Tag archieven: overheid

Denk vooruit: miljoenen huishoudens krijgen noodboekje in de bus

Het land krijgt tussen 25 november en 10 januari 2026 een opvallende bezorging aan de deur.

Ruim acht en een half miljoen huishoudens ontvangen deze weken het informatieboekje ‘Bereid je voor op een noodsituatie’, een uitgave van de NCTV die door demissionair minister Van Oosten van Justitie en Veiligheid namens het kabinet is gepresenteerd. De komst van het boekje vormt een nieuw hoofdstuk in de al lopende Denk vooruit-campagne, die Nederlanders bewust moet maken van de kwetsbaarheid van het dagelijkse leven wanneer plotseling de stroom uitvalt, het internet wegvalt of hevige regenval een regio volledig ontwricht.

basisvoorzienning

Het ministerie benadrukt dat een noodsituatie ieder van ons onverwachts kan treffen. De campagne grijpt terug op recente gebeurtenissen elders in Europa, waarbij grote stroomstoringen aantoonbaar lieten zien hoe snel een samenleving ontregeld raakt zodra basisvoorzieningen wegvallen. Supermarkten liepen direct vol, mensen begonnen massaal te hamsteren en het dagelijks leven stond abrupt stil. Demissionair minister Van Oosten, die het nieuwe informatieboekje persoonlijk onder de aandacht bracht, verwoordt het als volgt: “Deze situatie laat zien hoe kwetsbaar we kunnen zijn en hoe belangrijk een goede voorbereiding is, zodat je niet in paniek hoeft te raken of te hamsteren.” Hij benadrukt dat het kabinet met deze brochure wil zorgen voor een nuchtere, praktische voorbereiding van Nederlanders op onverwachte situaties. “Ik roep iedereen op: denk vooruit. Met het informatieboekje willen we zorgen dat alle Nederlanders zich goed kunnen voorbereiden op een noodsituatie. Weet wat je moet doen, waar je heen kan gaan, hoe je informatie kan krijgen. Gebruik deze brochure om je voor te bereiden en leg het op een handige plek in je huis voor als het ooit nodig is.”

voorbeelden

Het boekje geeft toelichting op wat een noodsituatie precies inhoudt en schetst alledaagse voorbeelden. Een grote stroomstoring kan betekenen dat elektriciteit, verwarming en zelfs pinautomaten uitvallen. Een digitale aanval kan internetverkeer platleggen waardoor werk, communicatie en dienstverlening worden geraakt. Hevige regenval kan leiden tot overstromingen waarbij wegen onbegaanbaar worden en water uit de kraan plotseling niet meer vanzelfsprekend is. Omdat overheden en hulpdiensten in de eerste 72 uur na een calamiteit vooral worden ingezet op de meest kritieke plekken, zijn mensen in die beginfase vaak op zichzelf aangewezen. De campagne richt zich daarom nadrukkelijk op die cruciale eerste drie dagen.

Foto: Pitane Blue – EIndhovense brandweer

Het informatieboekje dat nu in heel Nederland op de deurmat valt, wil vooral duidelijk maken dat voorbereiding geen reden tot angst hoeft te zijn, maar juist tot rust leidt. Door praktische voorbeelden, concrete stappen en duidelijke citaten van betrokken bestuurders kunnen mensen zelf bepalen welke maatregelen bij hun situatie passen. Het kabinet hoopt dat het boekje niet onderin een lade verdwijnt maar op een zichtbare plek wordt bewaard, klaar voor het moment dat het nodig is.

Het informatieboekje bouwt de voorbereiding op langs drie stappen die elk hun eigen logica hebben en waar volgens de makers iedereen zonder veel moeite mee aan de slag kan. De eerste stap draait om het samenstellen van een noodpakket dat het mogelijk maakt om thuis 72 uur te overbruggen zonder stroom, water of internet. Hierbij hoeft het niet ingewikkeld te worden. Veel mensen hebben kaarsen, een zaklamp, een powerbank, wat houdbaar eten en een EHBO-setje al in huis. 

pakket

De brochure benadrukt dat iedereen goed naar de eigen thuissituatie moet kijken. Voor een gezin met kleine kinderen kan babyvoeding noodzakelijk zijn, voor anderen medicijnen of spullen voor een huisdier. De campagne moedigt ook aan om dit samen met buren of familie te doen wanneer iemand het lastig vindt om zelf zo’n pakket samen te stellen.

De tweede stap draait om het maken van een noodplan. Zo’n plan moet overzichtelijk vastleggen wat je doet wanneer zich een echte noodsituatie aandient. Het gaat om vragen waar doorgaans niet dagelijks over wordt nagedacht. Wie haalt de kinderen van school op? Waar ontmoet je elkaar als de telefoons uitvallen? Wie in de omgeving heeft extra hulp nodig? Aan het boekje is een losse kaart toegevoegd waarop deze afspraken kunnen worden ingevuld. Ook staat er een concreet voorbeeld in van hoe een huishouden 72 uur zonder stroom kan doorkomen.

het gesprek

De derde stap richt zich op het gesprek met elkaar. Volgens de makers kan openheid veel onzekerheid wegnemen. Sommige mensen zijn bezorgd bij de gedachte aan een noodsituatie, anderen weten niet goed waar ze moeten beginnen. Het boekje biedt een reeks vragen om het gesprek op gang te brengen. Wie heeft zich waarop voorbereid? Waar maakt iemand zich zorgen over? Wie kan hulp bieden of juist gebruiken? Door dit soort vragen met buren, vrienden of familie te bespreken, ontstaat een netwerk waarin mensen elkaar sneller en beter kunnen ondersteunen.

Milieuclubs woedend: Schiphol mag minder vliegen maar krijgt ruimte voor groei

De overheid heeft deze week opnieuw een duidelijke koers uitgezet voor de toekomst van Schiphol.

Met het vastleggen van het aangepaste Luchthavenverkeerbesluit (LVB) op 7 mei 2025 zet het kabinet in op een nieuw evenwicht tussen economische groei en leefbaarheid. Minister Barry Madlener heeft met de afronding van de zogeheten ‘balanced approach’-procedure niet alleen grenzen gesteld aan het aantal jaarlijkse vliegbewegingen, maar ook ruimte gecreëerd voor een beleid dat stillere vliegtuigen actief stimuleert en tegelijk de overlast voor omwonenden terugdringt.

Vanaf 1 november 2025 mag Schiphol maximaal 478.000 vliegbewegingen per jaar uitvoeren. Daarvan zijn er hooguit 27.000 toegestaan in de nacht. Deze aantallen zijn het directe gevolg van de procedure die binnen Europese regelgeving is doorlopen, met als doel de geluidsoverlast structureel aan te pakken. Minister Madlener maakt met de beleidswijziging tevens mogelijk dat alle nieuwe en stillere vliegtuigen die na die datum worden ingezet, volledig meetellen in het behalen van de afgesproken geluidsdoelstellingen. Daarmee komt hij tegemoet aan een eerder aangenomen motie van VVD-Kamerlid Peter de Groot, waarin werd aangedrongen op het belonen van technologische innovatie in de luchtvaart.

geluidsreductie

Het kabinet wil uiterlijk een geluidsreductie van 20 procent realiseren ten opzichte van de situatie in 2024. Vijftien procent daarvan wordt bereikt via beperkingen op het aantal vluchten en door lawaaiige toestellen in de nacht te weren. De overige vijf procent moet komen uit vlootvernieuwing. Dit betekent concreet dat luchtvaartmaatschappijen verplicht worden te investeren in nieuwere en stillere vliegtuigen, die minder overlast veroorzaken voor de omgeving van Schiphol.

Tegelijk biedt de nieuwe aanpak ook een toekomstperspectief voor de luchthaven zelf. Zodra de afgesproken geluidsreductie is bereikt, wordt nieuwe geluidsruimte die ontstaat door verdere vlootvernieuwing of technologische vooruitgang eerlijk verdeeld. De helft daarvan mag worden benut voor gecontroleerde groei van Schiphol, terwijl de andere helft ten goede komt aan omwonenden. Die benadering moet ervoor zorgen dat groei van de luchthaven niet automatisch leidt tot meer overlast, maar juist een prikkel vormt voor de sector om duurzamer te opereren.

Niet iedereen is overtuigd van het nut van de nieuwe aanpak. Milieuorganisaties zoals Greenpeace, Milieudefensie en de Natuur en Milieufederatie Noord-Holland stellen dat het kabinet de afgesproken reductiedoelstelling in feite afzwakt door bestaande verbeteringen mee te rekenen. Volgens hen worden maatregelen die al gepland stonden – zoals het vervangen van oudere toestellen – nu gepresenteerd als extra stappen. “Een geluidsverschil van 1 tot 2 decibel is nauwelijks hoorbaar voor mensen”, stellen zij. Daarmee betwijfelen zij of de inzet van stillere vliegtuigen daadwerkelijk zal leiden tot merkbare vermindering van de overlast.

