Tag archieven: campagne

Toeval en ontmoeting: ‘Op Goe Geluk’ wordt nieuwe slagzin van Gentse feesten

Affiches zetten spontane ontmoetingen centraal in nieuwe campagne waarbij toeval en ontmoeting het hart vormen van feesteditie 2026.

De ziel van de Gentse Feesten krijgt dit jaar een nieuw gezicht met de voorstelling van vier opvallende affiches in het Gentse stadhuis. Met de slagzin ‘Op Goe Geluk’ willen de makers de essentie van het jaarlijkse volksfeest vatten: het onverwachte, het spontane en de kleine momenten die samen uitgroeien tot grote herinneringen.

Gent maakt zich opnieuw op voor tien dagen feest, van vrijdag 17 tot en met zondag 26 juli. Tijdens die periode verandert de stad traditiegetrouw in één groot podium waar muziek, theater, straatanimatie en ontmoetingen elkaar voortdurend kruisen. De nieuwe campagne legt de nadruk niet zozeer op het programma, maar wel op de beleving. Het draait om toevallige ontmoetingen, onverwachte gesprekken en verrassingen die zich aandienen wanneer je er het minst op rekent.

gezicht van de editie

De affichecampagne komt uit de koker van twee Gentse medewerkers van het bureau Bridgeneers. Zij haalden hun inspiratie uit hun eigen ervaringen tijdens eerdere edities van de Feesten. Hun concept wist zich te onderscheiden van dertien andere inzendingen en werd uiteindelijk gekozen als het gezicht van de editie 2026. Volgens de organisatie slaagt het voorstel erin om de eigenheid van de Gentse Feesten treffend weer te geven.

Schepen van Plezier Joris Vandenbroucke benadrukt dat gevoel van onvoorspelbaarheid en verwondering. “Op Goe Geluk vat de magie van de Gentse Feesten goed samen. Da’s thuis vertrekken en niet weten wie je allemaal gaat tegenkomen en waar je overal zal belanden. Maar één ding is zeker: het zal onvergetelijk zijn. Dat is een bezoek aan de Gentse Feesten altijd,” klinkt het.

Voor de visuele uitwerking van de affiches werd gekozen voor een bijzondere combinatie van fotografie. De basisbeelden zijn afkomstig van fotograaf Gianni Van Langendonck, die vorig jaar als student-fotograaf actief was tijdens de Feesten. Zijn foto’s, die het spontane karakter van het evenement vastleggen, vormen het fundament van de campagne. Daarbovenop werden centrale figuren afzonderlijk gefotografeerd in een studio door fotograaf Koen Demuynck. Nadien werden deze elementen samengebracht tot één geheel, wat resulteert in een speelse en gelaagde beeldtaal die perfect aansluit bij het thema van toevallige ontmoetingen.


© Gianni Van Langendonck

Voor de campagnebeelden werd gewerkt met bestaande foto’s van fotograaf Gianni Van Langendonck, die vorig jaar als student-fotograaf actief was tijdens de Feesten. De centrale figuren werden in een studio gefotografeerd, door fotograaf Koen Demuynck en nadien verwerkt in de beelden, wat zorgt voor een speels en gelaagd geheel.

De affiches zullen binnenkort prominent opduiken in het Gentse straatbeeld. Van infoborden tot bushokjes, van parkings tot de Planet Group Arena: de campagne zal op tal van plekken zichtbaar zijn en zo de stad langzaam onderdompelen in de sfeer van de Feesten. Daarmee wordt de aanloop naar het evenement officieel ingezet en groeit de verwachting bij zowel inwoners als bezoekers.

programma

Wie benieuwd is naar het volledige programma, moet nog even geduld hebben. De organisatie maakt dat bekend op vrijdag 5 juni. Vanaf dat moment zal ook het Gentse Feestenmagazine beschikbaar zijn en gaat de officiële website www.gentsefeesten.be online. Daarmee krijgen feestgangers de kans om hun planning voor te bereiden, al blijft de boodschap van de campagne duidelijk: het mooiste van de Gentse Feesten ontdek je nog altijd ‘op goe geluk’.

Feestdagen zonder drank: Nederlanders blijven massaal Bob in feestmaand

Nederlandse automobilisten nemen hun rol als Bob in de drukke decembermaand opvallend serieus.

Dat blijkt uit een uitgebreide flitspeiling onder ruim duizend deelnemers, uitgevoerd in het kader van de Bob-campagne 2025. De resultaten laten zien dat nuchter rijden voor veel mensen inmiddels vanzelfsprekend is geworden, zelfs in een maand die traditioneel bekendstaat om volle agenda’s, feestdagen en sociale gelegenheden waarbij alcohol vaak aanwezig is.

Uit het onderzoek komt naar voren dat een grote meerderheid van de ondervraagden aangeeft weleens een glaasje alcohol te drinken, maar tegelijkertijd ook regelmatig de Bob te zijn. Voor veel automobilisten is het geen punt van discussie meer wie er rijdt en wie niet drinkt. De afspraak wordt in de meeste gevallen vooraf gemaakt, vaak al voordat men vertrekt naar een sociale gelegenheid. Daarbij speelt veiligheid een doorslaggevende rol. De meeste deelnemers geven aan er veel vertrouwen in te hebben dat degene die als Bob is aangewezen ook daadwerkelijk nuchter blijft.

sociale druk

De decembermaand wordt door respondenten duidelijk gezien als een periode met meer sociale activiteiten dan andere maanden. Kerstbezoek, familie-etentjes, borrels op het werk en oud-en-nieuwvieringen zorgen ervoor dat mensen vaker de auto pakken om van en naar sociale gelegenheden te reizen. Toch zegt slechts een kleine minderheid het moeilijk te vinden om in deze periode Bob te blijven. Het overgrote deel ervaart nauwelijks extra sociale druk om alcohol te drinken ten opzichte van de rest van het jaar. Veel deelnemers geven zelfs aan dat zij helemaal geen verleiding voelen om te drinken wanneer zij verantwoordelijk zijn voor het rijden.

Opvallend is dat de rol van de Bob steeds vaker wordt gewaardeerd. Bijna de helft van de ondervraagden zegt dat hun keuze om niet te drinken positief wordt ontvangen door de omgeving. Regelmatig krijgen zij een bedankje of een compliment, of wordt hun beslissing als heel normaal gezien. Slechts een beperkte groep ervaart negatieve reacties, zoals opmerkingen dat het ongezellig zou zijn. Het aandringen om toch alcohol te drinken komt volgens het onderzoek relatief weinig voor.

De conclusies uit de flitspeiling schetsen een beeld van een samenleving waarin nuchter rijden stevig is ingebed. Ondanks de drukte en gezelligheid van de feestmaand blijven veel Nederlanders trouw aan het principe dat rijden en alcohol niet samengaan. Daarmee onderstrepen zij dat verkeersveiligheid, ook tijdens de feestdagen, voorop staat.

Wat helpt mensen om Bob te blijven in december, verschilt per persoon. Alcoholvrije alternatieven spelen voor een aanzienlijk deel van de respondenten een belangrijke rol. Ook duidelijke afspraken vooraf en steun vanuit vrienden of familie worden vaak genoemd. Tegelijkertijd geeft meer dan de helft aan helemaal geen hulp nodig te hebben om nuchter te blijven. Voor hen is het simpelweg een kwestie van verantwoordelijkheid nemen. Veel deelnemers benadrukken dat zij veilig thuiskomen belangrijker vinden dan een drankje, zeker wanneer er kinderen in de auto zitten of wanneer zij zich bewust zijn van de risico’s van alcohol in het verkeer.

vanzelfsprekend

Het onderzoek laat ook zien dat het idee dat Bob zijn in december lastiger zou zijn dan in andere maanden, nauwelijks wordt gedeeld. De meeste automobilisten vinden dat Bob zijn er gewoon bij hoort en zien het als een vanzelfsprekend onderdeel van sociale afspraken. Daarbij speelt mee dat in veel sociale kringen alcoholvrij drinken steeds normaler is geworden. Niet iedereen lust alcohol of voelt de behoefte om te drinken, en dat wordt volgens de deelnemers steeds meer geaccepteerd.

Denk vooruit: miljoenen huishoudens krijgen noodboekje in de bus

Het land krijgt tussen 25 november en 10 januari 2026 een opvallende bezorging aan de deur.

Ruim acht en een half miljoen huishoudens ontvangen deze weken het informatieboekje ‘Bereid je voor op een noodsituatie’, een uitgave van de NCTV die door demissionair minister Van Oosten van Justitie en Veiligheid namens het kabinet is gepresenteerd. De komst van het boekje vormt een nieuw hoofdstuk in de al lopende Denk vooruit-campagne, die Nederlanders bewust moet maken van de kwetsbaarheid van het dagelijkse leven wanneer plotseling de stroom uitvalt, het internet wegvalt of hevige regenval een regio volledig ontwricht.

basisvoorzienning

Het ministerie benadrukt dat een noodsituatie ieder van ons onverwachts kan treffen. De campagne grijpt terug op recente gebeurtenissen elders in Europa, waarbij grote stroomstoringen aantoonbaar lieten zien hoe snel een samenleving ontregeld raakt zodra basisvoorzieningen wegvallen. Supermarkten liepen direct vol, mensen begonnen massaal te hamsteren en het dagelijks leven stond abrupt stil. Demissionair minister Van Oosten, die het nieuwe informatieboekje persoonlijk onder de aandacht bracht, verwoordt het als volgt: “Deze situatie laat zien hoe kwetsbaar we kunnen zijn en hoe belangrijk een goede voorbereiding is, zodat je niet in paniek hoeft te raken of te hamsteren.” Hij benadrukt dat het kabinet met deze brochure wil zorgen voor een nuchtere, praktische voorbereiding van Nederlanders op onverwachte situaties. “Ik roep iedereen op: denk vooruit. Met het informatieboekje willen we zorgen dat alle Nederlanders zich goed kunnen voorbereiden op een noodsituatie. Weet wat je moet doen, waar je heen kan gaan, hoe je informatie kan krijgen. Gebruik deze brochure om je voor te bereiden en leg het op een handige plek in je huis voor als het ooit nodig is.”

voorbeelden

Het boekje geeft toelichting op wat een noodsituatie precies inhoudt en schetst alledaagse voorbeelden. Een grote stroomstoring kan betekenen dat elektriciteit, verwarming en zelfs pinautomaten uitvallen. Een digitale aanval kan internetverkeer platleggen waardoor werk, communicatie en dienstverlening worden geraakt. Hevige regenval kan leiden tot overstromingen waarbij wegen onbegaanbaar worden en water uit de kraan plotseling niet meer vanzelfsprekend is. Omdat overheden en hulpdiensten in de eerste 72 uur na een calamiteit vooral worden ingezet op de meest kritieke plekken, zijn mensen in die beginfase vaak op zichzelf aangewezen. De campagne richt zich daarom nadrukkelijk op die cruciale eerste drie dagen.

