Categorie archieven: Financieel

ACM: gezamenlijke fusieplannen Cetorhinus Maximus en RMC van de baan

De geplande omzetting van Transvision B.V. naar een volwaardige gemeenschappelijke onderneming door Cetorhinus Maximus B.V. (CM) en de Rotterdamse Mobiliteit Centrale RMC B.V. (RMC) gaat vooralsnog niet door.

Eind vorige maand maakten beide bedrijven aan de Autoriteit Consument & Markt (ACM) bekend dat ze hun eerdere melding om de bestaande samenwerking te intensiveren wilden intrekken. Dit besluit markeert een opmerkelijke wending, nadat de intentie tot een diepgaandere samenwerking in augustus 2024 nog vol overtuiging was aangekondigd. Het nieuws over het intrekken kwam bij onze redactie terecht naar aanleiding van berichtgeving van het digitaal Magazine Personenvervoer.

De samenwerking tussen CM en RMC is niet nieuw. Beide partijen zijn al enige tijd verbonden door hun gezamenlijke betrokkenheid bij Transvision B.V., een bedrijf dat gespecialiseerd is in het organiseren van mobiliteitsdiensten voor diverse doelgroepen. De melding van augustus leek op dat moment een logische stap om de samenwerking verder te formaliseren en te verdiepen. Toch kozen de twee ondernemingen uiteindelijk voor een andere koers, al is niet geheel duidelijk waarom de fusieplannen nu zijn ingetrokken.

samenwerking

Transvision B.V. is al jarenlang een bekende speler in de mobiliteitssector. Het bedrijf houdt zich bezig met de coördinatie en organisatie van verschillende vormen van doelgroepenvervoer, waaronder ziekenvervoer, WMO-vervoer en contractueel taxivervoer. De combinatie van de expertise van CM en RMC binnen dit bedrijf was tot nu toe succesvol gebleken. Zo biedt CM, via haar dochteronderneming Zorgvervoercentrale Nederland B.V. (ZCN), landelijke mobiliteitsdiensten aan onder de naam BIOS-groep. De BIOS-groep is een belangrijke speler in de vervoerssector en levert onder meer vervoer voor mensen met een beperking, ziekenvervoer en zakelijk vervoer voor overheidsinstellingen en bedrijven.

RMC, dat als vervoersregisseur opereert, heeft een sterke focus op doelgroepenvervoer en werkt samen met onder meer de gemeente Rotterdam. Het biedt diensten zoals leerlingenvervoer, WSW-vervoer en WMO-vervoer. Daarnaast regelt het bedrijf ook personeelsvervoer en evenementenvervoer. Door de jaren heen heeft RMC zich geprofileerd als een specialistische aanbieder binnen de Nederlandse vervoersmarkt, met een breed scala aan diensten die verder reiken dan het traditionele taxivervoer. Ook biedt RMC callcenterdiensten en chauffeursdiensten aan, vooral voor andere bedrijven binnen de sector.

Foto: © Pitane Blue – Transvision

Op 5 augustus 2024 maakten CM en RMC officieel bekend dat ze hun samenwerking binnen Transvision wilden intensiveren door deze om te zetten in een volwaardige gemeenschappelijke onderneming. De plannen werden gepresenteerd als een strategische zet om hun positie in de snel veranderende mobiliteitsmarkt verder te verstevigen. Deze stap leek in lijn met de bredere trend in de vervoerssector waarin consolidatie en schaalvergroting steeds belangrijkere factoren zijn om efficiëntie te verhogen en innovatie te stimuleren.

De fusieplannen werden destijds ook als een noodzakelijke ontwikkeling gezien om te kunnen blijven concurreren in een markt waarin zowel technologische innovatie als regelgeving bedrijven dwingt om steeds efficiënter en klantgerichter te opereren. De gedachte achter de fusie was om de sterke punten van beide bedrijven te bundelen en zo beter in te kunnen spelen op de groeiende vraag naar geïntegreerde mobiliteitsoplossingen.

intrekking van de melding

De intrekking van de fusieplannen komt daarom als een verrassing, vooral gezien de eerdere verwachtingen en ambities van beide bedrijven. Vooralsnog hebben CM en RMC geen verdere details gegeven over de reden van de terugtrekking, maar de melding aan de ACM impliceert dat de bedrijven de plannen voor een volledige gemeenschappelijke onderneming voorlopig hebben geparkeerd. De exacte overwegingen blijven echter onduidelijk. Mogelijk spelen marktontwikkelingen, financiële overwegingen of veranderende strategische inzichten een rol in deze beslissing.

Ondanks de intrekking van de fusie blijft Transvision B.V. voorlopig opereren zoals voorheen, met beide bedrijven aan het roer. De samenwerking tussen CM en RMC binnen Transvision is in het verleden succesvol gebleken en er is geen indicatie dat deze nu beëindigd zal worden. De verwachting is dat beide partijen in de toekomst wellicht opnieuw een poging zullen wagen om hun samenwerking te verdiepen, maar voor nu blijven de plannen beperkt tot de huidige opzet.

Apple zet rem op elektrische droomauto en schrapt Titan project

Tesla CEO Elon Musk reageerde met een saluut en een sigaret-emoji op zijn socialemediaplatform X.

Het pad naar innovatie is bezaaid met zowel succesverhalen als projecten die het daglicht niet hebben gezien. Een recent voorbeeld van een dergelijke tegenslag is de annulering door Apple van zijn ambitieuze project om een autonome elektrische auto te ontwikkelen, een beslissing die niet alleen het einde betekent van een potentieel revolutionaire stap in de automobielindustrie maar ook leidt tot het ontslag van honderden werknemers. Deze ontwikkeling voegt zich bij een reeks andere geannuleerde projecten van Apple, zoals AirPower en een eigen televisie, en onderstreept de inherente risico’s en uitdagingen van het najagen van baanbrekende innovatie.

doelstelling

Het project, intern bekend als “Titan,” had als doel de auto-industrie te betreden met een product dat de kenmerkende innovatie van Apple combineert met geavanceerde technologieën op het gebied van elektrische voertuigen (EV’s) en autonoom rijden. Met de ambitie om niet alleen een elektrisch voertuig te creëren maar ook om de rijervaring te revolutioneren, leek Apple klaar om een nieuwe standaard te zetten in de sector. Het project mikte op een niveau van autonomie dat een aanzienlijke stap voorwaarts zou betekenen in de rijhulpfuncties die tegenwoordig beschikbaar zijn, met een focus op veiligheid, efficiëntie, en personalisatie door het gebruik van kunstmatige intelligentie en machine learning.

Ondanks de ambitieuze plannen en de aanzienlijke middelen die naar het project vloeiden, inclusief de werving van top talent uit de auto- en techindustrie, heeft Apple besloten de stekker uit het project te trekken. Deze beslissing weerspiegelt de complexe uitdagingen en hoge kosten die gepaard gaan met het ontwikkelen van een autonoom elektrisch voertuig, vooral voor een bedrijf dat onder voortdurende controle staat van zowel het publiek als investeerders.

Helaas bleek de Apple Car een kostbare mislukking te zijn.

Het stopztten van het Titan-project is een illustratie van de harde realiteit dat niet alle technische ontwikkelingen het verwachte succes behalen. Dit scenario benadrukt het belang van flexibiliteit, strategisch inzicht, en de bereidheid om moeilijke beslissingen te nemen in het gezicht van onzekerheid. Het biedt waardevolle lessen voor projectmanagers en organisaties in verschillende industrieën over het belang van aanpassingsvermogen en het zorgvuldig beheren van middelen in een snel veranderende zakelijke omgeving.

risico’s

Hoewel de stopzetting van het Apple Car project een tegenslag is voor het bedrijf, is het ook een herinnering aan de risico’s die inherent zijn aan het streven naar innovatie. Het project heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de ontwikkeling van andere technologieën en producten, zoals CarPlay, dat sinds de introductie in 2014 de manier waarop gebruikers hun iPhone met hun voertuig integreren, heeft getransformeerd. Deze ontwikkelingen tonen aan dat zelfs in het licht van teleurstelling, de zoektocht naar innovatie kan leiden tot waardevolle doorbraken die de basis leggen voor toekomstig succes.

De beslissing van Apple om het Titan-project stop te zetten, markeert een kritiek moment in de ontwikkeling van autonome en elektrische voertuigen. Het weerspiegelt de moeilijke afwegingen die bedrijven moeten maken tussen ambitie en haalbaarheid, tussen visie en realiteit. Terwijl de industrie vooruitgaat, blijven de lessen van Apple’s avontuur in elektrische voertuigen een belangrijke herinnering aan de complexiteit en uitdagingen van het innoveren aan de grenzen van technologie.

