Tag archieven: rechten

Zorgen over privacy: algoritmes maken keuzes over jouw leven en niemand weet waarom

De opmars van algoritmes en kunstmatige intelligentie in het dagelijks leven roept bij veel Nederlanders meer zorgen dan vertrouwen op.

Dat blijkt uit het onderzoeksrapport Algoritmes en AI, uitgevoerd in opdracht van de Autoriteit Persoonsgegevens. Burgers erkennen dat slimme systemen steeds vaker bepalen wat ze te zien krijgen, welke kansen ze krijgen en zelfs welke beslissingen over hen worden genomen, maar begrijpen vaak niet hoe dat precies gebeurt.

Hoewel een ruime meerderheid aangeeft regelmatig in aanraking te komen met algoritmes en AI, blijft de werking ervan voor velen een raadsel. “Begrijpen hoe het werkt, doen we toch niet helemaal”, klinkt het in de focusgroepen. Dat gebrek aan inzicht zorgt voor groeiende zorgen, met name op het gebied van privacy en informatiebeveiliging. Zo geeft bijna 60 procent van de ondervraagden aan zich zorgen te maken over hoe hun gegevens worden gebruikt.

De angst wordt gevoed door het gevoel dat burgers de controle verliezen. Persoonsgegevens worden op grote schaal verzameld via sociale media, online aankopen en digitale diensten, zonder dat altijd duidelijk is wat er vervolgens mee gebeurt. “Soms hoor je pas jaren later dat jouw gegevens ergens zijn verkocht”, aldus een deelnemer aan het onderzoek.

Tegelijkertijd erkennen burgers ook de voordelen van AI. Technologie kan processen versnellen, medische diagnoses verbeteren en toegang tot informatie vergemakkelijken. Toch wegen deze voordelen voor veel mensen niet op tegen de risico’s. Slechts een klein percentage geeft aan zich veiliger of gelukkiger te voelen door het gebruik van algoritmes.

grote impact

Opvallend is uit het onderzoeksrapport dat bijna één op de vijf Nederlanders zegt ooit een nadelige beslissing te hebben ervaren van een organisatie zonder uitleg. Denk aan het afwijzen van sollicitaties, het blokkeren van accounts of het niet krijgen van een lening. De impact hiervan kan groot zijn, variërend van financiële problemen tot gevoelens van onrecht en machteloosheid. “Een foute database kan leiden tot verkeerde conclusies en uitsluiting. Dat moeten we voorkomen.”

“AI lijkt een zegen, maar kan ook een vloek zijn of worden.”

Toch onderneemt lang niet iedereen actie. Twee op de vijf mensen die zo’n beslissing meemaakten, deden geen melding. Vaak weten ze niet waar ze terecht kunnen of twijfelen ze aan het nut ervan. “Zonder dat weet je helemaal niet waar je moet beginnen”, klinkt het.

Neemt een organisatie een automatisch besluit over iemand? Dan heeft diegene vaak recht op een menselijke blik. Dat betekent: dat een medewerker van de organisatie meekijkt bij het besluit. Uit onderzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) blijkt echter dat mensen dit niet altijd weten.

Hoewel veel burgers zeggen hun rechten te kennen, blijkt de praktijk weerbarstig. Informatie over privacy en gegevensgebruik is vaak ingewikkeld en juridisch geformuleerd. Daardoor begrijpen mensen niet goed waar ze mee instemmen als ze akkoord gaan met voorwaarden. “Je moet haast jurist zijn om te snappen waar je precies mee instemt.”

Daarbij leeft ook het idee dat organisaties onvoldoende te vertrouwen zijn als het gaat om zelfregulering. “Het voelt alsof de slager zijn eigen vlees keurt”, zeggen deelnemers. Er is dan ook een duidelijke roep om strengere controle en meer transparantie vanuit onafhankelijke toezichthouders.

Illustratie: © Pitane Blue – AI algoritmes bepalen de keuze

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) deed onderzoek onder 1.480 mensen naar hun kijk op algoritmes en persoonsgegevens. Het onderzoek ging onder meer over automatische besluiten. Dat zijn besluiten over mensen die vaak door een algoritme worden genomen.

