Sneeuw en strenge vorst: reizigers gewaarschuwd voor vertragingen en uitval

Het winterweer zet dit weekend opnieuw stevig door en dat blijft niet zonder gevolgen voor het treinverkeer in Nederland.

Het KNMI verwacht zaterdag 10 januari vanaf de ochtend nieuwe sneeuwval, terwijl in de nacht van zaterdag op zondag strenge vorst wordt voorspeld. Die combinatie van sneeuw, ijs en lage temperaturen zorgt traditiegetrouw voor extra uitdagingen op en rond het spoor. Reizigers moeten daardoor rekening houden met vertragingen, uitval van treinen en aangepaste dienstregelingen.

spoor

Sneeuw en vorst vormen een bekend risico voor het spoor. Wissels kunnen door sneeuw en ijs vastlopen, waardoor ze niet meer goed schakelen. Daarnaast kan bij vorst en veel vocht in de lucht ijsvorming ontstaan op de bovenleiding. Dat heeft directe gevolgen voor de stroomvoorziening van treinen. ProRail zet daarom extra ploegen in die dag en nacht klaarstaan om storingen zo snel mogelijk te verhelpen. Toch blijkt de praktijk weerbarstig, omdat gladheid het soms lastig maakt om met voertuigen of materieel snel op de juiste plek te komen. Dat kan ertoe leiden dat het oplossen van een storing meer tijd kost dan gewenst.

onderhoud

Naast het winterweer speelt ook gepland onderhoud een rol. Werkzaamheden aan het spoor zijn noodzakelijk om het treinverkeer nu en in de toekomst veilig en betrouwbaar te houden. Dit weekend gaan die werkzaamheden, ondanks de winterse omstandigheden, zo goed mogelijk door. Dat betekent wel dat op sommige trajecten extra beperkingen gelden. Rond Schiphol is bijvoorbeeld sprake van een aangepaste treindienst door werkzaamheden, wat voor reizigers tot langere reistijden of extra overstappen kan leiden.

Reizigers krijgen daarom het dringende advies hun reis goed voor te bereiden en kort voor vertrek de reisplanner te raadplegen. De situatie kan door het weer snel veranderen en actuele informatie is essentieel. Om zo dicht mogelijk aan te sluiten bij de weersverwachting wordt zondag 11 januari bekendgemaakt hoe de verwachte treindienst voor maandag 12 januari eruit zal zien.

NS rijdt dit weekend volgens een winterdienstregeling. Dat houdt in dat op vrijwel alle trajecten minimaal twee treinen per uur rijden en op sommige drukke lijnen zelfs vier. In totaal wordt ongeveer tachtig procent van de normale dienstregeling uitgevoerd. Deze aanpak moet zorgen voor een stabielere dienst bij winterweer, maar heeft ook nadelen. Sommige reizigers moeten vaker overstappen en zijn langer onderweg. Daarnaast kunnen treinen drukker zijn dan normaal, vooral tijdens piekmomenten.

vervoerders

Ook andere vervoerders passen hun dienstregeling aan. Goederenvervoerders ondervinden veel hinder van de sneeuw en proberen met maatwerk toch zoveel mogelijk treinen te laten rijden. Internationale reizigersvervoerders en regionale vervoerders rijden eveneens volgens aangepaste schema’s.

Arriva meldt dat in de noordelijke regio op de meeste lijnen een uurdienstregeling wordt gereden. Alleen op de trajecten Groningen–Leeuwarden en Groningen–Winschoten blijft twee keer per uur een trein rijden. Nachttreinen vanuit Groningen en Zwolle naar Schiphol rijden dit weekend niet vanwege het winterweer. In de regio oost en in Limburg geldt de normale weekenddienstregeling.

Keolis verwacht op de trajecten Zwolle–Kampen en Zwolle–Enschede de normale dienstregeling te kunnen rijden. Ook op de lijn Amersfoort–Ede-Wageningen wordt uitgegaan van een normale dienst, al bestaat de kans dat korte ritten tussen Amersfoort en Barneveld-Zuid vervallen. Door het winterweer was de werkplaats de afgelopen dagen moeilijk bereikbaar, waardoor noodzakelijk onderhoud aan treinmaterieel is uitgesteld. Dat onderhoud wordt waar mogelijk dit weekend ingehaald.

Qbuzz gaat er op de MerwedeLingelijn vanuit dat de normale weekenddienstregeling kan worden gereden. Voor internationale treinen geldt dat reizigers kort voor vertrek de reisplanner moeten raadplegen voor de meest actuele informatie.

Prorail

ProRail heeft voor dit weekend extra sneeuw- en storingsploegen stand-by staan. Ondanks deze inzet kan het winterweer toch leiden tot vertragingen, uitval van treinen of afwijkende vertrektijden. De boodschap aan reizigers blijft daarom duidelijk: bereid de reis goed voor en controleer vlak voor vertrek altijd de actuele reisinformatie.

Tekort aan parkeerplekken: chauffeurs behandeld als daklozen in Vlaardingen

De manier waarop de gemeente Vlaardingen omgaat met vrachtwagenchauffeurs zorgt voor groeiende woede en onbegrip in de transportsector.

Wat officieel wordt gepresenteerd als handhaving tegen buitenslapen, blijkt in de praktijk vooral een financiële val voor hardwerkende chauffeurs die simpelweg hun verplichte rust nemen. Volgens het online magazine BIGtruck worden in Vlaardingen de meeste boetes voor buitenslapen niet uitgedeeld aan daklozen, maar juist aan vrachtwagenchauffeurs die in hun cabine overnachten. Daarmee worden chauffeurs feitelijk op één hoop gegooid met daklozen, met boetes tot gevolg die kunnen oplopen tot honderden euro’s.

beboet

Lokale omroep Twee meldde dat in 2024 maar liefst driekwart van alle boetes voor buitenslapen in Vlaardingen is uitgedeeld aan vrachtwagenchauffeurs. Zij werden beboet omdat zij in hun voertuig verbleven. De gemeente hanteert daarbij een zeer ruime definitie van ‘buiten slapen’. Sinds 2013 is het binnen de gemeentegrenzen verboden om te overnachten in voertuigen of op de openbare weg. Deze maatregel was oorspronkelijk bedoeld om overlast tegen te gaan van dakloze arbeidsmigranten die door malafide werkgevers op straat werden gezet. In de praktijk treft deze regel vooral werkende chauffeurs die geen enkele andere optie hebben.

Wat begint als een administratieve verplichting om rust te nemen, eindigt steeds vaker in schrijnende en gevaarlijke situaties. Chauffeurs die de wet willen naleven, worden geconfronteerd met boetes, gesloten parkeerplaatsen en een gebrek aan begrip. Zolang structurele oplossingen uitblijven, blijven vluchtstroken en bedrijventerreinen het stille toneel van een probleem dat dagelijks levens op het spel zet.

De situatie wordt extra schrijnend door het verdwijnen van voorzieningen voor chauffeurs in Vlaardingen. Afgelopen juli sloot chauffeurscafé The Pittstop definitief de deuren. Tegelijkertijd werd het vrachtwagens verboden om nog langer te parkeren bij de bijbehorende parkeerplaatsen aan de Koningin Wilhelminahaven. Een alternatief werd niet aangeboden. Daarmee ontstond een bizarre situatie waarin de gemeente geen enkele legale parkeermogelijkheid voor vrachtwagens faciliteert, maar wel actief boetes uitdeelt aan chauffeurs die noodgedwongen ergens stil gaan staan. 

Foto: © Pitane Blue – Transport over de weg

Dat dit beleid zonder schaamte wordt uitgevoerd, onderstreept volgens velen hoe gering het respect voor vrachtwagenchauffeurs in Nederland nog altijd is, ondanks alle mooie woorden en publiekscampagnes.

Vrachtwagenchauffeurs zijn gebonden aan strikte Europese rij- en rusttijden. Na maximaal viereneenhalf uur rijden is een pauze van minimaal 45 minuten verplicht en per dag mag niet langer dan negen uur worden gereden. Deze regels worden nauwgezet gecontroleerd via de digitale tachograaf. Overtredingen leiden tot forse boetes. De Inspectie Leefomgeving en Transport deelt jaarlijks duizenden sancties uit aan chauffeurs die hun rijtijd overschrijden. Wie te lang doorrijdt, riskeert per overtreding honderden euro’s boete.

regelgeving

In de praktijk botsen deze regels steeds vaker met de werkelijkheid op de weg. Chauffeurs die hun rust willen nemen, ontdekken dat parkeerplaatsen vol zijn of simpelweg niet bestaan. “Op een gegeven moment heb je geen keuze meer. Of je stopt op de pechstrook, of je overtreedt de wet,” zegt chauffeur Chris Bunkers uit Limburg. “Ik kies voor het minst gevaarlijke van de twee.” Wat voor de chauffeur voelt als een noodzakelijke beslissing, kan echter grote gevolgen hebben.

Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid en Rijkswaterstaat waarschuwen al jaren voor de risico’s van stilstaande voertuigen op de pechstrook. In 2024 vonden volgens beschikbare gegevens meer dan zestig incidenten plaats waarbij vrachtwagens betrokken waren die op de vluchtstrook geparkeerd stonden. In meerdere gevallen liep dit af met dodelijke ongevallen. De structurele parkeerproblematiek vormt daarmee niet alleen een logistiek probleem, maar ook een direct gevaar voor de verkeersveiligheid.

parkeerplaatsen

Brancheorganisatie Transport en Logistiek Nederland becijfert dat Nederland momenteel een tekort heeft van ruim 4.400 vrachtwagenparkeerplaatsen. Vooral langs internationale corridors en bij grote logistieke knooppunten is de druk extreem hoog. Ook in omliggende landen zoals België en Duitsland is de situatie nijpend. Europese studies laten zien dat slechts één op de drie chauffeurs ’s nachts een veilige parkeerplek weet te vinden. Dat leidt tot stress, vermoeidheid en gevaarlijke situaties op de weg.

