Categorie archieven: deelvervoer

Tweede auto is overbodig, ook in een afgelegen dorp als ’s Gravenmoer

Autodelen bespaart geld als je niet dagelijks een auto nodig hebt.

Commerciële deelautoaanbieders vinden het niet interessant om deelauto’s in Boekel, Pekela, Renswoude of ’s Gravenmoer neer te zetten. In kleinere gemeenten is er voor hen geen markt, maar wanneer je er goed over nadenkt kunnen ook bewoners in die dorpen gebruik maken van een deelauto en samen met de buren een formule bedenken. Ondanks de vele voordelen zijn er nog wel een aantal knelpunten als het gaat om autodelen met de buurt.

In Nederland staan acht miljoen auto’s gemiddeld 23 uur per dag stil en wanneer te bedenkt dat een privéauto die je weinig gebruikt duur is, kan het autodelen interessant zijn voor veel gezinnen. In de echte plattelandsgemeenten zoals Bronckhorst, Aa, ’s Gravenmoer en Hunze en Olst-Wijhe zal je niet meteen commerciële deelauto’s aantreffen. Daarom is het idee niet minder waard.

Door autodelen zijn er minder parkeerplaatsen nodig. De ruimte op straat kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor meer groen of parkeerplek voor fietsen. Een auto die altijd voor je klaarstaat. Zo’n gedeelde liefde is misschien even wennen. Maar als je het eenmaal hebt ervaren, wil je nooit meer anders. Buren kunnen onderling ook aansluiten bij een commercieel bedrijf dat gespecialiseerd is in deelauto’s voor buurten. Een voorwaarde is dat er minimaal tien buren of huishoudens zich aansluiten, zodat het streefbedrag aan abonnementen wordt opgehaald, waarmee de auto wordt gefundeerd.

Slager Marco van Strien uit ’s Gravenmoer maakt de lekkerste gehaktballen.

Ze mogen dan wel de lekkerste gehaktballen hebben, deelauto’s staan bij Keurslager van Strien niet voor de deur. Volgens het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en volgens Milieu Centraal levert autodelen tot maximaal 12.000 kilometer op jaarbasis een financiële besparing op. Wanneer de tweede auto dat niet haalt is autodelen wellicht een optie. Een flink deel van de personenauto’s die je nu op straat ziet, kunnen worden ingewisseld voor een deelauto.

Waar buurtinitiatiefnemers vaak tegenaan lopen, is dat er geen vaststaande parkeerplaats is voor de deelauto. Rij je in je buurt met een elektrische auto? Dat maakt het parkeervraagstuk extra lastig, want vaak duurt het krijgen van een laadpaal een jaar en kan het elektriciteitsnet het niet aan. Om het autodelen te stimuleren werkt de overheid aan een online campagne: Gedeelde Liefde. Ook wil het een nieuw Samenwerkingsprogramma Deelmobiliteit opzetten tussen lokale en regionale overheden en het Rijk.

De speciale autodeelverzekering van Centraal Beheer verzekert groepsleden mee via de verzekering van de beheerder. Als iemand schade rijdt, heeft dit geen gevolgen voor de schadevrije jaren of no-claimkorting van de beheerder.

Er zijn nogal wat bezwaren wanneer je de eigen auto wil delen. Je kan je auto met de buurt delen of een nieuwe samen met de buurt kopen, alleen bestaan er bijna geen autodeelverzekeringen waarmee je als buurt dan ook goed verzekerd bent. De Wet Aansprakelijkheid Motorvoertuigen (WAM) bepaalt dat de verzekering altijd aan (de eigenaar) van de auto gekoppeld moet worden. Dit om zeker te stellen dat er in geval van schade altijd een verzekering is, zodat de schade aan derden vergoed wordt. De verplichte autoverzekering kan hierdoor alleen op basis van bezit geregistreerd worden bij het RDW en niet op basis van gebruik.

Een verzekering op persoon zou hier uitkomst kunnen bieden. Met informatie over de berijder kun je het risico op schade namelijk beter inschatten. Een dergelijke verzekering sluit ook goed aan bij Mobility as a service-concepten. De WAM is vanuit slachtofferbelang bedacht en komt uit Europa. Aanpassing van deze Europese richtlijn is niet eenvoudig, omdat er veel partijen bij betrokken zijn, zowel binnen Europa als in Nederland. Denk naast de eerdere genoemde registratie bij de RDW bijvoorbeeld ook aan het huidige systeem voor verkeersovertredingen van het CJIB. Een wijziging is dus impactvol zijn en zal daarom goed met alle betrokkenen moeten worden besproken en verder uitgewerkt.

In een reactie van het Verbond van Verzekeraars op vragen over deelautoverzekeringen vernemen we dat het niet mogelijk is om de rit te verzekeren in plaats van het voertuig, zodat gebruikers ook zonder een eigen auto te bezitten schadevrije jaren kunnen opbouwen. Een verzekering op persoon zou uitkomst kunnen bieden. Daarmee zouden bijvoorbeeld ook schadevrije jaren aan de persoon gekoppeld kunnen worden, onafhankelijk van het feit of de persoon bezitter, lener of huurder is. Er moet dan natuurlijk wel voldoende informatie vastgelegd en gedeeld kunnen worden, bijvoorbeeld wie er op welk moment van het voertuig gebruik maakt en wat de schadehistorie is.

Fors meer gebruik van deelauto’s in 2022

Amsterdam is de grootste autodeelstad, dankzij 74 nieuwe voertuigen komt het totaal op 848 Greenwheels-auto’s.

Nederlanders maakten in 2022 fors meer gebruik van deelauto’s. Marktleider Greenwheels ziet dat duidelijk terug in de cijfers. Nog niet eerder groeide het aantal gebruikers zo hard: met maar liefst 53%. Ook nam de gereden afstand in 2022 met 20% toe. Het deelautobedrijf vierde vorig jaar de mijlpaal van 2.500 auto’s verspreid over 160 Nederlandse plaatsen. In 2022 werden in totaal 378 nieuwe auto’s geplaatst.

Amsterdam is de grootste autodeelstad, dankzij 74 nieuwe voertuigen komt het totaal op 848 Greenwheels-auto’s. In Rotterdam steeg in het aantal nieuwe autodelers echter het hardst. Naast de opmars in de Randstad ziet Greenwheels de vraag naar deelauto’s ook daarbuiten toenemen. In 2022 werden de eerste deelauto’s geplaatst in onder andere Blaricum, Rhenen, Twello (Voorst), Winsum en Bodegraven.

December 2022 was een recordmaand met een uitzonderlijk hoge klantaanwas van 94,9% ten opzichte van december 2021. Na de roerige coronajaren zit ook het zakelijk segment weer in de lift met een jaargroei in kilometers van 26%. Zo’n duizend zzp’ers en tweeduizend bedrijven gebruikten Greenwheels-deelauto’s in 2022. Ook opvallend was het hoge aantal klanten dat via een mobiliteitskaart binnenkomt: deze tak groeide exponentieel in 2022 (+68%).

Nederlanders maakten in 2022 fors meer gebruik van deelauto’s. Marktleider Greenwheels ziet dat duidelijk terug in de cijfers.

De groei schrijft Greenwheels onder meer toe aan de gestegen kosten voor autobezit. “Nog niet eerder betaalden particulieren en bedrijven zoveel voor het bezitten van een auto en stegen benzine- en dieselprijzen naar recordhoogte”, zegt Andrew Berkhout, directeur Greenwheels. “Ook stappen steeds meer mensen over naar flexibele en duurzame mobiliteit; de combinatie tussen bijvoorbeeld openbaar vervoer en de deelauto.”

Wie kiest voor de deelauto’s, maakt een bewuste en milieuvriendelijke keuze. Omdat zij minder kilometers rijden dan voordat ze autodeler werden, bespaarden Greenwheels-gebruikers in 2022 gezamenlijk ruim 190 miljoen kilo CO2, het equivalent van meer dan 7.500 bomen. Greenwheels is begonnen met de transitie naar elektrisch deelververvoer, om zo de CO2-uitstoot verder te verlagen. In 2022 verdubbelde het aantal elektrische Greenwheels-auto’s al ten opzichte van het jaar daarvoor.

Het deelautobedrijf is van plan in 2023 ten minste tweehonderd elektrische auto’s in verschillende gebieden te plaatsen. “Het is niet eenvoudig, onder meer vanwege het beperkte aanbod van geschikte elektrische auto’s, maar we maken grote stappen in de verduurzaming van de vloot”, stelt Berkhout. “Tegelijkertijd is autodelen, ook van benzineauto’s, de milieuvriendelijkste optie. Daarvoor blijven we lobbyen. We zien dat autodelen gewoner wordt en dat meer en meer mensen kiezen voor een auto gebruiken in plaats van bezitten. We werken daarom in 2023 verder aan onze belofte: een auto voor iedereen.”

Foto boven en midden: Greenwheels beeldbank.

NTM aan de slag met datastandaarden Mobility as a Service

“Klinkt simpel, maar nog een hele weg te gaan waar we ons lekker in gaan vastbijten!”

NTM, het Nationaal Toegangspunt Mobiliteitsdata, ondersteunt sinds 1 januari 2023 de technische MaaS-standaarden. Hiermee helpen ze het samenwerkingsverband van gemeentes, MaaS dienstverleners en vervoerders om de standaarden die zij nu al gebruiken, verder te ontwikkelen. 

Dit maakt data-uitwisseling eenvoudiger en zorgt dat de reiziger duurzamer, sneller of goedkoper zijn reis van A naar B kan maken. Zo blijft Nederland bereikbaar en leefbaar. “Klinkt simpel, maar nog een hele weg te gaan waar we ons lekker in gaan vastbijten!”, aldus Maryse Bücking- Information Architect at NTM. 

