Spoor, asfalt of fiets: buiten de Randstad telt ook mee zo kies je de juiste partij

Nederland staat voor een keuze die de komende jaren voelbaar is op elke rotonde, perron en provinciale weg.

De vraag wie het best aangewezen is om onze mobiliteit vlotter, schoner en betaalbaarder te maken, hangt minder af van politieke kleur dan van wat jij zwaarder laat wegen: minder files op de snelweg, méér treinen en bussen die echt rijden, of juist een harde sprint in duurzaamheid en innovatie. Het politieke speelveld laat duidelijke profielen zien, maar het uiteindelijke antwoord is onvermijdelijk gelaagd, omdat bereikbaarheid in de Randstad iets anders vraagt dan een rit naar werk in krimpregio’s, en omdat een elektrisch wagenpark zonder laadpleinen en netcapaciteit slechts een mooi plan op papier blijft.

Wie zweert bij sneller asfalt, extra rijstroken waar de druk het grootst is en het versoepelen van autobelastingen, vindt traditioneel steun bij partijen die de auto als ruggengraat van de economie zien. Zij hameren op onderhoud van bruggen en viaducten, op voorspelbare doorstroming voor logistiek en forenzen, en op terughoudendheid met nieuwe heffingen. De gedachte is dat de meeste verplaatsingen nu eenmaal per auto plaatsvinden en dat Nederland draaiende blijft als het wegennet topfit is. Tegelijk erkennen deze partijen steeds vaker dat slimme verkeerssturing, knooppuntaanpak en modernisering van het vrachtvervoer nodig zijn om niet vast te lopen in eigen succes.

klimaatdoelen

Partijen die het openbaar vervoer en de fiets op één zetten, tekenen voor een ander landbeeld: strakke kwartiersdiensten op hoofdassen, snelle sprinters tussen regio en stad, een stevig investeringsfonds voor spoorverdubbelingen en stations, plus een fietsnetwerk dat woonwijken, campussen en bedrijventerreinen als een puzzel in elkaar laat klikken. Zij koppelen mobiliteit direct aan klimaatdoelen, luchtkwaliteit en woningbouw: zonder betrouwbaar OV stokt de bouw van nieuwe wijken, zonder aantrekkelijke fietsroutes blijft de korte rit per auto te verleidelijk. Hier hoor je pleidooien voor betaalbare abonnementen, integrale concessies en een overheid die regie neemt over dienstregeling, tarief en kwaliteit in plaats van de markt het laatste woord te geven.

Wie buiten de stadsring woont, kent een andere prioriteit: bereikbaar blijven als de laatste bus verdwijnt. Regionaal georiënteerde en sociaal-bewogen partijen leggen de nadruk op landelijk dekkend ov, buurtbussen die écht rijden, deelmobiliteit met zekerheid in plaats van alleen een app, en het opknappen van N-wegen die de levenslijn vormen voor dorpen en landbouw. Zij willen budgetten naar buiten de Randstad sturen en het prijskaartje voor ov omlaag om scholieren, ouderen en forenzen niet in de kou te laten staan. Betaalbaarheid is daarbij geen bijzaak maar het fundament: een dienstregeling die niet te betalen is, telt niet mee.

integrale regie

Er is ook een stroming die vooral inzet op bestuurlijke betrouwbaarheid en integrale regie. Minder versnippering tussen provincies, stadsregio’s en vervoerders, één programmatische aanpak over spoor, weg, fiets en energie-infrastructuur, en scherpe afspraken met het Rijk over doorlooptijd en vergunningen. Dit kamp wil eerst de basics op orde brengen: onderhoudsachterstanden wegwerken, netbeheer en laadinfrastructuur tijdig uitbreiden, en pas daarna grootse beloftes doen. Het lijkt soms saai, maar zonder deze laag van degelijkheid lopen de mooiste ambities vast in stikstof, personeelstekorten of netcongestie.

Illustratie: © Pitane Blue

Het eerlijke antwoord op de vraag wie “het best aangewezen” is, luidt daarom dat de beste partij die is die jouw hoogste prioriteit ononderhandelbaar maakt en tegelijk geloofwaardig is op uitvoering. Mobiliteit is geen folder, maar beton, staal, draden en dienstregelingen. Kies de club die niet alleen belooft, maar kan laten zien hoe de schop de grond in gaat, wie het doet, met welk geld en in welke volgorde. Daar rijdt Nederland uiteindelijk beter van.

Duurzaamheid tenslotte weegt bij menig partij zwaar, maar de route verschilt. Voor de één is dat het versneld elektrificeren van het wagenpark met gerichte subsidies, stevige laadinvesteringen en schoon vrachtvervoer langs zero-emissiezones in steden. Voor de ander begint het met minder autokilometers door ruimtelijke ordening: bouwen bij knooppunten, parkeernormen omlaag en het aantrekkelijker maken van alternatieven. Innovatie – zoals slimme verkeerslichten, mobility as a service, Europese nachttreinen en waterstof in zwaar vervoer – fungeert als lijm tussen de ambities, mits pilots op tijd doorgroeien naar praktijk.

de meetlat

De vraag wie “het best” is, vraagt dus om een eerlijk oordeel langs jouw meetlat. Als jouw prioriteit boven alles doorstroming op de snelweg en logistieke slagkracht is, kom je logischerwijs uit bij partijen die uitbreiden, onderhouden en lasten verlagen voor automobilisten en ondernemers, met flankerende technologische oplossingen. Als je juist wil dat de trein het ruggengraatnet wordt, met frequente verbindingen en scherpe tarieven, en dat fietsen de standaardkeuze wordt binnen tien kilometer, dan ligt een keuze voor partijen die fors investeren in spoor, regionale lijnen, fiets en strikte klimaatdoelen voor de hand. Staat bereikbaarheid van platteland en kleinere steden op één, met betaalbaar ov en veilige N-wegen, dan is de logische match met partijen die regionaal denken en sociale betaalbaarheid centraal zetten. En als je allergisch bent voor grote woorden zonder uitvoeringsmacht, is een formatie met een partij die de regie en de degelijkheid bewaakt waarschijnlijk het meest passend.

coalitie

Coalitiepolitiek maakt dit alles minder zwart-wit. Mobiliteit wordt zelden door één partij bepaald; het is het compromis tussen asfalt, rails en ruimte. Juist daarom is het verstandig te kiezen op het aspect dat jij absoluut niet wilt inleveren. Wil je kortere reistijd met de trein boven alles, dan heb je stevige investeerders in het spoor nodig aan tafel. Wil je dat je bedrijf niet stilvalt door files en omleidingen, dan heb je wegbouwers en beheerders nodig met budget en mandaat. Wil je dat je dorp niet van de kaart verdwijnt, dan heb je pleitbezorgers nodig voor landelijke dekking en fatsoenlijke tarieven.

Duurzaamheid: officiële bekrachtiging van de samenwerking tijdens de Taxi Expo

Taxi Centrale Amsterdam (TCA) heeft aangekondigd dat het bedrijf voor het taxivervoer vanaf Schiphol Airport kiest voor de volledig elektrische Mercedes-Benz EQS Limousine.

Het Amsterdamse taxibedrijf wist een kavel te winnen binnen de zogenoemde Schiphol Taxi Tender, een aanbesteding die bepaalt welke partijen passagiers mogen vervoeren vanaf de officiële taxistandplaats van de luchthaven. Vanaf november zullen in totaal 45 gloednieuwe EQS Limousines dagelijks reizigers van en naar Schiphol vervoeren.

De keuze voor deze elektrische limousines sluit naadloos aan bij zowel de duurzaamheidsstrategie van Schiphol als de eigen doelstellingen van TCA om milieuvriendelijk vervoer aan te bieden. De luchthaven en de gemeente Haarlemmermeer werken al geruime tijd samen aan de invoering van een zero-emissiezone, waardoor alle taxi’s die vanaf de taxistandplaats opereren volledig elektrisch moeten zijn. Deze maatregel moet de luchtkwaliteit verbeteren en bijdragen aan een stillere, schonere omgeving op en rondom de luchthaven.

duurzame mobiliteit

De Mercedes-Benz EQS Limousine wordt gezien als een van de meest geavanceerde elektrische voertuigen in zijn klasse. De auto staat bekend om zijn stille rijgedrag, uitzonderlijk comfort, en luxueuze interieurafwerking. Daarnaast biedt de EQS een grote actieradius, wat essentieel is voor taxi’s die continu lange ritten rijden tussen Schiphol, Amsterdam en andere steden. Met deze toevoeging aan de vloot versterkt TCA zijn reputatie als aanbieder van hoogwaardig en betrouwbaar vervoer.

Een aanzienlijk deel van de investering in de nieuwe voertuigen wordt mogelijk gemaakt via Mercedes-Benz Financial Services, de interne aanbieder van financiering, lease- en verzekeringsoplossingen van het automerk. Deze samenwerking maakt het voor TCA eenvoudiger om op grote schaal te investeren in duurzame mobiliteit zonder concessies te doen aan kwaliteit of comfort.

Foto: © persbericht – van links naar rechts: Mayka van Ravestein (Key Account Manager Corporate Sales Mercedes-Benz Nederland), Hedy Borreman (Directeur TCA) en Marnix Kraaijmes (Manager Corporate Sales Mercedes-Benz Nederland)

De elektrische limousines zullen naar verwachting in november officieel in gebruik worden genomen, precies op tijd voor het drukke winterseizoen waarin Schiphol traditioneel veel internationale reizigers ontvangt. Voor passagiers betekent dit een stillere, schonere en comfortabelere rit vanaf het moment dat zij de luchthaven verlaten.

De officiële bekrachtiging van de samenwerking vond plaats tijdens de Taxi Expo in Den Bosch, een jaarlijks netwerkevenement dat zich richt op professionals uit de taxi- en doelgroepenvervoerssector. Tijdens dit evenement kwamen Marnix Kraaijmes, Manager Corporate Sales bij Mercedes-Benz Nederland, Mayka van Ravestein, Key Account Manager Corporate Sales bij Mercedes-Benz Nederland, en Hedy Borreman namens TCA bijeen om de samenwerking officieel te ondertekenen.

voortrekkersrol

Volgens Hedy Borreman onderstreept deze stap de ambitie van TCA om koploper te blijven in duurzaam stedelijk vervoer. “Wij willen niet alleen voldoen aan de eisen van de markt, maar ook een voortrekkersrol spelen in de verduurzaming van de sector,” verklaarde zij tijdens de bijeenkomst. De nieuwe vloot elektrische limousines moet daar volgens haar een belangrijk symbool van worden.

Ook Marnix Kraaijmes sprak zijn enthousiasme uit over de samenwerking. “De keuze van TCA voor de EQS Limousine laat zien dat duurzaamheid en luxe uitstekend hand in hand kunnen gaan. Wij zijn trots dat onze elektrische modellen bijdragen aan een groener taxivervoer op een van de belangrijkste luchthavens van Europa.”

De inzet van de 45 EQS Limousines markeert een nieuwe fase voor zowel Schiphol als TCA. De luchthaven wil op korte termijn volledig overstappen op zero-emissievervoer, niet alleen voor taxi’s maar ook voor bus- en logistieke diensten. De samenwerking met TCA vormt een concrete stap richting die ambitie en toont dat de transitie naar elektrisch vervoer in de taxibranche in een stroomversnelling komt.

TCA is de grootste reguliere taxicentrale van Nederland, met ongeveer 1000 aangesloten zelfstandige chauffeurs en auto’s. De taxicentrale is opgericht in 1995 en actief op het gebied van apps en digitale bestellingen. Een aanzienlijk percentage van de ritaanvragen komt digitaal binnen. TCA zet zich in voor betrouwbaarheid en kwaliteit en biedt een premium vervoersoplossing met luxe auto’s, waarvan een groot deel inmiddels elektrisch aangedreven is. 

Duurzaamheid is de leidraad van de Mercedes-Benz strategie en betekent voor de onderneming het creëren van een duurzame waarde voor alle belanghebbenden: klanten, medewerkers, investeerders, zakelijke partners en de samenleving als geheel. De basis hiervoor is de duurzame bedrijfsstrategie van de Mercedes-Benz Group.