Uit de raadsmemo blijkt nu dat het grootste deel van de boetes voor buitenslapen niet naar daklozen gaat, maar naar vrachtwagenchauffeurs.

De sector heeft al eerder aan de bel getrokken en een verbeterplan aangeboden aan de toenmalige verantwoordelijke minister. Daarin wordt gepleit voor de snelle aanleg van extra parkeerplaatsen met basisvoorzieningen en beveiliging. Volgens de initiatiefnemers is uitstel onverantwoord. “De verkeersveiligheid is in het geding. We kunnen niet wachten tot het volgende ongeluk zich aandient,” staat in de aanbiedingsbrief.

Winterdienstregeling: opnieuw aangepaste dienstregeling bij NS

Vrijdag 9 januari blijft het winterse weer Nederland in zijn greep houden en dat heeft opnieuw gevolgen voor het treinverkeer.

NS heeft besloten om ook op deze dag de winterdienstregeling van kracht te laten zijn. Die keuze volgt op de verwachting van aanhoudende sneeuwval en stevige windstoten, vooral in de drie noordelijke provincies. De vervoerder wil met deze aangepaste dienstregeling voorkomen dat het spoorverkeer in grote delen van het land ontregeld raakt door winterse storingen.

winterdienstregeling

Reizigers moeten er rekening mee houden dat op vrijwel alle trajecten minimaal twee treinen per uur blijven rijden. Op sommige drukke verbindingen gaat het zelfs om vier treinen per uur. Tegelijkertijd betekent de winterdienstregeling dat op een aantal trajecten minder treinen worden ingezet dan gebruikelijk. Daardoor kunnen overstappen vaker nodig zijn en kan de totale reistijd oplopen. NS waarschuwt bovendien dat treinen drukker kunnen zijn dan reizigers gewend zijn, doordat ritten worden samengevoegd en het materieel soms korter is.

De grootste aanpassing vindt plaats in het noorden van het land. In de nacht voorafgaand aan vrijdag wordt daar veel sneeuwval verwacht in combinatie met harde wind. Om te voorkomen dat eventuele storingen in deze regio het treinverkeer in de rest van Nederland beïnvloeden, heeft NS besloten het treinverkeer boven Zwolle los te koppelen van de overige dienstregeling. Dat betekent concreet dat tussen Zwolle en Groningen en tussen Zwolle en Leeuwarden uitsluitend Sprinters rijden. Reizigers die vanuit Groningen, Friesland of Drenthe verder het land in willen reizen, of juist vanuit andere regio’s naar het noorden gaan, moeten daardoor extra overstappen op station Zwolle.

internationaal

Ook voor internationale treinreizigers zijn er aanpassingen. De meeste internationale treinen proberen volgens de reguliere dienstregeling te rijden, maar de Eurocity Direct vormt een uitzondering. Deze trein rijdt vrijdag niet. NS benadrukt dat deze maatregel noodzakelijk is om de betrouwbaarheid van de overige internationale verbindingen zo groot mogelijk te houden tijdens het winterse weer.

De aangepaste dienstregeling blijft waarschijnlijk niet beperkt tot vrijdag alleen. NS volgt de weersontwikkelingen nauwgezet, maar benadrukt dat de situatie onvoorspelbaar is. Op basis van de huidige verwachtingen gaat de vervoerder ervan uit dat ook in het weekend een aangepaste dienstregeling nodig zal zijn. Reizigers die plannen hebben voor zaterdag of zondag wordt aangeraden hier alvast rekening mee te houden.

Foto: © Pitane Blue – stationsbord

Met de winterdienstregeling probeert NS grip te houden op een complexe situatie waarin sneeuw, wind en kou het spoorverkeer blijven uitdagen. Voor reizigers betekent het vooral extra alertheid, flexibiliteit en het regelmatig controleren van de actuele reisinformatie.

Achter de schermen wordt intensief samengewerkt om het spoor zo goed mogelijk beschikbaar te houden. NS en ProRail hebben extra maatregelen getroffen en storingsploegen staan paraat. Bij ProRail zijn extra sneeuw- en storingsploegen ingezet om wisselstoringen snel te verhelpen. Ondanks deze voorzorgsmaatregelen kan het voorkomen dat treinen uitvallen of vertraging oplopen. De spoorbedrijven benadrukken dat veiligheid en betrouwbaarheid vooropstaan bij alle beslissingen die worden genomen.

NS-reisplanner

NS roept reizigers op om vlak voor vertrek altijd de NS-reisplanner te raadplegen of meldingen in de NS-app aan te zetten. Door de winterdienstregeling kunnen treinen op andere tijden rijden, vanaf andere sporen vertrekken of met ander materieel worden ingezet dan normaal. Ook kan het voorkomen dat treinen korter zijn dan gebruikelijk, wat invloed heeft op de beschikbare zitplaatsen.

Voor reizigers die te maken krijgen met vertraging verandert er niets aan de bestaande regelingen. Tijdens de winterdienstregeling blijft de reguliere regeling Geld terug bij vertraging van kracht. Wie door de aangepaste dienstregeling of winterse omstandigheden te laat op de eindbestemming aankomt, kan dus onder dezelfde voorwaarden een vergoeding aanvragen.

Nieuwe subsidieregelingen: duurzaam vervoer krijgt stevige impuls

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland opent in 2026 opnieuw een brede reeks subsidieregelingen die de overstap naar schoon en emissieloos vervoer moeten versnellen.

De regelingen worden uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en richten zich op ondernemers, vervoerders en exploitanten van laadinfrastructuur. Met gerichte financiële steun wil het kabinet investeringen in elektrische mobiliteit, waterstof en laadinfrastructuur verder aanjagen en de positie van Nederland als voorloper op het gebied van duurzaam vervoer versterken.

De noodzaak voor deze ondersteuning is volgens het ministerie duidelijk zichtbaar in de praktijk. Bedrijven staan steeds vaker open voor verduurzaming, maar lopen daarbij tegen hoge aanvangsinvesteringen aan. Staatssecretaris Thierry Aartsen, verantwoordelijk voor Openbaar Vervoer en Milieu, verwoordt dit als volgt: “We zien dat bedrijven willen verduurzamen, maar dat de benodigde investeringen soms groot zijn. Met deze regelingen helpen we ondernemers op weg en zorgen we ervoor dat Nederland koploper blijft in schoon vervoer.” Die boodschap vormt de rode draad in het subsidieaanbod dat begin 2026 van start gaat.

mkb-collectieven

Een van de eerste regelingen die wordt opengesteld is Collectieven Verduurzaming Werkgebonden Personenmobiliteit, beter bekend als COVER. Deze subsidie is specifiek bedoeld voor mkb-collectieven zoals branche- en bedrijvenverenigingen, BIZ’en, winkeliersverenigingen en parkmanagers van bedrijventerreinen. Het doel is om het woon-werkverkeer en het zakelijke verkeer structureel te verduurzamen door gezamenlijk op te trekken. Daarbij kan worden gedacht aan het stimuleren van slimmer reizen, het gezamenlijk inkopen van fietsen of elektrische voertuigen, het opzetten van deelvervoer of het maken van afspraken over thuiswerken. Door collectieven te ondersteunen wil het kabinet schaalvoordelen benutten en gedragsverandering bevorderen. De regeling opent op 13 januari 2026.

Kort daarna volgt de Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij Bedrijven, oftewel SPriLa. Met deze regeling ondersteunt de overheid bedrijven en ondernemers bij de aanleg van private laadinfrastructuur en batterijopslag op eigen terrein. Het beschikbare budget bedraagt 87,5 miljoen euro. De belangstelling voor deze regeling blijkt groot, want sinds de eerste openstelling in september 2024 is al voor ongeveer 12.500 laadstations subsidie aangevraagd. Dat onderstreept volgens betrokken partijen de groeiende behoefte aan betrouwbare laadvoorzieningen bij bedrijven. SPriLa gaat open op 20 januari 2026.

snellaadvoorzieningen

Voor het zware vervoer is er de Subsidieregeling Publieke Laadinfrastructuur zwaar vervoer, SPuLa genoemd. Deze regeling richt zich op het realiseren van publiek toegankelijke laadlocaties voor vrachtwagens en ander zwaar elektrisch vervoer. Door te investeren in een landelijk dekkend netwerk van snellaadvoorzieningen moet het voor vervoerders eenvoudiger worden om de overstap naar elektrisch rijden te maken. Sinds de eerste openstelling in 2024 zijn al meer dan 300 laadstations gesubsidieerd, verspreid over 45 locaties in Nederland. Voor 2026 is een budget van 14,5 miljoen euro beschikbaar en de regeling opent op 3 februari.

Foto: Pitane Blue – Jonker Travel

Ook de touringcarsector krijgt gerichte ondersteuning via de subsidie emissieloze touringcars, STour. Deze regeling helpt touringcarbedrijven en OV-concessiehouders bij de aanschaf van elektrische touringcars door een deel van de meerkosten te vergoeden. Het uiteindelijke doel is om in de komende jaren 500 elektrische touringcars op de Nederlandse wegen te laten rijden en zo de transitie naar emissieloos touringcarvervoer te versnellen. Voor 2026 is 10 miljoen euro gereserveerd voor touringcarbedrijven en ruim 2 miljoen euro voor OV-concessiehouders. Aanvragen kunnen worden ingediend vanaf 10 februari 2026.

waterstof

Waterstof speelt eveneens een belangrijke rol in het subsidiebeleid. Met de Subsidieregeling Waterstof in Mobiliteit, SWiM, stimuleert het ministerie de ontwikkeling van waterstofmobiliteit, waaronder waterstoftankstations, waterstofvoertuigen en logistieke toepassingen. In eerdere openstellingen in 2024 en 2025 zijn via deze regeling al 7 nieuwe waterstoftankstations gerealiseerd, 7 bestaande stations uitgebreid en meer dan 700 waterstofvoertuigen ondersteund. Voor 2026 wordt, onder voorbehoud, een budget van 45 miljoen euro voorzien. De openstelling staat gepland voor het voorjaar van dat jaar.