MaaS staat voor Mobility as a Service. Dit is een service, bijvoorbeeld een app, die de reiziger van deur tot deur een complete route aanbiedt. Met de auto, de trein of ander vervoer. Of een combinatie daarvan, afhankelijk van de wensen van de mobilist op dat moment. Maar ook een dagje uit wordt door MaaS een stuk gemakkelijker: je neemt het vervoer dat je op dat moment naar de gewenste plek brengt.

Met de betrokkenheid van het NTM bij het beheer en de ontwikkeling van de standaarden zetten we een nieuwe stap in de structurele borging van het MaaS-systeem. We zijn de pilotfase voorbij en dat geeft hopelijk een extra stimulans om deze vorm van mobiliteit voor reizigers te vereenvoudigen.

Nico van Paridon, voozitter van de Strategic Committee voor MaaS-standaarden

Daarnaast ondersteunt NTM de Strategic Committee en is het (tijdelijk) voorzitter van de nieuw opgezette Change Advisory Board (CAB). Deze board toetst de voorgestelde wijzigingen en uitbreidingen binnen de standaarden en schat in wat de impact is voor de overheden en vervoerders.

zeven MaaS-pilots

Het organiseren van een reis is nog lang niet overal op deze manier mogelijk. Afgelopen jaren heeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat samen met lokale overheden en partners zeven MaaS pilots uitgevoerd. Waaronder het verminderen van de filedruk bij de Zuidas en het aanbieden van reizen naar België of Duitsland vanuit Limburg.

“MaaS geeft de reiziger meer keuzevrijheid. In de MaaS-pilots hebben we geleerd dat het voor het opschalen van MaaS belangrijk is dat meer OV-partijen, deelmobiliteitsaanbieders en andere vervoerders worden ontsloten via MaaS apps. Het gebruik van standaarden zorgt ervoor dat partijen gemakkelijker en efficiënter kunnen samenwerken.“

Bon Bakermans, beleidsadviseur Maas bij ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

NTM werkt aan een register om alle datastandaarden voor mobiliteit beschikbaar te maken. Het huidige register bevat nu voornamelijk datasets. Binnenkort zal het voor data-aanbieders mogelijk zijn om deze ook zelf te publiceren in NTM. De mogelijkheden van het register worden in de loop van 2023 steeds verder uitgebreid.

Foto: Maryse BückingLinkedIn

Mobiliteitshubs, wat zijn het en hoe maak je ze bekend?

Hoewel mobiliteitshubs zonder twijfel voordelen hebben, is het belangrijk om rekening te houden met de negatieve effecten.

Het begrip mobiliteitshubs is een belangrijk onderdeel van het openbaar vervoer in Nederland en kan helpen om mensen te verplaatsen van de ene plaats naar de andere zonder afhankelijk te zijn van één specifieke vervoerswijze. Het is echter mogelijk dat niet iedereen bekend is met het begrip en de voordelen van mobiliteitshubs en het doel ervan. Als we het begrip mobiliteitshubs bekend willen maken bij iedereen, moeten we in 2023 behoorlijk het begrip bekend maken.

aanpakken

Men kan informatie over mobiliteitshubs delen op sociale media platforms zoals Facebook, Instagram en Twitter, maar daar bereik je niet iedereen mee. TV omroepen, de lokale krant of radiozenders moeten ook op de hoogte zijn van wat mobiliteitshubs zijn. Zo kunnen mensen die geen gebruik maken van sociale media, toch op de hoogte blijven over deze ontwikkelingen.

Wellicht is onderwijs een goede manier om het onderwerp bekend te maken. Laat kinderen al op jonge leeftijd kennis maken met mobiliteitshubs door voorlichting te geven op scholen. Zo leren ze al op jonge leeftijd hoe ze zich kunnen verplaatsen zonder afhankelijk te zijn van de auto.

Zonder meteen commerciële bedrijven op ideeën te brengen, kunnen de gemeenten of lokale overheden events organiseren waarbij mensen kennis kunnen maken met mobiliteitshubs en hoe ze werken. Dit kan bijvoorbeeld door het organiseren van  een informatiebijeenkomst over verschillende vervoerswijzen in wijkcentra.

In lijn met de verscheidenheid aan functies, mobiliteitsvormen en voorzieningen op mobiliteitshubs ontstaat er een veelheid aan partijen betrokken bij de ontwikkeling, realisatie en exploitatie van mobiliteitshubs. Opvallend daarbij is de vele praatgroepen die ontstaan over het onderwerp zonder daarbij de burger daadwerkelijk te betrekken.

Wellicht is onderwijs een goede manier om het onderwerp bekend te maken.

Zijn er dan geen nadelen aan mobiliteitshubs die we onder de aandacht moeten brengen? Hoewel mobiliteitshubs zonder twijfel voordelen hebben, zijn er ook enkele potentiële negatieve effecten waar rekening mee gehouden moet worden.

Eén van de belangrijkste negatieve effecten van mobiliteitshubs is het potentieel om het verkeer te concentreren in bepaalde gebieden. Als mensen hun auto’s parkeren bij een mobiliteitshub en vervolgens gebruik maken van openbaar vervoer of deelauto’s, kan dit leiden tot een toename van het verkeer op de wegen rond de hub. Dit kan leiden tot congestie en langere reistijden voor mensen die in de buurt wonen of werken.

Een ander negatief effect van mobiliteitshubs kan zijn dat ze moeilijk te integreren zijn in de bestaande infrastructuur van een stad. Het bouwen van een mobiliteitshub kan bijvoorbeeld leiden tot het afbreken van bestaande gebouwen of het verplaatsen van mensen uit hun huizen. Dit kan leiden tot sociale onrust en verzet tegen het project. In de praktijk zijn we veel mobiliteitshubs verschijnen aan de rand van de stad, maar daar is dan vaak geen station in de buurt wat niet wenselijk is voor het slagen van de mobiliteitshub.

Bovendien kan het gebruik van mobiliteitshubs leiden tot een afname van het aantal parkeerplaatsen in een gebied. Dit kan vooral een probleem zijn in stedelijke gebieden waar parkeerplaatsen al schaars zijn. Het kan ook leiden tot een toename van het aantal auto’s op de weg, omdat mensen die gebruik maken van de mobiliteitshub hun auto’s misschien niet helemaal parkeren, maar gewoon in de buurt laten staan.

Tot slot kan het gebruik van mobiliteitshubs leiden tot een afname van de vraag naar individueel vervoer, zoals taxidiensten en privé-chauffeurs. Dit kan leiden tot werkloosheid in deze sectoren en een afname van de inkomsten van deze werknemers.

Mobiliteitshubs kunnen ook bijdragen aan een beter milieu door het aanbieden van duurzame vervoersmiddelen.

Hoewel mobiliteitshubs zonder twijfel voordelen hebben, is het belangrijk om rekening te houden met de potentiële negatieve effecten en ervoor te zorgen dat deze worden aangepakt voordat ze tot problemen leiden. Wat de voordelen of negatieve effecten ook zijn, het is belangrijk deze kenbaar te maken aan het grote publiek en de stap te zetten om massaal het onderwerp onder de aandacht te brengen.

Bovendien kunnen mobiliteitshubs ook bijdragen aan een beter milieu door het aanbieden van duurzame vervoersmiddelen, zoals elektrische deelauto’s of fietsen. Dit kan helpen om het gebruik van fossiele brandstoffen te verminderen en de uitstoot van schadelijke stoffen te verminderen.

Samenwerkingsprogramma Deelmobiliteit

Alleen gaan we sneller, samen komen we verder

Staatssecretaris Vivianne Heijnen informeerde in een brief aan de Tweede Kamer over het opzetten van het Samenwerkingsprogramma Deelmobiliteit. Het Samenwerkingsprogramma Deelmobiliteit betreft een samenwerking tussen lokale en regionale overheden en het Rijk. De brief schetst de eerste lijnen van het samenwerkingsprogramma.

Het programma biedt goede kansen voor bereikbaarheids- en klimaat-opgaven, ondersteunt de ruimtelijke opgave (deelmobiliteitshubs, woningbouwopgave, ruimte in stad) en zorgt voor meer uniforme marktcondities (harmonisatie, standaardisatie) met een samenhangende aanpak en regie voor deelmobiliteit. Het advies over een samenwerkingsprogramma is een uitkomst van gesprekken gevoerd door kwartiermaker Maarten van Biezen. Deze gesprekken heeft hij gevoerd met onder andere gemeenten en regio’s en sluit aan bij het advies van de voormalige voorzitter van de Green Deal Autodelen II (Betty de Boer).

Deelmobiliteit is voor het Rijk relevant omdat het bijdraagt aan verschillende maatschappelijke doelen zoals de woningbouwopgave in stedelijk gebied die beter wordt mogelijk gemaakt door lagere bouwkosten, verbeterde bereikbaarheid en minder ruimtebeslag van auto’s. Ander doel is de afname van emissies (zoals CO2 en stikstof) van automobiliteit en het versnellen van zero-emissie mobiliteit. Dit komt doordat deelauto’s vaker elektrisch zijn dan auto’s in privébezit en doordat gebruikers van deelauto’s minder kilometers afleggen in auto’s in vergelijking met bezitters van een privéauto. Het versterkt de kwaliteit van het openbaar vervoer doordat de first/last mile met deelmobiliteit kan worden afgelegd.

deelmobiliteit

Deelmobiliteit, ook wel deelvervoer, is een verzamelterm voor alle vervoersmiddelen die gebruikt kunnen worden door meerdere gebruikers waarbij de gebruiker ook de bestuurder is maar deze niet zelf bezit. Voorbeelden zijn deelfietsen, -scooters en -auto’s. Het belangrijkste verschil met “traditionele” huurvoertuigen is dat bij deelvoertuigen het gebruik 24 uur per dag toegankelijk is (vaak via een app) zonder de tussenkomst van een persoon. Deelmobiliteit kan een rol spelen als voor- en natransport in het openbaar vervoer. Met deelmobiliteit wordt in deze definitie expliciet niet carpoolen of taxi-diensten bedoeld, aangezien de gebruiker daarbij niet de bestuurder is. Deelmobiliteitsaanbieders zijn vaak commerciële partijen.

