Categorie archieven: Wetgeving

Geen bunkers of schuilkelders in Nederland

sinds 1986 geen wetgeving en beleid meer is voor burgerbescherming in tijden van oorlog of crisis.

In deze oorlogstijden blijft mobiliteit niet vanzelfsprekend want wanneer de sirene gaat, dreigt er acuut gevaar. Op elke eerste maandag van de maand om 12.00 uur test uw gemeente of de sirene werkt. Dat zijn we zo gewoon dat we er niet meer van opkijken. Maar de oorlogsdreiging is niet ver weg en wat doe je wanneer de sirene gaat op een anders tijdstip?

Er zijn in Nederland geen bunkers of schuilplekken voor de bevolking, voor het geval we betrokken raken bij een groot gewapend conflict. Dat is het gevolg van de afschaffing van de Wet Burgerbescherming in 1986. Maar de afwezigheid ervan ontslaat de regering niet van haar plicht om burgers te beschermen in tijden van oorlog of crisis. En hier ook al preventief voorzorgsmaatregelen voor te treffen, zegt advocaat en strafrechtdeskundige Geert Jan Knoops kritisch.

Als je de sirene hoort, is er mogelijk sprake van gevaarlijke stoffen. Ga daarom zo snel mogelijk naar binnen en sluit alle ramen, deuren, roosters en andere openingen. Maar wat doe je wanneer niet als in de Oekraïne de sirene afgaat? Binnen is de kans op gevaar het kleinst. Dat geldt voor iedereen. Een schuilkelder is dan in de meeste gevallen de uitkomt. Knoops verbaast zich erover dat er sinds 1986 geen wetgeving en beleid meer is voor burgerbescherming in tijden van oorlog of crisis. Knoops wijst erop dat er sinds 2004 verschillende zaken zijn geweest waarin de overheid werd aangesproken op het niet beschermen van burgers in een oorlogs- of crisissituatie.

“Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft in verschillende uitspraken aangegeven dat de burger op basis van het mensenrechtenverdrag een zogenaamd positieve plicht kan ontlenen aan de staat, om te voorkomen dat het leven in gevaar komt. Dat gaat vrij ver.”

Geert Jan Knoops – advocaat en strafrechtdeskundige
Het aantal vluchtelingen uit Oekraïne is drastisch toegenomen

Het lastige is volgens advocaat Knoops dat we ons rampen en conflicten moeilijk voor kunnen stellen. “Een vuile bom, een aanslag, een nucleair ongeluk of oorlog, het lijkt allemaal ver weg”, zegt hij. Toch is de dreiging dichterbij dan gedacht. Wie had immersvorig jaar kunnen denken dat we vandaag te maken zouden hebben met de directe gevolgen van een oorlog amper op een afstand van 1500 kilometers bij ons vandaan.

Finland daarentegen bereidt zich al tientallen jaren voor op mogelijke agressie door buurland Rusland. En met de oorlog in Oekraïne is dat alleen maar dichterbij gekomen. De hoofdstad Helsinki heeft bijvoorbeeld zoveel schuilkelders, dat alle inwoners van de stad er dagenlang zouden kunnen schuilen. Veel van de bunkers worden in het dagelijks leven gebruikt voor andere functies.

niet schrikken

Iedere eerste maandag van de maand om 12.00 uur worden de sirenes in Nederland getest. De maandelijkse test wordt deze keer ook in het Engels, Oekraïens en Russisch aangekondigd, zodat Oekraïense vluchtelingen niet opschrikken als de sirenes op maandag 4 april loeien.

Lees ook : Taxibedrijven helpen vluchtelingen uit Oekraïne

Toename verkeersveiligheid door registratieplicht

De registratieplicht voor (land)bouwvoertuigen, draagt bij aan het verhogen van de verkeersveiligheid. “Veiliger op de weg, meer toezicht op de technische staat van deze voertuigen en minder diefstal”, somt Paul Broer, landelijk projectleider Infrastructuur bij de politie de voordelen op.

De toename in verkeersveiligheid begint bij nieuwe voertuigen. Trekkers en getrokken materieel moesten al langer voldoen aan Europese veiligheids- en duurzaamheidsregels. Ook voor mobiele machines, zoals oogstmachines en andere grote machines die in de bouw, logistiek, recreatie, land- en tuinbouw worden gebruikt, gelden nu soortgelijke regels. Bovendien moeten nieuwe (land)bouwvoertuigen al sinds 1 januari 2021 worden geregistreerd en voorzien van een kentekenplaat. Paul Broer: “Mede door die registratie kan de politie ook beter controleren of het voertuig aan alle regels voldoet.” Bovendien zorgt de verplichte registratie ervoor dat de veiligheid van de Nederlandse voertuigen wordt gewaarborgd. Zo kan de RDW bij inschrijving in het register controleren of elk voertuig is voorzien van een typegoedkeuring of individuele keuring. Zodoende komen nog alleen veilige voertuigen de markt op.

Verkeersveiligheid

Alle trekkers, rijdende werktuigen (motorrijtuigen met beperkte snelheid of MMBS’en) die voor 1 januari 2021 in gebruik zijn genomen, mogen vanaf 1 januari 2022 alleen nog de weg op als ze zijn geregistreerd. Registreren kan online via www.rdw.nl/registreren. Onder de categorie MMBS vallen naast de rijdende werktuigen ook omgekeurde auto’s en vrachtauto’s. Omgekeurde auto’s kunnen dit jaar nog worden geregistreerd. Dat zijn personenvoertuigen en bedrijfswagens die door een technische ingreep nog maar 25 km/u kunnen rijden.

“Omdat dit soort voertuigen met een veel lagere snelheid aan het verkeer deelnemen, kan dit voor onveilige situaties zorgen. Volgens de nieuwe regels kunnen er vanaf 1 januari geen nieuwe omgekeurde voertuigen meer bij komen.”

Paul Broer, landelijk projectleider Infrastructuur bij de politie.

APK-plicht

Trekkers die harder kunnen rijden dan 40 km/u zijn vanaf mei 2021 APK-plichtig. Vier jaar na de datum eerste toelating moet een snelle trekker op voor zijn eerste APK. Toezicht op de technische staat van deze voertuigen zorgt voor veiliger voertuigen. Daarnaast maakt de registratieplicht ook een snelheidsverhoging mogelijk voor voertuigen die sneller kunnen rijden.

“Hoe gek dat ook klinkt: dat deze voertuigen sneller mogen rijden, zal ook bijdragen aan meer verkeersveiligheid. Denk maar eens aan gevaarlijke situaties die soms ontstaan door het inhalen van een langzaam rijdend voertuig. Doordat deze voertuigen sneller mogen, zal dat minder vaak aan de orde zijn. Maar tegelijkertijd vraagt een hogere snelheid ook meer alertheid van de bestuurder.”

Paul Broer, landelijk projectleider Infrastructuur bij de politie.

Verwachte afname diefstal

De registratieplicht maakt ook duidelijk wie de eigenaar van het voertuig is. Een trekker of MMBS rijdt dus niet meer anoniem rond. Niet alleen zal de bestuurder zich daardoor netter gedragen in het verkeer, maar ook is er altijd iemand aansprakelijk te stellen bij schade of overtredingen. Bovendien geeft het kenteken via het RDW-register zicht op de eisen en voorwaarden waaraan het voertuig moet voldoen en waardoor het ook controleerbaar is of het voertuig het juiste kenteken voert.