Foto: © Pitane Blue – Raad van State

Ook de Raad van State uitte eerder zijn zorgen over de juridische positie van omwonenden. Het huidige beleid, waarin zogeheten anticiperend wordt gehandhaafd, zou volgens de hoogste bestuursrechter onvoldoende bescherming bieden. Het kabinet erkent deze kritiek en werkt aan een definitieve wijziging van het LVB, waarmee de tijdelijke handhaving wordt beëindigd en de rechtszekerheid voor bewoners wordt hersteld.

plannen uitvoerbaar

Aan de kant van de luchtvaartsector is het geluid juist positief. KLM noemt de plannen uitvoerbaar en ziet in de nieuwe regels een stimulans om de vloot verder te vernieuwen. Schiphol zelf stelt dat het beleid ruimte biedt om de functie van internationale hub in stand te houden, terwijl tegelijk wordt voldaan aan de milieueisen.

De Europese Commissie is geïnformeerd over de beleidswijziging, maar had eerder al kritiek op de onderbouwing van de maatregelen en het tempo waarin de reductie zou worden doorgevoerd. Het is nu afwachten of de Commissie de Nederlandse plannen voldoende doortimmerd vindt om definitieve goedkeuring te geven.

Of de maatregelen in de praktijk ook werkelijk leiden tot minder geluidsoverlast voor bewoners rond Schiphol, zal de komende jaren moeten blijken. Voor nu lijkt het kabinet de lijn te hebben gevonden tussen duurzame groei en leefbaarheid, al blijft het draagvlak onder burgers broos en is het vertrouwen van milieuorganisaties voorlopig nog niet hersteld.

Overheidswerkzaamheden gaan ondanks val Rutte IV onverminderd door

Terwijl Koning Willem Alexander de vakantie afbreekt na het aftreden van het kabinet, beschuldigd D66-leider Jan Paternotte Rutte ervan niet bereid te zijn om tot een compromis te komen en zo de politieke impasse te doorbreken.

Het kabinet Rutte IV mag dan gevallen zijn, maar dit betekent niet dat het systeem van de Nederlandse overheid tot stilstand komt. Integendeel, het land blijft functioneren, zelfs in deze periode van politieke verandering.

De onverenigbare standpunten over het asielbeleid tussen de VVD en het CDA enerzijds, en D66 en de ChristenUnie anderzijds, hebben geleid tot de val van het kabinet-Rutte IV. De wens van de VVD en het CDA om de migratiestroom te verlagen vond felle oppositie bij hun coalitiepartners, wat resulteerde in een politieke impasse en uiteindelijk de ontbinding van het kabinet. Deze politieke wending betekent dat Nederlanders zich opmaken om opnieuw naar de stembus te gaan.

Deze moeilijke periode in de Nederlandse politiek biedt een kans voor reflectie en herbeoordeling.

Het kabinet Rutte IV blijft zitten en handelt alle dagelijkse zaken af die nodig zijn om het land draaiende te houden. Dit betekent dat lopende projecten, sociale diensten, onderwijs, gezondheidszorg, wetshandhaving en andere kritieke overheidsdiensten normaal blijven functioneren. Hoewel een demissionair kabinet terughoudend is bij het aannemen van nieuwe wetgeving, is het niet onmogelijk. Wetgevende initiatieven met dringende behoeften of brede parlementaire steun kunnen nog steeds worden doorgevoerd.

doorgaan

Verder gaan ook de taken van de ambtenaren door. Deze cruciale spelers in het overheidsapparaat zorgen voor continuïteit in de dienstverlening, ongeacht de politieke context. Hun dagelijkse werkzaamheden, variërend van het uitvoeren van bestaande wetten tot het ondersteunen van infrastructuur en openbare diensten, blijven doorgaan.

Het democratische proces gaat door. Nieuwe verkiezingen worden georganiseerd om een nieuw kabinet te kiezen. Hoewel deze periode van transitie onzekerheden met zich meebrengt, is het ook een tijd waarin burgers de kans krijgen om hun stem te laten horen en bij te dragen aan de toekomstige richting van het land.

In een reactie op de val van het kabinet-Rutte IV heeft CDA-leider Wopke Hoekstra het besluit om het kabinet te ontbinden “onnodig” en “zeer teleurstellend” genoemd. Volgens Hoekstra is het moeilijk uit te leggen dat de vier regeringspartijen hun verschillen niet hebben kunnen overbruggen.

Terwijl de val van het kabinet Rutte IV inderdaad een belangrijke gebeurtenis is met verstrekkende politieke implicaties, is het zeker niet het einde van de Nederlandse overheidswerkzaamheden. Het systeem is ontworpen om flexibel te zijn en door te gaan, ondanks veranderingen aan de top. Deze veerkracht toont de sterkte van onze democratische instellingen en ons vermogen om door te gaan, zelfs in tijden van verandering.

verkiezingen

Nederland zal op zijn vroegst pas half november naar de stembus gaan, volgens een recente aankondiging van de Kiesraad. Ondertussen kijkt VVD-fractieleider Sophie Hermans al vooruit naar de nieuwe verkiezingen en sluit een samenwerking met de PVV uit.

Hermans maakte haar standpunt duidelijk tijdens een optreden in het programma Op1, waarin ze verklaarde: “Dat zie ik niet gebeuren. Want wij hebben daar eerder dingen over gezegd, daar is niks aan veranderd”. Deze uitspraken blijven in lijn met de positie van de VVD bij eerdere verkiezingen, waarbij de partij zowel de PVV als de FVD als mogelijke partners uitsloot.

De kern van deze onverenigbaarheid ligt volgens Hermans bij de uiteenlopende standpunten over het asielbeleid. “De asielvoorstellen van de PVV komen helemaal niet overeen met die van haar partij”, verklaarde ze. Ze benadrukte verder de radicale benadering van de PVV van de migratiekwestie, met Geert Wilders die streeft naar een volledige stop op asielzoekers en een vertrek uit Europa.

Ondanks deze duidelijke tegenstelling tussen de VVD en de PVV, blijft Geert Wilders openstaan voor samenwerking. De PVV-leider verklaarde eerder op de avond: “Mijn partij is er klaar voor”. Hij betoogde dat de PVV de partij bij uitstek is om een meerderheid te vormen om de asielinstroom aanzienlijk te beperken.

Na de val van het kabinet-Rutte IV heeft minister van Financiën Sigrid Kaag zich onthouden van het direct aanwijzen van een schuldige. Ze heeft echter wel opgemerkt dat er afgelopen week meer spanning was dan zij noodzakelijk achtte, een mogelijke verwijzing naar interne strijd binnen het kabinet.

In tegenstelling tot zijn collega’s, die terughoudend zijn geweest in het aanwijzen van een directe schuldige voor de val van het kabinet-Rutte IV, heeft D66-leider Jan Paternotte geen blad voor de mond genomen en wees direct naar premier en VVD-leider Mark Rutte als de voornaamste oorzaak van de politieke crisis.

In reactie op de val van het kabinet-Rutte IV, heeft de leider van de ChristenUnie, Mirjam Bikker, aangegeven dat het helaas niet is gelukt om tot een gezamenlijk gedragen pakket van voorstellen te komen. Het struikelblok bleek de kwestie van gezinshereniging in het migratiedebat. Bikker benadrukte de kernwaarde van de ChristenUnie dat kinderen bij hun ouders moeten kunnen opgroeien. “Voor ons is een van de waarden die belangrijk is bij voorstellen, dat kinderen opgroeien bij hun ouders, zodat zij voor hen kunnen zorgen. Als gezinspartij staan wij daar voor. Zo hebben we de verschillende voorstellen gewogen.”

Ondanks de val van het kabinet, heeft Bikker haar steun uitgesproken voor het voornemen van premier Rutte om ontslag aan te bieden bij de Koning en om demissionair met de huidige coalitie een regering te blijven vormen. “Wij steunen het voornemen van de minister-president om ontslag aan te bieden bij de Koning voor het huidige kabinet en demissionair met de huidige coalitie een regering te blijven vormen”, zei Bikker.

Luchtvaartmaatschappijen spannen kortgeding aan tegen overheid

De luchtvaartmaatschappijen vinden het eenzijdige en plotselinge besluit van het kabinet om de luchthaven Schiphol te verkleinen van 500.000 naar 460.000 vliegbewegingen per jaar (met als uiteindelijke doel de reductie naar 440.000 in 2024) onbegrijpelijk.

De KLM Groep, Delta Air Lines, Corendon, easyJet en TUI spannen een kortgeding aan tegen de Nederlandse overheid om ervoor te zorgen dat Nederland verbonden blijft met de rest van de wereld via Schiphol. Directe aanleiding is het eenzijdige kabinetsbesluit om nog dit jaar het aantal vliegbewegingen op Schiphol drastisch te verminderen, zonder dat gekeken is naar alternatieven. De luchtvaartmaatschappijen zijn ervan overtuigd dat zij minder geluid en CO2-uitstoot kunnen realiseren mét behoud van het bestemmingennetwerk voor de miljoenen passagiers en tonnen vracht die zij elk jaar van en naar Schiphol vervoeren.

De luchthaven Schiphol levert een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse economie. Direct en indirect zorgen Schiphol en het netwerk voor meer dan honderdduizend banen. Dat netwerk maakt het bovendien voor buitenlandse bedrijven interessant om zich in Nederland te vestigen. En miljoenen Nederlanders maken er elk jaar gebruik van voor vakantie, familiebezoek of studie.

