Tag archieven: deltaplan

Het is hoog tijd voor een waterstof deltaplan

Shell ontwikkelt waterstof-pompstations, omdat de grootschalige introductie van schone-waterstof-auto’s steeds dichterbij lijkt te komen. Ook op gemeenteniveau zijn ze bezig: het Zuid-Hollandse dorp Stad aan ’t Haringvliet wil in 2025 volledig overschakelen op groene waterstof, en de provincie Groningen schetst vol goede moed een plan voor een nieuwe, aardgasvrije toekomst met waterstof.

Omdat zonne- of windenergie lastig opgeslagen kan worden, lijken dat nog geen geschikte alternatieven. Daar kan waterstof bij helpen. Er wordt al druk geëxperimenteerd met waterstof, door grote en kleine partijen. Zo heeft Den Haag een groot deel van de taxi’s al rondrijden op waterstof. De Gasunie onderzoekt hoe ze duurzame groene waterstof uit zonne-energie kunnen produceren en netbeheerder Tennet wil energie opslaan in de Noordzee (op zogenaamde waterstofeilanden). Shell ontwikkelt waterstof-pompstations, omdat de grootschalige introductie van schone-waterstof-auto’s steeds dichterbij lijkt te komen. 

Regisseur Rob van Hattum houdt zich al sinds de jaren tachtig bezig met waterstof. Hij zag dat een overstap op waterstofgas werd omschreven als de sleutel tot een soepele energietransitie, maar dat er in praktijk op grote schaal weinig stappen werden gezet. Dat moet, en kan, anders: een ‘deltaplan waterstof’ zet pas écht zoden aan de dijk. Nederland durft de stap niet te zetten. Het is hoog tijd voor een deltaplan.

Lees ook: Nog lang geen landelijk netwerk waterstoftankstations

Waterstof tankstation

Arthur ter Weeme: “Deltaplan Mobiliteit: Nu de handschoen oppakken”

In het juninummer van Magazine Personenvervoer – net uit – staat een uitgebreid interview met de drie beleidsadviseurs van het Gemeentelijk Netwerk voor Mobiliteit en Infrastructuur (GNMI), Eugene van de Poel, Jaap Berends en directeur Arthur ter Weeme.

Helaas was het interview net voor het uitkomen van het Deltaplan Mobiliteit ingeblikt en neemt de organisatie, die nauw samenwerkt met verschillende gemeenten, zelf geen standpunten in.

Wel wil Ter Weeme op persoonlijke titel graag “de roep van de Mobiliteitsalliantie om grootschalig te investeren in bereikbaarheid, onderschrijven. In het Deltaplan Mobiliteit benoemt de Alliantie belangrijke thema’s en opgaven.”

“Ik zou daarbij willen oproepen te investeren op plekken waar de grootste winst te behalen valt. Ik vermoed dat als je dat met een brede, integrale blik zou bekijken, dit voornamelijk ligt op het lokaal-regionale schaalniveau.”

Ter Weeme legt uit dat er de afgelopen decennia vooral gekeken is naar de grote verbindingen: “Zo zijn ons landelijke railnetwerk en snelweginfrastructuur prima uitgebouwd – al blijft er altijd wat te wensen over. De echte opgaven liggen echter in en rondom de stedelijke centra. Op het Nederlands schaalniveau omvat dat ook het landelijke gebied, maar het gaat er om dat we niet alleen zorgen voor een hogere frequentie van de trein van bijvoorbeeld Eindhoven naar Amsterdam. We moeten er ook voor zorgen dat mensen rondom Eindhoven of Amsterdam zich snel en goed naar hun werk of sociale activiteiten kunnen verplaatsen.”

“Laten we ook niet vergeten dat de mensen die de rit tussen Eindhoven en Amsterdam maken, niet allemaal bij het station of aan de op- en afrit van een snelweg wonen. Ook voor de langere afstand komt het neer op de first- en last mile en dus op opgaven op lokale- en regionale schaal.”

Ter Weeme vindt dat “we in Nederland ook te vaak geneigd zijn om ‘klein’ te denken. Als je de Randstad als polycentrische agglomeratie beschouwt, dan heb je het over een stedelijk gebied van 8 miljoen inwoners. En ook de Brabantse stedenrij is een flinke conglomeratie. Er is in die gebieden nog zoveel mobiliteitswinst te behalen, door alleen al bijvoorbeeld een S-Bahnconcept te introduceren met aftakkingen de regio in.”

“En laten we niet vergeten dat een stad als Groningen door gemeentelijke fusies inmiddels ver boven de 200.000 inwoners uit komt. In Duitstalige landen heeft zo’n stad dan een regionaal OV-netwerk met een frequent rijdende S-Bahn als drager. En in de grote steden is ook simpelweg een schaalsprong nodig in het openbaar vervoer. We kunnen niet wachten op zelfrijdende auto’s, die gaan zeker qua vervoerscapaciteit het mobiliteitsprobleem in de komende decennia niet voor ons oplossen.”