Alkmaarse e-bike pionier ES Master na vijf jaar ten onder

Garantiekosten en inflatie zetten druk op fabrikanten.

De Nederlandse e-bike industrie wordt opnieuw opgeschrikt door een faillissement. ES Master, een Alkmaars bedrijf gespecialiseerd in fatbikes, heeft faillissement aangevraagd, slechts vijf jaar na de oprichting. Deze ontwikkeling volgt op eerdere faillissementen in de sector, waaronder die van VanMoof en QWIC.

ES Master staat bekend om hun elektrische fatbikes, een niche binnen de e-bike markt die de laatste jaren aan populariteit wint. De aanvraag voor het faillissement ligt momenteel bij de rechter. In een verklaring laat ES Master weten: “De beslissing om faillissement aan te vragen was voor ons een uiterste noodmaatregel, genomen met pijn in ons hart. We begrijpen dat dit nieuws voor u als klant onverwacht komt en bieden onze oprechte excuses aan voor eventuele ongemakken die hierdoor zijn ontstaan.”

De gevolgen van het faillissement voor klanten, met name betreffende lopende bestellingen en garanties, zijn nog onduidelijk. Uit eerdere ervaringen, zoals bij het faillissement van VanMoof, blijkt echter dat klanten vaak achter het net vissen wat betreft hun bestellingen en garantieclaims. Dit is een zorgwekkende trend, gezien de aanzienlijke kosten die verbonden zijn aan e-bikes en de verwachte service na aankoop.

“Op dit moment zijn we in afwachting van de uitspraak van de rechter, en we begrijpen dat u mogelijk meer informatie wilt over het vervolg. We willen u verzekeren dat we ons uiterste best doen om deze situatie zo transparant en eerlijk mogelijk af te handelen.”

Het faillissement volgt op reeks tegenslagen in e-bike industrie. Een cruciaal aspect in deze reeks faillissementen is de kwetsbaarheid van e-bike fabrikanten voor hoge kosten van garantieclaims. E-bikes, hoewel populair, zijn relatief nieuw als massaproduct. Veelvoorkomende problemen worden vaak pas zichtbaar na verloop van tijd. Consumenten zijn goed beschermd met een standaardgarantie van twee jaar, wat betekent dat fabrikanten vaak opdraaien voor de kosten van reparaties. Deze kosten kunnen snel oplopen, vooral nu de inkomsten zijn gedaald door inflatie.

Het team van ES Master reflecteert op hun reis: “Sinds onze start vijf jaar geleden hebben we met veel enthousiasme en toewijding gewerkt aan het leveren van hoogwaardige elektrische fatbikes aan onze gewaardeerde klanten. Echter, zoals het vaak gaat in de zakenwereld, zijn we het afgelopen halfjaar geconfronteerd met uitdagingen en moeilijkheden die ons in zwaar weer hebben gebracht.”

Dit faillissement roept vragen op over de duurzaamheid en toekomstbestendigheid van de e-bike industrie in Nederland, een sector die tot voor kort als zeer veelbelovend werd gezien. De uitdagingen waarmee fabrikanten te maken krijgen, zoals hoge productiekosten, garantieclaims, en veranderende marktomstandigheden, benadrukken de noodzaak voor innovatie en aanpassingsvermogen binnen deze branche.

Op weg naar 2024: reiskosten en verkeersboetes onder de loep

Niet alleen een stijging komt er aan, maar er breekt ook een nieuw tijdperk aan voor loonberekening in alle sectoren.

In 2024 zijn er enkele wijzigingen in de Nederlandse mobiliteitsvergoedingen en verkeersboetes. De onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer stijgt van €0,21 naar €0,23 per kilometer. Deze verhoging is niet alleen relevant voor dagelijks woon-werkverkeer, maar strekt zich ook uit naar andere gebieden zoals bezoek aan zieken, reiskosten voor gehandicapten tijdens weekenden en vakanties, en de giftenaftrek voor vrijwilligers die afzien van reiskostenvergoeding.

Tegelijkertijd wordt de thuiswerkvergoeding verhoogd van €2,15 naar €2,35, een stap die de veranderende werkpatronen in een post-pandemische wereld weerspiegelt. Werkgevers kunnen echter zelf bepalen of zij deze verhoging doorvoeren.

Daarnaast is er een significante stijging in verkeersboetes aangekondigd, een maatregel die vermoedelijk bedoeld is om verkeersveiligheid te bevorderen. Boetes voor veelvoorkomende overtredingen zoals het vasthouden van een telefoon tijdens het rijden of onnodig links rijden worden aanzienlijk verhoogd, met respectievelijk €40 en €30.

In tegenstelling tot deze stijgingen blijven de kosten van benzine en openbaar vervoer in 2024 stabiel, dankzij overheidsmaatregelen. De belastingkorting op benzine wordt voortgezet tot 2025 en de eerder voorgestelde verhoging van de kosten van openbaar vervoer is door de Tweede Kamer tegengehouden.

Wellicht is het meest opmerkelijk punt de invoering van een uniform minimum uurloon ongeacht het aantal gewerkte uren per week, en een verhoging van het wettelijk minimumloon naar gemiddeld €13,27 voor werknemers van 21 jaar en ouder.

Deze wijziging is een belangrijke stap in de richting van meer transparantie en eerlijkheid in de loonstructuur, waarbij het eenvoudiger wordt voor werknemers om hun rechten te begrijpen en te waarborgen.

Vanaf 1 januari 2024 wordt in Nederland een belangrijke wijziging in de loonstructuur doorgevoerd met de invoering van het wettelijk minimumuurloon. Dit uurloon vervangt de tot dan toe gehanteerde minimum maand-, week-, en daglonen. Het nieuwe systeem is eenvoudig: voor alle werknemers van 21 jaar en ouder geldt een uniform minimumuurloon. Voor werknemers jonger dan 21 jaar zijn er specifieke minimumjeugdlonen, die eveneens per uur worden berekend en gebaseerd zijn op het wettelijk minimumuurloon.

Deze verandering heeft directe gevolgen voor de loonberekening. Het inkomen van werknemers die het minimumloon verdienen, hangt af van het aantal gewerkte uren. Hieronder vallen niet alleen de daadwerkelijk gewerkte uren, maar ook uren waarin men vakantie had of ziek was met loondoorbetaling. 

Een interessant aspect van deze regeling is de variabiliteit in arbeidsduur. Maandelijks kan het aantal werkuren variëren, afhankelijk van het aantal werkdagen in een maand. Voor werknemers met een vaste werkweek is het mogelijk om een vast maandloon overeen te komen, gebaseerd op een gemiddeld aantal werkuren per maand. Dit maandloon wordt berekend op basis van het totaal aantal werkuren in een jaar. Dergelijke afspraken worden vaak vastgelegd in collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) of in individuele arbeidscontracten.

Passagiers na vijf jaar door Spaanse rechtbank eindelijk gecompenseerd

De uitbetaling aan de groep is ook een illustratie van de vasthoudendheid die nodig is om het recht van de passagier te waarborgen, zelfs als dit een vijf jaar lange juridische strijd vergt.

EUclaim, een bedrijf gespecialiseerd in de rechten van vliegtuigpassagiers, heeft compensatie uitbetaald aan 782 gedupeerde reizigers. Onder deze passagiers bevond zich een groep van 19 personen die na een vijf jaar durend juridisch gevecht eindelijk in het gelijk zijn gesteld door de Spaanse rechtbank. Deze passagiers ondervonden in 2018 problemen met hun vlucht, maar de luchtvaartmaatschappij weigerde hen te compenseren. EUclaim startte vervolgens een juridische procedure namens hen, met beroep op de Europese Verordening 261/2004 die passagiers in zulke gevallen recht geeft op compensatie.

rechtssystemen

De zaak werpt een interessant licht op de complexiteit van het navigeren door verschillende rechtssystemen binnen de Europese Unie, vooral als het aankomt op de rechten van vliegtuigpassagiers. Ondanks dat de Europese Verordening 261/2004 in de gehele EU geldt, kunnen er verschillen zijn in de interpretatie van deze verordening door de lokale wetgeving van elk EU-lidstaat. Een van de belangrijkste verschillen is de vervaltermijn voor het opeisen van compensatie. In België bijvoorbeeld, moeten passagiers binnen een jaar na de vluchtdatum hun recht op compensatie opeisen, terwijl dit in Spanje tot vijf jaar na de vlucht kan.

EUclaim betaalt 782 passagiers uit na complexe juridische strijd.

