Tag archieven: mobiliteitsbeleid

Elektrische wagens drijven kosten op: bedrijven herzien mobiliteitsbeleid

Tesla verliest terrein terwijl Chinese elektrische wagens winnen aan populariteit.

De prijs van bedrijfswagens is de afgelopen tien jaar bijna verdubbeld, een stijging die bedrijven dwingt hun mobiliteitsbeleid te herzien. De hoofdreden voor deze kostenstijging is de verschuiving van fossiele brandstoffen naar elektrische voertuigen. Dit brengt echter ook nieuwe opties met zich mee voor werknemers die geen grote wagen nodig hebben, of kiezen voor een kleiner model. Veel bedrijven kunnen het zich niet langer veroorloven om het mobiliteitsbudget van hun werknemers mee te laten stijgen met de prijs van nieuwe wagens, en kiezen daarom steeds vaker voor kleinere modellen.

De ooit zo populaire Tesla heeft aan aantrekkingskracht verloren, mede door problemen met onderhoud en service na verkoop. De restwaarde van Tesla’s is gedaald door de onvoorspelbare acties van Elon Musk, wat heeft geleid tot hogere kosten voor leasingmaatschappijen. Deze hogere kosten worden doorberekend aan bedrijven, wat de aantrekkelijkheid van Tesla’s verder vermindert.

populariteit

Ondertussen winnen Chinese elektrische auto’s aan populariteit. Ze bieden grote, goed uitgeruste voertuigen tegen een veel lagere prijs dan Europese merken. Bijvoorbeeld, een kleine Opel Corsa kost ongeveer evenveel als een veel grotere BYD met lederen zetels. De Europese Unie overweegt invoerheffingen op Chinese auto’s, wat de prijs kan beïnvloeden. Maar als Chinese fabrikanten besluiten hun productie in Europa op te voeren, kan dit effect beperkt blijven.

Elektrische wagens zullen bovendien niet voor altijd fiscaal gestimuleerd worden, omdat dit onhoudbaar blijkt voor de overheid. Werknemers die gewend zijn aan grotere modellen kunnen teleurgesteld zijn als ze moeten overstappen op kleinere auto’s. Sommigen kiezen ervoor om een kleinere auto te rijden of zelfs een eigen wagen aan te schaffen en het vrijgekomen mobiliteitsbudget anders te besteden.

Illustratie: © Pitane Blue – zakelijke parkeerplaats

De populairste bedrijfswagens van 2024, gebaseerd op de meest bestelde modellen bij mobiliteitsaanbieder Athlon Belgium, zijn allemaal volledig elektrisch. De top tien bestaat uit de BMW iX1, Audi Q4 e-tron, BMW i4, Mercedes-Benz EQB, Tesla Model Y, Volvo EX30, Skoda Enyaq, Mercedes-Benz EQA, BMW iX3 en Tesla Model 3. Opvallend is dat de BMW X1 PHEV, in 2023 nog de best verkochte bedrijfswagen en de enige plug-in hybride in de top tien, dit jaar uit het lijstje is verdwenen, samen met de laatste benzine- en dieselmodellen.

De opkomst van elektrische voertuigen en de daarbij horende prijsstijgingen zetten bedrijven onder druk om hun mobiliteitsstrategieën te herzien. De traditionele voorkeur voor grote, luxe wagens maakt steeds vaker plaats voor kleinere en efficiëntere modellen. Werknemers kunnen teleurgesteld zijn door deze veranderingen, maar het biedt ook nieuwe mogelijkheden voor persoonlijke mobiliteitskeuzes en budgetoptimalisatie.

Weesperstraat markeert keerpunt in Amsterdamse mobiliteitsbeleid

De Amsterdamse aanpak van mobiliteit, zoals aangetoond door de implementatie van de “knip” op de Weesperstraat, illustreert volgens Ploos van Amstel een vastgeroeste manier van denken.

