Tag archieven: verkeersveiligheid

CBS ziet opvallende trend: elektrisch rijden in de lift terwijl verkeersdoden stijgen

Nederland rijdt groener maar verkeer wordt dodelijker

Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft in de nieuwsbrief verkeer en mobiliteit van juli 2026 een uitgebreid beeld geschetst van de ontwikkelingen op de Nederlandse wegen, in de lucht en binnen het bezit van voertuigen. De nieuwste cijfers laten een duidelijke groei zien van elektrische mobiliteit, een stijging van het rijbewijs- en autobezit en tegelijkertijd zorgwekkende trends in verkeersveiligheid.

Het aantal auto’s met een elektromotor is in korte tijd fors toegenomen. Begin 2026 reden er ruim 2 miljoen personenauto’s rond die volledig elektrisch, hybride of plug-inhybride zijn. Dat is bijna een kwart meer dan een jaar eerder. Daarmee is inmiddels meer dan één op de vijf auto’s in Nederland geheel of gedeeltelijk elektrisch. Vooral plug-inhybrides zitten sterk in de lift. Van het totaal aantal voertuigen met een elektromotor bestaat het grootste deel uit hybride auto’s, gevolgd door volledig elektrische modellen en plug-inhybrides. Deze groei onderstreept de voortgaande verschuiving richting duurzamere mobiliteit, al blijft de exacte spreiding van deze voertuigen lastig vast te stellen doordat veel elektrische auto’s zakelijk worden geregistreerd en niet altijd duidelijk is waar ze daadwerkelijk worden gebruikt.

bezit rijbewijzen

Ook het bezit van rijbewijzen en auto’s zit in de lift. Op 1 januari 2026 hadden bijna 11,9 miljoen Nederlanders een autorijbewijs, wat neerkomt op een stijging van 6,6 procent ten opzichte van 2019, het laatste jaar vóór de coronapandemie. Het aantal particuliere autobezitters groeide in dezelfde periode nog sterker, tot bijna 7,2 miljoen, een toename van 9,8 procent. Opvallend is dat vooral 75-plussers vaker beschikken over zowel een rijbewijs als een auto. Onder jongeren tot 30 jaar is een lichte daling zichtbaar in het rijbewijsbezit, terwijl het autobezit in die groep juist licht toeneemt.

Tegelijkertijd kende de luchtvaartsector een terugval in het eerste kwartaal van 2026. In totaal reisden 16,2 miljoen passagiers via de vijf nationale luchthavens, ruim 2 procent minder dan een jaar eerder. Vooral januari kende een moeizame start door winterse omstandigheden. Sneeuwval leidde tot honderden geannuleerde vluchten op Schiphol. Op woensdag 7 januari werden slechts 382 vluchten uitgevoerd, wat neerkomt op een daling van bijna 67 procent vergeleken met dezelfde dag een jaar eerder. In maart werd het luchtverkeer verder geraakt door geopolitieke spanningen na bombardementen op Iran en het sluiten van het luchtruim in de regio. Het aantal vluchten naar landen als Israël, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten daalde fors, met uitschieters tot 85 procent minder vluchten richting Israël en 80 procent minder richting Qatar.

Foto: © Pitane Blue

De nieuwsbrief schetst daarmee een sector in beweging, waarin verduurzaming en groei hand in hand gaan met nieuwe uitdagingen op het gebied van veiligheid, betrouwbaarheid van data en internationale invloeden op mobiliteit.

Zorgwekkend zijn de cijfers over verkeersdoden. In 2025 kwamen 759 mensen om in het verkeer, 84 meer dan een jaar eerder. Fietsers vormen de grootste groep slachtoffers met 281 doden, gevolgd door inzittenden van personenauto’s met 228 slachtoffers. De stijging deed zich uitsluitend voor onder mannen, terwijl het aantal vrouwelijke verkeersslachtoffers juist daalde. De cijfers passen in een bredere trend waarin het aantal verkeersdoden na eerdere dalingen weer lijkt op te lopen.

aanvullende modellering

Naast deze ontwikkelingen meldt het CBS ook belangrijke methodologische wijzigingen. Bij het onderzoek Onderweg in Nederland 2024 is een breuk in de cijfers geconstateerd door aangepaste communicatie richting respondenten. Hierdoor zijn de resultaten niet één op één vergelijkbaar met eerdere jaren. Met behulp van aanvullende modellering zijn de cijfers zo goed mogelijk gecorrigeerd, maar betrouwbaarheidsmarges ontbreken bij deze aangepaste resultaten.

Verder zijn er verbeteringen doorgevoerd in de statistieken rond het motorvoertuigenpark en verkeersprestaties. Dit zal later dit jaar leiden tot nieuwe cijferreeksen, terwijl oudere reeksen beschikbaar blijven maar niet meer worden bijgewerkt. Ook werd bekend dat de geplande vernieuwing van StatLine voorlopig is uitgesteld, omdat het nieuwe systeem nog niet voldoet aan de eisen op het gebied van prestaties en stabiliteit.

Vlaamse regering schrapt regels: autokeuring flink versoepeld door minder controles

De Vlaamse regering heeft het licht op groen gezet voor een ingrijpende hervorming van de autokeuring.

Vanaf 1 september 2026 veranderen er tal van regels die voor automobilisten, transporteurs en andere weggebruikers een merkbare impact zullen hebben. De hervorming moet volgens Vlaams minister voor Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) vooral leiden tot minder administratieve rompslomp, kortere wachttijden en een efficiënter systeem, zonder in te boeten op verkeersveiligheid.

“Deze hervorming bevat een aantal belangrijke quick wins”, zegt De Ridder. “We volgen de Europese normen die de verkeersveiligheid garanderen, maar schrappen verouderde en disproportionele verplichtingen. Dat leidt tot minder administratie, kortere wachttijden en meer efficiëntie. Verkeersveiligheid blijft daarbij uiteraard belangrijk.”

keuringstermijnen

Een van de meest opvallende wijzigingen is de versoepeling van de keuringstermijnen voor verschillende voertuigcategorieën. Zo wordt de jaarlijkse keuring voor personenwagens ouder dan tien jaar of met meer dan 160.000 kilometer op de teller vervangen door een tweejaarlijkse controle. Dat betekent dat eigenaars minder vaak naar het keuringsstation moeten, op voorwaarde dat hun voertuig op het moment van de keuring nog beschikt over een geldig keuringsbewijs.

Ook voor andere voertuigen worden de termijnen aanzienlijk verruimd. Bestelwagens en lichte vrachtvoertuigen schakelen gefaseerd tussen 2026 en 2028 over van een jaarlijkse naar een tweejaarlijkse keuring. Taxi’s en ambulances, die vandaag nog om de zes maanden moeten passeren, zullen voortaan nog maar één keer per jaar gecontroleerd worden. Landbouwvoertuigen van categorie Tb krijgen eveneens een ruimere termijn en gaan van één naar twee jaar. Bussen, die momenteel afhankelijk van het type om de drie of zes maanden gekeurd worden, zullen voortaan jaarlijks aan de beurt zijn. Ook kermisvoertuigen profiteren van de hervorming en moeten nog slechts om de twee jaar gecontroleerd worden.

Daarnaast verdwijnt de verplichte tweedehandskeuring voor voertuigen die binnen België worden verkocht. Enkel bij invoer uit het buitenland blijft deze verplichting bestaan. Ook voor motorfietsen wordt de tweedehandskeuring afgeschaft. De CarPass-regeling blijft wel behouden en blijft een verplicht document bij de aan- en verkoop van een voertuig. De Vlaamse regering vraagt bovendien aan de federale minister om het mogelijk te maken dat deze CarPass ook digitaal beschikbaar wordt.

Een andere opvallende maatregel is dat er geen keuring meer nodig zal zijn bij de montage van een trekhaak. Daarmee wil de regering een administratieve verplichting schrappen die als achterhaald wordt beschouwd.

Wie toch extra zekerheid wil bij de verkoop van een wagen, kan nog altijd vrijwillig een voorafgaande keuring laten uitvoeren via een vervroegde periodieke keuring. De verplichte herkeuring na een ongeval waarbij essentiële onderdelen beschadigd zijn, blijft eveneens bestaan.

rode kaart

De hervorming voorziet ook in een soepelere aanpak voor bestuurders die bij de keuring een rode kaart krijgen. Waar de hersteltermijn vandaag nog vijftien dagen bedraagt, wordt die verlengd naar twee maanden. Volgens De Ridder sluit die aanpassing beter aan bij de Europese richtlijnen en geeft ze eigenaars meer realistische tijd om noodzakelijke herstellingen uit te voeren.

Nog een praktische wijziging: automobilisten zullen vanaf september geen verzekeringsbewijs meer moeten voorleggen bij de keuring. “Die controle gebeurt al federaal en via ANPR-camera’s”, verklaart De Ridder in een persbericht. Ook het tijdelijke keuringsbewijs van drie maanden bij administratieve tekortkomingen verdwijnt. In plaats daarvan krijgt de eigenaar bij kleine gebreken opnieuw een attest met een normale geldigheid.

modernisering

De hervorming van de autokeuring maakt deel uit van een bredere modernisering die al geruime tijd op de agenda staat. Een volgende stap, die nog iets langer op zich laat wachten, is de mogelijkheid om voertuigen te laten keuren bij erkende garages. Met deze hervormingen wil de Vlaamse regering het keuringssysteem grondig stroomlijnen en aanpassen aan de huidige noden. Voor veel bestuurders betekent dat minder verplichtingen en meer flexibiliteit, terwijl de nadruk op verkeersveiligheid behouden blijft.