Bovendien, de keuze voor de bevoegde rechtbank kan van invloed zijn op de uitkomst van de zaak. Bij een enkele vlucht hebben passagiers de keuze uit verschillende rechtbanken: het land van vertrek, het land van aankomst of het land waar het hoofdkantoor van de luchtvaartmaatschappij is gevestigd. Neem als voorbeeld een passagier die van Düsseldorf naar Alicante vliegt met Ryanair en een vertraging van vier uur oploopt. Deze passagier kan ervoor kiezen om de zaak voor te leggen aan de rechtbank in Duitsland, Spanje, of zelfs Ierland waar Ryanair zijn hoofdkantoor heeft.

EUclaim benadrukt het belang van hun expertise in deze complexe materie. Het bedrijf heeft jarenlange ervaring met juridische procedures in verschillende landen en gebruikt deze kennis om de kans op succesvolle compensatie voor gedupeerde passagiers te vergroten, zelfs als dit betekent dat het proces langer duurt. EUclaim kiest strategisch voor de rechtbank waar zij verwachten het meeste succes te boeken, zoals in het recente geval waar de Spaanse rechtbank de groep van 19 passagiers in het gelijk stelde.

Maatschappij voor Beter OV eist automatische teruggave van borg na treinchaos in de Randstad

De NS weigert tot nu toe proactief terug te betalen, ondanks brede impact van storingen op reizigers.

Treinreizigers in de Randstad kregen onlangs een bittere pil te slikken. Niet alleen ontregelde treinstoringen hun plannen, maar sommigen kwamen er later ook achter dat ze financieel benadeeld waren. De Maatschappij voor Beter OV heeft in een brandbrief aan de Nederlandse Spoorwegen (NS) om uitleg gevraagd, en eist dat de NS de afgeschreven borg automatisch terugstort op de rekeningen van gedupeerde reizigers.

Op 3 oktober jongstleden stonden veel reizigers tevergeefs op het perron te wachten, met als resultaat dat velen hun reis hebben afgeblazen. Bij de toegang naar het perron had de NS had echter al borgsommen van €10 of €20 afgeschreven van hun OV-chipkaart of bankrekening. De Maatschappij voor Beter OV vindt deze praktijk onterecht, omdat de NS in gebreke bleef door geen adequate treindienst te bieden. Bovendien merken veel reizigers niet eens dat de borg is afgeschreven, vooral als zij de optie ‘automatisch opladen’ hebben ingeschakeld.

klantenservice

In een reactie op de brandbrief gericht aan Eelco Van Asch (Raad van Bestuur NS) en de per 1 oktober aangetreden Marieke Schöningh (Chief Operational Officer Prorail), liet NS aan van de Maatschappij voor Beter OV weten dat reizigers, zoals gebruikelijk bij elke storing, contact kunnen opnemen met de klantenservice voor een mogelijke vergoeding. De belangenorganisatie vindt dit echter niet genoeg en dringt erop aan dat de NS uit eigen beweging de borg terugstort. De NS stelt dat klachten altijd via de klantenservice kunnen worden afgehandeld, maar de Maatschappij voor Beter OV betoogt dat dit niet volstaat, vooral omdat veel mensen met ‘automatisch opladen’ de afschrijving niet eens opmerken.

Het is niet de eerste keer dat de NS onder vuur ligt vanwege zijn reactie op storingen en andere operationele problemen. In het verleden is de organisatie ook bekritiseerd voor het niet tijdig informeren van reizigers en het niet adequaat omgaan met compensatieclaims. Deze recente situatie is dus geen geïsoleerd incident maar eerder een patroon dat aandacht verdient.

De storingen waardoor de reizigers zijn getroffen, waren niet alleen beperkt tot verbindingen van, naar en via Schiphol. Bijna de hele Randstad had te maken met uitgevallen of ernstig vertraagde treindiensten. Dit verhoogt de urgentie voor de NS om in actie te komen, niet alleen om de betrouwbaarheid van hun dienstverlening te herstellen, maar ook om het vertrouwen van hun reizigers terug te winnen.

Dit incident legt ook een breder, structureel probleem bloot. Het gebrek aan transparantie en automatische compensatiemechanismen in het Nederlandse OV-systeem. Reizigers zijn vaak niet op de hoogte van hun rechten en mogelijkheden om vergoedingen te claimen, wat resulteert in ongemak en financieel nadeel. De brandbrief van de Maatschappij voor Beter OV onderstreept de noodzaak voor de NS en andere vervoerders om meer proactief en transparant te zijn in hun communicatie en vergoedingsbeleid.

De gunning van de nieuwe basispolitievoertuigen een stap naar duurzaamheid

Ford Kuga en BMW X1 als winnaars uit de bus, met sterke prestaties in wegligging, stuur- en remgedrag, evenals algemeen comfort.

De ontwikkelingen in de markt voor elektrische voertuigen nemen een hoge vlucht, en ook de politie ziet in dat het tijd is om een duurzamere weg in te slaan. Met de recente bekendmaking van de gunning van nieuwe basispolitievoertuigen (BPV-personenauto’s) zet de politie een significante stap in hun streven om de CO2-uitstoot te verminderen. Het nieuwe wagenpark bestaat uit de Ford Kuga Full Hybrid en de BMW X1, geselecteerd op basis van grondige tests en diverse criteria.

selectieproces

Het aanbestedingsproces was allesbehalve een haastklus. Na anderhalf jaar van voorbereiding, feedback verzamelen en uitgebreid testen zijn de opdrachten gegund aan de leveranciers van de twee best presterende personenauto’s. “Het was een intensief proces waarin veel aspecten meegewogen moesten worden. We willen dat onze collega’s hun werk goed en veilig kunnen uitvoeren,” benadrukt Michel de Roos, de voorzitter van de stuurgroep belast met de aankoop.

In mei hebben tientallen politiecollega’s uit diverse eenheden de auto’s getest, zowel op het circuit in Lelystad als op openbare wegen. Criteria zoals remgedrag, rijcomfort en ergonomische aspecten zijn uitgebreid geëvalueerd. Jaimy, een agent uit de eenheid Den Haag, zegt: “Deze tests zijn essentieel; wij zijn uiteindelijk degenen die de auto’s gaan gebruiken.”

Het milieu speelt een prominente rol in deze aankoop. Vanaf eind 2025 zullen zo’n 500 van de huidige fossiele voertuigen vervangen worden door elektrische alternatieven.

Het was niet alleen de technische uitmuntendheid die de keuze heeft bepaald. De uiteindelijke beslissing werd voor vijftig procent bepaald door gebruikerstests, dertig procent door de prijs en twintig procent door andere kwalitatieve criteria. Hierdoor kwamen de Ford Kuga en BMW X1 als winnaars uit de bus, met sterke prestaties in wegligging, stuur- en remgedrag, evenals algemeen comfort.

toekomst

Als alles volgens planning verloopt, zal het nieuwe contract met Ford en BMW de levering en het onderhoud van de basispolitievoertuigen verzorgen van januari 2025 tot december 2029, met een mogelijke uitloop tot december 2032. Dit markeert niet alleen een belangrijke stap voor de politie maar symboliseert ook de voortdurende ontwikkeling in duurzame mobiliteit in het bredere maatschappelijke spectrum.

Met deze nieuwe aankoop zet de politie een belangrijke stap in de richting van een duurzamere en efficiëntere toekomst. Door zorgvuldige planning, grondige tests en een sterke focus op duurzaamheid zijn de Ford Kuga Full Hybrid en de BMW X1 de nieuwe gezichten van het Nederlandse politiewagenpark.

Vivianne Heijnen geeft antwoord op prijsverhogingen in het openbaar vervoer

De actuele prognose is dat de tarieven in het Stad- en Streekvervoer per 1
januari 2024 met 11,3% kunnen stijgen.

In de aanloop naar de verkiezingen in november met een demissionair kabinet aan de macht, heeft de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Vivianne Heijnen, antwoord gegeven op vragen over de recente prijsverhogingen in het openbaar vervoer. Deze vragen waren gesteld door de Kamerleden Kuiken en De Hoop van de PvdA.

Heijnen bevestigde het belang van betaalbaar openbaar vervoer, vooral in de regio’s, voor de bereikbaarheid van dorpen en steden voor grote groepen mensen. Ze verwacht dat de decentrale overheden en hun vervoerders zich maximaal zullen inzetten voor betaalbaar en voldoende stads- en streekvervoer.

geen rol of instrumenten

De staatssecretaris erkende dat prijsstijgingen in het openbaar vervoer voor sommige reizigers een grotere financiële druk kunnen betekenen, en dat hogere tarieven een drempel kunnen vormen voor het gebruik van het openbaar vervoer. Desondanks benadrukte ze dat ze geen rol of instrumenten heeft in het bepalen van de tarieven in het regionaal openbaar vervoer, een taak die bij de decentrale overheden ligt.