Volgens bedrijfseconoom en lector City Logistics aan de Hogeschool van Amsterdam, Walther Ploos van Amstel, is de ‘knip’ op de Weesperstraat een cruciale omslag in het Amsterdamse mobiliteitsbeleid. De recente debatten over mobiliteit, waarin de wethouder en raadsleden allerlei onderwerpen naar voren brachten, lieten zien dat er weinig vooruitgang wordt geboekt, zelfs ondanks een betere voorbereiding van de wethouder.

Ploos van Amstel stelt dat er een gebrek is aan een integrale visie op mobiliteit en openbare ruimte in Amsterdam. Ondanks dat partijen zoals GroenLinks opkomen voor gemarginaliseerde groepen zoals voetgangers, worden hun belangen niet voldoende gediend.

Belangrijke agendapunten zoals touringcars, luchtkwaliteit, verkeersveiligheid en uitstootvrij verkeer zijn niet behandeld, wat volgens Ploos van Amstel illustratief is voor de afwezigheid van een holistische visie. De implementatie van verschillende beleidsplannen wordt vertraagd doordat de deelplannen niet goed op elkaar aansluiten en de belangen van verschillende stakeholders niet in acht worden genomen.

Ploos van Amstel benadrukt dat de mobiliteitsproblemen in Amsterdam en omstreken zullen escaleren als er geen actie wordt ondernomen. Amsterdam verwacht tegen 2050 250.000 nieuwe inwoners en 200.000 extra banen. Als er niets verandert, stelt hij, loopt het vast.

Hij beschrijft de pilot met de knip op de Weesperstraat als een helder voorbeeld van het gebrek aan visie op mobiliteit en de openbare ruimte. Volgens Ploos van Amstel is een doelgericht mobiliteitsbeleid voor verschillende groepen – waaronder bewoners, werknemers, studenten en bezoekers – noodzakelijk. Bovendien pleit hij voor het identificeren van het soort mobiliteitsgedrag dat gestimuleerd, gefaciliteerd en mogelijk zelfs gereguleerd moet worden.

Oplossingen zouden kunnen bestaan uit het beperken van autobezit en -gebruik, inzetten op deelvervoer, het stimuleren van lopen en fietsen, en het zorgen voor goed openbaar vervoer. Ook het aanpakken van de stadslogistiek, het implementeren van een adequaat taxibeleid en het reguleren van verkeer met ‘smart mobility’ zijn belangrijke stappen.

De komst van de knip op de Weesperstraat markeert een omslagpunt in het Amsterdamse mobiliteitsbeleid.

Bovenal roept Ploos van Amstel op om de ‘hypermobiliteit’ van Amsterdammers aan te pakken. Hij stelt dat er een masterplan nodig is dat richting geeft aan het beleid over voetgangers en fietsers, verkeersveiligheid, autoverkeer en stadslogistiek en vooral voor de inrichting van (nieuwe) buurten.

“Mobiliteit gaat veel verder dan de portefeuille van een enkele verkeerswethouder. Dit raakt ook de ruimtelijke ordening van de stad, de digitalisering en de economie van de stad,” zegt Ploos van Amstel.

Het is hoog tijd voor een masterplan dat de stad en de regio weer met elkaar verbindt en de nadruk legt op nabijheid, verblijven, verplaatsen en beleven. Een masterplan dat gaat over mensen, niet over voertuigen.

De knip op de Weesperstraat wordt gezien als de waterscheiding in het Amsterdamse mobiliteitsbeleid. Voordat we verder gaan, stelt Ploos van Amstel, is een masterplan essentieel. Hij hoopt op een inspirerende verschuiving van zielloos beleid naar een beleid met visie na de implementatie van de knip.

toekomst

De toekomst van de mobiliteit in Amsterdam vereist een visie die verder gaat dan het reduceren van autoverkeer en die rekening houdt met de impact op de levenskwaliteit van de bewoners, de economie van de stad en de toekomstige groei. Deze visie moet ook de uitdagingen op het gebied van digitalisering en ruimtelijke ordening van de stad aangaan. Lokale participatie van bewoners en ondernemers is daarbij essentieel om de plannen in detail uit te werken.