Politie pakt door: minder snelheidsboetes maar meer controles op afleiding

De Nederlandse verkeershandhaving heeft het afgelopen jaar een duidelijke koerswijziging laten zien.

Terwijl het totaal aantal boetes in 2025 lager uitviel dan in 2024, nam de controle op specifieke overtredingen juist fors toe. Vooral bestuurders die hun mobiele telefoon vasthielden achter het stuur of op de fiets, kregen aanzienlijk vaker een bekeuring. Ook fietsers zonder verlichting en automobilisten zonder gordel moesten vaker hun portemonnee trekken.

Uit cijfers van het ministerie van Justitie en Veiligheid, het Centraal Justitieel Incassobureau, de politie en het Openbaar Ministerie blijkt dat de handhaving steeds gerichter en minder voorspelbaar wordt ingezet. Door het gebruik van flexibele handhavingsmiddelen, zoals de zogeheten flexflitser en de focusflitser, verschuift de controle voortdurend van locatie. Weggebruikers kunnen daardoor minder eenvoudig anticiperen op vaste flitspalen of bekende controleplekken. Het gezamenlijke doel van de betrokken instanties is helder: de pakkans vergroten en zo het algemene naleefgedrag verbeteren, zodat de verkeersveiligheid toeneemt.

afleiding

Opvallend is de forse stijging binnen de categorie ‘afleiding in het verkeer’. Het aantal boetes voor ‘het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat’ steeg van 165.408 in 2024 naar 248.020 in 2025. Dat betekent een toename van ruim 82.000 overtredingen. Ruim 73 duizend daarvan werden geregistreerd door de nieuwe focusflitsers die dit jaar door het Openbaar Ministerie in gebruik zijn genomen. De overige overtredingen kwamen aan het licht via staandehoudingen door de politie of met behulp van andere apparatuur. Het gaat hierbij niet alleen om automobilisten, maar ook om fietsers die al append of bellend door het verkeer bewegen. Afleiding vormt volgens de autoriteiten een groot risico voor de verkeersveiligheid. Daarom wordt in 2026 het aantal focusflitsers uitgebreid tot vijftig tegen het einde van het jaar.

Ook het aantal beschikkingen dat volgde op een staandehouding door de politie nam merkbaar toe. In 2025 werden 589.281 beschikkingen opgelegd na direct contact met een bestuurder, tegenover 510.420 een jaar eerder. Deze stijging onderstreept dat de politie actiever inzet op zichtbare verkeerscontroles. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar snelheid, maar ook naar gedragingen die direct invloed hebben op de veiligheid van weggebruikers.

Zo nam het aantal bekeuringen voor fietsers zonder licht toe van 34.001 in 2024 naar 42.233 in 2025. Vooral in de donkere maanden werd intensiever gecontroleerd op verlichting. Eveneens steeg het aantal boetes voor het niet dragen van de autogordel aanzienlijk: van 26.281 naar 33.360. Het niet dragen van een gordel vergroot de kans op ernstig letsel bij een ongeval aanzienlijk, reden voor de politie om hier scherper op te letten.

Foto: Politie toezicht

Op het gebied van milieuverboden tekende zich een ander beeld af. Nadat het aantal overtredingen van inrijverboden vanwege milieuzones of autoluwe binnensteden in 2024 was verdubbeld tot bijna 300.000, daalde dit cijfer in 2025 naar ruim 230.000. Daarmee lijkt een einde te zijn gekomen aan de voortdurende stijging van deze overtredingen. Tegelijkertijd werden in 2025 40.934 boetes uitgeschreven voor het overtreden van de nieuwe nul-emissiezones. Deze zones, waar alleen uitstootvrije voertuigen zijn toegestaan, zorgen voor een nieuwe categorie handhaving.

Mulder-boetes

Het totaalbeeld laat zien dat het aantal zogenoemde Mulder-boetes in 2025 uitkwam op 7.570.861. Dat waren er in 2024 nog 7.913.692. De daling van ruim 340.000 boetes wordt grotendeels verklaard door een afname van het aantal snelheidsboetes met bijna een half miljoen. Deze daling hangt onder meer samen met de vervanging van apparatuur. Overtredingen zoals rijden door rood licht bleven vrijwel gelijk: 214.962 in 2024 tegenover 215.539 in 2025. Parkeerovertredingen namen daarentegen toe tot 493.220, tegen 465.819 een jaar eerder.

De cijfers tonen een verschuiving in prioriteiten. Minder nadruk op snelheid, meer aandacht voor afleiding, zichtbaarheid en gedragsregels die direct invloed hebben op de veiligheid. Met de uitbreiding van flexibele controleapparatuur en een grotere inzet op staandehoudingen lijkt de verkeershandhaving de komende jaren nog nadrukkelijker aanwezig op de Nederlandse wegen.

Verplichte CBR cursussen: meer bestuurders naar cursus na rijden onder invloed

Tienduizenden verkeersdeelnemers moeten op eigen kosten terug naar de schoolbanken.

Het aantal verkeersdeelnemers dat na rijden onder invloed van alcohol of drugs verplicht wordt doorverwezen naar het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen is dit jaar sterk toegenomen. De cijfers laten een duidelijke en zorgwekkende trend zien, waarbij vooral het gebruik van drugs in het verkeer een forse rol speelt. Duizenden bestuurders kregen te maken met een onderzoek, een cursus of een combinatie daarvan, allemaal met als doel de verkeersveiligheid te verbeteren en herhaling te voorkomen.

Ruim 31.000 mensen moesten zich dit jaar melden bij het CBR na een overtreding waarbij sprake was van rijden onder invloed. Dat betekent een stijging van 26 procent ten opzichte van 2024. Het gaat hierbij om automobilisten, maar ook om andere verkeersdeelnemers die onder invloed deelnamen aan het verkeer. Het merendeel van deze groep werd verplicht om een cursus te volgen, terwijl een aanzienlijk deel daarnaast ook medisch werd onderzocht.

drugsgebruik

De sterkste toename is zichtbaar bij overtredingen waarbij drugsgebruik werd vastgesteld. Het aantal mensen dat na rijden onder invloed van drugs een verplichte cursus moest volgen, steeg met maar liefst 68 procent. In totaal ging het om 6070 personen. Volgens het CBR is deze stijging deels te verklaren door een wijziging in de werkwijze. Sinds 1 april worden meldingen van drugsgebruik in het verkeer automatisch door de politie doorgestuurd naar het CBR. Daardoor komt een groter deel van de overtredingen direct in beeld en volgen er sneller maatregelen.

Naast de cursussen werd ook vaker besloten tot een nader onderzoek naar mogelijke verslavingsproblematiek. Wanneer er bij een bestuurder het vermoeden bestaat van alcohol- of drugsverslaving, is een psychiatrisch onderzoek verplicht. Dit jaar gebeurde dat bijna 7000 keer. In 2024 lag dat aantal nog op 4932. Het onderzoek moet duidelijk maken of iemand veilig kan deelnemen aan het verkeer en of aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals een langere begeleiding of het ongeldig verklaren van het rijbewijs.

campagnes

CBR-directeur Jan Jurgen Huizing spreekt van een zorgelijke ontwikkeling. Hij benadrukt dat de stijging aantoont dat voorlichting en controles nog altijd onvoldoende effect hebben. “Ondanks campagnes als BOB, de politiecontroles, en onlangs nog de dag voor verkeersslachtoffers denken mensen nog steeds dat ze na alcohol- en drugsgebruik kunnen deelnemen aan het verkeer,” zegt Huizing. Volgens hem laten de cijfers zien dat de boodschap over de gevaren van rijden onder invloed nog lang niet bij iedereen doordringt.

Foto: © Pitane Blue – CBR

Het CBR hoopt dat de combinatie van strengere controles, automatische meldingen en verplichte cursussen uiteindelijk leidt tot veiliger verkeer. Toch laten de cijfers zien dat het probleem hardnekkig is en dat rijden onder invloed nog steeds veel voorkomt. De forse stijging van het aantal cursussen en onderzoeken onderstreept volgens betrokkenen de noodzaak om te blijven investeren in preventie, handhaving en bewustwording.

De gevolgen voor betrapte bestuurders zijn ingrijpend. Wie onder invloed van drugs wordt aangehouden, moet deelnemen aan de cursus drugs en verkeer. Deze cursus bestaat uit drie bijeenkomsten bij het CBR, elk van vier uur, aangevuld met thuisopdrachten. De bijeenkomsten zijn gericht op bewustwording van risico’s, inzicht in eigen gedrag en het voorkomen van herhaling.

trajecten

Voor bestuurders die onder invloed van alcohol zijn betrapt, zijn er verschillende trajecten. Afhankelijk van de ernst van de overtreding en het gemeten alcoholpromillage kan een korte of een lange cursus worden opgelegd. De korte cursus bestaat uit twee sessies van vier uur en een aanvullende opdracht. De langere cursus omvat naast meerdere bijeenkomsten ook een voorgesprek en een extra cursusdag van acht uur. Daarnaast bestaan er speciale gedragscursussen voor mensen die ernstige verkeersovertredingen hebben begaan, los van alcohol of drugs.

