Categorie archieven: ILT

ILT en Kustwacht controleren containerschepen met drone

Inspecteurs van de ILT zijn bij 13 schepen daadwerkelijk aan boord gegaan, nadat eerder met de drone op 21 schepen mogelijke tekortkomingen waren geconstateerd.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Kustwacht hebben in 2022 met drones 44 varende containerschepen gecontroleerd op het vastzetten van de lading. Die controles leverden op 11 schepen overtredingen op. Hierbij ging het om het niet of onjuist vastmaken van containers, het zogeheten ‘sjorren’.

“Het inzetten van drones is zeer effectief. Het biedt ons de mogelijkheid om overtredingen te constateren, terwijl het containerschip blijft varen. De bemanning wordt dan niet gestoord in hun werk en wij kunnen op deze manier gerichte controles uitvoeren. In 2021 zijn we met een pilot gestart en die bleek succesvol, daarom hebben we in 2022 weer gebruik gemaakt van drones.”

ILT-directeur Karin Visser.

Aan boord

Inspecteurs van de ILT zijn bij 13 schepen daadwerkelijk aan boord gegaan, nadat eerder met de drone op 21 schepen mogelijke tekortkomingen waren geconstateerd. Op 11 van die 13 schepen werden overtredingen vastgesteld. Daar zagen zij bijvoorbeeld dat de containers niet goed waren vastgesjord of bleek bijvoorbeeld de ladingcomputer een niet goedgekeurde rekenmodule te bevatten of niet overeen te komen met het zogenaamde Cargo Securing Manual. Acht schepen konden niet worden gecontroleerd aangezien zij al weer uit de haven waren vertrokken of waren doorgevaren. De ILT vaart bij de controles een aantal dagen mee aan boord van schepen van de Kustwacht voor het maken van foto’s.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Kustwacht hebben in 2022 met drones 44 varende containerschepen gecontroleerd op het vastzetten van de lading.

“De Kustwacht is erg blij met de samenwerking tussen het Aero-sensing droneteam van de ILT en de Kustwacht. De toch al op zee aanwezige Emergency Response Towing Vessels (ERTV’s) van de Kustwacht kunnen prima als platform dienen voor drones zoals die van ILT. Daarmee wordt het toezicht op zee op een effectieve en efficiënte manier ingevuld.”

Plaatsvervangend Hoofd Operaties Kustwacht, Jan Christiaanse.

Drones

De ILT maakt bij de controles van de containerschepen gebruik van drones. Onder die drones hangen kleine camera’s die vanuit de lucht voorbijvarende containerschepen fotograferen. Die foto’s kunnen van dichtbij en op een veilige manier gemaakt worden. Inzet van een helikopter is daardoor niet meer nodig. In 2023 gaat de ILT door met de controle van containerschepen met drones.

Weer schepen betrapt door ILT op varend ontgassen

Naast tientallen processen-verbaal voor individuele overtredingen heeft de ILT meerdere lasten onder dwangsom opgelegd aan vervoerende ondernemingen.

Eind januari en begin februari heeft de ILT processen-verbaal opgemaakt omdat twee tankschepen in strijd met de regels varend aan het ontgassen waren. Beide tankschepen ontgasten in dichtbevolkt gebied en één van deze schepen had zelfs de ladingtanks nog open tijdens het schutten in een sluis. De ILT handhaaft de regelgeving voor het vervoer van gevaarlijke stoffen in de binnenvaart (het ADN). Het overtreden van het ADN is een economisch delict.

Bij het uitvoeren van toezicht en opsporing gebruikt de ILT allerlei technische middelen, zoals e-noses en drones, die het mogelijk maken om vast te stellen of een schip ontgast of niet. Naast tientallen processen-verbaal voor individuele overtredingen heeft de ILT meerdere lasten onder dwangsom opgelegd aan vervoerende ondernemingen. Schepen van deze ondernemingen zijn herhaaldelijk betrapt op het overtreden van de regels voor varend ontgassen. Als de ILT een mogelijke overtreding van de provinciale verordening constateert dan wordt de provincie daarover geïnformeerd.

Bij het uitvoeren van toezicht en opsporing gebruikt de ILT allerlei technische middelen, zoals e-noses en drones, die het mogelijk maken om vast te stellen of een schip ontgast of niet.

Zelfs in een sluis

Eind januari ontving de ILT bericht van de DCMR Milieudienst Rijnmond dat de dienst e-nosemeldingen van een schip had ontvangen. Hierop zijn ILT-inspecteurs aan boord gegaan van een tankschip dat via de Volkeraksluizen op weg was naar Antwerpen. De e-nosemeldingen gaven aan dat het schip varend aan het ontgassen was in dichtbevolkt gebied.  De inspecteurs constateerden  dat het schip tijdens het schutten in de sluis nog steeds alle ladingtanks open had staan vanwege het ontgassen. Tijdens het afgenomen verhoor erkende de schipper dat ook. Ontgassen in de buurt van sluizen, maar ook in voorhavens daarvan, is net als ontgassen in de buurt van dichtbevolkt gebied verboden volgens het ADN. De inspecteurs hebben proces-verbaal opgemaakt.

Last onder dwangsom

Begin februari gingen inspecteurs van de ILT aan boord van een tankschip. Dit schip was eerder aan het ontgassen in dichtbevolkt gebied. Ook in strijd met de bepalingen in het ADN. Hier is proces-verbaal opgemaakt. Omdat er bij dit tankschip sprake was van herhaling is bovendien een last onder dwangsom opgelegd, aldus de ILT.

ILT brengt realisatie variant boordcomputer taxi in een volgende fase

Een uitdaging bij dit project is het zorgen voor voldoende draagvlak bij de tientallen betrokken en belanghebbende partijen.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) houdt toezicht op het taxivervoer in Nederland. Het is belangrijk dat dit vervoer veilig is en dat er sprake is van eerlijke marktwerking. De gegevens die nodig zijn voor het toezicht op het taxivervoer worden nu nog vastgelegd in de Boordcomputer Taxi (BCT) die in elk taxivoertuig moet zijn geplaatst. Die gegevens gaan over het voertuig, de chauffeur, de taxionderneming (‘vervoerder’), ritgegevens en de arbeids- en rusttijden.

Programma Realisatie Variant BCT (RVB) heeft als opdracht om deze gegevens draadloos en kaartvrij te verkrijgen. Bij het in de toekomst continue automatisch aanleveren van de data wordt een taxionderneming niet verplicht om hiervoor een specifiek apparaat (zoals de BCT) of een specifieke app te gebruiken. Het is de bedoeling dat taxiondernemers zelf kunnen kiezen met welk apparaat of app zij de gevraagde gegevens gaan registreren en aanleveren bij de ILT.

“De aanleiding voor dit project is tweeledig. Ten eerste kost het de ILT nu veel handwerk om gegevens over arbeids- en rusttijden (A&R-gegevens) uit de BCT’s te halen en te verwerken. Om uiteenlopende redenen gaat het ook nogal eens mis met het uitlezen, uploaden en verwerken van de BCT-bestanden. Dat kost niet alleen de inspecteur veel tijd, maar ook de taxichauffeur en -ondernemer. Ten tweede wil de staatssecretaris af van de BCT-kaarten die nodig zijn om de betrouwbaarheid van de gegevens te waarborgen. Deze kaarten zijn voorzien van beveiligingscertificaten die beperkt geldig zijn. Het periodiek grootschalig omwisselen van die kaarten is erg kostbaar.”

Henri van der Heijden – Programmamanager Realisatie Variant BCT

Na maanden verzamelen van informatie binnen de huidige werkgroep is het project toe aan een nieuwe fase. Dit wil het ILT doen door het organiseren van een bijeenkomst, bedoeld om belangstellenden te informeren en om in contact te komen met fabrikanten en ICT-dienstverleners die de daarvoor benodigde apparatuur en software kunnen ontwikkelen en op de markt kunnen brengen. Het ILT verwacht zo dat alle partijen de kans krijgen een product of dienst aan te kunnen bieden, zodat er sprake is van eerlijke marktwerking.