Meer informatie over de verschillende regelingen en de voorwaarden voor het aanvragen van subsidie is te vinden via de kanalen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Met het pakket aan maatregelen hoopt het kabinet een stevige impuls te geven aan duurzame mobiliteit in alle sectoren van de economie.

Beluister ook onze podcast over dit onderwerp.

Schiphol verlamd door winterweer: reizigers voelen zich vergeten

Chaos op de nationale luchthaven en een slechte communicatie kan het wachten verergeren.

Sneeuwvlokken die zich ophopen op de startbanen, mist die het zicht beperkt en stormachtige windvlagen die de planning volledig overhoophalen: zodra het weer verslechtert, verandert Schiphol voor veel reizigers in een plek van onzekerheid en frustratie. De luchthaven, die normaal bekendstaat om haar efficiëntie en internationale allure, krijgt bij slecht weer steevast te maken met volle vertrekhallen, lange wachttijden en vooral een schrijnend gebrek aan duidelijke informatie. Reizigers ervaren niet alleen de impact van geannuleerde of vertraagde vluchten, maar voelen zich vooral in de steek gelaten doordat zij niet weten waar zij aan toe zijn.

vluchtschema

Het probleem ligt dieper dan een enkel communicatiefoutje. Deskundigen wijzen erop dat slecht weer onmiddellijk raakt aan de veiligheid van het vliegverkeer. Zodra sneeuw, mist of harde wind de omstandigheden op en rond de start- en landingsbanen beïnvloeden, moeten vliegtuigen meer afstand tot elkaar houden en kunnen bepaalde banen tijdelijk niet worden gebruikt. Het gevolg is dat het aantal vluchten per uur drastisch daalt. Die beperking werkt als een dominosteentje door het hele vluchtschema, waardoor vertragingen en annuleringen zich snel opstapelen.

Wat de situatie voor reizigers extra ingewikkeld maakt, is de versnipperde verantwoordelijkheid op de luchthaven. Schiphol zelf is niet de enige partij die beslissingen neemt. Luchtvaartmaatschappijen zoals KLM, de Luchtverkeersleiding Nederland, grondafhandelaars en weerdiensten spelen allemaal een rol in het proces. Elke organisatie werkt met eigen systemen, procedures en besluitvormingsmomenten. Daardoor kan informatie elkaar overlappen, achterlopen of zelfs tegenspreken.

onzekerheid

Een luchthavenwoordvoerder benadrukt dat die voorzichtigheid niet zonder reden is. “Een vlucht is niet zomaar geannuleerd. Tot het laatste moment wordt gekeken of vertrek veilig mogelijk is. Pas als dat zeker niet kan, volgt definitieve communicatie.” Die werkwijze is bedoeld om onnodige annuleringen te voorkomen, maar heeft als keerzijde dat reizigers soms urenlang in onzekerheid blijven. Terwijl de ene melding nog hoop geeft, kan het volgende bericht diezelfde hoop weer wegnemen.

Foto: © Pitane Blue – startbaan

Deskundigen pleiten al langer voor één centraal informatiepunt op de luchthaven, waar alle betrokken partijen hun actuele beslissingen bundelen. Snellere en eerlijkere communicatie, ook wanneer nog niet alles vaststaat, zou veel onrust kunnen wegnemen. Slecht weer is overmacht, maar onduidelijkheid hoeft dat niet te zijn.

Ook de informatiesystemen op de luchthaven blijken minder actueel dan veel passagiers verwachten. Vertrekborden, apps en omroepinstallaties zijn vaak afhankelijk van updates van luchtvaartmaatschappijen. Wanneer de situatie snel verandert, kan het gebeuren dat schermen iets anders laten zien dan wat medewerkers aan de balie op dat moment weten. Reizigers lopen dan van bord naar balie en weer terug, zonder een eenduidig antwoord te krijgen.

overbelast

De druk op het personeel neemt in zulke situaties enorm toe. Wanneer tientallen of zelfs honderden vluchten tegelijkertijd uitvallen, raken balies en callcenters overbelast. Medewerkers moeten continu schakelen tussen nieuwe besluiten, veranderende planningen en emotionele passagiers die duidelijkheid eisen. Persoonlijke uitleg schiet er dan vaak bij in, simpelweg omdat de tijd en capaciteit ontbreken.

Voor reizigers voelt het daardoor alsof niemand de regie heeft. De combinatie van strikte veiligheidsregels, versnipperde besluitvorming en informatiesystemen die achter de feiten aanlopen, zorgt voor een ervaring die als kil en onpersoonlijk wordt ervaren. Juist op momenten waarop duidelijkheid het hardst nodig is, blijft die uit.

Ontregelt treinverkeer: Nederland hapert en Zwitserland rijdt door

Een paar centimeter sneeuw blijkt in Nederland vaak al genoeg om het treinverkeer flink te ontregelen.

Reizigers worden geconfronteerd met uitgevallen treinen, vastgelopen wissels en een noodregeling die het land urenlang in zijn greep kan houden. Terwijl het Nederlandse spoor zucht onder lichte winterse omstandigheden, rijden treinen in Zwitserland ogenschijnlijk onverstoorbaar door bij hevige sneeuwval in bergachtig gebied. Dat contrast roept al jaren vragen op en raakt aan fundamentele keuzes in de inrichting van het spoor.

weinig routine

Het verschil begint bij de rol die sneeuw speelt in het dagelijks spoorbedrijf. In Nederland is sneeuw een zeldzaam verschijnsel. Het spoor, het materieel en de organisatie zijn afgestemd op een gematigd zeeklimaat waarin winterweer slechts incidenteel voorkomt. Procedures voor sneeuw en ijs liggen grotendeels op de plank en worden maar sporadisch toegepast. Voor personeel betekent dat weinig routine en weinig oefening in het omgaan met winterse verstoringen. Installaties staan het grootste deel van het jaar afgesteld op normaal weer en moeten plotseling omschakelen wanneer de temperatuur daalt.

Nederland is klein, vlak en dichtbevolkt. Steden en dorpen liggen relatief dicht bij elkaar en kennen intensieve onderlinge relaties op het gebied van werk, onderwijs en voorzieningen. Al vroeg ontstond daardoor de wens om vrijwel elke regio rechtstreeks en frequent per trein bereikbaar te maken. Het spoor werd niet alleen gezien als een verbinding tussen grote steden, maar als een fijnmazig openbaar vervoerssysteem voor het hele land.

Zwitserland kent een totaal andere realiteit. Daar is sneeuw geen incident, maar een vast onderdeel van het spoorbedrijf. De Schweizerische Bundesbahnen gaat bij het ontwerp van infrastructuur en materieel uit van langdurige kou, ijs en zware sneeuwval. Winterweer vormt er geen uitzondering, maar de norm. Dat uitgangspunt werkt door in alle lagen van het systeem, van techniek tot planning.

knelpunt

Op het Nederlandse spoor vormen wissels een bekend knelpunt. Veel wissels liggen open en dicht bij de grond, waardoor sneeuw en ijs vrij spel hebben. Wisselverwarming is niet overal aanwezig of onvoldoende krachtig wanneer de kou onverwacht toeslaat. Zodra één wissel vastvriest, kan dat grote gevolgen hebben. Het Nederlandse spoorwegnet is extreem dicht en intensief benut. Treinen volgen elkaar in hoog tempo op, met weinig ruimte om vertragingen op te vangen. Een kleine storing kan daardoor snel uitgroeien tot een landelijke ontregeling, waarbij omleiden of tijdelijk parkeren van treinen nauwelijks mogelijk is.

Illustratie: © Pitane Blue – spoorbeheer meer is dan techniek alleen

De eis van een dicht spoorwegnet komt voort uit een combinatie van geografische, maatschappelijke en economische keuzes die in Nederland al meer dan een eeuw geleden zijn gemaakt en sindsdien zijn doorontwikkeld.

In Zwitserland ligt de nadruk minder op maximale benutting en meer op robuustheid. Wissels zijn daar vaak beter afgeschermd of zelfs overdekt en beschikken over zware, soms dubbele verwarming. Op cruciale trajecten staan sneeuwploegen en railfrezen permanent paraat om het spoor vrij te houden. Ook het materieel is ontworpen om betrouwbaar te functioneren bij extreme kou en dikke sneeuwlagen. Storingen worden daarmee niet altijd voorkomen, maar hun impact blijft beperkt.

punctualiteit

De dienstregeling weerspiegelt diezelfde filosofie. Waar in Nederland wordt gereden op efficiëntie en punctualiteit tot op de minuut, bevat de Zwitserse dienstregeling bewust buffers. Treinen rijden minder strak op elkaar, waardoor vertragingen eenvoudiger kunnen worden opgevangen. Dat betekent een lagere theoretische capaciteit, maar levert in de praktijk een hogere betrouwbaarheid op, juist wanneer het weer tegenzit.

Achter deze verschillen schuilt ook een duidelijke kostenafweging. Investeren in zware wintervoorzieningen is duur en in Nederland maar een paar dagen per jaar volledig nodig. Daarom wordt het spoor hier ingericht op gemiddeld weer. In Zwitserland bestaat er politiek en maatschappelijk draagvlak voor hogere kosten per kilometer spoor. Betrouwbaarheid onder alle omstandigheden wordt gezien als een essentiële publieke waarde, ook als dat extra investeringen vergt.

spoorbeheer

Het contrast tussen Nederland en Zwitserland laat zien dat spoorbeheer meer is dan techniek alleen. Het weerspiegelt een keuze tussen efficiëntie en robuustheid. Zolang sneeuw in Nederland een uitzondering blijft en het spoor vooral is geoptimaliseerd voor goede omstandigheden, zal een winterse dag het systeem kwetsbaar houden. Zelfs een dunne laag sneeuw kan dan voldoende zijn om het treinverkeer tot stilstand te brengen.