Alle kosten voor deze maatregelen komen volledig voor rekening van de overtreder. De prijzen lopen uiteen van 818 euro tot 1316 euro, afhankelijk van het type cursus en het bijbehorende traject. Voor veel mensen vormt dit een zware financiële last, bovenop de mogelijke boetes en andere gevolgen zoals het tijdelijk verliezen van het rijbewijs.

Verkeersveiligheid: dodelijk ongeval op de N-355 legt pijnpunten provinciale wegen bloot

N-wegen kosten levens: waarom helpt aanpak onvoldoende?

Maandagochtend 11 augustus, even na negen uur, vond op de N-355 bij het Groningse Grijpskerk een ernstig verkeersongeval plaats waarbij drie mensen om het leven kwamen. Twee personenauto’s botsten frontaal op elkaar op het tweebaansgedeelte van deze provinciale weg. Hulpdiensten, waaronder meerdere ambulances, brandweerwagens en een traumahelikopter, rukten massaal uit, maar konden niet voorkomen dat alle drie de inzittenden ter plaatse overleden. De politie onderzoekt nog de exacte toedracht van het ongeluk.

verantwoordelijk

De N-355 is een van de bijna 8.000 kilometer aan provinciale N-wegen in Nederland. Deze wegen vormen slechts zes procent van het totale wegennet, maar zijn verantwoordelijk voor bijna een kwart van alle verkeersdoden in ons land. Uit cijfers blijkt dat tussen 2018 en 2022 op N-wegen in totaal 569 mensen omkwamen.

Volgens Veilig Verkeer Nederland en de ANWB zijn de belangrijkste oorzaken van deze hoge aantallen dodelijke ongevallen te hoge snelheden, het ontbreken van een fysieke scheiding tussen de rijbanen en obstakels zoals bomen en sloten direct langs de weg. Dit maakt frontale botsingen en ernstige afloop bij een ongeluk veel waarschijnlijker. Daarnaast speelt menselijk gedrag een grote rol: naar schatting 90 procent van de ongevallen wordt veroorzaakt door te hard rijden, afleiding door bijvoorbeeld smartphonegebruik of rijden onder invloed van alcohol of drugs.

Verkeersdeskundigen wijzen ook op ontwerptekortkomingen: smalle rijstroken, onoverzichtelijke kruispunten en onduidelijke snelheidslimieten dragen bij aan de onveiligheid. VVN pleit al jaren voor een verlaging van de maximumsnelheid op veel 80-kilometerwegen naar 60 kilometer per uur. Dit zou de impact van botsingen verminderen, maar er is vrees dat het verkeer dan uitwijkt naar nog smallere binnenwegen, met nieuwe risico’s als gevolg.

Foto: © Pitane Blue – Exloërmond

tot zolang provincies de noodzakelijke investeringen niet structureel toepassen — met prioriteit op risicovolle wegvakken, voldoende harde bermen en fysieke rijbaanscheiding — blijven provinciale n-wegen gevaarlijke plekken.

De ANWB stelt dat er in de komende twintig jaar 1,2 miljard euro nodig is voor het veiliger maken van provinciale wegen. Daarbij gaat het om maatregelen als het aanleggen van middenbermen, het verbreden van rijbanen, het verharden van bermen en het verwijderen van gevaarlijke obstakels. Veel leed kan worden voorkomen door bermen zo aan te passen dat uitwijken mogelijk is zonder dat voertuigen kantelen of tegen obstakels botsen.

snelheidscontroles

Experts benadrukken dat naast infrastructuurverbeteringen ook gedragsverandering cruciaal is. Strengere snelheidscontroles, gerichte campagnes tegen smartphonegebruik en een harde aanpak van rijden onder invloed zouden volgens hen direct effect kunnen hebben. In België werd een daling van 6,2 procent in het aantal verkeersdoden gerealiseerd door precies deze combinatie van verbeterde infrastructuur en strengere handhaving.

In Nederland blijft grootschalige uitvoering van veiligheidsplannen voor N-wegen achter, mede door versnipperde verantwoordelijkheden tussen provincies en het rijk, beperkte budgetten en trage besluitvorming. Totdat hier verandering in komt, blijft de kans groot dat provinciale wegen zoals de N-355 opnieuw het decor worden van ernstige en dodelijke verkeersongevallen.

Botsabsorbeerder: verkeersveiligheid in de kijker na ongeluk Tom Waes

Afgelopen weekend vond er een ernstig ongeval plaats op de Antwerpse ring in de buurt van de Kennedytunnel, waarbij televisiemaker Tom Waes zwaar gewond raakte.

De presentator reed in zijn Porsche oldtimer toen hij tegen een zogenoemde botsabsorbeerder botste. Deze voertuigen spelen een cruciale rol in het beveiligen van wegenwerken en zijn in België wettelijk verplicht bij mobiele werven. Het incident heeft de aandacht opnieuw gevestigd op het belang en de werking van deze onmisbare veiligheidsmaatregel.

Een botsabsorbeerder is een speciaal ontworpen voertuig dat wordt ingezet bij werkzaamheden op of langs de weg. Het doel is om zowel de wegenwerkers als het passerende verkeer te beschermen tegen mogelijke ongevallen. De wagens worden strategisch geplaatst voor of achter een mobiele verkeerswerf. Opvallend is de verlichte pijl op het dak van het voertuig, die bestuurders instrueert om uit te wijken. Daarnaast beschikt een botsabsorbeerder over een schokabsorberend systeem dat bij een aanrijding de impact opvangt en vermindert.

Het systeem is ontworpen om ernstige schade te voorkomen, zowel voor de inzittenden van een aanrijdend voertuig als voor de werkzone en de wegenwerkers. Hoewel de botsabsorbeerder effectief is in het beperken van letsel en schade, blijft het risico bij hoge snelheden groot. Jaarlijks worden in België tientallen botsabsorbeerders aangereden, vaak met grote gevolgen.

Kennedytunnel

Bij het ongeval van dit weekend botste Tom Waes tegen een botsabsorbeerder die was opgesteld bij wegenwerken nabij de Kennedytunnel. Het incident vond plaats rond 1 uur ’s nachts. Zijn Porsche oldtimer reed met aanzienlijke snelheid in op het voertuig, waardoor de impact groot was. Waes liep ernstige verwondingen op en werd overgebracht naar de afdeling intensieve zorg van een lokaal ziekenhuis. Er waren geen andere voertuigen bij het ongeval betrokken.

De botsabsorbeerder heeft mogelijk erger voorkomen. De impact werd grotendeels opgevangen door het systeem, wat de kans op nog ernstigere verwondingen of schade aan de werf heeft verkleind. Politie en hulpdiensten benadrukken het belang van dergelijke veiligheidsvoertuigen, maar wijzen erop dat bestuurders alert moeten blijven bij wegenwerken.

Foto: © Pitane Blue – tunnel Antwerpen

In België zijn botsabsorbeerders sinds jaar en dag verplicht bij mobiele wegenwerken. Deze maatregel is ingevoerd om de risico’s voor wegenwerkers en bestuurders te minimaliseren. Wegenwerken vormen een kwetsbare omgeving: arbeiders werken dicht bij het voorbijrazende verkeer, vaak in slechte zichtomstandigheden of op momenten van hoge verkeersdrukte. De botsabsorbeerder fungeert als buffer en voorkomt dat een ongeval direct mensenlevens in gevaar brengt.

De wettelijke verplichting komt voort uit de harde realiteit dat ongevallen bij wegenwerken regelmatig voorkomen. Botsabsorbeerders zijn een bewezen effectieve maatregel om de schade te beperken. Het apparaat is zodanig ontworpen dat het de impact van een botsing absorbeert en het voertuig tot stilstand brengt, zonder dat de bestuurder van het aanrijdende voertuig ernstig letsel oploopt. Ook beschermt het systeem de werkzone zelf, waardoor dure en tijdrovende herstelwerkzaamheden worden beperkt.

harde cijfers

Ondanks de verplichting gebeuren er jaarlijks meerdere zware ongevallen met botsabsorbeerders. Vaak gaat het om bestuurders die te snel rijden of onvoldoende opletten bij het naderen van wegenwerken. Afleiding door smartphones of vermoeidheid speelt in veel gevallen een rol. Botsabsorbeerders zijn een essentiële veiligheidsvoorziening, maar bieden geen volledige bescherming bij hoge snelheden of extreme impact.

Het ongeval van Tom Waes benadrukt het belang van botsabsorbeerders in de strijd tegen verkeersongevallen bij wegenwerken. Hoewel het systeem ontworpen is om levens te redden en schade te beperken, blijft voorzichtigheid van bestuurders essentieel. Weggebruikers worden keer op keer opgeroepen om de snelheidsbeperkingen en signaleringen bij wegenwerken serieus te nemen. Dit incident, dat gelukkig niet fataal afliep, is een krachtige herinnering aan de risico’s en het belang van verkeersveiligheid.

Wetgeving: Raad van State kritisch op nieuwe verkeersveiligheidsmaatregelen

De Raad heeft ook opmerkingen gemaakt over de minimumduur van de vervangende hechtenis.

Om de verkeersveiligheid te verbeteren, hebben de ministeries van Justitie en Veiligheid en van Infrastructuur en Waterstaat een wetsvoorstel ingediend dat de Wegenverkeerswet 1994 en het Wetboek van Strafvordering wijzigt. De voorgestelde wijzigingen richten zich vooral op een strengere aanpak van rijden onder invloed en het afschaffen van de huidige recidiveregeling voor ernstige verkeersdelicten.