“Wij ervaren de gesprekken met het ILT als zeer constructief. Taxiondernemers kunnen straks zelf kiezen met welk apparaat in de taxi of welke app op hun telefoon zij de gevraagde gegevens gaan registreren en centraal aanleveren bij de ILT. De verplichting voor vaste kastjes in de taxi komt daarmee te vervallen. Iets waar wij al jaren voor ijveren omdat het vaak innovatie in de sector tegenwerkt.”

Gerrit Saey – directeur Pitane Mobility Eindhoven

Deze bijeenkomst is bedoeld om iedereen te informeren en in contact te komen met fabrikanten en ICT-dienstverleners die de daarvoor benodigde apparatuur en software kunnen ontwikkelen en op de markt kunnen brengen. Programmamanager Realisatie Variant BCT Henri van der Heijden, hecht veel belang aan voldoende ‘input’ vanuit de markt en wil dit doen door leveranciers ruimschoots de kans te geven met mogelijke technische oplossingen te komen. Het ILT is er niet op uit om een technische oplossing af te dwingen, maar wil dit doen in ruim overleg met de sector, om zo een oplossing in de markt te plaatsen die voldoet voor alle betrokkenen.

kritisch

Werkgeversvereniging KNV is voorstander van invoering van een nieuwe BCT, en is daarom nauw betrokken bij het ILT project. Als verantwoordelijke binnen het KNV voor dit project, is beleidsadviseur Ton Hokken uiterst kritisch en komt op voor de leden. Wellicht is het grootste verschil met de huidige boordcomputer taxi dat de nieuwe techniek niet enkel over de BCT gaat. ILT heeft ook in de naamgeving zorgvuldig gekozen van een Centrale Database Taxivervoer (CDT). In de basis gaat de nieuwe techniek over veel meer dan rij- en rusttijden controle van taxichauffeurs.

We moeten helaas constateren dat de handhaving door ILT vanaf 2014 niet of nauwelijks heeft plaats gevonden.

Koninklijk Nederlands Vervoer

Gelet op de ervaringen bij de totstandkoming van de huidige BCT, ziet KNV zich genoodzaakt aan te geven wat wezenlijk is om het project tot een goed einde te brengen en ook wat momenteel hun zorgen er bij zijn. De introductie van de huidige BCT in 2014/2015 heeft veel te weeg gebracht en heeft enorme problemen en kosten voor de sector opgeleverd (zowel bij de invoering als daarna). Met name de hoge mate van beveiliging maakte de BCT en de manier waarop gewerkt kon worden complex. 

Ook werden gaandeweg het proces extra elementen onderdeel van het toenmalige project, waardoor vervoerders werden geconfronteerd met hoge kosten. Het duurde uiteindelijk veel langer voordat de BCT er was, het werd veel duurder en ingewikkelder en de handhaving op gebruik van de BCT en naleving arbeids- en rusttijden was erg beperkt. Het is zowel voor werkgevers als werknemers in de sector van belang dat de registratie, de controle en handhaving op de arbeids- en rusttijden op een juiste en effectieve wijze geschiedt. We moeten helaas constateren dat de handhaving door ILT vanaf 2014 niet of nauwelijks heeft plaats gevonden.

Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) werkt in dit project aan alles wat nodig is om de A&R-gegevens online te ontvangen en verder te verwerken. Denk hierbij aan werkprocessen, organisatie-inrichting, een centrale database en de technische verbindingen (interfaces) die nodig zijn voor de gegevensuitwisseling met de taxichauffeurs en -ondernemers, de registers van Kiwa, RDW en KVK en met de BCT Toezichttool.

Voor de nieuwe werkwijze is het ook nodig dat het ministerie aanpassingen doet in de wet. Ook wil ILT daarnaast ICT-dienstverleners stimuleren om producten en diensten te ontwikkelen, die taxichauffeurs en -ondernemers ondersteunen bij het registreren en aanleveren van A&R-gegevens.

Integrale controleactie wegtransport in Aalsmeer

Doel van de gezamenlijke actie was, naast het handhaven van de regels voor wegtransport, het uitwisselen van kennis en ervaring.

Onlangs hielden diverse handhavingsdiensten een integrale controleactie op wegtransport in Aalsmeer. Naast de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) waren ook de Dienst Infrastructuur van de Landelijke Eenheid, de Nederlandse Arbeidsinspectie en de Rijksdienst voor Wegverkeer (RDW) aanwezig. Ook keken er, vanuit de European Labour Authority (ELA), waarnemers uit Polen en Litouwen mee. Doel van de gezamenlijke actie was, naast het handhaven van de regels voor wegtransport, het uitwisselen van kennis en ervaring.

Controle

In totaal controleerden de handhavingsdiensten 28 voertuigen. Het betroffen zowel Nederlandse als buitenlandse vrachtwagens van binnen en buiten de Europese Unie. Iedere dienst zette daarbij zijn of haar eigen controlebevoegdheid in. Er werd onder andere gekeken naar rij- en rusttijden, tachograafgebruik, vervoersvergunningen, voertuigtechniek, lading- en beladingseisen, rijbewijzen en vakbekwaamheid, illegale tewerkstelling, loon, dienstbetrekking en detacheringsrichtlijn, malafide bedrijfsvoering en uitbuiting.

Er werd onder andere gekeken naar rij- en rusttijden, tachograafgebruik, vervoersvergunningen, voertuigtechniek, lading- en beladingseisen, rijbewijzen en vakbekwaamheid, illegale tewerkstelling, loon, dienstbetrekking en detacheringsrichtlijn, malafide bedrijfsvoering en uitbuiting.

Resultaten

Bij 12 van de 28 gecontroleerde voertuigen zijn overtredingen vastgesteld. De overtredingen bestonden uit voertuig-technische zaken (4), overbelading (1), lichte overtredingen met betrekking tot het gebruik van de tachograaf (8) en het niet aanwezig hebben van een vervoersvergunning (4). Voor deze overtredingen is proces-verbaal of een boeterapport opgemaakt. Naast de overtredingen is tijdens de actiedag vermoedelijk uitkeringsfraude vastgesteld. Daarnaast doet de Arbeidsinspectie naar aanleiding van de actiedag nog nader onderzoek naar twee bedrijven.

Handhavers in Europa werken samen

De actie werd in het kader van Roadpol, op verzoek van de ELA (European Labour Authority), georganiseerd door de Dienst Infrastructuur van de Landelijke Eenheid. Hierbij werken de handhavende instanties van EU-lidstaten samen aan een veilige, eerlijke, sociale en ecologisch duurzame wegtransportsector. Dat doen zij onder andere door harmonisering van de handhaving en kennisdeling, informatie-uitwisseling, training en opleiding. Vanuit de ECR (Euro Control Route) worden ook jaarlijks meerdere gezamenlijke controles op onder meer rij- en rusttijden, manipulatie van de tachograaf, vervoer gevaarlijke stoffen en de technische staat van voertuigen, aldus de Inspectie Leefomgeving en Transport

Gebruik hulpmotor vliegtuigen Schiphol moet omlaag

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft Schiphol de opdracht gegeven om, in samenwerking met andere sectorpartijen, vóór 1 maart 2023 met een actieplan te komen met concrete maatregelen om het APU gebruik in de praktijk te verminderen.

