Nieuwe aanpak: geen standaard taxi meer voor kinderen in Oude IJsselstreek

De gemeente Oude IJsselstreek heeft de afgelopen anderhalf jaar een flinke omslag gemaakt in de manier waarop zij het schoolvervoer organiseert.

Waar voorheen gesproken werd over ‘leerlingenvervoer’, wordt nu de term ‘vervoer naar school’ gebruikt. Die verandering lijkt op het eerste gezicht klein, maar staat volgens betrokkenen symbool voor een bredere beweging: het loslaten van standaardregelingen en het omarmen van maatwerk, waarbij gekeken wordt naar de mogelijkheden van het kind en het gezin. Het doet denken aan de aanpak die eerder al werd ingevoerd binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning, waarbij eigen kracht en persoonlijke oplossingen centraal staan.

werkwijze

De nieuwe werkwijze in de gemeente richt zich nadrukkelijk op het verminderen van papierwerk en bureaucratie. In plaats daarvan komt de nadruk te liggen op persoonlijke gesprekken met ouders en kinderen. Het uitgangspunt is dat een oplossing niet standaard in de vorm van taxivervoer hoeft te komen. Alleen als het echt noodzakelijk is, wordt dat ingezet. Veel meer dan voorheen wordt gekeken naar wat een kind zelf kan, of welke alternatieven passend zijn voor het gezin.

Een belangrijk onderdeel van de vernieuwde aanpak is dat er vooraf meer inzicht wordt geboden in de reistijden. Dit geeft ouders een realistischer beeld van de dagelijkse praktijk en zorgt ervoor dat de gesprekken over vervoer concreter worden. Bovendien krijgen gezinnen zekerheid over de hele schoolperiode, iets waar veel ouders behoefte aan hebben. Tegelijkertijd is er ruimte ingebouwd voor bijsturing. Als een kind bijvoorbeeld in de loop der jaren zelfstandiger wordt en zelf kan leren reizen, kan het beleid daarop worden aangepast.

Foto: © Pitane Blue – leerlingenvervoer

Volgens wethouder Marco Bennink, die het proces vanaf het begin heeft gevolgd, is het niet alleen een praktische, maar ook een gevoelige verandering. “Schoolvervoer raakt gezinnen direct en dat maakt het onderwerp soms beladen,” zo stelt hij. Daarbij wijst hij erop dat sommige raadsleden ook persoonlijk betrokken zijn bij het thema, wat de discussies binnen de gemeenteraad extra lading kan geven. Toch ziet Bennink de omslag als een noodzakelijke stap om de dienstverlening toekomstbestendig te maken en beter aan te laten sluiten bij de behoeften van ouders en kinderen.

bijsturen

Het afgelopen anderhalf jaar stond in het teken van zorgvuldig uitwerken, testen en bijsturen van de nieuwe aanpak. Daarbij werden ervaringen van gezinnen, maar ook de signalen uit de raad, serieus meegenomen. De wethouder benadrukt dat er bewust is gekozen om niet in dikke rapporten te blijven hangen, maar om direct met mensen in gesprek te gaan en van daaruit verbeteringen door te voeren. Dat zorgde volgens betrokkenen voor meer vertrouwen en een groter gevoel van betrokkenheid bij de uiteindelijke uitkomst.

De gemeente geeft hiermee een duidelijk signaal af dat het niet gaat om een standaardvoorziening die voor iedereen hetzelfde wordt geregeld. Het gaat om maatwerk, om luisteren naar de specifieke situatie van elk gezin en om oplossingen die daadwerkelijk passen bij de mogelijkheden en wensen. Daarmee hoopt Oude IJsselstreek niet alleen de kwaliteit van het schoolvervoer te verbeteren, maar ook het draagvlak en de tevredenheid onder ouders en kinderen te vergroten.

Na maanden strijd: NS en bonden slepen cao akkoord binnen na zware nacht

Betere zwaarwerkregeling en 7,5% loon erbij in 2 jaar.

Na een nacht van intensieve onderhandelingen hebben de NS en de vakbonden in de vroege ochtend een akkoord bereikt over een nieuwe cao. Het overleg dreigde lange tijd vast te lopen, maar uiteindelijk wisten de partijen elkaar te vinden. Volgens FNV Spoor is het akkoord “voor de poorten van de hel weggesleept”, waarmee de zwaarte van het proces nog eens werd benadrukt.

Een van de belangrijkste afspraken in het akkoord is de loonsverhoging. Vanaf 1 maart 2025 krijgen alle NS-medewerkers er 4 procent salaris bij. Een jaar later, op 1 maart 2026, volgt nog eens een verhoging: 3,5 procent voor het merendeel van het personeel en 3 procent voor de hogere functies. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de eis van de vakbonden voor een structurele verbetering van de koopkracht, na maanden van actie en werkonderbrekingen.

nachtdiensten

Naast het salaris zijn er belangrijke afspraken gemaakt over de nachtdiensten. Tot nu toe draaiden veel medewerkers, zoals conducteurs, tot aan hun pensioen nachtdiensten, terwijl machinisten daar al eerder van werden vrijgesteld. Deze ongelijkheid leidde tot veel frustratie. In het akkoord is nu vastgelegd dat medewerkers vanaf hun 63ste zelf mogen aangeven of zij nog ’s nachts willen werken. In de komende jaren wordt deze grens verder verlaagd: in 2029 ligt de grens op 61 jaar.

Verder is er overeenstemming bereikt over een nieuwe zwaarwerkregeling. Werknemers die minstens dertig jaar fysiek of mentaal zwaar werk hebben verricht, krijgen de mogelijkheid om tot drie jaar eerder te stoppen met werken. Dit punt stond hoog op de agenda van de vakbonden, omdat veel NS’ers kampen met de zware belasting van hun werk.

hard gestreden

Onderhandelaar Henri Janssen van FNV Spoor reageerde opgelucht op het behaalde resultaat. Hij benadrukte dat de leden van de bonden nog akkoord moeten geven: “Er zijn altijd dingen die we beter hadden willen zien. We hebben hard gestreden en gisterochtend dacht ik nog dat we er niet uit zouden komen en opnieuw zouden gaan staken.”

Dat vooruitzicht was reëel, aangezien het personeel in juni nog meerdere keren het werk had neergelegd. In een periode van twee weken werd er vier keer gestaakt om druk te zetten op de directie. Die acties volgden op maandenlange vruchteloze onderhandelingen. De onvrede was groot, niet alleen over de lonen en de nachtdiensten, maar ook over de zwaarwerkregeling en de toegenomen agressie in de treinen tegen conducteurs en machinisten.

Foto: © FNV Spoor – werknemers bij NS

Na tien onderhandelingsrondes in acht maanden tijd is er een onderhandelingsresultaat bereikt voor de cao NS. Dinsdagnacht om 5.30 uur sloten NS en de vakbonden een akkoord. Het resultaat bevat stevige verbeteringen voor de werknemers bij NS.

Voor NS komt dit akkoord op een cruciaal moment. Het spoorbedrijf kampt al jaren met financiële problemen, grotendeels als gevolg van de coronapandemie. Door het massale thuiswerken is het aantal reizigers structureel lager gebleven en dat leidt tot verlieslatende jaren. Bovendien speelt op de achtergrond de onzekerheid over de positie van NS op het spoor. De Europese Commissie heeft een zaak aangespannen omdat Nederland de vervoersvergunning van NS zou hebben verlengd zonder dat dit volgens de Europese regels gebeurde.

perspectief

Toch besloten de bonden om de onderhandelingen deze zomer nog een kans te geven, nadat NS hun een eindbod had gepresenteerd. De leden van CNV gingen daarmee akkoord, maar de grotere bonden FNV en VVMC wezen het bod af. Het bedrijf zegde daarop toe met een verbeterd voorstel te komen. Na nieuwe gesprekken is dat nu werkelijkheid geworden, en ligt er een resultaat dat volgens de bonden voldoende perspectief biedt voor hun achterban.

Het akkoord moet nu nog door de leden van de vakbonden worden goedgekeurd. Pas dan kan het officieel in werking treden. Maar het feit dat de partijen na een lange en moeizame strijd tot elkaar zijn gekomen, geeft volgens betrokkenen hoop dat de rust bij het spoorbedrijf voorlopig terugkeert.

Invoerrechten: Bpost stopt tijdelijk met verzendingen naar de VS door nieuwe regels

Bpost kondigt een opmerkelijke maatregel aan die meteen impact heeft op klanten die pakketten willen verzenden naar de Verenigde Staten.

Vanaf vrijdag 23 augustus worden alle zendingen richting de VS tijdelijk opgeschort. De beslissing volgt op nieuwe Amerikaanse regels rond invoerrechten die vanaf eind augustus in werking treden. Daarmee komt een einde aan de vrijstelling die tot nu toe gold voor pakketten met een waarde onder de 800 dollar. Voor consumenten en bedrijven die regelmatig gebruikmaken van deze service betekent dit dat er haast geboden is: wie nog iets wil versturen, moet dat uiterlijk donderdag doen.

Tot nu toe konden internationale pakketten met een relatief lage waarde de oceaan oversteken zonder dat daar invoerrechten tegenover stonden. Die zogenoemde ‘de minimis’-vrijstelling zorgde ervoor dat tal van consumenten en kleine ondernemers probleemloos goederen konden laten bezorgen. Met de nieuwe maatregel vervalt die regeling volledig, waardoor voortaan élk pakket dat de VS binnenkomt onderworpen wordt aan invoerrechten. Wat die kosten exact zullen bedragen en hoe de inning ervan zal verlopen, is tot op heden echter niet duidelijk.

onduidelijkheid

De onduidelijkheid zorgt voor grote bezorgdheid bij Europese postbedrijven. PostEurop, de koepelorganisatie die verschillende postoperatoren verenigt, liet in een verklaring weten dat de informatie vanuit de Amerikaanse overheid bijzonder laat en onvolledig is doorgegeven. “Pas op 15 augustus zijn enkele technische details bekendgemaakt, hierdoor rest er amper tijd om alles voor te bereiden”, klinkt het. Volgens de organisatie is het aan de Amerikaanse autoriteiten om de modaliteiten voor de inning en afdracht van deze kosten vast te leggen. Omdat die cruciale informatie momenteel ontbreekt, dreigen postbedrijven wereldwijd in de problemen te komen.


