieden en op middellange afstanden tussen de 15 en 25 kilometer.

Ook de combinatie van fiets en openbaar vervoer wint aan populariteit. Sinds 2022 is het spitsgebruik van trein en bus merkbaar toegenomen, waarbij forenzen vaker de fiets gebruiken om van en naar het station te reizen. Deze multimodale manier van reizen lijkt bij te dragen aan het succes van de fiets als vervoersmiddel voor woon-werkverkeer.

Foto: © Pitane Blue – Chris Jansen Staatssecretaris van Openbaar Vervoer en Milieu

Staatssecretaris Jansen van Infrastructuur en Waterstaat laat weten trots te zijn op de ontwikkeling: “Steeds meer mensen kiezen ervoor om naar het werk te fietsen. Dat is een mooie ontwikkeling die laat zien hoe stevig de fiets verankerd is in het dagelijks leven van veel Nederlanders. En de fiets pakken geeft niet alleen een gevoel van vrijheid, het ontlast ook het wegennetwerk en zorgt daarmee voor een beter bereikbaar Nederland.”

fietsforensen

Toch is er ook een opvallende kanttekening. Hoewel het aantal fietsforensen in absolute aantallen stijgt, blijft het aandeel van de fiets in de totale verdeling van vervoersmiddelen stabiel. Een eenduidige verklaring is er niet, maar het weer lijkt een rol te spelen. Zo viel er in de laatste maanden van 2023 veel regen, wat mogelijk invloed heeft gehad op de bereidheid van mensen om de fiets te pakken. Nieuwe fietsers blijken gevoeliger voor weersomstandigheden dan de doorgewinterde fietsende forens. Ook de veranderende aard van werkafspraken speelt mogelijk mee, waarbij de fiets niet altijd een praktische optie is.

Het ministerie blijft ondertussen inzetten op stimulering van het fietsgebruik. Met campagnes als ‘Da’s zo gefietst!’ en regelingen voor leasefietsen worden mensen aangespoord om vaker de fiets te pakken. Daarnaast wordt er flink geïnvesteerd in fietsinfrastructuur, vaak in samenwerking met provincies, gemeenten en werkgevers. Het beleid lijkt zijn vruchten af te werpen, maar het ministerie blijft alert om deze positieve trend vast te houden.

GVB krijgt felle kritiek: noord dreigt verder te worden afgesloten van de stad

De bereikbaarheid van Amsterdam-Noord staat opnieuw zwaar onder druk door de geplande veranderingen in het openbaar vervoer.

Vooral de aangekondigde herinrichting van het busnetwerk door het GVB zorgt voor grote onrust in het stadsdeel. Bewoners, experts én lokale bestuurders slaan alarm, want volgens hen dreigen delen van Noord nog verder geïsoleerd te raken van de rest van de stad.

Stadsdeelbestuurder Yassmine el Ksaihi (D66) uitte openlijk haar zorgen over de plannen van het GVB in Het Parool. Ze waarschuwt dat de mobiliteit in Noord, die al jaren onder druk staat, met de nieuwe dienstregeling nog verder achteruit dreigt te gaan. “Noord had het al moeilijk, maar krijgt het nu ongenadig voor zijn kiezen,” aldus El Ksaihi. Volgens haar wordt de bereikbaarheid van cruciale wijken ernstig aangetast als de plannen doorgaan zoals nu voorgesteld.

aanpassingen

De aanpassingen betreffen onder meer buslijn 36, die voortaan via een snellere route naar station Sloterdijk moet rijden. Die wijziging betekent echter ook dat de bus niet langer stopt bij diverse haltes die voor veel bewoners van essentieel belang zijn. Het GVB stelt dat de wijzigingen zijn bedoeld om de efficiëntie van het netwerk te verhogen, maar deze redenering stuit op veel kritiek. Veel bewoners van Noord hebben namelijk helemaal geen baat bij snellere verbindingen als de haltes die zij nodig hebben simpelweg verdwijnen.