Cargoroo versterkt leiderspositie in Europa

Cargoroo, bekend van de gele elektrische deelbakfietsen, heeft tien miljoen euro opgehaald bij investeerders.

Cargoroo, bekend van de gele elektrische deelbakfietsen, heeft tien miljoen euro opgehaald bij investeerders. Dankzij deze nieuwe financieringsronde versterkt Cargoroo haar leiderspositie op het gebied van e-deelbakfietsen in Europa. Zo kunnen nog meer autoritten vervangen worden door een rit met de e-bakfiets en worden steden leefbaarder, gezonder en veiliger.

Uitbreiding in Europa

Het opgehaalde kapitaal maakt verdere groei mogelijk voor de specialist in elektrische deelbakfietsen. Zo kan de uitbreiding van het deelconcept in Europa dankzij de investering versneld worden. Volgend jaar doet Cargoroo haar intrede in meer Duitse steden. Daarnaast wordt het concept in Frankrijk in de stad Lyon gelanceerd. In de Europese steden waar het deelconcept al gekend is, zoals Antwerpen en Berlijn, groeit de aanwezigheid van Cargoroo. Het aantal bakfietsen wordt daar aanzienlijk verhoogd.

In Nederland, waar het deelconcept kortgeleden in Eindhoven is gelanceerd, zal de elektrische deelbakfiets in meer buurten en steden beschikbaar zijn. Daarnaast groeit in Amsterdam, Utrecht, Den Haag, Nijmegen en Arnhem het aantal deelbakfietsen. Verder gaat Cargoroo nieuw talent aantrekken om samen nog meer klanten te overhalen van de voordelen van de e-deelbakfiets.

Van links naar rechts: Cargoroo oprichters Jelle Maijer, Jaron Borensztajn en Erik de Winter.

“Met deze investering kunnen we samen met het Team onze missie tot een hoger niveau tillen: steden leefbaarder, gezonder en veiliger maken. Naast kapitaal bieden de investeerders ervaring en kennis op het gebied van de deeleconomie, de publieke sector en mobiliteit. Op dat vlak liggen onze visie en waarden op één lijn.”

CEO Erik de Winter.

Investeerders met een gemeenschappelijke doelstelling

The Sharing Group en het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland (PDENH) sluiten zich aan bij de bestaande investeerder Fairtree Elevant Ventures. Samen investeren zij met leasemaatschappijen tien miljoen euro.

The Sharing Group is een snelgroeiende familie van techbedrijven voor ‘Good Sharing’ concepten. Joost van Rooij, CMO The Sharing Group: “Op het gebied van deelmobiliteit is MyWheels het bekendste merk in onze portefeuille. De investering in Cargoroo sluit hier naadloos op aan; beide concepten dragen bij aan minder auto’s in de straat en meer leefbaarheid”.

PDENH investeert als publiek fonds in Noord-Hollandse bedrijven en initiatieven die bijdragen aan de energietransitie, circulaire economie en duurzame mobiliteit in de regio. Joost de Waard, Investment Manager PDENH: “de deelbakfiets is een ernstig alternatief voor het autogebruik in de dichtbevolkte Europese binnensteden en wij geloven dat Cargoroo als marktleider in staat is om dit concept op grote schaal uit te rollen. En behalve minder CO2, dragen de gele bakfietsen ook bij aan een gezondere levensstijl van de gebruiker!”

Foto boven: Hadrian/ Shutterstock.com.

Nederlands Paviljoen op Autonomy Mobility 2023

In 7 jaar tijd is Autonomy Mobility Parijs uitgegroeid tot ’s werelds grootste bijeenkomst op het gebied van duurzame stedelijke mobiliteit.

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en de ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Parijs organiseren samen het paviljoen tijdens de beurs. Bent u actief in de sector stedelijke en duurzame mobiliteit en bent u op zoek naar mogelijkheden op de Franse markt? Neem dan op 22 en 23 maart deel aan het Nederlandse Paviljoen tijdens de beurs Autonomy Mobility World Expo 2023 in Parijs.

In 7 jaar tijd is Autonomy Mobility Parijs uitgegroeid tot ’s werelds grootste bijeenkomst op het gebied van duurzame stedelijke mobiliteit. In 2 dagen komen er 8.000 deelnemers uit 92 landen, en er zijn 200 exposanten en 700 zakelijke bijeenkomsten. Tijdens de Autonomy Mobility World Expo 2023 treft u er interessante presentaties, conferenties en zakelijke ontmoetingen over ontwikkelingen in duurzame stedelijke mobiliteit. Het Nederlandse paviljoen is de uitgelezen plaats voor een netwerkevenement met Franse experts, professionals en mogelijke zakenpartners.

paviljoen

Het Nederlands Paviljoen op Autonomy Mobility Parijs 2023 is bedoeld voor stakeholders die actief zijn in duurzame mobiliteit en geïnteresseerd in export naar of samenwerking met Frankrijk. Bedrijven die producten of oplossingen aanbieden die goed aansluiten bij duurzame mobiliteit in Frankrijk of al actief zijn in Frankrijk op het gebied van duurzame mobiliteit zijn van harte welkom.

Daarbij kan je denken aam de fietsindustrie (klassieke, elektrische, cargo-, deelfietsen) of EV’s (elektrische auto’s, laadstations). Maar ook Mass Transit (treinen, trams, e-bussen, kabelbanen, veerboten, zelfrijdende auto’s) en Urban Logistic (eVans, Delivery Equipment). Aanbieders van applicaties (Wayfinding, Maas, Parking, Traffic Monitoring) of andere vormen van actieve mobiliteit (scooters, retail bikes, brommers, motoren) behoren tot de doelgroep.

podium Autonomy Mobility
World Expo

Op weg naar een duurzaam bereikbare regio

Het is belangrijk dat iedereen de reis met ov, deelauto of deelfiets makkelijk van deur-tot-deur kan plannen en betalen.

Lopen, fietsen en deelmobiliteit moeten een belangrijk onderdeel worden van de reis van deur tot deur, met klassiek openbaar vervoer als betrouwbare, comfortabele, duurzame bondgenoot. Na ruim twee jaar zo veel mogelijk thuis geweest te zijn, leeft de Vervoerregio Amsterdam weer als vanouds. We reizen weer bijna dagelijks vanuit huis door de regio naar werk, sport, vrienden en familie. Ook dagjesmensen en toeristen weten hun weg weer terug te vinden naar deze regio.

“We gaan van openbaar vervoer naar
publieke mobiliteit, want een robuust
systeem van alleen openbaar vervoer
is niet genoeg om in de toekomst onze
regio bereikbaar te houden. We zullen
meer moeten doen.”

Wethouder Melanie van der Horst

Volgens van der Horst, verantwoordelijk voor ondermeer verkeer, vervoer en luchtkwaliteit, levert de regio bereikbaar houden grote uitdagingen op waar men het voortouw in moet nemen, maar die kan men alleen maken door samenwerking en steun van bijvoorbeeld van de Rijksoverheid. We staan daarmee op een kruispunt om de bereikbaarheid van de regio voor nu en in de toekomst vorm te geven. In plaats van terug te vallen in ons oude reisgedrag, zetten we de stap naar voren, naar een duurzaam bereikbare regio. 

De Vervoerregio Amsterdam heeft de ambitie om de regio, nu en in de toekomst, bereikbaar te houden voor bewoners, bedrijven en bezoekers. Een economisch sterke regio waarin het voor iedereen veilig en prettig reizen en verblijven is. Daarvoor zetten ze in op mobiliteit als middel om bij te dragen aan maatschappelijke opgaven zoals de bereikbaarheid van nieuwe woningbouw, de leefbaarheid van stedelijke én landelijke gebieden en het welbevinden van de inwoners, werknemers en bezoekers van de regio. 

Om de impact die verkeer en vervoer op het klimaat en de omgeving heeft te verminderen, zorgt de Vervoerregio voor heldere uitgangspunten voor duurzaam ontwikkelen en bouwen. Ze kijken naar beschikbare groene energie, ontwerpen en bouwen klimaat adaptief en bevorderen gebruik van circulaire materialen. Waar mogelijk faciliteren ze andere partners in de realisatie hiervan, door middel van bijvoorbeeld (innovatieve) leningen/investeringen. Daar waar ze hun kennis en expertise op de opgaven met (inter)nationale partners kunnen delen doen ze dat. Als kennisnetwerk zijn ze verbonden in het zoeken naar de oplossingen voor de opgaven die voor hen liggen.

Melanie van der Horst – D66

Het is belangrijk dat iedereen de reis met ov, deelauto of deelfiets makkelijk van deur-tot-deur kan plannen en betalen. Daarom stimuleren zij Mobility as a Service (MaaS). Ze pakken de regie in hub-ontwikkeling voor een soepele overstap van de auto naar de (deel) fiets, het ov en de deelauto. Zo zorgt men dat reizigers altijd tussen verschillende gebieden kunnen reizen en dat alle gebieden in de regio bereikbaar blijven. De integrale reis is ook een belangrijk aandachtspunt voor de nieuwe concessie Amsterdam.

publieke mobiliteit

Het streven is naar een overgang van openbaar vervoer naar publieke mobiliteit. Flexibel ov, diverse vormen van deelvervoer en het reguliere ov liggen steeds meer in elkaars verlengde. Door verschillende modaliteiten samen te voegen tot een collectief vervoerssysteem, wil men reizigers op een kosteneffectieve manier meer keuzevrijheid bieden en een betere toegang geven tot mobiliteit van deur tot deur.

