Tag archieven: BGNU

Uitvaartbranche staat met lege handen volgens Van Raak (SP)

Tijdens de beantwoording van de kamervraag van de heer Van Raak over grote misstanden in de uitvaartzorg gaf de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ollongren aan dat de branchevereniging zelf regels kan stellen over hoe zij wil optreden tegen leden die niet aan de gestelde standaarden c.q. interne regels voldoen.

Zij kunnen daarnaast actief voorlichten over welke uitvaartondernemers zijn aangesloten en een keurmerk hebben. Dat kan nabestaanden helpen bij hun keuze voor een uitvaartondernemer. Daarnaast kan een branchevereniging indien zij vermoedens heeft van een handelen in strijd met de wet dat altijd melden bij de politie of als signalering meegeven aan mijn ministerie, afhankelijk van de aard van het vermoeden.

Grote misstanden in de uitvaartzorg

Aanleiding was de berichtgeving over de uitvaartzorg in de Telegraaf van 10 oktober jl. en de aflevering van Undercover Nederland van 13 oktober jl., waarin deze omstandigheden besproken zijn en te zien waren. Het vervoeren van het lichaam van overledenen naar het buitenland is op zichzelf geen misstand. Dit is toegestaan op grond van de Overeenkomst inzake het vervoer van lijken, mits dat met een laissez-passer gebeurt. De regeling daarvoor heeft concreet vorm gekregen in artikel 11 Besluit op de lijkbezorging. Overtreding van deze regeling in de uitvaartbranche is strafbaar gesteld in de wet.

De Minister is al enige tijd met de sector in overleg over manieren om misstanden te voorkomen in de uitvaartbranche.

“De uitvaartbranche bestaat voor het overgrote deel uit personen die zich met hart en ziel inzetten om een waardige en respectvolle uitvaart c.q. lijkbezorging van de overledene te organiseren. De recente berichtgeving in het Telegraaf-artikel en de uitzending van Undercover in Nederland betroffen één ondernemer. De BGNU stelde dit nog nooit te hebben meegemaakt. Tegelijkertijd bevestigt deze berichtgeving het belang om dergelijke misstanden te voorkomen. Daarover ben ik reeds met de branche in gesprek en zal ik binnenkort ook met uw Kamer over komen te spreken.”, aldus Ollongren in de beantwoording van de kamervraag.

Lees ook: Wet op de lijkbezorging laat nog even op zich wachten

Minister Kajsa Ollongren





BGNU pleit voor beschermd beroep uitvaartzorg

De Branchevereniging Gecertificeerde Nederlandse Uitvaartondernemingen (BGNU), is geschokt door de beelden die journalist Alberto Stegeman undercover maakte bij een uitvaartondernemer. Volgens de BGNU toont dit aan dat kwaliteitsregels waar alle uitvaartondernemingen zich aan moeten houden noodzakelijk zijn. Dit kan bijvoorbeeld door het beroep van uitvaartverzorger een beschermd beroep te maken.

“Iedereen kan nu een bordje ‘uitvaartverzorger’ naast zijn deur hangen. Op het moment dat mensen een dierbare verliezen zijn ze kwetsbaar en dienen beschermd te worden tegen dit soort malafide bedrijven. Daarom pleit BGNU voor de beschermde status van het beroep. Onze branche heeft geen juridische middelen om malafide bedrijven te weren”, aldus BGNU-directeur Heidi van Haastert.

Keurmerk Uitvaartzorg

Alle leden van BGNU hebben het Keurmerk Uitvaartzorg dat kwaliteitseisen stelt en controleert. Het Keurmerk geldt als een garantie voor deskundigheid, betrouwbaarheid en transparantie. Keurmerkhouders worden ieder 1,5 jaar gecontroleerd door een onafhankelijke auditor. Uitvaartverzorgers moeten ingeschreven staan in het Register en voldoen aan de opleidings- en bijscholingseisen. 

Een goede uitvaart is de start van een goed rouwproces. We vinden dat er daarom voorwaarden en criteria voor het beroep van uitvaartverzorger in de wet verankerd moeten worden. De op stapel staande wijziging van de Uitvaartwet is een uitgelezen kans daartoe”, aldus van Haastert.  

Voor de klant is er de laagdrempelige onafhankelijke ombudsman. Kortom BGNU ziet erop toe dat de klanten van de leden kunnen rekenen op toegankelijke, hoogwaardige en begripvolle dienstverlening.

Lees ook: Wet op de lijkbezorging laat nog even op zich wachten

Heidi van Haastert – foto: Hein Athmer