De problemen met het openbaar vervoer in Noord zijn niet nieuw. Sinds de komst van de Noord/Zuidlijn is er veel onvrede over de gevolgen voor de bereikbaarheid. Waar bewoners vroeger nog directe busverbindingen naar het centrum hadden, moeten zij nu vaak eerst met een pendelbus naar een metrostation reizen om vervolgens via de metro naar hun bestemming te gaan. Dit leidt niet alleen tot langere reistijden, maar ook tot hogere kosten en meer overstappen. Mobiliteitsexpert Rob van der Bijl wijst op het bredere probleem: “Mobiliteit wordt vaak puur als verkeerskundig probleem gezien. Maar je moet het ook maatschappelijk bekijken. Daarvoor hebben bestuurders vaak een blinde vlek.”

Metrostation Amsterdam

De kwetsbaarheid van het vervoerssysteem in Noord werd begin dit jaar pijnlijk duidelijk. In januari 2024 zorgde een gesprongen waterleiding bij metrostation Sixhaven ervoor dat de Noord/Zuidlijn enkele dagen niet verder reed dan Amsterdam Centraal. Tegelijkertijd viel ook de drukste veerverbinding uit door schade aan het ponton bij de Buiksloterweg. De chaos die daarop volgde – lange rijen bij pendelbussen en overvolle ponten – onderstreepte de afhankelijkheid van Noord van een beperkt aantal verbindingen.

oeververbinding

Het stadsdeelbestuur pleit al langer voor structurele oplossingen, zoals de aanleg van bruggen over het IJ om de fysieke kloof tussen Noord en de rest van de stad te verkleinen. Een vaste oeververbinding staat weliswaar gepland, maar zal op zijn vroegst pas in 2032 gerealiseerd worden. Bovendien is de financiering nog verre van rond. Tot die tijd blijft Noord afhankelijk van een fragiel OV-netwerk dat bij iedere storing direct piept en kraakt.

De discussie over het openbaar vervoer in Noord raakt aan een breder probleem: de stad groeit snel, maar de infrastructuur groeit niet mee. Terwijl er nieuwe woningen en wijken bij komen, blijft de bereikbaarheid van Noord achter. Als de stad geen extra stappen zet om deze achterstand in te halen, dreigt een groot deel van Amsterdam structureel slecht bereikbaar te worden – met alle gevolgen van dien voor bewoners, forenzen en ondernemers.

Vrijwilligers achter het stuur: de helden van het dorp zorgen dat iedereen erbij hoort

Vrijwilligersvervoer speelt een onmisbare rol in de mobiliteit van tienduizenden Nederlanders die afhankelijk zijn van hulp om zich te verplaatsen.

Overal in het land zetten vrijwilligers zich in om mensen met een beperking, ouderen en andere minder mobiele burgers van deur tot deur te vervoeren. Deze vorm van vervoer is vaak het enige alternatief voor mensen die niet zelfstandig kunnen reizen en buiten het bereik wonen van reguliere openbaar vervoerslijnen.

Vrijwillige chauffeurs spelen een cruciale rol binnen de organisatie van bijvoorbeeld Lentekind, waar zij dagelijks met toewijding en zorg het busvervoer voor kinderen verzorgen. Deze groep gemotiveerde vrijwilligers is niet alleen betrokken, maar ook goed voorbereid op hun taak. Elke chauffeur bij Lentekind heeft een medische keuring en een rijvaardigheidstest met succes doorlopen. Daarnaast zijn zij grondig geïnstrueerd over het vervoersprotocol en het calamiteitenplan dat specifiek is opgesteld voor het vervoer van kinderen. Deze aanpak garandeert dat veiligheid tijdens iedere rit vooropstaat.