“Ook voor de verkeersveiligheid geldt dat de investeringen moeten worden gedaan op de wegen waar dit de meeste slachtoffers gaat voorkomen. We moeten daar ook in de verdeling van budgetten rekening mee houden. Dus laten we als overheden en mobiliteitssector eens een goede gezamenlijke analyse maken van de verkeersveiligheidsopgaven en de overheden die daar verantwoordelijk voor zijn ook voorzien van middelen om daarin voldoende te investeren. We zien dat met name gemeenten te maken hebben met zeer krappe budgetten en verkeersveiligheidsmaatregelen vaak alleen mogelijk zijn als op dat moment ook andere urgenties spelen, zoals vervanging van het riool.”

Ter Weeme geeft aan dat ook voor het verduurzamen geld nodig is om mensen te stimuleren om duurzamer te gaan reizen. “Het gaat dan om een veelheid aan stimulerende maatregelen, waar de verschillende overheidslagen een eigen wervende taak in hebben.”

“En niet te vergeten de digitalisering. We moeten als overheden en wegbeheerders er voor zorgen dat we onze infrastructuur goed monitoren, ontwikkelingen goed volgen en deze waar het gaat om kerntaken ook vóór zijn. We mogen niet afhankelijk worden van Google als het gaat om de gegevens over onze weginfrastructuur. Hier zijn we zélf verantwoordelijk voor en onze data moet klaar staan om straks de zelfrijdende auto te faciliteren.”

“Dat betekent niet alleen investeren in ICT, maar ook in ménsen. Vervoerskundigen en planologen moeten de taal van de data spreken en andersom”, zegt Ter Weeme, die zijn organisatie graag een stimulerende rol toebedeelt. “We denken dat het Deltaplan een hele mooie stimulans is om landelijk meer geld vrij te maken voor bereikbaarheid. En het is erg goed dat de sector dit gezamenlijke geluid laat horen. Er wacht ons een enorme uitdaging die een Deltaplan meer dan verdient. Het is nu aan ons als overheden om hier de handschoen op te pakken en initiatieven te ontplooien.”



Deltaplan Mobiliteit op de agenda van het zesde Jaarevent KNV

Woensdag 12 juni werd te Bunnik het zesde Jaarevent KNV Zorgvervoer & Taxi gehouden. Na jaren aanwezigheid te Utrecht in de voormalige hoofdvestiging van Mercedes Nederland werd dit jaar, niet geheel toevallig,  gekozen voor het BOVAGhuis.

Ondanks een regenachtige dag waardoor de opkomst van de leden het een beetje liet afweten was het een interessante agenda boordevol MaaS en Deltaplan mobiliteit. Het laatste werd eerder in de ochtend aan de staatssecretaris en Minister gepresenteerd.

Volgende kabinet moet miljarden investeren in de vraag naar mobiliteit.

De capaciteit van het Nederlandse wegennet en openbaar vervoer is onvoldoende om de stijgende vraag naar mobiliteit op te vangen.

Om te voorkomen dat Nederland in de komende jaren vastloopt, moet de mobiliteit anders worden ingericht. De Mobiliteitsalliantie doet hiervoor concrete voorstellen, waarbij de reiziger en het vervoer van goederen centraal staan.

Om de omslag – naar een nieuw, innovatief en geïntegreerd mobiliteitssysteem – te maken, is in het Deltaplan een pakket aan maatregelen gepresenteerd.

Zoals de aanleg van mobiliteitshubs aan randen van steden en in het landelijk gebied om de overstap en uitwisseling tussen verschillende vervoerswijzen soepeler en sneller te maken. In combinatie met het verder ontwikkelen van Mobility as a Service, zodat reizigers makkelijk en op maat reisadvies krijgen en gelijk kunnen reserveren, boeken en betalen, in eenvoudige, toegankelijke apps.

De Mobiliteitsalliantie is een uniek samenwerkingsverband van inmiddels 25 partijen, opgericht om ervoor te zorgen dat de bewegingsvrijheid van Nederland ook in de toekomst behouden blijft. Dit vraagt om een verandering naar een nieuw slimmer mobiliteitssysteemwaarin zowel de reiziger als de ondernemer flexibel kan reizen.

Breed plan met een samenhangend pakket aan maatregelen.

De kracht van het Deltaplan is dat het de mobiliteit als één samenhangend geheel benadert. Door de mobiliteitssector van Nederland, vóór de mobiliteit van Nederland.

Het gaat niet alleen om de behoefte aan bereikbaarheid, maar ook om onze klimaatambities, ruimtelijke vraagstukken, verkeersveiligheid, een gezonde en inclusieve samenleving, innovatie en energietransitie. Het gaat om wat Nederland nu nodig heeft voor straks. En reizigers en gebruikers staan hierin centraal.