Vliegtuigen die op Schiphol geparkeerd staan, na aankomst of vertrek van een vlucht, gebruiken te vaak de ingebouwde hulpmotor van het vliegtuig. De zogenoemde auxiliary power unit (APU) werkt op kerosine en veroorzaakt schadelijke uitstoot als stikstof, zwavel en (ultra)fijnstof. Ook geeft de APU geluidsoverlast. Daarom moet de APU zo min mogelijk aan staan in het belang van gezonde werkomstandigheden voor platformmedewerkers. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft Schiphol de opdracht gegeven om, in samenwerking met andere sectorpartijen, vóór 1 maart 2023 met een actieplan te komen met concrete maatregelen om het APU gebruik in de praktijk te verminderen.

Het gebruik van de APU staat beschreven in het luchthavenverkeerbesluit Schiphol. Als een vliegtuig geparkeerd staat, heeft het energie nodig. Onder andere om te kunnen starten en voor elektriciteit en airconditioning aan boord. Vliegtuigen mogen de APU alleen gebruiken als er geen schonere alternatieven beschikbaar zijn, zoals een installatie voor de airconditioning (PCA), een vaste stroomaansluiting (Fixed Power Unit, FPU) of een mobiele stroomvoorziening (ground power unit, GPU). Bij bepaalde weersomstandigheden mag de APU worden ingezet, bijvoorbeeld bij zeer lage of hoge temperaturen; minder dan 5 of meer dan 25 graden Celsius.

In de periode van 10 maanden (oktober 2021 – juli 2022) controleerde de ILT 1.531 vliegtuigen. Conclusie: de APU wordt vaker ingezet dan schonere alternatieven. Bij eenderde van de geparkeerde vliegtuigen stond de hulpmotor aan. Een belangrijke reden hiervoor is een tekort aan alternatieve voorzieningen. 

Als een vliegtuig geparkeerd staat, heeft het energie nodig. Onder andere om te kunnen starten en voor elektriciteit en airconditioning aan boord.

Schiphol is verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van vaste stroomaansluitingen, aansluitpunten voor luchtzuiveringsinstallaties, zoals PCA’s en PCA-units op tenminste 61 platforms. Op dit moment zijn er te weinig van dit soort units, namelijk 39.

Grondafhandeling

De vaste stroomvoorzieningen (FPU) zijn voldoende aanwezig, maar deze zijn niet altijd operationeel. Schiphol heeft de verantwoordelijkheid voor de PCA-units naar de grondafhandelaren verlegd. Uit het onderzoek van de ILT blijkt dat dit systeem in de praktijk niet werkt. De ILT stelt ook vast dat als er alternatieve voorzieningen aanwezig zijn, deze te weinig worden gebruikt. 

Grondafhandelaren weten niet welke voorzieningen beschikbaar zijn en of deze operationeel zijn. De coördinatie tussen de aanwezige partners op een platform ontbreekt. De ILT heeft de resultaten van het onderzoek met grondafhandelaren, een aantal airlines en Schiphol besproken. De luchthaven zal samen met de sector het actieplan begin maart presenteren. In het plan verwacht de ILT concrete maatregelen met deadlines om de werkomstandigheden op het platform te verbeteren.

Geen geluidsoverschrijdingen bij regionale luchthavens

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) constateert dat er geen overschrijdingen zijn geweest bij de luchthavens in het afgelopen jaar.

Maastricht Aachen Airport (MAA), Rotterdam The Hague Airport (RTHA) en Lelystad Airport (LA) zijn in 2022 binnen de geluidsgrenzen gebleven. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) constateert dat er geen overschrijdingen zijn geweest bij de luchthavens in het afgelopen jaar. Voor alle regionale luchthavens (en luchtvaartmaatschappijen) in Nederland gelden geluidsnormen en regels voor het gebruik van de luchthaven. De ILT controleert of LA, MAA en RTHA zich aan geluidsnormen en regels houden en kan indien nodig sancties opleggen. Na afloop van ieder gebruiksjaar (periode 1 november tot en met 31 oktober) stelt de ILT per luchthaven een handhavingsrapportage op met de resultaten van haar toezicht.

Nieuwe invoergegevens

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft per 31 oktober 2022 nieuwe invoergegevens voor de geluidsberekeningen voor regionale luchthavens gepubliceerd. Hierdoor wordt het geluidsniveau van nieuwere types vliegtuigen beter meegenomen in de berekening en wijzigt het geluidniveau voor bestaande types niet. Deze wijziging geldt voor het gehele gebruiksjaar 2022. De luchthavens hebben deze nieuwe regels toegepast bij het opstellen van hun geluidsrapportages over 2022. De resultaten hiervan gebruikt de ILT  bij het opstellen van de handhavingsrapportages.

Lelystad

De geluidsnormen zijn in het gebruiksjaar 2022 niet overschreden. Ook heeft LA zich aan de regels voor de nacht gehouden.

Maastricht Aachen Airport

De grenswaarden voor de geluidbelasting in de handhavingspunten zijn niet overschreden. Dit jaar zijn minder vrachtvliegtuigen op de luchthaven geweest dan in het vorige gebruiksjaar. Op de luchthaven waren in totaal 5 vliegtuigbewegingen na 23:00 uur. De ILT heeft onderzocht en geconcludeerd dat deze vluchten onder de uitzonderingscategorieën van de Omzettingsregeling vielen. Hierdoor was er geen aanleiding om handhavend op te treden tegen overtreding hiervan.

Het toezicht op circuitvluchten is in dit gebruiksjaar niet uitgevoerd. Reden hiervoor is dat de ILT al een aantal jaren geen onrechtmatigheden aantreft bij het toezicht op circuitvluchten en dat er geen klachten zijn. Hierdoor is de prioriteit op dit toezicht laag. De ILT onderzocht 13 vluchten die van de vertrekroutes afweken. Deze vluchten weken slechts marginaal af van de vertrekroute of ze weken af door aanvullende instructies van de luchtverkeersleiding.

Rotterdam The Hague Airport

De geluidsnormen zijn niet overschreden. In september vorig jaar waarschuwde de ILT de luchthaven om een dreigende overschrijding van een geluidsnorm te voorkomen. Door maatregelen vanuit de luchthaven en als gevolg van de nieuwe invoergegevens voor de geluidsberekeningen is de geluidsbelasting binnen de norm gebleven. Er zijn 1.308 nachtvluchten op de luchthaven uitgevoerd. Dat zijn er 454 meer dan in het gebruiksjaar 2021. Van de 1.308 nachtvluchten waren 744 vluchten bedoeld voor een spoedeisende hulpverlening.

De ILT heeft 41 vluchten extra gecontroleerd op rechtmatigheid. Drie landingen tussen middernacht en 01:00 uur voldeden niet aan de uitzonderingsbepalingen van de regels voor de openingstijden. De ILT heeft hiervoor 2 waarschuwingsbrieven gestuurd aan zowel de luchtvaartmaatschappij als de luchthaven. Eén start na 23:00 uur voldeed niet aan de uitzonderingsbepalingen van de regels voor de openingstijden.

De ILT beoordeelde dit als een uitzonderlijke situatie en heeft om die reden geen nader onderzoek ingesteld. Er hebben 127 militaire vluchten op de luchthaven plaatsgevonden, waarvan 3 in de nacht. Op de luchthaven is incidenteel gebruik door militaire luchtvaartuigen toegestaan. De ILT heeft 112 afwijkingen van vertrekroutes onderzocht. In alle onderzochte gevallen waren de routeafwijkingen het gevolg van instructies van de luchtverkeersleiding voor een veilige vluchtuitvoering.  

ILT krijgt gelijk over export vieze brandstoffen

De ILT is in gesprek met oliebedrijven over de beleidsregel en start na deze uitspraak met de actieve handhaving van de Beleidsregel.

De rechtbank Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan in de zaak die 2 brandstofterminals hadden aangespannen tegen de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). De 2 bedrijven maakten bezwaar tegen de beleidsregel van de ILT die de export van vieze brandstoffen naar lage lonen-landen verbiedt. De rechter heeft dit bezwaar ongegrond verklaard en de ILT op alle punten in het gelijk gesteld.