Foto: Pitane Blue – EIndhovense brandweer

Het informatieboekje dat nu in heel Nederland op de deurmat valt, wil vooral duidelijk maken dat voorbereiding geen reden tot angst hoeft te zijn, maar juist tot rust leidt. Door praktische voorbeelden, concrete stappen en duidelijke citaten van betrokken bestuurders kunnen mensen zelf bepalen welke maatregelen bij hun situatie passen. Het kabinet hoopt dat het boekje niet onderin een lade verdwijnt maar op een zichtbare plek wordt bewaard, klaar voor het moment dat het nodig is.

Het informatieboekje bouwt de voorbereiding op langs drie stappen die elk hun eigen logica hebben en waar volgens de makers iedereen zonder veel moeite mee aan de slag kan. De eerste stap draait om het samenstellen van een noodpakket dat het mogelijk maakt om thuis 72 uur te overbruggen zonder stroom, water of internet. Hierbij hoeft het niet ingewikkeld te worden. Veel mensen hebben kaarsen, een zaklamp, een powerbank, wat houdbaar eten en een EHBO-setje al in huis. 

pakket

De brochure benadrukt dat iedereen goed naar de eigen thuissituatie moet kijken. Voor een gezin met kleine kinderen kan babyvoeding noodzakelijk zijn, voor anderen medicijnen of spullen voor een huisdier. De campagne moedigt ook aan om dit samen met buren of familie te doen wanneer iemand het lastig vindt om zelf zo’n pakket samen te stellen.

De tweede stap draait om het maken van een noodplan. Zo’n plan moet overzichtelijk vastleggen wat je doet wanneer zich een echte noodsituatie aandient. Het gaat om vragen waar doorgaans niet dagelijks over wordt nagedacht. Wie haalt de kinderen van school op? Waar ontmoet je elkaar als de telefoons uitvallen? Wie in de omgeving heeft extra hulp nodig? Aan het boekje is een losse kaart toegevoegd waarop deze afspraken kunnen worden ingevuld. Ook staat er een concreet voorbeeld in van hoe een huishouden 72 uur zonder stroom kan doorkomen.

het gesprek

De derde stap richt zich op het gesprek met elkaar. Volgens de makers kan openheid veel onzekerheid wegnemen. Sommige mensen zijn bezorgd bij de gedachte aan een noodsituatie, anderen weten niet goed waar ze moeten beginnen. Het boekje biedt een reeks vragen om het gesprek op gang te brengen. Wie heeft zich waarop voorbereid? Waar maakt iemand zich zorgen over? Wie kan hulp bieden of juist gebruiken? Door dit soort vragen met buren, vrienden of familie te bespreken, ontstaat een netwerk waarin mensen elkaar sneller en beter kunnen ondersteunen.

Verzekeraars keren niets uit: ouders schrikken van financiële risico’s opgevoerde fatbikes

Steeds meer jongeren rijden rond op opgevoerde e-bikes en fatbikes, maar beseffen nauwelijks welke risico’s ze daarmee lopen.

Ook ouders blijken vaak niet op de hoogte van de mogelijke financiële en juridische gevolgen wanneer hun kind betrokken raakt bij een ongeluk op een opgevoerde elektrische fiets. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van Ipsos I&O, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De bevindingen zijn aanleiding voor de lancering van de campagne ‘t kan hard gaan’, waarin met behulp van een E-bike Reality Checklist voorlichting wordt gegeven aan jongeren en ouders.

Een van de meest schokkende uitkomsten uit het onderzoek is dat vier op de tien jongeren tussen de 12 en 24 jaar niet weten dat ze niet verzekerd zijn wanneer ze een ongeval krijgen met een opgevoerde e-bike. Die onwetendheid kan ernstige gevolgen hebben. Ouders zijn vaak evenmin goed geïnformeerd: slechts 9 procent van hen beseft dat hun kind aansprakelijk gesteld kan worden voor de volledige schade, ook wanneer die het ongeval niet heeft veroorzaakt.

niet mals

De gevolgen zijn niet mals. Wie op een opgevoerde e-bike rijdt die harder kan dan 25 kilometer per uur, begeeft zich volgens de wet op een grijs gebied. De helft van de opgevoerde fietsen uit het onderzoek rijdt zelfs sneller dan 35 kilometer per uur. Voor zulke voertuigen geldt een helmplicht, een rijbewijsplicht en een minimumleeftijd. Overtreding kan leiden tot een boete van 320 euro. Bij herhaling kan de fiets zelfs in beslag worden genomen. Jongeren van 12 jaar en ouder riskeren daarnaast een strafblad.

Acht op de tien ouders weten dat hun kind niet verzekerd is als het op zo’n opgevoerde fiets rijdt, maar slechts 9 procent denkt dat hun kind aansprakelijk gesteld kan worden voor alle schade, ook als het niet zelf het ongeluk heeft veroorzaakt.

De juridische valkuilen zijn aanzienlijk. Als een kind op een opgevoerde e-bike rijdt en betrokken raakt bij een ongeluk, kan niet alleen het kind aansprakelijk zijn voor de schade, maar ook de ouders. Zeker als zij wisten of hadden kunnen weten dat hun kind op een opgevoerd voertuig reed en daar niets aan deden. In sommige gevallen gaat het om schadevergoedingen die kunnen oplopen tot tienduizenden euro’s. Toch acht meer dan de helft van de jongeren de kans klein dat ze bij een ongeluk daadwerkelijk aansprakelijk worden gesteld of een strafblad krijgen.

Foto: © Pitane Blue – controle

Behalve het betalen van de schade riskeren jongeren een boete van 320 euro voor rijden met een verboden voertuig en kunnen jongeren boven de 12 jaar zelfs een strafblad krijgen. Als ze voor de tweede keer worden aangehouden kan hun fiets in beslag worden genomen.

Ervaringen van jongeren onderstrepen de ernst van de situatie. Zo vertelt Eva, die op haar opgevoerde fatbike werd aangereden op een kruispunt: „De verzekeraar heeft enkel de ziekenhuiskosten vergoed, maar niet mijn gederfde winst. Dit kwam omdat mijn fatbike met slechts 5 km per uur te veel was opgevoerd.” Ze liep een hersenschudding en een gebroken arm op, en kon een maand niet werken als zzp’er.

Ook Mirjam ondervond de harde realiteit van het opvoeren. Haar fatbike, die 38 kilometer per uur kon rijden, werd op een kruising aangereden door een automobilist. „Tot mijn verbazing bleek mijn verzekering niets te vergoeden, omdat mijn fatbike door de opgevoerde snelheid niet meer als reguliere e-bike werd beschouwd,” aldus Mirjam. Ze moest zelf opdraaien voor de kosten van de schade aan haar fiets, fysiotherapie en haar kapotte telefoon. „In totaal zo’n 1.000 euro. Voor mij was dit een confronterende ervaring.”

terugdraaien

Hoewel het opvoeren van e-bikes op korte termijn aantrekkelijk lijkt voor jongeren, blijkt uit de cijfers dat driekwart uiteindelijk afziet van het opvoeren na het horen van de risico’s. Van de jongeren met een opgevoerde fiets zegt 58 procent dat ze de snelheid willen terugdraaien.

Met de campagne wil het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat jongeren en ouders bewust maken van de gevaren. De E-bike Reality Checklist biedt concrete handvatten, van het herkennen van een opgevoerde fiets tot de wettelijke regels en de mogelijke sancties. De campagne is zichtbaar op radio, sociale media en via posters in het straatbeeld en hoopt zo ongevallen en financiële drama’s te voorkomen.

Recordjaar voor files: nieuwe campagne roept op tot bewust reisgedrag

De Nederlandse wegen stonden in 2024 ongekend vol.

Uit cijfers van Rijkswaterstaat blijkt dat de filedruk, oftewel de totale lengte en duur van files, met 12 procent is gestegen ten opzichte van 2023. Minister Barry Madlener van Infrastructuur en Waterstaat reageert door vandaag de campagne ‘Spitsvrij’ te lanceren. Hiermee hoopt hij automobilisten te overtuigen om, waar mogelijk, de spits te mijden.

Volgens Rijkswaterstaat werd 77 procent van de files in 2024 veroorzaakt tijdens de ochtend- en avondspits. Ongevallen waren goed voor 10 procent van de opstoppingen, terwijl wegwerkzaamheden 6 procent van de filedruk veroorzaakten. Gezien de geplande grote werkzaamheden op diverse rijkswegen in 2025, verwacht men dat de verkeersdruk verder zal toenemen, zelfs als het aantal auto’s op de weg gelijk blijft.