Om de toegankelijkheid van het openbaar vervoer te waarborgen, heeft ze dit jaar via het transitievangnet 150 miljoen euro beschikbaar gesteld om te zorgen voor voldoende aanbod. Ze stelde dat de sector deze inkomsten hard nodig heeft om de reizigers adequaat te kunnen bedienen en voldoende openbaar vervoer te bieden.

Eigenlijk zouden de decentrale overheden door een slimmere manier van vervoer (Zeeland etc.) toch een deel van de prijsstijgingen moeten kunnen opvangen en dus niet de volledige indexering moeten doorberekenen aan hun klanten.

Heijnen gaf ook aan open te staan voor experimenten om het openbaar vervoer goedkoper te maken voor bepaalde groepen, om zo het gebruik ervan te stimuleren en de neerwaartse spiraal van verdwijnende verbindingen tegen te gaan. Hierbij verwees ze naar initiatieven van gemeenten die het openbaar vervoer gratis of goedkoop beschikbaar stellen voor minima, vanuit hun verantwoordelijkheid voor het minimabeleid.

Desondanks gaf ze aan geen rol te spelen in het vaststellen van tarieven in het regionaal openbaar vervoer. De jaarlijkse indexatie van vervoersbewijzen voor stads- en streekvervoer wordt bepaald door een vaste meetmethodiek en weging van loon-, energie- en inflatieontwikkeling, uitgevoerd door de verantwoordelijke decentrale overheden.

Tegelijkertijd waarschuwde Heijnen voor realisme en erkende ze dat er een algehele kostenstijging heeft plaatsgevonden. Vervoerders worden geconfronteerd met hogere kosten die gecompenseerd moeten worden om financieel gezond te blijven en de dienstverlening te kunnen waarborgen.

Portret Vivianne Heijnen – Valerie Kuypers.

Meer verkeersovertredingen in eerste maanden van 2023

Het gaat bijvoorbeeld om te hard rijden, parkeren waar het niet mag, handheld telefoongebruik, niet voldoen aan de helmplicht en het niet voeren van fietsverlichting.

In de eerste vier maanden van 2023 zijn 2.662.482 verkeersovertredingen geconstateerd. In vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar gaat het om een stijging van 9,1 procent. Toen werden 2.440.672 verkeersboetes opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Het gaat bijvoorbeeld om te hard rijden, parkeren waar het niet mag, handheld telefoongebruik, niet voldoen aan de helmplicht en het niet voeren van fietsverlichting. Het viermaandelijks overzicht van de verkeersboetes op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), ofwel Wet Mulder, wordt samengesteld door het ministerie van Justitie en Veiligheid, de politie, het CJIB en het Openbaar Ministerie (OM).

Meer overtredingen door staande houden en flitspalen

In het eerste tertiaal van 2023 zijn 925.490 snelheidsovertredingen geconstateerd met behulp van flitspalen, tegen 918.035 in 2022. Dat is een stijging van 0,8%. Dit komt onder andere door de inzet van extra flitspalen in de vorm van flexflitsers. Bij mobiele radarsets was een stijging van 3,5% te zien, van 438.881 boetes voor te hard rijden in de eerste vier maanden in 2022 naar 454.284 dit jaar.

Het aantal geconstateerde snelheidsovertredingen met trajectcontrolesystemen is licht gedaald, van 586.058 in het eerste tertiaal van 2022 naar 580.290 dit jaar. Het aantal staande houdingen is flink gestegen: van 146.631 in het eerste tertiaal van 2022 naar 232.825 in diezelfde periode van 2023. Dit komt onder andere door keuzes van het lokaal gezag en de politie over de inzet van de capaciteit.

Bij mobiele radarsets was een stijging van 3,5% te zien, van 438.881 boetes voor te hard rijden in de eerste vier maanden in 2022 naar 454.284 dit jaar.

Helmplicht

Sinds 1 januari 2023 geldt de helmplicht voor snorfietsers. In het eerste tertiaal van 2023 zijn hiervoor 4.129 boetes opgelegd aan snorfietsers. Voor de bromfietsers waren dit 27.612 boetes in de eerste vier maanden van 2023. Ook het niet voeren van fietsverlichting is opvallend gestegen. In totaal werden hiervoor in het eerste tertiaal 2023 20.656 boetes opgelegd, tegen 10.609 boetes het jaar ervoor.

Daarnaast is een stijging te zien in het aantal overtredingen voor het handelen in strijd met een geslotenverklaring, het inrijden van een weg waar je niet in mag rijden. Dit komt vooral voor in steden, daar wordt steeds vaker op zo’n verbod gehandhaafd op kenteken met een camera. Voor de overtreding ‘als bestuurder (dus ook bijvoorbeeld van een fiets) handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen’ werden in de eerste vier maanden van 2023 41.213 boetes opgelegd tegen 10.749 boetes in dezelfde periode vorig jaar. Voor de overtreding ‘handelen in strijdt met een geslotenverklaring voor uitsluitend motorvoertuigen’ zijn in de eerste vier maanden van 2023 37.947 boetes opgelegd tegen 14.897 boetes in dezelfde periode van 2022.  

Buitenlandse verkeersovertreders

In de eerste vier maanden van 2022 zijn ook meer verkeersovertredingen geconstateerd op buitenlandse kentekens. Het aantal verkeersboetes op grond van de Wahv dat naar een buitenlandse verkeersovertreder is verstuurd, steeg van 227.642 in het eerste tertiaal 2022 naar 255.379 dit jaar, aldus de Rijksoverheid.

Nederlanders geven vakantiegeld uit waarvoor het bedoeld is

Bijna 75 procent zegt dit te gebruiken voor de vakantie, ruim 8 procent voor iets anders en 17 procent weet het nog niet.

Driekwart van de Nederlanders gebruikt zijn vakantiegeld dit jaar daadwerkelijk voor de vakantie. Bijna de helft heeft die echter nog niet geboekt. Dat kan te maken hebben met stijgende prijzen, die honderden euro’s hoger liggen dan vorig jaar. Ook de angst voor de chaos op vliegvelden speelt een rol.

Dat blijkt uit een poll van review- en boekingssite Zoover, die Nederlanders vroeg naar de besteding van hun vakantiegeld. Bijna 75 procent zegt dit te gebruiken voor de vakantie, ruim 8 procent voor iets anders en 17 procent weet het nog niet. De verwachting dat veel mensen het geld dit jaar gebruiken om rekeningen of schulden te betalen, komt dus niet uit.

Op de vraag of ze die vakantie voor dit jaar al geboekt hebben, blijken pas vier op tien mensen dat te hebben gedaan. Ruim 47 procent van de respondenten zegt dat ze nog moeten boeken.

Zoover wijt die terughoudendheid aan de angst voor chaos op Schiphol en andere vliegvelden. Bijvoorbeeld door de dreigende staking van de Franse luchtverkeersleiders en het schrappen van vluchten door Transavia. In de meivakantie kozen voor het eerst meer Nederlanders voor een vertrek vanaf Düsseldorf dan vanaf Schiphol, bleek uit data van Zoover. Ook de prijsstijgingen spelen een rol.

Driekwart van de Nederlanders gebruikt zijn vakantiegeld dit jaar daadwerkelijk voor de vakantie.

“Mensen geven het vakantiegeld weer uit waarvoor het bedoeld is, maar lijken wat huiverig om de vakantie te boeken. Ze boeken later om meer zekerheid te hebben. We hadden verwacht een piek te zien nadat mensen hun vakantiegeld hadden gekregen, maar die bleef uit. We verwachten nu een piek in last minute boekingen, omdat mensen wachten op die goede deal.”

Sterre Hoek van Zoover.

De afgelopen meivakantie zag Zoover al de eerste tekenen van die huiverigheid. Nederlanders gingen gemiddeld een dag korter op vakantie en boekten 10 procent minder all-inclusive reizen, die wat duurder zijn. Er werden meer reizen met logies en ontbijt en halfpension geboekt.

De grote winnaar was, net als vorig jaar, Turkije. Van de Nederlandse vakantiegangers in mei koos 36 procent voor dat land, gevolgd door Spanje (31 procent) en Griekenland (24 procent), blijkt uit de data van Zoover.

De gemiddelde reissom was deze meivakantie 12 procent hoger dan vorig jaar. Betaalden Nederlanders vorig jaar gemiddeld 1973 euro voor een vakantie in deze periode, dit jaar was dat gestegen naar 2216 euro. Een stijging van bijna 250 euro. In de periode januari tot medio april betaalden Nederlanders gemiddeld 2206 euro voor hun reis. Vorig jaar was dat 1948 euro.