De Autoriteit Persoonsgegevens wordt door veel burgers gezien als de belangrijkste beschermer van hun privacy, maar tegelijkertijd is de rol van de organisatie niet voor iedereen duidelijk. Er klinkt een sterke wens voor een centraal meldpunt waar misbruik eenvoudig gemeld kan worden en waar zichtbaar actie wordt ondernomen.

Daarnaast blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders behoefte heeft aan meer uitleg over hoe zij hun persoonsgegevens kunnen beschermen. Die informatie moet vooral duidelijk, praktisch en begrijpelijk zijn. Voorlichting via websites, campagnes en zelfs scholen wordt genoemd als belangrijke stap om burgers weer grip te geven op hun digitale leven.

De conclusie van het onderzoek is helder: algoritmes en AI zijn niet meer weg te denken uit de samenleving, maar het vertrouwen van burgers blijft achter. Zolang onduidelijk blijft hoe beslissingen tot stand komen en wat er met persoonlijke data gebeurt, zullen zorgen de boventoon blijven voeren. Zoals een deelnemer het treffend samenvat: “AI lijkt een zegen, maar kan ook een vloek zijn of worden.”

De handvatten Recht op uitleg bij geautomatiseerde besluitvorming staan nu op de website ter consultatie. Dat betekent dat u input kunt geven. Input van iedereen is welkom. 

Massaclaim Odido onder vuur: lokroep van gratis geld blijkt minder vrijblijvend

Het oude gezegde lijkt hier dan ook van toepassing: “gratis geld bestaat niet”.

De belofte van gratis geld klinkt voor veel consumenten als muziek in de oren, zeker wanneer het gaat om een claim tegen een grote telecomaanbieder. Toch groeit de onrust rond de massaclaim tegen Odido, waarbij steeds meer kritische geluiden opduiken over de manier waarop deze collectieve actie is ingericht. Wat op het eerste gezicht een laagdrempelige kans lijkt op een schadevergoeding, blijkt bij nadere bestudering een stuk complexer.

Stichting CUIC – Consumers United in Court – speelt een centrale rol in deze zaak. De organisatie treedt op namens consumenten die zich hebben aangesloten via een online akkoordverklaring. Zij stellen dat Odido NL Holding B.V. en aanverwante bedrijven mogelijk de privacy- en consumentenwetgeving hebben geschonden. Deelnemers hoeven volgens de campagne geen kosten te maken om mee te doen, wat de drempel laag houdt en de aantrekkingskracht vergroot.

“geen risico, geen gedoe” 

De slogan “geen risico, geen gedoe” blijkt echter niet het hele verhaal te vertellen. Achter de schermen is sprake van een zogeheten “no cure, no pay” constructie, waarbij een externe procesfinancier de kosten draagt. Deze partij neemt het financiële risico op zich, maar krijgt daar bij succes een forse vergoeding voor terug. En juist daar begint de discussie.

Wat in de praktijk vaak minder goed doordringt, is dat deze exclusiviteit ook beperkingen met zich meebrengt. Zodra iemand zich heeft aangesloten, is het niet langer mogelijk om zelf – of via een andere partij – parallel een procedure te starten tegen Odido over dezelfde kwestie. De rechten zijn immers overgedragen aan de stichting voor de duur van het traject. Het ondertekenen van de deelnameverklaring is daarmee geen vrijblijvende stap, maar een juridisch bindende keuze waarbij controle en zeggenschap grotendeels worden overgedragen. Voor wie overweegt mee te doen, is het van belang zich te realiseren dat het niet alleen gaat om de kans op een mogelijke vergoeding, maar ook om het uit handen geven van de eigen positie in het proces.

De afspraken met deze financier zijn namelijk minder eenvoudig dan ze lijken. Er is geen sprake van één vast percentage dat wordt ingehouden op een eventuele schadevergoeding. In plaats daarvan wordt gewerkt met een systeem waarbij de financier recht heeft op het hoogste bedrag van twee berekeningen: een percentage dat kan oplopen tot 25 procent van de totale opbrengst, of een vergoeding die kan stijgen tot zeven keer de gemaakte kosten. Dit mechanisme maakt het voor deelnemers lastig om vooraf te overzien hoeveel zij uiteindelijk daadwerkelijk ontvangen.