Volgens Ploos van Amstel zal het succes van een dergelijke visie grotendeels afhangen van hoe deze wordt geïmplementeerd binnen de organisatiestructuur van de gemeente. Er moeten voldoende kennis en competenties aanwezig zijn om de gestelde doelen te bereiken.

Integrale visie op fietsen en fietsinfrastructuur

De fietser wil geen hinder ondervinden van bestuurlijke grenzen en beleidshokjes.

Er is grote winst te behalen voor het recreatieve fietsen en meer algemeen, het fietsen in het landelijk gebied, door meer afstemming en samenwerking tussen de verschillende beleidssectoren en de gebieden. Koepelorganisatie Fietsplatform vraagt daarom samen met ANWB, Fietsersbond en wielersportbond NTFU om integraal beleid tussen beleidssectoren en gebieden. De gezamenlijke organisaties pleiten voor een integrale visie op fietsen en fietsinfrastructuur. Het appel maakt onderdeel uit van een bredere Top 10 met aanbevelingen voor het recreatieve fietsen, die de organisaties deze zomer presenteerden. 

Integrale fietsvisie
Er liggen vooral kansen door beleid en middelen voor routerecreatie te koppelen aan mobiliteitsbeleid. “Met een integrale visie op fietsen en fietsinfrastructuur – of beter: actieve mobiliteit – kan gericht worden geschakeld met omgevingsbeleid. Idealiter wordt deze visie ook gesteund vanuit sportbeleid en het streven om mensen meer te laten bewegen”, aldus Eric Nijland, directeur Fietsplatform.

Een integrale visie biedt ook houvast om balans te zoeken en te vinden in andere ruimtelijke opgaven, zoals met name het bouwbeleid en natuurbeleid (Nationaal Programma Landelijk Gebied). Nederland staat voor een grote woningbouwopgave van een miljoen woningen binnen 10 jaar, bijna allemaal binnen stedelijk gebied. Dit zorgt voor extra verplaatsingen die druk uitoefenen op de bereikbaarheid van zowel de stad, als het landelijk gebied. Het helpt om zorgvuldig te kunnen sleutelen aan een hoogwaardige leefomgeving die beweegvriendelijk is ingericht. Veilig en aantrekkelijk kunnen fietsen maakt daar onlosmakelijk onderdeel van uit!

Integraal denken
Doorfietsroutes, eerder ook wel snelfietsroutes genoemd, zijn regionale fietsroutes waarop je comfortabel en zonder oponthoud kunt fietsen van plaats A naar plaats B. Bedoeld om het woon-werkfietsen in Nederland te stimuleren. Deze opvatting is echter achterhaald; waar de route voor de fietsforens zorgt voor een betere bereikbaarheid van woon-werklocaties, is het voor de recreatieve fietser de manier om comfortabel het landelijk gebied in te fietsen.

Een goed voorbeeld is het 17 kilometer lange RijnWaalpad tussen Arnhem en Nijmegen. De route verbindt de twee grote steden en de tussenliggende kernen. In het weekend is het hier inmiddels drukker dan doordeweeks, terwijl deze infrastructuur is aangelegd voor woon-werkverkeer. De aanleg van deze routes vraagt om integraal denken. Waar de ontwikkeling van het netwerk gericht was op utilitair gebruik, namelijk het aanleggen van infrastructuur, vraagt de inzet op recreatief gebruik om beleving, Anders gezegd aangenaam asfalt in een aantrekkelijke omgeving met voorzieningen om van die omgeving te kunnen genieten. 