“De ILT voelt zich door deze uitspraak gesteund in haar aanpak. Dit betekent dat er veel minder vieze brandstoffen vanuit Nederland naar bijvoorbeeld Afrikaanse landen kunnen worden geëxporteerd. De gevolgen daarvan zien we al in ons toezicht, de kwaliteit van de geëxporteerde brandstoffen is door de invoering van deze regel al aanzienlijk verbeterd. Maar we zijn er nog lang niet en daarom is het goed dat de rechter de ILT onlangs in het gelijk heeft gesteld en de beleidsregel gehandhaafd kan worden.”

ILT-directeur Opsporing en Toezicht, Karin Visser.

Nederland is het grootste exportland van lage kwaliteit brandstoffen naar West-Afrika.

Nederland is het grootste exportland van lage kwaliteit brandstoffen naar West-Afrika. Naar aanleiding van 3 ILT-onderzoeken heeft Nederland eigen verantwoordelijkheid genomen. De ILT spreekt de sector aan op de zorgplicht en stelde vorig jaar augustus een beleidsregel ‘Brandstoffen wegverkeer buiten Europa’ in. Kern van de beleidsregel is dat bedrijven zich inspannen om negatieve gevolgen van hun handelen voor de gezondheid van mens en milieu te voorkomen. Bedrijven mogen vanaf 1 april 2023 alleen nog brandstoffen voor wegverkeer produceren en exporteren met maximaal 50 ppm zwavel, 1% benzeen en 2mg/l mangaan.

De ILT is in gesprek met oliebedrijven over de beleidsregel en start na deze uitspraak met de actieve handhaving van de Beleidsregel. Het belang hiervan wordt extra onderstreept door het verzoek van UNEP en Afrikaanse ministers aan de Europese Commissie en de belangrijkste brandstof exporterende landen. Hierin vragen ze om de kwaliteit van de naar Afrika geëxporteerde brandstof voor 1 juli 2023 te verbeteren.  

ILT geeft 27 aanbieders fatbikes waarschuwing

Uit onderzoek bleek dat zij fatbikes die harder gaan dan 25 km per uur en/of een hoger vermogen hebben dan 250 Watt zonder goedkeuring aanbieden.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft onlangs 27 internetaanbieders van fatbikes (E-bikes met dikkere banden) een waarschuwing gegeven. Uit onderzoek bleek dat zij fatbikes die harder gaan dan 25 km per uur en/of een hoger vermogen hebben dan 250 Watt zonder goedkeuring aanbieden. Dergelijke fatbikes moeten over een typegoedkeuring beschikken. Dit staat los van de vraag wáár de consument de fatbike gaat gebruiken: op de openbare weg of op eigen terrein. Vanaf 1 december volgt een nieuwe inspectie. Internetaanbieders die deze fatbikes dan nog steeds zonder typegoedkeuring te koop aanbieden, riskeren een door de ILT opgelegde last onder dwangsom om een eind te maken aan de overtreding.

Onveilig en onverzekerd
Fatbikes die harder gaan dan 25 km per uur en/of een hoger vermogen dan 250 Watt hebben, komen steeds vaker voor in het straatbeeld. Dit heeft niet alleen negatieve gevolgen voor de verkeersveiligheid, maar ook voor de gebruiker zelf. Omdat deze fatbikes zonder typegoedkeuring verboden zijn op de openbare weg, is de gebruiker in overtreding en dus niet verzekerd.

De ILT constateert dat bijna alle internetaanbieders van fatbikes zonder typegoedkeuring wel degelijk op de hoogte zijn van de geldende regels. Onder bepaalde omstandigheden kunnen voertuigen voor de verkoop uitgezonderd zijn van de goedkeuringsplicht. Bijvoorbeeld als de fabrikant het voertuig niet heeft gemaakt om gebruikt te worden op de openbare weg. Daarom worden de fatbikes soms afgebeeld met disclaimers als ‘gebruik alleen op eigen terrein’ of ‘niet voor gebruik op de openbare weg’. Uit het onderzoek van de ILT blijkt echter dat in de meeste gevallen geen sprake is van zo’n uitzonderingssituatie. De fabrikant gebruikt dan weliswaar een disclaimer, maar uit andere aspecten blijkt dat de fatbike wel degelijk bedoeld is voor gebruik op de openbare weg.

Fatbikes die harder gaan dan 25 km per uur en/of een hoger vermogen dan 250 Watt hebben, komen steeds vaker voor in het straatbeeld.

Daarnaast ziet de ILT dat er diverse opvoersystemen voor fatbikes verkrijgbaar zijn. Het gaat dan om zowel fysieke als digitale opvoersystemen. De verkoop hiervan is niet verboden. Maar op de openbare weg fietsen met een fatbike voorzien van zo’n opvoersysteem is wel verboden.

Typegoedkeuring vereist
Fatbikes zijn tweewielers zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 in de EU Verordening 168/2013. Elektrische fietsen zijn uitgezonderd van deze wetgeving (artikel 2 lid 2h) als ze niet harder kunnen dan 25 km per uur en een vermogen hebben die lager is dan 250 Watt. Is dit niet het geval, dan moet de E-bike voldoen aan de EU Verordening 168/2013. Daarnaast moeten ze beschikken over een typegoedkeuring die door een goedkeuringsinstantie zoals de RDW is afgegeven. Zonder deze typegoedkeuring mag zo’n E-bike niet worden verkocht. De ILT ziet daar op toe. Daarnaast is het verboden om met de E-bike op de openbare weg te rijden; de politie handhaaft deze regel. 

Over het toezicht van de ILT
De ILT heeft een toezichttaak voor voertuigen die onder de criteria van EU Verordening 168/2013 vallen. De fabrikant bepaalt het gebruiksdoel van een E-bike, waarmee het automatisch onder een bijbehorend wetgevingsregime valt. Als de E-bike onder de EU Verordening 168/2013 valt dan houdt de ILT in de handelsfase toezicht of een product voldoet aan de wettelijke eisen.

Geen vergunning voor transporten met PFAS-afval

Afvaltransporten vanuit Nederland naar Indaver kunnen dan niet meer plaatsvinden.

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) geeft uit voorzorg geen vergunningen meer af voor transporten met PFAS-houdend afval dat bestemd is voor verwerking bij de Belgische afvalverwerker Indaver. Ook eerder afgegeven EVOA-kennisgevingen (Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen) worden ingetrokken door de ILT. Afvaltransporten vanuit Nederland naar Indaver kunnen dan niet meer plaatsvinden.

De ILT komt tot dit besluit nadat zij verschillende signalen uit het veld heeft ontvangen. Na aanvullend onderzoek is de ILT er niet van overtuigd dat het PFAS-houdend materiaal voldoende juist en doelmatig wordt verwerkt bij de Belgische afvalverwerker. Als PFAS houdend materiaal niet juist wordt verwerkt, kan dat risico’s met zich meebrengen voor mens en milieu. Daarom neemt de ILT uit voorzorg de beslissing om PFAS houdend afval niet meer te laten exporteren naar Indaver voor verwerking.

Correcte afvalverwerking

De ILT heeft vandaag de bedrijven geïnformeerd die een afgegeven vergunning hebben voor afvaltransporten met PFAS naar België. Zij hebben een brief gekregen met het voornemen om de vergunning in te trekken en kunnen hiertegen bezwaar maken. De ILT gaat ook aanvragen voor nieuwe vergunningen afwijzen totdat weer voldoende is aangetoond dat de verwerking juist en doelmatig is.