Foto: Bpost bezorgdienst

Ook Bpost zelf benadrukt dat het niet anders kan dan de leveringen voorlopig stil te leggen. Woordvoerder Mathieu Goedefroy verklaarde in Het Laatste Nieuws: “Het is aan de Amerikaanse autoriteiten om de modaliteiten voor de inning en afdracht van deze kosten te bepalen. Aangezien die cruciale informatie momenteel nog ontbreekt, ziet Bpost zich genoodzaakt om vanaf 23 augustus de verzendingen van goederen naar de Verenigde Staten tijdelijk stop te zetten.” Hij voegde eraan toe dat het postbedrijf alles in het werk stelt om zo snel mogelijk een oplossing te vinden samen met internationale partners.

opschorting

De opschorting moet vooral vermijden dat pakketten onderweg vast komen te zitten of dat ontvangers geconfronteerd worden met onverwachte en mogelijk hoge kosten. Voor consumenten die nog een laatste zending willen doen, geeft Bpost een duidelijke deadline: donderdag is de laatste dag om een pakket naar de VS te versturen. Daarna is het afwachten tot de situatie opnieuw duidelijk wordt en de verzendingen hervat kunnen worden.

Voor kleine ondernemers die hun handel grotendeels online uitbouwen en veel verzenden naar de VS, kan deze tijdelijke stop voor flinke kopzorgen zorgen. Zij worden plots geconfronteerd met een onzekere situatie waarbij hun leveringen stilvallen en hun klanten mogelijk afhaken. Hoe lang de maatregel effectief zal duren, is nog niet bekend, al benadrukt Bpost dat het ernaar streeft de dienstverlening zo snel mogelijk opnieuw op te starten.

De komende weken zullen dus cruciaal zijn. Alles hangt af van de Amerikaanse autoriteiten, die de praktische modaliteiten rond de invoerheffingen snel duidelijk moeten maken. Tot die tijd blijft de verzendroute naar de VS gesloten en moeten Belgische consumenten en bedrijven andere oplossingen zoeken om hun pakketten de oceaan over te krijgen.

Geen busalternatief: tram in Gent opnieuw zwaar getroffen door jarenlange afsluiting

Toekomst voor reizigers richting Evergem blijft onzeker.

Het Gents openbaar vervoer staat voor een nieuwe zware klap nu duidelijk is geworden dat tramlijn 1, de ruggengraat van het netwerk in de stad, vanaf 1 september 2025 nog verder wordt ingekort. Het traject, dat normaal gezien Flanders Expo via Gent-Sint-Pieters en het hart van de stad met Wondelgem en Evergem verbindt, zal opnieuw worden geraakt door langdurige werken. Journalist Herman Welter van Magazine Personenvervoer bevestigt dat het voorstedelijke deel tussen het Van Beverenplein en de gemeente Evergem zeker drie jaar buiten gebruik blijft wegens onderhoud.

Het is niet de eerste keer dat de belangrijkste tramlijn van Vlaanderen hard wordt getroffen. Reeds op 6 januari 2024 werd het drukke stuk tussen station Gent-Sint-Pieters en het stadscentrum volledig afgesloten voor vernieuwing. Ook toen werd gesproken over werken die meerdere jaren zouden duren, tot grote frustratie van de duizenden reizigers die dagelijks afhankelijk zijn van deze verbinding. In tegenstelling tot bij de grote vernieuwing van 1990 wordt er ditmaal geen volwaardig busalternatief aangeboden, waardoor de mobiliteit in het noorden van de stad en de randgemeente Evergem zwaar onder druk komt te staan.

streekbus

De vervoersmaatschappij De Lijn houdt vol dat de extra drukte kan worden opgevangen. Men stelt dat er een verdubbeling komt van de frequentie op streekbuslijn 56, die het traject richting Wondelgem en Evergem deels bedient. Toch klinkt er stevige kritiek vanuit de Reizigersbond. Zij wijzen erop dat de huidige busvloot structureel kampt met problemen. Op drukke schooldagen zouden tot dertig bussen niet inzetbaar zijn wegens technische defecten. Dit terwijl er in de remises van Gentbrugge en Destelbergen wel degelijk voldoende chauffeurs beschikbaar zijn, maar simpelweg niet genoeg rijvaardige voertuigen om de dienstregeling te garanderen.

De gevolgen van dit structurele tekort zijn duidelijk zichtbaar. “Chauffeurs worden dan ingeschakeld om bussen te wassen, halteperrons op te frissen, wissels in de juiste stand te leggen in de remise voor de trams van lijn 1 en reizigers op de tramhaltes Gent-Sint-Pieters te informeren,” aldus een betrokken medewerker. Het leidt tot absurde situaties waarbij toeristen zich vergissen en ongewild belanden in het Universitair Ziekenhuis of in Zwijnaarde, omdat zij denken dat de trams die vlak voor het stationsgebouw stoppen hen naar het stadscentrum brengen.

Foto: © Pitane Blue – Gent

Dat de Vlaamse stads- en streekvervoermaatschappij al langer in moeilijkheden verkeert, is geen geheim. Het Gentse tramnet wordt de laatste jaren geconfronteerd met grote technische en operationele tegenslagen. Zo staat in Gent de moderne Flexitytram met nummer 6354, met een kostprijs van drie miljoen euro, sinds juni 2023 aan de kant na een zwaar ongeval. Het voertuig wordt inmiddels gebruikt als zogenaamde ‘pluktram’, een onderdelenleverancier voor de rest van de vloot. Ook tram 6371 kan niet meer worden ingezet, waardoor de capaciteit verder slinkt.

uithollen

Volgens journalist Herman Welter dreigt het Gentse tramnet hierdoor steeds verder uitgehold te raken. Het imago van de tramlijn die ooit bekendstond als de ruggengraat van de stad, brokkelt in snel tempo af. Terwijl de inwoners van Wondelgem en Evergem voorlopig moeten rekenen op een buslijn die al onder zware druk staat, lijkt een duurzame oplossing nog lang niet in zicht. Het wegvallen van een van de belangrijkste verbindingen van Vlaanderen zal ongetwijfeld nog vele jaren voelbaar zijn in de dagelijkse mobiliteit van duizenden reizigers.

Nieuwe mijlpaal: TOMP-werkgroep groeit uit tot House of TOMP

De internationale samenwerking binnen de wereld van mobiliteit en technologie krijgt binnenkort een officieel vervolg.

De TOMP-werkgroep, die zich al jaren bezighoudt met het ontwikkelen en verbeteren van standaarden voor Mobility as a Service (MaaS), transformeert tot een non-profitorganisatie onder de naam House of TOMP. De registratie van deze organisatie vindt plaats in België en gebeurt met steun van de MaaS Alliance, een belangrijke Europese speler op het gebied van mobiliteit.

Met de oprichting van House of TOMP wordt een mijlpaal bereikt voor de werkgroep die zich inzet voor de TOMP-API, de internationale standaard die de samenwerking tussen MaaS-diensten en vervoerders mogelijk maakt. Door de officiële status als non-profit krijgt de organisatie niet alleen een sterker fundament, maar ook meer slagkracht om de komende jaren door te groeien en invloed uit te oefenen op de verdere ontwikkeling van mobiliteitsstandaarden.

General Assembly

Om dit bijzondere moment kracht bij te zetten, organiseert de groep op woensdag 27 november een General Assembly. Deze bijeenkomst vindt plaats in het Provinciehuis in Utrecht en start in de middag. Tijdens deze officiële vergadering komen zowel technische als niet-technische onderwerpen aan bod, vergelijkbaar met de eerder gehouden Summer meet-up waar leden uit verschillende landen samenkwamen om kennis uit te wisselen. De agenda van de General Assembly is zodanig opgesteld dat de bijeenkomst toegankelijk blijft voor een brede groep deelnemers uit de mobiliteitssector.

Het evenement staat niet op zichzelf, maar is zorgvuldig afgestemd op de jaarlijkse POLIS Annual Conference. Door de programma’s slim te combineren hoeven bezoekers geen enkele presentatie van POLIS te missen. Daarnaast wordt de extra reistijd voor de deelnemers vermeden, wat perfect aansluit bij de gedachte achter duurzame mobiliteit waar de TOMP-werkgroep zich sterk voor maakt. De koppeling met de POLIS-conferentie onderstreept bovendien de internationale dimensie van de samenwerking en laat zien dat House of TOMP een belangrijke schakel wordt in het bredere mobiliteitsnetwerk.

TOMP-API 1.4 release – Polis Brussel

Met House of TOMP wordt de ambitie neergelegd om de komende jaren de standaard te zetten binnen de wereld van MaaS en mobiliteit.

Met de oprichting van House of TOMP en de steun van de MaaS Alliance positioneert de werkgroep zich nadrukkelijker binnen het Europese speelveld. Het doel is om een centrale rol te blijven spelen in de standaardisatie van MaaS en daarmee de ontwikkeling van slimme en duurzame vervoersoplossingen te versnellen. De General Assembly in Utrecht vormt daarbij een symbolische stap: de overgang van een werkgroep naar een volwaardige organisatie die structureel invloed kan uitoefenen en verdere groei kan realiseren.

samenwerking

De bijeenkomst op 27 november wordt gezien als het officiële startschot voor een nieuw hoofdstuk. Voor de leden van de TOMP-werkgroep betekent dit niet alleen erkenning voor het werk dat de afgelopen jaren is verzet, maar ook een nieuw perspectief op internationale samenwerking. 

Werkgevers voorzichtig: gemeenten sleutel voor betere lonen in taxivervoer

De onderhandelingen voor een nieuwe cao Zorgvervoer & Taxi zijn volop gaande en lijken dit jaar in een stroomversnelling te komen.

Vakbonden CNV en FNV hebben samen de ambitie uitgesproken om de huidige afspraken stap voor stap uit te bouwen tot een volwassen cao die chauffeurs in deze sector eerlijke arbeidsvoorwaarden moet bieden. De derde onderhandelingsronde vond eerder deze maand plaats en de volgende afspraak staat gepland voor 24 september. Daarbij staat de klok te tikken, want de huidige cao loopt door tot 1 januari 2026. Daarna moet er een pakket aan nieuwe afspraken liggen.

