Tag archieven: ANWB

Kilometertellerfraude: APK groeit uit tot paradepaardje van Europa

Waar ooit scepsis en wantrouwen de boventoon voerden, geldt het Nederlandse APK-systeem vandaag de dag als lichtend voorbeeld binnen Europa.

Sinds de invoering van de Algemene Periodieke Keuring in 1985 is de aanpak in Nederland uitgegroeid tot een van de meest efficiënte en transparante in zijn soort. Wat begon met scherpe kritiek van onder meer de ANWB, is inmiddels uitgegroeid tot een geolied systeem dat model staat voor andere landen, waaronder Duitsland.

De zorgen van destijds waren niet gering. De ANWB sprak openlijk haar vrees uit voor een situatie waarin garagehouders hun “eigen vlees zouden keuren”. Het risico op misbruik lag volgens de organisatie op de loer: reparaties die niet strikt noodzakelijk waren, zouden wellicht toch worden voorgeschreven uit eigenbelang. Die voorspellingen zijn grotendeels niet uitgekomen. In plaats daarvan groeide het systeem uit tot een efficiënt en goed gereguleerd netwerk, bestaande uit ruim tienduizend erkende garagebedrijven en meer dan 35.000 gediplomeerde keurmeesters.

TÜV

Waar Duitsland nog vasthoudt aan een gescheiden model – met aparte afspraken voor keuring (bijvoorbeeld bij de TÜV) en onderhoud – heeft Nederland gekozen voor een geïntegreerde aanpak. Dat bespaart tijd en geld, en zorgt bovendien voor meer overzicht voor de automobilist.

Toch is het systeem niet onomstreden. Een van de heikele punten is de wettelijke norm voor de minimale profieldiepte van autobanden: 1,6 millimeter. Veiligheidsdeskundigen stellen al jaren dat dit onvoldoende is voor veilig wegcontact, zeker bij natte of gladde omstandigheden. Ondanks de risico’s vertrekken jaarlijks duizenden Nederlanders met dit minimale profiel richting de Alpen voor wintersport. Het roept vragen op over hoe ver de verantwoordelijkheid van de APK reikt.

Ook op het gebied van remschijven klinkt kritiek. Tijdens de keuring wordt wel gecontroleerd op de werking van het remsysteem, maar er bestaat geen verplichte ondergrens voor de dikte van remschijven. Zolang er geen metaal-op-metaal contact optreedt, komt een auto in principe door de keuring. Dat leidt tot discussies over de mate waarin veiligheid daadwerkelijk gewaarborgd wordt.

Een ander heikel punt is de prijsstelling. De tarieven voor onderhoud en keuringen verschillen aanzienlijk per regio. In het oosten en zuiden van Nederland bedragen de kosten gemiddeld zo’n 65 euro per uur, terwijl in de Randstad al snel 85 euro wordt gerekend. Bij merkdealers kunnen de uurtarieven zelfs oplopen tot 160 euro. De consument betaalt dus niet alleen voor de keuring, maar ook voor de postcode.

Ondertussen bereidt de sector zich voor op ingrijpende veranderingen. De Europese APK-richtlijn uit 2014 wordt op dit moment herzien om beter aan te sluiten bij de nieuwste voertuigtechnologieën. Per 1 januari 2025 worden diverse aanpassingen verwacht, waaronder strengere emissietesten, een geactualiseerd keuringsrapport en uitgebreide controle op onderdelen van elektrische voertuigen. Daarbij hoort ook het eCall-systeem, dat bij een ongeval automatisch contact opneemt met hulpdiensten.

Foto: © Pitane Blue – controle gegevens

Een opvallende innovatie is het zogenaamde Move-Hub systeem. Hiermee worden autofabrikanten verplicht om elk kwartaal de kilometerstanden van voertuigen door te geven. Die maatregel moet kilometertellerfraude definitief uitbannen, een probleem dat in andere landen nog volop speelt.

Voor garagehouders betekent dit een aanzienlijke investering. Nieuwe meetapparatuur, waaronder voor NOx-metingen, is noodzakelijk en die technologie is op dit moment nog niet eens op de markt beschikbaar. Tot 2029 hebben bedrijven de tijd om zich aan te passen aan de nieuwe eisen.

RDW

De RDW ziet het als een complexe evenwichtsoefening. Enerzijds moet de APK betaalbaar blijven voor de consument, anderzijds mag de verkeersveiligheid geen moment uit het oog worden verloren. Een lastige balans, zeker in een sector die voortdurend in beweging is.

Opvallend is dat Nederland op sommige vlakken al strenger is dan Brussel voorschrijft. Zo worden sinds vorig jaar ook onderdelen van de elektrische aandrijflijn meegenomen in de keuring, ondanks dat dit Europees gezien nog niet verplicht is.

Desondanks blijft de APK slechts een momentopname. Goed en regelmatig onderhoud blijft cruciaal voor de verkeersveiligheid. Het systeem mag dan zijn uitgegroeid tot een Europees modelvoorbeeld, uiteindelijk blijft de grootste verantwoordelijkheid liggen bij de automobilist zelf.

Nachtelijke laadkosten rijzen de pan uit: ANWB vecht terug met nieuwe app-functie

De ANWB is in de basis niet tegen een blokkeertarief, een tijdsgebonden tarief bovenop het stroomtarief.

De ANWB voert een felle strijd tegen de laadpaalgiganten die volgens de vereniging elektrische rijders uitmelken met de zogenoemde blokkeertarieven. Deze tarieven, die bovenop het reguliere stroomtarief komen, zijn volgens de ANWB verworden tot een extra verdienmodel voor laadpaalaanbieders en raken steeds meer elektrische rijders in hun portemonnee. Om dit tegen te gaan, introduceert de ANWB een nieuwe functie in haar Laadpas-app, die ervoor moet zorgen dat elektrische rijders niet onnodig op kosten worden gejaagd, vooral tijdens de nachtelijke uren.

Elektrische rijders in Nederland worden steeds vaker geconfronteerd met blokkeertarieven op publieke laadpalen, vooral ’s nachts. Twee jaar geleden was dit nog een zeldzaamheid, maar inmiddels brengt bijna één op de drie publieke laadpalen in Nederland dit tijdsgebonden tarief in rekening. Het idee achter een blokkeertarief is om te voorkomen dat auto’s onnodig lang aangesloten blijven op een laadpaal nadat de accu al vol is, zodat anderen ook gebruik kunnen maken van de schaarse laadpunten. De ANWB begrijpt het nut hiervan, maar vindt dat de huidige tarieven hun doel voorbijschieten, vooral wanneer ze midden in de nacht worden toegepast.

Daarom heeft de ANWB een nieuwe Auto-stopfunctie toegevoegd aan haar Laadpas-app. Deze functie stopt automatisch de laadsessie zodra de accu vol is tussen 23.00 uur en 07.00 uur, zodat rijders geen extra kosten hoeven te maken terwijl ze slapen. “Iedereen moet ’s nachts zijn auto kunnen opladen zonder uit bed te moeten komen om extra kosten te voorkomen,” aldus de ANWB. Deze nieuwe functie is bedoeld om elektrische rijders te beschermen tegen onredelijk hoge kosten en om de discussie over de toepassing van blokkeertarieven nieuw leven in te blazen.

blokkeertarief

De ANWB benadrukt dat zij niet tegen het concept van een blokkeertarief is. Met de groeiende populariteit van elektrische auto’s en het beperkte aantal publieke laadpalen, kan een blokkeertarief helpen om te voorkomen dat laadpalen onnodig bezet blijven. Maar de vereniging vindt wel dat het tijdsbestek waarna dit tarief ingaat, en de hoogte ervan, in verhouding moeten staan tot het beoogde gebruik van de laadpaal en de locatie. Het huidige beleid van sommige aanbieders, waarbij direct na het voltooien van de laadsessie een blokkeertarief in rekening wordt gebracht, vindt de ANWB ongepast.

De ANWB wil niet alleen elektrische rijders behoeden voor onredelijk hoge laadkosten, maar ook een discussie op gang brengen over blokkeertarieven.

Met name voor de meer dan de helft van de Nederlandse huishoudens die geen eigen oprit hebben en dus afhankelijk zijn van publieke laadpalen, kunnen deze blokkeertarieven behoorlijk oplopen. Waar deze rijders eerder al te maken hadden met hogere kosten vanwege het gebruik van publieke laadpalen in plaats van eigen stroom, worden zij nu ook geconfronteerd met extra kosten door blokkeertarieven, zonder dat zij vaak een alternatief hebben.