De betrokken bedrijven zijn als afvalproducent verantwoordelijk voor het vinden van een alternatieve verwerker en/of het veilig opslaan van dit afval. Het is aan de bedrijven om aan te tonen dat er sprake is van juiste en doelmatige afvalverwerking. Pas na het ontvangen van aanvullende informatie zal de ILT de besluiten heroverwegen.

Controle overbelading vrachtwagens

De inspectie richtte zich vooral op vervoerders van losse (grond)stoffen zoals zand, grond en grind, het zogenaamde kippervervoer.

De ILT controleert regelmatig op verschillende locaties in Nederland op overbelading van vrachtwagens. Onlangs controleerde de ILT op 3 locaties in de regio Limburg. De inspectie richtte zich vooral op vervoerders van losse (grond)stoffen zoals zand, grond en grind, het zogenaamde kippervervoer. Om oneerlijke concurrentie en schade aan wegen of bruggen te voorkomen en voor een betere verkeersveiligheid, is het belangrijk dat vrachtwagens niet te zwaar zijn beladen.

Meeste vrachtwagens goed beladen

Net als in 2021 hield de ILT onlangs 2 controledagen. Sander Bijkerk, inspecteur bij de ILT: “Dat er dit jaar 70 van de 85 gecontroleerde vrachtwagens correct waren beladen, vind ik wel een indicatie dat transportondernemingen het belang hiervan zien. Hetzelfde geldt voor de chauffeurs; een controle kost hun natuurlijk tijd. Maar ze weten ook dat te zware vrachtwagens schadelijk zijn voor het wegdek en de concurrentieverhoudingen binnen de sector.”

Overtredingen

De inspecteurs constateerden 8 overtredingen, waarvan zes i.v.m. overbelading. Eén vrachtwagen woog 80.850 kilo in plaats van de maximaal toegestane 50.000 kilo. De vrachtwagen was dus 61% te zwaar beladen. Deze vrachtwagen is direct stilgezet en mocht pas weer doorrijden nadat het teveel aan lading (30.850 kilo) was overgeladen op een lege vrachtwagen. Voor deze overtreding is een proces-verbaal opgemaakt. In een ander geval bleek de vrachtwagen op de trekas 31% te zwaar beladen te zijn; ook hiervoor is een proces-verbaal opgemaakt. Pas nadat de transportonderneming een andere trekker had laten komen en de lading aan deze trekker was gekoppeld, kon de lading door naar de ontvanger.

De ILT controleert regelmatig op verschillende locaties in Nederland op overbelading van vrachtwagens.

De overige overtredingen waren 2 chauffeurs die zonder geldige en verlopen Code 95 reden. Beiden mochten niet verder rijden; hun werkgevers stuurden een andere chauffeur om de vracht verder te vervoeren. Ook bleek bij één vrachtwagen de tachograaf kapot te zijn. Deze moet binnen 7 dagen zijn gerepareerd, anders krijgt de transportonderneming alsnog een proces-verbaal.

Sector gebaat bij naleving

De controles zijn onderdeel van het programma Slim en veilig goederenvervoer over de weg. Om een betere naleving van de regels te stimuleren, voert de ILT ook regelmatig gesprekken met transportondernemers en opdrachtgevers. Bijkerk: “Controles, waarschuwingen en handhavend optreden, leiden niet altijd tot een gedragsverandering. We merken dat het belang van op een juiste manier beladen duidelijker wordt zodra we hierover met de sector in gesprek gaan. Als alle partijen hun verantwoordelijkheid nemen, dan dragen ze zelf ook bij aan een gelijk speelveld in de transportsector. Inmiddels hebben meerdere opdrachtgevers een intentieverklaring getekend, waarmee ze aangeven zich te houden aan de wettelijk toegestane normen voor belading.”

Data-analyse vooraf

Voorafgaand aan de controledagen heeft de ILT de resultaten van vorig jaar en de weegbrugdata van diverse bedrijven in Limburg geanalyseerd. “Dankzij deze analyse – eigenlijk een vorm van digitale inspectie – konden we ter plekke gerichtere controles uitvoeren. Bedrijven die maatschappelijk verantwoord ondernemen en dus op een juiste manier hun voertuig beladen, laten we met rust. Maar voor bedrijven die hun vrachtwagens regelmatig te zwaar beladen, hadden we extra aandacht tijdens de controledagen”, aldus Sander Bijkerk inspecteur bij de ILT .

Grote verkeerscontrole in Den Haag

Medewerkers van de gemeente Den Haag gingen op pad met de politie, de brandweer, de HTM, het Openbaar Ministerie, de douane, Rijksbelastingdienst, NVWA, Stedin, Inspectie Leefomgeving en Transport en de brandweer om de problemen in het gebied aan te pakken.

Onlangs vond er een grote handhavingsactie (IHA) plaats in de levendige wijken Stationsbuurt en Rivierenbuurt in Den Haag. Naast de vondst en inbeslagname van wapens, shisha en drugs werd er onder andere voor 42.000 euro aan openstaande belastingen geïnd. Er ligt druk op de leefbaarheid en veiligheid van deze wijken door de aanwezige horeca en de prostitutiezone, ondermijning en de vele bezoekers die vanaf de stations naar het Centrum lopen. Er was tijdens de IHA volop aandacht voor zwartrijden, fout parkeren en misstanden in de horeca.

De gelijktijdige inzet van vele handhavingsdisciplines leverde ook deze IHA weer goede resultaten op. Medewerkers van de gemeente Den Haag gingen op pad met de politie, de brandweer, de HTM, het Openbaar Ministerie, de douane, Rijksbelastingdienst, NVWA, Stedin, Inspectie Leefomgeving en Transport en de brandweer om de problemen in het gebied aan te pakken. Vanwege de ligging van de wijken tussen de stations Hollands Spoor en Centraal sloot dit keer ook de NS aan. Medewerkers van de gemeente waren aanwezig voor het beantwoorden van vragen van bewoners. In totaal waren er meer dan 140 mensen op de been.

Veel boetes voor zwartrijders

Reizigers zonder geldig vervoersbewijs konden zowel in de trein als in de tram rekenen op een boete. Voor 45 treinreizigers werd het een duur ritje. Eén persoon werd een reisverbod opgelegd en bij een andere reiziger werd inbrekersgereedschap gevonden. Een persoon kon 4 boetes in ontvangst nemen, onder andere voor het niet tonen van een geldig legitimatiebewijs en het niet opvolgen van aanwijzingen. De HTM schreef maar liefst 98 keer een boete uit aan zwartrijders. Daarnaast werden 3 reizigers aangehouden voor het niet kunnen legitimeren en mocht er eentje mee naar het bureau voor het beledigen van een medewerker.

Station Hollands Spoor Den Haag.

Grote verkeersactie in de Rivierenbuurt

Tijdens een grote verkeerscontrole werden een aantal keer handelshoeveelheden softdrugs aangetroffen en zijn 2 wapens in beslag genomen. Het betrof een boksbeugel en een mes. Ook was er in 5 gevallen sprake van openstaande verkeersboetes. Bij 2 personen werd een openstaand signalement voor het afstaan van DNA geconstateerd. Zij hebben ter plekke DNA moeten afstaan. Bij een scootercontrole bleken er 3 bestuurders te hard te rijden en konden 3 personen hun rijbewijs niet laten zien. Twee bestuurders konden te voet verder in afwachting van de scooterkeuring.

De Rijkbelastingdienst inde 16.000 euro aan openstaande belastingen en legde beslag op vier auto’s die ter plekke werden afgevoerd. De totale openstaande schuld van de gecontroleerde personen betrof 100.000 euro. Het team van gemeentelijke belastingen was ook aanwezig en legde 13 keer beslag op een voertuig. In 8 gevallen kon de eigenaar de openstaande schuld meteen voldoen. Vier auto’s kregen een wielklem en eentje werd ter plekke weggesleept vanwege een grote hoeveelheid overtredingen waaronder het op naam hebben van 35 kentekens en 88 niet betaalde boetes. In totaal werd er voor een bedrag van 26.389 openstaande schuld geïnd.