De inzet van de vakbonden is stevig. Zij baseren zich op een grote enquête onder vijfduizend chauffeurs in de sector. Uit die peiling kwam naar voren dat er nog veel verbeteringen noodzakelijk zijn. Chauffeurs willen dat alle gewerkte uren daadwerkelijk worden uitbetaald, dat er toeslagen komen voor onverwachte diensten of werk op ongebruikelijke tijden en dat gemaakte kosten, zoals reiskosten, worden vergoed. Ook vragen zij dat er eindelijk erkenning komt voor de maatschappelijke waarde van hun werk. Zorg- en taxichauffeurs brengen immers dagelijks kwetsbare groepen, waaronder leerlingen en mensen met een intensieve zorgbehoefte, veilig van A naar B.

brede erkenning

Volgens de vakbonden is er brede erkenning dat de huidige situatie niet langer houdbaar is. Het komt nog altijd voor dat chauffeurs acht uur onderweg zijn, maar slechts voor zeven uur betaald krijgen. Ook moeten zij soms hun elektrische voertuigen opladen op verlaten industrieterreinen zonder dat deze tijd meetelt als werktijd. Daarbovenop vertrekken sommigen onbetaald een kwartier eerder om leerlingen tijdig naar school te brengen. En dat terwijl diensten vaak in korte stukken worden geknipt, waardoor een chauffeur van zes uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds beschikbaar moet zijn, maar slechts voor een paar werkuren wordt beloond.

De vakbonden stellen dat dit beeld niet meer past in deze tijd. Zeker niet als men bedenkt dat chauffeurs cliënten met een hoge zorgbehoefte vaak zonder begeleiding vervoeren en daar een loon voor ontvangen dat soms zelfs lager ligt dan dat van een pakketbezorger. “Dat dit allemaal niet meer zou moeten, daar lijkt iedereen het over eens te zijn,” luidt de boodschap van de bonden.

De oplossing ligt volgens hen voor de hand: betere lonen, duidelijke afspraken over werktijden, serieuze opleidingen voor zorgchauffeurs en eerlijke toeslagen. Een dergelijk pakket zou niet alleen de arbeidsomstandigheden van de chauffeurs verbeteren, maar ook de kwaliteit van het vervoer voor cliënten verhogen. Daarnaast kan dit het beroep aantrekkelijker maken, ziekteverzuim terugdringen en helpen om nieuwe chauffeurs aan te trekken in een sector die met personeelstekorten kampt.

De grote vraag is echter wie de rekening moet betalen. Grote winsten worden in deze sector niet gemaakt. Vakbonden wijzen nadrukkelijk naar de opdrachtgevers, en dat zijn in veel gevallen de gemeenten. Zij erkennen dat kostenstijgingen niet in één klap doorberekend kunnen worden. Daarom pleiten CNV en FNV voor een langjarige cao die in meerdere stappen wordt ingevoerd. Op die manier kunnen de hogere kosten verwerkt worden in de nieuwe contracten die gemeenten afsluiten.

onderhandelingen

In de onderhandelingstafels wordt op dit moment gezocht naar mogelijkheden om dit plan concreet te maken. Er wordt gekeken naar de invoering van eerlijke toeslagen, naar een betere verhouding tussen gewerkte en verloonde uren, en naar duidelijke spelregels of mogelijk zelfs een code voor eerlijke aanbestedingen. Ook de vraag hoe het ziekteverzuim omlaag kan en welke rol goede opleidingen daarbij spelen, komt uitgebreid aan bod.

De vakbonden zijn optimistisch over de gesprekken, al merken zij dat werkgevers nog voorzichtig zijn met harde toezeggingen. Er ligt een gezamenlijke wil om de sector toekomstbestendig te maken, maar de weg daarheen vraagt tijd en zorgvuldige afwegingen. De vijf hoofdonderwerpen die nu centraal staan – loon- en functiegebouw, toeslagen, verhouding gewerkte en verloonde tijd, reiskostenvergoeding en het terugdringen van ziekteverzuim – vormen de kern van de onderhandeling.

Op 24 september komen de partijen opnieuw bijeen. Dan moet blijken of er meer concrete stappen kunnen worden gezet richting de gewenste volwassen cao, waarmee zowel chauffeurs als cliënten de komende jaren vooruit kunnen.

Opvallend percentage: duizenden Nederlandse kinderen naar school in Vlaanderen

Basisonderwijs in Antwerpen populair bij nederlandse gezinnen.

Ruim dertigduizend Nederlandse kinderen trokken dagelijks naar een school in Vlaanderen. Uit de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat 17 duizend van hen onderwijs volgden op een Vlaamse basisschool en dat bijna 13 duizend leerlingen in het voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs (mbo) zaten. Het overgrote deel van deze kinderen woont eveneens in Vlaanderen, vaak in de nabijheid van de Belgische grens.

Vooral het Vlaamse basisonderwijs blijkt in trek onder Nederlandse gezinnen die in Vlaanderen zijn neergestreken. Het arrondissement Antwerpen voert de lijst aan met het grootste aantal Nederlandse basisschoolleerlingen: 4.530 in totaal. Ook in het voortgezet onderwijs en mbo is Antwerpen populair, met 2.690 ingeschreven leerlingen uit Nederland. De cijfers onderstrepen dat de aanwezigheid van Nederlandse kinderen in Vlaamse klassen inmiddels een structureel gegeven is.

Limburg

Wanneer gekeken wordt naar Nederlandse leerlingen die wel in Nederland wonen maar toch in Vlaanderen naar school gaan, valt op dat zij vooral kiezen voor het secundair onderwijs, de Vlaamse variant van het voortgezet onderwijs en mbo. Dit patroon is het duidelijkst zichtbaar in het arrondissement Maaseik, dat grenst aan de provincie Limburg. Daar volgen 1.360 Nederlandse kinderen een secundaire opleiding, terwijl slechts 270 in het basisonderwijs zitten. De nabijheid en vaak korte reistijd spelen hierin een doorslaggevende rol, aangezien veel Limburgse ouders hun kinderen bewust richting Vlaamse middelbare scholen sturen.

De beweging van leerlingen over de grens werkt overigens ook de andere kant op. In hetzelfde schooljaar 2023/’24 bezochten bijna 8 duizend Belgische en Duitse leerlingen een school in Nederland. Van hen kwamen er 2.260 uit België en 5.630 uit Duitsland. Opvallend genoeg wonen deze kinderen in de meeste gevallen ook daadwerkelijk in Nederland, vaak in gezinnen met een migratieachtergrond of in situaties waarin ouders uit het buurland zich aan de Nederlandse kant van de grens hebben gevestigd.

Foto: © Pitane Blue – De Lijn

Hoewel het gaat om een relatief klein aandeel van de totale leerlingpopulatie in Nederland – slechts 0,3 procent – zijn er duidelijke regionale uitzonderingen. In grensregio’s zoals Zeeuws-Vlaanderen springt het percentage Belgische leerlingen er bijvoorbeeld uit. Daar heeft 2,1 procent van de kinderen in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs een Belgische achtergrond. In Zuid-Limburg ligt dit aandeel lager, maar ook daar steekt het boven het landelijke gemiddelde uit met 0,5 procent Duitse leerlingen.

onderwijssysteem

De cijfers laten zien dat de grens tussen Nederland en België in het dagelijks leven voor veel gezinnen nauwelijks een barrière vormt. Het onderwijssysteem aan de andere kant van de grens kan aantrekkelijk zijn om uiteenlopende redenen: de afstand van huis naar school, de onderwijscultuur, of simpelweg omdat het gezin daar woont terwijl de kinderen nog de Nederlandse nationaliteit hebben. Tegelijkertijd profiteren scholen in de grensstreek van deze diversiteit in hun klassen, al vergt het ook aanpassingsvermogen van zowel leerlingen als leraren.

Met de groeiende mobiliteit binnen de Europese Unie lijkt het erop dat dergelijke cijfers in de toekomst nog verder zullen stijgen. Zowel in Nederland als in Vlaanderen wordt nauwlettend bijgehouden hoe deze bewegingen zich ontwikkelen, omdat ze direct van invloed zijn op de onderwijsplanning, de capaciteit van scholen en de culturele uitwisseling in de grensregio’s.

Buschauffeurs leven in angst: dagelijkse aanvallen op De Lijn

Geweld tegen buschauffeurs blijft toenemen in Vlaanderen en de incidenten stapelen zich in sneltempo op.

Op de lijn tussen Gent-Sint-Pieters en de Blaarmeersen liep het voor een vrouwelijke chauffeur volledig uit de hand nadat ze drie jongeren aansprak op hun storend gedrag. Het groepje drukte herhaaldelijk op de stopknop, hoewel ze helemaal niet van plan waren uit te stappen. Toen de chauffeur hen hierover aansprak, sloeg de sfeer om. De vrouw werd bespuwd, fysiek aangevallen en bij het verlaten van de bus vernielden de jongeren ook nog een ruitenwisser. Lichamelijk hield de chauffeur niets over aan het incident, maar de mentale schade is groot en ze is diep geschokt door de manier waarop de situatie escaleerde.

gewelddadig

Slechts enkele dagen later volgde een tweede gewelddadig incident in het centrum van Oudenaarde. Dit keer raakte een buschauffeur in conflict met een autobestuurder toen hij, zoals de verkeersregels voorschrijven, zijn voorrang nam bij het wegrijden van de halte. De autobestuurder kon dat niet verkroppen, volgde de bus tot bij de volgende stop en stapte daar woedend op. Voor de ogen van passagiers ging hij de chauffeur te lijf. De klappen waren zo hevig dat de buschauffeur achterbleef met een gebroken neus.

Vakbond BTB-ABVV luidt de alarmbel en benadrukt dat dit geen geïsoleerde feiten zijn. “Dit is slechts het topje van de ijsberg,” stelt de vakbond. Volgens hun cijfers werden in 2024 gemiddeld zes agressie-incidenten per dag gemeld tegen buschauffeurs in Vlaanderen. De vormen van agressie variëren van grove scheldpartijen en bedreigingen tot rake klappen. In sommige gevallen werd er zelfs vuurwerk afgestoken in een rijdende bus, met levensgevaarlijke situaties tot gevolg.

Foto: © De Lijn – Controleur en reiziger

De situatie op de bussen wordt door velen omschreven als onhoudbaar. Chauffeurs voelen zich steeds minder veilig tijdens hun werk en spreken van een groeiend klimaat van disrespect en agressie tegenover hen. De recente incidenten zijn volgens de vakbond slechts voorbeelden van wat zich dagelijks afspeelt. Er wordt al langer aangedrongen op strengere maatregelen om de veiligheid van het personeel te garanderen, maar volgens BTB-ABVV blijven concrete oplossingen voorlopig uit.

vijandigheid

De chauffeurs van De Lijn moeten niet alleen omgaan met een grote verantwoordelijkheid voor hun passagiers en het verkeer, maar krijgen er steeds vaker vijandigheid en geweld bovenop. De mentale tol van deze aanvallen is groot. De vakbond wijst erop dat sommige chauffeurs het werk niet langer zien zitten en kampen met angstgevoelens en stress. Het vooruitzicht dat elk ritje kan omslaan in een gewelddadige confrontatie maakt de job steeds minder aantrekkelijk.