De luchtvaartmaatschappijen vinden het eenzijdige en plotselinge besluit van het kabinet om de luchthaven Schiphol te verkleinen van 500.000 naar 460.000 vliegbewegingen per jaar (met als uiteindelijke doel de reductie naar 440.000 in 2024) onbegrijpelijk. Luchtvaartmaatschappijen doen miljardeninvesteringen om duurzaamheidsdoelstellingen op de korte en lange termijn te halen, dit zijn zowel hun eigen ambities als de doelen van overheden. Het kabinet legt operationele beperkingen op, zonder dat er werkbare alternatieve oplossingen voor geluidsvermindering zijn onderzocht.

De KLM Groep, Delta Air Lines, Corendon, easyJet en TUI spannen een kortgeding aan tegen de Nederlandse overheid om ervoor te zorgen dat Nederland verbonden blijft met de rest van de wereld via Schiphol.

Het is een onnodige en schadelijke beslissing, die bovendien in strijd is met nationale, Europese en internationale regelgeving. De capaciteitsreductie zou niet alleen de Nederlandse economie negatief beïnvloeden, maar ook de reismogelijkheden en het aantal verbindingen voor consumenten aanzienlijk beperken. De overheid trapt zonder correcte onderbouwing op de rem, terwijl de luchtvaart aantoonbaar resultaat boekt als het gaat om minder CO2-uitstoot en geluid. Daarom zien KLM, KLM Cityhopper, Transavia, Martinair – alle onderdeel van de Air France-KLM Group – alsmede Delta Air Lines, easyJet, Corendon en TUI zich genoodzaakt de rechter om toekomstperspectief te vragen.

De KLM Groep, die bijna 60% van het vliegverkeer op Schiphol voor haar rekening neemt, heeft deze rechtszaak aangespannen in lijn met het standpunt van moederbedrijf Air France-KLM Group. Daarnaast heeft luchtvaartbranchevereniging BARIN aangegeven dit initiatief volledig te ondersteunen. Dit initiatief wordt ook volledig ondersteund door brancheverenigingen Airlines for Europe (A4E) en de European Regions Airline Association (ERA), omdat de capaciteitsreductie op Schiphol grote gevolgen heeft voor de interne luchtvaartmarkt van de EU. Ook de luchtvaartbranchevereniging IATA maakt samen met een aantal luchtvaartmaatschappijen de gang naar de rechter. Zij spannen zelf een kortgeding aan tegen de Nederlandse overheid, aldus de Koninklijke Luchtvaart Maatschappij.

Wat is de stand van zaken voor MaaS in Nederland?

“ik ben ervan overtuigd dat we met MaaS een mooie toekomst tegemoet gaan.”

MaaS gaat om het plannen, boeken en betalen van al het mogelijke vervoer via apps. Bijvoorbeeld de deelfiets, -auto, -scooter, trein, tram, of de taxi over de weg of het water. In Nederland experimenteren het Rijk, regionale overheden en marktpartijen volop met MaaS. Bij een succesverhaal blijft het dus niet wellicht niet bij een pilot, maar is landelijke uitrol mogelijk. De toekomst van MaaS en de vorm van het operationele model blijven onzeker.

aflopende pilots

De landelijke pilots lopen eind 2022 af en worden momenteel geëvalueerd. MaaS sluit aan bij een ontwikkeling die al gaande is: vooral de jongere consument vindt bezit, zoals een eigen auto, minder belangrijk. Er werden 7 nationale pilots. uitgerold. Elke pilot heeft een andere focus op een beleidsdoel of doelgroep.  Bij de ontwikkeling van MaaS heeft de overheid een rol op zich genomen als actieve intermediair. Dit was van belang voor de standaardisatie, veiligheid en privacy.

Of het nu gaat om – Rotterdam-Den Haag – de Zuidas (Amsterdam) – Utrecht Leidsche Rijn, Vleuten en De Meern – de gemeente Eindhoven, ASML, Brainport Smart Mobility – Twente – Limburg of Groningen-Drenthe, de toepassing van MaaS is op dit moment nog niet eenvoudig. Daarnaast is het succes van MaaS ook sterk afhankelijk van het gedrag en de perceptie van de uiteindelijke gebruiker.

TOMP-API standaard

Overheden leggen de basis voor MaaS. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat ontwikkelde vanaf de zeven nationale MaaS-pilots met verschillende regio’s. Daarnaast zorgde het er voor dat we met  de TOMP-API koploper binnen Europa zijn geworden. Het Ministerie heeft het voortouw genomen om de Transport Operator Mobility-as-a-service Provider (TOMP) te ontwikkelen. Dit systeem ontsluit de data van verschillende mobiliteitsaanbieders voor de reiziger binnen één app.

MaaS platforms staan vooral nog voor de uitdaging de publieke massa te bereiken.

techreuzen

Goedkoop waren de pilots niet waar een specifieke regeling voor was. Gelijktijdig met de beschikking tot verlening van de uitkering verleende de minister een voorschot van 100% van de specifieke uitkering. MaaS maakt het mogelijk om tegemoet te komen aan vervoersuitdagingen van reizigers en regio’s, en kan aanzienlijke zakelijke kansen creëren voor spelers in de sector. Niet alleen mobiliteitsbedrijven, ook verzekeraars en ICT bedrijven.

Het Maas ecosysteem is binnen Europa niet enkel een Google of Uber aangelegenheid. Maar omdat deze techreuzen bijna nooit geldproblemen hebben kan het voor veel lokale marktpartijen lastig worden actief met MaaS ontwikkelingen door te gaan wanneer de overheid de financiële middelen op een laag pitje zet.

Ondanks het enthousiasme van steden en bedrijven uit de sector groot is, zijn er nog uitdagingen zoals het samenbrengen van verschillende mobiliteitsdiensten, het standaardiseren van data en interfaces, het aanbieden van real time diensten en niet onbelangrijk het vinden van een rendabel bedrijfsmodel. MaaS platforms staan vooral nog voor de uitdaging de publieke massa te bereiken. Ondanks de uitdagingen die in dit artikel worden genoemd ben ik ervan overtuigd dat MaaS een mooie toekomst tegemoet gaat.

oorsprong

Het concept MaaS is bekend geworden in Finland. ‘Whim’, een Finse MaaS-app, werd eind 2017 in Helsinki uitgerold en had in 2018 al meer dan 70.000 gebruikers. Hoewel de app in meerdere landen beschikbaar is, is de MaaS-uitrol nergens zo vergevorderd als in Finland. Binnen Nederland is 9292 moves, die los staat van de reguliere 9292 app, momenteel een interessante partij in de MaaS-ontwikkeling. Zelfs een Check scooter boek je nu simpel via deze app. Voor het implementeren van de features maakt 9292 bovendien gebruik van de TOMP-API standaard.


RDW is doeltreffender geworden

gemiddeld genomen zijn de tarieven nauwelijks gestegen.

RDW is doeltreffender geworden, de kwaliteit van dienstverlening neemt toe, burgers, bedrijven en omgevingspartners zijn tevreden. Dat blijkt uit het rapport vijfde wettelijke evaluatie RDW wat werd aangeboden vanuit PricewaterhouseCoopers Advisory. Voor wat betreft de verschillende KPI’s gericht op klanttevredenheid en kwaliteit van dienstverlening, onderschrijft men bij het samenstellen van de evaluatie een positieve trend. 

stelsel van KPI’s

Over de hele linie bekeken, kan worden gesteld dat het stelsel van KPI’s goed werkt. De norm van doorlooptijden van afgifte rijbewijzen en kentekencard (90% binnen 1 werkdag) is ieder jaar gehaald. Voor klanttevredenheid haalde de RDW in 2018 een score van 7,6 (norm: 7,5). In de overige jaren zijn geen RDW-brede klanttevredenheidsonderzoeken uitgevoerd.

Uit de evaluatie blijkt verder dat de RDW een doeltreffende organisatie is met hoge kwaliteit van dienstverlening en bereidheid om daar waar de behoefte bestaat, maatwerkafspraken te maken met de mobiliteitsbranche. RDW is doelmatiger geworden, gemiddeld genomen zijn de tarieven nauwelijks gestegen. Naast kostendekkendheid stuurt de eigenaar (IenW) op de ontwikkeling van de tarieven.


Aan de gevel van het RDW-gebouw aan de Rozenburglaan in Groningen is een nieuw scherm geplaatst waarop ze de laatst uitgegeven kentekens van persoonswagens tonen.

Een aandachtspunt betreft de wendbaarheid zoals de medewerkers van de RDW het beleven en hun appreciatie van de onderlinge samenwerking tussen de verschillende RDW-afdelingen. Uit de bestudeerde documenten maken wij op dat medewerkers de RDW-medewerkers de wendbaarheid van de organisatie lager inschatten dan het management. Zo geven medewerkers op de stelling “de introductie van nieuwe processen en producten verloopt soepel” een score van 5,3 en het management een 6,1.