Door te werken met een vaste groep goed getrainde vrijwillige chauffeurs creëert Lentekind een vertrouwde en veilige omgeving voor de kinderen die dagelijks gebruikmaken van het busvervoer. De betrokkenheid van deze vrijwilligers reikt verder dan alleen het besturen van een voertuig: zij bouwen een band op met de kinderen en vormen een belangrijk onderdeel van hun dagelijkse routine. De chauffeurs zorgen niet alleen voor een veilige rit, maar dragen ook bij aan de rust en structuur die voor veel van de kinderen onmisbaar is.

buurtbus

In Noord-Holland zijn inmiddels meer dan honderd vrijwillige vervoersdiensten actief, blijkt uit gegevens van het Kenniscentrum Vrijwilligersvervoer. Duizenden vrijwilligers zijn betrokken bij deze diensten, die variëren van vaste routes tot flexibel deur-tot-deurvervoer. De buurtbus is een bekend voorbeeld van het eerste type, waarbij vrijwilligers een bus rijden op minder rendabele trajecten die door reguliere vervoerders zijn verlaten. De buurtbus valt onder het openbaar vervoer en zorgt ervoor dat dorpen en buitengebieden toch bereikbaar blijven.

Toch is het vooral het deur-tot-deurvervoer dat de ruggengraat vormt van het vrijwilligersvervoer. Vrijwilligers nemen hierin de rol op zich van chauffeur, luisterend oor en in sommige gevallen ook begeleider. Deze diensten brengen mensen naar dagbesteding, medische afspraken, familiebezoek of sociale activiteiten. Het zijn ritten die verder gaan dan enkel vervoer; ze vormen een cruciale schakel in het sociale leven van kwetsbare groepen.

sociaal vangnet

Voor vervoer naar dagbesteding of dagbehandeling ligt de verantwoordelijkheid bij de zorgaanbieder, die verplicht is om passend vervoer te organiseren. Dit geldt ook voor cliënten met een indicatie op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz). Wanneer het gaat om sociaal vervoer, zoals bezoekjes aan familie of deelname aan groepsuitjes, valt dit onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Gemeenten zijn dan aan zet en maken afspraken met vervoerders of met zorgaanbieders over de uitvoering.

Foto: © Pitane Blue – Blauwe Engelen Den Bosch

Met een glimlach achter het stuur en een microfoon in de hand rijden ze door de stad: de vrijwillige chauffeurs van de Blauwe Engel, de gratis hop-on/hop-off busdienst die toeristen én bewoners op een gastvrije manier door de stad leidt. Deze busjes rijden volgens een vaste route van dinsdag tot en met zondag en vormen daarmee een laagdrempelig en vrolijk vervoersalternatief voor wie de stad wil verkennen.

De Blauwe Engel is meer dan alleen vervoer. Elke vrijwilliger is niet alleen chauffeur, maar ook gastheer of vrouw. Tijdens de ritten vertellen zij passagiers verhalen over de stad, wijzen op bijzondere plekken en geven tips voor leuke uitstapjes. Het concept is inmiddels een vertrouwd gezicht in het straatbeeld geworden. De blauwe busjes stoppen op herkenbare haltes, waar mensen op ieder gewenst moment kunnen instappen om verder te reizen langs musea, winkelgebieden of historische wijken.

veilige rit

Het belang van goede begeleiding onderweg wordt steeds vaker erkend. Kwetsbare cliënten hebben niet alleen baat bij een veilige rit, maar ook bij een chauffeur die weet hoe om te gaan met dementie, mobiliteitsproblemen of psychische kwetsbaarheid. Een vriendelijke begroeting, een helpende hand bij het instappen en een luisterend oor kunnen het verschil maken tussen een geïsoleerde dag en een waardevolle ervaring.

Vrijwilligersvervoer is daarmee niet alleen een vervoersdienst, maar een sociaal vangnet dat zich uitstrekt tot in de haarvaten van de samenleving. Het maakt dagelijkse bezigheden zoals therapie, werk in een atelier of bezoekjes aan een kaartclub weer mogelijk voor mensen die anders thuis zouden blijven. En dat dankzij mensen die zich vrijwillig inzetten, vaak zonder veel erkenning maar met een groot hart.

Te weinig bussen: reizigersvereniging Rover hekelt gemakzucht bij NS en Prorail

Het geduld van de Nederlandse treinreiziger wordt zwaar op de proef gesteld.

Steeds vaker komen zij terecht in een wirwar van spoorwerkzaamheden, vertraagde bussen en gebrekkige informatievoorziening. Reizigersvereniging Rover luidt nu de noodklok en stelt dat de organisatie van vervangend vervoer en communicatie bij werkzaamheden drastisch anders moet. “De huidige praktijk voldoet niet. Het moet anders,” stelt directeur Freek Bos resoluut.