Dinsdag en donderdag zijn traditioneel de drukste dagen op de Nederlandse wegen. De piekuren tussen 7:00 en 9:00 uur in de ochtend en 16:30 en 18:00 uur in de avond zorgen niet alleen voor tijdverlies en frustratie, maar leiden ook tot hogere kosten voor zowel bedrijven als individuen. Minister Madlener benadrukt dat files niet alleen onpraktisch zijn, maar ook risico’s met zich meebrengen: “De files in ons land zijn meer dan een ergernis: ze kosten ons tijd en geld, bovendien werken ze onveilige situaties in de hand.”

De kern van het probleem is dat veel automobilisten op hetzelfde moment vertrekken, wat leidt tot een overbelasting van het wegennet. De minister stelt dat een andere manier van denken nodig is: “Door bewuster te kiezen op welke tijden we reizen, kunnen we files fors terugdringen. Het vraagt om een mentaliteitsverandering, maar de voordelen zijn groot. Samen kunnen we het verschil maken.”

Beeld: Martijn Beekman – Barry Madlener, minister van Infrastructuur en Waterstaat

De campagne ‘Spitsvrij’ roept automobilisten op om, waar mogelijk, buiten de piekuren te reizen. Dit betekent bijvoorbeeld dat werknemers thuiswerken in de ochtend of juist na de spits vertrekken. Het ministerie benadrukt dat dit niet voor iedereen mogelijk is, maar zelfs een kleine verschuiving in reisgedrag kan al een merkbare impact hebben.

Het doel van de campagne is om werkgevers en werknemers te motiveren het gesprek aan te gaan over flexibelere werk- en reistijden. Uit onderzoek blijkt namelijk dat mensen die buiten de spits reizen, minder stress ervaren, tevredener zijn en uiteindelijk productiever werken. “Wie de spits mijdt, wint tijd, is meer tevreden en productiever,” aldus de campagneboodschap.

breed verspreide boodschap

Om zoveel mogelijk mensen te bereiken, wordt de campagne breed uitgerold. ‘Spitsvrij’ is de komende maand te zien op televisie, in dagbladen en magazines, en op grote reclameschermen langs de weg. Ook sociale media worden ingezet om de boodschap te verspreiden. Op de website van de campagne, vanAnaarBeter.nl, kunnen automobilisten informatie vinden over spitsvrij rijden en geplande wegwerkzaamheden.

Daarnaast blijft Rijkswaterstaat actuele verkeersinformatie aanbieden via Rijkswaterstaatverkeersinfo. Hier kunnen automobilisten niet alleen de actuele files bekijken, maar ook de verwachte hinder door werkzaamheden en andere verkeersproblemen.

Hoewel ‘Spitsvrij’ een bijdrage kan leveren aan het verminderen van de filedruk, benadrukt het ministerie dat de situatie op de wegen in 2025 uitdagend blijft. Grote, noodzakelijke werkzaamheden aan rijkswegen staan gepland en zullen tijdelijk voor extra vertragingen zorgen. Toch hoopt minister Madlener dat de campagne een eerste stap zal zijn naar een cultuur waarin spitsmijden de norm wordt voor mensen die de flexibiliteit hebben.

Van Belgische chocolade tot Kuifje: een vlucht vol nationale trots

Brussels Airlines heeft haar nieuwste campagne “Een klein stukje België in de lucht” gelanceerd, waarmee de luchtvaartmaatschappij haar Belgische identiteit op de voorgrond plaatst.

De campagne, die vandaag officieel werd onthuld, benadrukt de unieke kenmerken die het merk onderscheiden in een competitieve luchtvaartsector. De focus ligt niet alleen op het nationale karakter, maar ook op de klantgerichte aanpak. Door in te spelen op wat Belgische en internationale reizigers waarderen, toont de maatschappij haar toewijding aan kwaliteit en service.

Belgische DNA in de lucht

Met een vloot en personeel die België weerspiegelen, belichaamt Brussels Airlines de veelzijdigheid van het land. Volgens Michel Moriaux, Head of Marketing bij Brussels Airlines, zit het Belgische DNA in alle aspecten van de ervaring: “Wanneer mensen aan België denken, denken ze misschien eerst aan bier of chocolade. Natuurlijk hebben we die producten ook aan boord, maar Belgisch zijn is zoveel meer. Denk bijvoorbeeld aan de Belgian Icons – onze speciaal beschilderde vliegtuigen – en de uniformen, ontworpen door een studente van de Antwerpse Modeacademie. Ons Belgische DNA zit overal verweven.”

De campagne benadrukt bovendien de meertaligheid van het personeel. Naast Nederlands, Frans en Engels spreken veel medewerkers ook andere talen. “We spreken jouw taal, letterlijk en figuurlijk,” aldus Moriaux. Dit vertaalt zich in een aanpak die de wensen van reizigers centraal stelt. Zo biedt Brussels Airlines opties als gegarandeerde handbagage bij elk ticket en zitplaatsen naast elkaar zonder extra kosten, iets waar veel andere maatschappijen vaak niet aan voldoen.

warmte en gastvrijheid

De campagne onderstreept ook hoe Brussels Airlines Belgische gastvrijheid uitdraagt, niet alleen door iconische producten zoals bier en chocolade aan boord te serveren, maar ook door een service te bieden die zowel persoonlijk als herkenbaar is. Dit sluit aan bij het beeld van België als een land dat trots is op zijn rijke cultuur, creativiteit en culinaire erfgoed.

De Belgian Icons-vliegtuigen, waaronder toestellen die beschilderd zijn met nationale symbolen zoals Kuifje en de Rode Duivels, vormen een belangrijk onderdeel van de campagne. Deze vliegtuigen zijn een favoriet bij zowel Belgische reizigers als internationale passagiers, die vaak enthousiast reageren op de creatieve designs.

“Een klein stukje België in de lucht” zal breed worden uitgerold via verschillende kanalen, waaronder televisie, sociale media en buitenreclame zoals posters bij bushaltes. Brussels Airlines wil hiermee niet alleen de Belgische reizigers aanspreken, maar ook internationale passagiers inspireren om het land te ontdekken.

De visuele identiteit van de campagne weerspiegelt de “Belgitude” met speelse en herkenbare beelden, zoals Belgische symbolen, landschappen en culturele iconen. Daarnaast zullen promoties op sociale media interactieve elementen bevatten, waarmee passagiers worden uitgenodigd hun eigen ervaringen te delen en zo de Belgische trots verder uit te dragen.

ode aan België in de lucht

Met deze campagne benadrukt Brussels Airlines dat ze meer is dan een vervoersmiddel. Ze ziet zichzelf als een vertegenwoordiger van Belgische waarden en cultuur, een rol die volgens de luchtvaartmaatschappij van groot belang is in een sector waar onderscheidend vermogen cruciaal is. Door de nationale trots in de lucht te brengen, hoopt Brussels Airlines reizigers niet alleen een vlucht, maar een ervaring te bieden die ze niet snel zullen vergeten.

Van verbetering geen sprake: reizigers verliezen vertrouwen in De Lijn

De Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn ligt onder vuur vanwege de chaotische invoering van de vierde fase van het project ‘basisbereikbaarheid’.

In plaats van verbeteringen, ervaren reizigers vooral verwarring door nieuwe lijnnummers, gewijzigde routes en dienstregelingen, terwijl ook een aanzienlijk deel van de ritten wordt geschrapt. PV Magazine, een toonaangevend digitaal platform over personenvervoer, meldt dat de meeste veranderingen plaatsvinden in regio’s zoals Leuven, Mechelen, Antwerpen en de Vlaamse Rand. Elders worden vooral kleine aanpassingen doorgevoerd, met een uitbreiding van het flexvervoer. Toch lijkt de uitvoering van de plannen verre van vlekkeloos.

Volgens reizigersorganisatie TreinTramBus kampt De Lijn nog steeds met fundamentele problemen, zoals een tekort aan rijvaardige bussen, onderhoudspersoneel en chauffeurs. Reizigersorganisatievoorzitter Peter Meukens stelt dat De Lijn haar klanten tekortdoet. “De informatievoorziening is een complete ramp. Reizigers hebben recht op heldere en correcte informatie, en dat is nu nergens te vinden.”

informatievoorziening

Voor veel reizigers kwam de start van de nieuwe fase als een verrassing. PV Magazine meldt dat tal van buslijnen nieuwe nummers kregen en andere routes volgen. Aan veel haltes hangen echter nog steeds oude borden en ontbreken de nieuwe dienstregelingen. Volgens Meukens brengt dit vooral problemen met zich mee voor kwetsbare groepen. “Niet iedereen heeft een smartphone of toegang tot mobiel internet. Denk aan jonge scholieren, ouderen en mensen met een beperking. Zij worden compleet genegeerd in dit verhaal,” zegt hij.

Hoewel De Lijn met de campagne ‘eerst appen, dan opstappen’ reizigers wil aansporen om gebruik te maken van hun app en website, is dat volgens Meukens niet voldoende. “Maandagochtend lag de app meerdere keren plat of gaf geen realtime informatie. Dat is onacceptabel, zeker als je erop vertrouwt dat technologie de oplossing biedt.”

Op grote busknooppunten, waar reizigers vaak hulp nodig hebben, ontbraken stewards die hen konden ondersteunen. “Reizigers werden letterlijk aan hun lot overgelaten,” aldus Meukens. “En Lijnwinkels die pas na de ochtendspits openen, bieden natuurlijk geen enkele hulp voor mensen die vroeg op pad moeten.”

Foto: Pitane Blue – De Lijn Gent

“De Lijn moet haar verantwoordelijkheid nemen en snel orde op zaken stellen,” benadrukt Meukens. “De huidige situatie is onhoudbaar en zorgt ervoor dat steeds meer mensen afhaken bij het openbaar vervoer.”