Allego

De inzet van de ANWB lijkt al vruchten af te werpen. Allego, een van de grootste aanbieders van laadpalen in Nederland, heeft naar aanleiding van de feedback van de ANWB aangekondigd om het blokkeertarief vanaf 1 september 2024 aan te passen. Vanaf die datum wordt het blokkeertarief pas na een sessieduur van vier uur berekend, en zijn de uren tussen 23.00 uur en 07.00 uur uitgesloten. Dit betekent dat rijders geen extra kosten meer hoeven te vrezen tijdens de nachtelijke uren, een belangrijke overwinning voor de ANWB en voor de elektrische rijder.

De ANWB hoopt dat meer aanbieders dit voorbeeld zullen volgen, zodat de Auto-stopfunctie in de toekomst misschien wel overbodig wordt. Voorlopig blijft de vereniging echter waakzaam en blijft ze zich inzetten voor eerlijke tarieven en een betere balans tussen de beschikbaarheid van laadpalen en de kosten voor de gebruikers.

Extreme drukte: zwarte zaterdag op Europese wegen chaos door vakantieverkeer

Historisch gezien verwijst de term ‘zwarte zaterdag’ naar een tragisch ongeval in 1982 waarbij een bus met kinderen in botsing kwam met meerdere auto’s, wat leidde tot 53 doden. Sindsdien wordt een zaterdag met zware verkeersdrukte en mogelijke chaos zo genoemd.

Er is nergens doorkomen aan de komende dagen naar toeristische plekken en op de wegen die leiden naar die plekken. Zwarte zaterdag, het jaarlijks terugkerende verkeersfenomeen, zorgde op 27 juli weer voor extreme drukte op de Europese wegen, met name in Frankrijk. De tweede piek wordt verwacht op 3 augustus. Deze dagen markeren de piek van de zomerdrukte, wanneer vakantiegangers massaal naar het zuiden trekken.

De verkeerssituatie op zwarte zaterdagen is doorgaans chaotisch, vooral op de wegen richting populaire vakantiebestemmingen in Frankrijk, zoals de A7 (Autoroute du Soleil) en de A9 richting de Spaanse grens. Dit jaar wordt de situatie verder bemoeilijkt door de Olympische Spelen in Parijs, die op 26 juli zijn begonnen. Reizigers wordt sterk aangeraden Parijs te mijden vanwege de extra drukte en de veiligheidsmaatregelen die voor extra vertragingen zorgen.

Niet alleen in Frankrijk, maar ook in Duitsland, Italië, Oostenrijk en Zwitserland worden lange files verwacht. In Duitsland bijvoorbeeld veroorzaken wegwerkzaamheden en de vakanties in verschillende deelstaten extra drukte. Vooral op de A3 richting Keulen en de A8 richting Salzburg wordt zware verkeersdrukte voorspeld.

Reizen op deze dagen vereist een grondige voorbereiding. De ANWB adviseert om reizen op zwarte zaterdagen te vermijden. Als het toch onvermijdelijk is, zijn enkele voorzorgsmaatregelen aan te raden. Zorg voor voldoende water en eten voor onderweg, aangezien tankstations en wegrestaurants overvol kunnen zijn. Een tolbadge kan de doorstroom bij tolwegen aanzienlijk versnellen. Verder is het verstandig later op de dag te vertrekken om de grootste drukte te vermijden.

Naast deze praktische tips is het ook belangrijk om de benodigde milieuvignetten te hebben voor Frankrijk en Duitsland. Deze zijn verplicht om door bepaalde milieuzones te rijden en kunnen vooraf online worden besteld om problemen onderweg te voorkomen.

Foto: © Pitane Blue – afgesloten straten in Parijs

Op vrijdag 26 juli vind de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Parijs plaats.

Vanwege de Spelen zijn er aanzienlijke verkeersbeperkingen van kracht in en rond Parijs. Belangrijke wegen, zoals delen van de Boulevard Périphérique, zijn afgesloten voor het reguliere verkeer om ruimte te maken voor de Olympische rijstroken. Deze speciale rijstroken, die alleen toegankelijk zijn voor geaccrediteerde voertuigen, zijn bedoeld om de logistiek voor de atleten en andere officiële deelnemers te stroomlijnen.

Het dagelijks leven en de verkeerssituatie in Parijs worden hierdoor flink beïnvloed. Vakantiegangers en anderen die Parijs willen doorkruisen, worden geadviseerd alternatieve routes te kiezen om files en oponthoud te vermijden. De ANWB raadt bijvoorbeeld aan om vanuit het noorden via de A29 en A28 te reizen, of vanuit het oosten via de A26 richting Dijon.

Daarnaast zullen verschillende metrostations gesloten zijn en zijn er wijzigingen in het busverkeer. Deze maatregelen zijn bedoeld om de grote toestroom van bezoekers en de complexiteit van het evenement beter te kunnen beheersen.

Voor degenen die de ceremonie willen bijwonen, wordt het aanbevolen om gebruik te maken van het uitgebreide openbaar vervoernetwerk of de fiets. Parijs heeft de afgelopen jaren geïnvesteerd in fietsvriendelijke infrastructuur, waardoor het een aantrekkelijke optie is voor zowel inwoners als toeristen.

Boulevard Périphérique: ANWB roept automobilisten op Parijs te mijden

De ANWB heeft een dringende oproep gedaan aan automobilisten om de komende weken de wegen rond Parijs te vermijden.

Deze waarschuwing komt vanwege de verwachte enorme verkeersdrukte in de aanloop naar de Olympische Spelen, die aanstaande vrijdag van start gaan. De verkeerssituatie in en rondom de Franse hoofdstad zal aanzienlijk verslechteren, met tal van afsluitingen en verkeersmaatregelen.

De Franse verkeerspolitie heeft eerder al maatregelen aangekondigd voor de regio Île-de-France. Sinds vorige week is er meer dan 180 kilometer aan wegen afgesloten voor het reguliere verkeer, uitsluitend toegankelijk voor voertuigen van het Olympisch Comité. Deze wegen worden gebruikt voor het vervoer van sporters, officials en medewerkers van de Spelen.

De Boulevard Périphérique, de drukke ringweg rond Parijs, kampt nu al met ernstige opstoppingen door de afsluiting van een rijstrook. Ook diverse doorgaande snelwegen zijn deels of volledig afgesloten. Naarmate de Spelen beginnen, zullen er nog meer wegen afgesloten worden. In de nabijheid van de stadions is het autoverkeer geheel uitgesloten, wat de situatie verder zal bemoeilijken.

De ANWB heeft alternatieve routes voorgesteld voor verkeer richting het zuiden van Frankrijk. Een van de aanbevelingen is om via Le Mans aan de westkant van Parijs te rijden of via Dijon aan de oostkant van het land. Deze routes moeten de drukte rond Parijs helpen vermijden.

“Het is nu al ontzettend druk op de Franse wegen,” zegt Heleen de Geest van de ANWB. “Veel Parijzenaars hebben vakantie en proberen de stad te verlaten voordat de Olympische Spelen beginnen. Daarnaast is het komende weekend ook nog eens zwarte zaterdag, wat betekent dat alle vakantieverkeer samenkomt.” De Geest benadrukt dat dit een perfect stormscenario is voor verkeerschaos.

De ANWB adviseert automobilisten om indien mogelijk op doordeweekse dagen te reizen of later op de dag te vertrekken. Dit kan enige verlichting bieden op de alternatieve routes, hoewel de wegen rondom Parijs naar verwachting overvol zullen blijven.

Deze oproep om Parijs en de omgeving te mijden geldt tot na de Paralympische Spelen, die van 28 augustus tot 8 september in Parijs worden gehouden. Pas na afloop van deze evenementen zullen de wegen geleidelijk weer worden opengesteld voor het reguliere verkeer.

De situatie rond de Olympische Spelen stelt niet alleen de lokale bevolking, maar ook toeristen en doorreizende vakantiegangers voor aanzienlijke uitdagingen. De ANWB blijft automobilisten op de hoogte houden van de laatste verkeersontwikkelingen en roept op tot voorzichtigheid en geduld.

Zero-emissie: zorgen onder ondernemers groeien volgens nieuw onderzoek

Gemeenten mogen vanaf 1 januari 2025 een stadsgebied aanwijzen waar geen vervuilende bestelbussen en vrachtwagens meer mogen rijden.

