De bereikbaarheid van de politie staat onder druk en dat merken burgers steeds vaker wanneer zij het landelijke nummer 0900-8844 bellen voor niet-spoedeisende zaken.
Uit onderzoek van Kassa blijkt dat de wachttijden de afgelopen jaren fors zijn opgelopen, terwijl het aantal telefoontjes slechts beperkt is gestegen. Waar bellers in 2021 nog relatief snel werden geholpen, is de realiteit in 2025 aanzienlijk verslechterd.
Gemiddeld kregen mensen in 2021 binnen zestien seconden iemand aan de lijn. Vier jaar later is dat opgelopen tot 103 seconden. Een uitschieter vond plaats in september 2025, toen de wachttijd gemiddeld zelfs 246 seconden bedroeg, ruim vier minuten. Daarmee blijft de politie ver verwijderd van de eigen norm, die voorschrijft dat 80 procent van de telefoontjes binnen twintig seconden moet worden opgenomen. In de praktijk wordt die doelstelling al langere tijd niet meer gehaald.
afhaken
De gevolgen van de oplopende wachttijden zijn zichtbaar in het gedrag van bellers. Steeds meer mensen haken voortijdig af en verbreken de verbinding voordat zij iemand spreken. In 2021 ging het nog om twee procent van de bellers, maar in 2025 is dat percentage gestegen naar zeventien procent. In september van dat jaar liep het zelfs op tot 32 procent. Opvallend is dat deze ontwikkeling zich voordoet zonder een grote stijging in het aantal telefoontjes. In 2021 verwerkte de politie 4,25 miljoen gesprekken, tegenover 4,39 miljoen in 2025, een toename van slechts 3,3 procent.
De slechte bereikbaarheid leidt volgens het consumentenprogramma Kassa tot groeiende frustratie onder burgers. Anne, die in oktober 2025 contact probeerde te krijgen vanwege een agressieve man in haar appartementencomplex, moest lang wachten voordat zij iemand te spreken kreeg. Die ervaring heeft haar vertrouwen aangetast. “Je denkt dan toch: laat maar.” Ook Harold liep tegen de problemen aan toen hij melding wilde maken van vijftien gedumpte lachgascontainers. Hij stond tien minuten in de wacht en hield er een onbevredigd gevoel aan over, omdat hij zich niet gehoord voelde.
🎧 Pitane Blue Nieuwsradio
Volgens Patrick Fluyt van politievakbond ACP ligt een belangrijk deel van de oorzaak bij een structureel personeelstekort. “De werkdruk is extreem hoog. Dan raak je uitgekeken op je werk en dan ga je weg. Het werk is onaantrekkelijk en er zijn weinig doorgroeimogelijkheden.” De politie zelf wijst op een combinatie van factoren. Zo is er sprake van een groeiend aantal contactmomenten, worden vragen complexer – onder meer door de toename van cybercrime – en is de bezetting afgenomen. Daarnaast komen er volgens de politie veel telefoontjes binnen die eigenlijk bedoeld zijn voor andere instanties, zoals gemeenten.
Ondertussen blijft de praktijk weerbarstig en ervaren burgers dagelijks de gevolgen van een systeem dat steeds minder toegankelijk lijkt te worden.
De problemen beperken zich niet alleen tot het contact met burgers. Ook intern hapert de communicatie soms. Agenten kunnen niet altijd met elkaar communiceren via het C2000-systeem, wat volgens korpschef Knol in sommige situaties tot gevaarlijke omstandigheden kan leiden. Dit onderstreept dat de uitdagingen breder zijn dan alleen de telefonische bereikbaarheid.
Onderzoeksjournalist Tim Verlaan van Follow The Money, die promoveerde op de effectiviteit van de politie, plaatst vraagtekens bij de huidige prioriteiten. Hij stelt dat de politie sterk inzet op zichtbaarheid op straat, het zogenoemde gebiedsgebonden politiewerk, en minder aandacht besteedt aan het afhandelen van meldingen en aangiftes. “Dat vind ik niet verstandig.”
De impact van de slechte bereikbaarheid reikt verder dan praktische ongemakken alleen. Volgens lector Publiek Vertrouwen in Veiligheid Krista Schram raakt het direct aan het veiligheidsgevoel van burgers. “Als mensen niet gehoord worden, voelen ze zich minder veilig. Je ontmoedigt burgers om te melden.”
alternatieve manieren
De politie erkent de problemen en zegt te werken aan verbeteringen, zowel op technologisch als organisatorisch vlak. Daarbij wordt onder meer gekeken naar alternatieve manieren van contact, zoals chatbots, sociale media en online meldformulieren. Tegelijkertijd benadrukt de organisatie dat veranderingen tijd kosten.
Ook minister van Justitie en Veiligheid David van Weel heeft gereageerd op de situatie. Hij ziet geen direct verband tussen de capaciteit van het telefoonnummer en de financiering van de politie. “Dit kabinet ondersteunt de politie in de volle breedte. Zoals in het coalitieakkoord opgenomen wordt er geïnvesteerd in de operationele slagkracht en organisatie van de politie. Samen met het Openbaar Ministerie, burgemeesters en de politie, wordt besproken hoe die investeringen het best besteed kunnen worden. De politie is zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van haar taken, zoals het organiseren van dienstverlening aan burgers. De politie zet in op technologische vernieuwingen om de bereikbaarheid te verbeteren.”



and then