De Lijn worstelt al maanden met een tekort aan personeel en technisch onderhoud, wat leidt tot frequente rituitval. Om de druk te verlichten, heeft het bedrijf besloten 2,5 procent van de ritten tijdelijk te schrappen. PV Magazine en TreinTramBus bekritiseren deze aanpak echter vanwege de gebrekkige communicatie en het gebrek aan strategie.

Meukens wijst op voorbeelden van slecht doordachte schrappingen. “In Oostende rijdt stadslijn 3 nu minder vaak, waardoor reizigers geen aansluiting meer hebben op de trein. Dat is eenvoudigweg slecht gepland.” Ook in Hasselt, waar buslijn 50 de hele dag elk uur rijdt, is er rond 15.30 uur – net wanneer scholen uitgaan – ineens geen bus meer. “Voor scholieren die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer is dit desastreus,” zegt Meukens.

Daarnaast blijft last-minute rituitval een groot probleem, mede door het tekort aan onderhoudstechnici en chauffeurs. “Bussen staan vaak stil op plekken waar ze niet nodig zijn, of rijden onnodige lege kilometers vanwege slecht georganiseerde aflossingen,” aldus Meukens.

verbetering blijft uit

Het basisbereikbaarheid-project werd ooit gelanceerd met de belofte om het openbaar vervoer efficiënter en toegankelijker te maken. Maar volgens PV Magazine en TreinTramBus is die belofte nog lang niet ingelost. Reizigers ervaren vooral meer ongemak en onduidelijkheid, terwijl structurele problemen blijven bestaan. 

Vreemd gedrag in je buurt? campagne leert burgers criminele signalen te herkennen

Met de lancering van de publiekscampagne ‘Vreemd of verdacht?’ wordt een belangrijke stap gezet in de strijd tegen ondermijnende criminaliteit in Nederland.

Het initiatief, een samenwerking tussen het ministerie van Justitie en Veiligheid, de politie, gemeenten en andere partners, richt zich op het vergroten van de bewustwording onder burgers en hen actief te betrekken bij het signaleren en melden van verdachte situaties. Vanaf 13 januari worden de eerste tv-commercials en online campagnes uitgerold. Deze actie maakt deel uit van de bredere strategie ‘Houd misdaad uit je buurt’.

dichterbij dan gedacht

De urgentie voor deze campagne is hoog. Incidenten zoals explosies in woonwijken, het dumpen van drugsafval in natuurgebieden en geweldsdelicten in het publieke domein maken de impact van georganiseerde misdaad voelbaar in het dagelijks leven. Minister van Justitie en Veiligheid David van Weel benadrukt het belang van burgerbetrokkenheid bij deze problematiek.

“Criminelen opereren zonder oog voor de gevolgen voor anderen,” verklaart Van Weel. “Denk aan drugslabs die letterlijk tussen woonhuizen exploderen. Het zijn vaak de bewoners zelf die als eerste merken dat er iets niet klopt in hun wijk. Hun rol in het signaleren en melden van verdachte situaties is cruciaal om misdaad te voorkomen. Goedwillende burgers zijn met meer dan de criminelen, en samen kunnen we een vuist maken tegen deze bedreiging.”

ondermijning

De campagne zoomt in op alledaagse situaties die wellicht in eerste instantie onschuldig lijken, maar bij nader inzien reden tot zorg kunnen zijn. Denk aan een ogenschijnlijk normale woning met overdreven veel camerabeveiliging, een verbouwing waarbij grote hoeveelheden tonnen en ketels naar binnen worden gesjouwd, of iemand die plotseling dure spullen bezit zonder zichtbare bron van inkomsten.

In drie tv-commercials wordt het verschil tussen ‘vreemd’ en ‘verdacht’ uitgelegd, zodat burgers leren om mogelijke criminele activiteiten te herkennen. De campagne wordt ondersteund door een campagnewebsite, interactieve socialmediaposts en online banners. Via deze platforms worden praktische stappen gedeeld over wat mensen kunnen doen als ze iets verdachts zien, zoals contact opnemen met de wijkagent, Meld Misdaad Anoniem of een vertrouwenspersoon.

veiligere buurt

Hanneke Ekelmans, die binnen de korpsleiding van de politie verantwoordelijk is voor de aanpak van ondermijning, benadrukt dat iedereen een bijdrage kan leveren aan veiligheid. “Deze campagne maakt duidelijk dat ongeacht wie je bent of waar je woont, jouw alertheid het verschil kan maken. Zie je iets verdachts? Meld het. Door verdachte signalen serieus te nemen, kan de politie sneller ingrijpen en criminaliteit voorkomen. Samen kunnen we criminele netwerken ontwrichten en onze buurten veiliger maken.”

De campagne richt zich niet alleen op individuele burgers, maar ook op bedrijven en organisaties die vaak onbewust in aanraking komen met ondermijnende praktijken. Denk bijvoorbeeld aan verhuurders van bedrijfspanden of leveranciers van chemische stoffen, die betrokken kunnen raken bij illegale activiteiten zonder dit direct te beseffen.een realistische maar toegankelijke uitstraling.

De tv-commercials zijn geregisseerd door acteur en regisseur Achmed Akkabi, bekend van de populaire serie Mocro Maffia. Akkabi gebruikt in deze campagne dezelfde realistische stijl waarmee hij ook in zijn eerdere werk de harde realiteit van de georganiseerde misdaad liet zien.

Joeri Jansen, een van de makers, legt uit: “Achmed heeft voor dit project een diverse cast geselecteerd, zodat een breed publiek zich in de situaties kan herkennen. De scènes zijn rauw en herkenbaar, en dat blijkt uit de reacties tijdens ons onderzoek. Mensen werden geraakt door de realistische weergave van criminele activiteiten en voelden de urgentie om actie te ondernemen.”

stap in de goede richting

‘Vreemd of verdacht?’ is de eerste campagne onder de vlag van ‘Houd misdaad uit je buurt’ en vormt daarmee de aftrap van een bredere samenwerking tussen overheid, politie en burgers. Het doel is niet alleen om georganiseerde misdaad te bestrijden, maar ook om de sociale cohesie in buurten te versterken. Door verdacht gedrag vroegtijdig te herkennen en te melden, wordt de invloed van criminele netwerken ingeperkt en krijgen gemeenschappen de kans om zich veiliger en sterker te voelen.

Jongeren zonder licht op de fiets: overheid dringt aan op bewustwording en controle

Met het ingaan van de wintertijd wordt het weer eerder donker, wat de zichtbaarheid van fietsers op de weg in gevaar kan brengen.

Om dit probleem aan te pakken, start op 28 oktober de landelijke campagne ‘Fietsverlichting AAN in het donker’, een initiatief van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat in samenwerking met provincies, de politie, de ANWB, Bovag, de Fietsersbond, de RAI Vereniging, TeamAlert en Veilig Verkeer Nederland. Deze campagne heeft als doel om Nederlanders bewust te maken van het belang van goede fietsverlichting en zo het aantal verkeersongelukken te verminderen.

Minister Barry Madlener, die verantwoordelijk is voor Infrastructuur en Waterstaat, benadrukt de noodzaak van goede fietsverlichting: “Iedere automobilist heeft het wel eens meegemaakt: plotseling zie je een fietser zonder verlichting voor je opduiken in het donker. Dat kan schrikken zijn en soms gevaarlijke situaties opleveren. Nu de dagen korter worden, is het een goed moment om de fietsverlichting te controleren, niet alleen van je eigen fiets, maar ook die van je kinderen.”

onderzoek

Het belang van deze controle wordt onderbouwd door statistieken: uit onderzoek blijkt dat goede fietsverlichting de kans op een ongeluk met zo’n 20% kan verkleinen. Hoewel meer dan 80% van de Nederlanders momenteel beschikt over werkende fietsverlichting, blijft er ruimte voor verbetering, vooral onder jongeren. Deze groep blijkt vaker zonder verlichting de weg op te gaan, wat hen extra kwetsbaar maakt in het verkeer.

De campagne ‘Fietsverlichting AAN in het donker’ richt zich dan ook op diverse doelgroepen, met extra aandacht voor jongeren, die vaker geneigd zijn zonder verlichting te fietsen. Het Ministerie en de partners in verkeersveiligheid roepen hen met klem op om hun verlichting op orde te brengen. De campagne maakt gebruik van een breed scala aan middelen om deze boodschap over te brengen, waaronder radiocommercials, sociale media en posters langs de weg. Dit zorgt ervoor dat de boodschap op grote schaal onder de aandacht wordt gebracht in de komende weken.

campagne

Naast de publiciteitscampagne organiseren de verschillende partners van de campagne aanvullende activiteiten. Veilig Verkeer Nederland voert bijvoorbeeld honderden fietsverlichtingscontroles uit om ervoor te zorgen dat fietsers hun verlichting op orde hebben. Daarbij zetten zij de ‘fietslichttellen app’ in, waarmee zij op diverse locaties bijhouden hoeveel fietsers hun verlichting daadwerkelijk aan hebben. De RAI Vereniging legt op zijn beurt de nadruk op het belang van goede fietsverlichting door middel van het speciale Keurmerk voor Fietsverlichting (RKF), dat consumenten helpt bij het kiezen van betrouwbare verlichting.

Illustratie: Fietsverlichting AAN in het donker

De boodschap is dan ook duidelijk: doe je fietsverlichting aan en zorg ervoor dat je zichtbaar bent in het donker. Zo wordt Nederland weer een stukje veiliger voor iedereen die aan het verkeer deelneemt.