Kleinere contracten: landelijke vervoerders verliezen lokale kennis en overzicht

Niet de chauffeur, maar het systeem is het probleem. Chauffeurs moeten tegelijk rijden, begeleiden en verzorgen.

Het vervoer van kwetsbare groepen van zowel Wmo-gebruikers als leerlingen met een beperking  staat in veel gemeenten zwaar onder druk. Klachten over te laat komende taxi’s, ritten die uitvallen en kinderen die uren in de auto zitten, stapelen zich op. Ouders en verzorgers trekken aan de bel, chauffeurs raken overbelast en gemeenten wijzen naar elkaar. Terwijl vervoerders worstelen met lage tarieven en krappe planningen, lijkt bij sommige reizigers en ouders het besef te ontbreken dat dit geen privé-taxidienst is, maar collectief vervoer dat afhankelijk is van vele schakels en onvoorziene omstandigheden.

Toch kan de sector ook met een beschuldigende vinger naar zichzelf wijzen. Want de scherpe tarieven waar vervoerders nu onder zuchten, zijn deels door henzelf in het leven geroepen. Jarenlang hebben grote bedrijven hun offertes ingediend tegen bodemprijzen om de concurrentie af te troeven, met alle gevolgen van dien.

Die strategie, ingegeven door de wens om per se marktaandeel te behouden of te vergroten, heeft geleid tot een neerwaartse spiraal. Elke nieuwe aanbesteding werd goedkoper dan de vorige, tot de marges vrijwel verdwenen waren. Het werd een race naar de bodem. We kunnen niet ontkennen dat de sector daar zelf een rol in heeft gespeeld. Bedrijven hebben jarenlang meegeboden op prijzen waarvan ze wisten dat ze eigenlijk niet haalbaar waren.

De aanbestedingen, waarin vaak de laagste prijs de doorslag geeft, zorgen ervoor dat grote landelijke vervoerders enorme percelen binnenhalen. Die moeten vervolgens duizenden ritten per dag organiseren binnen een beperkt tijdsblok. Dat is logistiek bijna ondoenlijk. Bedrijven zitten nu gevangen tussen lage tarieven en hoge verwachtingen. Er wordt te veel gevraagd voor te weinig geld.

het kraakt

Het resultaat is een keten die kraakt. Kinderen met een verstandelijke of lichamelijke beperking komen soms te laat op school of dagbesteding. Ouders melden dat hun kind overstuur raakt door lange wachttijden of ritten die plotseling worden geannuleerd. “Mijn dochter van elf met autisme zat vorige week meer dan anderhalf uur in de taxi,” vertelt een moeder uit Utrecht. “Ze was overstuur toen ze aankwam. De chauffeur kon er niets aan doen, maar het systeem werkt gewoon niet.”

Ook bij het Wmo-vervoer, dat ouderen en mensen met een beperking moet helpen om zelfstandig te blijven, klinken soortgelijke verhalen. Reizigers melden ritten die niet worden uitgevoerd, gebrekkige communicatie en chauffeurs die oververmoeid zijn. Een oudere man uit Noord-Brabant zegt: “Ik wachtte bijna twee uur. De taxi kwam niet. Toen ik belde, kreeg ik te horen dat mijn rit ‘vervallen’ was. Zonder bericht.”

Chauffeurs en reizigers de dupe van onhaalbare prijsafspraken. Lokale vervoerders pleiten voor realistische tarieven en menselijker vervoer.

Niet alleen de lage prijs heeft die de problemen veroorzaakt, maar vooral de schaalgrootte van de contracten. Gemeenten kiezen steeds vaker voor één grote aanbieder die het hele gebied moet bedienen. Daardoor verdwijnt de lokale kennis die cruciaal is om het vervoer soepel te laten verlopen. Een lokale vervoerder kent de wegen, de scholen, de cliënten en hun behoeften. Zij weten dat een bepaald kind bang wordt als het te lang moet wachten of dat een oudere passagier moeite heeft met trapjes. Die menselijke kennis kun je niet vangen in een spreadsheet.

Ik pleit er daarom voor om de grote contracten op te knippen in kleinere, regionale percelen. Dat zou niet alleen de kwaliteit verhogen, maar ook lokale ondernemers een eerlijke kans geven. Als gemeenten het vervoer verdelen over kleinere partijen, wordt de planning overzichtelijker en menselijker. Kleine taxibedrijven kunnen veel flexibeler inspelen op onverwachte situaties.

maatwerk

Ook ouders van leerlingen met een beperking pleiten voor meer maatwerk. Een ouderraad van een speciale basisschool in stuurde onlangs een brief naar de gemeente waarin ze klaagden over de ‘onmenselijke planningen’. In de brief staat: “Onze kinderen zijn geen pakketjes die opgehaald en afgeleverd moeten worden. Ze hebben structuur en rust nodig. Die verdwijnt door het jachtige systeem dat nu is ontstaan.”

Gemeenten erkennen dat de problemen toenemen, maar wijzen op de druk van stijgende kosten en krapte op de arbeidsmarkt. “De budgetten staan onder druk,” zegt een gemeentewoordvoerder. “We proberen de balans te vinden tussen betaalbaarheid en kwaliteit, maar het is een ingewikkeld vraagstuk.” Toch groeit ook binnen de politiek het besef dat het anders moet. Gelukkig pleiten diverse raadsleden ervoor om kwaliteit en lokale kennis zwaarder te laten wegen dan prijs bij toekomstige aanbestedingen.

chauffeurs

Chauffeurs, die dagelijks met de passagiers werken, voelen de spanning het sterkst. “Wij worden aangekeken als iets misgaat,” vertelt een chauffeur die al twintig jaar in het leerlingenvervoer werkt. “Maar wij doen wat we kunnen met de planning die we krijgen. De computer bepaalt de route, niet wij.” Niet de chauffeurs zijn het probleem, maar het systeem waarin zij gedwongen werken. Terwijl klachten over lange wachttijden, uitvallende ritten en overspannen planningen zich opstapelen, zijn het juist de chauffeurs die dagelijks proberen het onmogelijke mogelijk te maken. Zij bevinden zich in de frontlinie van een systeem dat door jarenlange bezuinigingen, te lage aanbestedingstarieven en onrealistische verwachtingen van gemeenten én reizigers is vastgelopen.

Het doelgroepenvervoer – bedoeld voor ouderen, mensen met een beperking en kinderen in het speciaal onderwijs – is in de loop der jaren veranderd van een zorgvoorziening in een logistiek rekenmodel. Gemeenten schrijven enorme percelen uit, waarop grote vervoersbedrijven tegen bodemprijzen inschrijven. Wat daarna volgt, is een puzzel van duizenden ritten per dag binnen een paar uur tijd. En wie die puzzel moet leggen? De chauffeurs.

“De werkdruk is gigantisch,” zegt een chauffeur die al vijftien jaar leerlingen vervoert in Zuid-Holland. “We krijgen een route vanachter een computer voorgeschoteld die in theorie klopt, maar in de praktijk onmogelijk is. Files, kinderen die langer de tijd nodig hebben om in te stappen, of ouders die nog even iets willen zeggen — daar houdt de planning geen rekening mee. En als we vijf minuten te laat zijn, krijgen we de klachten over ons heen.”

opvoeden

De verwachtingen zijn bovendien de laatste jaren alleen maar toegenomen. Van chauffeurs wordt niet alleen gevraagd dat ze veilig en op tijd rijden, maar ook dat ze optreden als begeleider, verzorger en soms zelfs als opvoeder. “We moeten de kinderen helpen uitstappen, begeleiden tot aan de schoolpoort, troosten als ze overstuur zijn en rustig blijven als er iets misgaat onderweg,” vertelt een andere chauffeur. “Dat doen we met liefde, maar het is geen taak die past binnen de tijdsdruk die we krijgen. Soms moeten we kiezen tussen menselijkheid en planning — en dat voelt vreselijk.”

Gemeenten geven intussen toe dat de uitvoering onder druk staat, maar wijzen op budgettaire beperkingen. “We begrijpen de signalen,” zegt een gemeentewoordvoerder. “Maar het is een complexe taak met beperkte middelen.” Een verklaring die binnen de sector met gefronste wenkbrauwen wordt ontvangen. Want de lage tarieven zijn mede het gevolg van aanbestedingen waarbij prijs belangrijker is dan kwaliteit.

Gemeente opgelucht: RMC krijgt groen licht van de rechter voor Rotterdams vervoer

Het Rotterdamse vervoersbedrijf RMC mag zich officieel de nieuwe vervoerder noemen voor ouderen en kwetsbare kinderen in de stad.

De rechtbank heeft alle bezwaren van concurrenten van tafel geveegd, waardoor de gunning van het megacontract van 300 miljoen euro definitief is. De uitspraak betekent een grote opluchting voor zowel de gemeente Rotterdam als voor RMC zelf, dat eerder het contract nog verloor aan Trevvel.

De gemeente besloot eerder dit jaar het contract toe te wijzen aan RMC, nadat het bedrijf volgens de beoordelingscommissie de maximale score behaalde tijdens de aanbestedingsprocedure. Die beslissing stuitte echter op verzet van twee concurrenten, waaronder TWZ Connect — het moederbedrijf van de huidige vervoerder Trevvel. De tegenpartij vond dat RMC niet geschikt was om het vervoer uit te voeren en stapte naar de rechter in een poging de aanbesteding ongeldig te laten verklaren.

Volgens TWZ Connect was RMC onbetrouwbaar, onder meer omdat het jarenlang te laat zijn jaarrekeningen deponeerde en naar verluidt slecht presteerde bij het leerlingenvervoer in de regio Dordrecht. De gemeente zou volgens de klagers niet zorgvuldig genoeg hebben gehandeld bij het beoordelen van deze risico’s.

economisch delict

De rechter ging echter niet mee in die redenering. In het vonnis staat dat het te laat deponeren van jaarrekeningen weliswaar als een economisch delict kan worden aangemerkt, maar dat dit niet kwalificeert als een ‘ernstige beroepsfout’. Ook ziet de rechtbank geen reden om te twijfelen aan de integriteit van RMC of de betrouwbaarheid van het bedrijf in de uitvoering van het contract. Over de situatie in Dordrecht stelt de rechter dat er wel sprake was van spanningen, maar dat niet bewezen is dat RMC daar daadwerkelijk wanprestatie heeft geleverd.

Met de uitspraak lijkt een einde gekomen aan maanden van onzekerheid over wie het vervoer van ouderen en kwetsbare leerlingen in Rotterdam gaat uitvoeren. De komende tijd werkt de gemeente samen met RMC aan de overgang van de werkzaamheden, zodat gebruikers van het vervoer geen hinder ondervinden.

Voor de gemeente Rotterdam is de uitspraak bijzonder welkom. Een nieuwe aanbestedingsronde zou niet alleen veel tijd kosten, maar ook extra geld. Wethouder Ronald Buijt reageert tevreden: „We hebben altijd vertrouwen gehad in een goede afloop in deze zaak. Het is fijn dat de rechter ons in het gelijk heeft gesteld en ons vertrouwen bevestigt. We gaan nu gunnen en met volle kracht vooruit om dit vervoer voor de Rotterdammers goed te regelen.”

opluchting

Ook bij RMC is de opluchting groot. In een schriftelijke reactie laat het bedrijf weten blij te zijn met de uitspraak, die volgens de directie „nogmaals heeft bevestigd dat RMC de beste inschrijving heeft ingediend en dat de procedure correct en op integere wijze is verlopen.” Het bedrijf zegt de afgelopen periode als zwaar te hebben ervaren door de ophef rondom de gunning, maar wil zich nu volledig richten op de toekomst. „We betreuren de ophef van de afgelopen periode en zijn opgelucht dat er nu eindelijk duidelijkheid is voor de duizenden Rotterdammers die van dit vervoer gebruikmaken,” aldus RMC.

NMBS gooit tariefsysteem om: goedkoper reizen, maar niet iedereen wint erbij

Nieuw tariefsysteem belooft eenvoud maar zorgt voor verwarring bij senioren en gezinnen.