Uit onderzoek blijkt dat rijden onder invloed een groeiend probleem vormt op de Nederlandse wegen. In 2022 bleek 2,6% van de automobilisten tijdens weekendnachten onder invloed van alcohol te rijden, een stijging ten opzichte van 1,4% in 2017. Deze alarmerende cijfers vragen om drastische maatregelen om de verkeersveiligheid te waarborgen. De toename van het aantal ernstig verkeersgewonden en verkeersdoden versterkt de noodzaak voor strengere regelgeving en effectieve handhaving.

Het huidige wetsvoorstel introduceert drie belangrijke maatregelen om de aanpak van rijden onder invloed te versterken. Allereerst krijgt de rechter de bevoegdheid om de ontzegging van de rijbevoegdheid direct uitvoerbaar te verklaren. Daarnaast kan de rechter, bij oplegging van een ontzegging van de rijbevoegdheid, het rijbewijs direct ongeldig verklaren, zelfs bij een eerste veroordeling. Ten slotte wordt de mogelijkheid gecreëerd om vervangende hechtenis toe te passen in geval van schending van de rijontzegging.

Deze maatregelen zijn gekoppeld aan de ontzegging van de rijbevoegdheid en gelden dus niet alleen voor rijden onder invloed, maar ook voor andere ernstige verkeersdelicten zoals het veroorzaken van gevaar op de weg of het verlaten van de plaats van een ongeval. Dit is een aanzienlijke uitbreiding ten opzichte van de huidige recidiveregeling, die alleen ziet op rijden onder invloed.

Foto: © Pitane Blue – Tweede kamer

De Raad van State heeft kritisch gereageerd op het wetsvoorstel en wijst op enkele belangrijke aandachtspunten. Zo vindt de Raad dat de noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit van de uitbreiding van de maatregelen onvoldoende zijn toegelicht. Bovendien is niet duidelijk welke consequenties de uitbreiding heeft voor de uitvoerbaarheid van het voorstel en hoe bestuurders worden geïnformeerd over de nieuwe maatregelen die een afschrikkende werking moeten hebben.

Een ander belangrijk punt van kritiek is de koppeling van vervangende hechtenis aan de ontzegging van de rijbevoegdheid. De Raad adviseert om de toelichting aan te passen en daarin de noodzaak en proportionaliteit van deze maatregel te motiveren in het licht van de Grondwet, het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM) en het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie (EU-Handvest).

De Raad heeft ook opmerkingen gemaakt over de minimumduur van de vervangende hechtenis. De voorgestelde minimumduur van twee weken zou de straftoemetingsvrijheid van de rechter beperken en kan leiden tot disproportionele uitkomsten. De Raad adviseert daarom om geen minimumduur vast te stellen of de duur te heroverwegen.

In reactie op de kritiek van de Raad van State zijn enkele aanpassingen doorgevoerd in het wetsvoorstel en de memorie van toelichting. Zo is de minimumduur van de vervangende hechtenis verlaagd naar drie dagen, vergelijkbaar met de vervangende hechtenis bij niet-naleving van een vrijheidsbeperkende maatregel. Daarnaast is verduidelijkt dat de rechter in elk individueel geval de duur van de vervangende hechtenis bepaalt, rekening houdend met de omstandigheden van de overtreding en de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde.

Verder is in de memorie van toelichting opgenomen dat de vervangende hechtenis geen punitieve sanctie is voor het overtreden van de rijontzegging, maar een middel om de naleving van de rijontzegging te verzekeren. Ook is de mogelijkheid van een dubbele bestraffing, wat in strijd zou zijn met het ne bis in idem-beginsel, verder uitgewerkt en verduidelijkt dat vervolging voor overtreding van de rijontzegging en de tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis gescheiden trajecten zijn.

Het wetsvoorstel biedt de rechter tevens de mogelijkheid om buitenlandse rijbewijzen ongeldig te verklaren, mits de houder ervan in Nederland woonachtig is. Dit zorgt voor een gelijk speelveld tussen Nederlandse en buitenlandse rijbewijshouders en versterkt de handhaving van verkeersveiligheid op de Nederlandse wegen.

VVD – Dilan Yeşilgöz-Zegerius

Samenvattend schrijft de voormalig Minister van Justitie en Veiligheid Yesilgöz-Zegerius dat de Raad van State enkele belangrijke bezwaren heeft geuit bij het wetsvoorstel, maar na aanpassingen door de ministeries lijkt het voorstel klaar om ingediend te worden bij de Tweede Kamer. De wijzigingen in de Wegenverkeerswet 1994 en het Wetboek van Strafvordering zijn cruciaal voor een effectievere aanpak van rijden onder invloed en andere ernstige verkeersdelicten, met als doel de verkeersveiligheid in Nederland aanzienlijk te verbeteren.

Verkeersveiligheid: geldkraan open voor veiligere wegen

De komende periode krijgen gemeenten, provincies en waterschappen nieuwe mogelijkheden om met geld van het Rijk hun wegen veiliger te maken.

In een tijd waarin het aantal verkeersslachtoffers alarmerend stijgt, heeft de Nederlandse regering besloten om aanzienlijke financiële middelen vrij te maken in een poging om de wegen in het land veiliger te maken. Met een toewijding van 500 miljoen euro tot 2030, onder de noemer Investeringsimpuls Verkeersveiligheid, belooft dit initiatief de veiligheid op de weg aanzienlijk te verbeteren door gemeenten, provincies en waterschappen meer flexibiliteit en financiering te bieden voor noodzakelijke aanpassingen.

Minister Mark Harbers van Infrastructuur en Waterstaat kondigde onlangs aan dat de regels voor het verkrijgen van deze financiële steun versoepeld zullen worden. Deze verandering is met name gericht op het verhogen van het maximale bedrag dat in één keer kan worden aangevraagd, een wijziging die vooral kleinere gemeenten ten goede zal komen. Hiermee kunnen zij grootschaligere projecten aanpakken, zoals de aanleg van rotondes of fietsonderdoorgangen, die essentieel zijn voor het verhogen van de verkeersveiligheid.

De aanleiding voor deze grootschalige financiële injectie ligt in de sombere statistieken van het aantal verkeersslachtoffers. Met 745 dodelijke slachtoffers in 2022 is de noodzaak om in te grijpen duidelijker dan ooit. Onderzoek toont aan dat veel van deze ongevallen plaatsvinden binnen de bebouwde kom, een gebied waarvoor nu extra middelen beschikbaar worden gesteld om de veiligheid te vergroten.

Een ander belangrijk aspect van de aangekondigde wijzigingen is de aanpassing in de berekening van de geschatte kosten voor de uitvoering van de maatregelen. Eerder werd dit berekend op basis van het huidige prijspeil, wat niet altijd overeenkwam met de werkelijke kosten op het moment van uitvoering. Dit leidde tot financiële tekorten bij de lokale overheden. Daarom zal nu een realistischer inschatting van de kosten worden gemaakt, waardoor overheden een beter beeld krijgen van de financiële steun die zij kunnen verwachten.

Mark Harbers – VVD

“Het aantal verkeersslachtoffers is weer aan het stijgen: in 2022 ging het om 745 dodelijke slachtoffers, dat zijn meer dan twee mensen per dag. Dat is veel te veel. Uit onderzoek blijkt dat veel ongelukken gebeuren in de bebouwde kom. Daarom hebben we vanuit het Rijk geld beschikbaar om ook deze wegen veiliger te maken. Ik vind het belangrijk om te luisteren naar wat de overheden nodig hebben om dit geld zo effectief mogelijk te besteden, vandaar dat we de regels flexibeler gaan maken.”

Minister Mark Harbers (Infrastructuur en Waterstaat)

Verder wordt de administratieve last voor overheden verminderd. Waar zij voorheen gedetailleerd moesten rapporteren over de uitgaven, zal de focus nu liggen op de realisatie van de maatregelen zelf. Dit betekent dat overheden die efficiënter met hun budget omgaan, hiervan direct kunnen profiteren.

De impact van deze financiële impuls wordt niet alleen op korte termijn verwacht. De Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) heeft geschat dat de uitvoering van alle maatregelen tot 2030 bijna 600 verkeersslachtoffers kan voorkomen. Dit onderstreept het potentieel van de investeringen om niet alleen levens te redden, maar ook economische voordelen te bieden, met een rendement van 1,5 keer de investering.

Met de aankondiging van deze vernieuwde aanpak in de financiering en uitvoering van verkeersveiligheidsmaatregelen, zet Nederland een belangrijke stap naar het terugdringen van het aantal verkeersslachtoffers en het verbeteren van de veiligheid op de weg voor alle gebruikers.

Check zet nieuwe stap in verkeersveiligheid met innovatieve safety lock

Het is een voorbeeld van hoe technologie en educatie samen kunnen werken om sociale normen te veranderen en veiliger gedrag in het verkeer te stimuleren.

Check, de aanbieder van deelscooters, heeft een nieuwe stap gezet om de verkeersveiligheid te verhogen door het lanceren van de Safety Lock-functie in hun app. Deze innovatie, ontwikkeld in samenwerking met TeamAlert, een organisatie gericht op de verkeersveiligheid van jongeren, stelt gebruikers in staat hun app tijdelijk te blokkeren voor het reserveren van voertuigen. Dit initiatief komt als antwoord op zorgwekkende statistieken over het rijden onder invloed op deelscooters, vooral onder jongeren.