De oproep van BTB-ABVV aan de bevoegde instanties is duidelijk: er moeten harde maatregelen volgen om het personeel beter te beschermen. Extra bewaking, strengere controles en een kordate aanpak van daders worden naar voren geschoven als mogelijke stappen. Tot er daadwerkelijk actie wordt ondernomen, vrezen de chauffeurs dat het geweld alleen maar verder zal toenemen en dat het vertrouwen in hun veiligheid volledig zal wegvallen.

Reizen met koffertje: handbagage zorgt voor steeds meer gedoe in de luchtvaart

Handbagage, jarenlang gezien als een handige manier om snel en zonder wachttijd te reizen, is uitgegroeid tot een van de heetste hangijzers binnen de luchtvaart.

Waar reizigers ooit zonder problemen een klein koffertje mee aan boord mochten nemen, leidt dit onderwerp tegenwoordig tot ergernis, discussies en zelfs juridische procedures. Petra Kok, Head of External Communications bij TUI Nederland, bevestigt op haar sociale media dat de kwestie inmiddels hoog op de agenda staat. “Handbagage is een heikel punt geworden,” benadrukt ze.

Het gemak van een trolley die je dicht bij je houdt en die direct na de landing beschikbaar is, staat haaks op de groeiende irritatie rond de regels, de kosten en het gebrek aan eenheid tussen verschillende luchtvaartmaatschappijen. Dat consumenten tegenwoordig vaak moeten betalen voor handbagage, is volgens velen niet langer een uitzondering maar regel geworden. De Europese Commissie onderzoekt de situatie en consumentenorganisaties in onder meer Spanje en Duitsland zijn zelfs een juridische strijd gestart tegen de budgetmaatschappijen.

kritisch

Reizigers zijn doorgaans kritisch. Ze willen hun spullen zo dicht mogelijk bij zich houden, tijd besparen bij de bagageband én het liefst niets extra’s betalen. Het probleem zit volgens luchtvaartpersoneel vaak bij de omvang van de bagage. Rolkoffers die te zwaar zijn of simpelweg niet passen in de cabineruimtes veroorzaken regelmatig opstoppingen en vertragingen. Het cabinepersoneel ervaart daardoor een flinke belasting. “Het liefst zien we alleen handbagage die past. Geen te grote rolkoffertjes, geen vier stuks per persoon, want dat levert instapproblemen op en kost veel tijd,” klinkt het vanuit de crew.

“Dat elke airline z’n eigen formaten hanteert helpt niet echt. Ik heb ook een hele verzameling handbagagekoffertjes in alle vormen en maten. Er valt wat te winnen door dat gelijk te trekken, maar dat zal dan toch door wetgeving moeten gebeuren. ”

Petra Kok

Voor de luchtvaartmaatschappijen zelf speelt een ander belang mee. Consumenten zijn vooral op zoek naar de laagste ticketprijs en vergelijken vooral op basis daarvan. Om concurrerend te blijven, wordt de basisprijs vaak kaal gehouden: zonder ruimbagage en steeds vaker ook zonder handbagage. “Misschien zijn reizigers daar in eerste instantie niet blij mee, maar het geeft ze wel meer keuze om zelf te bepalen hoe en tegen welke kosten ze bagage meenemen,” legt Petra Kok uit. Airlines proberen hiermee duidelijkheid te scheppen, maar de realiteit is dat dit eerder voor verwarring en irritatie zorgt.

Foto: © Pitane Blue – TUI Fly

De komende maanden zal duidelijk worden of de Europese Commissie daadwerkelijk met nieuwe regels komt om meer uniformiteit en duidelijkheid te scheppen. Tot die tijd blijft handbagage een bron van ergernis voor passagiers, luchtvaartmaatschappijen en cabinepersoneel.

De oplossing die veel maatschappijen hanteren, is het invoeren van betaling voor handbagage. Dit zou reizigers bewuster maken van formaat en gewicht, al blijven de discussies bij het boarden hardnekkig. Passagiers die toch met een te groot koffertje aan de gate verschijnen, komen bedrogen uit wanneer hun bagage niet door de ijzeren mal past. Iedereen herkent inmiddels het onhandige moment van proppen en duwen bij de controle.

basisprijs

Kok erkent dat de luchtvaartsector dit probleem deels zelf heeft veroorzaakt. “Heel eerlijk, we hebben het als airlines ook deels veroorzaakt door ruimbagage betalend te maken. Vervolgens werd alles, iedereen en z’n moeder in een rolkoffer gepropt.” Volgens haar ligt de kracht juist in de keuzevrijheid voor reizigers. Een goedkope basisprijs kan aantrekkelijk zijn, maar wie bagage wil meenemen, weet precies waar hij of zij aan toe is.

Wat de situatie verder bemoeilijkt, is het gebrek aan uniformiteit in de bagage-eisen. Iedere maatschappij hanteert zijn eigen formaten, waardoor veel reizigers inmiddels een bonte verzameling koffertjes in verschillende maten hebben. “Er valt wat te winnen door dat gelijk te trekken, maar dat zal dan toch door wetgeving moeten gebeuren,” aldus Kok.

positief nieuws

Toch is er ook nog positief nieuws voor vakantiegangers die vanuit Nederland reizen met TUI fly. Deze maatschappij staat reizigers deze zomer nog toe om gratis twee stuks handbagage mee te nemen. Dat betekent één rolkoffer met een maximumformaat van 55x40x20 centimeter en daarnaast een (hand)tas van maximaal 40x30x20 centimeter. Daarmee zet TUI zich bewust af tegen de trend die bij veel andere maatschappijen juist de norm is geworden.

De discussie werd ook op LinkedIn geïnitieerd door hun redactie waar nog veel meer experts zich uitspreken over de kwestie. 

Bumperkleven verliest terrein: frustratie achter het stuur neemt nieuwe vormen aan

Het Nederlandse wegennet blijft een bron van spanning en ergernis.

Autorijden is voor velen allang niet meer de ontspannen verplaatsing van A naar B, maar een arena waarin frustraties dagelijks de kop opsteken. Uit een onderzoek, gepubliceerd op 14 augustus 2025, blijkt dat met name het nalaten van richting aangeven en het gebruik van de smartphone achter het stuur de grootste ergernissen zijn onder automobilisten. De roep om meer discipline in het verkeer klinkt steeds luider, maar tegelijkertijd blijkt dat veel bestuurders zich schuldig maken aan hetzelfde gedrag dat zij bij anderen veroordelen.

Uit de cijfers komt naar voren dat 61 procent van de weggebruikers zich stoort aan medeweggebruikers die zonder richtingaanwijzer van rijstrook wisselen. Dit gedrag schept volgens de ondervraagden chaos op de weg en zet de verkeersveiligheid onder druk. Vrijwel evenveel bestuurders, 60 procent, noemt telefoongebruik tijdens het rijden een van de meest gevaarlijke en onvoorspelbare gedragingen die ze waarnemen. Het beeld dat ontstaat is er een van irritaties die voortkomen uit roekeloosheid en ongeduld, gedragingen die elkaar versterken en de spanningen tussen automobilisten opvoeren.

bumperkleven

Ook bumperkleven blijft een serieuze bron van ergernis. Waar dit vorig jaar nog de grootste irritatie was, genoemd door 69 procent van de automobilisten volgens Autoverzekering.nl, geeft nu 56 procent aan dit als bedreigend te ervaren. Het feit dat bumperkleven van de eerste plaats is verdrongen, laat zien dat de aandacht zich steeds meer richt op het niet gebruiken van richtingaanwijzers en afleiding door telefoons. Het zijn verschuivingen die laten zien hoe dynamisch en gelaagd verkeersfrustraties zijn.

Het onderzoek geeft bovendien inzicht in de verschillen tussen leeftijdsgroepen. Jongere bestuurders, met name tussen de 18 en 34 jaar, klagen vooral over langzaam rijdend verkeer en files. 58 procent noemt traag rijden als bron van irritatie, terwijl 41 procent de dagelijkse fileproblematiek niet kan negeren. Oudere automobilisten, 55 jaar en ouder, richten hun ergernis juist vaker op fietsers die zich niet aan de verkeersregels houden. 56 procent van deze groep benoemt dit gedrag als hinderlijk. Het zijn verschillende generaties met uiteenlopende prioriteiten, maar het patroon van ergernissen laat zich in alle gevallen herleiden tot een gebrek aan voorspelbaarheid en discipline in het verkeer.

Illustratie: © Pitane Blue – ergernis in het verkeer

De conclusie is duidelijk: richtingaanwijzers die niet worden gebruikt, smartphones die de aandacht opeisen en automobilisten die te dicht op hun voorganger rijden, zijn geen losse ergernissen. Ze vormen samen een complex geheel dat de veiligheid op de weg ondermijnt.

Wat opvalt, is de kloof tussen houding en gedrag. Veel automobilisten geven toe zich soms zelf schuldig te maken aan dezelfde gedragingen waarover zij zich zo druk maken. Het gebruik van de smartphone achter het stuur is daarvan een bekend voorbeeld, evenals het niet aangeven bij het wisselen van rijstrook. Deze discrepantie wijst op een pijnlijk zelfinzicht: iedereen wil meer orde en discipline op de weg, maar men is niet altijd bereid de eigen gewoonten daarop aan te passen.

Volgens expert Jerry Poel kan irritant rijgedrag veel meer gevolgen hebben dan alleen ergernis. “Bumperkleven kan leiden tot boetes, strafpunten of zelfs rijontzegging,” waarschuwt hij. Daarbij komt dat verzekeraars steeds vaker geneigd zijn schade te verhalen wanneer roekeloos gedrag kan worden aangetoond. Ook voor het bellen achter het stuur en het negeren van richtingaanwijzers staan forse boetes. De politie houdt dit gedrag scherp in de gaten, juist omdat het de verkeersveiligheid in hoge mate aantast.

collectieve frustratie

De uitkomsten van het onderzoek tonen aan dat de spanningsbron in het verkeer zowel in het gedrag van anderen als in de eigen reflexen schuilt. Toeteren, seinen of schelden wordt vaak als reactie ingezet, maar automobilisten geven ook toe dat dit zelden iets oplost. De collectieve frustratie groeit en daarmee ook de kans dat de verkeersdruk verder escaleert.