Bijna de helft van de ondernemers, 43% om precies te zijn, maakt zich zorgen over de aankomende zero-emissiezones. Dit blijkt uit een recent onderzoek van ANWB Zakelijk onder 497 ondernemers, variërend van kleine en middelgrote bedrijven (MKB) tot zelfstandigen zonder personeel (ZZP). Vanaf 2025 wordt het in veel steden verboden om met dieselbestelwagens te rijden, waardoor ondernemers gedwongen worden sneller over te stappen op elektrische bedrijfswagens. “Dit vergt niet alleen veel uitzoekwerk en geregel, maar ook een investering”, zegt Patrick van Weert, productmanager bij ANWB Zakelijk.

aanzienlijke zorgen

De introductie van zero-emissiezones vormt een grote uitdaging voor ondernemers, vooral omdat zij hun wagenpark gedeeltelijk of volledig moeten vervangen. Dit brengt aanzienlijke zorgen met zich mee, vooral voor degenen die een groot aantal bedrijfswagens bezitten. Van Weert legt uit: “Als zzp’er hoef je misschien maar één busje te vervangen, wat al vervelend kan zijn. Maar er zijn ook ondernemers die tientallen bedrijfswagens bij een distributiecentrum hebben staan. Voor hen ligt er een nóg grotere klus in het verschiet.”

Het personeel dat dagelijks gebruikmaakt van de bedrijfswagens, kan eveneens sceptisch zijn over de overstap naar elektrisch. Van Weert benadrukt dat chauffeurs vaak gehecht zijn aan hun voertuigen. “Chauffeurs hechten veel waarde aan hun ‘heilige koe’. Daarnaast kunnen elektrische busjes nog geen zware ladingen vervoeren en met dat gewicht dezelfde lange afstanden afleggen als dieselbusjes, alhoewel dat steeds beter wordt,” erkent hij. “Maar toch moeten zowel ondernemer als chauffeur de overstap maken, want uitstootloze busjes zijn de toekomst.”

Veel ondernemers staan niet te springen om een elektrische bedrijfswagen te kopen. Uit het onderzoek blijkt dat de meeste ondernemers (34%) ervoor kiezen om een elektrische bedrijfswagen te leasen. Van de ondernemers verwacht 27% de overstap naar elektrisch rijden te bekostigen met eigen vermogen, terwijl 22% gedeeltelijk rekent op subsidies. 

Van Weert licht toe: “Leasen voelt voor veel ondernemers als de veiligste optie, omdat ze hun initiële investering behouden. Maar leasen drukt wel weer op de maandelijkse lasten, dus dit moet je goed overwegen als ondernemer.”

ANWB Zakelijk heeft de zorgen van ondernemers al langer opgemerkt. Afgelopen maand organiseerde ANWB Zakelijk, samen met Ayvens, de “Bedrijfswagen e-Xperience”, een evenement waar veel brancheorganisaties bij betrokken waren. Tijdens dit evenement konden ondernemers advies inwinnen en proefritten maken in meer dan 30 elektrische bedrijfswagens. Roy Driessen, segment director bij Ayvens en medeorganisator van het evenement, benadrukt de noodzaak van consistent overheidsbeleid over elektrisch rijden. “Verander nu niet de route naar elektrisch rijden, veel ondernemers zijn hun transitie al gestart. En zorg voor een centraal beleid over de zero-emissiezones. Dit kan per gemeente verschillen. Zo voorkom je dat de ondernemers nog meer in de war raken. Houd duidelijk beleid aan, zodat ook de twijfelaars over de streep getrokken worden.”

tool

Daarnaast lanceert ANWB Zakelijk de tool De Opwegwijzer voor de Zaak, gericht op ondernemers die hun wagenpark willen of moeten elektrificeren. Met deze tool krijgen ondernemers een gepersonaliseerd advies over of en hoe lang ze met hun huidige bedrijfswagen in een milieuzone mogen rijden.

Gemeenten mogen vanaf 1 januari 2025 stadsgebieden aanwijzen waar geen vervuilende bestelbussen en vrachtwagens meer mogen rijden. De voertuigen die wél in deze zogenaamde “zero-emissiezone” mogen rijden, moeten uitstootvrij zijn. Voor enkele voertuigcategorieën geldt tot 2030 een overgangsregeling of vrijstelling. Daarnaast moeten ondernemers per 2025 belastingheffing (bpm) betalen bij de aanschaf van een dieselbusje. Dit heeft geleid tot een verhoogde vraag naar dieselbusjes. De hoogte van de belastingheffing hangt af van de CO2-uitstoot van het voertuig. Hierdoor wordt het gebruik van diesel ontmoedigd en de overstap naar elektrisch gestimuleerd. ANWB Zakelijk verwacht dat de levensduurkosten (TCO, Total Cost of Ownership) van diesel- en elektrische bussen dankzij de technologische vooruitgang dichter bij elkaar komen te liggen.

De bestelbussen en vrachtwagens die wél in deze zogenaamde “zero-emissiezone” mogen rijden, moeten uitstootvrij zijn.

De afgelopen week besteedde de Financiële Telegraaf ook al aandacht aan een groeiend probleem onder ondernemers: het uitstel en verkleinen van zero-emissiezones. Dit onderwerp brengt niet alleen onrust onder deze groep, maar zorgt uiteindelijk ook voor grotere problemen op lange termijn.

De huidige maatregelen zijn erop gericht om een geleidelijke overgang te bewerkstelligen van fossiel aangedreven naar zero-emissie bestelwagens. Dit betekent dat de meest vervuilende voertuigen als eerste uit het straatbeeld moeten verdwijnen. Door deze geleidelijke aanpak kan ook de benodigde laadinfrastructuur stapsgewijs worden opgezet en wordt de tweedehandsmarkt voor zero-emissie voertuigen geleidelijk opgebouwd. Deze strategie zorgt ervoor dat, wanneer de overgangsregeling voor fossiel aangedreven bestelwagens afloopt, de overstap naar zero-emissie voertuigen soepel kan verlopen zonder al te veel problemen.

significante nadelen

Het uitstel van zero-emissiezones klinkt aantrekkelijk, maar het brengt significante nadelen met zich mee. Ondanks dat de harde einddatum blijft bestaan waarop alle bestelwagens zero-emissie moeten zijn, zal de transitie niet geleidelijk maar in een veel kortere periode moeten plaatsvinden. Dit betekent dat de overgang naar zero-emissie voertuigen zal vertragen. De vertraging heeft directe gevolgen voor de aanleg van laadinfrastructuur. Commerciële partijen zullen minder snel investeren in laadpalen als zij weten dat deze investeringen de komende vijf jaar niet renderen. Bovendien is het de vraag of deze infrastructuur op een later moment, binnen een kort tijdsbestek, aangelegd kan worden.

Daarnaast zal de vertraging leiden tot een beperktere beschikbaarheid van tweedehands zero-emissie bestelwagens. Hierdoor wordt het voor ondernemers die afhankelijk zijn van de tweedehandsmarkt moeilijker om over te stappen op een zero-emissie voertuig. Deze groep kan nu nog gebruik maken van de hardheidsclausule, waardoor ze voorlopig kunnen blijven rijden op diesel. Maar wat gebeurt er als deze clausule verdwijnt? Deze ondernemers zullen dan voor een grote uitdaging komen te staan.

80-20 regel

Een ander aspect is de zogeheten 80-20 regel. Er zijn talloze redenen waarom een ondernemer nog niet kan overstappen op een zero-emissie bestelwagen. Problemen zoals actieradius, trekgewicht en laadmogelijkheden spelen een rol, maar deze problemen hebben voornamelijk betrekking op een minderheid van de ondernemers. De meerderheid kan wel degelijk de overstap maken. Voor de 20% die nog niet kunnen overstappen, zijn er voldoende mogelijkheden om uitstel aan te vragen onder de hardheidsclausule. De vraag rijst dan ook: zijn er met het huidige beleid echt problemen of creëren we ze nu juist door het uitstel?

Het uitstel van zero-emissiezones heeft dus een kettingreactie aan negatieve gevolgen. De vertraging in de transitie naar zero-emissie voertuigen zorgt voor een rem op de ontwikkeling van laadinfrastructuur en beperkt de beschikbaarheid van tweedehands voertuigen. Ondernemers die afhankelijk zijn van deze infrastructuur en voertuigen zullen hierdoor benadeeld worden. Dit maakt de uiteindelijke overgang naar een zero-emissie toekomst niet alleen moeilijker, maar ook duurder en problematischer. Het huidige beleid, dat juist gericht is op een geleidelijke en gecontroleerde overgang, biedt een veel betere basis voor een succesvolle implementatie van zero-emissie zones.

ANWB: Ondernemers kiezen massaal voor deelmobiliteit

Acht op de tien ondernemers verwacht over te stappen op deelmobiliteit.

Ondernemers in Nederland staan op het punt een grote verschuiving te maken van het bezitten naar het delen van vervoersmiddelen, zo blijkt uit recent onderzoek van ANWB Zakelijk. Dit jaar verwacht meer dan 82% van de ondernemers de overstap te maken naar deelmobiliteit, een opmerkelijke toename ten opzichte van de 66% van vorig jaar.