Deelfinancieringsplatform succes voor start-ups

Nieuwsuur meldde deze week dat crowdfunding steeds populairder wordt.

Wat hebben een duurzame ondernemer in laadpalen, een slaaptreinvervoerder en een arbeidsongeschiktheidsverzekering gemeen? Ze danken hun succes aan het Nederlandse Eyevestor. In totaal werd via dit aandelenplatform al meer dan veertig miljoen euro opgehaald, terwijl er al bijna 25.000 actieve gebruikers op zijn aangesloten.

Nieuwsuur meldde deze week dat crowdfunding steeds populairder wordt. Het Utrechtse Eyevestor is uitvinder van het crowdfundingsfenomeen sharefunding®. Via het platform kan iedere startup of scale-up online, digitaal en volledig geautomatiseerd aandelentransacties afhandelen. Via sharefunding wordt de groei en ontwikkeling van bedrijven gefinancierd door investeerders, werknemers, klanten en andere belanghebbenden die samen aandeelhouder worden.

Eyevestor heeft een internationale focus, maar succesverhalen zijn er ook in eigen land. SharePeople, een alternatieve (en moderne) collectieve arbeidsongeschiktheidsoplossing voor zelfstandigen, was een van de eerste bedrijven die geld ophaalde (ruim 1 miljoen euro in 2019) via Eyevestor. Het klantenbestand groeide van 2.000 naar 12.500 zelfstandige ondernemers. Blue Current kan dankzij sharefunding verder bouwen aan laadpunten en andere diensten die vervoer verduurzamen. European Sleeper brengt de nachttrein terug met verbindingen vanaf België en Nederland, onder meer door via Eyevestor bij de eigen fans en medewerkers funding op te halen. “Via Eyevestor ontvingen we binnen zestien minuten een half miljoen bij 355 fans”, vertelt Chris Engelsman, mede-oprichter van European Sleeper.

Mark de Raaij, mede-oprichter van Blue Current.

Gedreven ondernemers

Eyevestor CEO en initiatiefnemer Gijs Dalen Meurs over sharefunding: “Groeikapitaal ophalen door sharefunding vraagt veel voorbereiding, een gemeenschap en vertrouwen door successen uit het verleden. Het is een duurzame en moderne manier van participeren en financieren. Het mooiste aan de succesverhalen van ons platform vind ik dat we de dromen van gedreven ondernemers een boost geven.” Mark de Raaij, mede-oprichter van Blue Current: “Het grootste voordeel van sharefunding is dat je als ondernemer zelf de koers blijft bepalen. Klanten en leveranciers sluiten zich aan bij ons verhaal, stappen in en profiteren van het succes”. Cosmas Blaauw, initiatiefnemer SharePeople: “Iedereen krijgt dankzij sharefunding de kans klant én eigenaar te zijn. Dat past bij ons, want we willen een eerlijke, solidaire en betaalbare verzekeraar zijn, gericht op mensen en niet op winst. Binnenkort starten we een volgende ronde”

Foto boven: Gijs Dalen Meurs, Eyevestor CEO.

Investering van 4 miljoen door NS en Provincie Noord-Holland

Door een goed basisnetwerk van openbaar vervoer en een aansluitend fijnmaziger mobiliteitsnetwerk kunnen NS en de Provincie Noord- Holland bijdragen aan een duurzame en optimale deur-tot-deur reis voor iedereen.

In gebieden rond steden wordt het steeds drukker door verdere verstedelijking en in rustigere gebieden is het juist van belang bereikbaarheid te blijven garanderen. De bereikbaarheid binnen Noord-Holland staat steeds verder onder druk. De woningbouwopgave in Noord-Holland is groot. De NS is altijd druk bezig met verbeteren en vernieuwen. Door een goed basisnetwerk van openbaar vervoer en een aansluitend fijnmaziger mobiliteitsnetwerk kunnen NS en de Provincie Noord- Holland bijdragen aan een duurzame en optimale deur-tot-deur reis voor iedereen. Hierdoor zorgen ze voor de verbinding tussen wonen en werken, tussen stad en land en voor de verbondenheid tussen mensen.

“Voor onze treinreizigers is een goede reis van deur tot deur van belang. Dat maakt de trein en de fiets een gouden combinatie. Daarom investeren we in het verbeteren van de reis van huis naar station en van station naar de eindbestemming. Dit draagt bij aan een duurzaam bereikbaar Noord-Holland Noord”.

Irma Winkenius, regiodirecteur NS.

Er wordt onder andere geïnvesteerd in het uitbreiden van fietsenstallingen, betere inrichting van stationsgebieden, toevoegen van OV-fietsen op stations en het uitbreiden van P+R locaties.

Een goede bereikbaarheid en betaalbaar OV is van belang voor de leefbaarheid en de ruimtelijke en economische ontwikkeling van Noord-Holland. NS meldt dat zij en de Provincie Noord-Holland samen vier miljoen gaan investeren om het openbaar vervoer in Noord-Holland aantrekkelijker te maken en de bereikbaarheid met het openbaar vervoer in Noord-Holland te verbeteren. Ze hebben samen negen projecten geselecteerd in 9 gemeenten. Er wordt onder andere geïnvesteerd in het uitbreiden van fietsenstallingen, betere inrichting van stationsgebieden, toevoegen van OV-fietsen op stations en het uitbreiden van P+R locaties. De investeringen sluiten aan bij de samenwerking tussen NS, ProRail, Provincie Noord-Holland en gemeenten aan regionale strategieën voor een aantal treintrajecten, de Regionale Ontwikkel Agenda.

“Samen met de NS investeren we op en rond stations. Met deze investering wordt bijvoorbeeld het fietsparkeren uitgebreid op een aantal stations, worden stationsgebieden beter ingericht en P&R locaties uitgebreid en vergroend.”

Gedeputeerde Jeroen Olthof.

Compensatie omwonenden Schiphol wegens geluidsoverlast

De hoogte van de nadeelcompensatie is afhankelijk van de mate van de overschrijding en de WOZ-waarde van het adres.

Omwonenden van Schiphol in de gemeenten Uithoorn, Haarlemmermeer, Aalsmeer en Amstelveen komen in aanmerking voor compensatie wegens geluidsoverlast. Het gaat om mensen die in de periode van november 2017 tot en met oktober 2019 in de buurt van een handhavingspunt woonden waarvan de grenswaarde voor geluid is overschreden. Dat heeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat onlangs bekendgemaakt.

Rondom Schiphol liggen handhavingspunten met grenswaarden voor hoeveel geluid er maximaal mag worden veroorzaakt. Aan de hand van die handhavingspunten wordt getoetst of aan de grenswaarden wordt voldaan. Maar omdat er de afgelopen jaren al werd gevlogen volgens nieuwe regels die nog niet officieel waren vastgelegd (het anticiperend handhaven) werd er door de ILT niet gehandhaafd op overschrijding van die grenswaarden.

9 omwonenden hebben in 2020 aangegeven dat zij schade hebben geleden door het anticiperend handhaven en dienden verzoeken in om nadeelcompensatie. Een onafhankelijke commissie onder leiding van mr. dr. Onno te Rijdt bracht in opdracht van het ministerie van IenW een advies uit over de verzoeken. De commissie oordeelde dat het anticiperend handhaven inderdaad tot gederfd woongenot leidt.

Omwonenden van Schiphol in de gemeenten Uithoorn, Haarlemmermeer, Aalsmeer en Amstelveen komen in aanmerking voor compensatie wegens geluidsoverlast.

Het ministerie neemt het advies over en heeft laten onderzoeken hoeveel andere omwonenden te maken hebben met vergelijkbare omstandigheden. Het gaat om zo’n 4600 adressen. In de week van 24 april krijgen de bewoners van de betreffende adressen van het ministerie een brief met informatie over de nadeelcompensatie en de aanvraagprocedure.

Van 1 mei tot en met 31 juli 2023 kunnen zij een aanvraag voor nadeelcompensatie indienen. Het streven is om alle aanvragen binnen 8 weken na het sluiten van de termijn te beoordelen. Dat betekent dat de meeste mensen hun compensatie voor het einde van het jaar ontvangen.

De hoogte van de nadeelcompensatie is afhankelijk van de mate van de overschrijding en de WOZ-waarde van het adres. Voor alle adressen die in aanmerking komen voor nadeelcompensatie is dit berekend. De verwachting is dat het merendeel van de bedragen valt in een bandbreedte tussen de €50 en €2.200, aldus de Rijksoverheid.