De conclusie is duidelijk: richtingaanwijzers die niet worden gebruikt, smartphones die de aandacht opeisen en automobilisten die te dicht op hun voorganger rijden, zijn geen losse ergernissen. Ze vormen samen een complex geheel dat de veiligheid op de weg ondermijnt. Pas wanneer bestuurders bereid zijn hun eigen gedrag kritisch te herzien en verkeersregels niet alleen bij anderen afdwingen maar ook bij zichzelf naleven, kan er werkelijk verandering plaatsvinden. Tot die tijd blijft de dagelijkse rit voor velen een bron van spanning en ongeduld.

Woningnood: Groenlinks-PVDA wil luchthavens opofferen voor nieuwe woningen

Frans Timmermans wil Rotterdam Airport en Maastricht Airport sluiten voor woningbouw.

GroenLinks-PvdA presenteert in haar verkiezingsprogramma een opvallend en ingrijpend voorstel om de woningnood in Nederland aan te pakken: meerdere regionale luchthavens moeten verdwijnen en plaatsmaken voor nieuwbouwwijken. Volgens de partij is het onvermijdelijk dat andere belangen moeten wijken om ruimte te creëren voor woningbouw. Zo wil GroenLinks-PvdA niet alleen landbouwgrond en verloederde bedrijventerreinen inzetten voor woningen, maar ook luchthaventerreinen, waar volgens hen vaak al de basisinfrastructuur aanwezig is.

woningbouw

Frans Timmermans, lijsttrekker van GroenLinks-PvdA, noemt specifiek de luchthaven bij Rotterdam en Maastricht Airport als voorbeelden van locaties die geschikt zouden zijn voor woningbouw. “De luchthaven daar is structureel verliesmakend. Tegelijkertijd hebben we ruimte nodig voor natuur en nieuwe woningen. Ook bij Rotterdam zou de regio opknappen wanneer er in plaats van de luchthaven groen en woningen worden aangelegd,” aldus Timmermans. Door bestaande luchthaventerreinen om te vormen tot woongebieden, kan volgens hem veel sneller worden begonnen met de bouw, omdat er al wegen, riolering en andere voorzieningen aanwezig zijn.

Daarnaast ziet de partij kansen rond Schiphol. Als het aantal vluchten op de nationale luchthaven wordt verminderd, kan er volgens het verkiezingsprogramma ‘veel meer’ gebouwd worden in de regio. Timmermans benadrukt dat het de partij niet gaat om het volledig onmogelijk maken van vliegen: “Er zijn op soms een uur rijden alternatieven als je bijvoorbeeld op vakantie wil.”

sociaal

Een belangrijk onderdeel van het plan van GroenLinks-PvdA is dat nieuwbouwwoningen betaalbaar moeten blijven. In elk nieuwbouwproject moet 40 procent van de huurwoningen een huur van maximaal 900 euro per maand hebben, en nog eens 30 procent moet bestaan uit huurwoningen tot 1200 euro per maand of koopwoningen met een maximumprijs van 405.000 euro. Deze norm ligt aanzienlijk hoger dan de huidige landelijke eisen, waar vaak slechts tot 30 procent sociale woningbouw wordt verplicht.

Lisa Westerveld – Tweede Kamerlid Groenlinks – foto: Pitane Blue

Projectontwikkelaars hebben in het verleden al gewaarschuwd dat strengere eisen tot vertragingen of zelfs afstel van bouwplannen kunnen leiden. Toch blijft Timmermans bij zijn standpunt dat het tempo van vergunningverlening omhoog moet. Daarnaast noemt hij het overbelaste stroomnet als grootste huidige knelpunt. “Het duurt nu echt te lang voordat vergunningen worden verleend. Ook moet het stroomnet sneller worden uitgebreid, want het huidige overbelaste net is nu het grootste probleem.”

corporatiewoningen

Verder wil GroenLinks-PvdA dat middeninkomens vaker in aanmerking komen voor betaalbare corporatiewoningen. Ook moet de jaarlijkse huurstijging wettelijk worden beperkt, zelfs in tijden van hoge inflatie. Het plan komt nadat woningcorporaties eerder dit jaar dreigden met een rechtszaak tegen het demissionaire kabinet, omdat de huren in de sociale sector niet mochten stijgen met de inflatie, wat volgens de corporaties hun investeringsruimte beperkte.

Timmermans stelt voor om de belasting voor woningcorporaties af te schaffen en hen toegang te geven tot goedkopere leningen, zodat zij meer financiële ruimte hebben om te bouwen. Om de ambitieuze bouwplannen te financieren, wil GroenLinks-PvdA onder meer de hypotheekrenteaftrek stapsgewijs afschaffen, het grondbezit zwaarder belasten en de waardestijging van grond afromen. Ook moeten gemeenten opnieuw zelf mogen bepalen of statushouders voorrang krijgen bij de toewijzing van huurwoningen.

Pukkelpop: gratis vervoer en fietsenstalling zorgen voor duurzaam vervoer

Het Limburgse muziekfestival Pukkelpop zet dit jaar opnieuw zwaar in op slimme en duurzame mobiliteitsoplossingen.

Naast het indrukwekkende muziekprogramma draait het evenement ook om een sterke samenwerking tussen overheden, vervoersmaatschappijen en de organisatie zelf. Het resultaat is een uitgekiend netwerk van gratis pendelbussen, nachtbussen en veilige fietsroutes, waarmee tienduizenden bezoekers op een comfortabele en milieuvriendelijke manier naar het festivalterrein in Kiewit en weer veilig thuis worden gebracht.

De samenwerking tussen Pukkelpop, vervoersmaatschappij De Lijn, provincie Limburg, stad Hasselt en maar liefst 33 andere Limburgse gemeenten wordt inmiddels gezien als een voorbeeldproject. Vlaams minister van Mobiliteit, Annick De Ridder, benadrukt het belang hiervan: “Een hele zomer lang vervoert De Lijn op een veilige en duurzame manier festivalgangers. De combinatie van pendel- en nachtbussen tijdens Pukkelpop is de garantie op een lang festivalweekend met een vlotte en veilige mobiliteit. Het festival, provincie Limburg, de lokale besturen en De Lijn bewijzen al jaren consequent dat slim openbaar vervoer een garantie is voor een vlotte organisatie.”

pendelbussen

Het systeem van gratis pendelbussen vormt een belangrijk onderdeel van deze aanpak. Van donderdag 14 augustus tot en met maandag 18 augustus rijden de bussen van ’s ochtends vroeg tot diep in de nacht tussen station Hasselt en de festivalweide. De dienst is volledig gratis en sluit naadloos aan op de treinverbindingen. Pukkelpop-woordvoerder Frederik Luyten ziet vooral de praktische voordelen: “De pendelbussen rijden letterlijk tot aan de ingang van het festival. Geen parkeerproblemen, geen stress. Trein en bus, maar ook de fiets, zijn de vlotste, veiligste en milieuvriendelijkste keuzes.”

Foto: © Pitane Blue – De Lijn

Naast de pendelbussen spelen de nachtbussen een cruciale rol in de veiligheid van de festivalgangers. Vijftien nachtlijnen brengen bezoekers na afloop van de laatste optredens rechtstreeks naar tientallen gemeenten verspreid over de regio. Deze service is gratis voor inwoners van de deelnemende gemeenten, mits zij hun PKP25-polsbandje tonen. De bussen vertrekken op vaste tijden, variërend van 0.30 uur tot 2.30 uur, afhankelijk van de dag. Volgens gedeputeerde voor Mobiliteit Laura Olaerts is het project een groot succes: “Sinds 2014 zorgen we ervoor dat duizenden jongeren veilig thuiskomen na een nacht vol muziek. Het gebruik stijgt elk jaar, en dat bevestigt dat we echt inspelen op een reële behoefte.”

fietsers

Ook de fiets krijgt dit jaar weer een prominente plaats in de mobiliteitsaanpak van Pukkelpop. Met meer dan 15.000 bezoekers per dag die voor de fiets kiezen, is het tweewielige vervoermiddel uitgegroeid tot een onmisbare pijler. De provincie Limburg, bekend als fietsprovincie, heeft samen met de stad Hasselt en de festivalorganisatie gezorgd voor een grote, bewaakte fietsenstalling vlak bij het terrein. Deze faciliteit sluit aan op een uitgebreid netwerk van fietssnelwegen, waardoor bezoekers snel en veilig het festival kunnen bereiken.

De gezamenlijke inspanningen van alle betrokken partijen tonen aan dat grootschalige evenementen niet per se synoniem hoeven te zijn met verkeerschaos en milieubelasting. Door het aanbieden van aantrekkelijke, gratis alternatieven voor de auto, wordt niet alleen de veiligheid van bezoekers verhoogd, maar ook de ecologische voetafdruk van het festival aanzienlijk verkleind. Met deze aanpak bewijst Pukkelpop dat een goed doordacht mobiliteitsplan net zo belangrijk kan zijn als de line-up zelf.en.

Verkeersleiding Eindhoven Airport: personeelstekort legt vluchten lam

Paniek en vertraging op Eindhoven Airport woensdagochtend, waar het vliegverkeer meerdere keren volledig tot stilstand kwam.

De reden: een acuut tekort aan militaire luchtverkeersleiders, die verantwoordelijk zijn voor het begeleiden van al het vliegverkeer rond Vliegbasis Eindhoven. Tussen 09.00 uur en 10.30 uur mochten geen toestellen vertrekken of landen. Passagiers van Wizz Air en Ryanair naar Boedapest, Londen en Sofia zagen hun vluchten flink uitlopen. Ook inkomende toestellen, waaronder een vlucht uit Porto, liepen forse vertraging op.

structureel

Het incident is niet op zichzelf staand, maar onderdeel van een structureel probleem. De onderbezetting zit niet in de verkeerstoren op de Eindhovense vliegbasis zelf, maar bij de militaire luchtverkeersleiding op Schiphol-Oost. Deze dienst regelt het verkeer buiten een straal van dertig kilometer rond de luchthaven. Het personeelstekort daar leidt er nu toe dat dienstdoende verkeersleiders verplicht moeten worden gepauzeerd, wat alleen mogelijk is door het luchtverkeer tijdelijk stil te leggen.

Volgens Eindhoven Airport heeft dit verstrekkende gevolgen. “We houden rekening met een domino-effect, omdat de vluchtschema’s niet meer volgens planning kunnen worden uitgevoerd”, aldus een woordvoerder van de luchthaven. “Mogelijk worden vluchten geannuleerd of wijken toestellen uit naar andere luchthavens.” De luchthaven roept reizigers op om voor vertrek altijd eerst de actuele status van hun vlucht te checken: “We adviseren reizigers de website van Eindhoven Airport nauwlettend in de gaten te houden.”