Daarnaast verschilt de beleving van het verandervermogen sterk per divisie: T&B en met name VRT scoren beduidend lager dan de andere divisies. Een mogelijke verklaring hiervoor is de aard van het werk. Tegelijkertijd is de wendbaarheid van met name deze divisies in sterke mate bepalend voor het vermogen van de RDW zich aan te passen aan toekomstige ontwikkelingen zoals digitalisering van voertuigen en mobiliteitsoplossingen. Bezien vanuit de eerder gedane constateringen dat de RDW financiële en dienstverlenende wendbaarheid heeft laten zien in met name 2020, is de beleving van de RDW-medewerkers van wendbaarheid opvallend te noemen.

tarieven

Tarieven mogen per jaar maximaal met 5% muteren exclusief de inflatie. Uit het onderzoek blijkt dat de gemiddelde tarieven van de RDW in de periode 2016-2020 cumulatief zijn gestegen met 2%. Afgemeten aan het prijspeil in Nederland (CPI) dat in dezelfde periode met 8% is toegenomen, is dit een efficiencywinst van 6% en daarmee jaarlijks van 1,2%. Verder zijn de afspraken met de eigenaar over de doelmatigheid goed geborgd en werkbaar. Ook wordt hier transparant over gerapporteerd. 

Opvallend is wel in de documenten dat RDW-medewerkers een relatief lage score geven (5,7) op de onderlinge samenwerking en afstemming tussen de verschillende RDW-afdelingen. Dit is beduidend lager dan de in het onderzoek gebruikte benchmark ‘openbaar bestuur’ (6,3). Uit gesprekken binnen en buiten de RDW komt naar voren dat de RDW nog teveel een “divisie-eiland” is. Dit kan een mogelijke verklaring zijn voor deze lage scores. 

De onderlinge samenwerking was overigens ook een aandachtspunt in de vorige wettelijke evaluatie. Hoewel er verschillende acties zijn ondernomen vanuit de directie naar aanleiding van de vorige evaluatie (zoals oprichten van kernteams op strategische thema’s) lijkt de opvolging van deze aanbeveling nog niet het gewenste doel bereikt te hebben.


Geen bunkers of schuilkelders in Nederland

sinds 1986 geen wetgeving en beleid meer is voor burgerbescherming in tijden van oorlog of crisis.

In deze oorlogstijden blijft mobiliteit niet vanzelfsprekend want wanneer de sirene gaat, dreigt er acuut gevaar. Op elke eerste maandag van de maand om 12.00 uur test uw gemeente of de sirene werkt. Dat zijn we zo gewoon dat we er niet meer van opkijken. Maar de oorlogsdreiging is niet ver weg en wat doe je wanneer de sirene gaat op een anders tijdstip?

Er zijn in Nederland geen bunkers of schuilplekken voor de bevolking, voor het geval we betrokken raken bij een groot gewapend conflict. Dat is het gevolg van de afschaffing van de Wet Burgerbescherming in 1986. Maar de afwezigheid ervan ontslaat de regering niet van haar plicht om burgers te beschermen in tijden van oorlog of crisis. En hier ook al preventief voorzorgsmaatregelen voor te treffen, zegt advocaat en strafrechtdeskundige Geert Jan Knoops kritisch.

Als je de sirene hoort, is er mogelijk sprake van gevaarlijke stoffen. Ga daarom zo snel mogelijk naar binnen en sluit alle ramen, deuren, roosters en andere openingen. Maar wat doe je wanneer niet als in de Oekraïne de sirene afgaat? Binnen is de kans op gevaar het kleinst. Dat geldt voor iedereen. Een schuilkelder is dan in de meeste gevallen de uitkomt. Knoops verbaast zich erover dat er sinds 1986 geen wetgeving en beleid meer is voor burgerbescherming in tijden van oorlog of crisis. Knoops wijst erop dat er sinds 2004 verschillende zaken zijn geweest waarin de overheid werd aangesproken op het niet beschermen van burgers in een oorlogs- of crisissituatie.

“Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft in verschillende uitspraken aangegeven dat de burger op basis van het mensenrechtenverdrag een zogenaamd positieve plicht kan ontlenen aan de staat, om te voorkomen dat het leven in gevaar komt. Dat gaat vrij ver.”

Geert Jan Knoops – advocaat en strafrechtdeskundige
Het aantal vluchtelingen uit Oekraïne is drastisch toegenomen

Het lastige is volgens advocaat Knoops dat we ons rampen en conflicten moeilijk voor kunnen stellen. “Een vuile bom, een aanslag, een nucleair ongeluk of oorlog, het lijkt allemaal ver weg”, zegt hij. Toch is de dreiging dichterbij dan gedacht. Wie had immersvorig jaar kunnen denken dat we vandaag te maken zouden hebben met de directe gevolgen van een oorlog amper op een afstand van 1500 kilometers bij ons vandaan.

Finland daarentegen bereidt zich al tientallen jaren voor op mogelijke agressie door buurland Rusland. En met de oorlog in Oekraïne is dat alleen maar dichterbij gekomen. De hoofdstad Helsinki heeft bijvoorbeeld zoveel schuilkelders, dat alle inwoners van de stad er dagenlang zouden kunnen schuilen. Veel van de bunkers worden in het dagelijks leven gebruikt voor andere functies.

niet schrikken

Iedere eerste maandag van de maand om 12.00 uur worden de sirenes in Nederland getest. De maandelijkse test wordt deze keer ook in het Engels, Oekraïens en Russisch aangekondigd, zodat Oekraïense vluchtelingen niet opschrikken als de sirenes op maandag 4 april loeien.

Lees ook : Taxibedrijven helpen vluchtelingen uit Oekraïne

Mobiliteitsalliantie komt met puntenplan gemeenten

partijen slimme handvatten bieden voor een aanpak op het gebied van mobiliteit

De Mobiliteitsalliantie, het verband waarin onder meer de ANWB, NS. KNV en de Fietsersbond zitten, wil met een zogenoemd negenpuntenplan lokale partijen handvatten bieden voor een slimme aanpak op het gebied van mobiliteit. Het gebruik van openbaar vervoer stimuleren met kortingsregelingen voor bepaalde doelgroepen en flexibele werk- en openingstijden voor winkels, kantoren en scholen. Deze en meer ideeën presenteert de Mobiliteitsalliantie, een samenwerkingsverband van 25 partijen, in een plan aan de veertig grootste gemeenten van Nederland om ze voor iedereen bereikbaar, veilig en leefbaar te houden.

De Mobiliteitsalliantie waarschuwt in het plan ook voor de gevolgen voor de bereikbaarheid en verkeersveiligheid van de opgelopen achterstanden door uitstel van het onderhoud van infrastructuur. De leefbaarheid van grote steden staat onder druk. Gemeenten en steden zouden er in de collegevormingen, nu de gemeenteraadsverkiezingen voorbij zijn, mee aan de slag kunnen gaan. Volgens de alliantie zijn investeringen in mobiliteit cruciaal. Mobiliteit is volgens de 25 partijen de basis voor mensen om mee te kunnen doen in de samenleving, maar zou onder druk staan door onder meer de groei van het aantal inwoners en bezoekers in grote steden. 

zorgvervoer en taxi’s

Toegang tot mobiliteit is een voorwaarde om mee te doen aan de samenleving. De gemeente kan helpen om deze toegang voor iedere inwoner te bieden, door samen met aanbieders van mobiliteit passende producten en diensten te bieden. In verschillende steden in Nederland wordt hier steeds meer ervaring mee opgedaan. Denk bijvoorbeeld aan het tegen gereduceerd tarief gebruik laten maken van het OV door mensen met een kleinere portemonnee. Of aan het organiseren van meerijddiensten voor mensen zonder eigen vervoer. En denk ook aan de instandhouding van zorgvervoer en taxi’s. 

“in het nieuwe regeerakkoord is MaaS niet als term genoemd, maar wordt als een vanzelfsprekendheid gezien”

Bertho Eckhardt – voorzitter KNV

Mobiliteit maakt dat organisaties en mensen kunnen doen waar ze goed in zijn en draagt in hoge mate bij aan woongenot en leefplezier. Doorontwikkeling van MaaS diensten kan de mobiliteit op een gunstige en ecologische manier versterken. Openbaar vervoer, collectief personenvervoer, fiets en andere tweewielers bieden antwoord op de schaarse ruimte in de drukke gebieden en wijken. Het OV van de toekomst kan ook meer in samenhang worden bezien met doelgroepenvervoer, taxivervoer, deelmobiliteit en de fiets, zodat het steeds aantrekkelijker wordt om vervoermiddelen te combineren.

Lees ook: Meer geld nodig om vervoersproblemen op te lossen


De hertekening van het mobiliteitslandschap

“Gedachtewisseling over de uitrol van het decreet Basisbereikbaarheid”

Met de nieuwe mobiliteitsvisie zet Vlaanderen in op efficiënter openbaar vervoer, afgestemd op ons fiets- en wegennetwerk. Het treinnet blijft de ruggengraat van het openbaar vervoer in Vlaanderen waarvoor de Federale Overheid verantwoordelijk voor is. Daarnaast kennen we het kernnet, de vervoerslaag op de grote assen van de Vlaamse Overheid momenteel in uitvoering door De Lijn. Het kent een grote vervoersvraag en richt zich vooral op de bussen en trams in de grote woonkernen, scholen, ziekenhuizen en handelscentra. 

Met een aanvullend net, de bussen tussen kleinere steden en gemeenten, moet de aanvoer worden verzekerd naar het kernnet. Tot slot kennen we binnen het mobiliteitslandschap het vervoer op maat (VOM). Dit vervoer richt zich op specifieke vragen van mensen die geen toegang hebben tot andere vervoerslagen. Dit vervoer richt zich vooral op buurtbussen, collectieve taxi’s op afroep en deelsystemen. Dit laatste onderdeel wordt uitgevoerd door private operatoren.