Aanleiding voor de scherpe analyse is een omvangrijk reizigersonderzoek dat Rover het afgelopen half jaar uitvoerde onder 3700 treinreizigers. Zij werden bevraagd over hun ervaringen bij grootschalige werkzaamheden op het spoor. De uitkomsten zijn volgens Rover alarmerend en wijzen op een patroon van gebrekkige voorbereiding en weinig empathie voor de dagelijkse reiziger.

informatie

Op dit moment krijgen reizigers doorgaans pas tien dagen voor aanvang van werkzaamheden te horen dat hun traject wordt onderbroken of dat ze op een bus moeten overstappen. Volgens Bos is dat “echt niet meer van deze tijd.” Reizigers zouden minimaal drie maanden van tevoren geïnformeerd moeten worden, zodat ze de kans krijgen hun reisgedrag aan te passen of alternatieven te overwegen. “De spoorsector moet fundamenteel anders omgaan met werkzaamheden. Het is de hoogste tijd om het gemak van de reiziger voorop te zetten in plaats van het gemak van de organisatie,” aldus Bos.

De komende jaren neemt het aantal werkzaamheden alleen maar toe, mede door de grootschalige modernisering van het spoor, het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) en onderhoud aan verouderde infrastructuur. Daarbij komen de werkzaamheden ook steeds vaker voor op doordeweekse dagen, waardoor forenzen en scholieren direct worden getroffen. Rover ziet daarin een directe noodzaak om de hele aanpak opnieuw tegen het licht te houden.

Een van de grootste pijnpunten is de gebrekkige afstemming van vervangend vervoer.

Reizigers worden nu vaak gedwongen meerdere keren over te stappen, bijvoorbeeld van trein op bus en dan weer terug naar de trein, ook bij korte trajecten. Rover pleit ervoor dat vervangende bussen niet alleen op het getroffen deeltraject rijden, maar ook doorrijden naar populaire eindbestemmingen. Daarmee kan veel frustratie en tijdverlies worden voorkomen. Ook moet er meer worden gekeken naar samenwerking met bestaande streekvervoerders om de capaciteit en dekking te verbeteren.

onderzoek

Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat de timing en omstandigheden van werkzaamheden zelden worden afgestemd op de ervaring van de reiziger. Zo vinden werkzaamheden regelmatig plaats in de wintermaanden, waarbij reizigers op tochtig perrons moeten wachten zonder binnenruimte of verwarming. “Soms vereist het creatief denken in oplossingen zoals samenwerken met bestaande streekbussen. Soms kan het ook zo simpel zijn als het aanbieden van een kopje koffie en uitleggen wat er aan de hand is,” aldus Bos.

Rover is inmiddels begonnen met het zelf publiceren van geplande werkzaamheden op hun website. De pagina is sinds de lancering al 10.000 keer bekeken, wat volgens de vereniging aantoont dat er een grote behoefte is aan transparante en tijdige informatie. Het volledige onderzoeksrapport is gedeeld met vervoerders, provincies en ProRail, in de hoop dat zij de aanbevelingen ter harte nemen.

De roep om verandering is helder. De reiziger wil duidelijkheid, comfort en vooral: serieus genomen worden. Zolang de spoorsector blijft redeneren vanuit interne planningen in plaats van vanuit de dagelijkse realiteit van de reiziger, zal de frustratie alleen maar toenemen.

OV-abonnement: Amersfoort biedt gratis OV aan inwoners met laag inkomen

In Amersfoort kunnen inwoners met een laag inkomen vanaf 1 april 2025 een gratis OV-abonnement aanvragen.

Dit initiatief is een samenwerking tussen de gemeente Amersfoort en de provincie Utrecht en biedt een jaar lang gratis reizen in de daluren binnen de provincie. Het project is bedoeld om mobiliteit toegankelijker te maken voor mensen met een beperkt budget en is een vervolg op een eerdere proef voor senioren.