Foto: © Pitane Blue – Eindhoven Airport

Het tijdelijk platleggen van het vliegverkeer is bedoeld om het aanwezige personeel rust te gunnen, maar illustreert vooral hoe nijpend de situatie inmiddels is. Volgens bronnen binnen Defensie vormt het gebrek aan luchtverkeersleiders een serieus risico voor de veiligheid in het Nederlandse luchtruim. Eerder dit jaar sloegen zij al alarm: door het mislukken van een fusie tussen de militaire luchtverkeersleiding en de civiele Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL), blijft de druk op het bestaande personeel onverminderd hoog.

verstoringen

De consequenties zijn ingrijpend. Naast vertragingen en annuleringen van commerciële vluchten, leidt de onderbezetting ook tot verstoringen van militaire operaties. Interne rapporten van Defensie maken melding van situaties waarin “het veilig begeleiden van vliegtuigen niet gegarandeerd” kon worden. Dat raakt niet alleen vakantiegangers, maar heeft ook directe gevolgen voor de inzetbaarheid van defensieapparatuur en militaire missies in binnen- en buitenland.

Het is nog niet duidelijk hoe groot de impact van de storing op woensdag zal zijn voor de rest van de dag of de komende dagen. Eindhoven Airport blijft in overleg met Defensie, luchtvaartmaatschappijen en andere luchthavens om de gevolgen zo goed mogelijk te beperken. De zorgen blijven echter groot. “Dit soort verstoringen ondermijnt het vertrouwen in de betrouwbaarheid van de luchthaven”, klinkt het bij een medewerker die anoniem wil blijven. Tegelijkertijd blijft de onderliggende oorzaak onveranderd: een acuut tekort aan gespecialiseerd personeel dat al maanden op een oplossing wacht.

Verkeersveiligheid: dodelijk ongeval op de N-355 legt pijnpunten provinciale wegen bloot

N-wegen kosten levens: waarom helpt aanpak onvoldoende?

Maandagochtend 11 augustus, even na negen uur, vond op de N-355 bij het Groningse Grijpskerk een ernstig verkeersongeval plaats waarbij drie mensen om het leven kwamen. Twee personenauto’s botsten frontaal op elkaar op het tweebaansgedeelte van deze provinciale weg. Hulpdiensten, waaronder meerdere ambulances, brandweerwagens en een traumahelikopter, rukten massaal uit, maar konden niet voorkomen dat alle drie de inzittenden ter plaatse overleden. De politie onderzoekt nog de exacte toedracht van het ongeluk.

verantwoordelijk

De N-355 is een van de bijna 8.000 kilometer aan provinciale N-wegen in Nederland. Deze wegen vormen slechts zes procent van het totale wegennet, maar zijn verantwoordelijk voor bijna een kwart van alle verkeersdoden in ons land. Uit cijfers blijkt dat tussen 2018 en 2022 op N-wegen in totaal 569 mensen omkwamen.

Volgens Veilig Verkeer Nederland en de ANWB zijn de belangrijkste oorzaken van deze hoge aantallen dodelijke ongevallen te hoge snelheden, het ontbreken van een fysieke scheiding tussen de rijbanen en obstakels zoals bomen en sloten direct langs de weg. Dit maakt frontale botsingen en ernstige afloop bij een ongeluk veel waarschijnlijker. Daarnaast speelt menselijk gedrag een grote rol: naar schatting 90 procent van de ongevallen wordt veroorzaakt door te hard rijden, afleiding door bijvoorbeeld smartphonegebruik of rijden onder invloed van alcohol of drugs.

Verkeersdeskundigen wijzen ook op ontwerptekortkomingen: smalle rijstroken, onoverzichtelijke kruispunten en onduidelijke snelheidslimieten dragen bij aan de onveiligheid. VVN pleit al jaren voor een verlaging van de maximumsnelheid op veel 80-kilometerwegen naar 60 kilometer per uur. Dit zou de impact van botsingen verminderen, maar er is vrees dat het verkeer dan uitwijkt naar nog smallere binnenwegen, met nieuwe risico’s als gevolg.

Foto: © Pitane Blue – Exloërmond

tot zolang provincies de noodzakelijke investeringen niet structureel toepassen — met prioriteit op risicovolle wegvakken, voldoende harde bermen en fysieke rijbaanscheiding — blijven provinciale n-wegen gevaarlijke plekken.

De ANWB stelt dat er in de komende twintig jaar 1,2 miljard euro nodig is voor het veiliger maken van provinciale wegen. Daarbij gaat het om maatregelen als het aanleggen van middenbermen, het verbreden van rijbanen, het verharden van bermen en het verwijderen van gevaarlijke obstakels. Veel leed kan worden voorkomen door bermen zo aan te passen dat uitwijken mogelijk is zonder dat voertuigen kantelen of tegen obstakels botsen.

snelheidscontroles

Experts benadrukken dat naast infrastructuurverbeteringen ook gedragsverandering cruciaal is. Strengere snelheidscontroles, gerichte campagnes tegen smartphonegebruik en een harde aanpak van rijden onder invloed zouden volgens hen direct effect kunnen hebben. In België werd een daling van 6,2 procent in het aantal verkeersdoden gerealiseerd door precies deze combinatie van verbeterde infrastructuur en strengere handhaving.

In Nederland blijft grootschalige uitvoering van veiligheidsplannen voor N-wegen achter, mede door versnipperde verantwoordelijkheden tussen provincies en het rijk, beperkte budgetten en trage besluitvorming. Totdat hier verandering in komt, blijft de kans groot dat provinciale wegen zoals de N-355 opnieuw het decor worden van ernstige en dodelijke verkeersongevallen.

Personeel Skytanking: FNV waarschuwt voor gevaarlijke toestanden op Eindhoven Airport

FNV Luchtvaart luidt de noodklok over ernstige veiligheidsproblemen op Eindhoven Airport.

Volgens de vakbond is de situatie bij afhandelingsbedrijf Skytanking, dat onder meer de vluchten van Ryanair verzorgt, zo zorgwekkend dat zowel de veiligheid van werknemers als passagiers gevaar loopt. De organisatie roept de luchthaven, eigendom van de Schiphol Groep, op om deze maand het aantal Ryanair-vluchten tijdelijk te verminderen.

FNV-bestuurder Birte Nelen stelt dat leden van de vakbond al langere tijd aanlopen tegen extreme werkdruk en structurele onderbezetting. “Onze leden geven aan dat ze diensten draaien zonder pauze, eten of drinken. De bezetting is veel te laag en de werkdruk is extreem hoog, waardoor er regelmatig lange wachttijden voor passagiers zijn. Dit leidt tot agressieve passagiers die lang op hun bagage moeten wachten of zelfs urenlang in een geparkeerd vliegtuig moeten zitten. De situatie is onhoudbaar. Goedkoop werken gaat boven veiligheid en dat is onacceptabel. Wij vinden het risico op ernstige arbeidsongevallen onaanvaardbaar groot.”

bereikbaarheid

Volgens Nelen worden medewerkers door Skytanking ingepland voor roosters van tien aaneengesloten werkdagen, met diensten die soms wel twaalf uur duren. Daarbij ontbreekt een intern communicatiesysteem, waardoor alle operationele afstemming via WhatsApp op privételefoons verloopt. Dat betekent dat werknemers zelfs op vrije dagen of tijdens vakanties bereikbaar moeten blijven, wat het herstel bemoeilijkt. Er zou ook regelmatig druk worden uitgeoefend om tijdens ziekte of op vrije dagen toch te komen werken. “Ongeveer één op de drie werknemers valt ziek uit, omdat zij werken onder onmogelijke omstandigheden,” aldus Nelen.

De FNV zegt al meerdere keren de alarmbel te hebben geluid bij de betrokken partijen. Twee keer is melding gedaan bij de Arbeidsinspectie, en er zijn gesprekken gevoerd met zowel Skytanking als Eindhoven Airport. In juli vulde het personeel van Skytanking een enquête van de vakbond in, waaruit bleek dat de veiligheid op de luchthaven zwaar onder druk staat. Desondanks zouden er geen structurele verbeteringen zijn doorgevoerd. FNV hekelt dat Skytanking geen wettelijk verplichte ondernemingsraad of vertrouwenspersoon heeft, en als enige luchtvaartwerkgever in Nederland geen pensioenregeling aanbiedt.

Foto: © Pitane Blue – Ryanair

Volgens de vakbond ligt de verantwoordelijkheid niet alleen bij Skytanking en Ryanair, maar ook bij Eindhoven Airport en de Schiphol Groep. FNV verwijst naar maatregelen die Schiphol in Amsterdam heeft genomen om concurrentie tussen afhandelingsbedrijven te beperken. Op Eindhoven Airport zou echter het tegenovergestelde beleid worden gevoerd, door vorig jaar juist een tweede afhandelaar – Skytanking – toe te laten. “Eindhoven Airport koos voor kostenbesparing in plaats van kwaliteit en veiligheid. De werknemers en passagiers zijn daarvan de dupe,” zegt Nelen.

Skytanking, dat inmiddels een jaar actief is op Eindhoven Airport en alleen voor Ryanair werkt, verzorgt naast het inchecken en controleren van passagiers ook het inladen van bagage en het aftanken van vliegtuigen. Volgens FNV is het terugschroeven van het aantal Ryanair-vluchten nu het enige overgebleven middel om de veiligheid te herstellen. De vakbond legt de bal nadrukkelijk bij Eindhoven Airport, in de hoop dat er snel wordt ingegrepen.

Monumentale hoeves: authentieke locaties zijn hotspots voor families

Veel Drentse accommodaties kiezen voor diezelfde combinatie van karakter en ruimte.

Op boerderijen die vaak honderden jaren oud zijn, vertellen houten gebinten en verweerde muren het verhaal van vroegere generaties. Het is geen modegril: steeds meer families en vriendengroepen verlangen naar een plek waar comfort en uitstraling hand in hand gaan. Grote keukens om samen te koken, ruime woonkamers waar iedereen zijn plekje vindt, slaapkamers voor iedereen en de natuur voor de deur.

Exloërmond

Herenboerderij Exloërmond biedt tegenwoordig meer dan alleen uitzicht over uitgestrekte Drentse weilanden. Deze oude boerderij is omgetoverd tot geliefde locatie voor familiefeestjes en groepsbijeenkomsten. Op het erf dat ooit enkel landbouw ademde, wordt nu gelachen, geklonken en gefeest. Geen standaard feestzaal, maar een plek vol historie en rust.