De urgentie van deze ontwikkeling wordt onderstreept door een recente enquête van TeamAlert, waaruit bleek dat meer dan een kwart van de jonge deelscootergebruikers (tot 24 jaar) toegeeft wel eens onder invloed een scooter te besturen. Deze bevindingen werden versterkt door een landelijke toename in alcohol- en drugsgebruik in het verkeer in 2022, met een stijging van 37,4% in uitgedeelde boetes. Deze alarmerende cijfers hebben Check aangezet tot actie.

De Safety Lock is niet alleen een technologische oplossing, maar ook een educatieve tool. Gebruikers die het slot willen deactiveren, moeten eerst een tutorial over de gevolgen van rijden onder invloed bekijken. Dit initiatief wordt ondersteund door een gerichte communicatiecampagne van Check, die in drie tijdvakken is opgedeeld volgens onderzoek van het SWOV. De campagne is erop gericht gebruikers bewust te maken van de risico’s van rijden onder invloed en hen aan te moedigen het slot te activeren.

“Onder sommige gebruikers geldt een sociale norm dat het rijden onder invloed op een deelscooter normaal is. Door het bedenken van een nieuwe feature om rijden onder invloed op deelscooters tegen te gaan, zendt Check een krachtige boodschap uit dat dit gedrag niet oké is. In de omgeving van jongeren zijn vrienden erg belangrijk in het creëren van een veilige sociale norm. Doordat de Safety Lock gebruikers stimuleert om de feature met hun vrienden te delen, wordt deze sociale norm versterkt.”

Saar Hadders van TeamAlert

Saar Hadders van TeamAlert benadrukt de belangrijke rol van de Safety Lock in het creëren van een veilige sociale norm onder jongeren. Volgens haar helpt de functie jongeren om voorafgaand aan het drinken van alcohol een veilige keuze te maken en stimuleert het delen van de functie met vrienden een positieve sociale druk. Gebruikers die vrijdag- of zaterdagnacht tussen 23.00 uur en 06.00 uur een deelscooter willen pakken moeten dus eerst verplicht een tutorial kijken over de gevolgen van rijden onder invloed.

Foto: Check Pressroom

Digitale waarschuwingen voor schoolzones verhogen verkeersveiligheid

De proefperiode liet zien dat moderne technologie een directe impact kan hebben op het rijgedrag van automobilisten.

De introductie van een digitale waarschuwing voor automobilisten bij het naderen van schoolzones in 2024 is een grote vooruitgang in de verkeersveiligheid rond Nederlandse scholen. Dit initiatief, dat voortkomt uit een succesvolle proefperiode, is gericht op het beschermen van schoolgaande kinderen, een van de meest kwetsbare groepen verkeersdeelnemers.

Een schoolzone, gedefinieerd als een specifiek gebied rondom een school aangewezen door de gemeente, is vaak een centrum van intensieve activiteit, met kinderen en ouders die te voet, per fiets of met de auto arriveren. Minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat benadrukt het belang van deze nieuwe technologie, waarbij data ingezet wordt om automobilisten alert te maken op hun omgeving, vooral tijdens de hectische momenten van begin en einde van de schooldag.

Deze digitale waarschuwingen, die een aanvulling vormen op fysieke wegaanduidingen, zijn getest in vijf Nederlandse gemeenten Amsterdam, Helmond, ’s-Hertogenbosch, Meijerijstad en Rotterdam. Hierbij speelde de samenwerking met de PO-raad, de sectorvereniging voor primair onderwijs, een cruciale rol. Samen brachten zij de locaties van 190 schoolzones in kaart en creëerden een database met gedetailleerde informatie over schooltijden en vakanties.

“Als scholen beginnen of eindigen, krioelt het van de ouders en kinderen rondom elke school. Op de fiets, te voet of op weg naar de auto. Dit kan onverwachte situaties opleveren, want kinderen zijn nog bezig met het begrijpen van de situaties in het verkeer. Ik vind het een hele mooie uitkomst dat nu blijkt dat data hierbij kan helpen. Als mensen hun rijgedrag aanpassen door een alarm dat ze krijgen in hun auto, zijn ze extra scherp en daarmee wordt de kans op ongelukken kleiner.”

Mark Harbers – Minister Infrastructuur en Waterstaat

Tijdens de proefperiode van december 2022 tot juni 2023 ontvingen automobilisten bij het naderen van een schoolzone een gesproken bericht of een tekstwaarschuwing via hun (navigatie)app, met de duidelijke boodschap om vaart te minderen. Deze waarschuwingen werden mogelijk gemaakt door de samenwerking van verschillende organisaties, waaronder ANWB, Be-Mobile, Tripservice, Locatienet en GeoJunxion, die de data deelden via hun respectievelijke reisapps.

De resultaten van de proef zijn veelbelovend: uit enquêtes onder 3500 gebruikers blijkt dat meer dan de helft van de automobilisten aangeeft alerter te zijn en hun rijgedrag aan te passen door langzamer te rijden. Deze positieve reactie op de digitale waarschuwingen heeft geleid tot het besluit de proef landelijk uit te rollen.

In de volgende fase van dit project zullen alle Nederlandse scholen hun gegevens over schooltijden, vakanties en vrije dagen aanleveren aan de PO-raad. Deze informatie wordt vervolgens gedeeld met het Nationale Dataportaal Wegverkeer (NDW), dat de verantwoordelijkheid draagt om deze te combineren met de locatiedata van schoolzones. Het NDW zal deze gecombineerde gegevens vervolgens toegankelijk maken voor alle navigatieapps en autofabrikanten, inclusief de logistieke sector.

Bijna een derde van vrachtwagens in goederenvervoer is in overtreding

Belangrijk is dat deze inspecties deel uitmaken van een bredere inspanning om niet alleen de naleving van de wet te garanderen, maar ook om een gelijk speelveld in de transportsector te creëren.

Alarmerende resultaten bij gezamenlijke controle wegvervoer uitgevoerd op het goederenvervoer over de weg in de Benelux. De Nederlandse Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de Belgische Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer werkten samen om de naleving van verschillende regelgevingen in de transportsector te toetsen. De onthutsende uitkomst: bijna een derde van de gecontroleerde vrachtwagens was in overtreding.

De controles werden aan beide zijden van de grens uitgevoerd. In Nederland focuste de ILT zich op de omgeving van Venlo, terwijl de Belgische autoriteiten actief waren in Zonhoven en Fernelmont. De inspecties waren gericht op verschillende aspecten, zoals het naleven van rij- en rusttijden, correct gebruik van de tachograaf en het in bezit zijn van de vereiste documenten. Uit de gecombineerde inspectieresultaten van 49 vrachtwagens kwamen 34 overtredingen naar voren, met 16 vrachtwagens in overtreding.

In Nederland werden 26 vrachtwagens geïnspecteerd. Hierbij werden 13 overtredingen geconstateerd, die resulteerden in 8 processen-verbaal en 7 boetes. Deze varieerden van overtredingen van de cabotageregels tot aan het rijden met een verlopen code 95, een verplichte nascholing voor beroepschauffeurs. Ernstiger waren de gevallen waarbij vrachtwagens werden betrapt op technische mankementen, zoals een gebroken remschijf die ter plaatse moest worden vervangen voordat de chauffeur zijn weg mocht vervolgen.

De significante aantallen overtredingen bij de recente inspecties roepen vragen op over de effectiviteit van de huidige handhavingsmechanismen. Met processen-verbaal variërend van technische mankementen tot fraude en overtreding van de rij- en rusttijden lijkt het erop dat er op meerdere fronten ruimte is voor verbetering. Het lijkt er ook op dat de huidige controlesystemen, ondanks hun strengheid, nog niet voldoende afschrikken.

De Belgische Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer inspecteerde 23 voertuigen, waarvan er drie in overtreding waren. Deze overtredingen bestonden onder andere uit fraude en het niet-correct gebruik van de tachograaf. Ook hier werden chauffeurs betrapt op het overtreden van de rij- en rusttijden.

Deze gezamenlijke controles zijn mede mogelijk gemaakt door het Benelux-Verdrag van Luik uit 2014, dat inspectiediensten toestaat grensoverschrijdend samen te werken. Volgens de betrokken partijen helpt deze samenwerking om de handhaving van Europese regelgeving in de transportsector meer gelijk te trekken. Dit is niet alleen bevorderlijk voor eerlijke concurrentie tussen transportbedrijven, maar ook voor betere arbeidsomstandigheden voor chauffeurs en voor de verkeersveiligheid in het algemeen.

De resultaten van deze recente controleacties leggen een belangrijk probleem in de transportsector bloot. Het feit dat een aanzienlijk percentage van de gecontroleerde vrachtwagens in overtreding was, onderstreept de noodzaak voor verdere samenwerking en strengere handhaving in het goederenvervoer over de weg.

Foto: Benelux controle © ILT

Regenboogzebrapad roept ook vragen op over verkeersveiligheid

Het regenboogzebrapad in Gent is zeker niet het eerste in zijn soort, maar het brengt wel weer de aandacht op een dringende kwestie.