In de overeenkomst wordt weliswaar gesteld dat deelnemers “minimaal 75%” van hun vergoeding behouden, maar critici plaatsen daar kanttekeningen bij. Die ondergrens is geen garantie voor een hoog nettobedrag, zeker niet wanneer de totale schadevergoeding lager uitvalt dan gehoopt. In zulke gevallen kan de druk op die verdeling aanzienlijk toenemen.

Illustratie: © Pitane Blue – Odido

De vraag die boven deze zaak blijft hangen, is dan ook scherp en relevant: wordt hier vooral gestreden voor gerechtigheid, of draait het uiteindelijk om winst?

Ook de mate van invloed die deelnemers hebben, roept vragen op. Wie zich aansluit bij de stichting, geeft een exclusief mandaat af. Dat betekent dat de stichting volledig bepaalt hoe de zaak wordt gevoerd, welke strategie wordt gekozen en of er wordt geschikt of doorgeprocedeerd. Individuele deelnemers hebben daarin geen stem. Zelfs wanneer iemand ontevreden raakt, biedt uitstappen weinig soelaas. Na de wettelijke bedenktijd blijft men bij een succesvolle uitkomst namelijk verplicht om de afgesproken vergoeding af te dragen.

jaren voortslepen

Daarmee rijst de vraag hoe vrijwillig deelname nog is wanneer financiële verplichtingen blijven bestaan, zelfs na beëindiging van de deelname. Voor veel consumenten is dat een onverwacht aspect van de overeenkomst.

Wie zich aansluit bij de massaclaim tegen Odido krijgt in eerste instantie nog een uitweg: binnen veertien dagen na aanmelding kan de deelname kosteloos worden geannuleerd. Deze wettelijke bedenktijd biedt consumenten de mogelijkheid om zonder gevolgen terug te komen op hun beslissing. Daarna verandert het speelveld aanzienlijk. Na deze periode geldt een opzegtermijn van één maand. Op papier lijkt dat een redelijke ontsnappingsroute, maar in de praktijk blijkt die minder definitief dan gedacht. Het cruciale detail zit namelijk in de financiële verplichtingen die blijven bestaan, zelfs nadat iemand formeel is uitgestapt. De overeenkomst bepaalt dat deelnemers ook na opzegging gebonden blijven aan de uitkomst van de zaak.

De duur van dergelijke procedures vormt een ander punt van zorg. Collectieve claims kunnen jaren voortslepen en in sommige gevallen zelfs langer dan vijf jaar duren. Opvallend is dat in de overeenkomst is opgenomen dat de vergoeding voor de financier kan toenemen naarmate de zaak langer loopt. Volgens critici kan dit een ongewenste prikkel creëren, waarbij tijd in het voordeel werkt van de financier in plaats van de deelnemers.

De complexiteit van de regeling draagt daarnaast bij aan de onduidelijkheid. De combinatie van percentages, staffels en kostenmultipliers maakt het voor de gemiddelde consument moeilijk te doorgronden waar hij of zij precies voor tekent. Het verschil tussen een afdracht van tien procent of vijfentwintig procent kan bij hogere bedragen immers aanzienlijk zijn.

massaclaims

Ondertussen groeit het bredere debat over de rol van commerciële partijen binnen dit soort massaclaims. Waar collectieve acties ooit vooral werden gezien als een middel om recht te halen voor gedupeerde consumenten, klinkt nu vaker de kritiek dat er een verdienmodel achter schuilgaat. Externe financiers spelen daarin een steeds grotere rol, waarbij rendement een belangrijke drijfveer lijkt.

Voor consumenten die overwegen zich aan te sluiten, is voorzichtigheid geboden. De actie tegen Odido kan een kans bieden op compensatie, maar het is geen risicoloze onderneming zoals soms wordt gesuggereerd. Achter de aantrekkelijke belofte van gratis deelname schuilt een juridisch en financieel systeem dat vraagt om zorgvuldige afweging.

regels en transparantie

De stichting achter de massaclaim tegen Odido presenteert zich nadrukkelijk als een organisatie die opereert volgens de geldende regels en richtlijnen. Stichting CUIC stelt dat zij voldoet aan de eisen van artikel 3:305a van het Burgerlijk Wetboek, de wettelijke basis die bepaalt onder welke voorwaarden een organisatie collectieve acties mag voeren. Daarnaast benadrukt de stichting te handelen in lijn met de Claimcode 2019, een gedragscode die specifiek is opgesteld voor organisaties die namens groepen gedupeerden procederen.