Zo arriveerde vorige week een familie uit het zuiden van het land in Exloërmond. Ze lieten de drukte achter zich en werden verwelkomd door de statige gevel van de monumentale boerderij. Kinderen renden over het erf, ooms en tantes verzamelden zich in de royale woonruimte, terwijl buiten de zon langzaam onderging boven de akkers en tussen de windmolens. De sfeer en rust waren precies wat ze zochten.

populariteit

In andere delen van Drenthe speelt hetzelfde verhaal. Monumentale boerderijen met rieten daken of vakwerkgevels worden omgebouwd tot groepsaccommodaties. Vaak zijn het gemeentelijke monumenten die zorgvuldig zijn gerestaureerd, waarbij de charme bewaard blijft. Een open haard, zichtbare houten balken en oude plavuizen dragen bij aan de authentieke beleving, zeker wanneer gelach en gesprekken de ruimte vullen.

Ook buiten familiekringen is de populariteit groeiende. Zakelijke groepen, verenigingen en vriendenclubs boeken deze locaties voor retraites, brainstormsessies of reünies. De landelijke omgeving, de mogelijkheid om te barbecueën onder een afdak of lange wandelingen te maken door het Drentse coulisselandschap, maakt de ervaring compleet.

Foto: © Pitane Blue – Exloërmond

De bereikbaarheid draagt bij aan het succes. In plaats van drukke snelwegen en files, voert de route naar deze accommodaties vaak langs rustige landwegen. Bij aankomst is er geen gehaaste hotelreceptie, maar een ontspannen begroeting in een bos- of weidelandschap. Toch is er geen gebrek aan comfort: moderne keukens, comfortabele bedden en goede wifi zijn standaard aanwezig, zonder dat de authentieke sfeer verloren gaat.

Hunebed Highway

De bereikbaarheid is een belangrijk punt voor gasten. Drenthe wordt ontsloten door de A28, A32 en A37, waardoor steden als Assen, Emmen, Hoogeveen en Meppel goed bereikbaar zijn. Maar wie een route zoekt die het gevoel van Drenthe volledig vangt, kiest vaak voor de N34 – beter bekend als de Hunebed Highway. Deze provinciale weg slingert langs tientallen hunebedden, open velden en bossen, en verbindt Emmen met Groningen via plaatsen als Borger en Gieten. Naast deze toeristische trekker liggen er nog vele andere N-wegen, zoals de N381 en N375, en talloze smalle landweggetjes die diep het platteland in voeren. Veel accommodaties liggen juist aan die landelijke routes, ver weg van druk verkeer. Dat geeft rust, maar betekent ook dat de reistijd voor bezoekers zonder auto langer kan zijn.

Voor wie afhankelijk is van het openbaar vervoer kan de reis naar afgelegen locaties een uitdaging vormen. In veel dorpen rijden de bussen minder vaak tijdens de daluren, en op sommige lijnen is de frequentie tussen 10.00 en 14.00 uur sterk teruggebracht. Helemaal stoppen doen de bussen niet, maar de wachttijden zijn wel langer. Alternatieven zoals buurtbussen of de Drentse hubtaxi bieden in zulke gevallen uitkomst.

Mobiliteit: SP zet breed in op ‘Supersociaal’ verkiezingsprogramma

De SP heeft donderdag als tweede landelijke partij haar verkiezingsprogramma gepubliceerd.

In de schaduw van de naderende Tweede Kamerverkiezingen op 29 oktober 2025 presenteert de SP een verkiezingsprogramma onder de veelzeggende titel “SUPERSOCIAAL”, met een duidelijke missie: het kort door de bocht oplossen van grote maatschappelijke problemen vraagt niet om een onsje meer of minder, maar om fundamentele, sociale keuzes. In het programma beklemtoont de SP keer op keer dat de hele structuur waarin Nederland functioneert, ingrijpend op de schop moet – van wonen tot zorg, van economie tot democratie, van mobiliteit tot milieu, en van inkomen tot veiligheid.

een recht en geen luxe

In het hoofdstuk “Bereikbaar en schoon Nederland” laat de partij zien hoe breed haar visie op mobiliteit is. Openbaar vervoer moet publiek en toegankelijk zijn, want mobiliteit is een recht en geen luxe. De SP pleit voor een integraal ov-systeem, waar gratis gebruik en publieke regie de norm zijn. Ze wil treininfrastructuur, inclusief regionale lijnen en stationheropeningen, versterken en uitbouwen, terwijl internationale treinverbindingen, zoals nachttreinen, vliegverkeer onder druk zetten .

Autorijden wordt niet afgedaan als passé, maar moet vooral schoner én betaalbaarder worden voor mensen zonder alternatief: de overstap naar emissievrije auto’s moet sociaal haalbaar zijn, en er komt geen ruimte voor tolvrijheden zoals rekeningrijden of tolheffing, want volgens de SP zijn zulke maatregelen onrechtvaardig tegenover wie mobiliteit echt hard nodig heeft . Tegelijkertijd investeert de partij ambitieus in fietsinfrastructuur, waarbij veilige snelfietsroutes, bewaakte stallingen en gedragsbevorderende initiatieven een centrale rol spelen.

prijsdoorzichtigheid

Elektrisch rijden wordt ondersteund met een publiek netwerk van laadpunten dat prijsdoorzichtig en toegankelijk moet zijn, terwijl kapitaalstromen via subsidies of verborgen kosten worden tegengegaan. Kortom, de groene transitie krijgt vorm via publieke infrastructuur en bescherming van gebruikers, in plaats van marktmechanismen of winstmaximalisatie .

Ook in de luchtvaart voorziet het programma ingrijpende maatregelen. De SP wil privéjets verbieden, een kerosinebelasting invoeren en strenger omgaan met regionale luchthavens zoals Lelystad. Frequent flyers worden zwaarder belast dan incidentele reizigers, wat bijdraagt aan het herverdelen van kosten en voordelen .

Foto: © Pitane Blue – SP-leider Jimmy Dijk

De VVD wil zoveel mogelijk aan de vrije markt overlaten en de rol van de overheid tot het minimum beperken. Bij de SP is dat precies andersom.

Tussen al deze hoofdstukken over mobiliteit en duurzaamheid schuurt de kernboodschap: een supersociale samenleving rolt niet vanzelf uit, maar vraagt moedige stappen, publieke verantwoordelijkheid, en herverdeling van macht en middelen. In de voorgaande pagina’s van het programma raakt de SP daarmee thema’s als betaalbaar wonen zonder winst, het afschaffen van het eigen risico in de zorg, sociale maxima voor vermogens, een Nationaal Woonfonds, stevige publieke regie over grond en bouw, en rechtvaardige belastingen. Daar komt mobiliteit ook duidelijk bij, als sleutelelement in het bestrijden van ongelijkheid.

scherpe commentaren

Het verdict van critici laat zich raden. In scherp geformuleerde commentaren, zoals in de Volkskrant, wordt het programma getypeerd als een paradijselijke maar forse sanering van publieke voorzieningen onder hoge lasten voor de rijksten.

Toch kiest de SP bewust voor deze koers: mobiliteit is geen subsidiemodel, maar een sociaal recht. En in “Bereikbaar en schoon Nederland” krijgt dat recht concreet invulling – met gratis en openbaar vervoer, van de trein tot de fiets, met economieën van schaal die niet ten koste gaan van rechtvaardigheid. 

Nieuwe nachttrein: Leo Express en Renfe werken aan nachttrein dwars door europa

Renfe zet in op megaproject met nachttrein van kust België naar Slowakije.

Renfe werkt via haar Tsjechische dochteronderneming Leo Express aan een van de meest ambitieuze spoorprojecten van de afgelopen jaren: een nieuwe nachttrein die het uiterste westen en oosten van Europa met elkaar moet verbinden. De verbinding moet dagelijks gaan rijden tussen het Belgische Oostende en de Slowaakse hoofdstad Bratislava, met onderweg meer dan vijftig tussenstops in vier landen. Het plan wordt gepresenteerd als een duurzaam alternatief voor korteafstandsvluchten en lange busreizen, en sluit aan bij de heropleving van het nachttreinverkeer in Europa.

negentien uur

Het traject, dat volledig per spoor wordt afgelegd, voert vanuit de Belgische kust via Brussel, Luik en Aken Duitsland binnen. Daar doet de trein onder meer Keulen en Leipzig aan, om vervolgens via Tsjechië – met haltes in Praag en Olomouc – uit te komen in Bratislava. De totale reistijd bedraagt ongeveer negentien uur. Vertrek vanuit Oostende is gepland om 19.10 uur, waarna aankomst in de Slowaakse hoofdstad rond 14.18 uur volgt. In de omgekeerde richting vertrekt de trein om 14.44 uur uit Bratislava, met een geplande aankomst om 21.52 uur in Oostende.

Voor het materieel kiest Leo Express voor gemoderniseerde RIC-rijtuigen, getrokken door Siemens Vectron-locomotieven die een maximumsnelheid van 160 kilometer per uur kunnen halen. De trein zal plaats bieden aan circa 450 reizigers, verdeeld over slaaprijtuigen met bedden en coupés met zitplaatsen. Tegen 2028 moet de capaciteit worden verhoogd naar ongeveer 550 zit- en slaapplaatsen. Deze uitbreiding is afhankelijk van de groei in vraag en de beschikbaarheid van geschikt materieel.

toestemming

Om het project te kunnen realiseren heeft Leo Express inmiddels een formele aanvraag ingediend bij de Belgische spoorwegautoriteiten voor de benodigde rijpaden. Zonder deze toestemming kan de trein niet rijden. Volgens de huidige planning moet de eerste rit plaatsvinden op 13 december 2026. Dat betekent dat de komende anderhalf jaar in het teken zullen staan van vergunningstrajecten, logistieke voorbereidingen en de modernisering van het materieel.

Foto: © Pitane Blue – station Oostende

De Spaanse treinmaatschappij Renfe wil in 2026 een dagelijkse nachttrein laten rijden van Oostende naar Bratislava.

De nachttrein van Renfe en Leo Express past in een bredere Europese trend. Steeds meer spoorwegmaatschappijen zien kansen in het herintroduceren of uitbreiden van nachttreinen. De populariteit neemt toe nu reizigers zoeken naar duurzamere alternatieven voor het vliegtuig, zeker op afstanden waar de trein competitief kan zijn in reistijd wanneer de overnachting wordt meegeteld. Ook de Europese Unie stimuleert deze ontwikkeling met subsidies en samenwerkingsprogramma’s om grensoverschrijdend treinverkeer te verbeteren.

nachttreinen

Voor Renfe is dit project meer dan alleen een nieuwe verbinding. Het is een strategische zet om de aanwezigheid buiten Spanje te vergroten en in te spelen op de groeiende internationale vraag naar comfortabele, langeafstandstreinen. Met Leo Express, dat al actief is op het traject Praag–Oostende, heeft het bedrijf een ervaren speler in huis die bekend is met de logistiek van internationale spoorverbindingen.