Ook andere partners zoals TeamAlert en de ANWB richten zich met hun eigen campagnes specifiek op jongeren. TeamAlert, de organisatie die zich bezighoudt met jongeren en verkeersveiligheid, en de ANWB hebben diverse acties op touw gezet om ervoor te zorgen dat jongeren het belang van zichtbaarheid in het verkeer gaan inzien. Dit gebeurt onder andere via sociale media en in samenwerking met scholen en lokale overheden, waar voorlichting wordt gegeven over de risico’s van fietsen zonder licht.

Arnhem

De officiële aftrap van de campagne vindt dit jaar plaats in Arnhem, op maandag 28 oktober tussen 17:30 en 19:30 uur. Fietsers die langskomen kunnen hier voorlichting krijgen over de voordelen van goede verlichting, en er zijn monteurs aanwezig om defecte fietsverlichting ter plekke te repareren. Dit evenement in Arnhem dient als startsein voor een landelijk offensief waarbij in de komende weken op tal van plekken in Nederland soortgelijke activiteiten worden georganiseerd.

Het belang van de campagne en de betrokkenheid van de verschillende organisaties is groot, omdat ongelukken met fietsers zonder verlichting jaarlijks veel letsel en soms zelfs dodelijke ongevallen veroorzaken. Fietsverlichting is niet alleen essentieel voor de zichtbaarheid van de fietser zelf, maar ook voor andere weggebruikers, zoals automobilisten en voetgangers, die fietsers in het donker beter kunnen waarnemen.

Minister waarschuwt: opgevoerde elektrische fiets levensgevaarlijk

De Minister komt met campagne tegen opvoeren fatbikes: ‘Van lekker hard trappen, naar een strafblad pakken’.

Met snelheden van wel 60 kilometer per uur over de weg scheuren op een opgevoerde elektrische fiets, het klinkt als een adrenaline rush, maar het is levensgevaarlijk én illegaal. In een nieuwe campagne, vandaag afgetrapt door minister Barry Madlener (Infrastructuur en Waterstaat), wordt er nadrukkelijk gewezen op de gevaren en consequenties van het opvoeren van elektrische fietsen. De campagne, met de veelzeggende titel ’t kan hard gaan, richt zich voornamelijk op jongeren en hun ouders.

“Je hoort steeds vaker dat er ongelukken gebeuren met opgevoerde elektrische fietsen, die soms met absurde snelheden door het verkeer racen. Dat is levensgevaarlijk, en het is niet voor niets verboden”, benadrukt minister Madlener tijdens de aftrap in Rotterdam. De boodschap van de campagne is tweeledig: enerzijds worden de wettelijke regels opnieuw onder de aandacht gebracht, anderzijds worden de risico’s van dit gevaarlijke gedrag uitgelicht. “Bij een ongeval ben je niet verzekerd, en de kosten kunnen in de duizenden euro’s lopen. Dat kan dus echt hard gaan,” waarschuwt de minister.

strenge regels

De regels omtrent het gebruik van elektrische fietsen zijn helder. Elektrische fietsen mogen maximaal 25 kilometer per uur halen met trapondersteuning en het motorvermogen mag niet boven de 250 watt uitkomen. Bovendien is het verboden om een gashendel te hebben waarmee de snelheid boven de 6 kilometer per uur kan komen zonder dat er wordt getrapt. Voldoet een fiets niet aan deze eisen, dan wordt het voertuig gekwalificeerd als een bromfiets en moet het goedgekeurd zijn door de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). Dit betekent dat er extra regels gelden, zoals de helmplicht, een minimumleeftijd en een rijbewijsplicht.

Wie zich niet aan deze regels houdt en toch op een opgevoerde elektrische fiets rijdt, loopt grote risico’s. De boetes liegen er niet om: bij de eerste overtreding kan een boete van 310 euro worden opgelegd. Bij een tweede overtreding volgt niet alleen een nieuwe boete, maar wordt de fiets ook in beslag genomen. Daarnaast kan iedereen boven de 12 jaar hiervoor een strafblad krijgen. Een ander groot risico is het ontbreken van verzekering: bestuurders van opgevoerde fietsen zijn namelijk niet verzekerd. Dit betekent dat bij een ongeval de schade en eventuele ziektekosten uit eigen zak betaald moeten worden. In sommige gevallen kan dit oplopen tot tienduizenden euro’s, wat voor veel jongeren en hun families desastreuze financiële gevolgen kan hebben.

Beeld: Martijn Beekman – Barry Madlener, minister van Infrastructuur en Waterstaat

De boodschap van minister Madlener is duidelijk: “We moeten echt de veiligheid op de weg waarborgen, voor iedereen. Dit soort gevaarlijk gedrag hoort daar niet bij, en we gaan er alles aan doen om dit te stoppen.”

De campagne ’t kan hard gaan is specifiek gericht op jongeren, een groep die volgens de minister het vaakst in de verleiding komt om hun elektrische fiets op te voeren. “Het opvoeren van fietsen lijkt misschien onschuldig, maar de gevolgen zijn groot. Jongeren zijn zich hier vaak niet van bewust,” aldus minister Madlener. Via radiospotjes, sociale media en posters probeert het ministerie deze groep en hun ouders te bereiken. De posters zullen door heel Nederland te zien zijn, van bushokjes tot scholen, en gemeenten en onderwijsinstellingen kunnen deze ook zelf aanvragen.

Tijdens de lancering in Rotterdam is er een samenwerking met TeamAlert, een organisatie die zich richt op verkeersveiligheid voor jongeren. Madlener gaat persoonlijk in gesprek met jongeren op straat die langsfietsen op hun elektrische fiets, terwijl de politie op de achtergrond actief controleert of de fietsen voldoen aan de wettelijke eisen.

opvoeren aanpakken

De campagne is echter slechts een onderdeel van een breder aanvalsplan van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om het opvoeren van elektrische fietsen tegen te gaan. Zo wordt er gewerkt aan nieuwe wetgeving die het moeilijker moet maken om fietsen illegaal op te voeren. Momenteel is het nog relatief eenvoudig om via hard- en software snelheidsbegrenzers te omzeilen, maar het ministerie wil hier een einde aan maken. Er wordt wetgeving voorbereid die het gebruik en de verkoop van dergelijke software en apparatuur strafbaar stelt.

Daarnaast wordt er ook ingezet op preventie door middel van educatie. Voor middelbare scholen is er een lespakket ontwikkeld waarin jongeren worden voorgelicht over de gevaren van opgevoerde elektrische fietsen en de gevolgen van roekeloos rijgedrag. Dit lespakket zal de komende maanden landelijk worden uitgerold. Ook de handhaving wordt verscherpt: de politie en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) zullen intensiever controleren op illegale elektrische fietsen en de regelgeving strikter handhaven.

Hoge boetes: overheid trekt streep bij de slagbomen

De rechter kan dan een geldboete opleggen van 160 tot 2.000 euro en het rijbewijs acht dagen tot vijf jaar intrekken.

Het negeren van gesloten spoorwegovergangen blijft een ernstig probleem in Nederland en België, ondanks vele sensibiliseringscampagnes en de duidelijke gevaren die eraan verbonden zijn. Recent zijn verschillende incidenten gemeld waarbij mensen de gesloten slagbomen negeerden, met soms ernstige gevolgen.

De frequentie van dergelijke overtredingen is alarmerend. Dit toont aan dat, ondanks de inspanningen van spoorwegbeheerders zoals Infrabel om het publiek bewust te maken van de risico’s, veel mensen nog steeds de regels negeren . Incidenten waarbij fietsers en voetgangers gesloten overwegen oversteken, worden ook vaak op sociale media gedeeld, wat de noodzaak benadrukt voor voortdurende voorlichting en strengere handhaving.

De gevolgen van het negeren van gesloten spoorwegovergangen kunnen zowel persoonlijk als wettelijk ernstig zijn. Naast het risico op letsel of dood, zijn er ook aanzienlijke wettelijke gevolgen voor dergelijke overtredingen. Recent zijn de boetes voor het oversteken van een belemmerde spoorweg verhoogd. Overtredingen die voorheen werden bestraft met een onmiddellijke inning van 58 euro, worden nu beboet met 116 euro. Als de boete niet wordt betaald, kan deze oplopen tot 160 euro, en bij verdere niet-betaling kan men worden gedagvaard. De rechter kan vervolgens een boete opleggen van 160 tot 2.000 euro en het rijbewijs intrekken voor een periode van acht dagen tot vijf jaar.

Foto: © Pitane Blue – Spoorovergang Rhenen

Interessant is de bevoegdheid van ProRail’s BOA’s om boetes uit te delen, een macht die sommige burgers wellicht betwisten maar die essentieel is in de handhaving van veiligheid bij spoorwegovergangen.

Ook in Nederland is het negeren van rode waarschuwingslampen bij spoorwegovergangen een aanhoudend probleem dat niet alleen gevaarlijke situaties oplevert voor de weggebruikers zelf, maar ook voor treinmachinisten en het treinverkeer. In een gezamenlijke inspanning om dit roekeloze gedrag aan te pakken, hebben ProRail en het Openbaar Ministerie de handen ineengeslagen en op diverse locaties camera’s geïnstalleerd bij spoorwegovergangen. Deze camera’s zijn niet zomaar een middel ter observatie, maar een cruciaal onderdeel van een geavanceerd systeem gericht op het handhaven van de verkeersveiligheid.

De camera’s dienen een dubbel doel: enerzijds registreren zij automobilisten, motorrijders, fietsers en bromfietsers die de oversteek wagen terwijl de rode lichten knipperen, en anderzijds vormen zij een afschrikmiddel tegen dergelijk gevaarlijk gedrag. De boetes voor overtredingen zijn niet mals: €230 voor automobilisten en motorrijders, €90 voor fietsers, en €160 voor bromfietsers, waarmee de ernst van de overtreding wordt onderstreept.

