Tag archieven: elektrisch

Elektrische koets verovert steden: oude traditie zonder dierenleed

Veel steden hebben we ondertussen een opvallende trekpleister bij die bij menig toerist de wenkbrauwen doet fronsen én nieuwsgierigheid opwekt. Klassieke koetsen rijden in een aantal steden nog altijd door de straten, maar wie goed kijkt, merkt al snel dat er iets ontbreekt. Geen gehinnik, geen hoefgetrappel, geen paarden voor de wagen. In plaats daarvan zorgen stille elektromotoren ervoor dat de rijtuigen soepel door het stadsverkeer glijden.

De introductie van deze elektrische koetsen heeft niet alleen het straatbeeld veranderd, maar ook een bredere discussie nieuw leven ingeblazen. Zijn paardenkoetsen nog wel van deze tijd? Steden zoals Brussel en Antwerpen lijken daar inmiddels een duidelijk antwoord op te hebben gegeven. Al in 2022 werd beslist om het gebruik van paarden voor toeristische rondritten stop te zetten. Daarmee koos Brussel resoluut voor een diervriendelijker alternatief, zonder afscheid te nemen van de nostalgische charme waar bezoekers zo dol op zijn. Sinds dit jaar zijn deze koetsen ook het straatbeeld in Antwerpen geworden.

moderne technologie

De elektrische varianten doen visueel nauwelijks onder voor hun traditionele voorgangers. Ze beschikken nog steeds over de kenmerkende hoge wielen, sierlijke afwerking en comfortabele bankjes. Ook de koetsier is gewoon aanwezig, gezeten op de bok, klaar om toeristen langs de mooiste plekjes van de stad te begeleiden. Het verschil zit volledig onder de motorkap, waar moderne technologie het zware werk overneemt.

Voor dierenrechtenorganisaties komt deze ontwikkeling als geroepen. Zij wezen al jaren op de nadelen van paardenkoetsen in drukke steden. Vooral tijdens warme zomerdagen zouden de dieren het zwaar hebben, terwijl ze tegelijkertijd blootgesteld worden aan uitlaatgassen en het constante stadsrumoer. Het beeld van paarden die urenlang door drukke straten trekken, paste volgens critici steeds minder bij een moderne, diervriendelijke samenleving.

Daar komt bij dat het onderhoud van paarden aanzienlijk intensiever en kostbaarder is. Ze hebben stallen nodig, verzorging, voedsel en rustmomenten. Een elektrische koets daarentegen hoeft enkel opgeladen te worden. De vergelijking met een laadpaal in plaats van een stal wordt dan ook snel gemaakt. Bovendien kennen de nieuwe koetsen geen vermoeidheid, wat het voor exploitanten makkelijker maakt om ritten te plannen en uit te voeren.

Foto: © Pitane Blue – elektrische koets

Met de geruisloze koetsen, het zachte rinkelen van een bel en het verdwijnen van het hoefgetrappel, schrijven steden een nieuw hoofdstuk in een eeuwenoude traditie. Een hoofdstuk waarin stilte en vooruitgang hand in hand gaan met charme en beleving.

Ook op praktisch vlak bieden de elektrische koetsen voordelen. Het bekende hoefgetrappel op de kasseien heeft plaatsgemaakt voor een vrijwel geruisloze rit. Dat zorgt niet alleen voor een rustiger straatbeeld, maar wordt ook door omwonenden gewaardeerd. En waar vroeger paardenpoep nog wel eens voor overlast zorgde, behoort dat nu definitief tot het verleden.

geen koopje

Toeristen lijken het nieuwe concept zonder moeite te omarmen. Voor een rondrit van ongeveer een half uur betalen bezoekers in Brussel zo’n 70 euro. Dat is geen koopje, maar de prijs geldt voor een gezelschap van maximaal vijf personen, wat het voor groepen aantrekkelijker maakt. De ervaring blijft volgens veel reizigers even sfeervol en pittoresk als voorheen, met als extra voordeel dat men zich geen zorgen hoeft te maken over het welzijn van dieren.

Foto: © Pitane Blue – elektrische koets op de Grote Markt in Brussel

De Brusselse keuze heeft inmiddels navolging gekregen. Kort na de introductie in de hoofdstad doken ook in Antwerpen soortgelijke elektrische koetsen op. Het lijkt daarmee een bredere trend te worden in grote steden, waar men zoekt naar manieren om traditie en moderniteit met elkaar te verzoenen.