“Door het kenteken zal diefstal en heling van deze voertuigen hoogstwaarschijnlijk afnemen. In het verleden werden veel trekkers gestolen. Die waren makkelijk te verkopen, omdat het lastig was te achterhalen of ze waren gestolen. Dat kan nu wel. Trekkers die als gestolen staan geregistreerd, kunnen niet op naam van een andere eigenaar worden overgeschreven.”

Paul Broer, landelijk projectleider Infrastructuur bij de politie.

Lees ook: DHL Parcel zet verder in op duurzaam transport

De registratieplicht voor (land)bouwvoertuigen draagt bij aan het verhogen van de verkeersveiligheid.

Coalitieakkoord, de effecten voor onze mobiliteit

Het kabinet wil de uitstoot in de mobiliteitssector fors omlaag brengen. In deze sector is de uitstoot sinds 1990 het minste afgenomen. Inclusief luchtvaart en scheepvaart is deze zelfs toegenomen. De uitstoot terugdringen is nodig om de klimaatdoelen te kunnen halen, maar ook om de luchtkwaliteit te verbeteren.

Binnen het coalitieakkoord wil blijven men investeren in schone mobiliteit vanwege het klimaat, maar ook voor de verbetering van de luchtkwaliteit in de steden. Elektrisch vervoer wordt gestimuleerd; ook de tweedehandsmarkt. Overstimulering wordt voorkomen. Ook duurzame stadslogistiek en vrachtverkeer krijgen ondersteuning. De uitrol van laadinfrastructuur wordt versneld. Bijmenging van duurzame biobrandstoffen wordt gestimuleerd.

synthetische kerosine

De coalitie wil afspraken maken met het bedrijfsleven en overheden over het stimuleren van thuiswerken. Daarnaast zetten ze in op het verder verduurzamen van vliegtuigbrandstoffen. Om de lucht- en scheepvaart te vergroenen, investeren ze in de ontwikkeling en productie in Nederland van o.a. synthetische kerosine. Nederland kan daarin een voorloper zijn.

Sigrid Kaag (D66)

Het nieuwe kabinet wil de voorstellen van de Europese Commissie voor een belasting op kerosine op EU-niveau ondersteunen. Eveneens ondersteunen ze de voorstellen over de vergroening van de scheepvaart. De Nederlandse inzet is daarbij om weglekeffecten zoveel mogelijk te voorkomen. De beschikbaarheid van walstroom voor schepen wordt verder uitgebreid.

emissieloos

Het streven is dat uiterlijk in 2030 alle nieuwe auto’s emissieloos zijn. In 2030 introduceert het kabinet een systeem van ‘Betalen naar Gebruik’ voor alle automobiliteit en stellen in deze kabinetsperiode wetgeving vast. Basis voor het systeem is de motorrijtuigenbelasting, waarvan het tarief afhankelijk wordt gemaakt van het jaarlijks verreden aantal kilometers. De heffing is niet tijd- en plaatsgebonden en vervangt de dan nog bestaande tol-tracés, zoals de Westerscheldetunnel, de Kiltunnel en de voorgenomen doorgetrokken A15. Dit betekent dat gebruikers van elektrische en fossiele auto’s beiden gaan meebetalen aan het weggebruik.

Het kabinet zet de voorstellen voor verduurzaming uit de Luchtvaartnota 2020-2050 “Verantwoord vliegen naar 2050” (2020) door, waaronder emissie plafonds per luchthaven. Ze verhogen de vliegticketbelasting waarbij de opbrengst deels gebruikt wordt voor de verduurzaming van de luchtvaart en vermindering van leefomgevingseffecten.

Lees ook: Kabinet breidt coronasteun voor taxiondernemers uit

Gert Jan Segers

Etnisch profileren op basis van kenteken bij controle

Waarschijnlijk heb je de de marechaussees wel eens gezien op Eindhoven Airport. De Marechaussee controleert het toezicht op de buitengrenzen, handhaven de openbare orde, treden op bij calamiteiten en verstrekken nooddocumenten. Daarnaast treden ze ook vaak in de directe omgeving van de luchthaven op bij controles op de toeganswegen van en naar de luchthaven. 

De Marechaussee helpt, controleert en signaleert. De Marechaussee werkt hiervoor onder meer samen met de Douane en FIOD. Als de Marechaussee afwijkend gedrag of een verdachte situatie ziet, dan moeten zij overgaan tot controle. De burger wordt onder andere gevraagd zich te legitimeren. Proactief controleren doet de Marechaussee op basis van ervaring en professionele intuïtie, maar zij moeten de keuze voor hun controle ook objectief kunnen onderbouwen.

“De Koninklijke Marechaussee waakt over de veiligheid van de Staat. In Nederland en ver daarbuiten. Ze wordt wereldwijd ingezet op plaatsen van strategisch belang. Van de Koninklijke paleizen tot aan de buitengrenzen van Europa. Van luchthavens in Nederland tot oorlogs- en crisisgebieden overal ter wereld. De Koninklijke Marechaussee is veelzijdig inzetbaar voor veiligheid, juist als het erop aankomt.”

kenteken

Bij die controles die met regelmaat uitgevoerd worden door de Marechaussee langs de wegen rond de Eindhovense luchthaven zien we vaak dat Poolse, Roemeense, Hongaarse en Bulgaarse kentekens er systematisch worden uitgepikt. Geen discrimantie want een Nederlandse rechter heeft recentelijk bepaald dat de Marechaussee gebruik mag maken van etnische profilering en dat dit niet per definitie wordt gezien als discriminatie. De Raad van Europa is er niet over te spreken dat Nederland discriminatie op deze manier normaliseert, daarom schreven zij hierover een brief aan ministers Ollongren en Grapperhaus. Zolang etniciteit niet de enige reden is voor extra controles, is het geen discriminatie, zo stelt de rechter.

etnisch profileren

Etnisch profileren is het gebruik door de politie van criteria of overwegingen omtrent ras, huidskleur, etniciteit, nationaliteit, taal en religie bij opsporing en rechtshandhaving zowel op operationeel als organisatorisch niveau terwijl daarvoor geen objectieve rechtvaardiging bestaat. Het is verwerpelijk  en staat ter discussie. Bij etnisch profileren draait het om disproportioneel vaak staande houden van burgers op grond van hun zichtbare etnische achtergrond.

Lees ook: Werk voor snorders in taxisector krabbelt terug op

Regels met betrekking tot alcohol en verkeer

Je ziet het steeds vaker voorbij komen in het nieuws, ongelukken op de weg door gebruik van alcohol, bepaalde medicijnen of verdovende middelen. Het zal je maar gebeuren dat jij of iemand van je familie wordt aangereden door een persoon die met alcohol achter het stuur zit. Alcohol, drugs en bepaalde medicijnen gaan niet samen met het verkeer. Weten we eigenlijk wel wat de officiële regels zijn met betrekking tot de hoeveelheid alcohol en rijden in het verkeer of doen we maar wat? We kennen het allemaal we hebben ergens een feestje of een gezellig samen zijn en de drank vloeit rijkelijk, voordat je het weet heb je al heel wat drank achter de kiezen.

Je pakt in plaats van de auto de fiets of de scooter en rijdt hiermee naar huis. We denken misschien dat we onder invloed van alcohol wel op de fiets of scooter mogen rijden maar dat is dus absoluut niet zo. Het is verboden een voertuig, dus ook een fiets of brommer te besturen onder invloed van alcohol, drugs en bepaalde medicijnen. Rijden onder invloed van alcohol, drugs of bepaalde medicijnen is een misdrijf. De straffen voor rijden onder invloed kunnen variëren van een geldboete, rijverbod, ontzegging van de rijbevoegdheid tot zelfs een gevangenisstraf. Daarnaast kun je ook een educatieve maatregel krijgen of kan er een geschiktheidsonderzoek worden opgelegd. Je krijgt altijd een strafblad voor rijden onder invloed.