Vanaf vandaag hanteert de NMBS een volledig nieuw systeem voor haar ticketprijzen, en dat zorgt voor heel wat vragen bij reizigers. De Belgische spoorwegmaatschappij belooft eenvoudiger tarieven, goedkopere ritten voor de meeste reizigers en meer treinen in de toekomst. Toch blijkt niet iedereen even tevreden. Vooral senioren en grote gezinnen voelen zich benadeeld.

Woordvoerder Dimitri Temmerman verzekert in het consumentenprogramma WinWin dat de hervorming een noodzakelijke stap is richting “een moderner en eerlijker systeem”. Volgens hem moet het nieuwe prijsbeleid tegen 2032 leiden tot 30 procent meer treinreizigers. “Het wordt transparanter en logischer. We willen mensen overtuigen om vaker de trein te nemen, ook buiten de spitsuren,” zegt hij.

afstand

De belangrijkste wijziging is dat de ticketprijs voortaan wordt berekend op basis van de afstand die een reiziger aflegt. Daarbovenop komt een prijsverschil tussen spits- en daluren. De spits loopt van 6 tot 9 uur ’s ochtends en van 16 tot 18 uur ’s avonds. Reizen daarbuiten – dus voor 6 uur, tussen 9 en 16 uur en na 18 uur – wordt beschouwd als daluren.

Volgens Temmerman is de invoering van goedkopere tarieven tijdens daluren bedoeld om “mensen die in hun vrije tijd reizen, aan te moedigen vaker de trein te nemen.” Daarbij komt dat de NMBS vanaf december meer treinen zal inzetten, met extra late ritten naar Brussel en Antwerpen tijdens weekends en vrijdagavonden.

Wie pendelt naar het werk tijdens de spits, blijft dezelfde prijs betalen als vandaag. De abonnementen veranderen voorlopig niet, en ook komt er een vaste maximumprijs voor standaardtickets.

train+kaart

Een opvallende nieuwigheid is de Train+kaart, een voordeelkaart waarmee reizigers 40 procent extra korting krijgen tijdens daluren en in het weekend. Voor volwassenen kost die 6 euro per maand of 48 euro per jaar, terwijl jongeren, senioren en mensen met een verhoogde tegemoetkoming slechts 4 euro per maand of 32 euro per jaar betalen. Wie de kaart vóór 4 januari 2026 koopt, krijgt bovendien 50 procent korting.

Temmerman benadrukt dat de kaart vooral voordelig is voor wie regelmatig reist. “Je kan via onze online prijssimulator berekenen of de kaart voor jouw traject loont,” legt hij uit. De Train+kaart kan online, aan ticketautomaten of aan het loket gekocht worden, en wordt automatisch gekoppeld aan de MoBIB-kaart of een MyNMBS-profiel.

Met het nieuwe tariefsysteem hoopt de spoorwegmaatschappij niet alleen meer reizigers aan te trekken, maar ook het imago van de trein als duurzaam en flexibel vervoermiddel te versterken. Toch zal het nog even duren voor iedereen zijn plek vindt in dit vernieuwde systeem.

Toch zorgt het nieuwe systeem voor wrevel, vooral bij 65-plussers. Tot gisteren betaalden senioren een vast tarief van 8,50 euro voor een ticket, enkel geldig tijdens de daluren. Dat systeem verdwijnt. Senioren krijgen voortaan altijd 40 procent korting, ongeacht de afstand of het tijdstip van de rit. Maar wie slechts af en toe reist, bijvoorbeeld tijdens de spits, kan uiteindelijk meer betalen dan vroeger.

Temmerman begrijpt de ongerustheid maar nuanceert: “De vroegere vaste prijs was voordelig voor wie lange afstanden aflegde, maar minder interessant voor korte ritten. Nu krijgen senioren altijd korting, ook vóór 9 uur ’s ochtends. Met de Train+kaart komt daar nog eens extra korting bovenop.”

Om reizigers te helpen, heeft de NMBS een online prijssimulator gelanceerd die automatisch het goedkoopste tarief toont, mét of zonder Train+kaart. Daarnaast zijn er vandaag 250 extra NMBS-medewerkers in Belgische stations aanwezig om uitleg te geven. “Mensen zullen hun weg nog moeten vinden in het nieuwe systeem, maar ze hoeven zich geen zorgen te maken dat ze te veel betalen,” zegt Temmerman geruststellend.

Nieuwe gedragscode: eerlijke aanbestedingen moeten werkdruk in streekvervoer verlagen

De wereld van het streekvervoer heeft vandaag een belangrijke stap gezet richting een eerlijker en menselijker manier van werken.

Streekvervoerders, vakbonden en provincies hebben gezamenlijk hun handtekening gezet onder de Code Verantwoordelijk Marktgedrag Streekvervoer. Met deze ondertekening beloven de partijen zich in te zetten voor sociaal verantwoord handelen bij aanbestedingen, uitvoering en samenwerking binnen de sector.

Volgens Marijn van der Gaag, bestuurder van FNV Streekvervoer, is het hoog tijd dat de negatieve effecten van marktwerking worden aangepakt. “Partijen zijn het er nu over eens dat de nadelige effecten van de marktwerking aangepakt moeten worden,” zegt Van der Gaag. “De afspraken in de code zijn bedoeld om te voorkomen dat onderlinge concurrentie door marktwerking een negatieve invloed heeft op arbeidsomstandigheden en werkdruk. Dat kan alleen als aanbestedingen niet draaien om de laagste prijs, maar om kwaliteit. Niet alleen werkgevers en werknemers spelen daarbij een rol, maar ook de opdrachtgevende overheid. Met deze code zetten we nu samen een stap in de goede richting.”

sociale standaard

De nieuwe gedragscode vormt de sociale standaard voor aanbestedingen in het streekvervoer. Het initiatief is niet volledig nieuw; binnen de facilitaire branche – denk aan schoonmaak, beveiliging en catering – bestaat een vergelijkbare code al vijftien jaar en heeft die daar zijn waarde ruimschoots bewezen. Door de code nu ook op te nemen in de cao Openbaar Vervoer 2023–2025, willen de sociale partners in de streekvervoersector de kwaliteit van dienstverlening én goed werkgeverschap structureel borgen.

De Code Verantwoordelijk Marktgedrag Streekvervoer is bedoeld om te voorkomen dat vervoerders elkaar uit de markt drukken met te lage biedingen, ten koste van de mensen die het werk doen. Waar voorheen aanbestedingen vooral werden gewonnen door wie het goedkoopste kon rijden, moet de focus nu verschuiven naar kwaliteit, duurzaamheid en respect voor werknemers.

De code legt nadruk op verschillende belangrijke thema’s. Zo wordt ingezet op aanbestedingen waarin kwaliteit zwaarder weegt dan prijs, en op een gezonde werkdruk gecombineerd met een sociaal personeelsbeleid. Daarnaast benadrukken de ondertekenaars het belang van veilige en respectvolle werkomstandigheden. Ook is er bijzondere aandacht voor diversiteit, inclusiviteit en duurzame inzetbaarheid binnen het personeelsbestand. Verder moeten technologische ontwikkelingen op een zorgvuldige manier worden ingevoerd, zodat ze bijdragen aan het welzijn van medewerkers in plaats van hen te vervangen of extra druk op te leggen.

Een belangrijk onderdeel van de afspraken is dat er structureel werk moet zijn voor medewerkers met een vast contract, waar dat mogelijk is. Dat moet zorgen voor meer zekerheid en continuïteit binnen de sector, die de afgelopen jaren regelmatig te maken had met personeelstekorten, hoge werkdruk en onrust rond aanbestedingen.

De betrokken partijen – Stichting Code Verantwoordelijk Marktgedrag, de Vereniging Werkgevers Openbaar Vervoer (VWOV), vakbonden FNV en CNV en de decentrale opdrachtgevers in het streekvervoer – bevestigen met de ondertekening hun gezamenlijke inzet voor een duurzame, toekomstbestendige en sociale streekvervoersector.

gedragscode

De nieuwe gedragscode is volgens velen niet alleen een administratieve afspraak, maar vooral een symbolisch en praktisch statement: een gezamenlijk besluit om de balans tussen marktwerking en maatschappelijke verantwoordelijkheid te herstellen. Door samenwerking boven concurrentie te plaatsen, hopen de partijen dat de sector niet alleen betrouwbaarder en veiliger wordt voor reizigers, maar ook gezonder en rechtvaardiger voor werknemers.

Loonsverhoging: CNV-leden stemmen massaal in met nieuwe cao voor zorgvervoer en taxi

Loonsverhoging en extra vakantiedagen voor zorgchauffeurs na akkoord nieuwe cao.

De leden van vakbond CNV hebben met ruime meerderheid ingestemd met de nieuwe tweejarige cao voor de sector Zorgvervoer en Taxi. Daarmee komt een intensieve periode van onderhandelingen tot een einde, waarbij ook niet-vakbondsleden nauw betrokken werden om tot een breed gedragen resultaat te komen. De nieuwe cao betekent voor duizenden chauffeurs in Nederland onder meer een structurele loonsverhoging van 3,5 procent per jaar, extra vakantiedagen, en een eerste stap richting betere regelingen rond reiskosten en onregelmatigheidstoeslagen.

twee jaar

Volgens CNV is de uitkomst van deze cao een belangrijk signaal dat de maatschappelijke waarde van zorgchauffeurs en taxichauffeurs eindelijk meer erkenning krijgt. “Het was hoog tijd dat de mensen die dagelijks kwetsbare reizigers veilig van A naar B brengen, beter beloond worden voor hun werk,” aldus een woordvoerder van de bond. De cao heeft een looptijd van twee jaar en bevat afspraken die gericht zijn op structurele verbeteringen binnen de sector, niet alleen op financieel vlak, maar ook qua werkdruk, roosterplanning en functiewaardering.

Voorafgaand aan de onderhandelingen hebben zowel CNV als FNV een uitgebreide peiling uitgevoerd onder alle chauffeurs, ook degenen die geen lid zijn van een vakbond. Uit die peiling kwam duidelijk naar voren dat de behoefte groot was aan een “volwassen cao” waarin onder andere eerlijke toeslagen voor onregelmatigheid, een degelijke reiskostenvergoeding en een beter werkrooster centraal zouden staan. Hoewel de vakbonden aanvankelijk mikten op een langjarige cao, bleek dat tijdens de gesprekken met de werkgevers lastig te realiseren.

vakantiedagen

Het uiteindelijke resultaat is een compromis dat volgens de bonden de juiste balans biedt tussen haalbaarheid en vooruitgang. Zo krijgen chauffeurs in de komende twee jaar een gematigde reiskostenvergoeding, bouwen zij twee extra vakantiedagen op en start een uitgebreid functiewaarderingstraject. Dat traject moet inzicht geven in de werkdruk, verantwoordelijkheden en beloning van zowel zorg- als taxichauffeurs.

Illustratie: © Pitane Blue

De cao geldt voor alle werknemers in het zorgvervoer en de taxisector en wordt gezien als een stap richting meer waardering voor een beroepsgroep die onmisbaar is voor talloze mensen die dagelijks afhankelijk zijn van vervoer naar zorglocaties, scholen en dagbesteding.

Een opvallende afspraak in de nieuwe cao is dat 1 procent van de loonruimte apart wordt gezet om de toeslagen voor onregelmatigheid verder uit te werken. Mochten de partijen er vóór 1 juli 2027 niet in slagen om tot goede afspraken te komen over deze toeslagen, dan krijgen de chauffeurs automatisch nog eens 1 procent extra loon erbij. Daarmee willen CNV en FNV druk houden op de voortgang van het overleg met de werkgevers.

onderzoek

Daarnaast is afgesproken dat vakbonden en werkgevers de komende jaren werk zullen maken van de hoge ziekteverzuimcijfers binnen de sector. Er komt onderzoek naar de oorzaken van dit verzuim en naar de vraag of de huidige roosterafspraken wel eerlijk en werkbaar zijn. Ook wordt gewerkt aan een aanpassing van de pensioenregeling: alle loononderdelen worden voortaan pensioengevend, wat tijdelijk wordt gefinancierd door een verhoging van de franchise.