De beweging naar deelmobiliteit is niet beperkt tot een bepaald type voertuig; het omvat auto’s, fietsen, scooters en zelfs bakfietsen. Het merendeel van deze ondernemers verwacht binnen drie tot vijf jaar deze overstap te maken. Dit signaleert een toenemend bewustzijn van en behoefte aan duurzamere en kostenbesparende transportopties binnen de zakelijke gemeenschap.

Patrick van Weert, Product Manager bij ANWB Zakelijk, geeft aan dat de trend deels wordt gedreven door de stijgende kosten van voertuigbezit, maar ook door praktische overwegingen zoals parkeerproblemen en toenemende verkeersdruk in binnensteden. “Hoewel ondernemers traditioneel erg gehecht zijn aan hun eigen voertuig, openen zij hun ogen voor de mogelijkheden van gedeeld vervoer,” zegt Van Weert.

MyWheels, een aanbieder van deelauto’s, bevestigt deze trend ook in de praktijk. Op dit moment zijn al 20 procent van de ritten via hun platform voor zakelijke doeleinden, en zij verwachten dat dit percentage zal blijven groeien.

Binnen de ondernemerswereld is er een interessant verschil in de snelheid waarmee verschillende groepen verwachten over te stappen op deelmobiliteit. Zo verwachten mkb-bedrijven, die vaak meerdere voertuigen gebruiken of in bezit hebben, sneller de overstap te maken dan zzp’ers. “Een mkb-bedrijf heeft vaak te maken met meerdere voertuigen die afwisselen, wat een grotere investering betekent,” legt Van Weert uit. Daarentegen zou het voor zzp’ers, die meestal maar één voertuig nodig hebben, tot tien jaar kunnen duren om deze transitie te voltooien.

Het onderzoek dat door ANWB Zakelijk is uitgevoerd, betrof 497 ondernemers die betrokken zijn bij zakelijke mobiliteit. Deze studie is niet alleen bedoeld om trends te spotten, maar ook om de grootste uitdagingen en kansen voor ondernemers in de nabije toekomst in kaart te brengen. ANWB Zakelijk heeft ook een speciaal loket geopend voor ondernemers en verantwoordelijken voor het mobiliteitsbeleid om ondersteuning te bieden bij eventuele vragen of zorgen omtrent mobiliteit.

Enschede op een kruispunt: rijdt Automaatje zijn laatste rit?

Drie jaar na de lancering van het vervoersproject voor senioren in Enschede, staat de toekomst van de dienst op losse schroeven.

In Enschede dreigt een unieke vervoersdienst voor senioren, bekend als Automaatje, te verdwijnen. Dit project, dat in 2019 met veel enthousiasme van start ging, is een initiatief van de ANWB waarbij vrijwilligers met eigen auto minder mobiele mede-inwoners helpen. Ze bieden een essentiële dienst door deze mensen te vervoeren naar bijvoorbeeld doktersafspraken of familiegelegenheden. In tegenstelling tot andere gemeenten, waar de dienst volledig op vrijwilligers draait, besloot de gemeente Enschede drie jaar geleden om het project financieel te ondersteunen vanwege de grote vraag en het verlangen naar een professionelere aanpak.

Nu, na drie jaar, staat Automaatje echter op een kruispunt. De subsidieperiode loopt af en tot nu toe is er geen besluit genomen om deze te verlengen. Dit besluit of gebrek daaraan, komt van het Enschedese college, dat in een brief aan de gemeenteraad uitlegt dat ondanks de maatschappelijke waarde van het project – zoals het bestrijden van eenzaamheid en het ondersteunen van de zorg voor ouderen – de financiële voordelen moeilijk af te wegen zijn tegen de kosten. Met name omdat het gewenste effect, een verminderd beroep op de eveneens gesubsidieerde Regiotaxi, uit is gebleven.

Welzijnsorganisatie Alifa, die in Enschede verantwoordelijk is voor de uitvoering van Automaatje, wijst op de belangrijke sociale component van het project. Zo droeg het bij aan het in stand houden van sociale contacten en stelde het ouderen in staat om deel te nemen aan het maatschappelijke leven. Volgens een woordvoerder van Alifa maakte de subsidie het mogelijk om met 100 chauffeurs maandelijks zo’n 1000 ritten te verzorgen, gecoördineerd door acht ritbemiddelaars. Deze cijfers onderstrepen de grote behoefte aan en het succes van het project.

Het college van Enschede erkent in een raadsbrief de maatschappelijke waarde van Automaatje, waaronder de bijdrage aan de strijd tegen eenzaamheid en de ondersteuning van de zorg voor ouderen.

Het stadsbestuur van Enschede heeft in een brief aan de gemeenteraad benadrukt dat de vraag naar de Regiotaxi, een gesubsidieerde vervoersdienst voor ouderen en minder mobiele burgers, het afgelopen jaar alleen maar is gegroeid. Deze voorziening, vergelijkbaar met het Automaatje-project in zijn doelstelling om mobiliteitsoplossingen te bieden aan kwetsbare groepen binnen de gemeenschap, wordt eveneens met publieke middelen ondersteund. 

“Hoewel AutoMaatje niet heeft voldaan aan de verwachtingen van de pilot, heeft AutoMaatje wel degelijk een maatschappelijke waarde, namelijk zorgondersteuning en eenzaamheidsbestrijding onder inwoners. De maatschappelijke waarde is echter moeilijk te verzilveren ten opzichte van de meerkosten die ontstaan. AutoMaatje heeft een waarde, maar levert geen financiële besparing op de Wmo.”

Burgemeester en Wethouders van Enschede

Het besluit om de subsidie niet te verlengen heeft geleid tot teleurstelling bij Alifa, dat stelt dat de gemeente de maatschappelijke waarde van Automaatje onvoldoende heeft meegewogen. De organisatie voert al twee jaar gesprekken met de gemeente in de hoop op structurele financiering, maar deze gesprekken hebben tot nu toe niet het gewenste resultaat opgeleverd.

De kwestie is opgepakt door de lokale politiek; de SP heeft de brief van het college op de agenda gezet voor de komende raadsvergadering, waar Alifa van plan is in te spreken. Dit moment zou cruciaal kunnen zijn voor de toekomst van Automaatje in Enschede.Met het oog op deze ontwikkelingen staat Enschede voor een belangrijke beslissing: erkent men de waarde van Automaatje genoeg om te zoeken naar nieuwe financieringsmogelijkheden, of laat men een project dat zowel sociale als praktische ondersteuning biedt aan ouderen verdwijnen?

Terwijl de storm langs de kust raast, wordt heel Nederland aangeraden thuis te werken

“We kriehen sturm!”, juist op dagen als deze is het interessant dat het Eneco NK Tegenwindfietsen wordt gehouden bij weersomstandigheden zoals die nu worden verwacht.

Terwijl storm Ciarán de Nederlandse kustlijn teistert, rijst de vraag of het massale thuiswerkadvies wel terecht is. Het is duidelijk dat de storm vooral in het westen van het land huishoudt, met verwachte windstoten van 75 tot 100 kilometer per uur en hevige regenval. Maar is het nodig om heel Nederland aan te sporen thuis te werken?

In Frankrijk worden windsnelheden gemeten van meer dan 200 kilometer per uur en in West-Vlaanderen zijn al bomen omgewaaid. Ook in Engeland en België wordt het weer als zeer onstuimig omschreven, met in België verwachtingen van zeer zware windstoten. Dit alles lijkt ver weg van plekken als Zwolle en Valkenburg, waar het weer wellicht minder heftig zal zijn.

Desondanks adviseert de ANWB iedereen in Nederland om op donderdag thuis te werken, vanwege een code geel die door het KNMI is afgegeven. Deze code betekent mogelijk gevaarlijk weer, met een kans van meer dan 60 procent op windstoten van meer dan 75 kilometer per uur. Volgens de ANWB kan dit leiden tot langere files dan gebruikelijk.

Het KNMI is een innovatief kennisinstituut dat de ontwikkelingen op het gebied van waarnemingen, big data en modellen nauwlettend volgt. Toch is het de vraag of de thuiswerkadviezen en weercodes niet wat overdreven zijn. Code geel is immers een veel voorkomende waarschuwing in Nederland, en veel mensen zijn er inmiddels aan gewend.

‘We kriehen sturm!’

Interessant is dat het Eneco NK Tegenwindfietsen juist wordt gehouden bij weersomstandigheden zoals die nu worden verwacht. Bij dit kampioenschap strijden fietsers op normale stadsfietsen over de Oosterscheldekering, en het evenement vindt alleen plaats bij zeer slecht weer. Dit laat zien dat er ook een positieve kant zit aan het stormachtige weer.