Het gratis OV-abonnement is beschikbaar voor volwassenen en jongeren tussen de 12 en 17 jaar die op hetzelfde adres wonen als een deelnemende volwassene. Met dit abonnement kunnen zij doordeweeks buiten de spitsuren en in het weekend de hele dag gratis reizen met bussen en trams van U-OV en Syntus Utrecht. Ook als de bus- of tramlijn gedeeltelijk buiten de provincie Utrecht rijdt, blijft het abonnement geldig.

Om in aanmerking te komen, moet het gezinsinkomen niet hoger zijn dan 150% van de bijstandsnorm. Daarnaast is een persoonlijke OV-chipkaart met foto vereist, waarop het gratis reisproduct wordt geladen. Inwoners die nog geen OV-chipkaart hebben, kunnen deze aanvragen via de officiële website van de OV-chipkaart.

Foto: © Pitane Blue – ouder koppel bij de bushalte

Met deze regeling hoopt de gemeente Amersfoort de financiële druk op mensen met een laag inkomen te verlichten en hen meer mogelijkheden te bieden om zich vrij door de stad en de provincie te verplaatsen.

Voor senioren die in 2024 deelnamen aan de proef ‘Gratis reizen voor 66+ met een krappe beurs’ is er goed nieuws: zij kunnen opnieuw gebruikmaken van deze regeling. In februari 2025 ontvangen zij een brief van de provincie Utrecht met een speciale aanmeldcode, waarmee zij zich vanaf 1 april opnieuw kunnen inschrijven.

De aanvraagperiode loopt van 1 april tot en met 30 september 2025. Het aanvraagformulier is nog niet beschikbaar, maar wordt tegen die tijd op de website van de gemeente geplaatst. Inwoners die op de hoogte willen blijven, kunnen een e-mail sturen naar gratisov@amersfoort.nl om een melding te ontvangen zodra de aanvraagprocedure start.

Doelgroepenvervoer: juridische strijd Trevvel zet cruciale vervoersdienst onder druk

De juridische strijd tussen vervoerder Trevvel en de gemeente Rotterdam heeft de aanbesteding voor het doelgroepenvervoer voorlopig stilgelegd.

Hierdoor ontstaat onzekerheid over het vervoer van kwetsbare groepen, waaronder ouderen en kinderen, vanaf de zomer van 2025. Het huidige contract met Trevvel loopt af op 21 juli 2025. Met een uitspraak in het kort geding pas op 10 februari volgend jaar, komt de voorbereidingstijd voor een nieuwe vervoerder ernstig in het gedrang.

Volgens Mirl de Bruin, algemeen directeur van Trevvel, is minimaal zes maanden nodig om een nieuwe vervoerder klaar te stomen voor de dagelijkse logistiek van duizenden passagiers. Dit betekent dat er een enorm tijdsdruk ontstaat zodra de rechtbank haar oordeel velt. De stilgelegde aanbesteding moet dan opnieuw worden opgestart, een vervoerder moet worden gekozen en deze moet zich voorbereiden op het opzetten van een operationele dienst.

In de dagvaarding, die in handen is van het AD, uit Trevvel haar zorgen over de korte termijn. De Bruin benadrukt dat de gemeente een plan moet hebben om te voorkomen dat kwetsbare kinderen niet meer naar school kunnen of ouderen hun dagelijkse zorg missen als er op 22 juli 2025 geen nieuwe vervoerder operationeel is.

De gemeente Rotterdam heeft de aanbesteding van het doelgroepenvervoer tijdelijk stilgelegd na een juridische ingreep door vervoerder Trevvel. Het bedrijf, dat de afgelopen jaren verantwoordelijk was voor het vervoer van kwetsbare doelgroepen zoals ouderen, kinderen en mensen met een beperking, heeft een kort geding aangespannen. Trevvel stelt dat de voorwaarden van de nieuwe aanbesteding onrealistisch en onredelijk zijn. Volgens het bedrijf gaan de eisen gepaard met een stevige bezuiniging van miljoenen euro’s en extra verplichtingen, waaronder de vernieuwing van het wagenpark.