Provincie Utrecht investeert in verbeteren verkeersveiligheid

In de provincie Utrecht vroegen 18 wegbeheerders (provincie, gemeenten, waterschap) subsidie aan bij het Rijk, om vooral de verkeersveiligheid voor fietsers te verbeteren.

Provincie, gemeenten, Waterschap Rivierenland en het Rijk investeren de komende jaren 6,5 miljoen euro in het verbeteren van de verkeersveiligheid op hun wegen. Het geld wordt onder meer besteed aan bredere fietspaden, betere oversteeklocaties en veiligere 30 km/u wegen binnen de bebouwde kom.

Eind 2021 zetten de Utrechtse wegbeheerders samen met de politie en het Openbaar Ministerie samen al de stap om het aantal verkeersslachtoffers terug te dringen. Met het ondertekenen van de ‘Intentieverklaring Verkeersveiligheid’ spraken de partijen af om meer samen op te trekken en intensiever samen te werken. De partijen brachten de belangrijkste verkeersveiligheidsrisico’s in beeld en legden verbetermaatregelen vast in de ‘Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid’.

Regio zet in op fietsveiligheid

In de provincie Utrecht vroegen 18 wegbeheerders (provincie, gemeenten, waterschap) subsidie aan bij het Rijk, om vooral de verkeersveiligheid voor fietsers te verbeteren. Uit ongevalcijfers blijkt namelijk dat fietsers vaak gewond raken in het verkeer. Met de toegekende subsidie van het Rijk worden fietspaden verbreed, kant- en asmarkering aangebracht op de weg, fietsstraten gemaakt en oversteeklocaties voor fietsverkeer veiliger gemaakt. De provincie Utrecht ontving een subsidie van 360.000 euro voor het verbeteren van oversteeklocaties op de N226 en de N224. De provincie maakt hier een ‘middeneiland’ waardoor fietsers in twee fasen kunnen oversteken en een aantal drempels bij kruispunten met fietsers.

Met de toegekende subsidie van het Rijk worden fietspaden verbreed, kant- en asmarkering aangebracht op de weg, fietsstraten gemaakt en oversteeklocaties voor fietsverkeer veiliger gemaakt.

“We zijn heel gelukkig dat de minister deze rijksbijdrage levert. Verkeersveiligheid is een heel belangrijk thema voor de provincie Utrecht en de fietser hebben we hoog in het vaandel. Met deze bijdrage kunnen we een extra impuls geven aan de verkeersveiligheid voor met name de fietser, en samen met onze partners aan de slag gaan om de verkeersituatie in onze provincie te verbeteren.”

Gedeputeerde Schaddelee.

Ook provincie verleende subsidie

Ook de provincie Utrecht doet zelf een duit in het zakje door subsidie aan wegbeheerders te geven voor meer verkeersveiligheid op lokale wegen. In 2022 verleende de provincie 2,2 miljoen euro subsidie aan verkeersveiligheidsverbeteringen op wegen in beheer van gemeenten en waterschap. In totaal vroegen 9 wegbeheerders subsidie aan voor onder andere het goed inrichten van 30km/uur zones, het aanleggen van zebrapaden, het verkeersveiliger maken van fietsoversteken, het herinrichten van kruispunten en het verbeteren van ‘schoolzones’, waar schoolgaande kinderen en hun ouders zijn.

Subsidie voor emissieloze vrachtwagen binnenkort weer beschikbaar

Wil je voor je bedrijf een nieuwe volledige emissieloze vrachtwagen kopen of (financieel) leasen? Of heb je een leasemaatschappij die vrachtwagens verhuurt dan kun je de Aanschafsubsidieregeling emissieloze vrachtwagens (AanZET) aanvragen.

Binnenkort is het weer mogelijk, ondernemers kunnen vanaf dinsdag 4 april 2023 subsidie aanvragen voor de aanschaf van een emissieloze vrachtwagen. De Aanschafsubsidieregeling Zero-Emissie Trucks (AanZET) gaat dan weer open. Het budget voor dit jaar bedraagt €30.000.000. Vorig jaar was deze subsidieregeling ook beschikbaar, het budget was alleen al binnen een dag op dus wil je hier voor in aanmerking komen dan zul je er snel bij moeten zijn.

Wil je voor je bedrijf een nieuwe volledige emissieloze vrachtwagen kopen of (financieel) leasen? Of heb je een leasemaatschappij die vrachtwagens verhuurt dan kun je de Aanschafsubsidieregeling emissieloze vrachtwagens (AanZET) aanvragen. De AanZET-subsidieregeling maakt het voor ondernemers aantrekkelijker om te investeren in schone vrachtwagens. De subsidie verkleint namelijk het prijsverschil tussen een ‘klassieke’ dieseltruck en een schone zero-emissie (volledig uitstootvrije) truck.

De subsidie is bedoeld als stimulans om niet te kiezen voor een ‘gewone dieseltruck’, maar voor een schone, emissieloze vrachtwagen met batterij-elektrische of waterstof-elektrische aandrijving. Er kan subsidie worden aangevraagd voor de aanschaf van één of meer vrachtauto’s (maximaal 20). Je kunt een percentage van de aankoopprijs als subsidie krijgen. Dat percentage is afhankelijk van het type vrachtwagen en hoe groot je bedrijf is. Als het gaat om leasen, dan moet de leasemaatschappij de subsidie aanvragen.

Je moet voldoen aan onder andere deze voorwaarden om in aanmerking te komen voor de subsidie:

  • De vrachtwagen moet nieuw zijn.
  • De vrachtwagen moet voertuigklasse N3 of N2 zijn en minimaal 4.250 kilogram wegen.
  • De vrachtwagen is elektrisch aangedreven.
  • Brandstofcodes E en W komen in aanmerking.
  • De batterij mag geen lood bevatten.
Binnenkort is het weer mogelijk, ondernemers kunnen vanaf dinsdag 4 april 2023 subsidie aanvragen voor de aanschaf van een emissieloze vrachtauto.

Bouwbedrijven kunnen vanaf 9 mei gebruik maken van de Subsidieregeling Schoon en Emissieloos Bouwmaterieel (SSEB). Met deze subsidieregeling kun je als bouwbedrijf of bedrijf die bouwmaterialen verhuren, emissieloze bouwmachines kopen. Onder bouwmachines worden bedoeld: bouwwerktuigen, bouwvoertuigen en hulpfuncties. 

Je moet voldoen aan onder andere deze voorwaarden om in aanmerking te komen voor de subsidie:

  • De bouwmachine moet nieuw en emissieloos zijn.
  • De bouwmachine moet in de Lijst bouwmachines SSEB Aanschaf staan onder onderdeel A, B of C (met een J in de betreffende kolom) om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie.
  • Voor een bouwvoertuig geldt dat deze de voertuigkwalificatie N2 of N3 heeft (volgens kentekenregister RDW) en de carrosseriecode 9, 10, 15, 16, 26, 27 en 28 of de aanduiding voor speciale doeleinden SF. Heeft het bouwvoertuig voertuigcategorie N2? Dan is er alleen een aanvraag mogelijk bij een gewicht vanaf 4.250 kg.
  • De elektrische aandrijfmotor met een brandstofcel of een loodvrij accupakket voor aandrijving van een opbouw (hulpfunctie) komt alleen in aanmerking als de hulpfunctie geplaatst wordt op een vrachtwagen met tenminste milieuklasse Euro VI. Ook moet de hulpfunctie de verbrandingsmotor automatisch afschakelen als de elektromotor van de hulpfunctie wordt gebruikt. Het batterijpakket moet met een stekker oplaadbaar zijn.
  • De bouwmachine is bedoeld (en wordt minimaal 70 % van de tijd gebruikt) voor het verrichten van bouwwerkzaamheden in de open lucht en in Nederland.
  • De bouwmachine beschikt – indien elektrisch aangedreven – over een continu elektrisch vermogen van 8 kilowatt of hoger.
  • Het accupakket bevat geen lood.

Het budget van dit jaar bedraagt €36.000.000.

Inkomensafhankelijke verkeersboete kan leiden tot meer rechtvaardigheid

Uit onderzoek blijkt niet dat mensen dankzij de inkomensafhankelijke boete minder vaak overtredingen begaan.

Een verkeersovertreding begaan kan een flinke deuk in uw portemonnee betekenen. Maar wat als de hoogte van de boete afhankelijk zou zijn van uw inkomen? Dit is de kern van het idee van de inkomensafhankelijke verkeersboete. Het idee achter de inkomensafhankelijke verkeersboete is dat mensen met een hoger inkomen meer kunnen bijdragen aan de staatskas dan mensen met een lager inkomen. 