Toch blijft de vraag waarom er een landelijk advies wordt gegeven, en niet per regio. Wettelijk gezien mag het KNMI alleen waarschuwen op provinciaal niveau, wat wellicht verklaart waarom de waarschuwingen niet altijd even accuraat zijn. Het zou logischer zijn om de adviezen af te stemmen op de regio’s waar de storm daadwerkelijk toeslaat, in plaats van een algemeen advies voor heel Nederland.

Meer dan een derde van ondernemers terughoudend over elektrisch rijden

Een op de drie zakelijke rijders verwacht niet te kunnen afstappen van fossiele brandstof.

Uit recent onderzoek van ANWB Zakelijk blijkt dat meer dan een derde (35 procent) van de mkb’ers en zzp’ers niet verwacht dat ze binnen hun werkzaamheden kunnen overstappen van fossiele brandstoffen naar elektrische aandrijving. Het onderzoek richtte zich op de houding van ondernemers ten opzichte van elektrisch rijden en de mogelijke obstakels die zij daarbij ervaren.

Het belangrijkste struikelblok voor ondernemers is de aanschafprijs van elektrische auto’s, zo gaf 69 procent van de respondenten aan. Ook de vermeende beperkte actieradius is voor 57 procent van de ondernemers een zorg. Daarbij gaf een meerderheid aan te streven naar een actieradius van zeshonderd kilometer op een volle accu. Daarnaast werden te weinig openbare laadpunten (29 procent) en zorgen over de levensduur van de accu (26 procent) genoemd als belemmeringen.

Opvallend is dat de wens naar een hogere actieradius groter lijkt te zijn dan de werkelijke behoefte. De helft van de ondernemers verklaarde namelijk dat ze minder dan vijftig kilometer per dag rijden. Patrick van Weert, Product Manager bij ANWB Zakelijk, wijst erop dat deze tegenstrijdigheid wellicht voortkomt uit het feit dat ondernemers gewend zijn om slechts één à twee keer per week te tanken, terwijl elektrische voertuigen dagelijks opgeladen moeten worden.

Een ander opmerkelijk resultaat uit het onderzoek is dat het type voertuig van invloed is op de perceptie van ondernemers over elektrisch rijden. Van de ondernemers met een bedrijfsbus gaf 61 procent aan niet elektrisch te kunnen rijden, terwijl slechts 31 procent van de ondernemers met personenauto’s dit aangaf. Binnen de groep ondernemers die leasen, gaf 30 procent aan niet te kunnen overstappen op elektrische voertuigen.

Van Weert benadrukte dat veel vooroordelen rond elektrisch rijden lijken voort te komen uit een gebrek aan informatie. Zo denken sommige ondernemers dat de ruimte in elektrische bedrijfsbussen beperkter is dan in hun huidige voertuigen, terwijl dit in werkelijkheid niet het geval is. Hij wees er tevens op dat autofabrikanten zich snel ontwikkelen, vooral op het gebied van elektrische bedrijfsbussen.

Foto: Pitane Blue – Fastned laadstation

Het grootste nadeel van een elektrische auto zien de ondernemers in de aanschafprijs (69 procent). Op de tweede plaats verwachten zij dat de actieradius nog onvoldoende is (57 procent).

Het onderzoek wees ook uit dat dieselrijders het minst optimistisch waren over de mogelijkheid van elektrisch rijden binnen hun werkzaamheden, waarbij 57 procent aangaf dit niet mogelijk te achten. Onder benzinerijders dacht 34 procent dat het niet haalbaar was, terwijl hybride rijders positiever waren, met 26 procent die elektrisch rijden uitsloot.

Een interessante bevinding was dat de houding van ondernemers ten opzichte van zakelijk elektrisch rijden positiever was dan hun verwachte mogelijkheden om over te stappen. Ongeveer de helft van alle mkb’ers en zzp’ers stond positief tegenover elektrisch rijden. Vooral in de sectoren horeca, recreatie, toerisme en cultuur (64 procent) en gezondheids- en welzijnszorg (60 procent) waren de meeste ondernemers positief gestemd.

Zelfs binnen beroepsgroepen waar de meerderheid aangaf dat ze geen mogelijkheid hadden om over te stappen op elektrisch rijden, had een groot deel toch een positieve houding. Bijvoorbeeld in de industriële sector, waar 67 procent dacht niet elektrisch te kunnen rijden, had toch 43 procent een positieve instelling. Hetzelfde gold voor de transport- en logistieksector, waarvan 61 procent dacht niet elektrisch te kunnen rijden, maar 38 procent een positieve houding had.

Van Weert benadrukte tot slot het belang van informeren. Hij moedigde ondernemers aan om meer te leren over elektrisch rijden om toekomstige voordelen te kunnen benutten en onverwachte uitdagingen te voorkomen. Met de snelle ontwikkelingen in de automotive-industrie, met name op het gebied van elektrische bedrijfsbussen, kunnen investeringen in de toekomst immers gunstig uitpakken.

Het onderzoek van ANWB Zakelijk werd in maart 2023 uitgevoerd onder 633 zzp’ers en mkb’ers die te maken hebben met zakelijke mobiliteit. Het gaf inzicht in hun houding ten opzichte van elektrisch rijden, de verschillende types voertuigen en het aantal gereden kilometers.

Bron: ANWB Zakelijk

Meeste Nederlanders reizen deze meivakantie met de auto

De meeste Nederlanders gaan in de meivakantie een week of langer op vakantie. Zij reizen bij voorkeur met de auto (70%) of met het vliegtuig (18%) naar hun vakantiebestemming en zoeken daarbij vaak de natuur en het water op.

Ruim een derde van de Nederlanders gaat er deze meivakantie op uit en kiest daarbij voor een bestemming binnen Europa of Nederland. Vooral kamperen met een eigen kampeermiddel, een autovakantie of een verblijf op een vakantiepark zijn dit jaar populair. Wel past bijna de helft van de vakantiegangers (40%) de plannen aan vanwege de stijgende prijzen. Dat blijkt uit een ledenpeiling van de ANWB.

De meeste Nederlanders gaan in de meivakantie een week of langer op vakantie. Zij reizen bij voorkeur met de auto (70%) of met het vliegtuig (18%) naar hun vakantiebestemming en zoeken daarbij vaak de natuur en het water op. Wandelen, fietsen, de omgeving verkennen maar ook museumbezoek, winkelen en uit eten gaan staan bij veel Nederlanders op de planning deze meivakantie. Nederland, Frankrijk, Duitsland, België en Spanje zijn als vanouds populaire bestemmingen. In eigen land kiezen vakantiegangers bij uitstek Gelderland als bestemming. 

Nederlanders geven wel aan dat zij door de stijgende prijzen minder vaak en korter op vakantie gaan, dichter bij huis blijven, een andere periode kiezen of een ander type vakantie. Van de vakantiegangers maakt 14 procent een andere keuze door de gestegen prijzen van vliegtickets. Toch laten Nederlanders hun vakanties niet zomaar los: 85 procent geeft aan naast de meivakantie ook nog een andere vakantie te boeken dit jaar.  

Zomermaanden blijven favoriet

Ondanks de populariteit van de meivakantie gaan de meeste Nederlanders nog steeds in de zomermaanden op vakantie. Het merendeel van hen heeft al plannen gemaakt voor juni, juli, augustus en september. De belangstelling voor Zuid-Europa houdt daarbij aan, bijna 30 procent van de Nederlanders blijft voor deze regio kiezen ondanks de hoge temperaturen van afgelopen zomer. Slechts 10 procent van de vakantiegangers kiest in plaats van Zuid-Europa dit jaar voor een andere bestemming.

De peiling van de ANWB is een representatief, kwantitatief onderzoek onder ruim 1000 leden vanaf 18 jaar en gehouden in april 2023. De ANWB wil iedereen die eropuit gaat inspireren en stimuleren bij het maken van een duurzame keuze, aldus de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond.

Hoogste aantal verkeersdoden sinds 2008

Om het aantal verkeersslachtoffers naar beneden te brengen zijn forse investeringen in onder meer verkeershandhaving en fietsveiligheid noodzakelijk.

De Verkeersveiligheidscoalitie is diep geraakt door de enorme toename van het aantal dodelijke verkeersslachtoffers. Vandaag maakte het CBS bekend dat er 737 verkeersdoden zijn gevallen in 2022, het hoogste aantal sinds 2008. Daarmee is een halvering van het aantal dodelijke verkeersslachtoffers in 2030 onhaalbaar.