Nu de cao officieel is goedgekeurd, breekt volgens CNV een belangrijke nieuwe fase aan. “De handtekeningen zijn gezet, maar het echte werk begint nu pas,” stelt de bond. “We gaan samen met onze leden en de werkgevers aan de slag met de uitvoering van de afspraken. Of het nu gaat om betere roosters, eerlijke betaling of vermindering van ziekteverzuim – onze leden denken en doen actief mee.”

Mayday: vliegtuig Ryanair landt op het nippertje met bijna lege tank

Toestel vloog onder minimumbrandstofgrens, regels schrijven half uur reserve voor.

Een Ryanair-vlucht van Pisa naar het Schotse Prestwick is begin oktober op het nippertje veilig geland in Manchester, nadat het toestel bijna zonder brandstof kwam te zitten. De situatie aan boord was zo nijpend dat de piloten een noodsignaal moesten uitsturen. Volgens een intern logboek had het vliegtuig op het moment van de landing nog slechts 220 kilogram brandstof over – goed voor amper zes minuten vliegtijd.

De Boeing 737-800, met vermoedelijk bijna tweehonderd passagiers aan boord, kwam in ernstige problemen door storm Amy, die die dag met zware windstoten over Groot-Brittannië raasde. Het toestel probeerde twee keer te landen op de luchthaven van Prestwick, maar werd beide keren weggeslagen door de rukwinden. Daarna zetten de piloten koers naar Edinburgh, in de hoop daar veilig aan de grond te komen. Toen ook dat niet lukte, bleef er volgens The Guardian nog maar één optie over: een noodlanding.

mayday

De bemanning van de vlucht FR3418 besloot koers te zetten naar Manchester, waar het weer gunstiger leek. Tijdens de laatste minuten van de vlucht klonk de noodoproep ‘mayday’ over de radio. De brandstofmeter stond inmiddels verontrustend laag, en het toestel bevond zich in wat luchtvaartdeskundigen een “kritieke fase” noemen. Uiteindelijk wist de bemanning het vliegtuig veilig aan de grond te krijgen, tot grote opluchting van zowel passagiers als cabinepersoneel.

Een van de passagiers, die anoniem met Britse media sprak, vertelde dat de sfeer aan boord gespannen was. “We voelden dat er iets mis was. De piloot klonk kalm, maar je hoorde aan zijn stem dat het ernstig was. Toen we eindelijk landden, brak er applaus uit. Iedereen wist dat het kantje boord was geweest.”

De Britse luchtvaartautoriteit AAIB heeft een officieel onderzoek ingesteld naar wat zij een “ernstig incident” noemt. Onderzocht wordt of het toestel wel met voldoende brandstof is vertrokken, of dat de omstandigheden onderweg uitzonderlijk waren. Volgens internationale luchtvaartregels moet een vliegtuig bij aankomst op zijn eindbestemming altijd genoeg brandstof hebben voor een extra omleiding én een half uur reservevlucht. Met slechts zes minuten brandstof over bevond het Ryanair-toestel zich ver onder die veiligheidsmarge.

Foto: © Pitane Blue – Ryanair

Internationale luchtvaartregels schrijven voor dat vliegtuigen bij aankomst altijd voldoende brandstof moeten hebben om, na een mislukte landing, nog twintig minuten te kunnen doorvliegen naar een alternatieve luchthaven en vervolgens dertig minuten op 1.500 voet te kunnen blijven cirkelen. Wanneer een vliegtuig onder dit zogeheten ‘final reserve fuel’-niveau zakt, is de bemanning verplicht een noodverklaring af te geven. Piloten mogen nooit in de situatie komen dat ze deze laatste noodvoorraad daadwerkelijk moeten aanspreken.

Ryanair bevestigde het voorval in een korte verklaring. “De vlucht van Pisa naar Prestwick werd omgeleid vanwege slechte weersomstandigheden veroorzaakt door storm Amy. Het toestel is veilig geland in Manchester. We werken volledig mee aan het onderzoek van de AAIB en doen verder geen commentaar,” aldus de maatschappij.

De passagiers kwamen uiteindelijk pas tien uur later dan gepland aan in Prestwick, na een lange busreis vanuit Manchester. Voor velen was het een reis die ze niet snel zullen vergeten. “Ik heb nog nooit zo bang in een vliegtuig gezeten,” vertelde een andere reiziger aan Britse verslaggevers. “Toen we hoorden dat er bijna geen brandstof meer was, besefte ik pas hoe ernstig het was. We hebben echt geluk gehad.”

onderzoek

Volgens luchtvaartdeskundigen zal het onderzoek van de AAIB cruciaal zijn om vast te stellen of er fouten zijn gemaakt bij de planning of communicatie tussen de luchtverkeersleiding en de piloten. Ook wordt bekeken of de storm de vluchtschema’s zodanig verstoorde dat de brandstofreserves sneller dan normaal werden aangesproken.

Hoewel de landing in Manchester uiteindelijk zonder ongelukken verliep, onderstreept het incident de kwetsbaarheid van luchtverkeer tijdens extreme weersomstandigheden. Dat het toestel met slechts enkele minuten brandstofreserve neerkwam, wordt binnen de luchtvaart als uiterst uitzonderlijk beschouwd.nten, met accenten van geel en blauw voor de Ryanair-kleuren.

Ayvens nieuwe hub: grootste live veiling van leaseauto’s ooit in Veghel

De opening van het nieuwe remarketingcentrum van Ayvens in Veghel kreeg een bijzonder vervolg met een evenement dat meteen geschiedenis schreef.

Slechts één dag na de feestelijke ingebruikname van het gloednieuwe centrum, dat de naam ‘Factory’ draagt, vond de grootste live veiling van tweedehands leaseauto’s ooit georganiseerd door het bedrijf plaats. Met maar liefst tweehonderd voertuigen onder de hamer wist Ayvens niet alleen indruk te maken op de aanwezige handelspartners, maar ook een duidelijk signaal af te geven over de ambities binnen de Europese automarkt.

Het terrein in Veghel, met een oppervlakte van 91.000 vierkante meter, is de grootste remarketinglocatie van Ayvens in Europa. Hier worden dagelijks honderden ex-leaseauto’s klaargemaakt voor hun tweede leven. De nieuwe hub moet de logistiek en het verkoopproces van gebruikte leasewagens aanzienlijk versnellen, wat bijdraagt aan een duurzamere en efficiëntere mobiliteitsketen. De keuze om de officiële opening te combineren met een spectaculaire live veiling onderstreepte het belang van de locatie voor de toekomst van het bedrijf.

nieuwe hub

De besloten veiling, uitsluitend toegankelijk voor vaste relaties en handelspartners uit binnen- en buitenland, trok tientallen geïnteresseerde kopers uit heel Europa. Zij konden bieden op een breed scala aan voertuigen, van jonge gezinsauto’s tot luxe bedrijfswagens, maar vooral het groeiende aandeel elektrische modellen viel op. Ayvens zet al langere tijd in op verduurzaming en ziet in de remarketing van elektrische voertuigen een belangrijke stap om elektrisch rijden betaalbaarder te maken.

“Met deze grootste live veiling tot nu toe laten we zien wat onze nieuwe hub in Veghel kan betekenen voor de tweedehandsmarkt,” aldus Ferry Weijers, Procurement & Remarketing Director van Ayvens Nederland. “Een fysieke veiling brengt handelspartners samen, zorgt voor dynamiek en leidt vaak tot goede verkoopresultaten. We organiseren deze live veiling slechts één keer per jaar, dit keer bij de opening. Met ruim 250 online veilingen per jaar via Carmarket blijft dat natuurlijk onze kern. Tegelijk is dit een mooi moment om onze relaties te bedanken en samen nieuwe kansen te benutten.”

Foto: © Ayvens – Veiling Ayvens Veghel

De sfeer tijdens het evenement werd omschreven als energiek en optimistisch. Terwijl de ervaren veilingmeesters de biedingen met een vlotte hand begeleidden, wisselden de voertuigen in hoog tempo van eigenaar. De verwachting dat alle tweehonderd auto’s nog dezelfde dag verkocht zouden zijn, bleek geen loze belofte: binnen enkele uren waren de kavellijsten grotendeels afgerond.

Volgens aanwezige handelaren was het succes van de veiling niet alleen te danken aan het ruime aanbod, maar ook aan de kwaliteit van de organisatie. De combinatie van professionele presentatie, transparante biedingen en de feestelijke sfeer maakte van het evenement meer dan alleen een zakelijke transactie. “Je merkt dat Ayvens investeert in relaties en beleving,” zei een buitenlandse handelspartner die anoniem wilde blijven. “Dat maakt het verschil in deze branche, waar vertrouwen essentieel is.”

groeistrategie

Met de geslaagde live veiling en de officiële opening van de Factory markeert Ayvens een nieuwe fase in zijn groeistrategie. Het bedrijf wil zijn positie als toonaangevende speler in de Europese leasemarkt verder versterken, met nadruk op innovatie, duurzaamheid en samenwerking. De Factory in Veghel moet daarbij dienen als een voorbeeld van hoe moderne remarketing kan bijdragen aan een circulaire economie, waarin voertuigen langer meegaan en hun waarde optimaal behouden blijft.

De veilingdag werd afgesloten met een informeel samenzijn, waarbij medewerkers en partners toostten op de toekomst. De tweehonderd verkochte voertuigen vormden het tastbare bewijs van een geslaagde start voor de nieuwe locatie, die ongetwijfeld nog vaak het decor zal zijn van belangrijke momenten in de geschiedenis van Ayvens.

Parkeersessie loopt door bij Flitsmeister Dash: gebruikers voelen zich misleid

De populaire Flitsmeister Dash, die belooft het parkeren eenvoudiger te maken met één druk op de knop, ligt toch onder vuur.

Het apparaatje, dat parkeersessies automatisch registreert, blijkt namelijk ook buiten de officiële betaaluren vrolijk door te rekenen. Verschillende automobilisten ontdekken tot hun frustratie dat ze ongemerkt tientallen euro’s te veel betalen voor parkeertijd die volgens de gemeentelijke regels eigenlijk gratis zou moeten zijn.

Een automobilist die zijn auto parkeerde bij het Kloosterhotel De Soete Moeder in de Nemiusstraat in ’s-Hertogenbosch, kreeg onlangs een onaangename verrassing. Daar geldt betaald parkeren van 09.00 tot 24.00 uur, maar wie na middernacht blijft staan, hoeft in principe niets meer te betalen. Toch liep zijn parkeersessie gewoon door. De man startte zijn sessie via de Flitsmeister Dash om 15.30 uur en stopte die pas de volgende ochtend om 9.30 uur na zijn overnachting. De rekening was ruim € 41,- voor ruim twintig uur parkeren, terwijl negen daarvan buiten de betaalperiode vielen.

handmatig stoppen

De automobilist ontdekte tot zijn verbazing dat de Dash simpelweg de hele nacht bleef doorlopen, ondanks dat de parkeerzone vanaf middernacht gratis was. De teller hield pas op toen de gebruiker de sessie handmatig beëindigde. Dat roept vragen op over de transparantie van het systeem en over de verantwoordelijkheid die bij de gebruiker wordt neergelegd.

Volgens Flitsmeister werkt de Dash “zoals bedoeld”. Het apparaat stopt pas met rekenen zodra de bestuurder de parkeersessie zelf beëindigt. Alleen in zones waar gemeenten een maximale parkeertijd hanteren, stopt het systeem automatisch. Dat betekent dat in de meeste steden en dorpen de Dash ook tijdens gratis parkeeruren doorloopt. De website van Flitsmeister laat weten dat “de gebruiker altijd zelf verantwoordelijk blijft voor het stopzetten van de sessie”.

valkuil

Voor veel automobilisten voelt dat echter als een valkuil. Zeker bij parkeerzones met specifieke tijden — zoals in het centrum van ’s-Hertogenbosch — kan de gebruiker moeilijk inschatten wanneer de betaalperiode precies eindigt. Een vergissing of simpelweg vergeten om de sessie te stoppen, kan zomaar leiden tot onnodige kosten. Tenslotte stap je ’s nachts niet uit je bed om de Dash handmatig uit te schakelen.