Met deze stille revolutie op wielen bewijzen steden dat het mogelijk is om erfgoed en innovatie hand in hand te laten gaan. De romantiek van een koetsrit blijft behouden, maar dan in een vorm die beter aansluit bij de eisen en waarden van deze tijd.

Wegenbelasting gaat op de schop: kabinet rekent voortaan op vierkante meters

De wegenbelasting in Nederland staat op het punt drastisch te veranderen. De regering is van plan het systeem voor de motorrijtuigenbelasting (mrb) volledig op de schop te nemen.

Waar nu nog het gewicht van een auto bepaalt hoeveel belasting er betaald moet worden, wil het kabinet dit in de toekomst baseren op de oppervlakte van het voertuig. De wijziging is een directe poging om het bezit van elektrische auto’s aantrekkelijker te maken, nu juist die zwaardere modellen in het huidige systeem vaak zwaarder belast worden.

Het nieuwe voorstel maakt deel uit van het klimaatpakket dat staatssecretaris Van Oostenbruggen (Belastingdienst, NSC) en minister Hermans (Klimaat, VVD) vrijdag willen presenteren. Volgens bronnen rondom het kabinet zou het plan een structurele oplossing moeten bieden voor een scheefgroei die zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld: elektrische auto’s, vaak zwaarder door hun accu’s, worden in het huidige stelsel zwaarder belast dan lichtere brandstofauto’s, terwijl de overheid elektrisch rijden juist stimuleert.

nieuw stelsel

Nu betalen eigenaren van een elektrische auto nog fors minder motorrijtuigenbelasting. In 2025 is er een korting van 75 procent van kracht, die volgens eerdere plannen zou dalen naar 25 procent in 2026. Maar het kabinet wil die korting vanaf 2026 verhogen naar 30 procent, en deze regeling in stand houden tot in ieder geval 2028. Het nieuwe stelsel moet daarna zorgen voor een eerlijke, blijvende stimulans, zonder het gebruik van subsidies of tijdelijke belastingkortingen.

Minister Hermans bevestigde tegenover BNR dat het kabinet het belangrijk vindt dat elektrisch rijden ook in de toekomst aantrekkelijk blijft. “We willen het bezit van elektrische auto’s blijven stimuleren, maar wel op een manier die structureel houdbaar is,” aldus Hermans. “Daarom zetten we in op een belasting die meer recht doet aan het gebruik en de grootte van het voertuig, in plaats van het gewicht alleen.”

Staatssecretaris Van Oostenbruggen ziet in de nieuwe berekening een manier om belasting eerlijker te maken. “Het systeem moet meebewegen met technologische ontwikkelingen en duurzaamheid. Elektrische auto’s zijn belangrijk in onze klimaatambities, maar ze worden nu ten onrechte zwaarder belast. Daar willen we iets aan doen.”

Sophie Hermans – VVD

Door te kijken naar de lengte en breedte van voertuigen, en deze oppervlakte als basis te nemen voor de mrb, hoopt het kabinet een evenwichtiger verdeling te vinden. Grotere auto’s gaan dan weliswaar meer betalen, maar het verschil tussen elektrische en fossiele voertuigen wordt kleiner. Daarmee worden niet langer alleen accuzware elektrische SUV’s gestraft, terwijl compacte brandstofauto’s een belastingvoordeel genieten.

groter pakket

De hervorming van de motorrijtuigenbelasting is onderdeel van een groter pakket maatregelen dat de komende jaren in werking moet treden om de CO2-uitstoot te verminderen. Naast deze belastingaanpassing wordt er gekeken naar een breder beleid rond elektrisch rijden, zoals de stimulering van tweedehands stekkerauto’s en vergroening van leaseparken.

Tegelijkertijd liggen er zorgen over de financiële houdbaarheid van het stelsel. Nu steeds meer mensen elektrisch rijden en dus geen accijns meer betalen op brandstof, dreigen de belastinginkomsten terug te lopen. Het idee van rekeningrijden, eerder al door het kabinet onderzocht, blijft voorlopig in de ijskast staan. Met deze belastinghervorming wil het kabinet alvast een eerste stap zetten richting een toekomstbestendig systeem.