Het stilleggen van de aanbesteding raakt direct de meest kwetsbare groepen in Rotterdam. Duizenden kinderen, veelal met speciale behoeften, zijn afhankelijk van betrouwbaar vervoer om naar school te gaan. Daarnaast gebruiken ouderen en mensen met een beperking het doelgroepenvervoer om bijvoorbeeld dagbestedingen of medische afspraken te bereiken.

De juridische stap roept vragen op over de toekomst van het contract en de positie van Trevvel binnen het Rotterdamse vervoerslandschap. Het bedrijf kampt al jaren met kritiek op haar dienstverlening en zou volgens sommigen tekortgeschoten zijn in het naleven van de contractuele verplichtingen.

Juridisch steekspel om aanbestedingseisen

In het kort geding stelt Trevvel dat de gemeente onredelijke eisen heeft gesteld in de nieuwe aanbesteding. De voorwaarden zouden niet alleen leiden tot een financieel verlies, maar ook gepaard gaan met operationele onzekerheden die volgens het bedrijf moeilijk te realiseren zijn binnen de gestelde termijn. De eis om het wagenpark te vernieuwen wordt door Trevvel gezien als een bijkomende belemmering, zeker in een periode waarin de sector te maken heeft met stijgende kosten en personeelstekorten.

Foto: © Pitane Blue – Trevvel Rotterdam

De gemeente Rotterdam heeft aangegeven dat de aanbesteding tijdelijk wordt stilgelegd totdat de rechter een uitspraak heeft gedaan. Volgens bronnen binnen de gemeente blijft men echter vasthouden aan het belang van een transparante en eerlijke aanbestedingsprocedure, waarbij kwaliteit en betrouwbaarheid centraal staan.

De gemeente Rotterdam benadrukt dat de dienstverlening onder het huidige contract met Trevvel voorlopig doorloopt. Tegelijkertijd wordt erkend dat er een alternatieve noodoplossing nodig zal zijn als het aanbestedingsproces te veel vertraging oploopt. Een dergelijk scenario zou extra kosten en organisatorische uitdagingen met zich meebrengen, aangezien het om grootschalige logistiek gaat.

De gemeente zal mogelijk moeten nadenken over een overgangsregeling als de nieuwe vervoerder niet op tijd klaar is. Dit kan betekenen dat Trevvel tijdelijk haar diensten blijft leveren, of dat een noodcontract met een andere partij wordt afgesloten. Beide opties brengen echter financiële en organisatorische risico’s met zich mee.

Foto: © Pitane Blue – planning

Het organiseren en implementeren van een groot contract als dat voor het doelgroepenvervoer vraagt om uitgebreide voorbereiding. Niet alleen moeten voertuigen en chauffeurs beschikbaar zijn, maar ook de logistieke planning en communicatie met de gebruikers moeten tijdig op orde zijn. Als de aanbesteding pas in februari wordt hervat, is de tijd krap om alles operationeel te krijgen voor juli 2025

Trevvel zelf heeft in de afgelopen jaren meerdere malen onder vuur gelegen vanwege gebrekkige dienstverlening. Gebruikers klaagden onder meer over taxi’s die niet kwamen opdagen, slecht bereikbare klantenservice en lange wachttijden. Dit heeft geleid tot publieke onrust en harde kritiek van zowel de Rotterdamse ombudsman als de kinderombudsman. Vooral het missen van schooldagen door kinderen en de onbetrouwbaarheid van het vervoer voor ouderen werden als schrijnend ervaren.

De problemen leidden tot vragen in de gemeenteraad en extra toezicht op Trevvel, maar desondanks mocht het bedrijf haar contract behouden. Voor deze nieuwe aanbesteding wordt nu gekeken of de gemeente de eerdere problemen mag meewegen bij de beoordeling van nieuwe inschrijvingen.

controle op inschrijvingen

De Nederlandse aanbestedingswet biedt overheden de mogelijkheid om bedrijven uit te sluiten van deelname aan een nieuwe procedure als er sprake is van ernstige fouten bij eerdere contracten. Deze uitsluiting moet echter wel goed onderbouwd zijn en proportioneel worden toegepast. Voor kleine of incidentele fouten is uitsluiting niet gebruikelijk, maar bij structurele problemen zoals die van Trevvel kan de situatie anders liggen.