Daarbij is de fiets het uitgangspunt. De fiets is duurzamer en wat ruimte betreft efficiënter dan auto of openbaar vervoer. Bovendien is fietsen gezond. De populairder wordende elektrische fiets, wordt steeds vaker gebruikt voor middellange afstanden. Daarom moeten ze zich richten op het realiseren van de brede, comfortabele doorfietsroutes tussen steden, dorpen en centrumvoorzieningen. 

De toenemende populariteit van fietsen brengt echter andere uitdagingen met zich mee op gebied van verkeersveiligheid, fietsparkeren en een leefbare en veilige inrichting van straten. Men zoekt hiervoor naar passende oplossingen. Ook stimuleren ze met hun programma Verkeer en Meer het leren fietsen, vooral onder jongeren, en het blijven fietsen door jongvolwassenen, ouderen en in het woon-werk- en onderwijsverkeer. Verbetering van veiligheid van de fietsers heeft daarbij de volle aandacht. 

Wethouder Marja Ruigrok (VVD)

De ongekend turbulente periode tijdens de coronapandemie is opgevolgd door hoge brandstofprijzen en een hoge inflatie. We leven in een tijdperk van veel financiële onzekerheden. Deze ontwikkelingen hebben uiteraard ook impact op de Vervoerregio. Zo reizen mensen na corona anders, maken ze tot nu toe minder gebruik van het openbaar vervoer. Maar ook de stijgende grondstofprijzen zijn een punt van zorg, bij gemeentelijke projecten waar de Vervoerregio subsidie aan heeft verleend en bij projecten waar de Vervoerregio opdrachtgever is, zoals de Amsteltram. 

“We willen in de hele Vervoerregio prettig
blijven bewegen, waarbij keuzevrijheid
belangrijk is. Omdat het in de regio
steeds drukker wordt, zetten we in op het
STOMP-principe: Stappen, Trappen, OV,
Maas (vervoer van deur tot deur) en de
(elektrische of deel) auto.”

Wethouder Marja Ruigrok

De fiets krijgt hierbij extra aandacht. Met e-bikes kunnen er grotere afstanden worden afgelegd, maar moeten we verschillende snelheden ook goed op elkaar afstemmen. “Hoe zorgen we voor goede fietsverbindingen en doorfietspaden in de regio? En hoe zorgen we dat onze kinderen blijven leren fietsen? Want dat lijkt steeds minder vanzelfsprekend te worden. En als je niet jong leert fietsen, stap je later ook niet op de fiets voor je woon-werkverkeer. De komende jaren hijsen we de fiets op het zadel.”, aldus Ruigrok.

Om de verwachte, forse, mobiliteitsgroei in de Amsterdamse regio op te vangen zijn diverse maatregelen nodig. OV kan daar een belangrijke bijdrage aan leveren; de zogenoemde schaalsprong OV. Om dit mogelijk te maken is de Vervoerregio nauw betrokken bij grote projecten, zoals het project HOV ZaanIJ, het doortrekken van de Noord/Zuidlijn en sluiten van de ringlijn.

Aanvoerder in duurzaamheid zijn. Echt
richting geven. Dat gaan we de komende
periode laten zien door het te doen. De
plannen, bijvoorbeeld voor de nieuwe
concessie Zaanstreek-Waterland, liggen
er. Nu gaan we ze ook uitvoeren, met alle
uitdagingen van dien.”

Wethouder Gerard Slegers
Wethouder Gerard Slegers (CDA)

Volgens Slegers zijn ze daar al hard mee aan de slag, en gaan ze daar in volle vaart mee door. Elektrificatie van de hele bussenvloot, laadinfra. Maar ook verantwoordelijkheid nemen voor het delen van stroomvoorzieningen. Ze willen de inwoners, maar heel Nederland laten zien hoe het ook kan. Naast infrastructurele maatregelen zetten ze ook in op het spreiden van reizigers en gedragsbeïnvloeding. Dit doen ze bijvoorbeeld met de werkgeversaanpak en fietsstimulering bij studenten.

data gedreven

Stimuleren en faciliteren van het delen en gebruiken van mobiliteitsdata voor effectief mobiliteitsbeleid is belangrijk. Het delen van kennis hierover met de verschillende gemeenten en de werkwijze hiervoor tussen gemeenten zo veel mogelijk gelijk trekken is prioriteit. Het inwinnen van data over mobiliteitsgedrag kan bijvoorbeeld door voorwaarden te stellen aan vergunningen voor deelmobiliteitsaanbieders.

Digitale systeemveiligheid (cybersecurity) staat centraal om te garanderen dat het openbaar vervoer 365 dagen per jaar beschikbaar is. Ze stellen daarom een Chief Information & Security Officer (CISO) aan. Onder leiding van de CISO wordt een plan voor goed opdrachtgeverschap op dit vlak uitgewerkt.

opdrachtgever

Sinds 1 januari 2022 is de Vervoerregio risicodragend opdrachtgever voor het beheer en onderhoud en vervanging van de tram- en metro infrastructuur. Dit is het grootste contract van de Vervoerregio en heeft een taakstellend budget van bijna € 120 miljoen per jaar. Vanwege de overdracht vanuit de gemeente Amsterdam weten ze dat hier de komende periode wijzigingen in plaatsvinden, zowel positief als negatief. Omdat de effecten nu nog niet scherp zijn, kiezen ze ervoor dit contact nauwgezet te volgen, maar vooralsnog geen extra middelen te reserveren. De kern van het contract is dat problemen in eerste instantie binnen het budget worden opgelost, bijvoorbeeld door aanpassingen in de kwaliteit en kwantiteit van het onderhoud.

Roel Salden, eerder directeur Verkeersleiding bij ProRail, wordt per 1 januari 2023 secretaris-directeur van Vervoerregio Amsterdam. Hij volgt hiermee interim secretaris-directeur Alexandra van Olst op. Gerard Slegers, lid dagelijks bestuur Vervoerregio Amsterdam met portefeuille personeelszaken over de aanstelling: “Na een zorgvuldig doorlopen proces, heeft de Vervoerregio in Roel Salden een zeer geschikte secretaris-directeur gevonden. Hij kent het mobiliteitsdomein goed en heeft een breed netwerk dat van meerwaarde voor de Vervoerregio is. Wij zijn blij dat wij hem kunnen aantrekken voor onze organisatie”.

Meer informatie lees je in het bestuursakkoord 2022.

Black Friday, autodeelbedrijven zijn er klaar voor

Steeds meer ketens, zoals Bever en Dille & Kamille, voelen ongemak bij het uit Amerika overgewaaide fenomeen.

Overgewaaid uit Amerika is Black Friday, het kortingsfestijn dat zowel geliefd als gehaat is bij ondernemers. Vaak is het nodig om van het ene winkelcentrum naar het andere te gaan om de aanbiedingen te vergelijken en de beste te vinden, voordat je de winkels verlaat vol koopjes die je niet eens van plan was te kopen. 

Voor autodeelbedrijven is dat uitgerekend waar autodelen om de hoek komt kijken. Een auto binnen handbereik hebben voor een paar minuten, een paar uur of de hele dag, zonder je zelfs zorgen te hoeven maken over het parkeren, zal je zeker helpen tijdens Black Friday en daarna.

De sleutel tot een succesvolle Black Friday week is natuurlijk planning: beslissen welke artikelen je wilt kopen, online zoeken en dan je inkopen plannen. Maar soms gaat het leven niet altijd volgens plan. Als het nodig is om op het laatste moment naar de winkel te gaan, is er autodelen om je te helpen. 

Share Now Amsterdam

Black Friday 2022 vindt plaats op 25 november en is samen met Cyber Monday de onovertroffen datum voor iedereen die wacht op de beste deals van het jaar. De beste manier om te rijden op die dag is je realiseren dat je geen auto hoeft te kopen of te leasen om van de vrijheid van vier wielen te kunnen genieten. 

SHARE NOW

SHARE NOW is opgericht in 2019 als een joint venture tussen BMW Group en Mercedes-Benz Mobility AG (voorheen Daimler AG). Het hoofdkantoor is gevestigd in Berlijn. Het oorspronkelijke idee en concept van autodelen ontstond in 2007. De eerste fase van het autodeelproject startte in 2008 in Ulm, Duitsland. 

De officiële marktintroductie van car2go, een volledige dochteronderneming van Mercedes-Benz Mobility AG, vond plaats in 2010. In de daaropvolgende jaren breidde car2go uit naar 26 steden in Europa, Noord-Amerika en China met meer dan 14.000 Mercedes-Benz en smart auto’s. Een volledig elektrische vloot opereerde in vier steden.

Ondertussen was DriveNow in 2011 opgericht als joint venture en was sinds maart 2018 een dochteronderneming van de BMW Group. De dienst begon in juni 2011 in München. In de daaropvolgende jaren breidde DriveNow zijn service uit naar 12 locaties in Europa met meer dan 6.500 BMW en MINI auto’s. Volledig elektrische auto’s zoals de BMW i3 werden onderdeel van het wagenpark, waarbij verschillende andere premium modellen beschikbaar zijn.

De voorheen onafhankelijke diensten car2go en DriveNow zijn dus gefuseerd tot de gezamenlijke autodeeldienst SHARE NOW. Gebruikers profiteren nu van de fusie van beide diensten, met eenvoudigere toegang tot een gezamenlijke wagenpark en een grotere selectie van auto’s en steden over de hele wereld via een volledig geïntegreerde app.

Proef gedeelde elektrische bestelbus Den Haag

De gemeente Den Haag start met een proef waarbij de ondernemers van de Denneweg twee maanden lang gebruik kunnen maken van een gedeelde elektrische bestelbus.

De gemeente Den Haag start met een proef waarbij de ondernemers van de Denneweg twee maanden lang gebruik kunnen maken van een gedeelde elektrische bestelbus. Het gebruik van de bus is gratis en de afstemming van gebruik gaat via een app. Op deze manier wordt onderzocht hoe de overstap naar elektrisch rijden bevalt en hoe deelmobiliteit wordt ervaren. Dit is nodig omdat Den Haag in 2025 emissievrije stadslogistiek moet hebben in de binnenstad.