Controles op parkeren

Een grote parkeercontrole leverde flinke resultaten. Er werden ruim 5300 auto’s gescand. Dit leverde 41 boetes voor fout parkeren en 131 naheffingen voor niet betaald parkeren op. Vijf personen hadden geluk, zij kregen slechts een waarschuwing. Ook werd tijdens de controle gekeken naar verkeerd gestalde scooters. Gemeentelijke handhavers spraken met bewoners over het voorkomen van onveilige situaties die ontstaan door foutparkeren op stoepen of hoeken, aldus de Gemeente Den Haag.

Controles op veilig taxivervoer voor speciale doelgroepen

In maart, april, mei en juni 2022 heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) controles uitgevoerd op veilig taxivervoer voor speciale doelgroepen. Tijdens 13 actiedagen door het hele land inspecteerde de ILT 193 rolstoelbussen en 26 busjes voor leerlingenvervoer. De inspectie constateerde in totaal 30 overtredingen: hier was sprake van geen of onjuist gebruik van de gordel en/of losliggende lading.

Rolstoel en gordel bevestigen

Bij het vervoeren van passagiers in rolstoelen is de chauffeur verantwoordelijk voor het veilig vastzetten van de rolstoel. Ook is de chauffeur verantwoordelijk voor het correct dragen van de veiligheidsgordel door leerlingen en rolstoelpassagiers. In de praktijk blijkt dit soms mis te gaan. De ILT constateerde bij 8 voertuigen dat de rolstoel of de gordel niet of niet goed bevestigd was. Hiervoor kregen de betreffende chauffeurs een waarschuwing.

Losliggende voorwerpen

Vaker ging het mis met de lading. De chauffeur moet ervoor zorgen dat alle bagage, lege scootmobielen, rolstoelen, rollators en ongebruikt vastzetmateriaal goed vastzitten. Dit om te voorkomen dat deze lading letsel veroorzaakt bij een noodstop of een aanrijding. Bij 22 van de gecontroleerde voertuigen lagen echter voorwerpen los in het voertuig. 18 chauffeurs kregen hiervoor een waarschuwing, 4 een proces-verbaal. De boete voor losliggende lading bij rolstoelvervoer is € 250 exclusief administratiekosten.

Zorgvuldigheid

De ILT houdt toezicht op de regelgeving voor het taxivervoer. Bij het taxivervoer voor speciale doelgroepen ligt de focus op de veiligheid van de passagiers. Tijdens de coronapandemie heeft de ILT minder intensief geïnspecteerd bij dit taxivervoer, vanwege de kwetsbaarheid van deze passagiers. Naar aanleiding van de controles in de afgelopen maanden, constateert de inspectie een stijging van overtredingen ten opzichte van eerdere jaren. De ILT vraagt chauffeurs om zorgvuldigheid, zodat ernstige gevolgen van ongelukken worden voorkomen.

Leerlingenvervoer

Samenwerking versterkt tussen PoR, PoA en ILT

De Rotterdamse en Amsterdamse havenbedrijven gaan meer inspecties uitvoeren voor een schonere zee. Ze doen dit in samenwerking met de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Onlangs tekende de ILT, Port of Rotterdam (PoR) en Port of Amsterdam (PoA) daarvoor een nieuwe samenwerkingsovereenkomst.

Meer inspecties

Komend jaar worden extra inspecteurs van de havenbedrijven opgeleid om specifieke voorwas- en zwavelinspecties te doen. Ze gaan onder meer controleren of tankschepen de regels op het gebied van voorwassen (pre-washes) van ladingtanks naleven. Deze inspecties worden al langer door het havenbedrijf Rotterdam gedaan, maar nu zijn ook in Amsterdam inspecteurs hiervoor opgeleid.

“Er ligt een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor ons mariene milieu. De ILT houdt toezicht op de nationale en internationale milieuregels, en kan de oren en ogen van de inspecteurs van onze grote havens hierbij goed gebruiken. Met elkaar zien we nu eenmaal méér. Zo nemen we samen de verantwoordelijkheid voor schonere schepen en havens en een gezonde leefomgeving.”

Inspecteur-generaal van de ILT Jan van den Bos.

Schonere zee

De drie deelnemende partijen werken al tien jaar nauw samen om de regels uit de Wet Voorkoming verontreiniging door Schepen (WVvS) te handhaven. De samenwerking verlaagt de toezichtlast voor rederijen én verbetert de inspecties. De intensivering van de samenwerking richt zich op nog meer informatie- en risico gestuurde werkwijzen en op onderwerpen die de bescherming van het zeemilieu ten goede komen. Denk aan nieuwe wetgeving rond het afgeven van waswater van paraffine-achtige stoffen en aan toezicht op schone scheepsdekken van schepen die laden en lossen in de haven zoals bij Tata Steel. Ook de nieuwe Europese richtlijnen over toezicht op scheepsafval en het zwavelgehalte in scheepsbrandstof wordt door de havenbedrijven mede uitgevoerd. Ze gaan schepen risico gestuurd selecteren voor inspecties en registreren de resultaten voortaan in een centrale Europese database.

Gezamenlijk toezichtplan

De samenwerkingsafspraken worden na het eerste pilotjaar verder uitgewerkt in een toezichtplan WVvS. De nu getekende overeenkomst op hoofdlijnen laat voldoende ruimte om de komende tijd bij te sturen. Zo moet blijken of de streefgetallen van het aantal inspecties haalbaar zijn, en kunnen de havenbedrijven ervaring op doen met hun nieuwe taken. Op de langere termijn kijken de havenbedrijven en de inspectie naar uitbreiding van de samenwerking op het gebied van de Wet vervoer gevaarlijk stoffen (Wvgs), aldus de Inspectie Leefomgeving en Transport.

Foto boven: Nieuwland Photography / Shutterstock.com

Haven Rotterdam

ILT geeft luchtvaartmaatschappijen flinke boetes

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) legt aan KLM, Cathay Pacific Airways en Singapore Airlines boetes op van respectievelijk € 40.100, € 11.800 en 22.400. Deze luchtvaartmaatschappijen betalen geannuleerde tickets niet terug aan gedupeerde passagiers die via het inmiddels failliete D-reizen hadden geboekt. Ze weigeren dat omdat de maatschappijen eerder de tickets al aan D-reizen hebben terugbetaald. Volgens de Europese Verordening passagiersrechten hebben passagiers recht op terugbetaling of omboeking als luchtvaartmaatschappijen een vlucht annuleert. Ook wanneer dat ticket is gekocht via een reisagent of tussenpersoon.

De ILT legt ook een last onder dwangsom op aan KLM. Omdat KLM passagiers, die via tussenpersonen hebben geboekt, niet rechtstreeks de keuze aanbiedt tussen terugbetaling binnen 7 dagen of een omboeking. KLM moet daarvoor haar website aanpassen en mag niet meer terugverwijzen naar de reisbemiddelaar. Het maakt namelijk niet uit waar de passagier het vliegticket kocht: bij de luchtvaartmaatschappij zelf of via een reisbemiddelaar. De luchtvaartmaatschappij blijft verantwoordelijk voor de terugbetaling.

KLM heeft een maand de tijd om aan de last te voldoen en moet de ILT daarna wekelijks informeren over de voortgang. Elke keer dat ILT constateert dat KLM niet voldoet, verbeurt een dwangsom die in totaal kan oplopen tot € 500.000.

Tijdens de coronapandemie is grote reisbemiddelaar D-reizen failliet gegaan. Vanwege het faillissement ontstond de situatie dat passagiers het geld voor een los ticket dat ze via D-reizen kochten, niet terugkregen. Op basis van de Europese verordening heeft de ILT aan de luchtvaartmaatschappijen aangegeven dat zij verantwoordelijk blijven voor de terugbetaling aan de passagier.