U kunt ook luisteren naar onze podcast over dit onderwerp.

Op naar vervoerseilanden: bussen verdwijnen en flexvervoer blijft achter

De balans, twee jaar later: minder haltes, minder bereikbaarheid – vooral op het platteland.

Twee jaar na de invoering van wat door de Vlaamse regering en De Lijn zelf werd aangekondigd als de grootste hervorming ooit, blijft de balans bijzonder scherp. De tweede fase van de zogenoemde basisbereikbaarheid moest het openbaar vervoer in Vlaanderen efficiënter, flexibeler en beter afgestemd op de vraag maken. Dag op dag twee jaar geleden werd het nieuwe systeem uitgerold, met grote gevolgen voor reizigers, lokale besturen en het dagelijkse mobiliteitsleven in steden en gemeenten.

De kern van de hervorming bestond uit een duidelijke keuze. Het aanbod van bussen en trams zou niet langer overal gelijk zijn, maar mee evolueren met het aantal reizigers. Waar meer mensen gebruikmaken van het openbaar vervoer, zouden extra ritten worden voorzien. Waar minder vraag is, zou het aanbod worden afgebouwd. Volgens de toenmalige Vlaamse minister van Mobiliteit Lydia Peeters van Open VLD was dat noodzakelijk. “We willen de vraag meer volgen en de middelen efficiënt inzetten waar ze nodig zijn”, klonk het bij de voorstelling van het plan. Het uitgangspunt was helder, de praktijk bleek complexer.

flexvervoer

In heel Vlaanderen verdwenen 3.247 bushaltes, goed voor zeventien procent van het totale aantal. Bussen moesten vaker op hoofdwegen blijven om sneller en stipter te rijden. Haltes in woonstraten of afgelegen dorpskernen verdwenen, met de belofte dat flexvervoer het gat zou opvullen. Reizigers die geen vaste buslijn meer hadden, konden een flexbus reserveren, vooraf en op aanvraag. Zo zouden busjes niet langer leeg rondrijden, maar precies daar komen waar iemand ze nodig had.

Twee jaar later is het enthousiasme bij veel lokale besturen volledig weggeëbd. Burgemeester Kenneth Taylor van Wichelen spaart zijn kritiek niet. “De basisbereikbaarheid voor iedereen is er niet op vooruitgegaan”, zegt hij in een reactie bij VRT NWS. Hij wijst erop dat zijn gemeente weinig tot geen inspraak had in beslissingen die nochtans grote impact hebben op het dagelijkse leven van inwoners. “Onze vervoersregio Aalst heeft dit plan niet goedgekeurd. De grootste beslissingen voor mijn gemeente worden trouwens genomen in de vervoersregio Gent, en ik heb helemaal geen vat daarop. De inspraak die wij zouden hebben, is een lege doos.”

Twee jaar na de invoering blijft de vraag hangen of de basisbereikbaarheid werkelijk iedereen bereikt, of vooral een rekensom is geworden waarin efficiëntie zwaarder weegt dan toegankelijkheid.

Het gevoel van machteloosheid leeft niet alleen in Wichelen. In verschillende landelijke gemeenten wordt gesproken over ‘vervoerseilanden’, plekken waar inwoners zonder auto nauwelijks nog van A naar B geraken. In Assenede rijden er bijvoorbeeld wel bussen, maar vooral tijdens de ochtendspits voor schoolgaande kinderen. Overdag, in het weekend en tijdens schoolvakanties valt het aanbod in sommige deelgemeenten bijna volledig stil. Volgens De Lijn is het niet mogelijk om een bus met een beperkte omrijtijd van tien minuten extra haltes te laten bedienen, omdat dat de efficiëntie van het netwerk zou ondermijnen.

budgetneutraal

De hervorming werd van bij het begin als budgetneutraal voorgesteld. Dat betekende dat er geen extra middelen beschikbaar kwamen. Nieuwe lijnen of extra ritten konden enkel als er elders werd bespaard. Dat uitgangspunt blijft zwaar doorwegen op het systeem. Het flexvervoer, bedoeld als vangnet, blijkt ondertussen een zorgenkind. Het aantal gebruikers blijft beperkt, terwijl de kosten oplopen door lege kilometers. Vorig jaar raakte bekend dat flexbusjes gemiddeld slechts 1,2 reizigers vervoeren. Dat cijfer voedt de kritiek dat het systeem zijn doel mist en vooral op papier goed klinkt.

Voor veel reizigers voelt de hervorming als een stap achteruit. De afstand tot de dichtstbijzijnde halte is groter geworden, het plannen van een verplaatsing vraagt meer voorbereiding en spontaniteit lijkt verdwenen. Lokale besturen klagen dat ze verantwoordelijk worden gehouden door hun inwoners, terwijl ze zelf nauwelijks beslissingsmacht hadden. 

TUI fly: tweede repatriëringsvlucht richting Curaçao en Bonaire

De luchtvaartmaatschappij TUI fly zet woensdag een tweede repatriëringsvlucht in om gestrande reizigers van de Antillen terug te halen.

Daarmee probeert de maatschappij de gevolgen te verzachten van de plotselinge verstoringen in het vliegverkeer richting het Caribische gebied. De beslissing volgt op de onrust die ontstond nadat zaterdag meerdere vluchten naar Curaçao geen doorgang konden vinden als gevolg van de ontwikkelingen in Venezuela. De extra vlucht van woensdag zal niet alleen Curaçao aandoen, maar ook Bonaire, zodat een bredere groep reizigers de kans krijgt alsnog te vertrekken.

De situatie zorgde in het weekend voor grote onzekerheid onder vakantiegangers die zich op de Antillen bevonden of juist onderweg waren naar hun bestemming. Verschillende passagiers zagen hun reisplannen abrupt veranderen, terwijl zij al op de luchthaven waren of zelfs al ingecheckt hadden. De maatschappij bevestigde aan het ANP na berichtgeving door De Telegraaf dat er extra maatregelen nodig waren om de ontstane achterstand weg te werken en reizigers perspectief te bieden.

repatriëringsvlucht

Zondag werd al duidelijk dat niet alleen TUI fly, maar ook KLM en Corendon extra vliegtuigen richting het Caribische gebied zouden sturen. Deze maatschappijen probeerden daarmee gedupeerden alsnog op hun bestemming te krijgen of juist terug naar Nederland te brengen. De eerste repatriëringsvlucht van TUI fly vertrok eveneens op zondag. Al snel bleek dat deze vlucht onvoldoende capaciteit had om iedereen mee te nemen die door het wegvallen van de zaterdagvluchten was getroffen. Daardoor bleef een aanzienlijke groep reizigers achter, in afwachting van nieuwe oplossingen.

Foto: © Pitane Blue – TUI busvervoer

De tweede repatriëringsvlucht van woensdag moet verlichting brengen, al is nog niet zeker of dit voldoende zal zijn. Een woordvoerster van TUI fly gaf aan dat nog niet kan worden gezegd of een derde extra vlucht noodzakelijk zal blijken. Dat hangt volgens haar af van het aantal reizigers dat gebruikmaakt van de tweede vlucht. Daarbij speelt ook mee dat sommige passagiers inmiddels hebben gekozen voor alternatieve reisopties. Reizigers van wie de vlucht zaterdag werd geannuleerd, konden bijvoorbeeld hun boeking laten omzetten naar een reguliere vlucht op een later moment, of in sommige gevallen zelfs besluiten hun reis volledig te annuleren of te verplaatsen.

noodmaatregelen

De gebeurtenissen illustreren hoe kwetsbaar internationale luchtverbindingen kunnen zijn voor politieke en maatschappelijke ontwikkelingen in andere delen van de wereld. Voor de getroffen reizigers betekende dit dagen van onzekerheid, extra verblijfskosten en het voortdurend aanpassen van plannen. Tegelijkertijd proberen luchtvaartmaatschappijen met noodmaatregelen, zoals extra vluchten, de schade zoveel mogelijk te beperken en het vertrouwen van hun klanten te behouden.

Op de luchthavens op de Antillen werd intussen rekening gehouden met extra drukte door de komst van de repatriëringsvluchten. Medewerkers stonden voor de taak om reizigers te informeren en in goede banen te leiden, terwijl veel passagiers zichtbaar opgelucht waren toen duidelijk werd dat er alsnog mogelijkheden kwamen om te vertrekken. De komende dagen zal blijken of de ingezette capaciteit voldoende is, of dat er opnieuw ingegrepen moet worden om iedereen te helpen.

Bussen stil en examens afgelast: sneeuw zorgt voor ontwrichtende maandag

Op Schiphol heerst maandag grote chaos door aanhoudende sneeuwval, waardoor inmiddels al ongeveer 450 vluchten zijn geannuleerd.

De luchthaven waarschuwt dat dit aantal in de loop van de dag verder kan oplopen. Reizigers krijgen het dringende advies om voor vertrek naar de luchthaven de actuele vluchtinformatie te controleren. Ook wordt aangeraden rechtstreeks contact op te nemen met de luchtvaartmaatschappij voor de meest recente stand van zaken. Volgens Schiphol is de situatie onzeker en sterk afhankelijk van de weersontwikkelingen gedurende de dag.

regionale verschillen

Niet alleen het vliegverkeer ondervindt grote hinder van het winterweer. Ook op de Nederlandse wegen zijn de gevolgen duidelijk merkbaar. Rijkswaterstaat meldt grote regionale verschillen in de overlast. Rond Amsterdam blijven de problemen vooralsnog beperkt tot enkele korte files. In en rondom Utrecht is de situatie aanzienlijk ernstiger. Daar is het verkeer op veel plaatsen volledig vastgelopen door gladheid en sneeuwophoping. Automobilisten worden gewaarschuwd extra voorzichtig te zijn en, waar mogelijk, thuis te blijven.