Kwetsbare verkeersdeelnemers zoals (elektrische) fietsers zijn vaker verkeersslachtoffer dan voorheen. Maar ook onder automobilisten is het aantal dodelijke slachtoffers toegenomen. Dit heeft mede te maken met de toename van riskant gedrag in het verkeer. Zo is het aantal bestuurders dat onder invloed van alcohol aan het verkeer deelneemt de afgelopen vijf jaar verdubbeld. En de pakkans is vanwege onvoldoende handhavingscapaciteit gering. 
Daarnaast wordt de (elektrische) fiets steeds intensiever gebruikt, wat voor een toename van het aantal dodelijke slachtoffers en ernstig gewonden zorgt. 

Vandaag maakte het CBS bekend dat er 737 verkeersdoden zijn gevallen in 2022, het hoogste aantal sinds 2008.

Om het aantal verkeersslachtoffers naar beneden te brengen zijn forse investeringen in onder meer verkeershandhaving en fietsveiligheid noodzakelijk. Voor de verbetering van de infrastructuur is dankzij de investeringsimpuls Verkeersveiligheid 500 miljoen euro beschikbaar gekomen. Dat is een stap in de goede richting maar onvoldoende om het tij te keren. De Verkeersveiligheidscoalitie roept de politiek daarom op om zo snel mogelijk extra maatregelen te nemen. 

Het kabinet heeft een ambitie van 0 verkeersslachtoffers in 2050. Deze doelstelling raakt echter steeds verder buiten bereik. De daling van het aantal dodelijke verkeerslachtoffers stagneert al jaren. Verkeersongevallen zorgen voor onnoemelijk menselijk leed en kosten de maatschappij jaarlijks 27 miljard euro, aldus de ANWB (deelnemer van de verkeersveiligheidcoalitie) op hun website.

Vervoersservice ANWB AutoMaatje van start in Amstelveen

ANWB AutoMaatje wil mensen helpen mobiel en actief te blijven.

Bij de vervoersservice ANWB AutoMaatje helpen vrijwilligers, met hun eigen auto, minder mobiele Amstelveners die niet meer zelf voor vervoer kunnen zorgen. Vaak is het voor hen te lastig van de bestaande vervoersdiensten gebruik te maken of is de afstand tot de bushalte te groot. 

Ook in Amstelland zijn er veel mensen minder mobiel en voor vervoer afhankelijk van anderen. Dit maakt dat zij minder vaak de deur uit kunnen gaan dan zij willen. Een doktersbezoek, een bezoekje aan een winkel of een partner bezoeken in het verzorgingstehuis kan al een hele opgave zijn en helaas daarom niet voor iedereen vanzelfsprekend.

AutoMaatje belt u terug als er een chauffeur beschikbaar is en schat de vergoeding in aan de hand van het verwachte aantal kilometers dat de vrijwilliger voor u gaat rijden. De vergoeding bedraagt € 0,35 per kilometer plus eventuele parkeerkosten.

Een helpende hand die nodig is om de deur uit te kunnen, om de boodschappen te tillen of een arm te bieden tijdens het lopen. Het is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Een bezoekje aan een klaverjasmiddag of een partner bezoeken in het verzorgingstehuis kan dan al een hele opgave zijn. Dit maakt dat zij minder vaak de deur uit gaan dan zij willen, en daardoor minder mobiel zijn.

ANWB AutoMaatje wil mensen helpen mobiel en actief te blijven.

Door ANWB AutoMaatje toe te voegen aan het bestaande vervoersnetwerk in Amstelveen, kunnen ook  minder mobiele mensen weer deel uitmaken van het sociale en maatschappelijke leven. De vrijwillige chauffeurs ontvangen van de passagier een vergoeding voor de rit van 35 cent per kilometer. Elke rit is meer dan vervoer alleen. Het vervoer beperkt zich namelijk niet tot een bezoek aan ziekenhuis, dokter of fysiotherapeut. AutoMaatje kan ook ingeschakeld worden om weer op de koffie te gaan bij een vriendin, te gaan eten in het wijkcentrum of om naar de kapper te gaan.

Even boodschappen doen of een partner in het verzorgingstehuis bezoeken is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Met AutoMaatje wil de ANWB samen met welzijnsinstellingen en vrijwilligers mensen helpen mobiel en actief te blijven.

Heeft u vervoer nodig? Neem dan uiterlijk twee werkdagen van tevoren contact op. AutoMaatje zoekt een vrijwilliger uit de groep chauffeurs die u, op het door u gewenste tijdstip, kan rijden. AutoMaatje belt u terug als er een chauffeur beschikbaar is en schat de vergoeding in aan de hand van het verwachte aantal kilometers dat de vrijwilliger voor u gaat rijden. Op het afgesproken moment staat de vrijwilliger voor de deur. Bij een kort uitje zal deze vaak bij u blijven. Als er veel tijd zit tussen de heen- en terugrit, spreekt u met elkaar af wanneer hij of zij weer klaarstaat voor de terugreis. U betaalt de vergoeding rechtstreeks aan de vrijwilliger.

Jaarlijkse actie ‘Zet je licht aan’ gestart

Nederlandse jongeren kiezen met bijna 67% steeds vaker om met licht aan te fietsen.

Nederlandse jongeren kiezen met bijna 67% steeds vaker om met licht aan te fietsen. Om een derde van de jongeren onder de 18 jaar die nog zonder licht fietst eraan te herinneren dat zij in deze donkere maanden ook de fietsverlichting aanzetten en veilig deelnemen aan het verkeer is de ANWB de jaarlijkse actie ‘Zet je licht aan!’ gestart.

Fietsers zijn kwetsbaar in het verkeer, in het bijzonder geldt dat voor kinderen en jongeren. Zonder licht zijn fietsers slecht zichtbaar voor andere weggebruikers en lopen zij een grotere kans op een ongeval. Tien jaar geleden reed ruim de helft van de jongeren met licht op de fiets. Inmiddels rijdt twee derde van de jongeren met fietsverlichting. Om kinderen en jongeren eraan te herinneren hun fietslicht aan te doen, zullen door het hele land tags met de tekst ‘Zet je licht aan!’ op de fietspaden worden gezet door een speciaal tagteam. Met de actie wil de ANWB wijzen op het belang van goede fietsverlichting.

De ANWB roept iedereen op om ook mee te helpen en een tagpakket ‘Zet je licht aan!’ op te halen bij één van de ANWB-winkels. In het pakket zitten sjablonen en een spuitbus met spuitkrijt waarmee de tags kunnen worden gezet. Het tagpakket kan gebruikt worden rondom scholen, sportverenigingen of andere druk bezochte plekken.

Onlangs is het startsein in Tilburg gegeven door een team van ANWB-vrijwilligers dat de komende weken door het land tags zet om aandacht te vragen voor de fietsverlichtingsactie. Ook ondersteunen 1000 politiebureaus in Nederland de actie. De jeugdagenten gaan in hun eigen wijk op pad om tags te zetten om daarmee buurtbewoners er aan te herinneren hun licht aan te zetten. Alle Swapfiets-locaties en honderden basisscholen zetten zich de komende weken ook in voor de ANWB-actie. De fietsverlichtingsactie ‘Zet je licht aan!’ duurt tot 14 november, aldus de ANWB.

ANWB vindt dat accijnsverlaging moet blijven

Ondanks de accijnsverlaging blijven de hoge benzineprijzen van invloed op het autogebruik van Nederlanders. Dat blijkt uit de meest recente ledenpeiling van de ANWB. Een kwart van de leden geeft zelfs aan door de huidige brandstofprijzen financieel in de knel komen. De ANWB vindt dat de accijnsverlaging van kracht moet blijven om te voorkomen dat grote groepen mensen in hun mobiliteit worden beperkt. 

Sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne zijn de brandstofprijzen enorm gestegen. Dit heeft grote invloed op het autogebruik van Nederlanders. Uit de meest recente peiling van de ANWB die in juli werd gehouden blijkt dat 59% zijn autogebruik aanpast. Wanneer de prijzen zo blijven is 22% van plan minder vaak met de auto naar het werk te gaan en geeft 50% aan minder vaak de auto te nemen voor sociaal-recreatieve doeleinden. Ruim 30% van de Nederlanders zegt geen alternatief te hebben voor de auto om naar het werk te gaan. Deze groep wordt door de hoge benzineprijzen extra zwaar geraakt. Voor 63% zijn het OV of de (elektrische) fiets geen optie vanwege de veel langere reistijd. 