Wie denkt recht te hebben op een terugbetaling, komt bovendien terecht in een bureaucratisch doolhof. Klachten over foutief doorlopende parkeersessies moeten via een zogenoemd diagnoseformulier bij Flitsmeister worden ingediend. Vaak verwijst het bedrijf vervolgens naar betaaldienstverlener 4411, die verantwoordelijk is voor de financiële afhandeling. Volgens verschillende gebruikers op sociale media is het proces “traag en frustrerend”, met wisselende resultaten.

Foto: © Pitane Blue – Kloosterhotel de Soete Moeder

“De Flitsmeister Dash is handig – totdat hij je een nacht lang laat betalen voor gratis parkeren,” vat een gebruiker zijn ervaring samen.

Het probleem zit hem volgens techkenners in de manier waarop de Dash ontworpen is. Het apparaat maakt geen koppeling met gemeentelijke parkeertijden, maar rekent puur op basis van start- en stopmomenten. Dat is technisch eenvoudig, maar in de praktijk onhandig, omdat het geen rekening houdt met het feit dat veel steden ’s nachts gratis parkeren toestaan.

geen plannen

“De Dash doet wat hij moet doen, maar niet wat gebruikers verwachten,” zegt een lokale IT-specialist. “De gemiddelde automobilist denkt dat het apparaat automatisch stopt als parkeren gratis wordt, maar dat gebeurt niet. Daardoor betaal je feitelijk voor niet-bestaande uren.”

Tot nu toe heeft Flitsmeister geen plannen aangekondigd om het systeem aan te passen. Wel raadt het bedrijf aan om de parkeersessie altijd handmatig te stoppen zodra de auto niet meer binnen de betaaluren staat. Gebruikers doen er dus verstandig aan om even te controleren wanneer betaald parkeren afloopt — en eventueel een herinnering in te stellen.

De belofte van gemak die de Flitsmeister Dash ooit zo aantrekkelijk maakte, blijkt in de praktijk een dure valstrik. Het apparaat is handig voor wie vaak onderweg is, maar wie niet oplet, kan zomaar de volgende ochtend wakker worden met een flink hogere parkeerrekening dan verwacht.

abonnement

De Flitsmeister DASH kan men niet gebruiken zonder een abonnement. Het apparaat werkt via een eigen internetverbinding (eSIM) en vereist een maandelijks DASH-abonnement om te functioneren, te updaten en de functies te gebruiken. Dit is anders dan de gratis Flitsmeister app of de Flitsmeister ONE, waarvoor geen abonnement nodig is. Je kunt geen eigen simkaart gebruiken of verbinding maken met de hotspot van je telefoon. Zonder abonnement zijn de functies van de DASH niet beschikbaar, zoals het ontvangen van meldingen en het bijwerken van informatie. 

Behoud van zondagsrust: SGP keert zich tegen rekeningrijden en dure OV

De Staatkundig Gereformeerde Partij presenteert in haar verkiezingsprogramma een nuchter, maar stevig doordacht plan voor de toekomst van de Nederlandse mobiliteit.

Centraal staan betaalbaarheid, verkeersveiligheid en het behoud van bereikbaarheid voor iedereen – van stad tot platteland. Daarbij maakt de partij duidelijk dat wegen, sporen en vaarwegen niet alleen technische infrastructuur zijn, maar het kloppende hart van de samenleving: ze verbinden mensen, economie en gemeenschappen.

De SGP stelt dat Nederland te lang heeft stilgestaan door een opeenstapeling van stikstofregels, uitgestelde onderhoudsprojecten en uit de hand gelopen bureaucratie. “De tijd van praten is voorbij, er moet gebouwd en geïnvesteerd worden,” klinkt het in het verkiezingsprogramma. De partij wil dat het Rijk opnieuw de regie pakt over grote infrastructuurprojecten, zonder de decentrale besturen hun zeggenschap te ontnemen. Provincies en gemeenten krijgen nadrukkelijk ruimte om regionale plannen door te voeren, zolang ze bijdragen aan een evenwichtige spreiding van woningbouw en bereikbaarheid.

Het wegennet moet volgens de SGP letterlijk weer in beweging komen. Grote knelpunten zoals de A27 bij Houten, de A15 tussen Papendrecht en Gorinchem en het knooppunt Hoevelaken moeten uit de ijskast gehaald worden. Voor de N-wegen wil de partij extra geld vrijmaken om gevaarlijke kruispunten en weggedeelten veiliger te maken. De N50 bij Kampen wordt in het programma specifiek genoemd als voorbeeld waar de veiligheidsaanpak prioriteit heeft. “We staan voor bescherming van het leven, ook in het verkeer,” stelt de partij onomwonden.

gedrag en handhaving

De partij benadrukt dat verkeersveiligheid niet alleen een kwestie is van asfalt en borden, maar ook van gedrag en handhaving. Gemeentelijke boa’s moeten meer bevoegdheden krijgen voor verkeerscontrole, en er komt een harde aanpak van drank- en drugsrijders. De SGP wil dat het alcoholslotprogramma opnieuw wordt ingevoerd en dat gevaarlijke, illegaal opgevoerde e-bikes — waaronder fatbikes — actief worden gecontroleerd. Ook moet de verkeershandhaving een vaste plek krijgen in de Nationale Veiligheidsagenda.

Naast de wegen investeert de SGP in spoor en openbaar vervoer. De partij spreekt haar zorg uit over de “verschraling van het busvervoer op het platteland” en wil dat het Rijk extra middelen vrijmaakt om dit tij te keren. Daarbij hoort volgens de partij een btw-vrijstelling voor alle ov-tickets en gratis openbaar vervoer voor kinderen tot en met elf jaar. Nieuwe stations in onder meer Dordrecht Leerpark, Barneveld-Noord en Staphorst moeten de bereikbaarheid van de regio verbeteren. Grote projecten zoals de Nedersaksenlijn en de Lelylijn krijgen nadrukkelijk steun, al pleit de SGP voor een nuchtere afweging van kosten en baten: “Opwaardering van bestaand spoor kan vaak goedkoper en effectiever zijn.”

Foto: © Pitane Blue – SGP – Chris Stoffer

De toon van het mobiliteitsprogramma is kenmerkend voor de SGP: behoudend, realistisch en doordrenkt van het rentmeesterschap dat de partij als christelijke plicht ziet. In een land dat piept en kraakt onder druk van stikstof, files en verouderde infrastructuur, zet de partij in op veiligheid, betrouwbaarheid en bereikbaarheid voor iedereen.

De partij kiest daarnaast voor duurzaam, maar “realistisch” vervoer. Elektrisch rijden blijft gestimuleerd, maar de SGP waarschuwt voor grillig beleid. Er moet een langetermijnstrategie komen voor emissieloos rijden, zonder jojo-effecten van subsidies en accijnzen. Zakelijke leaserijders moeten verplicht kiezen voor een emissievrije of zuinige hybride auto, zodat er ook voldoende elektrische voertuigen op de tweedehandsmarkt beschikbaar komen. Fossielvrije synthetische brandstoffen worden fiscaal aantrekkelijker gemaakt met een verlaagd accijnstarief. Een rekeningrijden-systeem wijst de partij voorlopig af: mobiliteit moet betaalbaar blijven, vooral voor forenzen en inwoners van het buitengebied.

binnenvaart

Ook de binnenvaart krijgt bijzondere aandacht. De SGP noemt de sector “een onmisbare schakel in onze logistieke keten” en wil dat het Rijk investeert in onderhoud van vaarwegen, sluizen en bruggen. De Volkeraksluizen en de geplande servicehaven bij Urk worden met name genoemd als cruciale schakels voor de economie. Kleine binnenvaartschepen, die nog in de ‘haarvaten van het vaarwegennet’ kunnen varen, moeten beschermd worden tegen te strenge Europese regels.

Op luchtvaartgebied kiest de SGP voor een strengere koers. Schiphol zit “vol” en moet vooral stiller en schoner worden. Nachtvluchten moeten worden beperkt, privéjets verplaatst naar Lelystad Airport, en vluchten die economisch weinig waarde hebben mogen worden teruggeschroefd. Een toekomstvisie waarin start- en landingsbanen naar zee worden verplaatst, wil de partij serieus onderzoeken, mits dit samengaat met duurzame energieopwekking. Zondagsrust blijft een belangrijk uitgangspunt: niet-noodzakelijke vluchten op zondag worden wat de SGP betreft verboden.

Tot slot benadrukt de partij het belang van waterveiligheid en klimaatbestendigheid. Dijkversterking moet sneller en goedkoper, met minder geld voor procedures en meer voor daadwerkelijke uitvoering. De waterschappen blijven volgens de SGP een “onmisbare schakel in onze bescherming tegen het water”.

lijsttrekker

Geboren te Elspeet in 1974 is de lijsttrekker Chris Stoffer, nu woonachtig in Elspeet. Getrouwd en vader van 3 dochters. Sinds 2018 is hij lid van de Tweede Kamer, sinds 2023 als fractievoorzitter.

Nederland terug naar Gods Woord!

“Als fractievoorzitter heb je verantwoordelijkheid om zoveel mogelijk te realiseren vanuit het programma van de SGP. Als ik er specifiek iets uit haal, dan vind ik het borgen van het christelijk onderwijs heel belangrijk. Dat ook in de toekomst kinderen goed onderwijs krijgen en op school vanuit de Bijbel worden onderwezen. “

Politiecontrole: GVB belooft compensatie en strengere controles

Reizigers in Amsterdam-Noord zijn donderdag 25 september 2025 flink gedupeerd geraakt toen er urenlang geen bussen reden.

Ook de dag erna had het openbaar vervoer in de rest van de stad nog te maken met nasleep en vertragingen. De Amsterdamse stadsvervoerder GVB erkent de omvang van de problemen en biedt haar excuses aan voor de overlast.

Volgens GVB kwamen reizigers plotseling zonder vervoer te zitten en moesten zij zelf een alternatieve manier vinden om naar hun werk, school of afspraken te komen. “We realiseren ons dat dit veel ongemak heeft veroorzaakt, en dat spijt ons,” laat het vervoersbedrijf weten. “Als Amsterdamse stadsvervoerder zetten we ons dagelijks in om zo’n 900.000 mensen veilig en op tijd op bestemming te krijgen. Juist daarom vinden we het extra vervelend dat het misging. Het is frustrerend dat we u niet de service konden bieden die u van ons mag verwachten.”

politie

De oorzaak van de plotselinge uitval lag bij een onverwachte politiecontrole op donderdagochtend 25 september in stadsdeel Noord. Agenten controleerden of alle GVB-bussen beschikten over de juiste verplichte documenten, waaronder een kopie van het kentekenbewijs en een gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning. Deze papieren moeten altijd fysiek aanwezig zijn in de bus. Hoewel alle voertuigen voldeden aan de veiligheidsnormen en over geldige APK-keuringen beschikten, mochten sommige bussen tijdelijk niet rijden omdat de vereiste documenten ontbraken.

Vanaf donderdagmiddag begon GVB met een grote interne controle. Alle stilstaande bussen in garages en bij busstations werden nagekeken op de aanwezigheid van de juiste papieren. “Als de documenten aanwezig waren, kon de bus weer de weg op,” aldus een woordvoerder van het vervoersbedrijf. Rond 16.00 uur kon de dienstregeling in Noord voorzichtig worden hervat, en een half uur later reden de meeste lijnen weer, al moesten reizigers nog rekening houden met vertragingen.

Het vervoersbedrijf sluit zijn verklaring af met nogmaals zijn spijt te betuigen. “We vinden het enorm vervelend dat het misging,” schrijft GVB. “We doen er alles aan om dit in de toekomst te voorkomen en onze reizigers de service te bieden die zij van ons gewend zijn.”

Na de hectische donderdag besloot GVB in de nacht van 25 op 26 september alle bussen opnieuw te controleren. Hierbij werd niet alleen gekeken of de papieren aanwezig waren, maar ook of deze op de juiste plek in het voertuig lagen. Dankzij die nachtelijke operatie kon de dienstregeling op vrijdag grotendeels doorgaan, al was er nog sprake van beperkte uitval.