Het openbaar vervoer kampt eveneens met grote problemen. In verschillende delen van het land rijden bussen helemaal niet. In Friesland staan alle bussen van vervoerder Keolis stil. Ook in de provincie Utrecht is het busverkeer volledig stilgelegd. Een regiomanager van Keolis licht de beslissing toe en zegt letterlijk: “We ervaren problemen door de gladheid en vinden het daarom niet verantwoord om de weg op te gaan. Een bus is een groot en zwaar voertuig, dan heb je extra last van die gladheid.” De veiligheid van passagiers en personeel staat volgens het bedrijf voorop.

geen bussen

Tot 12.00 uur rijden er op veel plaatsen helemaal geen bussen. Na dat tijdstip wordt bekeken of het weer en de wegomstandigheden het toelaten om de dienstregeling gedeeltelijk te hervatten. De vooruitzichten blijven echter somber. Volgens de weersverwachtingen blijft er de komende dagen sneeuw vallen, waardoor de kans groot is dat opnieuw ritten zullen uitvallen en reizigers rekening moeten houden met verdere verstoringen.

KLM vloot te Schiphol

Ook vervoerder Transdev heeft ingegrepen. In en rondom de stad Utrecht blijven de bussen maandagochtend binnen. Om 08.00 uur wordt besloten of het verantwoord is om de chauffeurs alsnog de weg op te sturen. Tot dat moment moeten reizigers in de regio Utrecht alternatieven zoeken of hun reis uitstellen.

examens

De gevolgen van het winterweer reiken verder dan vervoer alleen. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen heeft bekendgemaakt dat alle geplande praktijkexamens voor de motor en bromfiets vandaag niet doorgaan. In totaal gaat het om 616 examens. Het CBR verklaart hierover: “De maatregel wordt genomen vanwege de verwachte sneeuwvoorspelling in combinatie met de kwetsbaarheid op motor en bromfiets bij gladheid.” Kandidaten worden rechtstreeks geïnformeerd over het afgelasten van hun examen.

Andere examens gaan in principe wel door. Zowel theorie-examens als praktijkexamens voor andere voertuigen vinden over het algemeen doorgang. Wel kan dit lokaal veranderen, afhankelijk van de weersituatie ter plaatse. In dat geval worden kandidaten tijdig op de hoogte gebracht. Toetsen of examens die door het winterweer niet kunnen doorgaan, kunnen versneld en kosteloos opnieuw worden ingepland.

moeilijke start

Het winterse weer zorgt zo voor een ontwrichtende start van de week. Luchtvaart, wegverkeer, openbaar vervoer en rijexamens worden allemaal geraakt door de sneeuwval en gladheid. Autoriteiten en vervoerders blijven de situatie nauwlettend volgen en benadrukken dat veiligheid voor alles gaat.

Sleeën vandaag files morgen: code geel houdt land in de greep

Nederland wordt vandaag wakker in een decor dat eerder doet denken aan een wintersportgebied dan aan een doorsnee doordeweekse dag.

Sneeuwvlokken dwarrelen uit de lucht en zorgen op veel plekken voor een wit tapijt. Voor liefhebbers van winterweer voelt het als een cadeautje, zeker voor kinderen die massaal de parken opzoeken om met hun slee van heuvels af te glijden. Gelach, rode wangen en natte wanten bepalen het straatbeeld, terwijl ouders toekijken hoe de winterpret zich vanzelf ontvouwt.

De idylle staat echter in scherp contrast met de realiteit die morgen weer begint. De eerste werkdag na de kerstvakantie staat voor de deur en dat betekent dat werkend Nederland en Vlaanderen opnieuw de wekker zetten. Thuiswerken is voor een deel van de bevolking een logische keuze, maar voor velen blijft woon-werkverkeer onvermijdelijk. De weersverwachtingen voorspellen weinig goeds voor het wegdek, waardoor de zorgen over bereikbaarheid toenemen.

storingen

Door de sneeuwval zijn op meerdere plekken in het land storingen ontstaan. Het spoorverkeer ondervindt hinder en op diverse trajecten rijden minder of geen treinen. Reizigers die uitwijken naar alternatief vervoer moeten rekening houden met extra wachttijd. Ook het busvervoer past zich aan de winterse omstandigheden aan en houdt rekening met uitval en vertraging. Wanneer treinen niet rijden, laat vervangend busvervoer vaak langer op zich wachten, wat vooral tijdens de ochtend- en avondspits voor extra drukte kan zorgen.

In het hele land is code geel van kracht tot dinsdagochtend vroeg. Volgens het weerinstituut is de kans groot dat er maandag diverse buien met hagel en natte sneeuw over het land trekken. Plaatselijk kan de sneeuw blijven liggen, vooral landinwaarts. Daar wordt gerekend op een sneeuwdek van één tot drie centimeter. Dat lijkt misschien onschuldig, maar in combinatie met lage temperaturen kan het verraderlijk zijn.

Foto: © Pitane Blue – winterse omstandigheden

De komende dagen blijft het opletten geblazen, want zolang de winter zich laat gelden, blijft gladheid een serieuze factor van betekenis.

Wegen zijn nat en kunnen in de loop van de dag en vooral in de avond en nacht bevriezen. Die overgang van nat naar glad maakt het verkeer onvoorspelbaar. Automobilisten krijgen het advies om hun rijstijl aan te passen en voldoende afstand te houden. Fietsers en voetgangers moeten extra alert zijn op gladde bruggen en fietspaden, waar een dun laagje ijs al snel voor gevaarlijke situaties kan zorgen.

thuiswerken

Ook werkgevers volgen de ontwikkelingen op de voet. Waar mogelijk wordt thuiswerken aangemoedigd om de druk op de wegen en het openbaar vervoer te verminderen. Toch zal een groot deel van de beroepsbevolking de weg op moeten. Dat betekent rekening houden met een langere reistijd en onverwachte vertragingen. De winterse omstandigheden vragen om geduld, iets wat na een vakantieperiode niet altijd vanzelfsprekend is.

Ondertussen blijft de sneeuw voor velen een welkome afwisseling. Kinderen benutten elk vrij moment om buiten te spelen en ook volwassenen staan even stil bij het winterse tafereel. De witte wereld zorgt voor rust en saamhorigheid, maar herinnert tegelijkertijd aan de kwetsbaarheid van het dagelijks verkeer.

TUI volgt KLM: geen vliegtuigen meer naar Curaçao Aruba en Bonaire

KLM, TUI en Corendon hebben hun vluchten zaterdag naar Caribisch Nederland geannuleerd, waardoor duizenden reizigers zijn gestrand.

De luchtvaartmaatschappij bevestigt dit besluit in een verklaring waarin wordt gewezen op de opgelegde beperkingen in het luchtruim rond de eilanden. De maatregel volgt op de toenemende spanningen in de regio en heeft directe gevolgen voor reizigers die van of naar de Caribische bestemmingen wilden vliegen. Met name het luchtruim bij Curaçao is gesloten, wat samenhangt met de gespannen situatie in het nabijgelegen Venezuela.

opgeschort

De beslissing van TUI en Corendon betekent dat ook de andere grote luchtvaartmaatschappij haar vluchten naar de populaire eilanden opschort. Eerder werd al bekend dat KLM soortgelijke stappen had genomen. Voor veel vakantiegangers en inwoners van de eilanden zorgt dit voor onzekerheid. Vluchten worden geannuleerd of uitgesteld, terwijl reizigers afhankelijk zijn van alternatieve routes of moeten wachten tot het luchtruim weer veilig wordt verklaard. De luchtvaartmaatschappijen benadrukken dat veiligheid altijd voorop staat en dat de situatie nauwlettend wordt gevolgd.

De spanningen in en rond Venezuela vormen de kern van de problematiek. Door de onrust in het land en de daaruit voortvloeiende risico’s is besloten het luchtruim bij Curaçao te sluiten. Dit heeft niet alleen gevolgen voor het lokale vliegverkeer, maar ook voor internationale verbindingen die normaal gesproken over dit gebied zouden lopen. De situatie wordt gezien als ernstig genoeg om ingrijpende maatregelen te rechtvaardigen, ondanks de grote impact op toerisme en economie in het Caribisch gebied.

ministerie

Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft ondertussen een dringende oproep gedaan aan Nederlanders die zich in Venezuela bevinden. Zij worden gevraagd om contact te houden met familie en vrienden in Nederland, zodat hun situatie bekend blijft. Voor wie hulp nodig heeft, wordt geadviseerd zich te wenden tot de eigen reisorganisatie of rechtstreeks contact op te nemen met het ministerie. Deze oproep onderstreept de zorgen die leven over de veiligheid in het land en de beperkte mogelijkheden om snel hulp te bieden wanneer de situatie verder verslechtert.

Foto: © Pitane Blue – Curaçao Willemstad

De komende tijd zal duidelijk moeten worden hoe lang de beperkingen van kracht blijven en wanneer het luchtruim weer veilig kan worden verklaard. Tot die tijd blijven reizigers afhankelijk van informatie van luchtvaartmaatschappijen, reisorganisaties en officiële instanties. De situatie laat zien hoe snel internationale spanningen kunnen doorwerken in het dagelijks leven van mensen, zelfs op duizenden kilometers afstand.

Sinds 18 juli geldt er een rood reisadvies voor heel Venezuela. Dit betekent dat reizen naar het land sterk wordt ontraden. Het reisadvies is gebaseerd op de veiligheidssituatie en de risico’s die reizigers kunnen lopen. Een rood reisadvies is de zwaarste categorie en geeft aan dat de omstandigheden als zeer gevaarlijk worden beschouwd. De gevolgen hiervan zijn merkbaar, niet alleen voor toeristen, maar ook voor mensen met familiebanden of zakelijke belangen in het land.