Vanaf 1 januari 2025 krijgen Den Haag en 26 andere gemeenten in Nederland een zero-emissiezone voor stadslogistiek. Dit betekent dat logistiek alleen met uitstootvrije vrachtwagens en bestelbussen gedaan mag worden en op de meest efficiënte manier.

We willen stevig inzetten op de overgang naar emissievrij vervoer in de stad. Zo krijgen we een leefbaarder Den Haag met schone lucht en minder verkeer in de binnenstad. Dit soort initiatieven juich ik dan ook ten harte toe.

Wethouder duurzaamheid Arjen Kapteijns.
Vanaf 1 januari 2025 krijgen Den Haag en 26 andere gemeenten in Nederland een zero-emissiezone voor stadslogistiek.

Overstappen op uitstootvrij vervoer

2025 Lijkt nog ver weg, maar voor ondernemers kan het betekenen dat zij met hun huidige voertuig niet meer binnen de centrumring tot aan het Telderstracé kunnen komen. Het is daarom goed om op tijd na te denken over het meest geschikte vervoermiddel. De gemeente sloot de handen ineen met Leaseplan en Zeeuw en Zeeuw voor deze pilot.

Schone en gezonde lucht

Den Haag wil een schone en gezonde stad zijn waar het prettig wonen, werken en recreëren is. Schone lucht is daarvoor een voorwaarde. Logistiek veroorzaakt vieze lucht en uitstoot van CO2. Tegelijkertijd zijn transport en diensten natuurlijk wel nodig in de stad. Daarom gaat Den Haag voor schone en efficiënte logistiek, aldus de gemeente.

Provincie Utrecht blij met geld voor bereikbaarheid

Het Rijk en de Metropoolregio Utrecht investeren samen ruim 1,4 miljard euro voor de bereikbaarheid van nieuwe woningbouwgebieden.

Het Rijk en de Metropoolregio Utrecht investeren samen ruim 1,4 miljard euro voor de bereikbaarheid van nieuwe woningbouwgebieden. De rijksbijdrage is circa 930 miljoen euro, die van de regio circa 475 miljoen. De investering gaat naar de aanleg van een deels ondergrondse tramlijn tussen Utrecht Centraal en Nieuwegein, de Merwedelijn, en voor de ontsluiting van de spoorzone en A1-zone in Amersfoort. Ook stelt het Rijk 100 miljoen euro beschikbaar voor verkeersmaatregelen op de Utrechtse snelwegen en voor het versnellen van bestaande woningbouwplannen in de hele provincie. Deze investeringen zijn een belangrijke voorwaarde voor de bouw van 54.000 woningen tot en met 2030 en 50.000 woningen na 2030.

“Als college zijn wij heel blij dat de provincie Utrecht en de gemeentes daarin bijna 1 miljard euro hebben gekregen van het Rijk voor mobiliteitsmaatregelen. Daardoor kunnen we flink investeren in een veel sterker openbaar vervoer, in het fietsnetwerk en bijvoorbeeld ook in een verbreding van de Rijnbrug, tussen provincie Utrecht en provincie Gelderland. Dat is goed nieuws voor onze inwoners en ook voor iedereen die een woning zoekt, want deze investeringen zijn bedoeld om nieuwe woonwijken bereikbaar te maken. We zijn er nog niet, maar zien uit naar verdere samenwerking met het Rijk om de provincie Utrecht gezond en groen te laten groeien.”

Huib van Essen, gedeputeerde Ruimtelijke Ontwikkeling van de provincie Utrecht.

Woningnood aanpakken in snelgroeiende regio

Om voor iedere inwoner van de provincie Utrecht passende en betaalbare woonruimte te creëren, is de bouw van 54.000 nieuwe woningen tot en met 2030 van het grootste belang. Daarom is met het Rijk afgesproken om in Utrecht en Nieuwegein in Groot Merwede 25.500 nieuwe woningen te bouwen en in Amersfoort 8.500. De overige woningen worden verspreid over de provincie gebouwd.

“Met de investeringen van het Rijk en de Metropoolregio Utrecht zetten we een bepalende eerste stap in het verbeteren van het OV-systeem in onze regio. Verbeteringen die hard nodig zijn om als regio op een verantwoorde manier te kunnen groeien én waar op termijn tienduizenden woningzoekenden en reizigers van zullen profiteren. Het is goed nieuws dat het Rijk de noodzaak hiervan onderkent en daar een substantiële bijdrage aan levert.”

Sharon Dijksma (burgemeester Utrecht en voorzitter Utrechttafel).
Het Rijk en de Metropoolregio Utrecht investeren samen ruim 1,4 miljard euro voor de bereikbaarheid van nieuwe woningbouwgebieden.

Grote stap voorwaarts voor Utrechts OV en bereikbaarheid Amersfoort

In totaal reserveerde het Rijk 7,5 miljard euro voor het verbeteren van de bereikbaarheid van de grote woningbouwlocaties in heel Nederland. Uit gezamenlijk onderzoek van het Rijk en de regio is gebleken dat een deels ondergrondse Merwedelijn het meest bijdraagt aan de bereikbaarheid van de nieuwe woningen in Utrecht en Nieuwegein. Deze nieuwe tramlijn is onderdeel van een samenhangend OV-pakket waarvoor het Rijk 810 miljoen euro reserveert en provincie en gemeenten 415 miljoen, samen ruim 1,2 miljard euro. “Dit is een enorme stap richting de komst van de Merwedelijn, maar hiermee zijn we er nog niet. De kosten van Merwedelijn zijn momenteel geraamd op €1,3 tot €1,5 miljard. Na vervolgonderzoek weten we komend jaar preciezer hoe de maatregelen er uit moeten zien en hoeveel geld nodig is voor de realisatie,” aldus gedeputeerde Van Essen.

In Amersfoort investeert het Rijk ruim 95 miljoen euro, de regio reserveert 67 miljoen euro. Het merendeel gaat naar verbeteringen voor voetgangers, fietsers, gedeelde vervoersmiddelen en het OV. Deze maken het mogelijk om tot en met 2030 8.500 woningen te realiseren in de Spoorzone en de A1-zone. Om deze wijken leefbaar en bereikbaar te houden komen er bijvoorbeeld duizenden extra fietsparkeerplaatsen bij OV-knooppunten Amersfoort Centraal en Amersfoort Schothorst en een ontsluitingsweg voor Vathorst-Bovenduist.

Vervolgstappen

Het komende jaar wordt de realisatie van de bereikbaarheidsmaatregelen verder voorbereid. Er komt ook onderzoek naar de gebiedsontwikkeling van de A12-zone en Rijnenburg, de spoorbereikbaarheid van Amersfoort en de aanpak van knooppunt Hoevelaken. Het Rijk en de Metropoolregio Utrecht gaan ook in gesprek over andere randvoorwaarden zoals groenvoorzieningen, de reductie van stikstof en de uitbreiding van het energienetwerk.

Deelscooters vervangen taxi’s in Nijmegen

Wethouder doet nu geen uitspraak wat de beste plek is en gaat op een later moment in gesprek.

Nijmegen heeft voor deelfietsen en deelscooters een plekje uitgezocht waar taxichauffeurs niet vrolijk van worden. Volgens Marc Naether heeft de gemeente Nijmegen een vergunning gegevens aan Bolt deelfietsen en wil de gemeente daarmee vol inzetten op duurzaam vervoer. Het idee is dat deelfietsen autoritten kunnen vervangen in de stad. De vergunningen voor verhuur van deze deelscooters en deel(e)fietsen werden afgegeven aan de bedrijven Bolt, Go Sharing, Check en Felyx.

Volgens de Nijmeegse wethouder Cilia Daemen (Groenlinks) hebben ze gekozen om daarvoor drie taxistandplaatsen op te offeren en plaats te bieden aan Bolt om 200 deelfietsen te plaatsen. Nijmegen wil dit soort vervoer graag bij het station hebben. Taxichauffeurs zijn boos omdat de gemeente niet met hen heeft overlegd. In de praktijk kunnen de taxi’s nu al niet meer staan waardoor chauffeurs aangeven dat de locatie geen handige plek is.

Nijmeegse wethouder Cilia Daemen

Daemen geeft aan dat er geen goed overleg is geweest met de taxichauffeurs en ziet dit, nu wanneer het reeds een feit is, als een volgende stap. Ze gaat nu met de taxichauffeurs in gesprek over de wijze waarop zij dit zien en of de plek anders moet ingericht worden. Volgens de wethouder treft de gemeente geen schuld want er werd een verkeersbesluit genomen waarover bezwaar kon gemaakt worden.

“De taxichauffeurs hebben dat besluit misschien niet gezien en zeggen nu wel in de praktijk, dit bevalt ons niet ”

Nijmeegse wethouder Cilia Daemen

Voor een van de taxichauffeurs blijkt de overzijde van de weg een betere plaats. “Wanneer ze daar een scooter of fiets wegnemen staan ze reeds veilig aan de overkant”, aldus een taxichauffeur in een reactie. Voor de betrokkenen werd een onveilige situatie gecreëerd door de gemeente door gebruikers op de bus- en taxibaan te laten oversteken met hun deelvervoer. De wethouder geeft aan nu geen uitspraak te doen wat de beste plek is en geeft aan daar op een later moment over in gesprek te gaan.

Cilia Daemen

Cilia Daemen (1984) is sinds 2022 wethouder bij de gemeente Nijmegen. Zij is verantwoordelijk voor Welzijn, Gezondheid, Inclusie, Mobiliteit, Klimaatadaptatie en stadsvergroening. In 2008 werd Daemen lokaal en landelijk actief voor GroenLinks. Vanaf 2014 was zij acht jaar raadslid in Nijmegen. Na haar studie Algemene cultuurwetenschappen aan de Radboud Universiteit Nijmegen werkte Cilia Daemen als manager en projectleider in de non-profit en onderwijssector. Zij was daarnaast als bestuurslid vrijwillig actief voor verschillende cultuur- en jongerenorganisaties.