Experts wijzen erop dat aandeelhouders van bedrijven soms proberen via een nieuwe entiteit mee te dingen naar een aanbesteding. De wet verplicht bedrijven echter om transparant te zijn over eventuele relaties met andere inschrijvende partijen. Als een dergelijk verband wordt ontdekt en het doel blijkt het omzeilen van eerdere problemen, kan dit leiden tot uitsluiting of zelfs juridische consequenties.

doelgroepenvervoer in Rotterdam

De toekomst van het doelgroepenvervoer in Rotterdam hangt nu af van de uitspraak van de rechter en het verdere verloop van de aanbesteding. Als Trevvel erin slaagt om aan te tonen dat de gestelde eisen onredelijk zijn, kan dit de aanbesteding fundamenteel veranderen. Tegelijkertijd zal de gemeente blijven toetsen of het bedrijf in staat is om haar dienstverlening op orde te krijgen en eerdere fouten niet herhaalt.

Voor gebruikers van het doelgroepenvervoer is de onzekerheid zorgelijk. De gemeente benadrukt echter dat de dienstverlening tijdens de juridische procedure gewoon doorgaat en dat de kwetsbare doelgroepen op wie de dienstverlening gericht is, niet worden geraakt door de lopende juridische strijd.

Het huidige contract met Trevvel loopt tot 21 juli 2025.

Nieuwe regels ACM: forsere boetes voor overtredingen in vervoerssector

De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft recentelijk haar beleidsregels met betrekking tot bestuurlijke boetes voor de vervoerswetgeving herzien.

Dit besluit markeert een significante wijziging in het boetebeleid dat van toepassing is op overtredingen binnen verschillende sectoren van de vervoersindustrie. Deze actualisering volgt na een aanzienlijke periode van inactiviteit op dit gebied, waarbij de laatste herziening in 2015 plaatsvond naar aanleiding van de Stroomlijningswet.

Een van de belangrijkste wijzigingen betreft de invoering van nieuwe definities en de uitbreiding van de bijlage waarin overtredingen en de bijbehorende boetecategorieën worden ingedeeld. De wijzigingen zijn mede ingegeven door de inwerkingtreding van de Wet verhoging boetemaxima, waardoor het maximumbedrag voor bestuurlijke boetes werd verhoogd van 450.000 euro naar 900.000 euro. Deze verhoging weerspiegelt de noodzaak om de sancties af te stemmen op de ernst van de overtredingen en de economische kracht van de overtreders.

De ACM heeft nu ook specifieke bepalingen toegevoegd om te kunnen handhaven op grond van de nieuwe Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening. Deze wet, die op 26 februari 2021 in werking trad, maakt het mogelijk voor de ACM om bestuurlijke boetes op te leggen voor overtredingen van Verordening (EU) 2017/352. Deze verordening, vastgesteld door het Europees Parlement en de Raad op 15 februari 2017, legt een kader vast voor het verrichten van havendiensten en bevat gemeenschappelijke regels inzake de financiële transparantie van havens. Met de toevoeging van artikel 6a in de beleidsregels heeft de ACM haar bevoegdheid bevestigd om op basis van deze nieuwe wet te handhaven.

Naast het verwerken van deze nieuwe wettelijke taak in de beleidsregels, heeft de ACM van de gelegenheid gebruik gemaakt om de bestaande boetebevoegdheden voor andere vervoerswetten te actualiseren. Dit omvat onder meer het schrappen van vervallen wettelijke bepalingen uit de bijlage en het actualiseren van de boetehoogten tussen de verschillende wetten. In sommige gevallen heeft dit geleid tot een verhoging van het boetemaximum, hetgeen de noodzaak benadrukt om de sancties in lijn te brengen met de huidige economische realiteit en de ernst van de overtredingen.

De indeling van overtredingen in categorieën blijft een belangrijk aspect van het boetebeleid.