“briljante operatie”

De internationale politieke context draagt bij aan de gespannen situatie. De Amerikaanse president Donald Trump heeft zich in een interview met The New York Times uitgesproken over de aanvallen op Venezuela. Volgens Trump waren deze aanvallen het resultaat van, zoals hij het noemt, “een briljante operatie” met “goede planning en geweldige troepen”. Deze woorden hebben internationaal tot reacties geleid en benadrukken hoe gevoelig en complex de situatie is. Uitspraken van wereldleiders kunnen de spanningen verder aanwakkeren en hebben indirect invloed op beslissingen zoals het sluiten van luchtruim en het aanpassen van reisadviezen.

Voor de eilanden Curaçao, Aruba, Sint-Maarten en Bonaire betekent de huidige situatie een onzekere periode. Het toerisme vormt een belangrijke pijler van de economie, en het wegvallen van vluchten heeft directe gevolgen voor hotels, restaurants en lokale ondernemers. Tegelijkertijd staat veiligheid boven alles, zowel voor passagiers als voor bemanningen van vliegtuigen. Luchtvaartmaatschappijen en overheden blijven de ontwikkelingen volgen en zullen hun beleid aanpassen zodra de omstandigheden dat toelaten.

Verbod op steps rukt op: mobiliteitsexpert ziet meer schade dan voordeel

De lijst van steden en landen die een streep zetten door deelsteps groeit gestaag.

Montréal in Canada, Parijs, Madrid en het volledige eiland Malta gingen Brussel al voor. Sinds 1 januari is ook de Tsjechische hoofdstad Praag toegevoegd aan dat rijtje. Het debat over de plaats van deelsteps in het straatbeeld woedt daarmee heviger dan ooit, zeker nu ook in Brussel de problemen rond veiligheid, overlast en criminaliteit blijven aanhouden. Volgens onafhankelijk mobiliteitsexpert Kris Peeters is de conclusie helder en weinig hoopgevend voor de sector. “Ze hebben meer kosten dan baten voor de maatschappij, en de winsten zijn voor de buitenlandse operatoren.”

totaalverbod

Peeters pleit openlijk voor een totaalverbod op deelsteps en ziet weinig redenen om Brussel hiervan uit te sluiten. Volgens Bruzz.be vindt hij dat ook de hoofdstad ernstig moet overwegen om die stap te zetten. Dat standpunt staat haaks op het beleid van de voorbije jaren, waarin vooral werd ingezet op bijsturing en regulering. Meerdere maatregelen moesten de overlast van deel- en privésteps beperken. Sinds 2024 is het parkeren van deelsteps enkel nog toegestaan in speciale dropzones, een maatregel die een einde moest maken aan achteloos achtergelaten steps op trottoirs en kruispunten. Daarnaast werd de maximumsnelheid verlaagd tot 20 kilometer per uur, terwijl in voetgangerszones zelfs een limiet van 8 kilometer per uur geldt.

ongevallencijfers

Ondanks die ingrepen blijven de problemen zich opstapelen. Vooral de ongevallencijfers baren zorgen. Tijdens de eerste helft van 2024 werden in Brussel 234 ongevallen met steps geregistreerd. In dezelfde periode van 2025 liep dat aantal op tot 348. Daarbij viel ook één dodelijk slachtoffer. Die cijfers betekenen een stijging van maar liefst 44 procent. Voor Peeters tonen ze aan dat de huidige aanpak tekortschiet en dat de risico’s structureel zijn.

Naast verkeersveiligheid speelt ook een ander, veel zwaarder thema mee in het debat. Verschillende beleidsmakers en magistraten wijzen op de rol die deelsteps spelen in de aanhoudende golf van schietpartijen die Brussel al twee jaar in de greep houdt. Brussels procureur des Konings Julien Moinil liet daarover geen twijfel bestaan. In een brief aan de Conferentie van Burgemeesters stelde hij dat steps zowel door schutters als door drugdealers worden gebruikt. Die vaststelling zorgde voor een snelle politieke reactie.

Foto: © Pitane Blue – e-step

Tegelijk waarschuwt Peeters voor onbedoelde gevolgen. “Steps zijn populair bij bepaalde bevolkingsgroepen in bepaalde wijken van Brussel. We moeten opletten dat we niet vervallen in maatregelen die als discriminatie kunnen ervaren woren.”

Sinds begin december moeten gebruikers van deelsteps zich identificeren via een scan van hun identiteitskaart of rijbewijs. Op termijn zal die informatie worden vergeleken met een selfie die de gebruiker moet maken. Daarnaast werd beslist om op oudejaarsnacht een tijdelijk verbod in te voeren voor alle steps, zowel deelsteps als privé-exemplaren. “Dat verbod is ingrijpend, maar er zijn goede redenen voor”, zegt Peeters. “Ik sta achter de maatregel, die me voldoende goed beargumenteerd lijkt.” Volgens hem werd het verbod ruim op voorhand aangekondigd en zijn er voldoende alternatieven om zich te verplaatsen. “Ik denk dan aan de fiets, deelfiets, of het openbaar vervoer, dat heel de nacht blijft rijden, en tenslotte taxi’s.”

geen winst

Peeters wijst ook op studies waaruit blijkt dat e-steps vooral worden gebruikt voor verplaatsingen die vroeger te voet gebeurden. Vanuit gezondheids- en duurzaamheidsperspectief levert dat volgens hem geen winst op. Toch beseft hij dat een totaalverbod politiek gevoelig ligt. “Beleidsmakers in Brussel hebben lang gewacht om iets aan de steps te doen, waardoor ze intussen ingeburgerd zijn geraakt.”

Als een volledig verbod niet haalbaar blijkt, ziet Peeters strengere regulering als een alternatief. Hij pleit voor een verplichte helm en voor een nummerplaat op elke step, zodat gebruikers beter identificeerbaar zijn. Ook het verkeersveiligheidsinstituut Vias is voorstander van een helmplicht en van het verplicht dragen van een fluohesje tijdens nachtelijke verplaatsingen. Volgens Het Nieuwsblad werkt federaal minister van Mobiliteit Jean-Luc Crucke van Les Engagés aan zo’n verplichting.

discriminatie

Tegelijk waarschuwt Peeters voor onbedoelde gevolgen. “Steps zijn populair bij bepaalde bevolkingsgroepen in bepaalde wijken van Brussel. We moeten opletten dat we niet vervallen in maatregelen die als discriminatie kunnen ervaren woren.” Hij verwijst daarbij naar een onderzoek van Brussel Mobiliteit uit 2019, waaruit blijkt dat bijna twee keer zoveel mannen als vrouwen een e-step gebruiken en dat 60 procent van de gebruikers jonger was dan 35 jaar. 

Volgens Peeters moet daarom ook worden nagedacht over een ander boetesysteem. “Een boete heeft niet bij iedereen dezelfde impact. In bijvoorbeeld Finand en Zwitserland wordt de hoogte van een verkeersboete afhankelijk gemaakt van het inkomen van de overtreder. Dat zorgt ervoor dat die bij iedereen even hard wordt gevoeld. Ook een rijbewijs met punten kan daarbij helpen. Ten slotte moet de overheid ook zorgen voor voldoende alternatieve vervoerswijzen, zeker in de meest kwetsbare wijken.”

Reizigers voorlopig buiten schot: seks buiten het huwelijk strafbaar in Indonesië

Indonesië scherpt zedenwetten aan maar toeristen hoeven niet te vrezen.

Sinds 2 januari 2026 geldt in Indonesië een nieuw strafwetboek dat een einde maakt aan het oude, koloniale rechtssysteem. Het zogenoemde Criminal Code of KUHP bevat ingrijpende veranderingen op het gebied van zeden en moraal en heeft internationaal veel aandacht getrokken. Vooral de bepaling dat seks buiten het huwelijk strafbaar is gesteld, zorgt voor onrust en vragen, zowel binnen het land als daarbuiten. De maximale straf die hierop staat, bedraagt één jaar gevangenisstraf. Daarnaast kan ook ongehuwd samenwonen worden bestraft, met een mogelijke celstraf tot zes maanden.

strafrecht

De invoering van het nieuwe wetboek wordt door de Indonesische regering gepresenteerd als een noodzakelijke modernisering van de wetgeving. Het oude strafrecht stamde nog uit de Nederlandse koloniale tijd en werd door beleidsmakers gezien als achterhaald en onvoldoende passend bij de huidige Indonesische samenleving. Volgens de autoriteiten weerspiegelt het nieuwe wetboek beter de conservatieve maatschappelijke normen en waarden die in grote delen van het land leven. Tegelijkertijd hebben mensenrechtenorganisaties en vertegenwoordigers uit de toeristische sector hun zorgen geuit over de mogelijke gevolgen.

Belangrijk detail in de nieuwe regelgeving is dat de bepalingen rond seks buiten het huwelijk en ongehuwd samenwonen klachtgebonden zijn. Dat betekent dat vervolging alleen mogelijk is wanneer een directe familierelatie aangifte doet. Hierbij gaat het om een echtgenoot of echtgenote, ouders of kinderen. Derden hebben geen enkele bevoegdheid om een zaak te starten. Hotelmedewerkers, buren, collega’s of andere burgers kunnen dus geen melding doen die tot vervolging leidt. Zonder formele klacht van een familielid kan het Openbaar Ministerie geen actie ondernemen.

relatiestatus

Voor toeristen lijkt het risico daardoor in de praktijk beperkt. Reizigers verblijven vaak kort in het land en hebben doorgaans geen familieleden ter plaatse die aangifte zouden kunnen doen. Bovendien zijn hotels niet verplicht om huwelijksakten te controleren of gasten te ondervragen over hun relatiestatus. Dat neemt niet weg dat er geen expliciete uitzonderingspositie bestaat voor buitenlanders. Wie zich op Indonesisch grondgebied bevindt, valt onder de Indonesische wet, ongeacht nationaliteit of verblijfsduur.