Samen maken we de mobiliteitsswitch: “We zitten nu in de fase van informeren waarbij we de naam basisbereikbaarheid vermijden. Er is momenteel geen burger die dat gaat begrijpen. Vandaar het begrip mobiliteitsswitch.”

Filip Boelaert (secretaris-generaal Departement Mobiliteit en Openbare Werken)

Bijzonder pijnlijk want zelfs Minister Lydia Peeters was niet op de hoogte over de wijziging van de naam basisbereikbaarheid naar mobiliteitsswitch. Ben je een ambtenaar die de mobiliteitsswitch duidelijk wil uitleggen aan de burger? Of ben je op zoek naar meer info over het decreet basisbereikbaarheid? Op www.basisbereikbaarheid.be vind je alles wat je moet weten.

“Minister, it takes time to do things ‘now'”

Sir Humphrey Appleby

Grote vraag is waarom de hertekening van het mobiliteitslandschap allemaal zo lang duurt? Volgens Lydia Peeters, Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken, is de  gemiddelde doorlooptijd ongeveer 9 maanden vanaf de start van een nieuwe tekst, voorstel van decreet en het inwinnen van alle adviezen zoals de budgettaire impact en het wetstechnische advies. Wanneer er dan een politieke overeenstemming wordt gevonden over het dossier volgt dan pas een eerste principiële goedkeuring. Met schaamrood op de wangen moet Lydia Peeters elke keer opnieuw komen uitleggen waarom het allemaal zo lang moet duren. Het ernstigste wat een economische sector kan overkomen is niet weten wat er over 6 maanden gaat gebeuren. En dat is precies waar dit dossier momenteel staat, ondanks alle inspanningen ten spijt.

mobiliteitsvisie

De mobiliteitsvisie op strategisch niveau in de vervoersregio geeft invulling aan de missie en doelstellingen decreet. De planningshorizon is 10 jaar met een doorkijk op een nog langere termijn. De opbouw bestaat uit 3 delen, de strategische visie, de operationele beleidsdoelstellingen op korte termijn en een actieplan, nadien de monitoring. In 2022 moeten we niet veel verwachten behalve dan enkele testscenario’s en pilots. 

Inmiddels is zelfs gebleken dat januari 2023 niet meer haalbaar is. Zoals het huidige beeld er nu uit ziet kunnen we volgens Peeters in juli 2023 een kantelmoment bereiken. Daarbij praten we over VOM flex+ en VOM flex/belbus. IT-technisch zal de Hoppincentrale vanaf juli 2022 voorzien in het routeplan en de app. In het najaar is een pilot gepland in twee testregio’s.

Flex, Flex+, deelfietsen en deelauto’s en de spotmarket. Het zijn stuk voor stuk termen voor gebruikers in doelgroepen. First- & lastmile: voor en natransport (vb. van huis naar station). Daarvoor maakt men gebruik van 8+1 voertuigen waarbij zelfs taxi’s’ kunnen worden ingezet. Het aanbod in het vervoer op maat is vastgelegd in regionale vervoersplannen door de vervoersregio’s. Het aanbod is samengebracht met de door De Lijn opgemaakt bestand haltes VoM. De fiches laten VIA via toe aanbod te plannen. Planningen zijn basis om later in kader van raamcontracten bestellingen voor voertuigen te plaatsen.

Foto: Andy Ambrosius (Via) – oprichters Daniel Ramot en Oren Shoval

Het contract met ViaVan werd op 2 september 2021 gesloten na twee bezwaarprocedures. De officiële kick-off ging door op 16 september 2021. Operationeel werken ze toe naar een IT-technisch platform waarvan de pilootprojecten starten in twee testregio’s midden 2022. Versie 1.1 VoM-flex+ is voorzien vanaf 1 januari 2023. Ondertussen heeft men een hele groep gebruikers aangeschreven die ook mee gedaan hebben en de eerste versie van de app reeds getest hebben. 

De eerste resultaten werden als vrij goed beoordeeld en heeft de aandacht gevestigd op specifieke verbeterpunten. De mogelijkheid om MaaS-systemen te integreren wil men pas in een veel latere fase bekijken. Het gebruik van een API behoort tot de mogelijkheden maar het probleem is nu dat veel andere operatoren hun diensten niet willen integreren en het liefst hun eigen app zien gebruiken voor de zichtbaarheid van hun product.

Tot slot

In reactie van de vergadering op de presentatie van donderdag 17 maart 2022 werden kritische vragen gesteld over de uitvoerbaarheid van het decreet. Een verkeerde inschatting over de complexiteit van het plan laat niet echt toe om een nieuwe datum als ‘deadline’ te stellen. Deze is tot nu toe in geen enkel onderdeel behaald en een garantie dat dit nu wel het geval gaat worden is er niet. Kortom, basisbereikbaarheid, mobiliteitsswitch of een hoppinpunt, er is nog veel werk aan de winkel in Vlaanderen voor de consument er iets van gaat merken. De suggestie een plan B paraat te hebben komt steeds meer in beeld om onvoorziene vertraging op te vangen. Kritiek op Peeters en zelfs de vrees dat de Vlaamse Overheid de komende jaren aan een Amerikaanse firma gaat betalen om geen inspanningen te leveren.  

Lees ook: Dossier Basisbereikbaarheid


Pitane Mobility Visueel Plannen

Touringcarbedrijf wil meer steun van kabinet

Touringcarbedrijven in Brabant onderschrijven de noodkreet van Theo Vegter. Volgens Vegter gingen er miljarden naar KLM en het openbaar vervoer, maar kregen de busbedrijven amper steun. Touringcarbedrijven verdienen al jaren hun geld zonder dat daar subsidies of belastingvoordelen aan te pas komen. In het Eindhovens Dagblad laat directeur Joop Vreugdenhil van Zebra Tours in Bergen op Zoom vandaag door Peter Ullenbroeck optekenen dat de sector ook de hand in eigen boezem mag steken. Natuurlijk zijn er vragen bij de miljardensteun aan KLM en de steun voor de sector.

“Tegelijkertijd moet je je afvragen of wij als touringcarsector wel creatief genoeg zijn geweest in de coronacrisis”

Joop Vreugdenhil van Zebra Tours

Directeur Vreugdenhil laat weten dat je de bal niet alleen bij de overheid moet leggen en er ook naar de sector moet worden gekeken. Als voorbeeld noemt Vreugdenhil het ombouwen van bussen in het afgelopen jaar om in ieder geval kleinere reisgezelschappen te mogen vervoeren. Omdat Zebra Tours dit als bedrijf heeft gedaan hebben ze aardig wat ritten kunnen maken van onder meer het vervoer van uitzendkrachten.

Volgens branchevoorzitter Theo Vegter van Busvervoer Nederland is het ‘pure desinteresse’ in de opstelling van de overheid. Veel van de touringcarbedrijven in Nederland verkeren in zwaar weer en wachten op het geld voor het tweede kwartaal. Iedere touringcar die nu stilstaat of het afgelopen jaar stil heeft gestaan kost algauw 20.000,- euro per jaar.

(artikel gaat vervoer onder afbeelding)

investeringen

De touringcarsector gaat geen gemakkelijke periode tegemoet. Vlak voor de coronacrisis heeft de Nederlandse overheid besloten dat de milieu zones van verschillende steden op dezelfde manier moesten worden vormgegeven en voor de sector gaan die veel te ver. Het afgelopen jaar heeft zo’n impact gehad op de touringcarbedrijven dat het financieren van een nieuwe Euro-6 bus niet te doen is.

over Zeebra Tours

De grondleggers van Zeebra Tours zijn sinds 1983 actief in de touringcarwereld. Zij zijn ooit begonnen met 1 bus. Vandaag de dag telt het totale wagenpark meer dan 40 bussen, waarvan 15 bussen met standplaats in Bergen op Zoom. Reizen per touringcar is nog steeds mogelijk. De chauffeurs werken in overeenstemming met RIVM-richtlijnen. In de touringcars hanteren ze een zitplaatsverdeling zodat de passagiers minimaal 1,5 meter uit elkaar zitten.

Lees ook: Touringcars zijn de onmisbare schakel in mobiliteit

Ann Schoubs benoemd tot nieuwe directeur-generaal De Lijn

De Vlaamse regering heeft Ann Schoubs benoemd als nieuwe baas van De Lijn die daarmee Roger Kesteloot opvolgt als directeur-generaal van de Vlaamse vervoersmaatschappij. Het takenpakket van de nieuwe bewindsvrouw bij De Lijn is niet gering. Zo moet De Lijn de komende jaren haar rol zien te vinden in een nieuw Vlaams vervoerslandschap.

Volgens Vlaams minister van Mobiliteit Lydia Peeters beantwoordt Ann Schoubs het best aan de verwachtingen van de Vlaamse regering. Als bevoegd minister voor de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn kijkt zij alleszins positief terug op een goede en constructieve samenwerking met afscheidnemend directeur-generaal Roger Kesteloot.