De vraag naar nachttreinen kent de laatste jaren een duidelijke opleving. Nieuwe initiatieven zoals European Sleeper tussen Brussel en Berlijn, de herintroductie van ÖBB Nightjet-verbindingen en plannen voor extra routes vanuit Parijs laten zien dat er een markt is voor deze vorm van reizen. Mocht Renfe erin slagen om de Oostende–Bratislava-verbinding op tijd te lanceren, dan kan het een belangrijke nieuwe schakel worden in het Europese spoornetwerk.

AI in de mobiliteitssector: van slimmere taxi’s tot kortere wachttijden

De mobiliteitswereld staat aan de vooravond van een technologische revolutie.

Waar voorheen vooral menselijke ervaring en vaste planningssystemen de routes bepaalden, nemen slimme algoritmen steeds vaker het stuur over. Kunstmatige intelligentie (AI) belooft niet alleen kortere wachttijden voor reizigers, maar ook minder lege kilometers voor vervoerders en dat zonder dat chauffeurs hun vertrouwde manier van werken volledig hoeven los te laten.

co-piloot

Een van de meest veelbelovende toepassingen is slimme rittoewijzing. Door actuele verkeersdata, weersverwachtingen en historische ritpatronen te combineren, kan AI voorspellen welke chauffeur op welk moment het best een rit kan oppakken. Het systeem houdt zelfs rekening met de kans op vervolgritten, waardoor voertuigen efficiënter worden ingezet.

Daarnaast kunnen vraagprognoses en digitale heatmaps vervoerders helpen om taxi’s strategisch te positioneren op momenten dat de vraag piekt, bijvoorbeeld tijdens evenementen of bij plotselinge weersomslagen. Het resultaat: wachttijden dalen met soms wel 20 procent, terwijl de omzet stijgt door een betere benutting van het wagenpark.

boeken en praten

Ook aan de klantkant laat AI van zich horen. Conversational booking, waarbij reizigers via spraak of chat direct een rit kunnen reserveren, wint terrein. “Het grote voordeel is dat de klant geen app hoeft te openen of een formulier hoeft in te vullen,” zegt een softwareleverancier. “Een simpel WhatsApp-bericht of telefoontje is genoeg. De AI regelt de rest en zet de rit direct in het planningssysteem.”

Voor de helpdesk betekent dit een flinke ontlasting: standaardvragen over ritstatus, vertragingen of tarieven worden razendsnel door een digitale assistent afgehandeld.

AI beperkt zich niet tot plannen en boeken. Door continu voertuigdata te analyseren, kan het systeem onderhoudsproblemen voorspellen voordat ze tot uitval leiden. Bovendien kan slimme analyse afwijkende ritpatronen of verdacht facturatiegedrag automatisch signaleren, waardoor fraude en fouten sneller worden opgespoord.

Foto: © Pitane Blue – taxichauffeurs op de standplaats Scheveningen

AI beperkt zich niet tot plannen en boeken. Door continu voertuigdata te analyseren, kan het systeem onderhoudsproblemen voorspellen voordat ze tot uitval leiden. Bovendien kan slimme analyse afwijkende ritpatronen of verdacht facturatiegedrag automatisch signaleren, waardoor fraude en fouten sneller worden opgespoord.

meetbare winst

Bij de eerste proeven met AI in taxiplanning werden de effecten al na enkele weken zichtbaar. In een testgebied met 120 voertuigen daalde de gemiddelde wachttijd voor klanten van 14 minuten naar 11 minuten en 52 seconden, een reductie van 15%. Het aantal gereden kilometers zonder passagier zakte van 38% naar 34% van het totaal, wat neerkomt op een besparing van ruim 5.800 kilometer per maand.

Ook de klantenservice profiteerde. Door inzet van een digitale assistent werd 22% van de inkomende telefoontjes over ritstatus automatisch afgehandeld. Dit bespaarde de helpdesk ongeveer 7,5 uur menselijk werk per dag.

Op het gebied van declaratiecontrole werden in drie maanden 27 afwijkende ritten gedetecteerd die anders onopgemerkt waren gebleven, goed voor een potentiële besparing van € 4.350 aan foutieve of frauduleuze claims.

Een pilot kan volgens betrokken experts binnen 90 dagen draaien. Het proces begint met een datacheck, gevolgd door een kleinschalige proef in één of twee regio’s. Na bijschaven en meten is de techniek klaar voor bredere uitrol.

planner

Hoewel de voordelen groot zijn, benadrukken leveranciers dat AI nooit zonder duidelijke kaders wordt ingezet. Data wordt geanonimiseerd en verwerkt volgens de AVG, en belangrijke beslissingen blijven uiteindelijk bij de mens liggen. “AI is geen vervanging van de planner, maar een slimme co-piloot,” aldus een betrokken ontwikkelaar.

Illustratie: © Pitane Blue

Onder de motorkap draait de innovatie op een robuuste architectuur waarin data en intelligentie samenkomen. Een mooi voorbeeld is Pitane Link, de technologie die de verbinding vormt tussen voertuigen, planners, chauffeursapps en externe systemen.

Het bijzondere is dat Pitane Link met elke update slimmer is. Door feedbackloops uit de praktijk leert het systeem continu van nieuwe ritgegevens, verkeerspatronen en klantinteracties. Waar het vandaag nog een rit toewijst op basis van afstand en verwachte aankomsttijd, kan het morgen ook rekening houden met historische voorkeuren van passagiers, de rijstijl van de chauffeur of de kans op een vervolgopdracht.

Zo groeit software uit tot een zelflerende infrastructuur die niet alleen gegevens uitwisselt, maar ook actief meedenkt met vervoerders. Elke update is daarmee niet alleen een technische verbetering, maar ook een stap richting een steeds intelligenter mobiliteitsnetwerk.

Transdev blijft vervoerder : rechter fluit Qbuzz opnieuw terug in concessiestrijd

De juridische strijd om het busvervoer in de provincie Utrecht heeft geen onverwachte wending gekregen.

De voorzieningenrechter in Den Haag heeft het verzoek van Qbuzz om de concessieverlening aan Transdev voorlopig op te schorten, resoluut van tafel geveegd. Daarmee blijft de concessie voor het openbaar vervoer in het gebied Utrecht Binnen in handen van Transdev, ondanks hernieuwde pogingen van Qbuzz om dat besluit onderuit te halen.

Qbuzz, dat de gunning in eerste instantie verloor, stelde dat de inschrijving van Transdev gebaseerd zou zijn op plannen die in de praktijk niet uitvoerbaar zijn. Het zou onder meer gaan om onhaalbare tijdschema’s, problemen met laadinfrastructuur en vergunningen die volgens Qbuzz niet tijdig gerealiseerd konden worden. Volgens de vervoerder heeft Transdev bovendien op meerdere punten haar oorspronkelijke plannen aangepast, iets wat volgens hen in strijd is met de aanbestedingsregels.

argumentatie

De voorzieningenrechter liet zich niet overtuigen door deze argumentatie. Volgens de uitspraak, die op 6 augustus 2025 openbaar werd gemaakt, is er geen sprake van wezenlijke wijzigingen in het aanbod van Transdev. De rechter concludeerde dat de aanpassingen die Transdev heeft doorgevoerd – zoals het wijzigen van de locatie van de busremise en het terugbrengen van het aantal laadpunten – passen binnen de toegestane bandbreedte van de aanbestedingsleidraad.

“De aanbestedingsleidraad biedt expliciet ruimte voor onvoorziene omstandigheden, mits de inschrijving in de kern blijft voldoen aan de gestelde eisen,” aldus de voorzieningenrechter. Qbuzz voerde onder andere aan dat Transdev niet beschikte over de benodigde vergunningen op het moment van inschrijving en dat het realiseren van de benodigde laadinfrastructuur binnen de gestelde termijn niet haalbaar zou zijn. Maar volgens de rechter is het niet aan hem, maar aan de beoordelingscommissie om te beoordelen of een inschrijving uitvoerbaar is.

De rechter herhaalde bovendien dat in een eerdere uitspraak van 16 januari 2025 al was vastgesteld dat de inschrijving van Transdev aan de eisen voldeed. De nieuwe informatie die Qbuzz had ingebracht – waaronder recente vergunningen en wijzigingen in het plan van aanpak – gaf volgens de rechter geen aanleiding om dat oordeel te herzien.

In de uitspraak wordt ook verwezen naar de bredere context waarin Transdev opereert. Het bedrijf kampt, net als andere vervoerders, met structurele uitdagingen op het gebied van personeelstekorten en verduurzaming. Toch heeft Transdev volgens de rechter voldoende onderbouwd hoe zij met deze risico’s omgaat. “Het enkele feit dat een inschrijving ambitieus is, maakt die nog niet irreëel,” staat in de uitspraak te lezen.

geen sprake van

Een opvallend punt in de juridische strijd is dat Qbuzz eerder al naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven stapte. Ook die beroepsprocedure leverde Qbuzz niets op. In een uitspraak van het CBb van 6 augustus 2025 werd vastgesteld dat de provincie Utrecht de aanbestedingsprocedure correct heeft uitgevoerd en dat er geen sprake is van discriminatie of willekeur in de gunning aan Transdev.

Transdev heeft inmiddels laten weten blij te zijn met de bevestiging van de rechter. “Wij kunnen ons nu volledig richten op de uitvoering van het openbaar vervoer in Utrecht, in samenwerking met de provincie,” aldus een woordvoerder van het vervoersbedrijf. De provincie Utrecht zelf spreekt van een “duidelijke uitspraak die rust brengt in het concessieproces.”

nederlaag

Voor Qbuzz is het een nieuwe nederlaag in een langslepende strijd. Het bedrijf overweegt nog of verdere stappen volgen, al lijkt de juridische ruimte daarvoor uiterst beperkt nu zowel de voorzieningenrechter als het CBb geen reden zien om de gunning aan Transdev ongedaan te maken.

Met de uitspraak lijkt de weg definitief vrij voor Transdev om de concessie voor de komende jaren gestalte te geven. Daarmee komt er voorlopig een einde aan een hoogoplopende strijd om een miljardencontract dat van groot belang is voor de toekomst van duurzaam en betrouwbaar openbaar vervoer in de provincie Utrecht.