Veiligheidsorganisatie zet vraagtekens bij Nederlandse goedkeuring en richt pijlen op Europees overleg van 6 oktober.
Tesla ligt opnieuw onder het vergrootglas in Europa. De European Transport Safety Council (ETSC) stelt dat een snelheidsfunctie binnen het rijhulpsysteem FSD (Supervised) rechtstreeks in strijd is met bestaande regels van de Verenigde Naties die verplicht gelden binnen de Europese Unie. De verkeersveiligheidsorganisatie roept de Europese Commissie en de EU-lidstaten daarom op om twee snelheidsgerelateerde functies niet in hun huidige vorm goed te keuren. De kwestie komt op een gevoelig moment, omdat op 6 oktober verdere Europese besprekingen over de toelating van het systeem plaatsvinden.
Centraal in de kritiek staat de zogenoemde ‘speed offset’. Volgens de handleiding van Tesla kunnen bestuurders die FSD gebruiken daarmee een permanente afwijking instellen tot 50 procent boven de gedetecteerde maximumsnelheid. Bij een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur zou de bovengrens voor het systeem daardoor op 75 kilometer per uur kunnen komen te liggen. Binnen een 30-kilometerzone zou dat 45 kilometer per uur zijn.
DCAS-regelgeving
Volgens ETSC botst die mogelijkheid rechtstreeks met VN-Reglement nr. 171, de zogenoemde DCAS-regelgeving voor rijhulpsystemen die verplicht van toepassing is binnen de Europese Unie. Daarin staat volgens de door ETSC aangehaalde bepaling dat een systeem de bestuurder niet in staat mag stellen een standaardafwijking in te stellen waarmee de maximale snelheid boven de door het systeem vastgestelde maximumsnelheid op de weg komt te liggen.
Frank Mütze, specialist op het gebied van automatisering bij ETSC, waarschuwt dat het volgens de organisatie bepaald niet om een klein technisch detail gaat. „Dit zijn geen kleine technische kwesties”, zegt Mütze volgens ETSC. „‘Speed offset’ schendt een bestaande regel waarmee de EU op VN-niveau heeft ingestemd. ‘Contextual max speed’ staat toe dat de auto de wetsovertreding van anderen gebruikt als rechtvaardiging voor zijn eigen overtreding. Als de EU een van beide in de huidige vorm goedkeurt, geeft zij iedere fabrikant een blauwdruk om in toekomstige voertuigen snelheidslimieten te negeren.”
ETSC ziet wel voordelen in het gebruik van context om de juiste maximumsnelheid beter vast te stellen. Daarbij kan volgens de organisatie bijvoorbeeld worden gekeken naar wegmarkeringen, de inrichting van de weg en infrastructuur. Het probleem ontstaat volgens ETSC wanneer de snelheid van ander verkeer als aanwijzing wordt gebruikt. Omdat te hard rijden volgens de organisatie op Europese wegen veel voorkomt, hoeft de snelheid van omringende auto’s immers niet overeen te komen met de wettelijke limiet. Een systeem dat zijn eigen bovengrens verhoogt omdat andere weggebruikers te hard rijden, kan volgens ETSC daardoor overtredingen juist in stand houden.
Nederlandse RDW
De Europese discussie volgt op een besluit van de Nederlandse RDW. Die verleende Tesla’s FSD (Supervised) op 10 april 2026 een voorlopige nationale typegoedkeuring via de zogenoemde Artikel 39-procedure. Deze Europese uitzonderingsprocedure maakt het mogelijk om nieuwe technologieën goed te keuren die niet binnen de bestaande regelgeving passen.
De Nederlandse goedkeuring betekent echter nog niet dat FSD automatisch in de gehele Europese Unie is toegestaan. Daarvoor is toestemming van de Europese Commissie nodig, waarbij vertegenwoordigers van de lidstaten in het Technical Committee on Motor Vehicles, het TCMV, positief moeten stemmen. Volgens ETSC is zo’n stemming nog niet gepland. Wel staan op 6 oktober verdere besprekingen binnen die commissie op de agenda.
De discussie draait niet alleen om de ‘speed offset’. ETSC heeft eveneens bezwaren tegen een tweede functie die Tesla ‘contextual max speed’ noemt. Daarbij kan het systeem de maximale snelheid aanpassen aan informatie uit de verkeersomgeving. Ook de snelheid van andere voertuigen kan daarbij worden meegenomen. Ondertussen hebben België, Tsjechië, Denemarken, Estland, Litouwen en Slovenië de Nederlandse goedkeuring volgens ETSC al erkend. Daardoor kan het systeem ook in die landen worden gebruikt.
ETSC wijst daarnaast op onderzoek dat een week eerder door de Belgische organisatie johanna.be werd gepubliceerd. Tijdens die tests zou Tesla FSD herhaaldelijk verkeersborden voor 30-kilometerzones hebben herkend, maar de aangegeven maximumsnelheid vervolgens hebben genegeerd. Ook zou het systeem meerdere keren hebben geprobeerd fietsers in te halen in zogenoemde fietsstraten, terwijl dat volgens de bron in België niet is toegestaan. ETSC benadrukt dat deze bevindingen niet rechtstreeks verband houden met de eigen kritiek op ‘speed offset’ en ‘contextual max speed’, omdat beide functies tijdens de Belgische tests niet werden gebruikt.
niet goedgekeurd
Volgens ETSC stond de ‘speed offset’-functie bovendien niet vermeld tussen de onderdelen waarvoor Tesla een uitzondering op grond van Artikel 39 had aangevraagd. De verkeersveiligheidsorganisatie leidt daaruit af dat de functie als verenigbaar met de bestaande regels moet zijn beoordeeld. ETSC bestrijdt dat en vindt dat deze functie niet goedgekeurd had mogen worden.
De organisatie wijst daarbij nadrukkelijk op de veiligheidsrisico’s van hogere snelheden. Volgens de door ETSC aangehaalde gegevens is de kans dat een voetganger overlijdt bij een botsing met een personenauto die 50 kilometer per uur rijdt meer dan vijf keer zo groot als bij een snelheid van 30 kilometer per uur.
Voorafgaand aan het Europese overleg van 6 oktober roept ETSC de Europese Commissie en de lidstaten daarom op de ‘speed offset’ af te wijzen. Ook wil de organisatie geen goedkeuring voor een versie van ‘contextual max speed’ waarbij de snelheid van andere verkeersdeelnemers wordt gebruikt om de maximale snelheid van de auto of de geldende snelheidslimiet te bepalen.
ETSC gaat nog een stap verder. De organisatie vindt dat de Europese goedkeuring van FSD voorlopig helemaal niet ter stemming moet worden gebracht. Eerst zou een openbare discussie moeten plaatsvinden over de vraag of de onderliggende regelgeving moet worden uitgebreid om rijden zonder handen aan het stuur en door het systeem geïnitieerde manoeuvres buiten snelwegen mogelijk te maken. Daarmee ligt de discussie over Tesla’s FSD niet alleen bij de Nederlandse toelating, maar ook bij de vraag welke ruimte Europa in de toekomst aan steeds verdergaande rijhulpsystemen wil geven.