“De kandidaten hebben een zorgvuldige en gefaseerde selectieprocedure doorlopen. Met Ann Schoubs kiezen we voor iemand met de nodige ervaring binnen de vervoerssector en met leidinggevende functies”, aldus Lydia Peeters.

Schoubs is burgerlijk ingenieur van opleiding en heeft er een lange carrière opzitten bij spoorwegmaatschappij NMBS. De voorbije twee jaar was ze hoofd van de federale overheidsdienst Interne Audit. In die rol nam ze onder meer de vervangingsprocedure van de F-16-gevechtsvliegtuigen van het leger onder de loep.

“Ik denk dat ik eerst ga kijken hoe het er aan toe gaat in die organisatie. De stiptheid van De Lijn en de beeldvorming bij de reiziger is een punt dat we meteen moeten bekijken”, aldus Ann Schoubs in een eerste reactie.

De Vlaamse regering ging eind mei akkoord met het verzoek van Roger Kesteloot om zijn mandaat van directeur-generaal van de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn voortijdig te beëindigen met ingang van 1 januari 2021. Eind juni werden de functieomschrijving en selectieprocedure goedgekeurd. De vacature werd opengesteld tussen 31 juli en 30 augustus. Na een zorgvuldige en gefaseerde selectieprocedure is na het eindinterview de keuze gevallen op Ann Schoubs.

Ann Schoubs (1966) heeft er een lange carrière opzitten bij de NMBS (1991–2017). Eerst als Intern Auditor, daarna als Manager Asset Accounting, als Corporate Controller en als CIO. Vervolgens werd ze CEO van YPTO (filiaal NMBS met 500 medewerkers). Na twee jaar als Head of Supply bij de NMBS werd ze aangesteld als Chief Audit Executive bij de Federale Interne Audit, waar ze nu nog werkt.

Roger Kesteloot

De eerste vier maanden van 2021 zal Roger Kesteloot zijn opvolger nog bijstaan. Op 1 mei 2021 gaat hij met pensioen. De Vlaamse regering ging eind mei akkoord met het verzoek van Roger Kesteloot om zijn mandaat van directeur-generaal van de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn voortijdig te beëindigen met ingang van 1 januari 2021.

Lees ook: 

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Gentse tram van De Lijn



Movi+ koppelt met succes Pitane Driver App aan Chiron

Er gebeurt in Vlaanderen heel wat rond mobiliteit. Taxibedrijven moeten aan de slag om te voldoen aan de nieuwe regelgeving. Het Eindhovense Censys BV is de koploper om bedrijven met succes aan te sluiten op Chiron. Vandaag kregen ook de vervoersdiensten van Movi+ groen licht om in productie te gaan op Chiron. Opnieuw een van de vele Vlaamse taxibedrijven die door gebruik te maken van de Pitane Driver App met een minimum aan kosten kan aansluiten op het controlesysteem van de overheid.

Movi+ en Axxicom hebben de handen in elkaar geslagen om minder mobiele mensen nog beter van dienst te zijn. Het bedrijf wil mobiliteit voor iedereen. Zeker voor mensen die het moeilijk hebben om zonder de hulp van familie en vrienden te geraken waar ze willen geraken. Minder mobiele mensen mogen niet uitsluitend aangewezen zijn op het openbare vervoer. Ze hebben aangepast vervoer nodig waarmee ze zorgeloos en in alle comfort hun bestemming kunnen bereiken. Het Vlaamse bedrijf Movi+ maakt gebruik van de softwaresystemen en taxiplanning van Pitane Mobility.

https://www.youtube.com/watch?reload=9&v=89NC35Yps5s

In de nieuwe regelgeving die van kracht is, is voorzien dat elke houder van een nieuwe vergunning zijn/haar ritgegevens in real time moet doorgeven aan de Vlaamse Overheid. Deze verplichting zou eerst ingaan op 1 juli, maar is uitgesteld tot 1 november 2020. Om de bedrijven tegemoet te komen zodat ze sneller kunnen voldoen aan de regelgeving, heeft het Eindhovense Censys BV de ontwikkelde Chiron koppeling nu tevens beschikbaar gesteld als een open API voor alle overige Vlaamse taxibedrijven die nog geen gebruik maken van Pitane Mobility software.

makkelijk koppelen zonder kennis

Per 1 november dient iedere taxirit vlak voor vertrek en na aankomst elektronisch geregistreerd te worden in Chiron, de centrale rittendatabank voor individueel bezoldigd personenvervoer die hiervoor ter beschikking wordt gesteld bij Vlaamse Overheid.

“Wij gaan er van uit dat iedereen moet koppelen aan de API van de Vlaamse Overheid en willen hierin tegemoet komen door onze ontwikkelingen open te stellen voor een bredere doelgroep. Het is dus niet strikt noodzakelijk om onze overige software te gebruiken om deze doelstelling te behalen”, aldus Sam Saey – accountmanager bij het Eindhovense Censys BV.

Om iedere exploitant de mogelijkheid te geven tijdig in orde te zijn met deze nieuwe regelgeving, is de Chiron testomgeving tevens vanaf 1 oktober 2020 beschikbaar. Voor meer informatie kunt u terecht via deze link.

Chiron communicatie

In de afgelopen maanden is het nieuwe decreet voor individueel bezoldigd vervoer van kracht. Dit decreet verplicht de realtime registratie van elke bezoldigde rit in de centrale databank Chiron van de Vlaamse overheid voor de ‘taxiritten’, genaamd Chiron. Via de Chiron toepassing kunnen de geregistreerde ritten direct geraadpleegd en gevalideerd worden door hiervoor wettelijk bevoegde personeelsleden van de overheid. Om dit mogelijk te maken dient er een koppeling te zijn tussen Chiron en de Pitane Mobility API. 

Zo kunnen chauffeurs met een minimum aan kosten voldoen aan de nieuwe regelgeving. De registratie voor de connectie met API van centrale databank van de Vlaamse overheid voor de realtime registratie van individuele taxiritten, Chiron genoemd, staat los van de registratie voor nieuwe vergunningen of een bestuurderspas in het Centaurus systeem van de Vlaamse overheid.

Lees ook: GTL doet onderzoek naar leveranciers Chiron koppeling

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin


software koppelen aan Chiron



Pitane stelt Chiron koppeling beschikbaar als een open API

In de nieuwe regelgeving die van kracht is, is voorzien dat elke houder van een nieuwe vergunning zijn/haar ritgegevens in real time moet doorgeven aan de Vlaamse Overheid. Deze verplichting zou eerst ingaan op 1 juli, maar is uitgesteld tot 1 november 2020. Om de bedrijven tegemoet te komen zodat ze sneller kunnen voldoen aan de regelgeving, heeft het Eindhovense Censys BV de ontwikkelde Chiron koppeling nu tevens beschikbaar gesteld als een open API voor alle overige Vlaamse taxibedrijven die nog geen gebruik maken van Pitane Mobility software.

makkelijk koppelen zonder kennis

Per 1 november dient iedere taxirit vlak voor vertrek en na aankomst elektronisch geregistreerd te worden in Chiron, de centrale rittendatabank voor individueel bezoldigd personenvervoer die hiervoor ter beschikking wordt gesteld bij Vlaamse Overheid.

“Wij gaan er van uit dat iedereen moet koppelen aan de API van de Vlaamse Overheid en willen hierin tegemoet komen door onze ontwikkelingen open te stellen voor een bredere doelgroep. Het is dus niet strikt noodzakelijk om onze overige software te gebruiken om deze doelstelling te behalen”, aldus Sam Saey – accountmanager bij het Eindhovense Censys BV.

Om iedere exploitant de mogelijkheid te geven tijdig in orde te zijn met deze nieuwe regelgeving, is de Chiron testomgeving tevens vanaf 1 oktober 2020 beschikbaar. Voor meer informatie kunt u terecht via deze link.

Chiron communicatie

In de afgelopen maanden is het nieuwe decreet voor individueel bezoldigd vervoer van kracht. Dit decreet verplicht de realtime registratie van elke bezoldigde rit in de centrale databank Chiron van de Vlaamse overheid voor de ‘taxiritten’, genaamd Chiron. Via de Chiron toepassing kunnen de geregistreerde ritten direct geraadpleegd en gevalideerd worden door hiervoor wettelijk bevoegde personeelsleden van de overheid. Om dit mogelijk te maken dient er een koppeling te zijn tussen Chiron en de Pitane Mobility API. 

Zo kunnen chauffeurs met een minimum aan kosten voldoen aan de nieuwe regelgeving. De registratie voor de connectie met API van centrale databank van de Vlaamse overheid voor de realtime registratie van individuele taxiritten, Chiron genoemd, staat los van de registratie voor nieuwe vergunningen of een bestuurderspas in het Centaurus systeem van de Vlaamse overheid.

Lees ook: GTL doet onderzoek naar leveranciers Chiron koppeling

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on facebook


Pitane Mobility Gent

Holland Casino hard geraakt door maatregelen coronacrisis

Wie over mobiliteit praat heeft het uiteraard ook over de weekend uitstapjes met vrienden en collega’s. Holland Casino heeft een zwaar half jaar achter de rug. Van de eerste zes maanden van 2020 was het bedrijf ruim drieënhalve maand compleet gesloten door de uitbraak van het coronavirus en de daarbij horende maatregelen. Er werd 146,3 miljoen euro omzet gegenereerd ten opzichte van 353,8 miljoen euro in het eerste half jaar van 2019 (-58,7%). Het netto resultaat na VPB bedraagt -28,3 miljoen euro, waar het in 2019 nog 32,5 miljoen euro in de plus eindigde. 