De regels met betrekking tot rijden onder invloed verschillen wanneer je een ervaren of een beginnend bestuurder bent. Je mag niet rijden met meer dan 0,5 promille alcohol in je bloed als je een ervaren bestuurder bent. Je bent een ervaren bestuurder als je meer dan vijf jaar je rijbewijs hebt. Als je een beginnend bestuurder bent mag je niet meer dan 0,2 promille alcohol in je bloed hebben. Je bent 7 jaar een beginnend bestuurder als je je rijbewijs op 16-jarige leeftijd hebt gehaald. Als je je rijbewijs op 17- of 18-jarige leeftijd hebt gehaald dan ben je 5 jaar beginnend bestuurder. Verzekeringen verhalen de schade die toegebracht is aan de tegenpartij van een ongelijk bij rijden onder invloed vaak op degene die gedronken heeft. Een verzekering kan ook je autoverzekering beëindigen als je onder invloed een ongeluk hebt veroorzaakt.

Lees ook:Travel Electric maakt opnieuw doorstart

Illegaal afvaltransport steeds moeilijker

Sinds 2012 bestaat er al een samenwerkingsovereenkomst tussen Nederland en Duitsland rond de controles op illegaal afvaltransport. De samenwerkingsovereenkomst is inmiddels weer geactualiseerd en opnieuw ondertekend. Deze samenwerking is er om grensoverschrijdende milieucriminaliteit te voorkomen en de daaruit voortvloeiende schade voor milieu en mens te voorkomen. Je kunt dus niet zomaar afval de grens overbrengen naar een ander EU-lidstaat. Als je afval de grens over wilt brengen dan moet je je aan Europese voorschriften houden en heb je een vergunning nodig. Deze voorschriften staan beschreven in de Europese Verordening Overbrengen Afvalstoffen (EVOA). Het afvaltransport moet ook tijdig worden aangemeld, de lading van dit transport wordt dan gecontroleerd door de Duitse politie of de ILT. Er wordt gekeken of de vergunning van dit transport overeenkomt met de lading.

“In het verleden werkten we al nauw samen met onze Duitse partners om milieucriminaliteit tegen te gaan. Als gevolg van de coronamaatregelen was het niet gemakkelijk om intensief samen te werken. Met de overeenkomst starten we een nieuwe fase. We delen beschikbare informatie en zetten samen inspecties op touw, zodat de naleving in het grensgebied wordt verbeterd. Het is belangrijk dat stoffen op de juiste manier worden verwerkt of verhandeld om te voorkomen dat ze terechtkomen op plekken waar ze niet thuishoren. Bijvoorbeeld bij een illegale dumping op of in de bodem en waarmee de leefomgeving onnodig wordt vervuild.”

Senior inspecteur Koos Kasemir van de ILT.

Onlangs hebben de Inspectie Leefomgeving en Transport en de Duitse politie diverse afvaltransporten gecontroleerd over de Duits-Nederlandse grens. Tijdens deze controle zijn tientallen voertuigen van de weg gehaald en gecontroleerd. Er wordt met dit soort controles onder andere gecontroleerd of de lading goed gezekerd is, of de chauffeur in het bezit is van de juiste papieren en of het geen illegaal afvaltransport is en wat de eindbestemming is van het afvaltransport. Bij deze controle zijn bij 1 op de 4 transporten overtredingen vastgesteld, de Duitse politie en de ILT hebben 8 boetes uitgeschreven, 2 ambtelijke waarschuwingen gegeven en er is een proces-verbaal opgemaakt.

Lees ook: Handtekening onder ambitie schoon zwaar wegvervoer 

Sinds 2012 is er al een samenwerkingsovereenkomst met Duitsland rond de controles op illegaal afvaltransport.

Helmplicht snorfietsers pas in 2023

Het kabinet wil de landelijke helmplicht voor snorfietsers vanaf 1 januari 2023 invoeren. Dat schrijft minister Visser van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) aan de Tweede Kamer. De sectie Scooters van RAI Vereniging is blij dat de scooterbranche en gebruikers meer tijd krijgen om zich goed voor te bereiden op de invoering en dat daarnaast ook de speed pedelec helm gebruikt mag worden. De sectie Scooters is en blijft weliswaar geen voorstander van een helmplicht, maar is van mening dat nu invoering definitief is een zorgvuldige introductie alle prioriteit moet krijgen.

De invoering van de helmplicht voor snorfietsers heeft grote impact op zowel de ondernemers als alle bijna 800.000 snorfietsgebruikers in Nederland. Om ervoor te zorgen dat iedereen zich goed kan voorbereiden op de introductie, is tijd nodig. RAI Vereniging sectie Scooters is blij dat de minister oog heeft voor het belang van een zorgvuldig invoeringsproces en dat in plaats van 1 juli 2022 de invoering nu beoogd is op 1 januari 2023. Hiermee krijgt de branche een half jaar extra de tijd om de overgang te regelen.

Speed pedelec helm

De sectie Scooters is ook blij dat snorfietsgebruikers straks gebruik kunnen maken van de speed pedelec helm. Deze comfortabele, veilige lichtgewicht helm is eerder samen met de fietsindustrie leden van RAI Vereniging ontwikkeld voor speed pedelec gebruikers. Zij bereiken een maximumsnelheid van 45 km/h.

Negatieve effecten

Ondanks het gebruik van de speed pedelec helm, vreest de scootersectie dat in de nabije toekomst veel snorfietsgebruikers de snorfiets laten staan of geen nieuwe meer aanschaffen. Dit heeft onmiddellijk effect op de verduurzaming omdat geen enkele nieuwmarkt zo snel vergroend als de snorfiets branche. Van alle in 2021 nieuw geregistreerde snorfietsen, is inmiddels bijna 40 procent elektrisch. Bovendien blijkt uit eerder onderzoek in opdracht van het ministerie van IenW dat bij invoering van een helmplicht een deel van de gebruikers overstapt naar de auto waarmee ook de bereikbaarheid en leefbaarheid van de stad onder druk komt te staan. 

Gelijk speelveld voor alle Light Electric Vehicles (LEV’s)

De sectie Scooters maakt zich daarnaast zorgen dat bepaalde groepen snorfietsgebruikers straks kiezen voor nieuwe veel snellere voertuigen die als elektrische fiets op de markt worden geïntroduceerd maar dat in werkelijkheid helemaal niet zijn. Deze voertuigen, zoals bijvoorbeeld bepaalde fat bikes, bereiken in de praktijk soms topsnelheden van 45 km/h, hebben soms een gashendel en zijn daarmee voor de wet eigenlijk een bromfiets. Er wordt echter onvoldoende op gehandhaafd en gebruikers dragen geen helm. Hierdoor komt juist de veiligheid op het fietspad verder onder druk. Het is daarom essentieel dat de invoering van de helmplicht ook in relatie wordt gezien met de introducties van alle nieuwe LEV’s en de nieuwe aanstaande wetgeving voor dit soort voertuigen. De sectie Scooters dringt er bij de Tweede Kamer op aan om de latere invoeringsdatum te gebruiken om de regelgeving rondom LEV’s en snorfietsen gelijk te trekken en te komen tot een totaalplaatje van veilig gebruik van de gehele weg voor alle (nieuwe) voertuigen, aldus Koninklijke RAI Vereniging

Lees ook: Oude fietsaccu’s worden gerecycled tot brilmonteur

Vanaf 1 januari 2023 geldt een helmplicht op de snorfiets.