Daarentegen is een standaardboete regressief; hoe armer de overtreder, hoe meer van diens inkomen wordt gebruikt om de verkeersboete te betalen.

Een verkeersboete die voor de ene persoon een klein bedrag is, kan voor de ander een groot bedrag zijn dat hun financiële situatie aanzienlijk kan belasten. Door de boete te laten afhangen van het inkomen van de overtreder, kan meer rechtvaardigheid op de weg worden bereikt.

In veel landen wordt momenteel een experiment uitgevoerd met inkomensafhankelijke verkeersboetes. In dit experiment krijgen mensen met een lager inkomen een lagere boete voor dezelfde verkeersovertreding dan mensen met een hoger inkomen. Het experiment is niet onomstreden. Tegenstanders beweren dat het oneerlijk is om mensen met een hoger inkomen meer te laten betalen voor dezelfde overtreding. Bovendien kan het leiden tot een gevoel van straffeloosheid bij mensen met een lager inkomen, die denken dat ze zich meer kunnen veroorloven op de weg.

Bij de vaststelling van de geldboete wordt rekening gehouden met de draagkracht van de verdachte in de mate waarin dat nodig is met het oog op een passende bestraffing van de verdachte zonder dat deze in zijn inkomen en vermogen onevenredig wordt getroffen.

In sommige landen kijken ze alleen naar het inkomen uit werk. In andere landen nemen ze ook vermogen zoals vastgoed en dividendinkomsten mee. Er zitten wel wat haken en ogen aan dit systeem. De rechter moet bijvoorbeeld toegang hebben tot financiële informatie van burgers. Aanhangers van de inkomensafhankelijke verkeersboete wijzen erop dat het leidt tot meer rechtvaardigheid op de weg. Mensen met een lager inkomen hebben vaak minder financiële middelen om de boetes te betalen en worden daardoor harder getroffen dan mensen met een hoger inkomen. 

Door de boete afhankelijk te maken van het inkomen, wordt voorkomen dat mensen in financiële problemen komen door een verkeersovertreding. Het zal moeten blijken of inkomensafhankelijke verkeersboetes daadwerkelijk leiden tot meer rechtvaardigheid op de weg en of het een effectief middel is om verkeersovertredingen te ontmoedigen. Al met al lijkt het idee van de inkomensafhankelijke verkeersboete op het eerste gezicht een eerlijkere oplossing dan de huidige situatie.

Cijfers KLM tonen aan dat mensen willen blijven reizen

Met deze cijfers nadert KLM het resultaat van 2019. Dit komt door het snelle herstel van de vraag naar reizen, nadat begin 2022 veel coronareisbeperkingen werden opgeheven.

KLM Groep heeft in 2022 een operationeel bedrijfsresultaat van €706 miljoen gerealiseerd bij een omzet van €10,7 miljard. De operationele marge bedroeg 6,6%. Het moeizame opstarten van de operatie zorgde ervoor dat klanten niet de service kregen die ze van KLM gewend zijn en gaf grote uitdagingen voor collega’s. Toch tonen de cijfers aan dat mensen willen blijven reizen.

Met deze cijfers nadert KLM het resultaat van 2019. Dit komt door het snelle herstel van de vraag naar reizen, nadat begin 2022 veel coronareisbeperkingen werden opgeheven. Tegelijkertijd houdt KLM rekening met een aantal onzekerheden in 2023. Geopolitieke spanningen, inflatie, een mogelijke recessie en de hoge brandstofprijs zijn ontwikkelingen die effect kunnen hebben op de financiële prestaties van KLM.

“Deze resultaten hebben we bereikt dankzij de loyaliteit van onze klanten en de inzet van alle collega’s. In het afgelopen jaar hebben de collega’s zich enorm ingespannen om onder moeilijke omstandigheden onze klanten een goede ervaring te bieden. Er blijven grote uitdagingen, maar als we naar de resultaten voor 2022 kijken, hebben we reden om voorzichtig optimistisch te zijn. Nederlanders willen blijven vliegen en we zien dat reizen wereldwijd toeneemt. Tegelijkertijd zijn er onzekerheden waar we nog steeds rekening mee moeten houden, zoals inflatie, prijsontwikkeling van kerosine en de krappe arbeidsmarkt. We gaan de komende jaren door met investeren in de service en producten voor onze klanten met de focus op verduurzaming. Deze investeringen zijn alleen mogelijk met structurele kostenbeheersing. Zo maken we KLM toekomstbestendig en bieden we onze klanten onvergetelijke ervaringen”.

Marjan Rintel, president-directeur KLM & CEO.

Alle markten presteerden boven verwachting in 2022, behalve in Azië waar de aanhoudende COVID-19- beperkingen het herstel bleven belemmeren, met name in China. Cargo leverde opnieuw een belangrijke bijdrage aan de resultaten van KLM. Ook E&M herstelde zich, ondanks de langere levertijden van onderdelen. Transavia had een zeer goede zomer en realiseerde een omzet die weer op het niveau is van voor COVID-19.

KLM mocht vorig jaar 25,8 miljoen passagiers aan boord verwelkomen en Transavia 7,7 miljoen.

KLM mocht vorig jaar 25,8 miljoen passagiers aan boord verwelkomen en Transavia 7,7 miljoen. Door de operationele problemen op Schiphol en arbeidstekorten in de eigen operatie bleef de klantbeleving met een NPS-score van 37 ruim onder de doelstelling van 50. Nu de rust grotendeels is weergekeerd op Schiphol, zien ze de NPS gelukkig weer stijgen. De introductie van de nieuwe klasse Premium Comfort aan boord van intercontinentale vliegtuigen werd afgelopen jaar positief ontvangen door klanten.

“Zodra de reisbeperkingen werden opgeheven aan het begin van het jaar, herstelde de vraag naar vliegreizen zich snel. Hierdoor kon KLM de leningen uit het steunpakket van de Nederlandse overheid al in het tweede kwartaal van 2022 aflossen. Wel maakt KLM nog gebruik van uitstel van loonbelasting voor €1,4 miljard. Doordat we weer meer klanten aan boord konden verwelkomen, was de bezettingsgraad 84%. Dat biedt perspectief voor het komende jaar, waarin we rekening moeten blijven houden met geopolitieke spanningen en andere kostenverhogende ontwikkelingen. In de loop van het tweede kwartaal van dit jaar verwachten we de door de Nederlandse staat gegarandeerde leningen te beëindigen en te vervangen door een kredietfaciliteit met onze relatiebanken”.

Erik Swelheim, CFO KLM.

In 2022 ging KLM door met het verder verduurzamen van de operatie. Zo startten ze met het standaard bijmengen van 0,5% duurzamere vliegtuigbrandstof (SAF) voor vluchten met vertrek vanaf Amsterdam. Dat is met ingang van 2023 verdubbeld naar 1%. Ook tekende KLM contracten met twee SAF-producenten, zodat de ambitie om in 2030 wereldwijd 10% SAF bij te mengen dichterbij is gekomen. Verder ging de samenwerking met Thalys van start om het air-rail transferproduct op de route Brussel-Amsterdam te verbeteren. En het SBTi valideerde de doelstellingen voor CO2-reductie van KLM, zodat ze in lijn zijn met het klimaatakkoord van Parijs, aldus de luchtvaartmaatschappij

Omruilsubsidie dieselvoertuigen Den Haag verhoogd

Bij inlevering van een dieselvoertuig krijgt men een tegoed dat besteed kan worden aan reizen met het openbaar vervoer of met een deelvoertuig, het gebruik van een transportdienst of als bijdrage aan de aanschaf van een fiets of een elektrische (brom- of snor)fiets.

Om de luchtkwaliteit in Den Haag te verbeteren is er ook begin dit jaar gekozen voor een subsidieregeling voor het laten demonteren en omruilen van diesel (bestel)auto’s en brom- en snorfietsen met een verbrandingsmotor. Deze omruilsubsidie is een succes, het subsidieplafond van € 325.000 is bereikt en wordt daarom verhoogd met € 250.000.

In 2022 zijn met deze subsidie al 540 dieselvoertuigen van de weg gehaald. Dat is goed nieuws voor iedereen die hierdoor een elektrische (brom)fiets kan aanschaffen, de luchtkwaliteit van Den Haag én voor het klimaat. Ik ben dan ook blij dat we de subsidie tot 31 maart kunnen voortzetten.

Wethouder duurzaamheid Arjen Kapteijns.

Om de luchtkwaliteit in Den Haag te verbeteren is er ook begin dit jaar gekozen voor een subsidieregeling voor het laten demonteren en omruilen van diesel (bestel)auto’s en brom- en snorfietsen met een verbrandingsmotor.