Dit negatieve resultaat werd gerealiseerd na verrekening van de ontvangen NOW gelden. Van 13 maart tot 1 juli is Holland Casino geheel gesloten geweest. Tot de sluiting verliep het jaar voorspoedig. De omzet tot en met 12 maart lag 7% hoger dan in dezelfde periode in 2019. Zowel het aantal bezoeken (+3,9%) als de gemiddelde besteding per bezoek (+3,1%) liet opnieuw een stijgende trend zien.

Compleet gesloten

“Corona heeft ons bedrijf ronduit hard geraakt. Van de ene op de andere dag hebben wij onze deuren moeten sluiten en zaten onze bijna 4.000 medewerkers ineens thuis. Dit had tot gevolg dat wij onze belangrijke maatschappelijke functie niet langer konden uitvoeren. Bijna vier maanden lang was er geen legaal casino-aanbod in Nederland beschikbaar. Door de sluiting viel onze omzet, zo’n 60 miljoen euro per maand, volledig weg.”, aldus CEO Erwin van Lambaart.

Celukkig kon Holland Casino het afgelopen half jaar over voldoende liquide middelen beschikken om deze lastige periode van sluiting goed door te komen. Dankzij de constructieve regelingen van de overheid – waarbij zij alleen van de NOW gebruik hebben gemaakt – maar ook stringente maatregelen van kostenbeheersing en strak operationeel management wisten ze deze maanden door te komen en de continuïteit van het bedrijf veilig te stellen. De aandeelhouder is daarnaast in een vroegtijdig stadium bereid geweest het dividend over 2019 vooralsnog niet te ontvangen, hetgeen ons financiële armslag heeft gegeven.”

Toekomst

Sinds 1 juli heeft Holland Casino haar deuren weer geopend. Dit is mogelijk dankzij een zorgvuldig opgesteld sector-protocol, o.a. met inachtneming van de 1,5 meter afstand, triage en reservering. Momenteel kan daardoor maximaal zo’n 30% van het reguliere aantal gasten worden ontvangen. Recentelijk zijn de maatregelen door Holland Casino zelf verder aangescherpt zodat een veilig, verantwoord, betrouwbaar en gezellig bezoek aan één van de 14 vestigingen mogelijk blijft. Nieuwe landelijke en regionale richtlijnen worden nauwlettend gevolgd en indien nodig doorgevoerd.

“Helaas zijn de vooruitzichten voor de rest van dit jaar niet bepaald rooskleurig en voor volgend jaar uitermate onzeker. Onze cijfers over de tweede helft van het jaar zullen door alle noodzakelijke beperkende maatregelen ook niet goed zijn. Wij bekijken daarom momenteel hoe we als bedrijf financieel gezond en toekomstbestendig blijven in deze lastige periode. We verwachten hier tegen december nadere concrete mededelingen over te kunnen doen.”, aldus Van Lambaart.

Lees ook: Veel kijkers na het plaatsen van fietsersbrug over de A2 en N2

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Holland Casino Scheveningen
Taxi’s wachten bij Holland Casino

Pitane Taxi Driver nu ook gekoppeld aan Chiron Rit API

Vlaamse taxibedrijven moeten hun ritgegevens per 1 november realtime doorsturen naar de overheidsdatabank Chiron. Mobiele telefoons en het gebruik van tablets als alternatief op veel te dure taxi boordcomputers hebben inmiddels bij vele duizenden taxichauffeurs hun weg gevonden. Door de komst van Pitane Driver voor Android en iOS telefoons is communicatie tussen het backoffice en de taxichauffeur een stuk goedkoper en gemakkelijker geworden. Het Eindhovense Pitane BV koppelt nu ook haar systemen aan de Chiron Rit API van de Vlaamse overheid.

Chiron communicatie

In de afgelopen maanden is het nieuwe decreet voor individueel bezoldigd vervoer van kracht. Dit decreet verplicht de realtime registratie van elke bezoldigde rit in de centrale databank Chiron van de Vlaamse overheid voor de ‘taxiritten’, genaamd Chiron. Via de Chiron toepassing kunnen de geregistreerde ritten direct geraadpleegd en gevalideerd worden door hiervoor wettelijk bevoegde personeelsleden van de overheid. Om dit mogelijk te maken dient er een koppeling te zijn tussen Chiron en de Pitane Mobility API. 

Zo kunnen chauffeurs met een minimum aan kosten voldoen aan de nieuwe regelgeving. De registratie voor de connectie met API van centrale databank van de Vlaamse overheid voor de realtime registratie van individuele taxiritten, Chiron genoemd, staat los van de registratie voor nieuwe vergunningen of een bestuurderspas in het Centaurus systeem van de Vlaamse overheid.

Over Pitane BV

Pitane BV is de grootste leveranciers van software voor mobiele telefoons en tablets in Nederland en België. Met ruim 25 jaar ervaring heeft het bedrijf toonaangevende planningssoftware op de markt gebracht en verwerkt elke dag vele tienduizenden ritopdrachten voor haar klanten. Taxichauffeurs, taxibedrijven, regiecentrales en overheden maken gebruik van het Pitane Mobility netwerk. Het Eindhovense bedrijf heeft naast de koppeling met de Chiron API een communicatie interface ontwikkeld waardoor veel andere toeleveranciers in de sector hun toepassingen kunnen aanbieden gebruikmakend van een robuust communicatie platform.

Lees ook: Taximarkt Vlaanderen omarmt Arrive boekingsplatform

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp


Griekenland heeft nieuwe coronamaatregelen afgekondigd

De Griekse overheid heeft nieuwe coronamaatregelen afgekondigd. Vanaf 17 augustus 2020 moeten alle reizigers, met uitzondering van kinderen tot 10 jaar, uit o.a. Nederland die per lucht- of landverkeer in Griekenland aankomen, een negatieve PCR-test Covid-19 overleggen. De test mag niet langer dan 72 uur voor inreis zijn afgenomen. 

Het document waarop de negatieve testuitslag staat moet in het Engels zijn en voorzien zijn van de naam en paspoort of ID-kaart nummer van de passagier. Nederlanders die vanuit Duitsland vliegen hoeven geen PCR-test te overleggen. Ook hier geldt uiteraard wel de verplichting een PLF formulier in te vullen. Nederlanders die met de boot vanuit Italië komen, hoeven GEEN PCR-test te overleggen, dus alleen het PLF invullen. 

In heel Griekenland geldt vanaf 29 juli de verplichting om een mondkapje te dragen in het openbaar vervoer, in alle winkels, banken, taxi’s, liften en alle andere publieke en openbare ruimten. U riskeert een boete van EUR 150,– als u geen mondkapje draagt. Volg altijd de de lokale coronaregels op. Denk aan verplicht invullen van een Passenger Locator Form (PLF) ruim voor uw vertrek, maar uiterlijk 24 uur voor aankomst in Griekenland. Zie voor deze informatie de rubriek ‘Verkeersveiligheid’ en ‘Coronavirus’.

Lees ook: Grenzen Griekenland open maar je wordt eerst gescreend

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp


Regio’s gaan samenwerken voor snellere aanleg laadpalen

Verschillende regio’s willen gaan samenwerken met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en netbeheerders om sneller meer laadpalen te kunnen plaatsen in Nederland. Er komen namelijk steeds meer elektrische auto’s op de weg dus de vraag naar laadpalen neemt hierdoor ook toe. Deze week kondigde de diverse partijen hun samenwerking aan op de website van de Rijksoverheid. De 6 regio’s die gaan samenwerken zijn: Provincies Zeeland en Zuid-Holland, G4 (Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht), MRA Elektrisch (provincies Noord-Holland, Flevoland, Utrecht), Provincies Groningen, Fryslân en Drenthe, Provincies Overijssel en Gelderland en Provincies Noord-Brabant en Limburg. De netbeheerders maken in elke regio ook deel uit van de samenwerking, zij denken mee over waar de aansluitingen op het stroomnet moeten komen en hoe het stroomnet het best belast kan worden.

Staatssecretaris Van Veldhoven: ‘Elektrisch rijden heeft veel voordelen. Om die maximaal te benutten moet je er wel van op aan kunnen dat je je auto overal in Nederland makkelijk kunt opladen. Dat vraagt de komende jaren nog veel werk. Daarom vind ik het mooi dat we samen met gemeenten, provincies en netbeheerders vandaag deze stap zetten op weg naar een landelijk dekkend netwerk van laadpalen’.

De overheid heeft 15 miljoen euro uitgetrokken voor de aanleg van een landelijk dekkend laadpalen netwerk, de regio’s leggen samen dit bedrag ook bij. De samenwerking tussen deze partijen scheelt tijd en geld en geeft een éénduidig beleid voor de gebruiker. Het doel van het kabinet is dat in 2030 alle nieuwe auto’s die op de weg komen helemaal zonder uitlaatgassen rijden. Ze verwachten dat er tegen die tijd ongeveer 1,9 miljoen elektrische auto’s rijden, die hebben samen ongeveer 1,7 miljoen laadpunten nodig. Volgens de overheid zijn er naar schatting in Nederland in 2021 ongeveer 213 nieuwe laadpunten en in 2025 ongeveer 550 nieuwe laadpunten per werkdag nodig. Nederland is de koploper wat betreft het aantal laadpunten per vierkante meter.