Deze indeling helpt bij het bepalen van de hoogte van de boetes, gebaseerd op de jaaromzet van de overtreder en de ernst van de overtreding. De overtredingen van de Loodsenwet, Spoorwegwet, Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening, Wet luchtvaart en Wet personenvervoer 2000 zijn ingedeeld in verschillende categorieën, die variëren in de mate van financiële sancties. Deze indeling zorgt voor consistentie en proportionaliteit in de handhaving, waardoor overtreders afhankelijk van hun economische omvang en de ernst van hun overtredingen worden beboet.

De actualisering van de beleidsregels door de ACM is ook een gevolg van de wijzigingen die reeds doorgevoerd zijn in diverse wetten. Hierdoor zijn nieuwe overtredingen toegevoegd en vervallen bepalingen verwijderd uit de boetecategorieën, wat bijdraagt aan een meer accuraat en up-to-date boetebeleid. Deze veranderingen versterken de handhavingseffectiviteit van de ACM en zorgen ervoor dat de regelgeving beter aansluit bij de huidige stand van zaken in de vervoerssector.

De publicatie van dit besluit in de Staatscourant markeert de formele inwerkingtreding van deze wijzigingen. De ACM heeft hiermee haar instrumentarium voor toezicht en handhaving aanzienlijk versterkt, wat bijdraagt aan een betere naleving van de vervoerswetgeving en het waarborgen van eerlijke concurrentie en transparantie binnen de vervoerssector.

Dit besluit werd vastgelegd onder zaaknummer ACM/UIT/623763.

IT-TRANS 2024: innovatie en verbinding in de schijnwerpers

Karlsruhe staat in het teken van openbaar vervoer.

Van 14 tot en met 16 mei 2024 wordt de Messe Karlsruhe omgetoverd tot een hub van innovatie en uitwisseling voor professionals in het openbaar vervoer. De IT-TRANS, die sinds de oprichting in 2008 internationaal erkend is, trekt leiders, besluitvormers en praktijkdeskundigen van over de hele wereld die vooroplopen in de digitalisering en technologische vernieuwing van openbaar vervoer.

In samenwerking met de UITP, de Internationale Vereniging voor Openbaar Vervoer, biedt IT-TRANS een unieke kans om inzicht te krijgen in de nieuwste ontwikkelingen die het openbaar vervoer revolutioneren. De onderwerpen variëren van kunstmatige intelligentie en autonome mobiliteitsoplossingen tot innovatieve betaal- en ticketingsystemen, en actuele uitdagingen op het gebied van cyberbeveiliging en gegevensbeheer. Er worden meer dan 180 sprekers verwacht die hun expertise delen over deze en andere kritieke aspecten van de sector.

Het belang van IT-TRANS als leidend platform voor het uitwisselen van kennis en het presenteren van nieuwe technologieën in het openbaar vervoer kan niet genoeg worden benadrukt. Het fungeert als een katalysator voor vooruitgang door besluitvormers en experts samen te brengen die gezamenlijk de toekomst vormgeven. Het programma van de beurs is specifiek ontworpen om praktische oplossingen en toekomstgerichte ideeën te presenteren die direct aansluiten bij de behoeften en uitdagingen van de sector.

Foto: persdienst IT-TRANS – Jürgen Rösner

Naast de discussies en lezingen biedt IT-TRANS ook een uitgebreide tentoonstelling waar toonaangevende bedrijven uit de branche hun nieuwste producten en diensten presenteren. Deze mix van theoretische discussie en praktische demonstratie stelt de deelnemers in staat om zowel het huidige spectrum aan mogelijkheden als toekomstige trends uit de eerste hand te ervaren.

Het evenement belooft niet alleen een platform voor kennisuitwisseling en netwerken, maar ook een belangrijke gelegenheid voor samenwerking en het opbouwen van zakelijke relaties. De registratie voor IT-TRANS 2024 is reeds geopend, en de organisatoren verwachten een actieve deelname van zowel exposanten als bezoekers.

Tot slot kan worden geconcludeerd dat IT-TRANS 2024 niet alleen een evenement is waar men zijn kennis kan verbreden, maar ook een bijeenkomst die actief bijdraagt aan de vormgeving van de toekomst van het openbaar vervoer. Het biedt een onmisbaar platform voor professionals die de dynamiek van de sector willen begrijpen en beïnvloeden.