Aangenaam asfalt
Utilitaire fietsers zijn bereid om 10 tot 15% om te fietsen langs een aangenamere route naar hun bestemming; voor recreatieve fietsers is een aangename route een voorwaarde om überhaupt op de fiets te stappen. Afgelopen winter werden in de gemeente Houten diverse fietsroutes buiten de bebouwde kom voorzien van een groene inbedding. De Schalkwijkseweg, de Groeneweg en de Oud Wulfseweg kregen een groene metamorfose om de fietsroute nog wat aantrekkelijker te maken.

Bomenrijen, houtwallen en heggen kunnen bij stevige wind voor luwte zorgen, bij zon voor schaduw en bij regen voor enige beschutting. Verder dragen ze bij aan het ‘buitengevoel’ van de fietser. Een goed voorbeeld van integraal denken. Een visie die volgens de samenwerkende organisaties nodig is om het recreatief fietsen aangenaam en veilig te houden, en om het fietsgebruik verder te stimuleren.

Top 10 recreatief fietsen
Het recreatieve fietsgebruik groeit al jaren. Fietsers ondervinden hinder van de drukte en willen graag meer veiligheid en comfort van fietspaden en wegen. Hier is een belangrijke rol voor de overheid weggelegd. Volgend jaar maart zijn er weer Statenverkiezingen. Dit biedt de mogelijkheid om nieuwe prioriteiten te stellen. Koepelorganisatie Fietsplatform stelde daarom samen met ANWB, Fietsersbond en wielersportbond NTFU een Top 10 voor het recreatieve fietsen op. Deze biedt concrete handvatten met aanbevelingen op weg naar de verkiezingen. Het gezamenlijke verzoek: neem de punten op in de verkiezingsprogramma’s en daarna in het komende collegeakkoord, aldus Koepelorganisatie Fietsplatform.

Leasefiets als secundaire arbeidsvoorwaarden

Slechts een derde (32 procent) van de werkgevers in Nederland biedt hun personeel een leasefiets of een fietsregeling aan. Dat terwijl 8 op de 10 werkende Nederlanders dit ziet als een mooie secundaire arbeidsvoorwaarde, die past in een modern en duurzaam mobiliteitsbeleid. Dat blijkt uit het onderzoek van ALD Automotive onder ruim 1.100 werkende Nederlanders.

“Er liggen dus veel kansen voor de fiets, niet alleen qua duurzaamheid, maar ook om je als werkgever aantrekkelijker te positioneren”

Lonneke van der Horst, Marketing & Strategy Director bij ALD Automotive.

Leasemaatschappij ALD Automotive deed de afgelopen drie jaar onderzoek naar het gebruik van de fiets of e-bike voor woon-werkverkeer onder werkende Nederlanders. Dit jaar blijkt uit het onderzoek dat maar liefst 79 procent een e-bike van de zaak een hele mooie secundaire arbeidsvoorwaarde vindt. Nog eens 76 procent vindt dat een leasefiets niet mag ontbreken in een modern (duurzaam) mobiliteitsbeleid en deel uitmaakt van aantrekkelijk werkgeverschap.

“Hier liggen daarom grote kansen en het is feitelijk laaghangend fruit voor werkgevers. Elektrisch rijden en de mogelijkheid om ook een fiets of e-bike te leasen zijn duurzame opties waarmee een bedrijf zich in de huidige arbeidsmarkt kan positioneren als een aantrekkelijke en duurzame werkgever.”

Lonneke van der Horst, Marketing & Strategy Director bij ALD Automotive.

Werkgeversstimulans

Twee jaar geleden stond 71 procent van de werknemers open voor een leasefiets. Inmiddels is dit opgelopen naar 77 procent van de werknemers die geïnteresseerd is in een zakelijke leasefiets, eventueel in combinatie met een leaseauto.