Ongenoegen bij de chauffeurs, taxiplekken opofferen om deelfietsen aan te bieden in Nijmegen.

Aantal veranderingen in Brusselse autodeelsector

Aangepaste regelgeving met betrekking tot de prijs en de maximale huurtijd, stimuleert de komst van nieuwe aanbieders en vergroot de diversiteit van het aanbod.

In de Brusselse autodeelsector worden deze maand een aantal veranderingen zichtbaar. Aangepaste regelgeving met betrekking tot de prijs en de maximale huurtijd, stimuleert de komst van nieuwe aanbieders en vergroot de diversiteit van het aanbod. Autodelen vormt een essentiële schakel in de alternatieven voor de eigen wagen, vooral in stedelijk gebied. Autodelen is goed voor duurzame mobiliteit (minder autobezit, bevordering van de multimodaliteit) en draagt bij tot een kleiner ruimtegebruik door auto’s op de openbare weg (deelauto’s staan minder lang geparkeerd).

“Brussel wil het gebruik van deelauto’s aanmoedigen. Ze zijn de toekomst van de auto in de stad. Aan de ene kant geven ze gezinnen kans over een auto te beschikken zonder de kosten ervan te moeten dragen. Anderzijds stimuleren ze dat de auto alleen gebruikt wordt wanneer er geen efficiënt alternatief voorhanden is. Nog een voordeel van autodelen is de parkeerruimte die in de stad vrijkomt voor de Brusselaars. Deze vrijgekomen ruimte kan gebruikt worden om hoogwaardige openbare ruimte te creëren met pleintjes, terrasjes, bomen, enz. Het verheugt me dan ook dat Brussel steeds meer openstaat voor verschillende soorten aanbieders van autodelen.”

Elke Van den Brandt, Minister van Mobiliteit.

Volgens de laatste cijfers van Autodelen.net, groeit autodelen snel. Begin 2022 telde België 194.000 gebruiker, of 2,5% van alle mensen met een rijbewijs. In Brussel is autodelen nog meer verspreid. Zo wordt geschat dat niet minder dan 8% van de Brusselse rijbewijsbezitters gebruik maakt van autodelen. Vandaag delen zeven keer meer Belgen een auto dan vijf jaar terug.

Autodelen in Brussel vandaag

Vandaag telt Brussel meer dan 50.000 geregistreerde gebruikers en 1.055 beschikbare deelauto’s: 705 voertuigen in stations (Cambio en Getaround) en 350 voertuigen in vrije vloot (Poppy ).

Aangepaste regelgeving

Deze maand worden in Brussel nieuwe regels van kracht (besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 15 september 2022 betreffende de wijziging van de voorwaarden voor het gebruik van voorbehouden parkeerplaats aan operatoren van gedeelde motorvoertuigen).

Concreet gaat het om volgende wijzigingen:

  • De prijs hoeft niet langer in verhouding te staan tot de afgelegde afstand en de gebruiksduur. Dit biedt aanbieders meer vrijheid op het vlak van tarifering.
  • De maximale gebruiksduur stijgt van 3 dagen naar 14 dagen.

Deze veranderingen stimuleren de komst van nieuwe aanbieders en de diversificatie van het dienstenaanbod, wat de gebruikers ten goede komt.

Nieuwe aanbieders

Vanaf vandaag kunnen de Brusselaars gebruik maken van de autodeeldienst van een nieuwe aanbieder: MILES, met 200 vrije vloot-wagens. MILES rekent alleen kosten aan per afgelegde kilometer. Het is ook mogelijk om, zonder extra kosten, van stad naar stad te rijden: tussen Brussel en Gent en binnenkort ook Antwerpen. Het idee is om met de wagen van de ene stad naar de andere te kunnen rijden en de auto daar achter te laten. In de toekomst wil Miles ook ritten naar de luchthaven verzorgen. Binnenkort wordt nog een andere aanbieder actief in Brussel: GreenMobility met een 100% elektrische vloot, aldus Brussel Mobiliteit.

Slimme oplossingen voor mobiliteitsvraagstukken

Op zaterdag 8 en zondag 9 oktober vindt in Stadslab Eindhoven de Mobility Hackathon plaats. Tijdens deze Hackathon wordt iedereen uitgedaagd om slimme oplossingen te bedenken voor verschillende mobiliteitsvraagstukken in Eindhoven. De stad groeit en staat voor een enorme schaalsprong. Dat brengt ook op het gebied van mobiliteit grote opgaven met zich mee. Hoe kunnen we bijvoorbeeld een duurzame manier van verplaatsen stimuleren? Hoe maken we de lucht in Eindhoven schoner en zorgen we er tegelijkertijd voor dat de stad bereikbaar blijft? En hoe kunnen we het deelvervoer verder stimuleren?

Aanmelden voor de Hackathon

De Hackathon start zaterdag 8 oktober om 10.00 uur. Als aftrap worden twee mobiliteitsvraagstukken toegelicht, waarmee de deelnemers aan de slag mogen gaan. Gemeente Eindhoven stelt als extra informatie diverse mobiliteitsdata beschikbaar. Vervolgens gaan de verschillende deelnemers aan de slag om binnen 36 uur een werkend prototype te bouwen als mogelijke oplossing. Meedoen aan de Mobility Hackathon kan zowel individueel als in teamverband. Deelname is gratis en inschrijven is mogelijk via stadslabeindhoven.nl/mobility-hackathon. Er is ruimte voor 35 deelnemers. De voertaal van de Hackathon is Engels.

Prijsuitreiking bijwonen

Deelnemers pitchen op zondag hun oplossing/prototype aan een jury die bestaat uit verschillende mobiliteitsexperts. Zij bepalen welke oplossing het meest geschikt is voor doorontwikkeling en daarmee de Mobility Hackathon wint. De winnaar gaat naar huis met een geldbedrag van 750 euro. Iedereen is van harte welkom om de pitches en de prijsuitreiking bij te wonen. Deze vindt plaats op zondag 9 oktober om 16.00 uur in Stadslab Eindhoven.

Stadslab Eindhoven

Stadslab Eindhoven is de R&D afdeling van de stad. Het is een samenwerking van gemeente Eindhoven en stichting MAD. Het biedt een Maker Space die voor iedereen toegankelijk is en biedt ondersteuning bij sociale, economische en ruimtelijke vraagstukken. Kennis die wordt opgedaan wordt gedeeld met professionals, organisaties en burgers. Daarmee wordt gewerkt aan een inclusieve en weerbare omgeving, aldus gemeente Eindhoven.

Foto boven: Zigres/ Shutterstock.com

Gebruik deelauto’s stijgt met 50% door stakingen NS

De recente stakingen van de NS leiden tot een minder mobiel Nederland. Veel Nederlanders moeten echter voor werk, studie en andere redenen kunnen reizen en de stakingen in het OV verhinderen mensen naar hun bestemming af te reizen. De beperkingen in het OV doen terugdenken aan begin 2022, toen er door extreme weersomstandigheden nauwelijks treinen konden rijden. Net als nu was ook toen duidelijk te zien dat reizigers een alternatief zochten voor het OV. Deelautomobiliteit nam toen een vlucht en doet dat nu weer.

Die toename in het gebruik van deelauto blijkt ook uit de cijfers van MyWheels en Amber, twee leiders in de Nederlandse deelautomarkt. MyWheels zag vorige week al een stijging van ruim 20% in het aantal ritten ten opzichte van een week eerder. Afgelopen vrijdag, op het moment dat er gestaakt werd in Zuid-Holland, was het aantal gereden kilometers met auto’s van MyWheels met 48% gestegen. Ook het aantal boekingen steeg gigantisch. Op maandag 29 augustus, ten tijde van de stakingen in Noord-Holland, steeg dit aantal met 50%.

Ook zakelijke deelautoaanbieder Amber, dat onlangs gefuseerd is met MyWheels, overlegt cijfers die duidelijk aantonen dat deelautomobiliteit door de stakingen is gestegen. Vorige week is er 26% meer kilometer afgelegd in de ritten met voertuigen van Amber dan de week ervoor. Opvallend is dat met name het aantal zakelijke kilometers steeg, maar liefst 62%.

“Wanneer de treinen, om welke reden dan ook, niet of minder rijden zien we dat de vraag naar deelauto’s direct toeneemt. Dit zagen we aan het begin van het jaar, toen de treinen niet konden rijden vanwege de barre weersomstandigheden, en dit zien we nu weer. We hebben dan ook onze gebruikers vorige week geïnformeerd over de stakingen en hoe ze het beste een deelauto konden gebruiken voor hun reis. We hebben daarnaast voorgesorteerd op veel nieuwe aanmeldingen. Zo proberen we Nederland tijdens de stakingen zo mobiel mogelijk te houden.”

Karina Tiekstra, CEO MyWheels en Amber

Over Amber

Amber is een snelgroeiende speler in de zakelijke deelautomarkt (+53% omzet in 2021). De organisatie biedt een unieke B2B-propositie inclusief ‘valid service’. Amber focust op de inzet van slimme technologie: optimale inzet van de vloot door op basis van data en met AI feilloos te voorspellen waar zakelijk autogebruik nodig is en dit te faciliteren en zo min mogelijk stilstand te realiseren.

Over MyWheels

MyWheels is marktleider in Nederland op het gebied van particuliere deelautomobiliteit en kent ruim 240.000 gebruikers die gebruikmaken van haar 2.500 auto’s. MyWheels heeft daarmee het grootste aanbod (elektrische) deelauto’s in Nederland, waarvan de meesten door zogeheten sleutelfiguren goed in de gaten worden gehouden. MyWheels versterkt groei door een community driven-aanpak. Bij elke MyWheels auto’s hoort een loyale MyWheels-gebruiker die fungeert als ambassadeur voor de buurt. Samen met de community inspireert de organisatie steeds meer mensen om over te stappen van bezit naar gebruik. 