Bij inlevering van een dieselvoertuig krijgt men een tegoed dat besteed kan worden aan reizen met het openbaar vervoer of met een deelvoertuig, het gebruik van een transportdienst of als bijdrage aan de aanschaf van een fiets of een elektrische (brom- of snor)fiets. De gemeente wil het aandeel dieselvoertuigen en brom- en snorfietsen in de stad verkleinen en zo de lucht in de stad schoner maken en stikstofuitstoot te verlagen. 

Voor deze doeleinden wordt er nu ook door de gemeente gekeken naar de haalbaarheid van een zero emissie-zone voor stadslogistiek in de kustzone van Den Haag. Voor het centrum van de stad gaat zo’n zero emissiezone in 2025 van start, aldus de gemeente.

BTW op zakelijk OV vervoer te vaak niet teruggevraagd

Ondernemers die de btw niet terugvragen, laten gemiddeld zo’n 260 euro per jaar liggen.

Een op de drie zzp’ers die zakelijk reist met het openbaar vervoer, vraagt de betaalde btw niet terug. Dat komt voornamelijk doordat ze niet weten dat ze hier recht op hebben. Ondernemers die de btw niet terugvragen, laten gemiddeld zo’n 260 euro per jaar liggen. Dat blijkt uit onderzoek van Knab onder ruim 800 zzp’ers. Sinds deze week kunnen alle klanten met hun betaalpas in- en uitchecken in het openbaar vervoer. Deze introductie van OVpay was de aanleiding voor Knab om te onderzoeken hoe zzp’ers fiscaal omgaan met hun zakelijke OV-ritten.

onderzoek

Uit het onderzoek blijkt dat twee op de tien zzp’ers de trein, bus, tram of metro pakken voor hun zakelijke ritten. Dat doen ze vooral om naar hun opdrachtgevers of klanten te reizen. Het gaat om gemiddeld vier uur per week. De 9 procent btw die op het ov-kaartje zit, mogen zzp’ers verrekenen bij hun btw-aangifte zolang het niet om woon-werkverkeer gaat. 28 procent van de ondervraagden – die er wel recht op hebben – vraagt de btw niet terug omdat ze de regel niet kennen. Nog eens 5 procent vraagt de btw om andere redenen niet terug. Bijvoorbeeld omdat ze het te veel moeite vinden, aangezien de Belastingdienst dan wel een rittenregistratie verlangt.

doorberekenen

Zakelijke reiskosten zijn alle kosten die je als ondernemer maakt als je moet reizen voor je werk. De zakelijke reiskosten worden door de Belastingdienst gezien als bedrijfskosten en daarom mag jij deze doorberekenen aan de klant. Of je dit doet door middel van de reiskostenvergoeding apart op de factuur zetten of dat je gewoon een hoger standaard uurtarief voor jouw dienst vraagt maakt voor de Belastingdienst niet uit. Alle reiskosten worden gewoon gezien als omzet. Jij bent daarom ook verplicht om hier als zzp’er of ondernemer btw-aangifte over te doen. 

U heeft normaal gesproken een correcte factuur nodig om btw te mogen aftrekken, maar de Belastingdienst heeft een uitzondering gemaakt voor openbaar vervoerbewijzen binnen Nederland. U mag dus 9% btw verrekenen zonder dat het op uw transactieoverzicht of vervoerbewijs staat.

In veel gevallen is de btw op openbaar vervoer aftrekbaar, maar niet altijd. We leggen je per reisreden uit hoe het zit. Voor al het zakelijk vervoer en dienstreizen met het ov is de btw aftrekbaar. Voor medewerkers zonder abonnement mag je de btw over het woon-werkverkeer aftrekken. Voor medewerkers mét een abonnement, mag je alleen de btw terugvragen als de abonnementskosten onder de € 227 per jaar blijven.

Voor veel van de ov-kosten die je organisatie maakt, mag je dus de btw terugvragen. Met de NS-Business Card gaat dat heel makkelijk: je ontvangt namelijk elke maand een btw-factuur met een duidelijk overzicht van alle gemaakte vervoerskosten en de bijbehorende btw-percentages. Geheel fiscus-proof uiteraard!

Vier uur openbaar vervoer per week, kost je al gauw zo’n 60 euro. Daarvan is 5 euro btw. Dat klinkt als een klein bedrag, maar op jaarbasis is dit wel 260 euro.

Voor het openbaar vervoer: de bus, tram, metro, trein of de ov-fiets kun je de betaalde btw terugvragen. Er geldt voor het openbaar vervoer een standaard btw-tarief van 9%. Vier uur openbaar vervoer per week, kost je al gauw zo’n 60 euro. Daarvan is 5 euro btw. Dat klinkt als een klein bedrag, maar op jaarbasis is dit wel 260 euro. Elk jaar weer. Bijna elke ondernemer weet dat die zijn zakelijke reiskosten – minus de btw – mag aftrekken van de winst. Maar dat je de betaalde btw meestal ook kunt terugvragen, is blijkbaar veel minder bekend.

automatisch ritten registreren via OVpay

Zzp’ers die hun betaalpas gebruiken om in- en uit te checken, kunnen via de website van OVpay hun rittenregistratie inzien. Een uitdraai hiervan kunnen ze als bewijsstuk indienen, mocht de Belastingdienst ze hierop controleren. Daarmee is het argument dat het te veel moeite kost om een goede rittenregistratie bij te houden ook definitief verleden tijd, aldus Oskar Barendse, Financieel Expert, Knab.

Politie bellen in Nederland kost burger extra geld

Geen spoed, wel politie? – 0900-8844 kost 2 cent per minuut, plus de gebruikelijke belkosten.

Een goed bereikbare en snel reagerende politie is belangrijk voor de veiligheid. Uiteraard kan dit voor noodgevallen via het alarmnummer 112, maar de bereikbaarheid van de politie is ook voor niet spoedeisende gevallen van belang. Dat laatste kost de burger naast de gebruikelijke telefoonkosten extra geld omdat het politienummer 0900-8844 op de rekening wordt afgerekend als een informatienummer.

burgerbrief

Geen spoed, wel politie? Het nummer 0900-8844 kost 2 cent per minuut, plus de gebruikelijke belkosten. Ook de politie ontkomt er helaas niet aan, naar eigen schrijven in antwoord op vragen op de burgerbrief, de balans te zoeken om enerzijds voor een ieder bereikbaar te zijn en anderzijds de kosten hiervoor niet ten koste te laten gaan van het budget voor andere zaken. Deze balans wordt nu gevonden in het bedrag van 2 cent per minuut wat in rekening wordt gebracht als iemand 0900-8844 belt. 

Minister Yeşilgöz-Zegerius (JenV) stuurde de Tweede Kamer een afschrift van haar antwoord op de burgerbrief over de kosten van het landelijk telefoonnummer van de politie. Met enige regelmaat spreekt de minister met de politie over haar dienstverlening. Het vraagstuk rondom het omzetten van de kosten van het nummer 0900-8844 naar lokaal tarief wordt in deze gesprekken meegenomen. Sinds 2013 moeten bedrijven de kosten van het 0900-nummer dat zij gebruiken voor eigen rekening nemen. Wel is het toegestaan om een tarief per gesprek in rekening te brengen. Dit bedrag mag echter niet meer zijn dan 1 euro per gevoerd gesprek.

geen winst

Zowel vaste als mobiele bellers betalen de gebruikelijke belkosten van hun eigen provider naast het 0900-informatietarief. Het informatietarief voor 0900-8844 is begin 2022 naar beneden bijgesteld en bedraagt nu 2 cent per minuut, plus de gebruikelijke belkosten. Het informatietarief dekt de kosten die de politie maakt voor de dienstverlening via dit nummer. Op het tarief dat wordt berekend voor het bellen met het politienummer wordt geen winst gemaakt, zoals dat bijvoorbeeld gebeurt bij belspelletjes of bedrijven die van een 0900-nummer gebruikmaken.

Tot 2000 was de politie voor de burger voor dergelijke gevallen telefonisch beschikbaar via een lokaal telefoonnummer. In 2000 is dit nummer vervangen door het landelijke telefoonnummer, het politienummer 0900-8844. Het grote voordeel van dit type telefoonnummer is dat men, ongeacht waar men zich bevindt in Nederland, wordt verbonden met de politie van de regio waarnaar wordt gevraagd. Dit nummer kan worden gebeld als iemand in contact wil komen met bijvoorbeeld de wijkagent of bij een algemene vraag.

Met enige regelmaat spreekt de minister met de politie over haar dienstverlening.