In maart van dit jaar besloot minister Kaag van Financiën de accijns op benzine tot en met eind december met 17 cent per liter benzine te verlagen. Ook de accijns op diesel en LPG werd verlaagd. De ANWB vindt dat deze verlaging behouden moet blijven. De koopkracht staat immers stevig onder druk. In Nederland wordt normaal gesproken ruim 83 cent per liter benzine aan accijns geheven. Daarmee is Nederland koploper in Europa. De verlaging van de accijns brengt daar geen verandering in. 

Ruim 1300 leden hebben aan de ledenpeiling meegedaan. De ANWB vindt dat mobiliteit veilig, schoon, efficiënt en inclusief – en dus betaalbaar – moet zijn voor iedereen. Van alle reiskilometers die we in Nederland maken wordt 70% met de auto afgelegd. De verwachting is dat dit ook in de toekomst zo blijft. Dit vraagt om een duurzame vorm van autobelastingheffing. De ANWB heeft samen met haar partners een plan opgesteld waarin concrete aanbevelingen worden gedaan. 

Foto beneden: ANWB beeldbank.

BOVAG en ANWB nog niet in koepel

BOVAG en ANWB treden vooralsnog niet toe tot de koepel van rijschoolorganisaties in oprichting. Aan deze koepel wordt al een jaar gewerkt door BOVAG, ANWB en vijf andere organisaties. Echter, ANWB en BOVAG kunnen zich niet vinden in de voorgestelde werkwijze en besluitvorming van de koepel en missen kwaliteitseisen voor aangesloten organisaties en hun leden. ANWB en BOVAG blijven inzetten op een zo breed mogelijke koepel die de kwaliteit en professionaliteit in de sector verder kan opkrikken. Liefst met frisse blik en onafhankelijke bestuurders. Vooralsnog lijkt dat niet mogelijk. Tot het moment dat dat wél lukt, trekken ANWB en BOVAG samen op als professionele en onafhankelijke gesprekspartner voor externe partijen als CBR en ministeries.   

Ruim een jaar geleden startten diverse belangenbehartigers in de rijscholenbranche een samenwerking. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat had namelijk de wens om het aantal partijen waarmee wordt overlegd over de rijscholenbranche, te verminderen. In de afgelopen maanden is door zeven organisaties, waaronder ANWB en BOVAG, intensief overlegd over de opzet van een koepel.

Echter de nu voorliggende concept-statuten van deze koepel, de inadequate verslaglegging en de gemankeerde uitwerking van gemaakte afspraken zijn van dien aard, dat we nog niet kunnen spreken van een professionele organisatie. En dat is wel wat ANWB en BOVAG nastreven. Per brief van 19 juli hebben BOVAG en ANWB  nogmaals aan de ad interim-voorzitter van de koepel i.o. Jos Vaessen gevraagd om een aantal basale hygiëne-voorwaarden en kwaliteitseisen in de statuten op te nemen, die passen bij een professionele belangenbehartigingsorganisatie. Denk daarbij aan: 

  • De benoeming van een onafhankelijk voorzitter en secretaris;
  • Goede afspraken over besluitvorming;
  • Minimale kwaliteitseisen aan de organisaties in koepel en aan hun leden;
  • Een vooraf te bepalen budget van de koepel, zodat financiën in elk geval geen bron van dispuut hoeven te zijn.  

De vijf andere organisaties hebben in een vergadering op 26 juli de voorwaarden en wensen van BOVAG en ANWB van de hand gewezen. ANWB en BOVAG hebben daarop besloten vooralsnog niet deel te nemen aan de koepel i.o. 

Doordat ANWB | ARO en BOVAG samen optrekken, is het aantal aanspreekpunten voor ministerie en cbr in deze branche voor nu niettemin beperkt tot twee partijen. Samen zullen BOVAG en ANWB zich in de toekomst hard blijven maken voor de belangen van hun achterban en voor de noodzakelijke kwaliteitssprong en verdere professionalisering van de sector. 

Start verkiezing ANWB Camping van het jaar 2023

Welke camping mag zich volgend jaar Camping van het Jaar 2023 noemen? De ANWB maakte onlangs de genomineerden bekend. Het is nu aan de campingliefhebbers om hun stem uit te brengen op hun favoriete camping. Stemmen kan tot en met 30 oktober. De winnaars worden in januari 2023 bekendgemaakt.

Een vakjury selecteerde in totaal 60 campings in drie verschillende categorieën met elk tien campings in binnen-en buitenland. Dit jaar gaat het om de categorieën: 

  • De fijnste familiecamping aan zee
  • De beste kleine camping
  • De meest bijzondere huuraccommodatie op de camping

De fijnste familiecamping aan zee

Op deze campings kunnen kinderen naar hartenlust spelen met vriendjes en ligt de zee op maximaal 500 meter van de camping. De door de vakjury geselecteerde campings hebben minimaal 4,5 ANWB-sterren, een restaurant, huuraccommodaties, speelgelegenheid en animatie voor de kinderen.

De beste kleine camping

Deze campings liggen vaak in de natuur en hebben minder dan 60 staanplaatsen. De kampeerplaatsen zijn ruim. Faciliteiten en activiteiten (zoals een zwembad, supermarkt of animatie) zijn vaak beperkt of niet aanwezig; kampeerders komen vooral voor de rust. De door de vakjury geselecteerde campings hebben minimaal vier ANWB-sterren. 

De meest bijzondere huuraccommodatie

Een verblijf huren op de camping wordt steeds populairder. Campings spelen daar op in met steeds fraaiere huuraccommodaties. In deze categorie staan de meest bijzondere huurverblijven.

De internationale vakjury bestaat uit: voorzitter Bert Gorissen (KampeerKampioen), Josipa Cvelić Bonifačić (campingmanager in Kroatië), Martin Juhos (Zweedse belangenorganisatie voor campings, SCR), Eicke Schüürmann (journalist campingbranche), Goof Lukken (docent Breda University of Applied Sciences), Rob Vrolijks (consultant camping- en watersportbranche) en Jan van Zelst (ANWB-campinginspecteur). 

De verkiezing van de ANWB Camping van het Jaar wordt jaarlijks georganiseerd door de KampeerKampioen. Ieder jaar worden de categorieën aangepast. Met de verkiezing wil de ANWB haar leden inspireren en informeren over de mooiste kampeerterreinen in binnen- en buitenland. 

Gratis auto, caravan of vouwwagen vakantiecheck

De Zomervakantie is in ons land weer begonnen, regio Midden is afgelopen vrijdag met vakantie gegaan. Snel zullen regio Noord en Zuid ook met zomervakantie gaan. Veel Nederlanders zijn al vertrokken of gaan één dezer dagen weer lekker op vakantie met de auto, caravan of vouwwagen. Om goed voorbereid op vakantie te gaan houdt de ANWB binnenkort een gratis wegenwacht vakantiecheck bij de grensovergang bij parkeerplaats Hazeldonk aan de A16. Elk jaar wordt deze vakantiecheck gehouden door de ANWB, zodat vakantiegangers veilig op reis kunnen gaan.

Vakantiegangers kunnen hier hun auto op 23 essentiële punten laten checken. Dit zijn punten zoals dashboardsignalering, claxon, wielophanging, motorolieniveau en nog veel meer. Ook wordt er gekeken naar het gewicht, banden en de belading van je caravan. Het is erg belangrijk dat je auto, caravan of vouwwagen in orde zijn voordat je vertrekt. Autotaalglas is aanwezig om je voorruit te checken op sterretjes en maakt ook gelijk je voorruit schoon. Kwikfit checkt je banden en zo ben je goed voorbereid om lekker op vakantie te gaan. Een goede voorbereiding verkleint de kans op ongelukken en je voorkomt een dure boete onderweg. De gratis ANWB wegenwacht vakantiecheck wordt gehouden op zaterdag 23 juli 2022 in de ochtend van 07:00-12:00.

Vergeet ook niet dat elk land andere regels heeft ten opzichte van de verplichte items in de auto. In veel landen ben je bijvoorbeeld verplicht om een EHBO-doos of gevarendriehoek mee te nemen. Check van tevoren hoe het zit op jouw bestemming en voorkom onnodig oponthoud of boetes over de grens. Zoek ook van tevoren uit als je met een elektrische auto op vakantie gaat waar je kunt opladen en welke laadpas je nodig hebt. Zowel de namen van de brandstoffen als de kleur aan de tankzuil kunnen in het buitenland nogal afwijken van wat je gewend bent in Nederland. Voor je het weet tank je de verkeerde brandstof, zorg dat je uitzoekt hoe jouw brandstof in het buitenland heet en voorkom hiermee dat je verkeerde brandstof tankt. Bestel indien mogelijk van tevoren je vignetten of milieusticker, dan hoef je ze niet bij de snelweggrensovergang te kopen.   