Het vervoersbedrijf benadrukt dat de veiligheid van reizigers nooit in het geding is geweest. “De veiligheid van onze reizigers staat altijd voorop,” meldt GVB. “Al onze bussen zijn goedgekeurd door de Inspectie Leefomgeving en Transport en beschikken over een geldige APK. De voertuigen voldoen aan alle veiligheidseisen. In enkele gevallen mochten bussen tijdelijk niet rijden vanwege ontbrekende documentatie aan boord, niet omdat het voertuig onveilig was.”

compensatie

GVB zegt maatregelen te hebben genomen om een herhaling in de toekomst te voorkomen. Tegelijkertijd worden reizigers die hinder hebben ondervonden, gecompenseerd. “We hebben een ruime regeling bij vertraging of uitval van ritten,” aldus de verklaring. “Wie hinder heeft ondervonden van de uitval van onze bussen in Noord, kan een vergoeding aanvragen via onze website. Onder Klantenservice > Onze online formulieren is het vergoedingsformulier te vinden. Ook bij onze loketten helpen onze medewerkers graag bij het indienen van een aanvraag.”

Rotterdam in opspraak: oud-adviseur RMC betrokken bij omstreden aanbesteding

RMC moet verklaring aanpassen na onthulling over contacten met oud-collega, schijn van belangenverstrengeling bij miljoenencontract.

De gemoederen in de Rotterdamse politiek lopen hoog op na nieuwe onthullingen over de toekenning van het contract voor het doelgroepenvervoer in de stad. Het bedrijf Rotterdamse Mobiliteits Centrale (RMC) sleepte eerder dit jaar een megacontract van maar liefst 300 miljoen euro in de wacht. Maar de rol van een oud-medewerker van RMC, die later als adviseur betrokken was bij de gemeente Rotterdam bij diezelfde aanbesteding, roept vragen op over mogelijke belangenverstrengeling.

De zaak draait om een adviseur die in het onderzoek van Rijnmond wordt aangeduid als meneer X. Hij werkte twaalf jaar bij RMC en verliet het bedrijf begin 2022. Niet lang daarna werd hij actief voor verschillende andere vervoersbedrijven, waaronder Stroomlijn, dat in de Drechtsteden het doelgroepenvervoer coördineert. Vanuit die functie begeleidde hij ook RMC, zijn voormalige werkgever. “Als contractmanager bij Stroomlijn begeleid ik het vervoer van alle gecontracteerde vervoerders, waaronder tot voor kort RMC,” bevestigde hij in een reactie aan Rijnmond.

verwevenheid

Toch lijkt de verwevenheid tussen meneer X en zijn oude werkgever verder te gaan dan de betrokken partijen aanvankelijk wilden toegeven. RMC verklaarde nog in september dat meneer X “sinds zijn vertrek geen contact meer had met collega’s binnen de organisatie.” Maar na nieuwe informatie moest het bedrijf die verklaring terugdraaien. “Navraag maakt duidelijk dat we ons hebben vergist,” liet RMC later weten. “Er is wel degelijk zakelijk contact geweest op operationeel niveau tussen de teams van RMC en Drechtsteden waarvan hij onderdeel was.”

De reconstructie van Rijnmond laat zien dat meneer X na zijn vertrek bij RMC eerst bij Maasstad Regie Centrale (MRC) aan de slag ging. Dat bedrijf kampte in 2022 met grote problemen bij de uitvoering van contracten in onder meer Amstelveen, Aalsmeer en de Drechtsteden. Volgens oud-directeur van de Rotterdamse Taxi Centrale (RTC) Sjaak de Winter moest er toen met spoed worden ingegrepen. “We zaten met de handen in het haar. Meneer X en ik zijn toen meegegaan om de boel over te dragen. Hij weet hoe de hazen lopen. Toen is het contract overgedragen aan de RMC,” aldus De Winter.

Foto: © Pitane Blue – Trevvel Rotterdam

Wat begon als een technische aanbesteding is inmiddels uitgegroeid tot een politieke en juridische kwestie.

Ook Gerry Oosterbaan, destijds directeur van RMC, bevestigt dat er in die periode contact is geweest. “Begin 2022 is hij vertrokken bij RMC. Eind dat jaar kwamen we weer in contact toen RMC het WMO-vervoer in Amstelveen en Aalsmeer overnam. We hebben toen gesproken over personeel en materieel.” Volgens Oosterbaan was meneer X ook betrokken bij de overdracht van het contract in de Drechtsteden. Meneer X zelf ontkent dat hij een rol speelde bij de keuze van vervoersmaatschappijen.

conclusies

De huidige RMC-topman Ties de Ruyter de Wildt, die het stokje in 2024 overnam, bevestigt dat meneer X aanwezig was bij vergaderingen over het verliesgevende contract in de Drechtsteden. “Bij al die meetings zat die meneer aan tafel. Hij heeft gewerkt in verschillende rollen bij RMC, MRC en Stroomlijn. Daar moet een ieder zelf maar z’n conclusies uit trekken.”

Opmerkelijk is ook dat meneer X via het bedrijf Stroomlijn de gemeente Rotterdam adviseerde bij de aanbesteding van het nieuwe contract voor doelgroepenvervoer voor de periode 2026 tot 2034. Dat contract, ter waarde van 300 miljoen euro, werd uiteindelijk opnieuw gewonnen door RMC. Dezelfde meneer X zal, via zijn eigen bv, de winnende partij straks begeleiden bij de start van het project. Bovendien werkt zijn partner bij de inkoopafdeling van de gemeente Rotterdam, wat de schijn van belangenverstrengeling alleen maar versterkt.

integriteitsprobleem

De gemeente stelt echter dat er geen sprake is van een integriteitsprobleem. “Het contact van meneer X met RMC vanuit zijn werkzaamheden bij Maasstad Regie Centrale vond plaats ruim voordat hij voor de gemeente werkzaamheden verrichtte,” laat een woordvoerder weten. “Dat achten wij niet relevant.” Ook ziet de gemeente geen probleem in zijn huidige functie bij Stroomlijn. “Het feit dat iemand contractmanager is voor een andere aanbestedende dienst is geen signaal van belangenverstrengeling, omdat hij daar de belangen van de opdrachtgever behartigt.”

De kwestie houdt ook de politiek in zijn greep. Donderdag 9 oktober debatteert de gemeenteraad over de zaak, op initiatief van de Jongere Ouderen Unie (JOU). Tegelijkertijd ligt de zaak ook juridisch onder een vergrootglas: op 14 oktober doet de rechtbank Rotterdam uitspraak in een kort geding dat is aangespannen door de vervoersbedrijven TWZ Connect en Transvision. Zij vinden dat RMC het contract nooit had mogen krijgen, omdat cruciale informatie over de rol van meneer X zou zijn achtergehouden.

Of er daadwerkelijk sprake is van belangenverstrengeling, moet de komende weken blijken. Feit is wel dat de verwevenheid tussen oud-medewerkers, gemeentelijke adviseurs en commerciële vervoerders in Rotterdam een pijnlijk beeld schetst van hoe dicht de lijnen in de vervoerswereld soms bij elkaar liggen.

Bron: Rijnmond

Bumperklevers: zelfs met rijhulpsystemen blijft de bestuurder eindverantwoordelijk

Moderne videosystemen registreren afstand en snelheid op de meter nauwkeurig.

Wie te dicht op de voorganger rijdt, riskeert niet alleen ergernis bij andere automobilisten, maar ook een forse boete of zelfs een rijverbod. Het handhaven van de minimale volgafstand is al jaren een belangrijk onderdeel van de verkeersveiligheid op de snelwegen. Te weinig afstand behoort tot de grootste oorzaken van zware ongevallen, en daarom zet de politie steeds vaker technologie in om overtreders op te sporen en te beboeten.

Volgens de verkeersregels moet de afstand tot het voorliggende voertuig groot genoeg zijn om tijdig te kunnen stoppen als de ander plotseling remt. Hoewel die regel duidelijk klinkt, is hij niet precies vastgelegd in meters. Om bestuurders houvast te geven, wordt vaak de zogenoemde “halve-snelheidsregel” of de “twee-secondenregel” gebruikt. Dat betekent: bij 100 kilometer per uur hoort een afstand van ongeveer 50 meter, of simpel gezegd, twee seconden tijd tussen beide voertuigen.

knipperende koplampen

Op de snelweg is de realiteit echter vaak anders. Regelmatig duiken er auto’s op die op minder dan tien meter afstand achter hun voorganger blijven hangen, soms zelfs met knipperende koplampen om de ander tot opschuiven te dwingen. Zulke gedragingen worden door de politie beschouwd als hinderlijk en gevaarlijk bumperkleven.

Om dit gedrag te bestrijden, zetten de autoriteiten geavanceerde video-meetsystemen in. Op bruggen boven snelwegen worden camera’s gemonteerd die met behulp van gemarkeerde punten op het wegdek zowel snelheid als afstand meten. Deze installaties filmen het verkeer over een traject van minimaal 300 meter. Zodra een voertuig de meetzone passeert, berekent software automatisch de afstand tot de voorligger. Bij een overtreding wordt direct een foto van het kenteken gemaakt, waarmee het bewijs vaststaat.

Daarnaast gebruikt de politie ook het ProViDa-systeem, een methode waarbij zogeheten onopvallende politievoertuigen andere auto’s volgen. Sensoren registreren daarbij de snelheid en de gereden afstand, terwijl camera’s een videoverslag maken dat later als bewijs dient. Zo kan nauwkeurig worden vastgesteld hoe lang iemand te dicht op zijn voorganger reed.

Wie betrapt wordt, kan flink de portemonnee trekken. De boetes lopen afhankelijk van snelheid en afstand sterk uiteen. Wordt bij 130 kilometer per uur minder dan 26 meter afstand gehouden, dan kan de geldboete honderden euro’s bedragen en volgt vaak ook een rijverbod van een maand. In ernstige gevallen – bijvoorbeeld wanneer de bestuurder over langere afstand met opzet te dicht volgt of zelfs met grootlicht dringt kan de politie de zaak als strafbaar aanmerken. Dat betekent dat er niet alleen een boete, maar ook een strafblad of het verlies van het rijbewijs kan volgen.

meetgegevens

Sommige automobilisten proberen boetes aan te vechten door te wijzen op fouten in de meting. Dat is echter niet eenvoudig. Volgens verkeersdeskundigen zijn technische onnauwkeurigheden weliswaar mogelijk, maar lastig aan te tonen. Alleen een specialist of advocaat met toegang tot de meetgegevens en videobeelden kan beoordelen of het systeem correct werkte. Wie die weg inslaat, moet rekening houden met hoge kosten voor technische expertises.

Toch blijft de belangrijkste boodschap simpel: houd afstand. Moderne auto’s beschikken steeds vaker over afstandswarners en adaptive cruise control (ACC) die via radarsensoren helpen om automatisch afstand te bewaren. Maar, zo benadrukt de wet: de bestuurder blijft altijd verantwoordelijk. Wie zich blindelings op technologie verlaat en toch te dicht achter iemand rijdt, kan zich niet verschuilen achter een computersysteem.

Beperkte dienstverlening: algemene hinder door nationale vakbondsactie

Grote hinder verwacht op 14 oktober, reizigers krijgen raad om ritten vooraf te plannen.

Een aangekondigde actiedag van het gemeenschappelijk vakbondsfront zal op dinsdag 14 oktober 2025 voor ernstige verstoringen zorgen in het openbaar vervoer. Ook de vakbonden bij De Lijn nemen deel aan de actie, wat betekent dat in heel Vlaanderen minder bussen en trams zullen uitrijden. Reizigers moeten zich voorbereiden op een dag vol vertragingen, afgeschafte ritten en aangepaste routes.