Foto: © Pitane Blue –
Hotel Receptie Jakarta

De internationale onrust richt zich dan ook vooral op de perceptie van de nieuwe regels. In veel buitenlandse media wordt gesproken over een streng en moralistisch wetboek dat een rem zou kunnen zetten op het toerisme. Ondernemers in populaire bestemmingen vrezen dat potentiële bezoekers worden afgeschrikt door de gedachte dat privégedrag strafbaar kan zijn. Tegelijkertijd benadrukken Indonesische autoriteiten dat de wet niet bedoeld is om toeristen te viseren, maar om een juridisch kader te bieden dat aansluit bij de waarden van de samenleving.

handhaving

Binnen Indonesië zelf lopen de meningen uiteen. Voorstanders zien het nieuwe strafwetboek als een stap richting meer nationale identiteit en culturele zelfbeschikking. Critici wijzen erop dat de regels ruimte laten voor misbruik en sociale druk binnen families. De overheid probeert die zorgen te temperen door te wijzen op het klachtgebonden karakter van de wet en de beperkte mogelijkheden tot handhaving zonder aangifte.

Ondanks alle discussie blijft de praktische impact voor buitenlandse bezoekers voorlopig gering. Deskundigen benadrukken dat het verstandig is om bewust te zijn van de lokale wetgeving en respect te tonen voor culturele gevoeligheden tijdens een verblijf in Indonesië. De nieuwe regels vragen vooral om begrip van de maatschappelijke context waarin zij zijn ingevoerd, terwijl massale vervolging van toeristen als onwaarschijnlijk wordt beschouwd.

Weeklange staking: NMBS spoor op scherp door aangekondigde actieweek

Conflict over pensioenen en statuut escaleert bij het spoor.

De vakbonden bij het spoor zetten hun dreigement om in daden en kondigen een volledige actieweek aan die zal lopen van maandag 26 tot en met vrijdag 30 januari. Daarmee maken zij duidelijk dat het ongenoegen over de plannen van de federale regering een kookpunt heeft bereikt. Tijdens een eerdere gezamenlijke persconferentie hadden de bonden al gewaarschuwd dat een week lang actievoeren onvermijdelijk zou zijn zodra de pensioen- en arbeidsmarktmaatregelen van de regering door het parlement zouden worden goedgekeurd. Met het vastleggen van de datum is die waarschuwing nu werkelijkheid geworden.

statutaire aanwervingen

Centraal in het conflict staat volgens de socialistische vakbond ACOD Spoor de stopzetting van de statutaire aanwervingen. Tony Fonteyne, die namens ACOD Spoor het woord voert, legt uit dat deze vaste benoemingen veel sneller verdwijnen dan oorspronkelijk was afgesproken. “Het gaat eerst en vooral over de stopzetting van de statutaire aanwervingen”, benadrukt Fonteyne. Volgens hem zouden deze aanwervingen pas tegen eind 2028 worden afgebouwd, maar wordt die deadline nu vervroegd naar juni. Daarmee komt volgens de vakbond een belangrijk fundament van het spoorpersoneel onder druk te staan.

De statutaire benoeming wordt door de bonden gezien als een essentieel onderdeel van het sociaal contract binnen het spoor. Fonteyne wijst erop dat het systeem altijd is gebaseerd geweest op een evenwicht tussen loon en pensioen. “De voordelen van zo’n benoeming zijn ook gekoppeld aan het pensioendossier: je hebt een relatief laag loon maar daarna een mooi pensioen. Nu wordt het langer werken voor minder geld, en daardoor worden die beroepen minder aantrekkelijk.” In de ogen van de vakbonden dreigt het spoor zo talent te verliezen en wordt het steeds moeilijker om nieuwe medewerkers te vinden voor functies die nu al als zwaar worden ervaren.

teleurstelling

Volgens Fonteyne is de staking geen lichtzinnige beslissing geweest. Hij stelt in een interview met de Vlaamse nieuwszender VRT NWS dat de bonden lang hebben ingezet op overleg en dialoog met de regering en de betrokken spoorbedrijven. “Wij hebben altijd gehoopt dat er mogelijkheden tot een gesprek zouden zijn”, zegt hij. “Er zijn de afgelopen maanden veel gespreken geweest, maar die hebben niets opgeleverd.” De teleurstelling over het uitblijven van concrete resultaten heeft de bonden volgens hem uiteindelijk tot deze harde actie gedwongen.

Foto: © Pitane Blue – NMBS

Voor de reiziger blijft het voorlopig onduidelijk wat de concrete gevolgen van de aangekondigde actieweek zullen zijn. De NMBS laat weten dat zij voor elke stakingsdag een alternatieve dienstregeling zal uitwerken, gebaseerd op de personeelsleden die vooraf aangeven of zij al dan niet deelnemen aan de actie. Die aangepaste dienstregeling zal enkele dagen op voorhand te raadplegen zijn via de website van de NMBS. Reizigers wordt aangeraden de situatie nauwlettend te volgen en rekening te houden met mogelijke hinder.

Ook bij de christelijke vakbond ACV Transcom klinkt scherpe kritiek. Koen De Mey wijst expliciet naar minister van Financiën Jan Jambon van de N-VA als verantwoordelijke voor de huidige situatie. Volgens De Mey ligt een recente maatregel van de minister aan de basis van het conflict. “Als de regering beslist om statutaire aanwervingen zwaarder te maken door daar een patronale bijdrage van 38 procent bij te zetten, is het voor de NMBS en Infrabel financieel onhaalbaar om dat nog te betalen.” Die extra kost zou volgens hem een zware last vormen voor de spoorbedrijven en hun financiële ruimte volledig opslorpen.

molensteen

De Mey spreekt bij de Vlaamse Omroep zelfs van een molensteen rond de nek van het spoor. Dat de statutaire benoeming al op 1 juni 2026 wordt afgeschaft, ziet hij als een rechtstreeks gevolg van de maatregel van Jambon, die eveneens op 1 juni van kracht wordt. “De keuze om vanaf dan contractuelen aan te werven is daar een rechtstreeks gevolg van”, aldus De Mey, die waarschuwt voor een structurele verarming van het statuut van het spoorpersoneel.

HR Rail, de juridische werkgever van al het spoorwegpersoneel, houdt voorlopig de kaarten tegen de borst. Het bedrijf laat weten eerst de officiële stakingsaanzegging van de vakbonden af te wachten, die volgende week wordt verwacht. Pas daarna wil men inhoudelijk reageren. Feit is wel dat het spoor al een bijzonder woelig jaar achter de rug heeft, met tientallen stakingsdagen, en dat het nieuwe jaar zich opnieuw onrustig aankondigt.

Kou en sneeuw: weggebruikers gewaarschuwd voor sneeuw en ijzel

Rijkswaterstaat slaat alarm om verraderlijke winterwegen.

Rijkswaterstaat luidt de noodklok voor weggebruikers nu Nederland zich opmaakt voor enkele dagen met verraderlijke winterse omstandigheden. Ondanks dat strooiwagens dag en nacht onderweg zijn, blijft het risico op gladheid groot. Juist doordat het rustiger is op de wegen, schuilt er volgens de wegbeheerder een extra gevaar. Minder verkeer betekent namelijk dat gestrooid zout minder snel wordt ingereden, waardoor ijzel en sneeuw langer grip kunnen houden op het asfalt.

De waarschuwing komt op een moment dat de weersverwachtingen steeds winterser worden. Volgens Weeronline daalt de temperatuur de komende nachten verder en neemt de kans op sneeuwbuien toe. In de nacht zakken de temperaturen naar waarden tussen de 1 en 3 graden, terwijl het overdag wisselvallig blijft met regelmatige buien. Naarmate de nachten vorderen, gaat het op steeds meer plaatsen vriezen en krijgt de neerslag een winters karakter. Regen maakt dan vaker plaats voor sneeuw, wat vooral in de vroege ochtenduren voor gevaarlijke situaties kan zorgen.

alertheid

Weggebruikers wordt met klem geadviseerd hun rijgedrag aan te passen en extra alert te zijn. Dat betekent meer afstand houden, snelheid minderen en rekening houden met onverwachte gladde stukken. Voor Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht, Overijssel, Gelderland en Flevoland geldt door de weersomstandigheden al code geel. Het KNMI meldt dat vooral in het midden en oosten van het land een sneeuwdek van enkele centimeters kan ontstaan. Dit kan lokaal leiden tot hinder op wegen en fietspaden, maar ook tot vertragingen in het openbaar vervoer.

Foto: © Pitane Blue – winterse omstandigheden

Rijkswaterstaat benadrukt dat voorzichtigheid geboden blijft, ook als wegen er op het eerste gezicht schoon uitzien. Gladheid is niet altijd zichtbaar en kan plotseling optreden. De combinatie van kou, wisselende neerslag en rustiger verkeer maakt deze periode extra verraderlijk. Het advies aan iedereen die de weg op moet, is duidelijk: neem de tijd, pas je rijstijl aan en ga alleen op pad als het echt nodig is.

Morgen breidt de waarschuwing zich verder uit en geldt code geel voor het hele land. Sneeuw, hagel en de bevriezing van natte wegen zorgen dan voor een verhoogd risico. De verwachting is dat deze weerswaarschuwing tot zaterdagavond van kracht blijft. Meerdere buien die kort na elkaar over het land trekken, worden ook wel een ‘buientrein’ genoemd. Tussen deze buien door loopt de temperatuur uiteen van 2 tot 6 graden, wat het weerbeeld grillig maakt en het moeilijk maakt om gladheid goed te voorspellen.

snelle afkoeling

Langs de kust blijft sneeuw doorgaans minder lang liggen door de relatief hogere temperaturen en de invloed van de zee. Toch is ook daar kans op hagel of zelfs onweer, wat eveneens voor gevaarlijke rijomstandigheden kan zorgen. In het binnenland gaat het op de meeste plaatsen om een dun sneeuwlaagje van enkele centimeters, maar dat is al voldoende om wegen spekglad te maken. Vooral bruggen, viaducten en op- en afritten zijn berucht vanwege hun snelle afkoeling.