MyWheels is marktleider in Nederland op het gebied van particuliere deelautomobiliteit .

Samen blijven hollen van crisis naar crisis

De afgelegde afstand per dag bepaalt in sterke mate welke vervoersmodi we kiezen.

Al zitten we nog in de staart van de coronapandemie, de volgende crisis woedt al volop. Terwijl donkere wolken zich boven de eurozone samenpakken, in de vorm van economische gevolgen van de oorlog in Oekraïne en de hoge inflatie, kampen we in Nederland met de klimaatcrisis, een energiecrisis, een vertrouwenscrisis tussen burgers en de politiek, een uit de hand lopende vluchtelingencrisis, een landbouwcrisis, de stikstofcrisis, de toeslagencrisis, een woningmarktcrisis en niet te vergeten de personeelscrisis.

Hoe dan ook, een crisis is een zware noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel, van welke aard dan ook, ernstig verstoord raakt. Welke crisis we ook benoemen, we zijn het er in Nederland ondertussen ook over eens geraakt dat de overheid er iets moet aan doen. Terwijl we daar op wachten kunnen we ons volop zorgen maken over een ander fenomeen dat de kop opsteekt. Het fileprobleem en het verkeersinfarct.

overheid

ANWB verwacht een ‘permanent verkeersinfarct’, en vaker ‘bumper aan bumper’ rijden. Duidelijk is dat de bereikbaarheid van Nederland prioriteit moet krijgen. Zoals het hoort in Nederland wil dus ook de ANWB dat het Rijk op korte termijn met een plan van aanpak moet komen. Eerder kwamen we het woord stikstofcrisis tegen en daardoor kunnen veertien projecten uit het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) niet tijdig worden uitgevoerd door een gebrek aan stikstof-experts. Dat blijkt uit een brief die minister Harbers van I en W naar de Kamer heeft gestuurd.

De ANWB onderkent de complexiteit van de stikstofproblematiek, maar vindt dat de bereikbaarheid van Nederland prioriteit moet krijgen en dat de doorstroming ondanks de stikstofbeperkingen bevorderd moet worden. Om wildgroei aan lokale maatregelen te voorkomen, zou de landelijke politiek hierbij de regie moeten pakken en op korte termijn een plan moeten opstellen. Als nu niet wordt ingegrepen bestaat het risico dat Nederland vastloopt, met alle economische en sociale gevolgen van dien.

Mobiliteit is noodzakelijk om deelname aan de maatschappij te garanderen. De stikstof- en klimaatcrisis geven ons de kans om mobiliteit anders aan te pakken. Een eerste vereiste is dat we gaan verminderen, minder kilometers en vooral meer nabijheid. Het snoeien van asfaltkilometers moet toch zorgen dat we kunnen verplaatsen: meer te voet, met de fiets, met het openbaar vervoer of gedeeld.

Iedereen moet gebruik kunnen maken van gedeelde mobiliteit.

duurzaamheid

Door ons mobiliteitsgedrag van vandaag brengen we de mogelijkheid van onze kinderen en kleinkinderen om zich in de toekomst te verplaatsen in gevaar. Duurzame mobiliteit omschrijven we als voldoende mobiliteit om volwaardig deel te nemen aan het maatschappelijk leven zonder dat de negatieve gevolgen van ons individueel mobiliteitsgedrag de mobiliteit van anderen op korte of lange termijn nadelig beïnvloeden.

Wanneer een verplaatsing met de auto onvermijdelijk is, kiezen we voor een gedeelde auto, delen we onze rit met anderen en zorgen we voor de minst vervuilende wagen. Misschien kunnen we ons ook iets meer verdiepen in het MaaS concept. We vermijden zoveel mogelijk onnodige verplaatsingen door te kiezen voor bijvoorbeeld telewerken en staan bewust stil bij ons verplaatsingsgedrag. Gedeelde mobiliteit kan daarbij helpen.

werken aan oplossing

Gedeelde mobiliteit heeft de toekomst en biedt meer mogelijkheden om aan te sluiten bij de wens van de reiziger. Daarmee bedoelt men alle mobiliteit die voor iedereen toegankelijk is en die je vaak samen gebruikt. Dit kan de bus of de trein zijn, maar ook een taxi, deelauto of een deelfiets. Ook meerijden met iemand past binnen gedeelde mobiliteit.

Iedereen moet gebruik kunnen maken van gedeelde mobiliteit. Dit gaat om fysieke toegankelijkheid, zoals rolstoelgebruikers,  maar ook om mentale toegankelijkheid. Barrières die reizigers met een beperking ervaren moeten we zoveel mogelijk wegnemen. Om goed aan te sluiten bij de wensen van verschillende groepen reizigers, blijft maatwerk essentieel. Dat betekent niet dat iedereen gebruik moet maken van gedeelde mobiliteit.

We moeten beseffen dat de auto voor veel mensen een belangrijk vervoersmiddel blijft. Maar met gedeelde mobiliteit kunnen we alle reizigers een alternatief bieden en zo kan iedereen zelf bepalen of hij of zij wil meewerken aan de oplossing van een crisis. Niet alles moeten we van de overheid verwachten, zelf zijn we essentiële schakels in de oplossing.


MyWheels en Amber bundelen krachten in deelmobiliteit

MyWheels en Amber bundelen de krachten en gaan de komende jaren de zakelijke en particuliere markt van deelmobiliteit bepalen. Met als doel de impact van mobiliteit op klimaat en stad drastisch te beperken. Beide bedrijven maakten de afgelopen jaren een exponentiële groei door. ‘Tech-driven’ Amber met haar vernieuwende concept van ritgarantie en datagedreven technologie en marktleider MyWheels met haar landelijke netwerk van deelauto’s. 

Auto’s staan 96% van de tijd stil

Technologie en schaal gaan ervoor zorgen dat mensen altijd en overal direct kunnen beschikken over een deelauto. Je kunt makkelijk instappen, je betaalt alleen voor gebruik en draagt bij aan een leefbare woonomgeving. ‘Delen wordt het betere hebben’, is de overtuiging van de nieuwe combinatie. Daarbij zijn ontwikkelingen als autonoom rijden, AI en de energietransitie belangrijke katalysatoren. 

“Samen met Amber vormen we het mobiliteitssysteem van de toekomst. Door samen te gaan kunnen we de transitie van autobezit naar -gebruik versnellen en daarmee onze impact vergroten. We realiseren een beter aanbod voor onze klanten door de sterke punten van beide organisaties te bundelen. Deelmobiliteit wordt zo voor iedereen laagdrempelig toegankelijk. Het wordt mainstream.”

CEO Karina Tiekstra van MyWheels.

“Met MyWheels vormen we het mobiliteitssysteem van de toekomst. We gaan o.a. onze software verder verfijnen en doorontwikkelen; onze vraaggestuurde deelmobiliteit wordt onontkoombaar.”

Amber founder Hans de Penning.

Aandeelhouder The Sharing Group  

De combinatie is een logische stap voor investeerder en aandeelhouder The Sharing Group (TSG), die de kracht van delen wil benutten om meer maatschappelijke impact en minder klimaat-impact te maken. Met ook investeerders als de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij en Pala Group B.V. heeft de nieuwe combinatie een stevig fundament.   

Over MyWheels 

MyWheels is met 240.000 gebruikers marktleider in Nederland op het gebied van deelauto-mobiliteit. Het heeft het grootste aanbod (elektrische) deelauto’s in Nederland en gaat dat onder meer uitbreiden met 5.000 Lightyear Solars. MyWheels versterkt groei door een community driven-aanpak.  

Over Amber 

Amber is de data driven technology-expert op het gebied van deelmobiliteit. Amber ontwikkelt software die vraaggestuurde 100% elektrische deelmobiliteit garandeert en is grotendeels actief in de B2B-markt, met klanten als ABN Amro, KPN, Philips en Rabobank. Amber ontzorgt haar klanten met een zéér hoog serviceniveau, waaronder Valet Service. 

MyWheels en Amber bundelen de krachten en gaan de komende jaren de zakelijke en particuliere markt van deelmobiliteit bepalen.

Vergunning GO Sharing Eindhoven en Tilburg verlengd

De vergunningen die GO Sharing heeft voor het aanbieden van deelvervoer in Eindhoven en Tilburg zijn verlengd. Na zo’n twee jaar zijn beide gemeenten positief over de deeldienst in hun steden. In beide gemeenten heeft GO Sharing een combinatievergunning ontvangen, waardoor het bedrijf ook e-bikes mag aanbieden.

Eindhoven is de eerste stad waar GO sharing in 2019 is begonnen met het aanbieden van deelscooters. Een aantal maanden later werd een vergunning in het leven geroepen en werden afspraken gemaakt tussen GO Sharing en gemeente Eindhoven over het deelvervoer. Deze vergunning werd afgelopen maand verlengd met een jaar, waarbij GO Sharing 200 elektrische deelscooters mag aanbieden. Ook heeft GO Sharing een vergunning gekregen voor het aanbieden van 250 elektrische deelfietsen. Daarnaast biedt het bedrijf elektrische deelauto’s om tussen steden te reizen.

Elektrische deelfietsen in Tilburg
Ook in Tilburg is onlangs een nieuwe vergunning voor deelvervoer aan GO Sharing toegewezen. Het bedrijf mag komend jaar 125 elektrische deelscooters blijven aanbieden en ieder half jaar 50 deelscooters bijplaatsen. Bovendien mag het bedrijf ook zijn elektrische deelfietsen aan gaan bieden. Te beginnen met 125 e-bikes, met een aanvulling van 75 deelfietsen per half jaar. Daarmee is GO Sharing de enige multimodale aanbieder met het grootste aanbod aan deelvoertuigen in Tilburg en de regio Brabant.