“Op dit moment biedt nog steeds maar een derde van de werkgevers een fiets van de zaak aan. Terwijl uit het onderzoek blijkt dat een regeling via de werkgever de beste stimulans is om werknemers op de fiets te krijgen. Dus er is zeker potentie. De afstand tot het werk is de grootste barrière om de auto te laten staan. Wanneer je in aanmerking komt voor een leasefiets en je kunt daardoor met een e-bike naar het werk, dan zijn afstanden van 15 -25 kilometer veel makkelijker te overbruggen.”

Lonneke van der Horst, Marketing & Strategy Director bij ALD Automotive.

Fiscaal blijft lastig

De fiscaliteit rondom de fiets van de zaak blijven lastig. 55 procent van de werknemers weet nog steeds niet wat de fiscale regels voor een fiets van de zaak zijn, ziet Van der Horst in het onderzoek terug. De helft van de werkende Nederlanders, denkt dat hier een rol weggelegd is voor de overheid en dat zij het gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer kan stimuleren door het fiscaal aantrekkelijker te maken. “En vooral om het eenvoudiger te maken”, schat Van der Horst in. De overheid kan sowieso een grotere rol spelen in de stimulans om de fiets als alternatief vervoersmiddel in te zetten voor woon-werkverkeer. Een derde van de ondervraagden zou namelijk ook meer aandacht willen voor fietsveiligheid in het verkeer, de aanleg van snelfietspaden en meer bewaakte fietsenstallingen.

“De regeling moet simpeler en aantrekkelijker worden voor werkgevers en werknemers. De administratieve rompslomp rondom de fiets van de zaak werkt demotiverend. Daarnaast schuurt het gebruik van de fiets van de zaak met de onbelaste reiskostenvergoeding, de werkkostenregeling en de bijtelling. Als we samen met de overheid ervoor kunnen zorgen dat daar minder mensen op afhaken, wordt de toekomst voor de leasefiets nog mooier en draagt deze bij aan de medewerkerstevredenheid.”

Renate Hemerik, voorzitter van de VNA, vereniging van Nederlandse Autoleasemaatschappijen.

Brussel Mobiliteit plaatst voetgangers centraal

Voor korte afstanden is het efficiënter als je te voet gaat! 60% van de verplaatsingen in Brussel is korter dan 5 km. Brussel Mobiliteit plaatst voetgangers centraal in zijn mobiliteitsbeleid en start vandaag met een ietwat eigenzinnige bewustmakingscampagne.

Voeten©… unieke spitstechnologie die bouwt op uitgebreid onderzoek en zorgvuldige modelvorming, met een historische ontwikkeling en een toekomstgericht ontwerp! Voeten© zijn gratis, worden lokaal geproduceerd, zijn 100% natuurlijk en de klok rond beschikbaar. Voeten© verbruiken 67 kcal/km en zijn overal herlaadbaar! De hele campagne lang vinden voetgangers trouwens zowat overal herlaadplekken waar ze hun voeten kunnen “opladen”: zitbanken!

“We zijn allemaal voetgangers! Als je ziet dat 38% van de trajecten in Brussel te voet worden afgelegd, is dit het voornaamste Brusselse verplaatsingsmiddel. Het is goed voor de gezondheid, voor de sfeer in de stad en voor het leefmilieu en daarom staan voetgangers centraal in de visie van Good Move, ons Gewestelijk Mobiliteitsplan. En nu brengen we die principes in de praktijk in ons beleid voor de uitvoering van werken en renovaties.”

Brussels Minister van Mobiliteit Elke Van den Brandt:

Sensibilisering…

Stappen is gekozen als hoofdthema van de volgende Week van de Mobiliteit, als verbindend element tussen alle middelen die we gebruiken om aan onze verplaatsingsnoden te voldoen (de school, het werk, recreatie, boodschappen). Brussel Mobiliteit biedt ook ondersteuning aan een nieuw verenigingsplatform, walk.brussels, dat in het begin van de zomer voor het brede publiek beschikbaar wordt. Eén van de voornaamste doelen van de vzw achter het platform is de verenigingssector samenbrengen rond alles wat voor voetgangers belangrijk is. 