Duizenden (land)bouwvoertuigen mogen de weg niet op

Duizenden bedrijven en particulieren moeten hun (land)bouwvoertuigen nog registreren. Doen ze dit niet voor 1 januari 2022, dan mogen ze daarna niet meer met hun voertuig de weg op. Op dit moment is nog slechts de helft van de verwachte 550.000 voertuigen geregistreerd.

De RDW ziet het aantal aanvragen de laatste weken wel toenemen, maar nog onvoldoende om erop te vertrouwen dat alle voertuigen voor 1 januari 2022 zijn geregistreerd. In juli, augustus en september zijn in totaal bijna 125.000 registraties voor land- en bosbouwtrekkers, rijdende werktuigen en getrokken materieel aangevraagd. In de laatste elf weken moeten nog ruim 250.000 voertuigen geregistreerd worden.

“Wij vrezen dat er een flinke financiële strop dreigt voor bedrijven die hun voertuigen niet voor 1 januari registreren. Omdat deze voertuigen dan niet meer de openbare weg op mogen, kunnen ze hun werk niet meer doen. Want als bijvoorbeeld een graaf- of veegmachine de weg niet op mag, wordt het wel erg lastig om hun taak te verrichten. Komt zo’n voertuig toch op de openbare weg, dan riskeert de eigenaar ervan een boete. Bovendien is het voertuig minder interessant voor kopers.”

Conversiemanager Rob van Dokkumburg.

Eenvoudig online registreren

Registreren kan tot en met 31 december online en is zo geregeld als vooraf de benodigde voertuiggegevens zijn verzameld. De kosten zijn slechts €18,- per registratie. Vanaf 1 januari 2022 is registratie nog wel mogelijk, maar is daarvoor een keuring op een van de keuringsstations van de RDW nodig. De kosten daarvan zijn minimaal €140,-.

Registratie rijdende werktuigen blijft flink achter

Vooral het aantal registraties van rijdende werktuigen (MMBS) loopt flink achter. Eind september was nog geen 40% geregistreerd. Het gaat dan om voertuigen zoals bijvoorbeeld graafmachines, wielladers, veegwagens, heftrucks, terminaltrekkers en brede grasmaaiers, maar ook toeristische wegtreintjes en omgekeurde voertuigen. Het lijkt erop dat eigenaren van deze groep voertuigen zich er nog niet altijd van bewust zijn dat hun voertuig moet worden geregistreerd.

“De vuistregel is: heeft het voertuig nu een afgeknotte driehoek, dan is de kans groot dat het geregistreerd moet worden. Dat is het geval als het voertuig nog geen kenteken heeft, wielen en een motor heeft, op de openbare weg komt en harder rijdt dan 6 km/. Er zijn ook een paar uitzonderingen. Om eigenaren die twijfelen te helpen, staat er op de website van de RDW een keuzehulp .”

Conversiemanager Rob van Dokkumburg.

Trekkers en getrokken materieel

Van land- en bosbouwtrekkers zijn er in het afgelopen kwartaal 57.951 geregistreerd. Daarmee kwam deze voertuigcategorie in totaal uit op 58% van het verwachte aantal registraties. De registratieplicht geldt overigens niet alleen voor de grote krachtpatsers, maar ook minitrekkers moeten worden geregistreerd. Van land- en bosbouwaanhangwagens en verwisselbare getrokken uitrustingsstukken zijn er in het derde kwartaal 43.836 geregistreerd, dat is een toename van 25%. Daarmee komt deze categorie op 56% van het verwachte totaal. Alleen met getrokken materieel dat is geregistreerd en een geel kentekenplaat heeft, mag je maximaal 40 km/u rijden. Zonder registratie van aanhangwagens is de maximumsnelheid van de combinatie 25 km/u.

Nu registreren

Het uitstellen van registratie tot het laatste moment kan tot gevolg hebben dat de registratie niet voor 1 januari is afgerond omdat de wachttijden bij de RDW waarschijnlijk zullen oplopen. Van Dokkumburg: ”Het advies van de RDW is dan ook: vraag nú de registratie aan, zodat het kentekenbewijs voor 1 januari binnen is.” Dan kan de eigenaar ook vanaf 1 januari gewoon de weg op met het voertuig, zodat het werk door kan gaan.

Lees ook: Rover Amsterdam wil uitzondering op 30 km/u voor OV

Traktor aan het maaien.

Vrachtwagenheffing per kilometer naar verwachting in 2026

Vrachtwagens op de Nederlandse snelwegen gaan naar verwachting in de loop van 2026 een heffing per kilometer betalen. Op die manier betalen vrachtwagens uit binnenland en buitenland voor het gebruik van de weg. Met de opbrengst van de heffing wordt geïnvesteerd in verduurzaming en innovatie in de vervoerssector.

Dat staat in het wetsvoorstel voor een vrachtwagenheffing dat minister Barbara Visser (Infrastructuur en Waterstaat) onlangs naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Ze geeft daarmee gevolg aan een verzoek van de Tweede Kamer om het wetsvoorstel ondanks de demissionaire status van het kabinet, in te dienen.

Het wetsvoorstel regelt dat vrachtwagens een heffing per gereden kilometer betalen op de snelwegen en een aantal lokale en regionale wegen. De heffing op lokale en regionale wegen is bedoeld om uitwijkend vrachtverkeer tegen te gaan. De heffing kan ongeveer 4 jaar na aanname van het wetsvoorstel door het parlement worden ingevoerd, waarbij het gemiddelde tarief per kilometer ongeveer 15 cent zal bedragen. De Nederlandse vrachtwagenheffing sluit aan bij de systemen van vrachtwagenheffing in Duitsland en België.

Met de invoering van een vrachtwagenheffing verdwijnt in Nederland de belasting zware motorvoertuigen (het Eurovignet) en wordt de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens tot ongeveer het Europese minimum verlaagd. De netto-opbrengst van de heffing gaat naar verduurzaming en innovatie van de transportsector. Deze maatregelen richten zich op elektrisch aangedreven vrachtwagens, het gebruik van hernieuwbare brandstoffen, vermindering van het aantal vervoerskilometers.

Minister Visser heeft hierover afspraken gemaakt met de transportorganisaties evofenedex, Transport & Logistiek Nederland en de stichting VERN. De netto-opbrengst van de heffing zal op het moment van invoering naar verwachting ongeveer 250 miljoen euro per jaar bedragen.

De eenmalige invoeringskosten van de vrachtwagenheffing lijken significant hoger uit te komen op ongeveer 400 miljoen euro.  Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat een aanpak wordt gekozen waarbij een groter deel van de kosten al wordt gemaakt in de realisatiefase, en enkele andere kostenposten flink hoger lijken uit te pakken. Het ministerie laat extern onderzoek uitvoeren om de kostentoename te verifiëren en te bekijken of de gekozen wijze van uitvoering nog aansluit op het uitgangspunt dat de systeemkosten laag moeten blijven, zodat zoveel mogelijk financiële middelen beschikbaar blijven voor de terugsluis. De vervoerssector zal hier bij betrokken worden, aldus de Rijksoverheid

Lees ook: Touringcarbranche wil langer coronasteun van overheid

Meeste landbouwvoertuigen in Gelderland geregistreerd

Na acht maanden zijn in de provincie Gelderland de meeste (land)bouwvoertuigen geregistreerd. In totaal hebben 43.487 landbouwvoertuigen, rijdende werktuigen en getrokken materieel een eigen kentekenbewijs, meer dan in andere provincies. Dat blijkt uit cijfers van de RDW. De RDW roept alle andere eigenaren op om hun registratie snel te regelen, want vanaf 1 januari 2022 moeten deze voertuigen geregistreerd zijn om nog op de weg te mogen.