Regels stellen en gedrag aansturen
Rondom de vergunning voor deelvervoer stellen gemeenten duidelijke regels op. Bovendien zet GO Sharing zich op verschillende manieren in om voor alle inwoners adaptatie van het deelvervoer te bevorderen. Zo is de klantenservice van het bedrijf 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar en reageren medewerkers ter plekke op binnenkomende meldingen. De samenwerking met gemeenten is ook hierin essentieel, bijvoorbeeld als het gaat om de dialoog met inwoners over het parkeren van deelvervoer.

Naast het stellen van duidelijke regels is het aansturen van het juiste gebruik van het deelvervoer een speerpunt voor GO Sharing. De GO Sharing app speelt hierin een belangrijke, technische rol. Zo worden nu al juiste parkeeracties met gratis rijminuten beloond en wordt een actietarief aangeboden voor de deelvoertuigen op plaatsen waar er veel van staan, zodat ze weer sneller worden gebruikt. Binnenkort introduceert GO Sharing ook een loyaliteitsprogramma waarin gewenst gebruik van de deeldienst nog specifieker kan worden beloond, bijvoorbeeld op basis van afspraken die met een gemeente zijn gemaakt.

“Deelvervoer is nieuw en dat betekent dat we op veel fronten aan het pionieren zijn. Samen bedenken we hoe duurzaam deelvervoer onderdeel van het dagelijkse leven kan worden. De samenwerking met gemeenten om beleid vorm te geven is daar een belangrijk onderdeel van. Gelukkig zien veel gemeenten de potentie van elektrisch deelvervoer en spreken ook de reeds behaalde resultaten voor zich: in twee jaar tijd hebben ruim 100.000 inwoners van Eindhoven en Tilburg een GO Sharing account aangemaakt en wordt bijna 30 procent van de autoritten vervangen met ons deelvervoer. Landelijk is er al 7.191 ton aan CO2-uitstoot bespaard dankzij GO Sharing. Dat is vergelijkbaar met 8.126 vluchten tussen Amsterdam en Barcelona.”

GO Sharing CEO Raymon Pouwels.
De vergunningen die GO Sharing heeft voor het aanbieden van deelvervoer in Eindhoven en Tilburg zijn verlengd.

Greenwheels gaat volledig wagenpark elektrificeren

De deelauto’s van Greenwheels worden de komende 36 maanden versneld vervangen door elektrische modellen. Om ervoor te zorgen dat het Nederlandse deelautobedrijf in 2025 compleet CO2-neutraal draait, wordt het wagenpark in Nederland geëlektrificeerd. Greenwheels breidt ook verder uit, onder meer met auto’s uit de volledig elektrische Volkswagen ID. Familie.

Het wagenpark van Greenwheels ondergaat de komende tijd een complete transformatie. De huidige rood-witte stadsauto’s (Volkswagen up!), stationwagens (Volkswagen Golf Variant) en bestelwagens (Volkswagen Caddy) gaan uit het stadsbeeld verdwijnen. Daarvoor in de plaats komen stekkerauto’s als de elektrische Volkswagen ID. modellen. “Greenwheels wil als aanjager van duurzame stadsmobiliteit blijven fungeren. Dit betekent dat we de lat voor onszelf hoog moeten leggen, bijvoorbeeld met het versneld elektrificeren van de Greenwheels-vloot.”, zegt Andrew Berkhout, algemeen directeur Greenwheels.

Volledig elektrisch wagenpark

Greenwheels heeft op dit moment 2.300 deelauto’s rijden in 135 gemeenten in Nederland. Daarvan is 10% volledig elektrisch aangedreven. De volgende 500 elektrische auto’s staan in bestelling. “We realiseren ons dat we voor een enorme klus staan, maar we gaan uitstootvrij rijden nog toegankelijker én aantrekkelijker maken. Als grondlegger van autodelen in Nederland helpen we gemeenten om steden leefbaarder te maken. Onze belofte: een uitstootloze deelauto voor iedereen”, vervolgt Berkhout. Het deelautobedrijf gaat daartoe ook nieuwe elektrische auto’s ‘bijplaatsen’ om te voldoen aan de groeiende vraag. “Die nieuwe auto’s zijn ook ruimer en beschikken over meer uitrusting. Een win-win voor onze rijders.”

Samenwerking lokale overheden

Greenwheels is het grootste deelautomerk in Nederland. De vaste parkeerplek op A-locaties, waar de gebruiker de auto ophaalt en terugbrengt, vormt één van de succesfactoren. In samenspraak met de lokale overheden worden die parkeerplekken uitgebreid met laadpalen en waar nodig worden extra locaties gerealiseerd. “Met elektrische auto’s, zeker in combinatie met snelladen, kunnen gebruikers met gemak afstanden van honderden kilometers per dag afleggen”, aldus Berkhout.

Leefbare steden

De deelauto’s van Greenwheels waren nog nooit zo populair. Het aantal autodelers steeg in 2021 met 20%, in lijn met voorgaande jaren. Elke deelauto vervangt gemiddeld genomen 11 auto’s. (Onderzoek Goudappel en Coffeng, adviseurs mobiliteit. Hoe Greenwheels steden leefbaarder maakt. Zie vananaare.nl). “Dat betekent met de huidige vloot dus 25.300 minder auto’s op straat”, aldus Berkhout. “Greenwheels kan met de komst van de elektrische auto’s verder doorgroeien. Met de transformatie van het wagenpark van Greenwheels leveren we een grote bijdrage aan het leefbaar maken van Nederlandse steden.”

Foto boven en beneden: Greenwheels beeldbank.

Greenwheels auto openen met app.

Reden genoeg om een hekel te krijgen aan deelmobiliteit

Commerciële bedrijven die mobiliteit verhuren hebben nu het exclusieve recht gekregen op steeds meer stukjes publieke ruimte.

Dat nieuwigheid en verandering weerstand oproepen in de maatschappij is van alle tijden. Ondertussen zijn er voor veel mensen genoeg redenen om stilaan een hekel te krijgen aan deelfietsen, leenscooters of deelsteps. Bijvoorbeeld omdat ze je de stuipen op het lijf jagen op het fietspad wanneer ze in gebruik zijn. En wanneer ze stil staan dan liggen ze vaak omgevallen op de grond of tegen de voorgevel van een huis. In het ergste geval versperren ze de stoep zodat geen enkele voetganger met een rollator nog kan passeren.

deelmobiliteit

De vraag is of al die deelmobiliteit bijdraagt tot de echte zin van het woord. Als jij en je buurman een scooter delen, is dat een deelscooter. Kopen jullie samen een auto, is dat een deelauto. Maar bedrijven als Felix, Go en Check zijn commerciële bedrijven, die delen niets! Die dragen in mindere mate bij tot deelmobiliteit, integendeel. Jongeren die van huis uit geen scooter krijgen zie je dan trots op de Felix scooter snorren op een warme zomerdag. Dat zelfde traject hadden ze anders gefietst of gelopen, en misschien zelfs niet eens afgelegd.

Ook de gemeente draagt heel sociaalvoelend bij aan de opmars van deelmobiliteit waar iedereen een hekel aan krijgt. Commerciële bedrijven die mobiliteit verhuren hebben nu zelfs het exclusieve recht gekregen op steeds meer stukjes publieke ruimte. Zoals taxibedrijven hun schoolbusjes s’avonds in de woonwijken op publieke parkeerplaatsen stallen, liefst voor de deur bij de buren, doen de verhuurbedrijven dat nu ook met hun steps, fietsen en scooters op de stoep in de steden.

hypocrisie van deelmobiliteit 

Daar waar vervoersarmoede wel een reëel probleem vormt, is deelmobiliteit vaak niet eens beschikbaar. En dat klinkt vreemd omdat je het daar juist zou verwachten. Uit Amerikaans onderzoek is gebleken dat deelsteps gemiddeld nog geen maand mee gaan. Dat betekent dat er continu nieuwe steps gemaakt en vervoerd moeten worden. 

Kom dus niet aan met het argument dat de steps duurzaam zijn. Bovendien blijkt dat het gebruik van deelmobiliteit vooral ten koste gaat van openbaar vervoer en lopen, en dus niet van autogebruik. Het idee is als mobiliteit met elkaar delen worden ze beter gebruikt, zijn er minder nodig en ontstaat er meer ruimte op straat. Het is dus maar de vraag of de stad er echt schoner van wordt. 

samen werken aan leefbaarheid

“Wie bijvoorbeeld in het Centraal Station rijdt -ook daar rijden mensen met hun deelstep- die zal naar 0 km per uur gaan, en dan heb je niet veel meer aan je step.”

No go zones zijn gebieden waarin het gebruik van de step niet wenselijk is, onder andere in natuurdomeinen en begraafplaatsen, in het station en aan de ingangen van de winkelcentra. De deelsteps minderen automatisch snelheid en vallen stil wanneer gebruikers deze zones binnenrijden. De technologie laat het toe om via geofencing de steps automatisch aan te sturen.

No park zones zijn van toepassing in drukke gebieden of gebieden met beperkte openbare ruimte, zoals natuurdomeinen, begraafplaatsen, sportterreinen en speeltuinen. Mensen zullen hun step niet meer zomaar overal kunnen parkeren of achterlaten. Als je je step daar toch achterlaat, zal je niet kunnen uitloggen en blijft je huurtijd doorlopen, zodat je blijft betalen. 

Slow speed zones komen er in drukke gebieden of voetgangerszones, zoals de winkelstraten en op en rond de markten. Tussen 11 en 19 uur vertraagt de deelstep automatisch naar maximum 8 kilometer per uur. Dit moet er voor zorgen dat er geen conflicten ontstaan met voetgangers.