… en verbeteringen aan de infrastructuur

Uit een onderzoek van 2020 (de Movid-19 enquête) blijkt dat de Brusselaars steeds meer belang hechten aan stappen. 71% onder hen geeft aan dat de Covidcrisis een aanleiding biedt om bredere stoepen aan te leggen, indien nodig door gebruik te maken van ruimte die traditioneel was voorbehouden voor de auto. De verplaatsing te voet is trouwens het uitgangspunt van het nieuw Gewestelijk Mobiliteitsplan Good Move. Het is onze ambitie om van de actieve verplaatsingsmiddelen de eerste optie te maken voor korte trajecten, met 56% van de verplaatsingen voor afstanden korter dan 2 km die te voet of met de fiets worden afgelegd. Daartoe voorziet het Gewestelijk Mobiliteitsplan bijvoorbeeld in de aanleg van 11 km “voetgangersboulevards” tegen 2024.

Lees ook: Trap de blues van je af in het kader van Bike for Brussels

“Parallel met deze sensibilisering voor verplaatsingen te voet is het uiteraard essentieel dat er ook inspanningen gebeuren voor het comfort van de voetgangersinfrastructuur en de toegankelijkheid van de openbare ruimte. Brussel Mobiliteit is daarom al gestart met een meerjarenplan voor het onderhoud van de trottoirs, met een budget van 6 miljoen euro in 2021”

Steven Fierens, woordvoerster van Brussel Mobiliteit.

Mobinck en XXImo bereiken overeenstemming overname

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Het gebruik van (deel)auto’s stijgt, thuiswerken is realiteit, samen met je collega’s vergaderen in een hub is geen uitzondering en werk en privé lopen steeds meer door elkaar heen. De wereld is je werkplek, waarbij verantwoord reizen de norm is. Om dat nationaal en internationaal nog beter mogelijk te maken, hebben Mobinck en XXImo overeenstemming bereikt over een overname.

Samen sterk
Mobinck is met de overname de moeder van twee koplopers in flexibiliseren van zakelijke mobiliteit. Eén daarvan is Radiuz, het mobiliteitsplatform dat ervoor zorgt dat werkgevers hun mobiliteitsbeleid flexibel en eenvoudig kunnen inrichten. XXImo is met haar Visa-betalingsplatform sterk in het genereren en afhandelen van Europese betalingstransacties die gemoeid gaan met zakelijk reizen. De dienstverlening van XXImo en Radiuz liggen daarmee prachtig in elkaars verlengde.

‘Een krachtige combinatie’, aldus Harry de Haas, CEO Mobinck. ‘Met deze overname halen we een essentieel onderdeel van ons mobiliteitsecosysteem in huis, waarbij we onze klanten kunnen helpen bij het eenvoudig en flexibel inrichten van hun mobiliteit.’ Patrick Bunnik, CEO van XXImo, voegt toe: ‘Er is in de laatste drie jaar in mobiliteit meer veranderd dan in de tien jaar daarvoor. Technologie en internationale samenwerking zijn daarbij key. Consolidatie, schaalvergroting en het samen laten werken van slimme teams zijn dan ook een must om een vooraanstaande speler te blijven.’

Toegang tot mobiliteit en beheersbaarheid voor de werkgever
XXImo gaat deel uitmaken van Mobinck. Een bedrijf dat naast XXImo bestaat uit de mobiliteitsbedrijven Radiuz, Moove, Toogethr en Fleet Support. ‘Mobinck brengt innovatieve en flexibele vormen van mobiliteit samen voor werkgever en werknemer. Mobinck ontwikkelt geïntegreerde totaaloplossingen voor werkgevers in Nederland. Alles gefaciliteerd door één aanbieder met één maandelijkse btw-factuur. Kostenefficiënt, duurzaam en gericht op hogere werknemerstevredenheid.’, aldus Harry de Haas. In deze tijd van beperkter OV-gebruik is er meer en meer behoefte naar flexibiliteit van mobiliteit. Mobinck biedt alternatieven en zorgt ervoor dat werkgevers op een beheersbare manier keuzevrijheid in mobiliteit kunnen bieden.