Begin op tijd

De RDW roept eigenaren van deze voertuigen op om snel aan de registratie te beginnen. Alleen dit jaar kan dat online zonder keuring. “Voordat een eigenaar een voertuig kan registreren, moet hij of zij zelf een aantal gegevens verzamelen, zoals het chassisnummer, bouwjaar, merk, type en handelsbenaming”, zegt conversiemanager Rob van Dokkumburg. “Die zijn soms lastig te vinden. Verdiep je daarom alvast in de materie en ga op zoek naar de gevraagde gegevens. Heb je die eenmaal paraat, dan is de registratie zelf niet zo moeilijk.”

67.000 kentekens in de zomer

Gelderland doet het met 63% geregistreerde (land)bouwvoertuigen beter dan alle andere provincies. In de eerste acht maanden zijn landelijk in totaal 231.000 (land)bouwvoertuigen geregistreerd, 42% van het verwachte totaal aantal voertuigen dat geregistreerd moet worden. Dat zijn 134.000 trekkers, 66.000 aanhangwagens en getrokken machines en 31.000 zogeheten ‘motorrijtuigen met beperkte snelheid’ (MMBS). De afgelopen twee maanden zijn 67.000 registraties gedaan. De RDW verwacht dat in totaal 550.000 trekkers, MMBS’en en getrokken materieel geregistreerd worden. Zonder kentekenbewijs mag een (land)bouwvoertuig vanaf 1 januari 2022 niet meer de weg op.

Wachttijden

De RDW doet nu al een beroep op de eigenaren om wachttijden of teleurstelling te voorkomen. “Uit de ervaringen tot nu toe blijkt dat de meeste eigenaren hulp of advies nodig hebben bij de registratie. Die bieden we de eigenaren nu ook. Dat wordt lastiger als iedereen op het laatste moment belt. Als de wachttijden te ver oplopen, kunnen we bovendien niet garanderen dat we alle aanvragen goed kunnen afhandelen. Dan kan het gebeuren dat het kentekenbewijs niet voor 1 januari op de mat valt en je nog niet de weg op mag.”

Boete en keuring

Om nog op de openbare weg te mogen rijden, moeten trekkers en MMBS’en vanaf 1 januari 2022 geregistreerd zijn. Dat kan nu op de website voor de RDW voor 18 euro. Zijn ze dat niet en komt de eigenaar toch op de openbare weg, dan riskeert hij een boete en zijn de voertuigen mogelijk niet verzekerd. Na 1 januari 2022 kan een trekker of MMBS alleen nog een kenteken krijgen met een keuring bij de RDW. De kosten daarvoor zijn minimaal 140 euro.

Zorgen over MMBS’en

Vooral de zogeheten motorrijtuigen met beperkte snelheid (MMBS) lopen achter in de registratie. Een kwart van de eigenaren weet nog niet dat ze hun voertuig moeten registreren, blijkt uit onderzoek van de RDW. “We denken dat eigenaren zich niet realiseren dat hun voertuig een MMBS is en dus geregistreerd moet worden”, voegt Van Dokkumburg toe. Het gaat om een enorm diverse groep voertuigen die in de bouw, bij infraprojecten en in de logistiek gebruikt worden, zoals dumpers, graafmachines, wielladers, veegmachines, minitrekkers en heftrucks, maar ook toeristische wegtreintjes, rijdende winkels en teruggekeurde voertuigen. Ook grote landbouwvoertuigen als zelfrijdende oogstmachines zijn MMBS’en. Met 31.000 registraties is nog geen kwart van de verwachte 130.000 voertuigen geregistreerd.

Lees ook: In augustus 17% procent minder auto’s verkocht

Nieuwe vrachtwagens van defensie mogen de weg niet op

Defensie kan voorlopig geen gebruik maken van 550 nieuwe vrachtwagens in combinatie met een speciale container. De combinatie van de Scania Gryphus vrachtwagen en de ISO-standaard 8-voet container blijkt net enkele centimeters te hoog om op de openbare weg te mogen.

Volgens de Wegenverkeerswet mogen voertuigen hoger dan 4 meter niet op de openbare weg. Het ministerie gaat nu ontheffing vragen waardoor de vrachtwagens met container toch “voor bepaalde tijd en specifieke routes in Nederland” de weg op mogen. Zolang hier geen toestemming voor is, blijft de combinatie in de garage.

De leverancier heeft aangegeven het probleem te zullen oplossen als uit zijn metingen ook blijkt dat de combinatie te hoog is, schrijft demissionair defensieminister Ank Bijleveld aan de Tweede Kamer. In juli meldde het ministerie nog aan de Kamer dat alle Scania’s op de openbare weg mogen rijden. Nieuwe metingen geven aan dat ze toch te hoog zijn, aldus de minister.

Defensie heeft ruim 2800 Scania Gryphus vrachtwagens aangeschaft. Daarvan krijgen er meer dan 1600 een ISO-standaard 8-voet container. De container kan bijvoorbeeld dienen als werkplaats of commandopost. De andere Scania’s worden uitgerust met een laadbak. Er zijn er nu zo’n 550 containers afgeleverd. De rest wordt de komende jaren geleverd.

De Scania Gryphus staat hoger op de wielen. Hier is bewust voor gekozen omdat mensen in de vrachtwagen zo beter worden beschermd tegen bermbommen. Ook kan het voertuig daardoor beter in moeilijk bereikbaar terrein worden ingezet, aldus Defensie. Eerder dit jaar werd bekend dat de nieuwe vrachtwagens te groot zijn voor de garages op de kazerne in Oirschot.

Lees ook: Samenwerking Ministerie van Defensie en Munckhof

Scania Gryphus te Oirschot

Hulptroepen krijgen verruiming van rij- en rusttijden

Door de overstromingen is de regio Limburg bestempeld als rampgebied. Door deze noodsituatie kunnen vervoerders en chauffeurs van vrachtwagens zich mogelijk niet altijd houden aan de geldende rij- en rusttijden. Daarom heeft de ILT besloten tot een tijdelijke verruiming van de rij- en rusttijden, die geldt tot maandag 2 augustus. Inmiddels zijn de brancheorganisaties en de politie hierover geïnformeerd.

Noodsituatie

Is er een noodsituatie? Dan mag een lidstaat tijdelijke versoepelingen rondom de toepassing van de rij- en rusttijden afkondigen. Op deze manier kunnen hulptroepen hun vervoer zo veel als mogelijk/continu uitvoeren. Chauffeurs van bijvoorbeeld vrachtwagens voor het vervoer van puin of hulpmiddelen kunnen hierdoor optimaal af- en aanrijden in het rampgebied

Inhoud uitzondering

De tijdelijke verruiming van de rij- en rusttijden in rampgebied Limburg geldt voor de artikelen 6 tot en met 8 van de Verordening 561/2006. Hierin staan de normen voor de dagelijkse en wekelijkse rij- en rusttijden. Bestuurders gebruiken een tachograaf en bestuurderskaart, waarbij in de tachograaf de optie ‘out of scope’ is ingesteld. Hiermee is duidelijk dat de chauffeur buiten de reguliere rij- en rusttijden rijdt. Deze optie is in te schakelen via het menu van de tachograaf en moet bij het verwisselen van een bestuurderskaart opnieuw worden ingeschakeld. Uiteraard moet iedere chauffeur die gebruik heeft gemaakt van deze uitzondering wél zijn reguliere, dagelijkse of wekelijkse rusttijd hebben genoten voordat de reguliere vervoersactiviteiten worden hervat, aldus de Inspectie Leefomgeving en Transport.