Lwees ook: Mobiliteitsplatform Bolt nu ook operationeel in Amsterdam

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

NS kampt aankomende jaren met grote omzetverliezen

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De coronacrisis zorgt, naar eigen zeggen, voor een groot omzetverlies bij de NS. Ze schatten dat het aantal treinreizigers pas in 2025 weer op het niveau is van voor de coronacrisis. Tot op heden is er in verband met de coronacrisis een speciale basisdienstregeling. Vanaf dinsdag 2 juni hervat de NS de reguliere dienstregeling weer.

“De productiekosten moeten omlaag, stelt Groenewegen. Maar met behoud van onze prestaties en de klanttevredenheid. Een dwingende voorwaarde is ook dat kaartjes betaalbaar blijven”.

De nieuwe reguliere dienstregeling is gebaseerd op het zo veilig mogelijk vervoeren van passagiers met het speciale corona protocol. Er zijn o.a. groene stickers op de beschikbare stoelen geplakt, zodat passagiers weten waar ze wel en niet mogen zitten. Er zullen ongeveer 40 procent van de stoelen beschikbaar zijn door de 1,5 meter afstand regel. 

Er zijn de afgelopen maanden enorm veel minder passagiers met de trein vervoerd omdat veel mensen vanuit thuis werkte en de scholen ook gesloten waren. Volgens het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) was het aantal passagiers in de maand april 90 procent lager dan normaal.

De NS schat dat ze de aankomende vijf jaar 4,7 miljard euro omzetverlies hebben. Financieel directeur Bert Groenewegen geeft aan in NRC het niet te redden zonder steun van de overheid. Door steun van de overheid te krijgen, hoopt Groenewegen geen personeel te hoeven ontslaan. De NS zal volgens Groenewegen moeten inkrimpen en wil tot 2025 1,4 miljard euro besparen. 

De NS verwacht niet dat alle reizigers terugkomen, het aantal reizen zullen minder blijven, ook als de coronacrisis al lang voorbij is. Er zullen voortaan meer mensen vanuit huis blijven werken, vergaderingen zullen plaats vinden via videobellen. De coronacrisis heeft namelijk laten zien dat thuiswerken goed gaat.

Lees ook: Taxisector in België verwacht faillissementen en ontslagen



Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp


Overheid ontwikkelt datastandaard mobiliteitsdiensten

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female” buttontext=”lees voor”]

De Vlaamse mobiliteit zal de komende jaren enorm veranderen, ook door het coronavirus en de uitdaging om verplaatsingen veilig te laten verlopen. Digitale oplossingen en het combineren van verschillende vervoermiddelen zullen in de toekomst een belangrijke rol spelen in mobiliteitsdiensten. Om die modal shift te faciliteren, heeft de Vlaamse overheid nu een datastandaard ontwikkeld voor slimme digitale mobiliteitsplatformen. 

Overheden en private spelers zullen zo makkelijk informatie kunnen uitwisselen waardoor je vlotter en veiliger van het ene vervoermiddel op het andere kunt overstappen. De stad Antwerpen gaat als eerste met die standaard aan de slag voor zijn deelsystemen zonder vaste stallingsinfrastructuur.

belangrijke stap in evolutie naar mobility as a service

De ontwikkeling van deze datastandaard past binnen Basisbereikbaarheid. Dat is de nieuwe, vraaggestuurde Vlaamse visie op mobiliteit waarbij combimobiliteit centraal staat: het combineren van verschillende vervoersmiddelen. Vlaanderen evolueert daarbij van het bezit van een wagen naar ‘mobility as a service’ of het gebruik van mobiliteitsdiensten wanneer je ze nodig hebt. Reizigers zullen in de toekomst steeds meer afstappen van de wagen en meerdere vervoersalternatieven gebruiken, zowel het openbaar vervoer als private diensten (auto- en fietsdelen, taxidiensten e.a.). Daarnaast zullen ze hun reis steeds meer digitaal plannen en betalen.

mooie samenwerking tussen Vlaamse overheid en stad Antwerpen

De standaard werd ontwikkeld op initiatief van Departement Mobiliteit en Openbare Werken en de stad Antwerpen, in samenwerking met de mobiliteitssector. Informatie Vlaanderen, het digitaliseringsagentschap van de Vlaamse overheid, realiseerde de standaard in samenwerking met onderzoek- en innovatiehub imec en ITS.be, een vzw die de transitie richting duurzame mobiliteit faciliteert. De Stad Antwerpen brengt deze standaard als eerste overheid in de praktijk voor zijn deelsystemen zonder vaste stallingsinfrastructuur, ofwel de ‘free floating’ deelfietsen, deelsteps en deelscooters die in de Antwerpse straten beschikbaar zijn.

inzetten op modal shift naar duurzame vervoermiddelen

Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid heeft deze semantische standaard nodig om een mobiliteitscentrale op te zetten die in najaar 2021 zal proefdraaien. De gebruiker zal een beroep kunnen doen op die centrale om ritten te plannen, te boeken en te betalen voor het vervoer op maat zoals pendelbussen, deelfietsen en -auto’s en collectieve taxi’s. Tegelijk zal ze ook richting geven aan én informatie uitwisselen met de apps van trein-, tram- en busdiensten én deelsystemen.

“Er is in Vlaanderen een mental én modal shift nodig om de overstap te maken naar duurzame vervoermiddelen en deel- en combimobiliteit. Deze datastandaard is een belangrijke stap in basisbereikbaarheid én essentieel voor het vervoer op maat. Er is nu een gezamenlijke standaard om informatie uit te wisselen tussen alle aanbieders. Daarmee maken we Vlaanderen klaar voor de mobiliteit van morgen”, zegt Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters. 

data als brandstof van digitale transformatie

Deze standaard past in het standaardenprogramma OSLO (Open Standaarden voor Linkende Organisaties) van het Informatie Vlaanderen. Daarin zetten organisaties in Vlaanderen in op eenduidige standaarden voor de uitwisseling van informatie zodat iedereen gegevens makkelijker kan gebruiken. 

“Ook bij mobiliteit zal data een belangrijke brandstof worden. Dit is een mooi voorbeeld van hoe de digitale transformatie ook in andere maatschappelijke sectoren kan gebeuren: een samenwerking tussen overheid en privé, met standaarden als afsprakenkader en uitgedacht vanuit de burger”, aldus Vlaams minister-president Jan Jambon. 

Antwerpen pionier in slimme mobiliteit

Inwoners en bezoekers van Antwerpen kunnen vandaag al kiezen uit een breed scala aan mobiliteitsoplossingen. Het Maas-concept draagt hieraan bij door verschillende mobiliteitsoplossingen te bundelen in een app. Momenteel zijn er al verschillende MaaS-applicaties en deelsystemen actief in Antwerpen, en wordt er hard gewerkt om dit ecosysteem verder uit te bouwen, samen met de sector. Standaarden zijn daarbij cruciaal. De Stad Antwerpen is inhoudelijk mee bepalend en springt als eerste aan boord. Dankzij zijn ervaring in slimme mobiliteit en Mobility-as-a-Service draagt de stad actief bij aan het vormgeven van het model en de mapping van bestaande standaarden. 

“Hoe kunnen mensen zich vlot, duurzaam en veilig verplaatsen is een vraag die meer dan ooit actueel is. In Antwerpen willen we de mobiliteitsaanbieders en de MaaS-operatoren versterken en integraties zo eenvoudig mogelijk maken. Door mee de kiem te leggen van het OSLO-standaardenprogramma bevestigt Antwerpen zijn voortrekkersrol op het vlak van slimme mobiliteit met als doel te komen tot een sterke modal shift.”, aldus Koen Kennis, schepen van mobiliteit in Antwerpen

Foto: Departement Mobiliteit en Openbare Werken

Lees ook: COVID- 19 raakt Mobility as a Service (MaaS) in Europa hard

mobiliteitsdiensten








Ontwikkeling nul-emissie voertuigen overheid blijft achter

In het Klimaatakkoord is het doel gesteld dat het Rijkswagenpark in 2020 voor 20% uit nul-emissie voertuigen bestaat en in 2028 volledig nul-emissie is. Volgens de Staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat is het belangrijk dat de overheid laat zien dat elektrisch rijden het nieuwe normaal wordt. 

Alle departementen, behalve het ministerie van Defensie vanwege genoten vrijstellingen die de business case voor de transitie naar EV ongunstig maken, hebben toegezegd voor hun eigen wagenpark de 20% te gaan behalen. Desondanks blijven de ontwikkelingen naar nul-emissie voertuigen bij sommige departementen nog achter op de doelstelling.

De Staatssecretaris  wil daarom samen met de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de minister van Economische Zaken en Klimaat en de Staatssecretaris van Defensie inzetten op verbeteracties, waaronder uitbreiding van de laadinfrastructuur bij Rijksgebouwen, uitbreiding van raamcontracten en verbetering van de monitoring.

Lees ook: Oproep van zes bedrijven aan Frans Timmermans


ook verkrijgbaar in PlayStore