Plaatselijk kan er meer sneeuw vallen dan gemiddeld. Gebieden zoals de Utrechtse Heuvelrug, de Veluwe en de Limburgse Heuvels staan erom bekend dat zij vaker fungeren als sneeuwhotspots. Door hun ligging en hoogte kunnen daar meerdere buien achter elkaar blijven hangen, wat lokaal voor verrassingen kan zorgen. Een paar extra centimeters sneeuw kunnen het verschil maken tussen een vlotte rit en vaststaand verkeer.

Tonnen schade na fiasco: groene droom verandert in financiële nachtmerrie

Failliete deelscooterbedrijf Go Sharing laat een financiële ravage achter bij de gemeente Hollands Kroon.

Wat begon als een veelbelovende uitbreiding van duurzaam stadsvervoer, eindigt nu in een kostbaar dossier waarin honderden duizenden euro’s aan publieke middelen op het spel staan. Uit het eerste faillissementsverslag blijkt dat een doorstart definitief is mislukt, dat duizenden scooters onder gevaarlijke omstandigheden zijn opgeslagen en dat de schuldenberg fors is opgelopen. Curator Marc Udink schetst een somber beeld van de kansen voor de gemeente om de schade nog vergoed te krijgen.

veiligheidsrisico’s

De gemeente Hollands Kroon wordt geconfronteerd met een rekening die kan oplopen tot ruim 600.000 euro. Dat bedrag hangt samen met het ruimen en afvoeren van ongeveer vierduizend scooters die na het faillissement zijn achtergebleven. De voertuigen stonden opgeslagen op gemeentelijk terrein en moesten worden verwijderd vanwege veiligheidsrisico’s. Volgens het faillissementsverslag was er zelfs sprake van brandgevaarlijke situaties, wat de noodzaak van snel ingrijpen alleen maar vergrootte. De kosten voor deze operatie komen voorlopig volledig voor rekening van de gemeente.

De hoop om deze uitgaven te verhalen op Go Sharing is minimaal. Het bedrijf wisselde de afgelopen jaren meerdere keren van eigenaar en ging in november failliet. Daardoor is de juridische positie van schuldeisers zwak. Curator Marc Udink bevestigt dat de kans op compensatie gering is. In een toelichting op het verschenen verslag zegt hij tegen RTL Z: “De vooruitzichten voor de gemeente zijn helemaal niet rooskleurig. Ik ben er maatschappelijk verontwaardigd over dat de voormalige eigenaar en de bank het scooterbedrijf de rug hebben toegekeerd.” Die woorden onderstrepen de frustratie over de gang van zaken rond het bedrijf en de gevolgen die nu op het bordje van de lokale overheid belanden.

Eindhoven

Go Sharing was sinds 2019 actief en groeide in korte tijd uit tot een bekend merk in het straatbeeld van Nederlandse steden. Na een start in Eindhoven doken de felgroene scooters op in tal van gemeenten. Via een app konden gebruikers eenvoudig een scooter ontgrendelen en per rit betalen. Het concept sloot aan bij de toenemende vraag naar flexibel en gedeeld vervoer. Toch bleek het bedrijfsmodel kwetsbaar. Begin 2023 ging Green Mo, het bedrijf achter Go Sharing, failliet. Ook dat faillissement werd afgehandeld door curator Udink, die destijds de scooterdochter verkocht aan de Turkse branchegenoot BinBin.

Foto: © Pitane Blue – vertrek GO Sharing Eindhoven

Voor Hollands Kroon rest voorlopig weinig meer dan afwachten hoe het faillissement verder wordt afgewikkeld, terwijl de financiële wond diep blijft.

De verkoop aan BinBin bood aanvankelijk perspectief. Dankzij die doorstart konden de scooters onder dezelfde naam blijven rijden in Nederland. De praktijk bleek echter weerbarstig. De afgelopen twee jaar lukte het niet om de activiteiten winstgevend te maken. In augustus 2024 kondigde de Turkse eigenaar aan te stoppen in Nederland, met uitzondering van Amsterdam en Haarlem. Vijf maanden later viel ook daar het doek en werden alle activiteiten gestaakt. Als redenen gaf het bedrijf dat de exploitatie niet rendabel was, mede door vernielingen van scooters en de geldende regelgeving, waaronder de helmplicht.

Hollands Kroon

Voor Hollands Kroon heeft deze geschiedenis directe financiële consequenties. De gemeente bleef zitten met een groot aantal scooters waar niemand zich meer verantwoordelijk voor voelde. Het opruimen ervan was onvermijdelijk en kostbaar. Hoewel wordt geprobeerd de schade te verhalen, maakt het faillissementsverslag duidelijk dat de kans klein is dat dit lukt. Daarmee dreigt de rekening uiteindelijk bij de belastingbetaler te belanden.

Het dossier rond Go Sharing laat zien hoe snel innovatieve mobiliteitsconcepten kunnen ontsporen en hoe groot de impact daarvan kan zijn op lokale overheden. De maatschappelijke verontwaardiging die de curator uitspreekt, raakt aan een bredere discussie over verantwoordelijkheid, toezicht en de risico’s van snelgroeiende deelplatforms. 

Eindhoven Airport sluit deur voor privéjets: afscheid van business aviation

Eindhoven Airport heeft definitief afscheid genomen van de business aviation en daarmee is een jarenlang hoofdstuk in de Brabantse luchtvaartgeschiedenis afgesloten.

De afgelopen dagen voerde Global Aviation Private Jet Service met zichtbaar pijn in het hart de allerlaatste privévlucht uit vanaf de luchthaven. Voor medewerkers, klanten en betrokkenen voelde het moment als een afscheid van meer dan alleen een start- en landingsbaan. Het betekende het einde van een manier van werken, een netwerk van ondernemerschap en een vorm van bereikbaarheid die volgens de sector jarenlang een vaste plek had op Eindhoven Airport.

Volgens manager Stephan van den Hurk van Global Aviation Private Jet Service is er sprake van het einde van een tijdperk. Hij stelt dat de luchthaven bewust heeft gekozen om privévluchten te weren ten gunste van grote luchtvaartmaatschappijen. Daarbij is volgens hem gebruikgemaakt van een omweg binnen de Europese regelgeving. Die route was oorspronkelijk niet bedoeld om zakelijke luchtvaart te beperken, maar biedt nu wel ruimte om de maatregel door te voeren. “Het gaat hier niet alleen om vliegtuigen,” benadrukt Van den Hurk. “Het gaat om bereikbaarheid, ondernemerschap en de mensen die achter de schermen werken.”

gevolgen

De beslissing heeft geleid tot onrust binnen de sector. De branche, vertegenwoordigd door de Dutch Business Aviation Association, legt zich niet zomaar neer bij het verdwijnen van de zakelijke luchtvaart op Eindhoven. Via sociale media liet Van den Hurk weten dat de gevolgen verder reiken dan vaak wordt aangenomen. Volgens hem raken de maatregelen niet alleen bedrijven, maar ook werknemers en klanten die afhankelijk zijn van flexibele en snelle verbindingen. “Waar nodig zullen we dit ook op Europees niveau juridisch laten toetsen,” aldus Van den Hurk, die daarmee aangeeft dat de strijd nog niet is gestreden.

Global Aviation benadrukt ondertussen dat het bedrijf zich blijft inzetten voor een eerlijke en toekomstbestendige luchtvaart. In hun visie hoort daar ook ruimte bij voor zakelijke luchtvaart en voor de mensen die deze sector dagelijks draaiende houden. Het vertrek van Eindhoven Airport betekent voor hen niet het einde van hun missie, maar wel een ingrijpende verandering in de praktijk.

Cessna 680 op Eindhoven Airport

Met het opstijgen van de laatste privévlucht is een zichtbaar en hoorbaar tijdperk afgesloten. Wat resteert is een debat dat nog lang zal doorgaan, zowel in Nederland als daarbuiten, over de balans tussen milieu, leefbaarheid en ondernemerschap in de luchtvaart.

De juridische strijd rondom de business aviation speelt zich inmiddels ook af in de rechtszaal. Volgens het voorlopige oordeel van de rechtbank wegen de maatschappelijke belangen zwaarder dan de belangen van de zakenvliegers. De rechter in Haarlem besloot dat eerder in een kort geding dat was aangespannen door een grote aanbieder samen met de branchevereniging. In eerste instantie werd het milieu als belangrijkste reden genoemd om privévluchten te beperken. Gaandeweg kreeg echter vooral het argument van geluidsoverlast een steeds prominentere rol in de afweging.

rechtbank

Uit de uitspraak van de rechtbank blijkt bovendien dat Eindhoven Airport feitelijk al vanaf 2023 min of meer gedwongen was om een einde te maken aan een eigen regeling. Met die regeling werd jarenlang een deel van de capaciteit van de luchthaven gereserveerd voor privéjets. De luchthaven verdeelde deze privévluchten zelf, waardoor zakelijke luchtvaart een vaste plek had binnen de dagelijkse operatie. Die praktijk is nu definitief beëindigd.

Privéjets, door de uitbaters zelf consequent businessjets genoemd, staan de laatste tijd sterk ter discussie. Ze worden steeds vaker gezien als symbool van ongelijkheid en overlast, terwijl de sector zelf wijst op het economische belang en de specifieke rol die zakelijke luchtvaart speelt. Voor Eindhoven Airport heeft de discussie geleid tot een duidelijke keuze, met verstrekkende gevolgen voor bedrijven als Global Aviation Private Jet Service en voor iedereen die afhankelijk was van deze vorm van vliegen.