Zelfs de rechter moet bepalen wanneer personeel naar het werk komt.

Medewerkers van Booking.com kunnen niet langer zelf bepalen hoeveel dagen zij thuiswerken. De rechtbank Amsterdam heeft woensdag 28 oktober bepaald dat het bedrijf zijn personeel mag verplichten om minimaal 40 procent van de werktijd op kantoor door te brengen. De ondernemingsraad verzette zich tegen die maatregel, maar krijgt van de kantonrechter ongelijk. Volgens de rechter heeft Booking.com voldoende redenen om werknemers vaker naar kantoor te halen, ondanks de bezwaren over reistijd, kosten en flexibiliteit.

De uitspraak betekent een belangrijke overwinning voor Booking.com in het conflict met de eigen ondernemingsraad over het thuiswerkbeleid. Het bedrijf wil dat medewerkers elkaar vaker persoonlijk ontmoeten, omdat dit volgens de werkgever noodzakelijk is voor een goede samenwerking en een sterke bedrijfscultuur. De ondernemingsraad zag dat anders en weigerde toestemming te geven voor de nieuwe regeling. Daardoor belandde het conflict uiteindelijk bij de rechtbank Amsterdam. Die heeft nu bepaald dat Booking.com de maatregel alsnog mag invoeren.

vrijwillig werkte niet

Booking.com vindt dat fysieke ontmoetingen tussen collega’s een belangrijke bijdrage leveren aan de samenwerking binnen het bedrijf. Wanneer werknemers elkaar regelmatig op kantoor tegenkomen, zou dat volgens de werkgever de onderlinge contacten en de bedrijfscultuur versterken. Het bedrijf had eerder geprobeerd werknemers aan te moedigen om vaker naar kantoor te komen, zonder daarvoor een harde verplichting op te leggen. Die aanpak leverde volgens Booking.com onvoldoende resultaat op. 

De kantonrechter vindt het daarom redelijk dat de werkgever nu kiest voor een verplichte aanwezigheid van minimaal 40 procent van de werktijd. Daarbij speelt mee dat een werkgever een zekere vrijheid heeft om te bepalen hoe het bedrijf wordt georganiseerd. Ook heeft een werkgever volgens het arbeidsrecht het recht om redelijke aanwijzingen te geven over de manier waarop werknemers hun werkzaamheden uitvoeren. De rechtbank vindt de argumenten van Booking.com overtuigend genoeg om de nieuwe regeling toe te staan.

 

Dat Booking.com de vrijwillige regeling wil vervangen door een verplichting, heeft volgens de rechtbank ook te maken met de daadwerkelijke aanwezigheid van medewerkers. Uit de gegevens die het bedrijf aanvoerde, blijkt dat slechts 27 procent van het personeel momenteel minimaal 40 procent van de werktijd op kantoor doorbrengt. Dat betekent dat bijna driekwart van de medewerkers niet voldoet aan de aanwezigheid die Booking.com graag zou zien. Voor het bedrijf is dat een belangrijke reden om het beleid aan te scherpen. Booking.com vindt het vooral belangrijk dat medewerkers die binnen hetzelfde team werken elkaar regelmatig persoonlijk kunnen ontmoeten.

Volgens de kantonrechter kan die fysieke aanwezigheid bijdragen aan onderlinge verbondenheid, de opleiding en ontwikkeling van werknemers en een betere samenwerking tussen collega’s en verschillende teams. De rechter accepteert daarmee het argument dat verplichte aanwezigheid op kantoor een redelijk middel kan zijn om die doelen te bereiken.

nadelige gevolgen

De ondernemingsraad verzette zich tegen het plan omdat de nadelen voor werknemers volgens de personeelsvertegenwoordiging zwaarder wegen dan de voordelen die Booking.com verwacht. Het nieuwe beleid kan onder meer gevolgen hebben voor de reistijd en reiskosten van medewerkers. Ook de flexibiliteit waarmee werknemers hun werk en privéleven combineren, speelt een rol. 

De ondernemingsraad vindt dat Booking.com onvoldoende rechtvaardiging heeft gegeven voor een verplichting die rechtstreeks ingrijpt in de dagelijkse werkomstandigheden van medewerkers. De kantonrechter erkent dat de nieuwe regeling nadelen kan hebben voor individuele werknemers, maar vindt dat Booking.com daarmee voldoende rekening heeft gehouden.Daarbij is van belang dat het bedrijf zijn oorspronkelijke plannen heeft aangepast.

De uitspraak maakt duidelijk dat de vrijheid om thuis te werken niet automatisch betekent dat een werkgever geen verplichte kantooraanwezigheid mag invoeren. In deze specifieke zaak heeft de rechtbank geoordeeld dat de belangen van Booking.com voldoende zwaar wegen om de beleidswijziging toe te staan

Uit de toelichting van de rechtbank blijkt dat Booking.com eerder een verdergaande verplichting overwoog. Daarbij werd gedacht aan een aanwezigheid van 50 tot 60 procent van de werktijd. Uiteindelijk koos het bedrijf voor een minimum van 40 procent. Daarnaast is een overgangsperiode van zes maanden vastgesteld. Werknemers krijgen daardoor tijd om zich op de nieuwe situatie voor te bereiden.

Ook bevat het beleid een zogenoemde hardheidsclausule. Daarmee kan rekening worden gehouden met medewerkers die door de verplichte aanwezigheid daadwerkelijk ernstig in de problemen komen. Voor de kantonrechter zijn deze aanpassingen belangrijke omstandigheden bij de beoordeling van het conflict. De rechter vindt dat Booking.com hiermee voldoende aandacht heeft besteed aan de belangen van individuele werknemers.

voldoende werkplekken

De uitspraak betekent niet dat Booking.com zonder verdere verplichtingen werknemers naar kantoor kan laten komen. De rechtbank benadrukt dat het bedrijf zich moet blijven inspannen om voldoende werkplekken beschikbaar te stellen. Wanneer medewerkers verplicht naar kantoor moeten reizen, moet er volgens de rechter ook daadwerkelijk ruimte zijn om daar te kunnen werken. Dat punt blijft dus een verantwoordelijkheid van Booking.com bij de uitvoering van het nieuwe beleid.

Het conflict draaide juridisch om de vraag of de ondernemingsraad terecht had geweigerd in te stemmen met het aangepaste thuiswerkbeleid. Volgens artikel 27 van de Wet op de ondernemingsraden kan een werkgever in bepaalde gevallen vervangende toestemming vragen aan de kantonrechter wanneer de ondernemingsraad niet akkoord gaat met een voorgenomen besluit. De rechter beoordeelt dan of de weigering van de ondernemingsraad redelijk is.

Na afweging van de belangen van Booking.com en de bezwaren van de personeelsvertegenwoordiging komt de rechtbank tot de conclusie dat de ondernemingsraad zijn instemming niet in redelijkheid had mogen weigeren. Daarom krijgt Booking.com vervangende toestemming om de nieuwe aanwezigheidsregeling door te voeren. Het bedrijf mag zijn werknemers voortaan dus verplichten om minimaal 40 procent van hun werktijd op kantoor door te brengen, met inachtneming van de aangekondigde overgangsperiode en de uitzonderingsmogelijkheden.

Bron: Rechtbank Amsterdam, uitspraak van 28 oktober 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:10590, en de officiële toelichting van de rechtbank

Mobiele versie afsluiten