De Claimcode fungeert als een soort moreel en bestuurlijk kompas voor dit soort claimorganisaties. De code bestaat uit zeven zogeheten “comply or explain”-principes, die betrekking hebben op goed bestuur, transparantie en de rol van externe financiers. Het uitgangspunt is dat de belangen van de collectief benadeelden altijd vooropstaan. Organisaties die zich aan de code verbinden, moeten kunnen uitleggen hoe zij deze principes naleven of waarom zij daarvan afwijken. Volgens CUIC wordt hierover verantwoording afgelegd in het Claim Code Verantwoordingsdocument 2026.

Reizigersorganisaties slaan alarm: EU zwicht voor luchtvaart en kortwiekt passagiersrechten

De Europese Unie heeft een stap gezet die de rechten van vliegtuigpassagiers flink uitholt.

Na meer dan twaalf jaar onderhandelen hebben de EU-ministers ingestemd met een hervorming van de compensatieregels bij vertragingen en annuleringen, tot grote woede van consumentenorganisaties. De nieuwe afspraken leggen de lat voor schadevergoedingen aanzienlijk hoger en verlagen tegelijkertijd de maximale vergoedingsbedragen. Critici spreken van een ‘monsterlijk plan’ en vrezen dat miljoenen reizigers straks met lege handen komen te staan.

Volgens het compromis, dat na jaren van getouwtrek alsnog werd aangenomen, hebben passagiers op vluchten tot 3.500 kilometer voortaan pas recht op een vergoeding als de vertraging vier uur of meer bedraagt. Voor langere afstanden geldt een minimale vertraging van zes uur. Dat is een aanzienlijke verslechtering ten opzichte van de huidige situatie, waarin drie uur vertraging al recht geeft op een vergoeding tussen de 250 en 600 euro. Die bedragen worden bovendien ook naar beneden bijgesteld. Korte vluchten leveren straks maximaal 300 euro op, lange afstanden nog maar 500 euro.

De Consumentenbond en claimorganisatie EUclaim reageren bijzonder fel en vinden het een monsterlijk plan.  “Zestig tot vijfentachtig procent van de reizigers die nu nog recht hebben op compensatie, vallen straks buiten de boot.” De vrees is dat luchtvaartmaatschappijen minder druk voelen om op tijd te vertrekken, met meer vertragingen als gevolg. “Er wordt een verkeerd signaal afgegeven aan de luchtvaartsector,” waarschuwt de Consumentenbond. “Het belang van de reiziger wordt volledig genegeerd.”

Foto: Pitane Blue – luchthaven Schiphol

Volgens luchtvaartanalist Paul Vaneker van EUclaim zal het nieuwe voorstel desastreuze gevolgen hebben voor passagiersrechten. “Zestig procent van de reizigers verliest hun recht op vergoeding,” stelt Vaneker. Hij baseert zich op interne analyses van vluchtschema’s en claims van de afgelopen jaren. De Consumentenbond is nog somberder in haar prognose. Op basis van eigen onderzoek komt de organisatie tot de conclusie dat zelfs 85 procent van de huidige compensatiegevallen straks buiten de boot valt.

De politieke steun voor het voorstel is opvallend en laat zien hoe nationale belangen zwaar wegen in de Europese besluitvorming. Landen als Polen, Denemarken, Frankrijk en Nederland, die allemaal staatsbelangen hebben in luchtvaartmaatschappijen zoals LOT, SAS en Air France-KLM, stemden vóór. Duitsland en Spanje, zonder dergelijke belangen, bleven tegen. Opmerkelijk is de late draai van Nederland, dat op het laatste moment alsnog instemde en daarmee het benodigde draagvlak creëerde. Volgens ingewijden woog het belang van KLM zwaar in de afweging.