Lees ook: Lightyear tekent intentieverklaring met Valmet Automotive Inc.

Regionale verschillen bij registratie (land)bouwvoertuigen

Friesland en Zuid-Holland lopen achter bij de registratie van (land)bouwvoertuigen, Gelderland en Limburg doen het juist goed. Dat blijkt uit de cijfers van het eerst half jaar van de RDW. Nog maar een op de drie (land)bouwvoertuigen is geregistreerd. Vooral de werk- en wegenbouwvoertuigen en de bijzondere (land)bouwvoertuigen blijven achter.

Meer registraties bij slecht weer

In Friesland en Zuid-Holland is resp. 17% en 21% van de (land)bouwvoertuigen geregistreerd, slechts de helft van Gelderland en Limburg (43% en 42%). Ook Noord-Brabant (37%) doet het relatief goed. De RDW weet niet precies wat de verklaring is voor het verschil. Opmerkelijk is wel dat er veel meer registraties gedaan worden als het slecht weer is dan bij goed weer.

Nog maar 3 van de 10 geregistreerd

Op 1 juli zijn 164.000 van de naar schatting 550.000 voertuigen geregistreerd (30%). Dat zijn 100.000 trekkers, 43.000 aanhangwagens en getrokken machines en 21.000 zogeheten ‘motorrijtuigen met beperkte snelheid’ (MMBS). Voor 1 januari 2022 moeten alle registratieplichtige (land)bouwvoertuigen bij de RDW geregistreerd zijn om nog op de openbare weg te mogen. Dat kan via de website van de RDW voor 18 euro. Daarna is registratie alleen nog mogelijk na een duurdere keuring bij de RDW. Zonder kentekenbewijs mag een (land)bouwvoertuig vanaf 2022 niet meer de weg op.

Hulp bij registratie

In de eerste maanden bleek het voor de aanvragers lastig om de goede gegevens aan te leveren, zoals het chassisnummer, de handelsbenaming en het type. Het gaat om zo’n diverse groep voertuigen van diverse bouwjaren dat niet altijd eenduidig is waar de gegevens staan. Vooral het chassisnummer, ofwel het Voertuig Identificatie Nummer (VIN), is cruciaal omdat het de sleutel voor de registratie is. De RDW biedt aanvragers nu veel hulp en instructie bij het invullen. Bovendien helpt de website waarop eigenaren de aanvraag doen om de goede gegevens in te vullen.

Zorgen over motorrijtuigen met beperkte snelheid

De RDW maakt zich zorgen over de groep motorrijtuigen met beperkte snelheid. Dat zijn voertuigen die in de bouw, bij infraprojecten en in de logistiek gebruikt worden, zoalshoogwerkers, graafmachines, wielladers en heftrucks, maar ook zelfrijdende oogstmachines, toeristische wegtreintjes, rijdende winkels en teruggekeurde voertuigen. Slechts 21.000 van de verwachte 130.000 voertuigen zijn pas geregistreerd, ongeveer 16 procent. Het gaat om zo’n diverse groep eigenaren dat de RDW zich afvraagt of iedere eigenaar zich realiseert dat hij zijn voertuig moet laten registreren en zich goed moeten informeren.

Misverstanden

Uit contact met de Klantenservice merkt de RDW dat er nog misverstanden over de registratieplicht zijn. Zo is registratie nodig als het (land)bouwvoertuig harder dan 6 km/u rijdt, niet pas vanaf 25 km/u. Ook moet een voertuig geregistreerd worden als het (land)bouwvoertuig op de openbare weg komt, ook als dat een landweg is, een korte oversteek van het ene naar het andere veld of een openbaar deel van het eigen terrein. Een kentekenplaat is na registratie alleen nodig voor gebruikte (land)bouwvoertuigen die 25 km/u of harder rijden. Vanaf 1 januari 2025 moeten alle (land)bouwvoertuigen een kentekenplaat voeren.

Maatregelen

In overleg met de branche neemt de RDW-maatregelen om meer eigenaren te motiveren hun voertuig te registreren. Zo is de communicatiecampagne uitgebreid, zijn specifieke doelgroepen gemaild en vraagt de RDW dit najaar op een aantal beurzen aandacht voor tijdige registratie.

Lees ook: Proef verplichte fietsreservering in de trein start 10 juli

Automobilist mag telefoon op schoot hebben

Volgens de kantonrechter in Rotterdam is de regelgeving ’diffuus’ en ’weinig inzichtelijk en voorspelbaar’. Dat is nu precies wat het legaliteitsbeginsel wil voorkomen: het moet voor de bestuurder duidelijk zijn wat mag en niet mag. Het is volgens De Telegraaf voor het eerst dat een rechter niet meegaat met de redenering dat ’vasthouden’ breed moet worden geïnterpreteerd. In maart ving een autobestuurder die op de A10 was gekiekt met zijn telefoon op zijn been nog bot bij de rechtbank Amsterdam. Zijn telefoonhoesje was bovendien dichtgeklapt.

Dat een bestuurder soms kijkt naar iets op zijn been en moet zorgen dat de boel op zijn plek blijft, geldt ook voor ’objecten variërend van een appel of broodtrommeltje tot een bakje yoghurt of een wegenkaart’. En dat is wel legaal, constateert de Rotterdams rechter. Volgens het artikel in De Telegraaf is professioneel boetebestrijder Mark Bergers van Boete.nu is blij met de door hem gewonnen zaak. Het OM houdt vol dat ’op schoot’ fout is. Mogelijk verschaft een uitspraak in hoger beroep bij een andere zaak binnenkort meer duidelijkheid, zegt een woordvoerster. 

appen blijft gevaarlijk

Automobilisten die tijdens het rijden appen met hun telefoon in de houder zijn net zo’n gevaar in het verkeer als wanneer ze hun mobiel in de hand houden. Dat blijkt uit nieuw onderzoek onder weggebruikers, uitgevoerd in een rijsimulator. In 2018 werden ruim 80.000 boetes opgelegd voor handheld bellen; in 2017 lag dit aantal op 74.56. Automobilisten die bellen of appen achter het stuur en die langs een slimme camera tegen appen in verkeer rijden, kunnen een bekeuring op kenteken verwachten. De politie zet slimme camera´s in tegen appen of handsfree bellen in het verkeer. De foto gaat automatisch naar het Centraal Justitieel incassobureau waar een medewerkers eerst nog meekijkt. 

Lees ook: Boete van 102 miljoen euro wegens misbruik machtspositie

gordel aan, mobieltje uit het zicht

Regels caravan voor de deur parkeren verschillen per gemeente

We gaan stilletjes aan weer richting de zomervakantie en dat betekent dat we steeds meer caravans en vouwwagens in de straat zien staan. Iedereen wil natuurlijk goed voorbereid op vakantie gaan en daardoor is het lekker makkelijk als je je caravan of vouwwagen vast voor de deur hebt staan. Deze moet immers goed gepoetst en ingepakt (met aardappelen en hagelslag) mee op vakantie. Hoe kun je dit beter doen dan de caravan of vouwwagen bij jou voor de deur te parkeren. Niks is vervelender dan dat je hiervoor elke avond op en neer moet rijden naar de stalling waar deze geparkeerd staat. Dit parkeren voor de deur kan natuurlijk wel ergernissen in de buurt opleveren, want ja iedereen parkeert toch graag op zijn ‘eigen plekje’. En in de zomermaanden kan het wel eens behoorlijk druk zijn met al die caravans en vouwwagens in de straten. En dat is voor een paar dagen vaak geen probleem, maar soms staan deze weken achter elkaar in de straat geparkeerd.