Gent, een stad die al lang bekend staat om haar vooruitstrevende en inclusieve beleid, heeft onlangs een nieuw regenboogzebrapad geïnstalleerd. Filip Watteeuw, de Gentse Schepen van Mobiliteit, maakte de nieuwigheid bekend via twitter. “een signaal dat in onze stad iedereen welkom is en dat geweld en onverdraagzaamheid niet kunnen,” aldus Watteeuw. Maar terwijl het gebaar veel positieve aandacht genereert, zijn er ook kritische noten over de verkeersveiligheid en de wettelijke status van deze kleurrijke oversteekplaatsen.

symboliek

Laten we eerst het belang van dit gebaar erkennen. een regenboogzebrapad, of gaybrapad zoals het ook wel genoemd wordt, dient als een krachtig symbool voor de acceptatie van lhbti’ers. In een tijd waarin veel mensen nog altijd worstelen met discriminatie en onverdraagzaamheid, zet Gent een belangrijke stap voorwaarts. De kleurrijke strepen zijn meer dan zomaar een esthetische keuze; ze dragen bij aan een groter gevoel van inclusiviteit en acceptatie.

Toch is er ook een keerzijde. Critici wijzen op het feit dat de regenboogzebrapaden niet voldoen aan de strikte voorwaarden van de verkeerswet, zoals artikel 76.3, dat stelt dat een officiële oversteekplaats voor voetgangers moet worden afgebakend door witte banden. Witte strepen zijn uitgekozen omdat ze van een afstand het meest opvallen en daardoor bijdragen aan de verkeersveiligheid. Let wel, in het geval van het Gentse zebrapad wordt de oversteekplaats ook aangevuld met verkeerslichten.

belangen

De vraag is: kunnen we de twee belangen met elkaar verenigen? Kunnen we een manier vinden om zowel de sociale als de verkeersveiligheid te waarborgen? Een mogelijke oplossing zou kunnen zijn om het regenboogzebrapad te combineren met witte strepen of verkeerslichten, waardoor het pad zowel aan de wettelijke vereisten voldoet als een symbool van inclusiviteit blijft. Of misschien is het tijd om de verkeerswetgeving aan te passen, om zodoende meer ruimte te creëren voor dit soort maatschappelijke initiatieven.

Wat de oplossing ook mag zijn, het nieuwe regenboogzebrapad in Gent heeft duidelijk een snaar geraakt. Het initiatief nodigt uit tot dialoog en reflectie, zowel over de acceptatie van lhbti’ers als over de noodzaak van duidelijke en veilige verkeersregels. Zoals altijd blijft ons advies om verdraagzaamheid te tonen, in alle aspecten van het leven. Dat is uiteindelijk waar het om draait.

Brussel Mobiliteit en Embuild slaan de handen in elkaar

Bedoeling is de bouwsector veiliger en duurzamer te maken.

Brussel Mobiliteit zorgt er samen met Embuild voor dat bouwbedrijven advies en ondersteuning kunnen krijgen op het vlak van logistiek en verkeersveiligheid. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn de logistieke activiteiten van de bouwsector goed voor 20% van het vrachtverkeer en voor 30 tot 50% van de bestelwagens op de weg. Dit heeft heel wat negatieve gevolgen zoals files, uitstoot van broeikasgassen, geluidsoverlast… Tegelijk neemt het aantal verkeersongevallen met bestelwagens toe.

Niet alle bouwbedrijven zijn zich bewust van deze negatieve gevolgen. Omdat de bouwsector verwacht dat de vraag de komende jaren sterk zal toenemen, is het belangrijk de bouwbedrijven bewust te maken van deze problemen en hen aan te moedigen zorg te dragen voor hun logistiek en verkeersveiligheid. ​

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn de logistieke activiteiten van de bouwsector goed voor 20% van het vrachtverkeer en voor 30 tot 50% van de bestelwagens op de weg.

Daarom slaan Brussel Mobiliteit en Embuild de handen in elkaar om de bedrijven te ondersteunen bij het nemen van maatregelen met het oog op een betere logistieke organisatie en meer verkeersveiligheid. ​ Bedoeling is de bouwsector veiliger en duurzamer te maken.

Persconferentie

Deze nieuwe samenwerking wordt toegelicht tijdens een persconferentie op maandag 19 juni 2023om 11 uurop de bouwplaats van Kanal Centre Pompidou, ​ Sainctelettesquare 21, 1000 Brussel. Minister van Openbare Werken, Mobiliteit en Verkeersveiligheid Elke Van den Brandt, Laurence Sailliez, Adviseur Mobiliteit, Logistiek en Verkeersveiligheid van Embuild en de aannemer zullen er het belang van deze samenwerking toelichten. ​

Kosten van verkeersongevallen zijn enorm

Uit de meest recente cijfers van de SWOV blijkt dat de maatschappelijke kosten van verkeersongevallen in 2020 worden geschat op maar liefst 27 miljard euro.

Woensdag 31 mei vindt er in de Tweede Kamer weer een Commissiedebat Verkeersveiligheid plaats. Voor dit debat publiceerde de SWOV (Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid) onlangs een infographic, waarmee maar weer eens pijnlijk duidelijk wordt hoe omvangrijk het verkeersveiligheidsprobleem in Nederland eigenlijk is.

De cijfers liegen er niet om: zowel het aantal verkeersdoden als het aantal gewonden is gestegen, er is een toename van het gebruik van alcohol en drugs in het verkeer en de kosten van verkeersonveiligheid in ons land zijn enorm. En dan heb ik het nog niet eens over het menselijke leed wat schuil gaat achter deze cijfers, aldus Marijke Brouwer – Poelgeest, Jurist, Fonds Slachtofferhulp Kortom. Hoog tijd om te investeren in effectieve preventieve maatregelen.

Uit de meest recente cijfers van de SWOV blijkt dat de maatschappelijke kosten van verkeersongevallen in 2020 worden geschat op maar liefst 27 miljard euro. Het overgrote deel van deze kosten komt voort uit immateriële schade: het enorme leed dat gepaard gaat met een verkeersongeval. Een mensenleven is eigenlijk onbetaalbaar en de impact van het verlies hiervan is vaak enorm.

Bij elke verkeersdode zijn gemiddeld vier directe nabestaanden betrokken. En die vier nabestaanden hebben op hun beurt weer dierbaren om zich heen die zich om hen bekommeren. De impact van een dodelijk verkeersongeval is als het ware een web dat zich uitspreidt en reikt dan ook veel verder dan de cijfers.

Bij elke verkeersdode zijn gemiddeld vier directe nabestaanden betrokken.

Naast de immateriële schade die verkeersongevallen veroorzaken, kost het de samenleving ook ontzettend veel geld, zoals medische kosten, opsporings- en vervolgingskosten, filekosten, etc. Kan dit niet anders? Bijvoorbeeld door als samenleving te investeren in (bewezen) effectieve preventieve maatregelen om de verkeersveiligheid in ons land te verbeteren.

Want waarom beschermen we onze samenleving wel tegen geweldsdelinquenten, maar niet tegen mensen die een verkeersdelict hebben gepleegd? Zij mogen immers gewoon weer de weg op zodra hun straf en eventuele rijontzegging erop zit. Er bestaat nu niet zoiets als ‘verkeersreclassering’. En hoe kan het dat iemand die al meerdere keren is aangehouden voor rijden onder invloed, toch gewoon weer de weg op gaat en vervolgens iemand doodrijdt? Zouden we dit gedrag niet onmogelijk moeten maken door bijvoorbeeld de herinvoering van het alcoholslot, maar dan in het strafrecht?

Door te investeren in preventieve maatregelen, zullen de kosten van verkeersonveiligheid naar mijn mening drastisch dalen. Maar veel belangrijker nog, zullen er mensenlevens gespaard blijven en daarmee kan veel verdriet en leed worden voorkomen.

Marijke Brouwer – Poelgeest, Jurist, Fonds Slachtofferhulp.

Natuurlijk brengt dit een investering met zich mee. Maar plaats deze kosten eens in een breder perspectief. In Nederland hebben we gekozen voor een systeem waarbij wij de samenleving willen beschermen tegen misdadigers en maatregelen kosten nou eenmaal geld. Zo betalen wij als samenleving bijvoorbeeld de elektronische enkelband van een geweldpleger. Als we onszelf niet zouden beschermen, zou de prijs die wij moeten betalen vele malen hoger zijn. Dit is niet anders bij verkeersveiligheid, aldus Marijke Brouwer – Poelgeest, Jurist, Fonds Slachtofferhulp

Volgens Lydia Peeters kunnen slimme drones de verkeersveiligheid verbeteren

“Moordstrookjes moeten definitief uit woordenboek verdwijnen.”

Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters heeft van de fiets een echte topprioriteit gemaakt in haar beleid. Drones kunnen volgens Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Peeters onze VeloVeiligheid verbeteren. Daarbij denkt men aan het opsporen van conflictsituaties nog vóór er slachtoffers vallen. 

In situaties met veel verkeer of bij grote evenementen, zoals fietsraces, kunnen drones worden gebruikt om de situatie in real-time te bewaken. Ze kunnen potentieel gevaarlijke situaties identificeren voordat ze zich voordoen en waarschuwingen doorgeven aan de relevante autoriteiten of deelnemers.

Uiteraard kunnen drones zeker bijdragen aan de veiligheid van fietsers op de weg. Drones kunnen worden gebruikt om verkeerspatronen en gedragingen van automobilisten te observeren. Deze informatie kan worden gebruikt om gevaarlijke wegen en kruispunten te identificeren, evenals tijdstippen waarop het risico voor fietsers het grootst is. Op basis van deze gegevens kunnen stadsplanners passende maatregelen nemen, zoals het verbeteren van de infrastructuur of het aanpassen van verkeerslichten.

fietsveiligheid

Drones kunnen worden gebruikt om educatieve video’s te maken over fietsveiligheid. Deze kunnen realistische scenario’s tonen en uitleggen hoe fietsers veilig kunnen blijven op de weg. Het gebruik van drones voor deze doeleinden zou echter wel regelgeving en privacyoverwegingen met zich meebrengen. Daarnaast zou het nodig zijn om systemen op te zetten voor het effectief beheren en interpreteren van de verzamelde gegevens.