De ILT voerde in het najaar van 2021 inspecties uit en constateerde dat de terugbetaling van tickets beter verloopt wanneer de passagier rechtstreeks bij de luchtvaartmaatschappij heeft geboekt, tegenover boekingen via een reisagent. Als een passagier een los vliegticket via een reisagent koopt, moet de passagier ook bij de luchtvaartmaatschappij terecht kunnen voor terugbetaling of omboeking wanneer hij daar op grond van de passagiersrechtenverordening recht op heeft. Maatschappijen mogen hiervoor niet verwijzen naar de reisagent. In het rapport constateert de ILT dat een aantal maatschappijen stelselmatig deze regels overtreedt.

De ILT treedt handhavend op tegen luchtvaartmaatschappijen die niet voldoen aan de Europese verordening. Vorig jaar heeft de ILT betrokken luchtvaartmaatschappijen gemeld dat zij verantwoordelijk blijven voor de terugbetaling aan de passagier. In december 2021 is de Tweede Kamer gemeld dat de ILT voornemens tot boeteoplegging heeft verstuurd in het kader van het faillissement bij D-reizen. Aan KLM, Cathay Pacific Airways en Singapore Airlines heeft de ILT nu de definitieve boetebesluiten verzonden.

Lees ook: Verbetering omzet KLM geven reden tot optimisme

Branchevereniging KNV vóór nieuwe BCT variant

De nieuwe BCT variant is bedoeld voor de registratie van de arbeids- en rusttijden. Niet meer, niet minder.

De afgelopen twee jaar is richting ministerie en ILT door KNV kenbaar gemaakt welke uitgangspunten en voorwaarden van belang zijn bij de totstandkoming van een nieuwe BCT variant. In algemene zin is KNV overigens vóór een nieuwe BCT variant. Begin dit jaar is er een nieuwe projectleider bij ILT aangesteld die uitvoering moet geven aan de realisatie van de nieuwe BCT variant. De afgelopen jaren heeft ILT naar verschillende scenario’s gekeken.

De aanleiding voor de opdracht was tweeledig. Ten eerste kost het de ILT nu veel handwerk om gegevens over arbeids- en rusttijden uit de BCT’s te halen en te verwerken. Om uiteenlopende redenen gaat het ook nogal eens mis met het uitlezen, uploaden en verwerken van de BCT-bestanden. Daarnaast wil de staatssecretaris af van de BCT-kaarten die nodig zijn om de betrouwbaarheid van de gegevens te waarborgen. Deze kaarten zijn voorzien van beveiligingscertificaten die beperkt geldig zijn. Het periodiek grootschalig omwisselen van die kaarten is erg kostbaar.


realtime gegevens aanleveren bij de ILT, zonder dat een specifiek apparaat of app verplicht wordt gesteld

Het is de bedoeling dat de afspraken, werkwijzen, regelingen en (ICT-)voorzieningen in 2024 helemaal gereed zijn. Er geldt dan nog een overgangsperiode waarvoor de sector van de staatssecretaris tot 2028 de tijd heeft gekregen om over te stappen van de huidige BCT naar geschikte alternatieven.

open source

Het projectteam heeft aangegeven een soort prototype te ontwikkelen voor de nieuwe BCT software, deze te testen en de instructies en technische gegevens (inclusief de broncode) daarvan openbaar te maken. ILT is ook bereid om een aantal vervoerders te betrekken bij het testen, onder de voorwaarden dat de informatievoorziening voor iedereen gelijk is, zodat vervoerders die meedoen aan het testen er geen voordeel van hebben.

Een zekere standaardisatie voor een nieuwe BCT variant is nodig, maar niet alles moet tot in detail voorgeschreven worden. Een vervoerder moet zelf kunnen kiezen op welke wijze de arbeids- en rusttijden aangeleverd worden. Wel moeten de gegevens online en bijna realtime aangeleverd worden bij ILT. Betrouwbaarheid van de aan te leveren gegevens is belangrijk, maar moet niet zo kostenverhogend werken als nu het geval is en niet leiden tot extra administratieve lasten.

handhaving

De markt voor leveranciers die het mogelijk maken data aan te leveren bij ILT moet open zijn en mag zich dus niet beperken tot een maximaal aantal partijen. Het stellen van eisen aan leveranciers, hetgeen zij ontwikkelen en een zekere certificering daarvan is wel van belang. Sinds de invoering van de huidige BCT is er niet tot nauwelijks gecontroleerd op naleving van arbeids- en rusttijden. Naast deskhandhaving, zal er in de consumentenmarkt ook altijd handhaving op straat moeten zijn. Daarnaast moet ILT ook gegevens delen met andere handhavingspartijen en is een sluitende samenwerking met Sociaal Fonds Mobiliteit van belang, aangezien ook zij een rol hebben in het toezicht op naleving van arbeids- en rusttijden en gegevens van de huidige BCT gebruiken bij de Cao controles.


Taxichauffeurs beboet door Inspectie Leefomgeving en Transport

Afgelopen vrijdag hielden de ILT en Koninklijke Marechaussee een taxi- en buscontrole op Schiphol. Dit resulteerde in diverse waarschuwingen en overtredingen. Opvallend toch weer twee taxichauffeurs die werk verrichtten zonder vergunning en zo taxivervoer aanbieden. De inspecteurs moesten 3 keer een bevel geven tot het staken van de arbeid en één keer voor het onrechtmatig rijden op BSN.

Controles vinden met regelmaat plaats in de buurt van de nationale en regionale luchthavens. Wie zijn zaken niet op orde heeft kan dan een bevel krijgen tot staken van de werkzaamheden of een boete voor andere overtredingen, waarbij het missen van de noodzakelijke vergunning vaak in beeld is. Afgelopen week zijn er op 3 stations, Zwolle, Deventer en Apeldoorn, 14 taxi’s gecontroleerd. Hierbij reed 1 chauffeur onterecht op BSN. Ook was er 2x waarschuwing dagelijkse rust en 1x waarschuwing gladde band.

overtredingen

Alle taxi’s in Nederland moeten zijn voorzien van een boordcomputer taxi (BCT). De ILT controleert onder andere op de aanwezigheid en gebruik van een BCT. Ook controleert de ILT of de betreffende chauffeur tijdens zijn werk gebruik maakt van een geldige chauffeurskaart. De chauffeurskaart is persoonlijk en mag niet door een andere chauffeur worden gebruikt.

De inspecteur kan besluiten een boete uit te schrijven als de chauffeur niet in het bezit is van een geldige vergunning, een geactiveerde en goedgekeurde BCT, een registratie van ritten in de BCT. Andere voorkomende overtredingen zijn het missen van een geldige chauffeurskaart of rijden op Burgerservicenummer (BSN), geen goedgekeurde taxameter of de taxi-informatiekaart niet zichtbaar.

Marechaussee

snorders

Het aanbieden en verrichten van taxivervoer zonder vergunning is niet toegestaan. Illegaal taxivervoer wordt in de volksmond een ‘snorder’ genoemd, of ‘zwarte taxi’. Aanbieders van illegale taxidiensten lopen het risico op hoge boetes. De maximale boete is € 4.400. Daarnaast krijgen zij een Last onder Dwangsom (LOD) opgelegd. Bij herhaling moeten zij een dwangsom van € 10.000 per keer betalen. Mensen die zich laten vervoeren door een illegale taxi lopen verschillende risico’s. Zo is een snorder niet verzekerd bij vervoer van personen. Bovendien weet je als klant vaak niet bij wie je instapt en of het voertuig veilig is. Illegale taxi’s vormen daarnaast oneerlijke concurrentie voor legale taxibedrijven en -chauffeurs. Passagiers van snorders zijn (nog) niet strafbaar.