Vakanties staan voor de deur, zwarte zaterdag in aantocht

Het is bijna zover, aankomend weekend beginnen de eerste schoolvakanties in ons land. Regio midden heeft vakantie van 9 juli t/m 21 augustus, Regio Noord van 16 juli t/m 28 augustus en regio zuid van 23 juli t/m 4 september. Velen gaan dit jaar eindelijk weer lekker op vakantie in eigen land of trekken er op uit naar een ander land. Het vakantieverkeer zorgt voor enorme drukte op de wegen in Nederland en op de Europese wegen. Iedereen kent de ‘gevreesde’ Zwarte Zaterdag, de drukste zaterdag van het jaar waarop ‘iedereen’ in Europa op vakantie gaat of terugkomt. Na een lange periode van corona hebben we allemaal behoefte om lekker op vakantie te gaan. Tijdens de coronaperiode bleven we met zijn allen massaal thuis of vierde we hooguit vakantie in eigen land. Zeker nu het complete chaos is op de verschillende vliegvelden in ons land en in het buitenland en veel vluchten geannuleerd zijn, kiezen veel mensen ervoor om met de auto op vakantie te gaan.

Zwarte zaterdag is een formulering om enorme drukte in het Europese autoverkeer aan te duiden, dit als gevolg van een massale vakantie-uit of in-tocht. Zwarte zaterdagen in Europa vallen vaak in het laatste weekend van juli en/of het eerste weekend van augustus, als veel Fransen, op vakantie gaan. Op vakantieparken in Frankrijk kan een huisje in het hoogseizoen meestal alleen gehuurd worden van zaterdag tot zaterdag. Veel toeristen moeten dus wel op zaterdag reizen. De Route du Soleil is dé route naar Zuid-Frankrijk, Spanje, Zwitserland en Italië en hebben op die zwarte zaterdag last van enorm veel verkeer. Dit jaar valt zwarte zaterdag op 30 juli en 6 augustus. Wie files wil voorkomen kan beter niet in het weekend vertrekken maar doordeweeks. Op de website van de ANWB staat een drukte kalender, hier kun je per land de drukke dagen zien in de vakantieperiode.

Dit jaar valt zwarte zaterdag op 30 juli en 6 augustus. Wie files wil voorkomen kan beter niet in het weekend vertrekken maar doordeweeks.

Samen blijven hollen van crisis naar crisis

De afgelegde afstand per dag bepaalt in sterke mate welke vervoersmodi we kiezen.

Al zitten we nog in de staart van de coronapandemie, de volgende crisis woedt al volop. Terwijl donkere wolken zich boven de eurozone samenpakken, in de vorm van economische gevolgen van de oorlog in Oekraïne en de hoge inflatie, kampen we in Nederland met de klimaatcrisis, een energiecrisis, een vertrouwenscrisis tussen burgers en de politiek, een uit de hand lopende vluchtelingencrisis, een landbouwcrisis, de stikstofcrisis, de toeslagencrisis, een woningmarktcrisis en niet te vergeten de personeelscrisis.

Hoe dan ook, een crisis is een zware noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel, van welke aard dan ook, ernstig verstoord raakt. Welke crisis we ook benoemen, we zijn het er in Nederland ondertussen ook over eens geraakt dat de overheid er iets moet aan doen. Terwijl we daar op wachten kunnen we ons volop zorgen maken over een ander fenomeen dat de kop opsteekt. Het fileprobleem en het verkeersinfarct.

overheid

ANWB verwacht een ‘permanent verkeersinfarct’, en vaker ‘bumper aan bumper’ rijden. Duidelijk is dat de bereikbaarheid van Nederland prioriteit moet krijgen. Zoals het hoort in Nederland wil dus ook de ANWB dat het Rijk op korte termijn met een plan van aanpak moet komen. Eerder kwamen we het woord stikstofcrisis tegen en daardoor kunnen veertien projecten uit het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) niet tijdig worden uitgevoerd door een gebrek aan stikstof-experts. Dat blijkt uit een brief die minister Harbers van I en W naar de Kamer heeft gestuurd.

De ANWB onderkent de complexiteit van de stikstofproblematiek, maar vindt dat de bereikbaarheid van Nederland prioriteit moet krijgen en dat de doorstroming ondanks de stikstofbeperkingen bevorderd moet worden. Om wildgroei aan lokale maatregelen te voorkomen, zou de landelijke politiek hierbij de regie moeten pakken en op korte termijn een plan moeten opstellen. Als nu niet wordt ingegrepen bestaat het risico dat Nederland vastloopt, met alle economische en sociale gevolgen van dien.

Mobiliteit is noodzakelijk om deelname aan de maatschappij te garanderen. De stikstof- en klimaatcrisis geven ons de kans om mobiliteit anders aan te pakken. Een eerste vereiste is dat we gaan verminderen, minder kilometers en vooral meer nabijheid. Het snoeien van asfaltkilometers moet toch zorgen dat we kunnen verplaatsen: meer te voet, met de fiets, met het openbaar vervoer of gedeeld.

Iedereen moet gebruik kunnen maken van gedeelde mobiliteit.

duurzaamheid

Door ons mobiliteitsgedrag van vandaag brengen we de mogelijkheid van onze kinderen en kleinkinderen om zich in de toekomst te verplaatsen in gevaar. Duurzame mobiliteit omschrijven we als voldoende mobiliteit om volwaardig deel te nemen aan het maatschappelijk leven zonder dat de negatieve gevolgen van ons individueel mobiliteitsgedrag de mobiliteit van anderen op korte of lange termijn nadelig beïnvloeden.

Wanneer een verplaatsing met de auto onvermijdelijk is, kiezen we voor een gedeelde auto, delen we onze rit met anderen en zorgen we voor de minst vervuilende wagen. Misschien kunnen we ons ook iets meer verdiepen in het MaaS concept. We vermijden zoveel mogelijk onnodige verplaatsingen door te kiezen voor bijvoorbeeld telewerken en staan bewust stil bij ons verplaatsingsgedrag. Gedeelde mobiliteit kan daarbij helpen.

werken aan oplossing

Gedeelde mobiliteit heeft de toekomst en biedt meer mogelijkheden om aan te sluiten bij de wens van de reiziger. Daarmee bedoelt men alle mobiliteit die voor iedereen toegankelijk is en die je vaak samen gebruikt. Dit kan de bus of de trein zijn, maar ook een taxi, deelauto of een deelfiets. Ook meerijden met iemand past binnen gedeelde mobiliteit.

Iedereen moet gebruik kunnen maken van gedeelde mobiliteit. Dit gaat om fysieke toegankelijkheid, zoals rolstoelgebruikers,  maar ook om mentale toegankelijkheid. Barrières die reizigers met een beperking ervaren moeten we zoveel mogelijk wegnemen. Om goed aan te sluiten bij de wensen van verschillende groepen reizigers, blijft maatwerk essentieel. Dat betekent niet dat iedereen gebruik moet maken van gedeelde mobiliteit.

We moeten beseffen dat de auto voor veel mensen een belangrijk vervoersmiddel blijft. Maar met gedeelde mobiliteit kunnen we alle reizigers een alternatief bieden en zo kan iedereen zelf bepalen of hij of zij wil meewerken aan de oplossing van een crisis. Niet alles moeten we van de overheid verwachten, zelf zijn we essentiële schakels in de oplossing.


ANWB wil duidelijkheid over geschrapte vluchten

Schiphol meldde onlangs dat zij vluchten schrapt vanwege personeelstekorten. Dat is drie weken voor de zomervakanties losbarsten een grote domper voor vakantiegangers, vindt de ANWB. Veel Nederlanders gingen twee jaar lang door corona niet op vakantie. Na alle lockdowns en thuiswerken dreigt de vakantieganger nu het slachtoffer te worden van de wantoestanden op Schiphol.

Op dit moment is nog onduidelijk hoeveel vakantiegangers hierdoor worden geraakt, welke vluchten er worden geannuleerd en wat de gevolgen precies zullen zijn. Dat alleen al zorgt voor grote onrust en onzekerheid bij de reiziger. De ANWB wil snel duidelijkheid voor de vakantiegangers zodat zij nog op zoek kunnen naar een alternatief.

Ook moet Schiphol zorgen voor goede en actuele informatie omtrent de voorziene annuleringen. In mei stuurde de ANWB samen met de ANVR een brandbrief aan de Tweede Kamer/ minister voor een krachtdadiger aanpak van de problemen op Schiphol. Helaas zijn de problemen nog altijd niet opgelost. De ANWB volgt de ontwikkelingen nauwgezet. Leden die een vakantie bij de ANWB hebben geboekt worden automatisch gewaarschuwd zodra meer informatie bekend is.

Foto beneden: ANWB beeldbank.