‘Een deelfiets of scooter, slim parkeren, ridesharing met een collega, het OV, de (deel)auto of een taxi? Wij zorgen dat werknemers via ons platform snel toegang krijgen tot welke vorm van mobiliteit dan ook en dat werkgevers geen omkijken meer hebben naar de administratieve afhandeling.’, licht De Haas toe.

Flexibiliteit in mobiliteit
Mobinck bouwt met haar bedrijven aan een ecosysteem. Nu op een andere manier reizen noodzakelijk is, is flexibiliteit nóg belangrijker. Een platform waar werkgever en werknemer toegang tot hebben, waarvan de ontwikkeling nooit stilstaat en waarbij alle nieuwe vormen van mobiliteit snel aangesloten worden en de betaling goed is geregeld. Een systeem waarbij op basis van realtime data waardevolle inzichten ontstaan voor werkgever en werknemer, zodat mobiliteit veilig, kostenbewust en efficiënt ingezet kan worden.

‘Onze ambities zijn groot en met XXImo hebben we een prachtige, krachtige partner toegevoegd’, aldus De Haas.

Lees ook: Fietsreclame VanMoof wordt geweerd van de Franse TV

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp





Volgende fase mobiliteit wordt aangevoerd door babyboomers

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

Toon Zijlstra van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) geeft zijn visie in de publicatie Visie op Mobiliteit. Mobiliteit is een veelomvattend onderwerp, niet eenvoudig te overzien of te voorspellen. Om aan de juiste oplossingen te werken is het belangrijk om te begrijpen hoe mobiliteit zich zal ontwikkelen richting 2050. Om die reden besloot INFO om elf experts van marktpartijen, de overheid en academici te vragen naar hun visie op toekomstige mobiliteit. Vandaag werd de publicatie van dit rapport aan de pers voorgesteld.

Op weg naar 2050, over de toekomstige mobiliteit. Het KiM is een onafhankelijk wetenschappelijk instituut binnen het Ministerie van infrastructuur en Waterstaat. Zij doen onderzoek en geven inzichten aan dit ministerie op het gebied van vervoer en verkeer. Toon Zijlstra is wetenschappelijk onderzoeker en houd zich vooral bezig met prognoses en vragenlijsten.

Zijlstra vindt hij dat we in Nederland heel trots kunnen zijn op wat we hebben. Ook zegt hij dat reizen steeds makkelijker, goedkoper en comfortabeler wordt. Volgens hem is reizen onder jongeren een soort statusding geworden. Jongeren gaan tegenwoordig liever surfen in Bali waar ze vroeger gingen kamperen in de Ardennen. Hij zegt dat de drukte in het verkeer, op de luchthavens en in de trein zorgt voor klimaatproblemen en claims op fossiele brandstoffen, kwetsbaarheid voor verstoringen en verkeersslachtoffers. Dit is volgens hem allemaal te wijden aan de moderne (mobiele) samenleving. Deze hypermobiele samenleving maakt volgens Zijlstra de verspreiding van ziektes als corona mogelijk. De coronacrisis zorgt er wel voor dat thuiswerken makkelijker is dan mensen hadden gedacht.

babyboomers

Ook denkt Zijlstra dat de volgende fase van mobiliteit de komende vijf jaar wordt aangevoerd door de babyboomers. Deze groep mensen zullen de komende jaren een hoge leeftijd bereiken, waardoor velen geen auto meer mogen of kunnen rijden. Hij is benieuwd wat dit gaat betekenen voor onze verkeers- en vervoerssystemen. Deze groep mensen zal hun activiteiten te voet gaan doen, waardoor voetgangers een centrale rol in visies en plannen van de overheden zullen krijgen. Hij denkt dat klimaat bovenaan de agenda komt, dus het terugdringen van de uitstoot en klimaatadaptie. Dit door bijvoorbeeld het gebruik van elektrische voertuigen en het digitaliseren van reisinformatie en mobiliteitsdiensten.  