Luchtvaartmaatschappijen zien zowel voordelen als nadelen in het nieuwe beleid. Positief is dat passagiers bij vertraging of annulering nu zelf alternatieve vluchten mogen boeken, met een vergoeding tot vier keer de ticketprijs. Ook is de verzekering van bagage in deze regeling opgenomen. Tegelijkertijd waarschuwen sommige maatschappijen voor nieuwe coördinatieproblemen. “Het lijkt eenvoudiger, maar het kan juist meer chaos opleveren,” klinkt het uit de sector.

passagiersrechten

De nieuwe regels zijn nog niet definitief. De Europese Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten moeten zich er nog over buigen. Vooral het Europees Parlement zou het plan nog kunnen afzwakken of aanscherpen. Toch is de richting duidelijk: de bescherming van passagiersrechten wordt afgebouwd ten gunste van economische belangen.

Ondertussen wijzen luchtvaartanalisten erop dat zelfs onder de huidige regels slechts een beperkt aantal passagiers daadwerkelijk een vergoeding ontvangt. Compensatie wordt alleen betaald als de maatschappij verantwoordelijk is voor de vertraging, dus niet bij overmacht zoals slecht weer of stakingen. De kans bestaat dat het aantal uitbetalingen straks nog verder daalt, terwijl de onduidelijkheid over rechten en plichten toeneemt.

Het resultaat is een Europese regeling die steeds minder reizigers daadwerkelijk beschermt. Terwijl luchtvaartmaatschappijen zich verzekeren van meer flexibiliteit en lagere lasten, verliezen passagiers grip op hun rechten. De vraag is of het Europees Parlement de balans alsnog weet te herstellen.

Ryanair het liet afweten na stakingen

Bij een annulering heb je uiteraard recht op een alternatieve vlucht of de terugbetaling van je ticket.

Ryanair heeft het na de stakingen van 22-24 april niet nauw genomen met de wettelijke verplichting om een aanvullende vergoeding uit te keren boven op de terugbetaling van het ticket. Toen luchtvaartmaatschappij Ryanair aankondigde diverse vluchten te cancelen in het weekend van 22-24 april omwille van een staking van haar cabinepersoneel, legde Testaankoop uit wat je rechten in dat geval zijn. Enkele honderden consumenten uitten achteraf hun ongenoegen omdat Ryanair zich daar blijkbaar niets van aantrok. De organisatie besloot daarom om de luchtvaartmaatschappij officieel aan te schrijven om de rechten van de luchtvaartpassagiers te respecteren.

rechten en plichten

Bij een annulering heb je uiteraard recht op een alternatieve vlucht of de terugbetaling van je ticket. Maar zolang er geen sprake is van overmacht – en dat is niet het geval wanneer het eigen personeel staakt – kun je daarnaast aanspraak maken op een forfaitaire schadevergoeding, die schommelt tussen € 250 en € 600, al naargelang de afstand van de vlucht.

De luchtvaartmaatschappij is bovendien verplicht om je daar duidelijk over in te lichten. Ryanair heeft de reizigers die werden getroffen door de stakingen van 22-24 april niet naar behoren geïnformeerd. In de e-mail naar aanleiding van de annulering van de vlucht werd alleen duidelijk verwezen naar de mogelijkheid van een alternatieve vlucht of een terugbetaling, maar niet naar een aanvullende compensatie. Bovendien was er geen specifiek formulier om een dergelijke compensatie aan te vragen.

Bij een annulering heb je uiteraard recht op een alternatieve vlucht of de terugbetaling van je ticket

Testaankoop nam eerst informeel contact met Ryanair. Maar ze kregen geen bevredigend antwoord. Daarom besloten ze de Ierse lowcostcarrier “in gebreke te stellen” en dus officieel erop te wijzen dat de maatschappij niet aan haar wettelijke verplichtingen heeft voldaan. Ze kan zich immers niet achter overmacht verschuilen om te weigeren passagiers te vergoeden. Het is de bedoeling van Testaankoop om de gedupeerde passagiers tot het einde te begeleiden. Ze sluiten geen enkel middel uit om Ryanair te dwingen om zich aan de wettelijke regels te houden.

Lees ook: Brussels Airport tekent voor CO2-vrije luchtvaart in 2050