Weten we eigenlijk wel of het parkeren voor de deur of in je straat zomaar mag en zo ja hoelang mag je je caravan of vouwwagen bij je huis geparkeerd hebben staan? De regels van een caravan of vouwwagen voor de deur parkeren kunnen verschillen per gemeente. In Helmond mag je deze bijvoorbeeld niet langer dan 7 achtereenvolgende dagen op de openbare weg parkeren, In Eindhoven is dit niet langer dan 3 opeenvolgende dagen en in Amsterdam is dit ook niet langer dan 3 achtereenvolgende dagen. Je kunt deze regels per gemeente terugzien in de Algemene Plaatselijke Verordening. Het is natuurlijk wel toegestaan als je de caravan of vouwwagen op je eigen oprit of parkeerplaats zet en dat verders geen hinder of gevaarlijke situaties veroorzaakt. Ook zijn de regels weer anders als je deze op een publiek toegankelijk parkeerterrein parkeert, ook dit scheelt weer per gemeente.

Lees ook: Eerste stap voor ontwikkeling landelijk waterstofnet

Tegelijk registreren grote aantallen landbouwvoertuigen

Vanaf 30 juni kunnen alleen wagenparken van 200 of meer (land)bouwvoertuigen in één keer voor registratie worden aangeboden. Eerder lag dat minimumaantal nog op 25 voertuigen. Het tegelijk laten registreren van grote aantallen (land)bouwvoertuigen is mogelijk tot 1 november. Tot deze maatregel is besloten na overleg met de branche. Eigenaren die minder dan 200 (land)bouwvoertuigen hebben, kunnen deze individueel registreren via de website van de RDW. Het moet leiden tot minder administratieve lasten bij de eigenaren.

Makkelijker en sneller

Bij het registreren van grote aantallen voertuigen tegelijk gaat het om (land)bouwvoertuigen die voor 1 januari 2021 in gebruik zijn genomen. Het registreren van meer voertuigen tegelijk is in het leven geroepen om bedrijven en RDW tijd te laten besparen bij de registratie. Uit de ervaringen van de afgelopen maanden blijkt echter dat dat niet goed lukt. Er is alsnog veel extra contact tussen bedrijven en RDW nodig om de registratie te kunnen afronden. Bij de individuele aanvraag via de website worden aanvragers beter geholpen om de goede gegevens in te vullen. Daardoor kan de aanvraag makkelijker en sneller afgehandeld worden. Ook de verplichte foto draagt hieraan bij.

Individuele aanvraag

Met ingang van 30 juni kunnen eigenaren die minder dan 200 (land)bouwvoertuigen hebben deze individueel registreren via de website van de RDW. Vanaf 1 november is ook het registreren van 200 of meer voertuigen tegelijk niet meer mogelijk, de voertuigen moeten dan individueel worden geregistreerd. Online individueel registreren kan tot en met 31 december 2021.

Juiste voertuiggegevens

Bij de registratie kunnen bedrijven zich tijd en ergernis besparen door van tevoren goed na te gaan welke gegevens nodig zijn en hoe je die achterhaalt. Als de gevraagde gegevens niet of niet juist worden ingevuld, kan de aanvraag niet worden afgehandeld. Op de website is meer informatie te vinden over de benodigde voertuiggegevens en waar deze zijn te vinden.

Alleen voor rechtspersonen

Het registreren van 200 of meer (land)bouwvoertuigen tegelijk is alleen mogelijk voor rechtspersonen die zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Maatschappen en eenmanszaken kunnen dus geen gebruik maken van deze mogelijkheid. De tijdelijke mogelijkheid is bedoeld om bedrijven met honderden voertuigen, zoals bijvoorbeeld verhuur- en leasemaatschappijen en de RDW in de gelegenheid te stellen om op een efficiënte manier grote aantallen voertuigen tegelijk in te schrijven. Bedrijven die in het bezit zijn van een groot wagenpark doen er goed aan de registraties tijdig aan te vragen, zodat de aanvragen op tijd kunnen worden afgehandeld. Voor het registreren van meer voertuigen tegelijk moet een aanvraagformulier worden ingevuld, na ontvangst hiervan neemt de RDW contact op met de aanvrager.

Lees ook: Registreren (land)bouwvoertuigen voor 1 januari 2022

Vanaf 1 juli registratie tellerstand motorfietsen

Vanaf 1 juli 2021 moeten erkende garagebedrijven de kilometerstand van motorfietsen registreren. Met de verplichte registratie krijgt de koper betrouwbare informatie over tellerstanden van motoren en wordt fraude met tellerstanden teruggedrongen. Erkende garagebedrijven moeten de tellerstanden van alle voertuigen die als motorfiets geregistreerd zijn en die met een motorrijbewijs gereden mogen worden bij de RDW registreren. Dat geldt ook voor driewielers, zoals trikes.

Registratie is verplicht in de volgende gevallen:

  • Bij opname in de bedrijfsvoorraad
  • Bij de tenaamstelling
  • Bij reparatie, onderhoud en bandenwissel (geen minimumbedrag)
  • Bij afmeldingen voor export
  • Bij afmeldingen voor demontage (optioneel

Fraude voorkomen

De registratie moet economische fraude tegengaan en de verkeersveiligheid verbeteren. Een motor met een teruggedraaide kilometerteller is duurder in aanschaf en in onderhoud. Dat komt omdat de motor dan meer kilometers heeft gereden dan de kilometerstand aangeeft en noodzakelijk onderhoud is veelal gekoppeld aan die kilometerstand

Inzicht in tellerstanden

De informatie over tellerstanden van motorfietsen is vanaf 1 juli 2021 beschikbaar. Zo kunnen eigenaren/houders bij verkoop van hun motor de potentiële kopers een overzicht van geregistreerde tellerstanden (bijvoorbeeld met het RDW-Voertuigrapport) bieden.

Vaker registreren bij auto’s en bedrijfswagens

Van personenauto’s en bedrijfswagens worden de tellerstanden al langer geregistreerd. Vanaf 1 juli 2021 wordt dit nog vaker gedaan omdat bedrijven bij elk(e) reparatie, onderhoud of bandenwissel de tellerstand moet registeren. Nu is dat pas verplicht bij een bedrag vanaf 150 euro. Hierdoor worden er voor deze voertuigen nog meer tellerstanden geregistreerd. Zo ontstaat een completer overzicht van de tellerstanden op verschillende momenten. Tellerregistratie van motorfietsen is een wens van de motorbranche, de Vereniging Aanpak Tellerfraude en de overheid. De RDW beheert het register met tellerstanden en geeft op basis van die informatie een overzicht daarvan in het RDW-Voertuigrapport.

Lees ook: Verplichte fietsreservering in trein onhaalbaar

Registreren (land)bouwvoertuigen voor 1 januari 2022

Op 1 januari 2021 is de registratieplicht voor (land)bouwvoertuigen van start gegaan. Dat betekent dat iedereen die een land- of bosbouwtrekker, motorrijtuig met beperkte snelheid (MMBS), land- of bosbouwaanhangwagen of verwisselbaar getrokken uitrustingsstuk bezit deze moet registreren bij de RDW. Dat moet voor 1 januari 2022 gebeuren, anders mogen ze de weg niet meer op.