“We werken hard op het terrein en de realisaties worden stilaan zichtbaar. Kwaliteitsvolle infrastructuur is een basisvereiste voor veilig fietsverkeer en daarom moeten we ernaar streven om het investeringsritme van jaarlijks minimaal 300 miljoen euro aan te houden. Kortom: de hoge financiële injecties willen we verankeren in de toekomst. Het ambitieuze fietsbeleid mag niet stoppen na deze legislatuur. We hebben de lat hoog gelegd inzake fietsinfrastructuur en die lat moet hoog blijven liggen of zelfs hoger komen te liggen. Weg met ‘moordstrookjes’ en ‘nietspaden’, liever vandaag dan morgen.”

Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters

fietsbeleidsplan

Het vorige fietsbeleidsplan dateert uit 2016 en is achterhaald. Voor Lydia Peeters (Open Vld) moeten ‘moordstrookjes’ definitief uit het woordenboek verdwijnen. Nog nooit werd er zoveel geïnvesteerd in fietsinfrastructuur als onder Minister Peeters. Deze legislatuur maakt Peeters maar liefst 1,4 miljard euro vrij voor veilige en comfortabele fietspaden. In 2017 werd er bijvoorbeeld net iets meer dan 100 miljoen euro geïnvesteerd. Alleen al in 2023 gaat het om 446 fietswerven op en langs onze gewestwegen. Daarnaast ondersteunt deze Vlaamse regering onder impuls van Minister Peeters ook de provincies en lokale besturen bij het uitvoeren van hun fietsambitie.

De Minister wil tegen 2040 elk jaar minstens 125 gevaarlijke kruispunten aanpakken, dat stelt zij in haar Fietsambitie en het meest innovatieve plan, de drones die via het MIA-project (Mobiliteit Innovatief Aanpakken) zijn ingezet om op korte termijn gevaren in het verkeer te neutraliseren, zijn technologie die alles beter in kaart moeten brengen. Voor sommigen roept de naam ‘slimme drones’ al vragen op. De beelden van de camera’s die via de drones worden ontvangen moeten door mensen worden geanalyseerd. “De gevaarlijke verkeerssituaties brengen we al 50 jaar in kaart, het probleem is dat we ze maar zelden ‘slim’ oplossen.”, twittert Herman Willemse in een reactie op het plan. 

Toch leren we van de proefprojecten waarbij de toestellen boven potentieel gevaarlijke punten de lucht in worden gestuurd en sporen conflictsituaties op nog vóór er slachtoffers vallen. De opbrengst ervan is enorm: “Op bijzonder korte tijd kunnen we verkeerssituaties in kaart brengen, beoordelen en potentiële conflicten proactief aanpakken”, zegt verkeersexpert Tom Brijs (UHasselt).

Foto: Lydia Peeters – Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken

In haar Fietsambitie benadrukt minister Peeters dat verdere investeringen absoluut nodig zijn en blijven. Iedereen moet de mogelijkheid hebben om zich met de fiets te verplaatsen. Daarom is het de ambitie dat in 2040 elke Vlaming toegang heeft tot een (deel)fiets en dat iedereen – ongeacht leeftijd, gender, sociale klasse, cultuur of gezondheid – zich veilig en comfortabel voelt op de fiets.

“Dataverzameling, innovatie en experiment zijn cruciaal voor een grensverleggend fietsbeleid. Door vandaag te experimenteren met slimme technologieën en nieuwe materialen, bouwen we aan een écht ambitieuze toekomst voor de fiets”, zegt minister Peeters.

De technologie is ondertussen toegepast op drie zogenaamd grijze knelpunten; plaatsen waar niet meteen ongevallen voorkomen, maar waar weggebruikers zich toch niet veilig voelen. De Schoolstraat in Beringen is daar één van. Daar werd de drone tweemaal de lucht in gestuurd, in de ochtendpiek en ‘s avonds. De dronebeel­den leggen ook draai- en keerproble­men bloot, oversteek­ge­drag of parkings die als kortere weg dienst doen. 

De resultaten werden volgens HLN ondertussen met de stad Beringen en het Agentschap Wegen en Verkeer besproken én de eerste aanpassingen werden al doorgevoerd, meldt het kabinet-Peeters. Zo werd de oversteekplaats voor kinderen opgeschoven, zodat die “meer in de lijn ligt met de natuurlijke looplijnen” en werd een kleine zijstraat afgesloten.

Provincie Utrecht investeert in verbeteren verkeersveiligheid

In de provincie Utrecht vroegen 18 wegbeheerders (provincie, gemeenten, waterschap) subsidie aan bij het Rijk, om vooral de verkeersveiligheid voor fietsers te verbeteren.

Provincie, gemeenten, Waterschap Rivierenland en het Rijk investeren de komende jaren 6,5 miljoen euro in het verbeteren van de verkeersveiligheid op hun wegen. Het geld wordt onder meer besteed aan bredere fietspaden, betere oversteeklocaties en veiligere 30 km/u wegen binnen de bebouwde kom.

Eind 2021 zetten de Utrechtse wegbeheerders samen met de politie en het Openbaar Ministerie samen al de stap om het aantal verkeersslachtoffers terug te dringen. Met het ondertekenen van de ‘Intentieverklaring Verkeersveiligheid’ spraken de partijen af om meer samen op te trekken en intensiever samen te werken. De partijen brachten de belangrijkste verkeersveiligheidsrisico’s in beeld en legden verbetermaatregelen vast in de ‘Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid’.

Regio zet in op fietsveiligheid

In de provincie Utrecht vroegen 18 wegbeheerders (provincie, gemeenten, waterschap) subsidie aan bij het Rijk, om vooral de verkeersveiligheid voor fietsers te verbeteren. Uit ongevalcijfers blijkt namelijk dat fietsers vaak gewond raken in het verkeer. Met de toegekende subsidie van het Rijk worden fietspaden verbreed, kant- en asmarkering aangebracht op de weg, fietsstraten gemaakt en oversteeklocaties voor fietsverkeer veiliger gemaakt. De provincie Utrecht ontving een subsidie van 360.000 euro voor het verbeteren van oversteeklocaties op de N226 en de N224. De provincie maakt hier een ‘middeneiland’ waardoor fietsers in twee fasen kunnen oversteken en een aantal drempels bij kruispunten met fietsers.

Met de toegekende subsidie van het Rijk worden fietspaden verbreed, kant- en asmarkering aangebracht op de weg, fietsstraten gemaakt en oversteeklocaties voor fietsverkeer veiliger gemaakt.

“We zijn heel gelukkig dat de minister deze rijksbijdrage levert. Verkeersveiligheid is een heel belangrijk thema voor de provincie Utrecht en de fietser hebben we hoog in het vaandel. Met deze bijdrage kunnen we een extra impuls geven aan de verkeersveiligheid voor met name de fietser, en samen met onze partners aan de slag gaan om de verkeersituatie in onze provincie te verbeteren.”

Gedeputeerde Schaddelee.

Ook provincie verleende subsidie

Ook de provincie Utrecht doet zelf een duit in het zakje door subsidie aan wegbeheerders te geven voor meer verkeersveiligheid op lokale wegen. In 2022 verleende de provincie 2,2 miljoen euro subsidie aan verkeersveiligheidsverbeteringen op wegen in beheer van gemeenten en waterschap. In totaal vroegen 9 wegbeheerders subsidie aan voor onder andere het goed inrichten van 30km/uur zones, het aanleggen van zebrapaden, het verkeersveiliger maken van fietsoversteken, het herinrichten van kruispunten en het verbeteren van ‘schoolzones’, waar schoolgaande kinderen en hun ouders zijn.

Gratis trainingen voor motor- en scooterrijders in Brussel

In het weekend van 15 en 16 april organiseert Brussel Mobiliteit ook de Brussels motorbike & scooter safety days die volledig in het teken staan van de verkeersveiligheid van bestuurders van motoren en scooters in Brussel.

Hoewel motorrijden vooral een passie is, is het helaas ook het verplaatsingsmiddel met het hoogste aantal ongevallen. Bestuurders van gemotoriseerde tweewielers vormen 20% van de doden en zwaargewonden op onze wegen. Brussel Mobiliteit geeft een overzicht van de nieuwe technische keuring voor motoren en organiseert op 15 en 16 april twee dagen met technische check-ups en opleidingen voor bestuurders.

Sinds 1 januari 2023 moeten motorfietsen technisch gekeurdworden na een ongeval en voor ze als tweedehandsvoertuig verkocht worden. In januari en februari hebben 148 motorrijders hun motor in Brussel ter keuring aangeboden en 22,97% van de voertuigen kreeg een rode kaart!