Deze maatregel komt voort uit de noodzaak om de veiligheid op en rond spoorwegovergangen te vergroten. Treinen, die vaak met snelheden tot 140 kilometer per uur reizen, hebben een lange remweg en kunnen niet plotseling stoppen. Een onverwachte noodstop kan niet alleen schrikreacties bij machinisten veroorzaken maar ook leiden tot significante vertragingen in het treinverkeer. Het geavanceerde camerasysteem analyseert en slaat beelden van mogelijke overtredingen op, die vervolgens door buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) van ProRail worden beoordeeld. Wanneer een kenteken herkenbaar is, wordt een boete naar de bestuurder verzonden. Echter, het identificeren van voetgangers en fietsers die de regels overtreden, blijkt uitdagender en vereist ook toezicht ter plaatse.

Interessant is de bevoegdheid van ProRail’s BOA’s om boetes uit te delen, een macht die sommige burgers wellicht betwisten maar die essentieel is in de handhaving van veiligheid bij spoorwegovergangen. In de eerste vier maanden van dit jaar resulteerde deze aanpak al in 299 processen-verbaal voor het negeren van rood licht bij spoorwegovergangen. Deze statistieken benadrukken de noodzaak van dergelijke maatregelen en de continue inzet van ProRail en het Openbaar Ministerie om de veiligheid van het Nederlandse spoorwegnet te waarborgen.

Start campagne fietsverlichting benadrukt belang van zichtbaarheid in de wintermaanden

Terwijl de campagne ‘Fietsverlichting AAN in het donker’ in volle gang is, blijkt uit recente enquêtes dat vooral jongeren nog een risicogroep vormen als het gaat om fietsen met onvoldoende verlichting.

Deze week gaf minister Mark Harbers van Infrastructuur en Waterstaat het startsein voor de campagne ‘Fietsverlichting AAN in het donker’, een cruciale stap in het bevorderen van verkeersveiligheid nu de wintermaanden naderen en de dagen merkbaar korter worden. Deze tijd van het jaar brengt een verhoogd risico met zich mee voor fietsers, waardoor de noodzaak van goede verlichting op de fiets essentieel is.

Minister Harbers benadrukte het belang van zichtbaarheid in het verkeer, vooral tijdens de duisternis. “Fietsen met verlichting in het donker vergroot niet alleen de eigen zichtbaarheid, maar stelt fietsers ook in staat de weg beter te zien. Zonder verlichting fietsen is ronduit gevaarlijk en kan resulteren in een boete van 60 euro.” Hij riep iedereen op om hun fietsverlichting te controleren en ervoor te zorgen dat deze goed functioneert.

Uit onderzoek van I&O Research blijkt dat bijna 10% van de respondenten ooit zonder verlichting betrokken is geweest bij een bijna-ongeluk of een daadwerkelijk ongeval. Goede verlichting kan de kans op ongelukken met ongeveer 20% verminderen, wat het belang van deze campagne onderstreept. Het onderzoek toonde ook aan dat 86% van de Nederlanders van 18 jaar en ouder inmiddels is uitgerust met vaste fietsverlichting, wat wijst op een positieve trend in fietsveiligheid.

De campagne is een samenwerking tussen verschillende organisaties, waaronder provincies, ANWB, TeamAlert, de Fietsersbond, Nationale Politie, RAI Vereniging, Bovag en Veilig Verkeer Nederland (VVN). Deze partners dragen bij aan de campagne door diverse activiteiten te organiseren. TeamAlert zal bijvoorbeeld jongeren op straat aanspreken en hen met behulp van een VR-bril laten ervaren hoe onzichtbaar ze zijn voor automobilisten als ze zonder verlichting fietsen. De Fietsersbond zet vrijwilligers in om fietsverlichting te repareren of nieuwe lampjes te installeren, terwijl de politie handhavingsacties uitvoert.

Deze brede samenwerking en het scala aan activiteiten tonen de gedeelde verantwoordelijkheid en het engagement van verschillende partijen om de verkeersveiligheid van fietsers te vergroten. De oproep van minister Harbers aan iedereen om hun fietsverlichting en die van hun kinderen te controleren, is een simpele maar essentiële stap die iedereen kan nemen om bij te dragen aan een veiliger verkeer.

Minister Peeters lanceert nieuwe campagne ‘Da’s pech, maar geen pechstrook’

Overtreders die onterecht stoppen op de pechstrook riskeren een boete variërend van 160 tot 2000 euro.

Elk jaar verliezen verschillende mensen hun leven of raken zwaar gewond op de pechstroken langs de snelwegen. Uit recente gegevens blijkt dat het aantal ongevallen met gewonden op de pechstroken in Vlaanderen de afgelopen drie jaar (2020-2022) varieerde tussen 10 en 30, met jaarlijks 5 à 10 ongevallen die resulteerden in dodelijke of ernstige verwondingen.

Verkeersleiders van het Vlaams Verkeerscentrum van AWV merken dagelijks op hun camerabeelden dat weggebruikers de pechstrook verkeerd gebruiken. Het gaat hierbij om situaties waarbij weggebruikers de pechstrook gebruiken om te stoppen en te plassen, om snel iets uit de koffer te halen, te telefoneren of hun navigatie opnieuw in te stellen. Te vaak zien ze ook vrachtwagenchauffeurs die de pechstrook gebruiken om een rustpauze te nemen of automobilisten die de pechstrook misbruiken om files te omzeilen.

Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters

In reactie op deze zorgwekkende trend lanceert Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken, Lydia Peeters, samen met het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) de campagne “Da’s pech maar geen pechstrook”. “Er is een duidelijk verschil tussen persoonlijke ongemakken en daadwerkelijke autopech”, zegt Minister Peeters. “Te veel mensen zien de pechstrook als een plek voor allerlei ongemakken, zoals een korte stop om hun GPS opnieuw in te stellen. We willen benadrukken dat de pechstrook niet voor alledaagse ongemakken is, maar voor noodsituaties met voertuigen.”

Voor degenen die met daadwerkelijke autopech te maken krijgen, adviseert Minister Peeters dringend om de auto op de pechstrook te plaatsen, alle inzittenden een reflecterend hesje te laten dragen, de gevarendriehoek op een veilige afstand voor het voertuig te plaatsen, achter de vangrail te gaan staan en onmiddellijk de hulpdiensten te bellen.

Het misbruik van de pechstrook wordt niet lichtvaardig opgevat. Overtreders die onterecht stoppen op de pechstrook riskeren een boete variërend van 160 tot 2000 euro. Het rijden op de pechstrook kan leiden tot een nog zwaardere boete, namelijk tussen de 240 en 4000 euro.

De bewustwordingscampagne wordt deze maand door AWV uitgerold op billboards langs de snelwegen, gewestwegen en op sociale media om automobilisten te informeren en te waarschuwen over de gevaren en boetes verbonden aan het verkeerd gebruik van de pechstrook.

Campagne om jongeren bewust te maken van veilig rijgedrag

Naar schatting sterven er 75 tot 150 mensen ieder jaar door drugs- en of alcoholgebruik in het verkeer.

Het CBR is altijd druk om ervoor te zorgen dat iedereen veilig aan het verkeer kan deelnemen. Ze zorgen voor een mobiel en verkeersveilig Nederland. Met dat doel voor ogen zorgen ze ervoor dat er verkeersexamens af worden genomen maar toetsen ze ook of bestuurders lichamelijk en geestelijk in staat zijn om veilig aan het verkeer deel te nemen. Het CBR voert deze taken uit in opdracht van de minister van Infrastructuur en Waterstaat. Het CBR start elk jaar een aantal campagnes op, nu starten ze met een socialmediacampagne gericht speciaal op jongeren. De campagne moet zorgen voor meer bewustzijn bij jongeren rondom veilig rijgedrag.

Onlangs zijn er twee nieuwe educatieve maatregelen ingevoerd, de korte cursus gedrag en verkeer en de cursus drugs en verkeer. Jaarlijks worden er 1 miljoen blaas- of speekseltesten afgenomen door de politie en worden er maandelijks meer dan 3500 mensen aangehouden die onder invloed van drugs of alcohol achter het stuur zitten. Naar schatting sterven er 75 tot 150 mensen ieder jaar door drugs- en of alcoholgebruik in het verkeer. Vaak is dat niet de bestuurder zelf maar iemand in de omgeving die aangereden wordt. Jonge bestuurders die hun rijbewijs minder dan vijf jaar hebben veroorzaken een groot deel van deze ongevallen.

Jaarlijks worden er 1 miljoen blaas- of speekseltesten afgenomen door de politie en worden er maandelijks meer dan 3500 mensen aangehouden die onder invloed van drugs of alcohol achter het stuur zitten.

Met deze nieuwe campagne wil het CBR jongeren duidelijk maken wat drugs en alcohol in het verkeer en gevaarlijk rijgedrag kan veroorzaken. Ook moeten er bepaalde regels duidelijk worden, hoeveel mag je eigenlijk drinken? Hoelang blijft drugs en alcohol in je bloed? Door de campagne moeten jongeren gaan beseffen wat ze eigenlijk kunnen kwijtraken door met alcohol of drugs op achter het stuur te kruipen. Het verliezen van je rijbewijs, het krijgen van een strafblad, hoge boetes, hoge schadekosten, verplicht een cursus moeten volgen maar ook met de gevolgen moeten leven als je iemand aanrijdt horen hier bij. De campagne loopt via YouTube, Snapchat, TikTok en Instagram.

Campagne voor verbeteren veiligheid haven Scheveningen

Bij het verbeteren van de veiligheid in de haven is het cruciaal dat de hele gemeenschap meedoet. Daarom wordt een beroep gedaan op de oplettendheid van bedrijven en omwonenden.