Hoe weet je nou of je een MMBS hebt? Een MMBS is een rijdend werktuig. Hier vallen bijvoorbeeld bouwmachines zoals graafmachines, hoogwerkers en wielladers onder. Maar ook een zitmaaier kan onder de registratieplicht vallen. Het gaat dan wel om de grotere exemplaren. Een maaier die smaller is dan 130 cm hoeft niet te worden geregistreerd. Ook een omgebouwde personen- of bedrijfsauto die nu geen kenteken meer heeft, valt onder de registratieplicht. Bij twijfel of je voertuig moet worden geregistreerd, kun je dat checken op de site van de RDW. Hier staat een keuzehulp die met gerichte vragen bepaalt of een voertuig onder de registratieplicht valt.

Online registreren

Registreren van een voertuig kan via de website van de RDW. Voor de registratie is een aantal voertuiggegevens nodig. Op de website staat een hulpformulier waarop alle benodigde voertuiggegevens staan. Print het uit en neem het mee naar het voertuig om alle gegevens in te vullen. Voor extra uitleg over waar sommige gegevens te vinden zijn, staat er ook een filmpje op de website. Vanaf half juni is ook een foto van het typeplaatje met daarop het Voertuig Identificatie Nummer verplicht bij de aanvraag. Als alle gevraagde gegevens zijn verzameld, is online registreren heel eenvoudig. En als de juiste gegevens worden aangeleverd, kan de aanvraag ook snel worden afgehandeld.

Kentekenplaat en verzekering

Op elk (land)bouwvoertuig dat harder gaat dan 25 km/h moet een kentekenplaat. Ook een voertuig waarvoor een ontheffing nodig is, moet een kentekenplaat hebben. Vanaf 1 januari 2025 geldt de verplichting tot het voeren van een eigen kentekenplaat voor elk geregistreerd voertuig. Geregistreerde land- en bosbouwtrekkers en MMBS’en moeten net als nu ook worden verzekerd, maar na registratie specifiek op kenteken. Daarvoor moet het kenteken en de meldcode worden doorgegeven aan de verzekeraar. Dit moet ook als het voertuig voor de registratie al bij de betreffende verzekeraar was verzekerd. Tot slot geldt voor trekkers op wielen met een snelheid boven de 40 km/h dat ze onder de APK-plicht vallen.

Lees ook: Innovactory en Mobility Mixx ondersteunen reizigers

ILT test verschillende uitleessystemen voor smart tachografen

Toezichthouders in Europese landen die handhaven op het wegvervoer moeten vanaf medio juli 2024 beschikken over apparatuur om op afstand smart tachografen uit te lezen. Vooruitlopend daarop test de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) op dit moment verschillende systemen hiervoor. Daarmee zet de ILT een volgende stap in de aanpak van tachograaffraude. Sinds juni 2019 worden nieuwe tachograafplichtige voertuigen voorzien van een smart tachograaf, die de rij- en rusttijden van de chauffeur registreert. Bestaande vrachtwagens en bussen moeten hierover vanaf december 2024 beschikken. Om de smart tachografen op afstand uit te kunnen lezen, is zogenaamde Dedicated Short Range Communication (DSRC)-apparatuur nodig. Hiermee kan de ILT langs de weg tachograafgegevens beoordelen zonder dat zij het voertuig hoeft te stoppen.

De inspecteurs kunnen op afstand zien of er mogelijk met de registratie van de rij- en rusttijden wordt gefraudeerd. Het DSRC-apparaat maakt bijvoorbeeld zichtbaar of de tachograaf rijtijd registreert en of er een bestuurderskaart actief is. Voordeel hiervan is dat de ILT gerichter voertuigen kan selecteren voor een inspectie. De pakkans van overtreders gaat hierdoor omhoog, terwijl de ILT de chauffeurs die zich aan de regels houden met rust kan laten. Als een van de eerste inspectiediensten in Europa heeft de ILT nu de beschikking over drie van deze systemen van verschillende fabrikanten.

De inspectie wil in 2021 ervaring met deze toezichtvorm opdoen en vergelijkt tijdens de proefperiode de eigenschappen van de systemen met elkaar. Daarnaast onderzoeken de inspecteurs welke gegevens die het DSRC-apparaat uitleest, relevant zijn voor de selectie van voertuigen voor een inspectie. Het toezicht van de ILT richt zich op eerlijk en veilig wegvervoer. De ILT handhaaft structureel op de regels voor onder andere rij- en rusttijden met als doel: het tegengaan van concurrentievervalsing in de transportsector, het waarborgen van de veiligheid, gezondheid en het welzijn van chauffeurs én de veiligheid van andere weggebruikers. Als inspecteurs tijdens de proef door de DSRC-apparatuur informatie ontvangen over vermoedelijke overtredingen, wordt hier actie op ondernomen. Dit meldt de Inspectie Leefomgeving en Transport.

Lees ook: Let op gevolgen verklaring geen privégebruik

Geld voor onderzoek naar schonere en slimmere mobiliteit

Bedrijven en kennisinstellingen in de auto-industrie, luchtvaart en maritieme sector kunnen gebruik maken van extra ondersteuning gericht op onderzoek en innovatie. Als gevolg van teruglopende omzetten tijdens de coronacrisis staan investeringen in onderzoek en ontwikkeling in deze sectoren onder druk. Het kabinet stelt 150 miljoen euro beschikbaar binnen een sectorspecifieke regeling om onderzoek naar schonere en slimmere mobiliteit te stimuleren. De regeling is sinds gisteren geopend.

“We moeten ons bij het ondersteunen van ondernemers en onderzoekers in deze crisis richten op de korte én de lange termijn. Daarbij is er wat het kabinet betreft een duidelijke focus op innovatie: waar liggen de kansen op toekomstige banen en inkomsten? Met deze gerichte financiële ondersteuning kan de mobiliteitssector nog tijdens de coronacrisis beginnen met de ontwikkeling van nieuwe slimme en duurzame oplossingen. Dat draagt niet alleen bij aan het concurrentievermogen van Nederland, maar ook aan economisch herstel op de lange termijn. Nederland is Europees innovatieleider en dat willen we blijven.”

Staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat.

De regeling is gericht op het stimuleren van samenwerkingen tussen het mkb, grote bedrijven en kennisinstellingen in de mobiliteitssector. Investeringen in onderzoek en ontwikkeling zijn van groot belang voor het innovatievermogen en leveren een belangrijke bijdrage aan de verduurzamingsopgave van de sector. Samenwerkingen van minimaal twee bedrijven, of een bedrijf en een kennisinstelling, kunnen vanaf 17 mei een projectvoorstel indienen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) die de regeling namens het ministerie van EZK uitvoert. Een adviescommissie zal de projecten beoordelen.

Een project moet gericht zijn op industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling en minimaal vijf miljoen euro aan subsidiabele kosten maken. De subsidie is bedoeld voor onderzoek- en ontwikkelingsprojecten (R&D) die op korte termijn kunnen starten en een looptijd hebben van maximaal vier jaar. De commissie brengt naar verwachting in oktober dit jaar een advies uit aan het ministerie van EZK over de selectie van projecten. Op basis van dit advies besluit het ministerie welke projecten in aanmerking komen voor subsidie, aldus de Rijksoverheid

Lees ook: Lijn 1 geschikt gemaakt voor nieuwe trams