De keuring van motoren is gericht op de verkeersveiligheid en de impact van de motor op het milieu en de geluidsoverlast: remmen, lichten, reflecterende voorzieningen, assen, wielen, ophanging, geluid en uitstoot enz. ​

“Mensen die motorrijden weten het beter dan wie ook: de staat van hun voertuig is de beste waarborg voor hun veiligheid. Met deze eerste stap in de technische keuring van motorfietsen wordt een onafhankelijke controle van het voertuig mogelijk in twee belangrijke fasen: bij een tweedehandsverkoop en na een ongeval. De keuring draagt dus bij tot de veiligheid en biedt ook de garantie dat de motor in goede staat verkeert en zich zonder gevaar of hinder te veroorzaken over onze wegen kan rijden. In geval van een lek, vervuiling of een defecte of lawaaierige uitlaat zal men terug naar de garage moeten!”

Elke Van den Brandt, Brussels minister van Mobiliteit.

Brussels motorbike & scooter safety days

In het weekend van 15 en 16 april organiseert Brussel Mobiliteit ook de Brussels motorbike & scooter safety days die volledig in het teken staan van de verkeersveiligheid van bestuurders van motoren en scooters in Brussel. Het programma bestaat uit praktijkopleidingen door professionele instructeurs en de mogelijkheid de mogelijkheid voor een technische check-up van je motorfiets.

Praktijksessie verkeersveiligheid voor leden Koninklijk Nederlands Vervoer

Zorgverzekeraar Achmea, VVGN en KNV organiseren speciaal voor KNV-leden een bijzondere bijeenkomst.

Verkeersveiligheid is een onderwerp dat altijd actueel zal blijven, omdat er dagelijks ontzettend veel mensen op de weg te vinden zijn die op een veilige manier van A naar B moeten reizen. En dat is zeker ook het geval voor taxichauffeurs die elke dag op een veilige manier hun klanten vervoeren.

Zorgverzekeraar Achmea, Verkeersveiligheid Groep Nederland (VVGN) en Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) organiseren speciaal voor KNV-leden op woensdag 22 maart een bijzondere en gratis bij te wonen bijeenkomst om vervoerders te helpen meer grip te krijgen op ongevallen risico’s. De sessie is enkel toegankelijk voor leden die zich hier kunnen aanmelden en kunnen uitkijken naar een actieve en leerzame praktijksessie verkeersveiligheid.

defensief rijden

Kleine of grote ongelukken kunnen een bedrijf flink in de problemen brengen. Voorkomen is natuurlijk beter. Als ondernemer kunt u zelf veel doen. Wat allemaal, hoort u tijdens deze unieke ledenmiddag. Maar u ervaart het ook zelf, want we gaan voor een rijvaardigheidstraining de testbaan op.

Vervoerders helpen meer grip te krijgen op ongevallen risico’s.

Defensief rijden is veiliger en duurzamer rijden. Defensief rijgedrag is een op de omgeving en milieu aangepast rijstijl. Een rijstijl waarbij de bestuurder niet alleen het voertuig maar ook de situatie onder controle houdt. Kostenbeperking op het gebied van schade, brandstofgebruik en aansprakelijkheid staan centraal. 

Een rijstijl analyse is een chauffeursbeoordeling waarbij ook direct een rijstijl aanpassing wordt nagestreefd. In de training wordt een defensieve rijstijl aangeleerd, hierbij staan economisch rijden, rij- en schakelgedrag centraal. De Verkeersveiligheid Groep Nederland is met 85.000 cursisten per jaar marktleider op het gebied van verkeersveiligheid- en duurzaamheidstrainingen voor personenvoertuigen en trainingen voor het goederen- en personenvervoer (Code 95)

Tournée Minérale, een maand lang geen druppeltje alcohol in het verkeer

Alcohol verstoort dus het natuurlijke evenwicht in het brein. De dag erna wil je lichaam dat evenwicht herstellen.

In heel België start de zevende editie van Tournée Minérale. Nu is alcohol al helemaal taboe in het verkeer maar toch dagen we iedereen uit om in februari een maand lang geen alcohol te drinken. Een van de momenten waarop het vanzelfsprekend lijkt dat we alcohol drinken, is wanneer we samenkomen met familie. En dat kan perfect zonder alcohol.

Tournée Minérale is van iedereen! Een maand zonder alcohol is hét moment om allerlei leuks te organiseren.

Februari wordt opnieuw de alcoholvrije maand. Maar begrijp ons niet verkeerd: meedoen wil niet zeggen dat je een saaie vier weken tegemoet gaat! De opties voor alcoholvrij entertainment zijn eindeloos. Sterker nog: Tournée Minérale kan de perfecte gelegenheid zijn om iets leuks te organiseren voor je klanten, je buren of gewoon voor iedereen. Een mocktailworkshop organiseren met je horeca-zaak of je vereniging? Als gemeente je bewoners uitnodigen voor een alcoholvrije receptie? Een grote alcoholvrije fuif organiseren? Alles kan!

kater in het verkeer

De fysieke ongemakken die een kater met zich meebrengt, kunnen je lichaam ook het signaal geven dat het stress heeft. Zo moet bijvoorbeeld je hart harder pompen om het bloed door je lichaam te sturen, net zoals wanneer je lichaam reageert op een reële bedreiging. De negatieve gevoelens die gepaard gaan met je kater, hebben ook te maken met hoe alcohol inwerkt op je hersenen.

Deelnemen aan Tournée Minérale is geen oplossing voor wie problemen ervaart met zijn of haar alcoholgebruik. Ben je bezorgd over je alcoholgebruik of heb je vragen? Contacteer anoniem De Druglijn voor een eerste advies op maat. Online hulp en begeleiding vind je op Alcoholhulp.

Den Haag zet in op verbetering verkeersveiligheid

Om de verkeersveiligheid in de stad verder te verbeteren is door het college van B&W een uitvoeringsprogramma verkeersveiligheid 2023-2026 vastgesteld.

Om de verkeersveiligheid in de stad verder te verbeteren is door het college van B&W een uitvoeringsprogramma verkeersveiligheid (UVP) (externe link)2023-2026 vastgesteld. In het programma wordt onder meer ingezet om per jaar de omgeving van 20 scholen verkeersveiliger te maken, onveilige zebrapaden aan te pakken en verkeerseducatie te verzorgen voor jonge en oude Hagenaars. Ook wordt er met partners verder gegaan met de zogeheten ‘hufteraanpak’ om ongewenst gedrag in het verkeer tegen te gaan. In totaal wordt ruim 25 miljoen euro uitgetrokken voor het programma.

‘‘De gemeente Den Haag maakt een punt van 0 verkeersslachtoffers en zet hiervoor in op verbetering van de verkeersveiligheid. Iedereen in onze stad moet zich namelijk veilig kunnen verplaatsen in de stad. Waar ik blij mee ben is dat in het programma klachten en meldingen van bewoners over verkeersveiligheid zijn meegenomen. Binnen de uitvoering van alle projecten wordt gekeken hoe Hagenaars het beste kunnen worden betrokken. Alleen samen maken kunnen we de stad verkeersveiliger maken”.

Wethouder Anne Mulder.

Thema’s

Het UVP is opgesteld aan de hand van meerdere thema’s. Voorbeelden van deze thema’s zijn veilige infrastructuur voor fietsers en voetgangers, veilige snelheden, verkeersveilig gedrag aanleren en ongewenst en asociaal verkeersgedrag afleren. Per thema worden meerdere concrete maatregelen genomen om de verkeersveiligheid te verbeteren.

Voor het thema veilige infrastructuur voor fietsers en voetgangers wordt bijvoorbeeld ingezet op het aanpakken van zogeheten black spots. Dit zijn plekken waar veel ongelukken gebeuren. Ook wordt gekeken naar het verbeteren van de verkeersveiligheid bij winkelcentra. Op een aantal van de Haagse 50-kilometerwegen worden verkeersveiligheidsmaatregelen genomen die ook de doorstroming ten goede komen. De meest onveilige plekken worden het eerste aangepakt.

Gedrag speelt een grote rol binnen verkeersveiligheid. De gemeente Den Haag vindt het daarom belangrijk aandacht te geven aan verkeersveilig gedrag en Hagenaars te ondersteunen om veilig aan het verkeer deel te nemen.

Leven lang leren

Gedrag speelt een grote rol binnen verkeersveiligheid. De gemeente Den Haag vindt het daarom belangrijk aandacht te geven aan verkeersveilig gedrag en Hagenaars te ondersteunen om veilig aan het verkeer deel te nemen. Voor basisschoolleerlingen wordt daarom bijvoorbeeld het programma ‘Veilig Leren Fietsen’ voortgezet. Jaarlijks worden lessen uit dit programma aan ruim dertig scholen aangeboden, waaraan ongeveer 10.000 kinderen deelnemen.

De gemeente Den Haag biedt voor ouderen een pakket verkeerscursussen aan voor het veilig gebruik van de fiets, e-bike en scootmobiel en het bijhouden van de rijvaardigheid voor de auto. Ook het opfrissen van kennis van verkeersregels is onderdeel van de cursussen. Dit wordt gedaan in een wijkgerichte benadering, deze blijkt effectief en het aanbod voorziet in een behoefte van Haagse senioren.

Hufteraanpak

Samen met politie, Regionaal Ondersteuningsbureau Verkeersveiligheid Zuid-Holland en gemeente Rotterdam is in 2021 gestart met de ontwikkeling van een hufteraanpak. Het race- en patsergedrag van vooral jonge mannen staat centraal in een campagne die oproept tot zelfreflectie. Deze campagne wordt versterkt door de inzet van handhaving waarbij streng opgetreden wordt. De komende tijd gaat de gemeente Den Haag verder met deze aanpak, aldus de gemeente.