Op de vraag hoe hij denkt dat de mobiliteit er over 30 jaar uit al zien antwoord hij, ik denk dat er een scherpere tweedeling zal ontstaan tussen de ik wil het nu- mensen en de ik kan ervoor betalen- mensen en de vaste werkplek/werktijd- mensen. Deze ad hoc- mobiliteit is volgens hem een luxe die niet iedereen zich zal kunnen veroorloven. Ook verwacht hij meer aandacht voor reistijdverrijking, reistijd is niet noodzakelijke verspilling. Verder denkt hij dat alle vervoersystemen in 2050 elektrisch zullen zijn, de grovere vervoersystemen zoals vrachtwagens en vliegtuigen zullen nog een uitdaging zijn. Hij vindt het lastig om alles te overzien, want mobiliteit is volgens hem compleet verweven met de samenleving, milieu, economie en technologie. De meeste toekomstbeelden zeggen vooral iets over het heden; over die dingen die ons nu bezig houden’, aldus Toon Zijlstra.

“We moeten richting meer sociaal-maatschappelijke oplossingen en een herstructurering van de economie en de logica die daarachter zit. We hebben onszelf, onze levensstijl, de economie en de samenleving helemaal aangepast aan instant mobiliteit. Voor een transitie is dus meer nodig dan het vervangen van een verbrandingsmotor door een elektromotor,” concludeert hij.

Lees ook: Schiphol neemt eindelijk de Aalsmeerbaan weer in gebruik

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Toon Zijlstra – KiM





Kansen voor een ander mobiliteitsbeleid na coronacrisis

Het vliegverkeer, de grote groeimotor in de internationale mobiliteit, is zo goed als stilgevallen. De auto-industrie verkeert in zwaar weer door afnemende verkopen. De straten zijn veel leger dan anders, vooral in de spits. De medewerkers van de ANWB-fileinformatie zitten duimen te draaien. In het uitgedunde openbaar vervoer zitten maar weinig reizigers. Het aantal fietsers in de spits is eveneens sterk afgenomen, maar overdag juist toegenomen. 

Volgens de fietsersbond rapporteert Google voor Nederland op basis van data-analyse 35% minder woon-werkverkeer en een afname van 68% van het verkeer naar stations/ov-hubs. Op de straten is volop ruimte om te spelen. De lucht is schoner dan hij heel lang is geweest en ook de geluidsoverlast is sterk afgenomen. Het aantal verkeersongevallen neemt af met de intensiteit van het verkeer.

Volgens Wim Bot van de Fietsersbond is de grootste kans op een ander mobiliteitsbeleid te zien in vooral de huidige hausse aan thuiswerken, met alle digitale hulpmiddelen die er zijn. Vooral vergaderen door videobellen en het onderwijs op afstand nemen een hoge vlucht. Behoud van een deel van het huidige thuiswerken en het vaker videobellen en college geven kan tot een grote verandering in ons verplaatsingsgedrag leiden. Files kunnen daardoor zo goed als helemaal  verdwijnen – congestie verdwijnt bij een paar procent minder voertuigen – en de spitsdruk op het openbaar vervoer neemt sterk af.

mobiliteitsbeleid

Volgens Wim Bot lijken het grotendeels positieve ontwikkelingen. Het is echter moeilijk om ze ook positief te waarderen, omdat ze plaats vinden tegen een surrealistisch decor. Het decor van steden waarin het openbare leven bijna helemaal is verdwenen, terwijl in de ziekenhuizen het personeel overuren maakt om zieke mensen zo goed als mogelijk bij  te staan.

Lees ook: Nederlandse startups in grote problemen door corona