De Lijn benadrukt dat ze, zoals bij eerdere stakingen, een alternatieve dienstverlening uitwerkt om de hinder voor reizigers zoveel mogelijk te beperken. Het aangepaste vervoersaanbod zal vanaf vrijdag 10 oktober in de loop van de avond te raadplegen zijn op de website van De Lijn. “We doen ons best om zo duidelijk mogelijk te communiceren over welke ritten wél en niet zullen rijden,” laat de vervoersmaatschappij weten.

routeplanner

Reizigers worden aangeraden om hun verplaatsing grondig te plannen via de routeplanner op de website of in de app van De Lijn. Die routeplanner wordt in realtime aangepast: ritten die niet gereden worden, verdwijnen automatisch uit de zoekresultaten. Daarnaast worden op de haltepagina’s en de lijnpagina’s de afgeschafte ritten expliciet aangeduid met de vermelding ‘rijdt niet’.

Toch blijft er volgens De Lijn een risico op bijkomende uitval op de dag van de actie zelf. “We vragen onze reizigers om ook op 14 oktober de routeplanner te raadplegen vlak voor vertrek,” klinkt het verder. Onvoorziene omstandigheden kunnen ertoe leiden dat een bus of tram last minute geschrapt wordt.

Het gemeenschappelijk vakbondsfront kondigde de actiedag aan als onderdeel van een bredere protestbeweging. De bonden willen hiermee druk uitoefenen op de regering en werkgeversorganisaties rond dossiers die te maken hebben met loononderhandelingen, koopkracht en arbeidsvoorwaarden. Hoewel De Lijn niet rechtstreeks het mikpunt is van de actie, nemen haar werknemers wel deel uit solidariteit met het bredere vakbondsfront. Dat betekent dat ook de dagelijkse pendelaars, scholieren en reizigers die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer, de gevolgen zullen ondervinden.

Foto: Pitane Blue – De Lijn Gent

De verwachting is dat het normale dienstrooster de dag na de actie, op woensdag 15 oktober, opnieuw volledig hervat wordt, tenzij onverwachte omstandigheden het herstel vertragen.

De Lijn zegt begrip te hebben voor de situatie, maar benadrukt dat de hinder voor de reizigers niet te vermijden is. “We verontschuldigen ons voor het ongemak dat deze vakbondsactie zal veroorzaken,” laat het bedrijf weten. “Onze medewerkers doen wat mogelijk is om de impact te beperken, maar bij een actie van deze omvang is dat helaas niet volledig haalbaar.”

alternatieven

Wie zich toch wil verplaatsen op 14 oktober, krijgt van De Lijn de raad om alternatieven te overwegen. Carpoolen, fietsen of thuiswerken worden genoemd als mogelijke oplossingen om de druk op het openbaar vervoer te verlichten. De maatschappij hoopt dat het aangepaste aanbod en de digitale hulpmiddelen voldoende duidelijkheid zullen bieden, zodat reizigers niet voor verrassingen komen te staan.

NMBS: tot 64 procent korting mogelijk voor jongeren en senioren

Reizigers die de trein nemen buiten de piekuren of tijdens het weekend, zullen binnenkort flink wat minder betalen.

De NMBS voert op 15 oktober een volledig nieuw tarievenstelsel in dat volgens de spoorwegmaatschappij de grootste hervorming in decennia vormt. Met het nieuwe systeem wil de NMBS niet alleen het treinverkeer beter spreiden, maar ook meer mensen overtuigen om tijdens de rustiger momenten de trein te nemen.

De kern van de hervorming is de introductie van de voordeelkaart Train+, die recht geeft op een korting van 40 procent tijdens daluren en weekends. Wie deze kaart aankoopt, betaalt 6 euro per maand of 48 euro per jaar. Bovendien geldt er tot het einde van dit jaar een promotietarief van 50 procent op de prijs van Train+, wat betekent dat reizigers tijdelijk nog voordeliger kunnen reizen.

daluren

De NMBS benadrukt dat het gemiddelde tarief zal dalen. Vooral wie vaak reist tijdens daluren of in het weekend, zal dat volgens de maatschappij duidelijk merken in de portemonnee. “We willen meer mensen op de trein krijgen op momenten dat er nog voldoende capaciteit is,” klinkt het bij de spoorwegmaatschappij. “De meeste treinen zitten tijdens de spits goed vol, maar daarbuiten is er nog veel ruimte. Met Train+ willen we dat evenwicht verbeteren.”

Voor jongeren, senioren en reizigers met recht op een verhoogde tegemoetkoming verandert er nog meer ten goede. Zij behouden hun bestaande korting van 40 procent, maar kunnen die voortaan combineren met de Train+ korting, waardoor de totale besparing kan oplopen tot 64 procent op het standaardtarief. Voor deze groepen is ook de prijs van de voordeelkaart lager vastgesteld: 4 euro per maand of 32 euro per jaar.

trajecten

Een opvallende nieuwigheid in het systeem is dat de tarieven voortaan per kilometer worden berekend. Dat betekent dat reizigers nauwkeuriger betalen voor de afstand die ze effectief afleggen. Tegelijk verlaagt de NMBS de maximumafstand waarop de prijs berekend wordt: die daalt van 150 naar 120 kilometer. In de praktijk zullen dus vooral reizigers die langere trajecten afleggen, minder betalen dan vandaag.

Foto: © Pitane Blue – NMBS

Een extra stimulans is de prijsplafondregeling: wie met Train+ reist, betaalt als volwassene nooit meer dan 14 euro per rit, ook niet tijdens de spitsuren. Op die manier wil de NMBS transparantie en voorspelbaarheid bieden aan wie regelmatig de trein neemt.

losse tickets

Het nieuwe systeem geldt enkel voor losse tickets en niet voor abonnementen. Voor pendelaars die dagelijks dezelfde route nemen, blijft alles dus zoals het is. Toch verwacht de NMBS dat 70 tot 80 procent van de reizigers er financieel op vooruit zal gaan of minstens evenveel zal betalen als nu.

De Train+ kaart is vanaf 15 oktober te koop via alle gebruikelijke kanalen: online, aan de ticketautomaten en aan de loketten. Reizigers kunnen de kaart koppelen aan hun MoBIB-kaart, hun onlineprofiel op MyNMBS, of ze kunnen ervoor kiezen om een losse QR-code te gebruiken.

De NMBS ziet deze hervorming als een belangrijke stap in de modernisering van haar tariefstructuur. Door de prijzen te verlagen wanneer de treinen minder druk bezet zijn, hoopt de maatschappij de efficiëntie van haar netwerk te vergroten en tegelijk nieuwe reizigers aan te trekken.

Busworld 2025: VDL Bus Group presenteert trots haar nieuwe vlaggenschip

Tijdens de openingsdag van Busworld 2025 in Brussel heeft VDL Bus Group de internationale vakwereld verrast met een dubbele primeur.

Het Nederlandse busconcern presenteerde niet alleen de gloednieuwe touringcar VDL Futura 3, maar kondigde ook de vorming van een volledig geïntegreerd busbedrijf aan waarin VDL Bus & Coach en het recent verworven VDL Van Hool samen verdergaan onder één naam: VDL Bus Group.

Volgens het vakblad Personenvervoer Magazine is de VDL Futura 3 het resultaat van jarenlang onderzoek, ontwikkeling en nauwe samenwerking met klanten en chauffeurs. De nieuwe generatie touringcars moet een belangrijke stap betekenen in het langeafstandsvervoer, met nadruk op comfort, efficiëntie en duurzaamheid. Een van de meest opvallende verbeteringen is de verlaging van de totale levensduurkosten (TCO), dankzij een brandstofbesparing die kan oplopen tot wel 15 procent.

vlaggenschip

“Wij zijn trots op onze medewerkers die hun vakmanschap hebben getoond tijdens de ontwikkeling én de productie van dit nieuwe vlaggenschip,” zei Marc van Doorn, directeur Coach van VDL Bus Group, tijdens de presentatie in de Belgische hoofdstad. “We hebben er veel vertrouwen in dat we met deze derde generatie VDL Futura onze klanten, hun passagiers en hun chauffeurs een optimale reiservaring gaan bieden.”

Het thema van de presentatie, MOVE.TOGETHER., symboliseert de samensmelting van innovatie en samenwerking binnen het nieuwe VDL Bus Group. De lancering van de Futura 3 markeert niet alleen een technisch hoogtepunt, maar ook het begin van een nieuwe bedrijfsstructuur waarin de krachten van twee gerenommeerde merken worden gebundeld. VDL Bus Group zal voortaan met twee complementaire merken opereren – VDL en Van Hool – elk met een eigen identiteit en marktfocus.

Foto: © Personenvervoer Magazine

Met de Futura 3 zet VDL Bus Group opnieuw een stap richting de toekomst van het personenvervoer: zuiniger, veiliger en comfortabeler dan ooit tevoren.

De Futura 3 is ontworpen met de ervaring van alle betrokken partijen in gedachten. Feedback van chauffeurs, reizigers, klanten en het aftersales-netwerk is geïntegreerd in het ontwerp. De dieselbus is bovendien voorbereid op toekomstige alternatieve aandrijflijnen, zodat de touringcar ook op lange termijn relevant blijft.

gebruiksgemak

Voor chauffeurs biedt de Futura 3 een volledig vernieuwde werkplek. De ergonomie is verbeterd door een geoptimaliseerde indeling, beter zitcomfort en intuïtieve bedieningselementen. Dit zorgt niet alleen voor meer gebruiksgemak, maar vermindert ook de fysieke belasting tijdens lange ritten.

Passagiers profiteren van een interieur waarin comfort en beleving centraal staan. Nieuwe stoelen, sfeervolle LED-verlichting en zorgvuldig gekozen materialen zorgen voor een premium uitstraling. Het interieur ademt rust en ruimte, terwijl het exterieur een strak en modern lijnenspel vertoont dat naadloos aansluit bij de hedendaagse designverwachtingen.

Op het gebied van veiligheid maakt de Futura 3 eveneens een grote sprong voorwaarts. De touringcar is uitgerust met de nieuwste generatie ADAS-rijhulpsystemen, verbeterde zichtlijnen en structurele versterkingen. Daarmee voldoet het voertuig aan de strengste Europese veiligheidsnormen.

Ook aan het comfort is gedacht. Het volledig vernieuwde klimaatsysteem zorgt voor een stille en efficiënte temperatuurregeling, waardoor passagiers onder alle weersomstandigheden aangenaam kunnen reizen.

slimme techniek

VDL Bus Group heeft bij de ontwikkeling veel nadruk gelegd op onderhoudsgemak en lage exploitatiekosten. Door slimme engineering, modulaire componenten en een betere toegankelijkheid van technische systemen wordt de Total Cost of Ownership aanzienlijk verlaagd. Dat maakt de Futura 3 economisch aantrekkelijker voor operators in de touringcarbranche.

Tijdens Busworld 2025 toont VDL Bus Group niet alleen twee exemplaren van de nieuwe Futura 3, maar ook een VDL Citea 13,5 meter Low Entry. Van Hool is vertegenwoordigd met een Astron superhoogdekker en een Astromega dubbeldekker. Daarmee benadrukt de onderneming de kracht van haar gecombineerde portfolio, waarin innovatie, efficiëntie en klantgerichtheid hand in hand gaan.

Federaties eisen moratorium: UCM vraagt uitstel van boetes en meer begeleiding

Kwart van ondernemers overweegt te stoppen, ondernemers dreigen vast te lopen door verplichte e-facturatie.

De Unie van Zelfstandige Ondernemers (UCM) heeft samen met 22 sectorfederaties een duidelijke oproep gedaan aan de overheid: vanaf 1 januari 2026 wordt elektronische facturatie verplicht, maar volgens de organisaties is het onverantwoord om ondernemers meteen te beboeten wanneer ze die deadline niet halen.