Onlangs is er een Meld Misdaad Anoniem campagne gestart in de haven van Scheveningen. Gemeente, politie en het meldpunt roepen bewoners en mensen die werken in en rondom de haven op om verdachte situaties anoniem te melden. Scheveningen is, net als iedere zeehaven, kwetsbaar voor criminaliteit. Denk hierbij aan drugstransporten, mensensmokkel en het witwassen van crimineel geld. Criminelen zijn bij het uitvoeren van hun activiteiten vaak afhankelijk van kennis en hulp uit de haven. Zij zoeken bijvoorbeeld schippers om pakketjes uit zee op te vissen. Of zij maken gebruik van een anoniem appartement om drugs, wapens of cash op te slaan. Er ontstaat daarmee een vermenging van de boven- en de onderwereld.

Opvallende zaken

Bij het verbeteren van de veiligheid in de haven is het cruciaal dat de hele gemeenschap meedoet. Daarom wordt een beroep gedaan op de oplettendheid van bedrijven en omwonenden. Ze willen daarmee zichtbaar maken wat onder de oppervlakte gebeurt. Hiermee maken ze de haven onaantrekkelijk voor illegale activiteiten.

Mogelijk signalen die wijzen op criminaliteit in de haven zijn bijvoorbeeld:

  • Vreemde vaarbewegingen op ongebruikelijke tijdstippen;
  • Een schip dat te zwaar of scheef beladen is;
  • Het verhullen van de originele naam van een boot.

Op de kade kunnen de volgende zaken verdacht zijn:

  • Onbekenden die spullen in– /uitladen in busjes;
  • Ondernemingen zonder klanten;
  • Panden met geblindeerde ramen en camerabeveiliging.
Scheveningen is, net als iedere zeehaven, kwetsbaar voor criminaliteit. Denk hierbij aan drugstransporten, mensensmokkel en het witwassen van crimineel geld.

Via flyers, posters en sociale mediaberichten roepen ze mensen op om anoniem melding te maken van dergelijke verdachte zaken. Dit kan door te bellen naar 0800 – 7000 of via de site www.meldmisdaadanoniem.nl, deze stichting staat los van de politie. Daarnaast worden bijeenkomsten georganiseerd om Scheveningers bewust te maken over de problematiek. Op basis van de meldingen kan vervolgens gericht onderzoek worden gedaan. Zo werken we samen aan een veilige haven waar het prettig wonen, werken en recreëren is, aldus de Gemeente Den Haag.

Brede aanpak ondermijning

Gemeente Den Haag werkt samen met overheidspartners zoals politie, OM, Belastingdienst en het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertise Centrum) Den Haag om ondermijnende criminaliteit te voorkomen en aan te pakken. De veiligheid van het havengebied is een gezamenlijke prioriteit voor de overheidspartners in de regio. De campagne van Meld Misdaad Anoniem is één van de acties om dit te verbeteren.

Ook informeren ze specifieke groepen die van de haven gebruik maken, over hoe ze zich weerbaar kunnen maken tegen criminelen. Er komt ook extra toezicht van handhavers en politie op land en op het water. Gedurende het jaar gaan meerdere partners samen optrekken tijdens integrale handhavingsacties.

Brussel Mobiliteit start campagne: Haal je stepbrevet

De explosieve groei van het gebruik van e-steps in Brussel leidde jammer genoeg ook tot een stijging van het aantal ongevallen met dit vervoermiddel. De regels in herinnering brengen is dus noodzakelijk, zeker nu het mooie weer eraan komt.

Het begin van de lente is een moeilijke periode voor ongevallen met steps, vooral omdat het gebruik ervan in Brussel explosief is toegenomen. Tussen de lente van 2021 en die van 2022 verdrievoudigde het aantal ongevallen met steps. Brussel Mobiliteit wil deze trend ombuigen met een sensibiliserings-campagne met tips “Haal je stepbrevet”.

Sinds 1 juli 2022 gelden nieuwe verkeersregels voor e-steps. De gebruikers ervan worden beschouwd als fietsers en moeten dus de fietsvoorzieningen en de rijweg gebruiken. Steppen op de stoep is niet langer toegestaan! De explosieve groei van het gebruik van e-steps in Brussel leidde jammer genoeg ook tot een stijging van het aantal ongevallen met dit vervoermiddel. De regels in herinnering brengen is dus noodzakelijk, zeker nu het mooie weer eraan komt.

“Bij correct gebruik vormen steps een zeer praktisch alternatief om zich in de stad te verplaatsen. Goed gebruik betekent veilig, op de juiste plek en met respect voor andere weggebruikers en de verkeersregels. We voorzien momenteel overal in Brussel drop-off-zones aan en starten met een campagne om het samenleven tussen steppers en andere vervoermiddelen te verbeteren.”

Elke Van den Brandt, Brussels minister van Mobiliteit.

De ongevallencijfers

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest stijgen de ongevallencijfers de laatste jaren ononderbroken. De lente en de zomer vormen de moeilijkste periode: in het tweede trimester van 2022 vonden 271 ongevallen met een step plaats, drie keer zoveel als de 90 ongevallen in het tweede trimester van 2021. Er moet uiteraard rekening gehouden worden met de explosieve toename van zowel het aantal e-steps in het verkeer (waarvan momenteel 23.000 deelsteps) als van het aantal verplaatsingen met dit vervoermiddel.

In juni 2022 telde Brussel een piek van 1,5 miljoen gehuurde deelsteps, in 2021 was dat slechts 100.000 per maand. ​Een deel van die ongevallen vloeit ook rechtstreeks voort uit risicogedrag: 8% van de steppers die betrokken waren bij een ongeval testten positief op alcohol. Haal je stepbrevet! Gebruikers van e-steps zijn kwetsbaar, vooral wanneer ze botsen met gemotoriseerde weggebruikers.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest streeft naar nul doden en ernstig gewonden tegen 2030, zoals bepaald in het Actieplan Verkeersveiligheid. In deze context start Brussel Mobiliteit deze week met een sensibiliseringscampagne die de gebruikers van dit nieuwe verplaatsingsmiddel herinnert aan enkele eenvoudige regels:

  • stoppen voor rood licht;
  • fietsvoorzieningen of de rijweg gebruiken en niet op de stoep rijden;
  • niet steppen na het gebruik van drugs of alcohol;
  • niet kriskras door de andere verkeersstromen rijden.

Er staat op de website stepbrevet een quizje om je kennis te testen. De quiz zal ook twee weken te zien zijn op de startpagina van de app van de verschillende deelstepaanbieders. Wie 5 vragen correct beantwoordt, behaalt een ‘stepbrevet’ dat recht geeft op een kortingscode voor een volgende rit. Naast de online quiz en affichage, trekt Brussel Mobiliteit ook naar drukbezochte plaatsen om de mensen ter plaatse bewust te maken van de risico’s.

Er worden ook verschillende influencers ingeschakeld om de kernboodschappen van de campagne te verspreiden via sociale media zoals Tik Tok om jonge gebruikers te bereiken, zoals Mehdi Amri @mehdi_amri_10. Tijdens de campagne zullen de politiezones ook bijzondere aandacht hebben voor overtredingen en risicogedrag op de step. De boetes kunnen al snel oplopen: op de stoep rijden is een overtreding van de eerste graad (€ 68) en door het rood rijden een overtreding van de derde graad (€ 184).

Actie om recreatieve verbindingen veilig te houden

Het recreatieve fietsgebruik groeit al jaren. Fietsers ondervinden hinder van de drukte en willen graag meer veiligheid en comfort van fietspaden en wegen.

Vaak blijven bij stads- en gebiedsontwikkelingen én bij grote infrastructurele werken de belangen van recreatieve verbindingen onderbelicht, ondanks de enorme populariteit en de grote maatschappelijke betekenis ervan. Volgens koepelorganisatie Fietsplatform ontstaan hierdoor nieuwe barrières, vaak onbedoeld. Of verbindingen worden minder aantrekkelijk door verrommeling van het landschap of toename van sluipverkeer. Samen met ANWB, Fietsersbond en wielersportbond NTFU spreekt het Fietsplatform zich hier tegen uit.  

Bescherming van wat er ligt
Barrièrevorming door weg, water en spoor is op meerdere manieren te voorkomen: bescherm de  fijnmazigheid van het recreatieve fiets- en wandelnetwerk, behoud en breid het aanbod veerponten uit, sluit geen overwegen zonder goed alternatief, en leg tunnels of fietsviaducten aan op belangrijke punten en bij wegverbredingen van provinciale wegen. Volgens de organisaties die zich inzetten voor het recreatieve fietsen is het dan ook zaak om in het omgevingsbeleid zowel de bescherming van wat er ligt, maar ook het potentieel voor verdere ontwikkeling van het netwerk van paden en wegen aan de voorkant mee te nemen.

“Veerponten vormen een bijzonder aandachtspunt. Dit zijn attracties op zich die zorgen voor een typisch Nederlandse beleving. Een thema dat momenteel heel actueel is in de provincie Gelderland”.

Eric Nijland, directeur van het Fietsplatform.

Behoud de Gelderse veren!
Na 2023 is het verenfonds in Gelderland leeg; de provincie is voornemens om geen financiële bijdrage meer te leveren. Hierdoor dreigt tariefsverhoging, minder varen en zelfs het opdoeken van ponten. Veerponten zijn van groot belang zijn voor fiets- en wandelverbindingen.

“Niet alleen als schakel in een recreatieve route zoals bijvoorbeeld de fietsknooppunten en de LF-routes, maar ook voor de snelste route naar school en werk. In Gelderland zijn er duizenden scholieren die elke dag de pont gebruiken. Zonder veerponten moeten ze kilometers omrijden.”

Esther van Garderen, directeur Fietsersbond.