Passagiers kunnen snorders aan een aantal kenmerken herkennen. Zo hebben ze geen chauffeurskaart, boordcomputer of blauw kenteken op hun auto. En meestal bieden deze illegale chauffeurs de taxiritten goedkoper aan dan legale taxichauffeurs. Ook het faciliteren van illegaal taxivervoer is niet toegestaan. Dat geldt bijvoorbeeld voor horecaondernemers die illegale taxi’s regelen voor hun klanten. In geval van signalen over het faciliteren van illegaal taxivervoer wijzen de gemeente en de ILT de horecaondernemers zowel mondeling als schriftelijk op de consequenties hiervan (wet BIBOB).

Lees ook: Taxi-toezicht moet makkelijker worden

Sinds de pandemie steeds meer mis met pakketvervoer

Aandacht voor het verhaal van Ester Boogaard, inspecteur bij de Inspectie Leefomgeving en Transport. Zij vertelt over de nachtinspecties die de ILT in 2021 uitvoerde op pakketvervoer van en naar depots. Deze gezamenlijke acties worden in TIEC-verband (Transport Informatie en Expertise Centrum) uitgevoerd en richten zich op het terugdringen van misstanden in de transportsector. 

Het is 11 uur ’s avonds, op een industrieterrein waar de vrachtwagens vol pakketten af en aan rijden. Bij het depot komen een aantal auto’s aan. Van de politie, Nederlandse Arbeidsinspectie en Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). ILT-inspecteur Ester Boogaard kondigt op het depot de inspectie aan. Zij en de 14 andere handhavers hebben een lange nacht voor de boeg.

“De ILT voerde in 2021 nachtinspecties uit op pakketvervoer van en naar depots. Deze gezamenlijke acties worden in TIEC-verband (Transport Informatie en Expertise Centrum) uitgevoerd en richten zich op het terugdringen van misstanden in de transportsector.”

ILT-inspecteur Ester Boogaard

not amused

We starten met een briefing om 22.00 uur. Daarna rijden we naar het depot. Ik kom binnen en meld dat we een inspectie uit gaan voeren. De reacties daarop zijn wisselend. Soms vinden de mensen het prima en andere keren zijn ze not amused. Vervolgens gaat het heel snel. We zetten de auto’s waarmee we zijn gekomen voor de vrachtwagens. De Nederlandse Arbeidsinspectie stelt vragen aan de chauffeurs, de ILT en politie controleren onder andere op vergunningen en rij- en rusttijden. Op zo’n moment kunnen we een proces-verbaal of boeterapport opmaken. Soms mogen chauffeurs niet verder rijden. Er gebeurt echt van alles. We starten om 22.00 uur en gaan door tot 03.00 uur. Zo krijg je een goed beeld van wat er allemaal gebeurt tijdens een nacht. Gelukkig krijgen we meestal wel koffie!”, aldus Ester.

Juist ’s nachts gaat er veel mis.

“Door de bestuurderskaarten uit te lezen, controleren we de rij- en rusttijden. Zeker dat laatste gaat vaak fout. Soms is er zelfs geen bestuurderskaart. Of rijden chauffeurs op andermans kaart om zo meer uren te kunnen maken. Dan is die controle al snel klaar. Er volgt een boeterapport. Verder hebben transportondernemingen een vergunning nodig om beroepsvervoer uit te voeren en is er een eis van dienstbetrekking. Dat is een soort werkgeversverklaring. Een chauffeur moet namelijk in loondienst zijn. Al deze regels zijn niet alleen belangrijk om oneerlijke concurrentie te voorkomen, maar zorgen ook voor veiligheid op de weg. We controleren de depots van 4 grote postbedrijven, maar kijken vooral naar de onderaannemers en alle lagen die daaronder zitten. Daar gaat het vaak mis.”

Lees het volledige verhaal hier. Werkzaam in de koeriersbranche? Bekijk aan welke regels u zich moet houden.

Lees ook: ILT waarschuwt passagier voor het vervallen van claim

“we bestellen natuurlijk met z’n allen veel meer. Daardoor zijn er meer koeriersbedrijven opgestart.”

Niet elke koerier fraudeert bewust


ILT: “Taxi-toezicht moet makkelijker worden”

De ILT houdt toezicht op het taxivervoer. Doel hiervan is bij te dragen aan veilig taxivervoer en een eerlijke concurrentie in de taximarkt.  De ILT richt zich voor een belangrijk deel op de naleving van de arbeids- en rusttijden. Dit gebeurt momenteel op basis van gegevens die worden geregistreerd door de Boordcomputer Taxi (BCT). Die moet in elk taxivoertuig zijn geplaatst. Het verkrijgen en verwerken van die gegevens kan en moet echter beter.

En dat is de opdracht waar het project Realisatie Variant BCT voor staat. Projectleider Henri van der Heijden vertelt over de achtergronden en de voortgang van dit project. De opdracht voor de ILT is simpel, zoek naar kaartloze alternatieven voor de BCT. In voorgaande jaren heeft de ILT onderzoek gedaan naar verschillende scenario’s. Daaruit kwam een voorkeursvariant: Gegevens Centraal. 

Staatssecretaris wil af van BCT-kaarten

“In dit scenario is niet een specifieke app of apparaat verplicht, maar wel de wijze en frequentie waarop taxiondernemingen hun A&R-gegevens aanleveren. Dat is positief voor de taxiondernemer, want alternatieven voor de BCT, zoals een app die draait op een smartphone, zijn waarschijnlijk goedkoper.”

Henri van der Heijden

Meerdere doelstellingen

“In dit project werken we aan alles wat nodig is om de A&R-gegevens online te ontvangen en verder te verwerken. Denk hierbij aan werkprocessen, organisatie-inrichting, een centrale database en de technische verbindingen (interfaces) die nodig zijn voor de gegevensuitwisseling met de taxichauffeurs en ondernemers, de registers van Kiwa, RDW en KVK en met de BCT Toezichttool. Voor de nieuwe werkwijze is het ook nodig dat het ministerie aanpassingen doet in de wet. We willen daarnaast ICT-dienstverleners stimuleren om producten en diensten te ontwikkelen, die taxichauffeurs en -ondernemers ondersteunen bij het registreren en aanleveren van A&R-gegevens.”

Verschuiving

“Het is de bedoeling dat met het nieuwe systeem de inspecteurs minder tijd kwijt zijn met het verkrijgen van gegevens. Zo kunnen ze zich richten op het controleren van gegevens en risicogestuurd optreden. Ik denk ook dat de inspecteurs in het veld daardoor meer tijd en aandacht kunnen besteden aan de ritten die taxichauffeurs niet hebben aangemeld. Dat maakt dat we met dezelfde capaciteit meer effect bereiken in het taxitoezicht.

Uitdaging

“Een uitdaging bij dit project is het zorgen voor voldoende draagvlak bij de tientallen betrokken en belanghebbende partijen. We willen een oplossing die ons helpt om ons toezicht te verbeteren en de taxibranche tegelijkertijd minder rompslomp en geld kost.”

Overgangsperiode

Het is de bedoeling dat de afspraken, werkwijzen, regelingen en (ICT-)voorzieningen in 2024 helemaal gereed zijn. Er geldt dan nog een overgangsperiode; de sector heeft van de staatssecretaris tot 2028 de tijd gekregen om over te stappen van de BCT naar geschikte alternatieven. 

Onze inspanningen zijn erop gericht om taxiondernemers te bewegen om vroegtijdig over te stappen. Hoe sneller we het toezicht kunnen verbeteren, hoe sneller dat bijdraagt aan veilig taxivervoer en een eerlijke concurrentie in de taximarkt”.  

Bron: ILT

Lees ook: Het einde van een tijdperk taxi boordcomputer