Hoewel de UCM benadrukt dat de overstap naar elektronische facturatie grote voordelen biedt, zoals een vermindering van fraude, een snellere betalingsstroom tussen bedrijven en een stevige stimulans voor digitalisering, wijst de organisatie op aanzienlijke problemen die nog altijd niet zijn opgelost. Uit cijfers blijkt dat van de 1,2 miljoen bedrijven in België slechts 441.000 volledig in orde zijn met het digitale systeem. Dat betekent dat maar liefst 758.000 ondernemingen nog aangesloten moeten worden op het platform PEPPOL.

systemen

De federatie stelt dat de overstap te vergelijken is met het vervangen van de motor van een turbojet: een complexe operatie die veel meer impact heeft dan ondernemers op voorhand denken. Daarbij komt dat niet alleen zelfstandigen en kmo’s problemen ervaren, maar ook actieve gepensioneerden en zelfstandigen in bijberoep. Bovendien hebben verschillende softwareontwikkelaars al laten weten dat hun systemen niet tijdig klaar zullen zijn, terwijl zelfs bepaalde overheidsinstanties nog niet volledig op punt staan.

Een studie van de Federatie van de Belgische Zelfstandigen, uitgevoerd door de UHasselt in opdracht van BOSA, toont zelfs aan dat 15 tot 25 procent van de ondernemingen overweegt hun activiteiten stop te zetten vanwege de complexiteit en kosten van de overstap naar elektronische facturatie.

sancties

Daarom vraagt de UCM drie concrete maatregelen van de overheid. Ten eerste een moratorium van minstens zes maanden op financiële sancties, zodat ondernemers tijd krijgen om zich aan te passen. Ten tweede een pedagogische aanpak bij fiscale controles, waarbij eerst gewaarschuwd wordt in plaats van onmiddellijk te beboeten. Ten derde moet de overheid haar communicatie- en ondersteuningsinspanningen voortzetten en versterken om ondernemers beter te begeleiden.

Foto: © Pitane Blue – Antwerpen

De federatie benadrukt dat ondernemingen die al geïnvesteerd hebben in elektronische facturatie niet mogen worden benadeeld. Er wordt opgeroepen tot een collectieve aanpak: ondernemers die klaar zijn moeten leveranciers en partners die achterlopen ondersteunen met testen, tutorials en realistische deadlines. Tegelijk waarschuwt de UCM dat het ontbreken van een elektronische factuur nooit een excuus mag zijn om betalingen uit te stellen.

overgang

Voor ondernemers die de overstap nog niet hebben gemaakt, geeft de UCM praktische tips. “Wacht niet langer,” klinkt het. Ondernemers worden aangespoord om hun boekhouder te raadplegen, softwareoplossingen te controleren en testversies te gebruiken. Daarnaast zullen er nog informatiesessies en webinars plaatsvinden, ook in het laatste kwartaal van 2025, om zelfstandigen en kmo’s stap voor stap door de overgang te loodsen.

Met steun van federaties zoals Fedafin, Febelhairs, Horeca Wallonie, de Orde van Architecten en verschillende beroepsverenigingen, laat de UCM weten dat zij ook na 1 januari 2026 de situatie op de voet zal opvolgen. De boodschap is duidelijk: elektronische facturatie is een noodzakelijke stap voor de toekomst, maar de invoering moet met gezond verstand en voldoende ondersteuning gebeuren.

Parkeerdruk en taxi-wachtrijen: originele K3 terug op podium na zestien jaar

Stad antwerpen voert net op tijd nieuwe tariefzones in, reünie van de drie K’s trekt duizenden fans naar Afas Dome.

De magie van K3 is na zestien jaar helemaal terug. Karen, Kristel en Kathleen stonden vrijdagavond voor het eerst sinds hun gezamenlijke vertrek weer samen op het podium. Voor duizenden fans, die al maanden aftelden naar dit moment, was het pure nostalgie. De drie originele K’s, die eind jaren negentig het muziekfenomeen K3 op de kaart zetten, vormden opnieuw een hecht trio. Hun optreden was het startschot van een reeks concerten die onder de naam “K3 Originals” razendsnel uitverkochten.

warm weerzien

De reünie werd door fans omschreven als een droom die werkelijkheid werd. Waar velen al jaren hoopten op een terugkeer van de originele bezetting, is het nu eindelijk zover. Karen, Kristel en Kathleen brachten hun grootste hits ten gehore en lieten zien dat de chemie tussen hen na al die tijd niets aan kracht heeft verloren. Voor de drie zangeressen zelf was het optreden minstens zo bijzonder. Ze gaven eerder al aan dat ze maandenlang hadden toegeleefd naar deze show, die voor hen voelde als een warm weerzien met hun publiek en met elkaar.

Het succes van de eerste concertavond zorgt er wel voor dat het voor fans zonder ticket moeilijk wordt om er nog bij te zijn. Het merendeel van de shows van K3 Originals is volledig uitverkocht. Daardoor zijn er in Antwerpen grote verkeers- en parkeerdrukte te verwachten in de omgeving van de Afas Dome, waar de concerten plaatsvinden. Wie met de auto komt, doet er goed aan ruim op tijd te vertrekken. Files richting het evenemententerrein zijn vrijwel onvermijdelijk en ook het vinden van een geschikte parkeerplaats wordt een uitdaging.

Foto: © Pitane Blue – K3 Originals

De terugkeer van Karen, Kristel en Kathleen laat zien dat K3 Originals niet alleen een nostalgisch feestje is, maar ook een groot evenement dat de stad Antwerpen stevig in beweging brengt. Fans zullen zich er echter niet door laten ontmoedigen. Voor hen is de unieke kans om de originele K3 nog één keer samen te zien het geduld en de extra moeite dubbel en dwars waard.

De stad Antwerpen heeft bovendien net op tijd voor de concertreeks nieuwe parkeertarieven ingevoerd. Sinds 1 oktober 2025 gelden er rond de Afas Dome en de Lotto Arena aangepaste tariefzones. Dat betekent dat veel parkeerplaatsen die vroeger gratis waren nu betalend zijn. Volgens het stadsbestuur is deze maatregel ingevoerd om de parkeerdruk tijdens grote evenementen te verlagen. Voor bezoekers betekent het echter dat ze rekening moeten houden met extra kosten én dat ze sneller zullen moeten uitwijken naar alternatieven.

binnenstad

Een bijkomende complicatie is de lage-emissiezone die de volledige Antwerpse binnenstad beslaat. Bestuurders van oudere, vervuilende wagens mogen dit gebied niet langer binnenrijden. Wie toch de stad in wil, riskeert een stevige boete. Voor veel concertgangers is de oplossing dan ook om gebruik te maken van park-and-ride-voorzieningen. Bezoekers kunnen hun auto parkeren op een van de grote parkings buiten het stadscentrum en vervolgens de tram nemen naar de concerthal. Het handige voordeel daarbij is dat tram- en bustickets inbegrepen zijn in het concertticket van K3 Originals.

Voor wie liever de taxi neemt, is er ook een praktische oplossing voorzien. Taxi’s kunnen bezoekers afzetten aan de ingang van de Afas Dome, maar voor de terugrit moeten fans vaak even geduld hebben. De wachtrij bij de taxihaven in de Van der Delfstraat kan na afloop van een uitverkocht concert behoorlijk oplopen.

FVD wil snelweg weer vrijgeven: accijnzen, bpm en milieuzones verdwijnen

Het verkiezingsprogramma van Forum voor Democratie (FVD) schetst een uitgesproken visie op mobiliteit, verkeer en infrastructuur.

Waar andere partijen vaak de nadruk leggen op verduurzaming en beperking van de automobiliteit, kiest FVD juist voor verruiming, betaalbaarheid en technologische innovatie. Het programma wil het reizen met auto, trein, bus, vliegtuig én toekomstige systemen als hyperloops niet alleen goedkoper maken, maar ook uitbreiden en vrijer organiseren.

De auto staat centraal in de mobiliteitsvisie van FVD. Volgens de partij zijn hoge belastingen, accijnzen en milieuregels een sta-in-de-weg voor vrijheid en economische bloei. Daarom wordt voorgesteld om accijnzen op brandstof fors te verlagen, de BPM volledig af te schaffen en de bijtelling terug te dringen. Autobezitters zouden voortaan nog maar één keer wegenbelasting betalen, ongeacht het aantal voertuigen dat zij bezitten. Daarnaast komt er korting voor starters en 65-plussers, terwijl het kwarttarief voor campers en paardenwagens behouden blijft.

verkeershandhaving

Ook verkeershandhaving wordt hervormd. Trajectcontroles verdwijnen en flitspalen moeten verplicht worden voorafgegaan door duidelijke waarschuwingsborden. Boetes mogen bovendien nooit hoger zijn dan het Europese gemiddelde. Daarmee wil de partij afrekenen met wat zij noemt “een angstcultuur op de weg”. De maximumsnelheid moet standaard terug naar 130 km/u en waar veilig mogelijk zelfs hoger, naar Duits voorbeeld. Milieuzones worden afgeschaft en een kilometerheffing komt er niet.

Naast de focus op de auto besteedt FVD ook aandacht aan openbaar vervoer. Het huidige netwerk wordt omschreven als “uitstekend”, maar de partij hekelt de overvolle treinen in de spits en het verdwijnen van bushaltes in de regio. De oplossing ligt volgens FVD in structureel meer en langere treinen, strengere handhaving in stiltecoupés en een hardere aanpak van zwartrijders. Bushaltes moeten behouden en teruggebracht worden om ook afgelegen dorpen bereikbaar te houden. Bovendien pleit de partij voor betere nachtverbindingen tussen de grote steden.

vliegtaks afschaffen

De luchtvaart krijgt eveneens ruime aandacht. Schiphol moet versterkt worden als internationale hub, maar de partij wil ook fors investeren in een nieuwe luchthaven in de Noordzee. Tot die tijd moeten regionale luchthavens als Eindhoven, Rotterdam, Maastricht en Eelde verder worden benut en Lelystad eindelijk worden geopend. Vliegen moet betaalbaar blijven, dus FVD wil de vliegtaks afschaffen, belastingvrij vliegen binnen het Koninkrijk garanderen en korte vluchten binnen Europa niet beperken. Ook rookruimtes op luchthavens keren terug.

Foto: Thierry Baudet – Forum voor Democratie

Samen met Thierry Baudet schreef FVD lijsttrekker Lidewij de Vos het boek Niemand in de Cockpit (2023), waarin op natuurwetenschappelijke gronden wordt afgerekend met het stikstofbeleid. In 2025 verving zij Baudet tijdens zijn vaderschapsverlof.

Innovatie vormt een ander speerpunt. FVD wil investeren in hyperloop-technologie, een futuristisch transportsysteem waarmee steden in recordtempo met elkaar verbonden kunnen worden. Daarnaast benadrukt het programma het belang van digitale infrastructuur: supersnel glasvezel-internet in heel Nederland moet bijdragen aan een “virtuele snelweg” die economische groei stimuleert.

schijnconstructies

De transportsector krijgt extra aandacht vanwege de concurrentiedruk van buitenlandse chauffeurs. Volgens de partij worden Nederlandse chauffeurs verdrongen door goedkope krachten uit andere landen die vaak onderbetaald en slecht opgeleid de weg op gaan. FVD wil een einde maken aan uitbuiting via schijnconstructies, verplichte bijscholing strenger handhaven en minimale kennis van de Nederlandse of Engelse taal eisen.

Samengevat zet FVD in op een mobiliteitsbeleid dat haaks staat op de huidige koers in Den Haag en Brussel. Geen focus op CO2-reductie of strengere milieunormen, maar juist meer vrijheid voor automobilisten, fors lagere lasten, uitbreiding van vliegcapaciteit en grote investeringen in infrastructuur en innovatieve vervoersvormen. Mobiliteit wordt door de partij neergezet als een essentieel symbool van vrijheid en economische slagkracht.

lijsttrekker

Lidewij de Vos (1997) studeerde scheikunde, neurowetenschappen en viool. Zij is al sinds het allereerste begin betrokken bij Forum voor Democratie en werkte vanaf 2021 voor de FVD-fractie in de Tweede Kamer. Samen met Thierry Baudet schreef zij het boek Niemand in de Cockpit (2023), waarin op natuurwetenschappelijke gronden wordt afgerekend met het stikstofbeleid. In 2025 verving zij Baudet tijdens zijn vaderschapsverlof: als Kamerlid zette zij zich in voor afschaffing van de klimaat- en stikstofregels en voor een terugkeer van rationaliteit in de politiek.