Campagne #ikveeropjou  
De vier organisaties startten samen met een coalitie van wandelpartijen en de Vrienden van de Veerponten een campagne voor het behoud van de Gelderse veerponten. Een flink aantal veerponten komt in de problemen door het verdwijnen van het Gelderse Verenfonds waaruit noodlijdende veerverbindingen ondersteund werden. Niet alleen in Gelderland, maar in het hele land zijn de vooruitzichten slecht door hoge energieprijzen, stijgende salariskosten en de noodzaak te investeren in duurzame schepen. De petitie ‘Ik houd van veren’ waarin de provincie Gelderland wordt opgeroepen de veren te blijven ondersteunen is inmiddels al meer dan 16.000 keer ondertekend. Naast het tekenen van de petitie roepen de partijen mensen op om een lofzang over de veren te delen via social media. Dat mag in woord of beeld. Hiermee wordt het belang van de veerponten voor inwoners, scholieren, fietsers en wandelaars onderschreven.

Top 10 recreatief fietsen
Het recreatieve fietsgebruik groeit al jaren. Fietsers ondervinden hinder van de drukte en willen graag meer veiligheid en comfort van fietspaden en wegen. Hier is een belangrijke rol voor de overheid weggelegd. In maart zijn er weer Statenverkiezingen. Dit biedt de mogelijkheid om nieuwe prioriteiten te stellen. Koepelorganisatie Fietsplatform stelde daarom samen met ANWB, Fietsersbond en wielersportbond NTFU een Top 10 voor het recreatieve fietsen op. Deze biedt concrete handvatten met aanbevelingen op weg naar de verkiezingen. Het gezamenlijke verzoek: neem de punten op in de verkiezingsprogramma’s en daarna in het komende collegeakkoord.

Campagne 40 meter remweg gestart

Veiligheid bij tramkruisingen is erg belangrijk. Ondanks dat er verkeerslichten bij kruisingen staan, gebeuren er helaas toch af en toe ongelukken.

Op 23 januari start de nieuwe campagne 40 meter remweg in de provincie Utrecht. Met deze campagne wordt het belang van veiligheid bij tramkruisingen benadrukt. Een tram staat namelijk niet meteen stil, ze heeft een remweg van maar liefst 40 meter. Een tram heeft daarom altijd voorrang. Weggebruikers zoals auto’s, fietsers, voetgangers én scooters worden er daarom op gewezen om extra goed op te letten bij het oversteken van een trambaan.

Veiligheid bij tramkruisingen is erg belangrijk. Ondanks dat er verkeerslichten bij kruisingen staan, gebeuren er helaas toch af en toe ongelukken. Met alle gevolgen van dien. In enkele gevallen wordt de tram slecht door hen gezien of ziet de trambestuurder op de kruisingen de naderende weggebruikers onvoldoende.

Reden voor de provincie Utrecht om hier samen met de gemeenten over in gesprek te gaan. De gemeenten zijn beheerder van de kruisende wegen. De provincie deed recent onderzoek naar de tramkruisingen en verkende daarbij de mogelijkheden hoe deze in een aantal gevallen veiliger kunnen worden gemaakt. Denk daarbij aan maatregelen om de tram beter zichtbaar te maken (bijvoorbeeld door het snoeien van bomen en struiken, het verplaatsen van obstakels), het geven van voorlichting aan scholieren over de remweg van de tram, en in een enkel geval het plaatsen van slagbomen zoals bij de kruising op de Symfonielaan in Nieuwegein.

In enkele gevallen wordt de tram slecht door weggebruikers gezien of ziet de trambestuurder op de kruisingen de naderende weggebruikers onvoldoende.

“Het is belangrijk dat we weggebruikers meer wijzen op de tram. De campagne gaat hierbij helpen. De provincie is verantwoordelijk voor de trambaan, gemeenten zijn verantwoordelijk voor de weginfrastructuur. We moeten dus samen optrekken om de veiligheid te verbeteren en om dit met elkaar op te lossen. Als beheerder van de traminfrastructuur neemt de provincie daarvoor het initiatief.”

Gedeputeerde Arne Schaddelee.

Campagne 40 meter remweg

Met de nieuwe bewustwordingscampagne wordt de weggebruiker extra gestimuleerd om op te letten bij tramkruisingen. Langs de tramlijn Utrecht, Nieuwegein en IJsselstein staan de aankomende weken prikkelende abri’s om iedereen te wijzen op de lange remweg van de tram. Advertenties op grote digitale schermen in de stad Utrecht zijn zichtbaar tijdens de spits (ochtend en avond). Ook op social media wordt er aandacht geschonken aan de campagne.

Campagne: Niets is gevaarlijker dan het spoor

ProRail is onlangs een nieuwe campagne gestart, de campagne heet: Niets is gevaarlijker dan het spoor. Deze campagne moet de bewustwording van jongeren over veiligheid bij het spoor vergroten. Uit meldingen van omstanders en camerabeelden blijkt dat vooral veel jongeren zich niet realiseren hoe gevaarlijk het spoor kan zijn en zij dus ook vaak gevaarlijk gedrag vertonen rondom het spoor. Vergeleken met 2020 steeg het aantal bijna-aanrijdingen in 2021 met 10 procent, en waren er vorig jaar 206 bijna-aanrijdingen. Dit jaar meldde ProRail 153 bijna-aanrijdingen op het spoor en het jaar is nog niet eens voorbij. Dit zijn serieuze getallen en ProRail maakt zich hierom ernstige zorgen en start daarom de speciale campagne.

“Veiligheid op en rond het spoor is voor ons als sector topprioriteit. Als ProRail nemen we samen met vervoerders uitgebreide maatregelen om het spoor veiliger te maken. Denk bijvoorbeeld aan het opheffen van overwegen, het voortdurend houden van toezicht en het plaatsen van hekken langs het spoor. Toch zien we een stijging in het aantal incidenten en dat heeft met gedrag te maken. En daarom vind ik het belangrijk om hier de aandacht op te vestigen.”

John Voppen, CEO van ProRail.

Iedereen heeft wel eens vreselijke haast, maar dit mag nooit de reden zijn om toch nog even snel onder de neergaande slagboom door te gaan. Ook als de trein voorbij is gereden en de slagbomen nog niet omhoog zijn gegaan, zul je moeten wachten tot de slagbomen weer helemaal omhoog zijn, er kan namelijk nog een trein vanaf de andere kant komen. ProRail doet er alles aan om het spoor veiliger te maken. Zo hangen er camera’s op cruciale plekken, worden overwegen gesaneerd en vervangen door tunnels, rondom stations en overwegen worden hekken geplaatst en hebben ze een speciaal lesprogramma ontwikkeld om scholieren te informeren over veiligheid rondom het spoor.

“Als we camerabeelden bekijken, schrikken we als iemand de overweg wil oversteken terwijl de spoorbomen al dichtgaan. Of dat verkeersdeelnemers denken dat ze alvast onder de spoorbomen door kunnen, terwijl er nog een trein van de andere kant komt. Dit gedrag is levensgevaarlijk en heeft grote impact op machinisten en omstanders, helemaal als het tot een aanrijding leidt. Laten we er alles aan doen om dit te voorkomen.”

John Voppen, CEO van ProRail.

Foto boven: www.hollandfoto.net/ Shutterstock.com

TeamAlert start weer met campagne: Rij drugsvrij

Onlangs is de jongerenorganisatie TeamAlert weer haar jaarlijkse campagne “Rij drugsvrij” gestart. Met deze campagne wil TeamAlert jongeren motiveren om een veilige trip naar huis regelen, na een festival of een avondje uit. Na bijna twee jaar leven zonder festivals of stapavonden kunnen jongeren eindelijk weer losgaan. De knaldrang onder jongeren is groot, blijkt uit recent onderzoek van het Trimbos-instituut. Nog te veel jongeren rijden na het slikken van een pilletje of snuiven van een lijntje op een festival onder invloed naar huis – per maand houdt de politie ongeveer 1.000 mensen aan die drugs hebben gebruikt in het verkeer. Levensgevaarlijk, en niet alleen voor jezelf! De kans op een ongeval wordt door een combinatie van alcohol en drugs tot 200 keer groter.

Plan je trip. Rij drugsvrij

Met de slogan “Plan je trip. Rij drugsvrij” wil TeamAlert jongeren stimuleren om een veilige rit naar huis te fixen. Dit kan door van tevoren goede afspraken te maken in de vorm van een nuchtere bestuurder te regelen, met het openbaar vervoer naar huis te gaan, of te blijven slapen totdat je de weg weer op mag. Onlangs werd de campagne afgetrapt. Na afloop van het HIDE Festival in Nieuwegein werden feestgangers met een partybus veilig naar Utrecht Centraal gebracht. In de partybus werd het feestje doorgezet met discolampen, muziek en rookmachines, zodat jongeren inzien dat het een feestje is om met alternatief vervoer richting huis te gaan.

De campagne is tot en met 31 augustus voornamelijk online te zien op Instagram, Snapchat en TikTok, omdat daar de doelgroep te vinden is. Door campagnevideo’s met duidelijke handelingsalternatieven en de inzet van verschillende influencers worden jongeren gestimuleerd slimme keuzes te maken in het verkeer. Als winactie maken jongeren kans op een partybusreis met vrienden van en naar een festival naar keuze in Nederland. Daarnaast is er een campagnetoolkit met campagnemateriaal beschikbaar. Dit materiaal is voor gemeenten, provincies en andere organisaties vrij om te delen, om de boodschap van “Rij Drugsvrij” verder te verspreiden en het drugsgebruik in het verkeer te verminderen. Laten we met z’n allen ervoor zorgen dat jongeren bewust worden van het gevaar van rijden met drugs op, en dus niet onder invloed achter het stuur stappen of met iemand anders meerijden die onder invloed is.