Tweedehands elektrische auto: veel automobilisten blijven twijfelen

Ondanks de groeiende populariteit van elektrische voertuigen (EV’s) blijft een aanzienlijke groep automobilisten in Nederland twijfelen over de overstap naar elektrisch rijden.

Diverse obstakels, waaronder financiële en praktische aspecten, houden consumenten tegen om hun benzine- of dieselauto in te ruilen voor een duurzamer alternatief. Een van de grootste redenen waarom consumenten aarzelen, is de hogere aanschafprijs van elektrische auto’s. De gemiddelde EV is aanzienlijk duurder dan een traditionele auto op fossiele brandstoffen, wat vooral te wijten is aan de kosten van de batterijen. Hoewel de operationele kosten, zoals energie en onderhoud, vaak lager liggen, blijven veel mensen opzien tegen de initiële investering. 

Bovendien wordt de situatie verergerd door het afbouwen van subsidies door de overheid. Tot enkele jaren geleden werden kopers van elektrische voertuigen flink beloond met financiële tegemoetkomingen, maar deze voordelen zijn de laatste tijd aanzienlijk verminderd. Het verdwijnen van subsidies maakt elektrisch rijden voor veel Nederlanders minder aantrekkelijk.

laadmogelijkheden

Hoewel Nederland een van de dichtste netwerken van laadpalen ter wereld heeft, is het gebrek aan laadmogelijkheden een belangrijke reden voor terughoudendheid. Vooral mensen zonder eigen oprit of parkeerplaats ervaren dit als een probleem. “Ik moet altijd een laadpaal zoeken in mijn buurt, en dat is niet altijd eenvoudig,” verklaart een automobilist uit Amsterdam. Dit probleem is vooral nijpend in dichtbevolkte stedelijke gebieden, waar publieke laadpalen vaak volgeboekt zijn. Ook op vakantie of tijdens langere ritten roept het vinden van een laadpunt stress op bij potentiële kopers.

De zorgen over de batterijprestaties van elektrische auto’s spelen eveneens een rol. Hoewel fabrikanten doorgaans lange garanties bieden op batterijen, twijfelen consumenten aan de levensduur en vervangingskosten ervan. Vooral bij de aankoop van een tweedehands EV heerst er onzekerheid. Een batterijtje dat niet meer naar behoren functioneert, kan duizenden euro’s kosten om te vervangen. Deze twijfel weerhoudt veel kopers ervan om over te stappen.

Een automobilist die overwoog een tweedehands elektrische auto te kopen, merkte op: “Ik vond een mooie auto binnen mijn budget, maar na het lezen over mogelijke accuproblemen heb ik het niet gedaan. Het risico voelde te groot.”

persoonlijke voorkeuren

Los van de praktische en financiële aspecten geven sommige automobilisten simpelweg de voorkeur aan de rijervaring van een traditionele auto. Het geluid en de sensatie van een krachtige verbrandingsmotor worden door liefhebbers vaak als een gemis ervaren in elektrische voertuigen. “Het voelt alsof ik een deel van mijn rijplezier opgeef,” aldus een autoliefhebber die al jaren fan is van sportwagens met een benzinemotor.

Foto: © Pitane Blue – Pitane Mobility laadpalen opzoeken

De verschillen tussen de Randstad en de Achterhoek maken duidelijk dat de overstap naar elektrisch rijden maatwerk vereist. In stedelijke gebieden,

Voor wie toch de stap naar elektrisch rijden overweegt, biedt de tweedehandsmarkt een interessant alternatief. Hier liggen de prijzen vaak lager, maar extra voorzichtigheid is geboden. Deskundigen raden aan om bij tweedehands elektrische auto’s altijd een accudegradatietest uit te laten voeren. Zo krijgt de koper inzicht in de resterende capaciteit van de batterij. Andere tips, zoals het controleren van de onderhoudshistorie en een uitgebreide proefrit, zijn eveneens cruciaal.

toekomst van elektrisch rijden

Elektrisch rijden is in opkomst, maar de mogelijkheden om een elektrische auto te gebruiken verschillen sterk per regio in Nederland. De Randstad, met zijn stedelijke karakter en uitgebreide infrastructuur, biedt volop kansen voor elektrisch rijden. Daarentegen ervaart de meer landelijke Achterhoek duidelijke uitdagingen, vooral door het gebrek aan een uitgebreid laadnetwerk. Deze verschillen tonen hoe de overgang naar duurzaam vervoer voor iedereen anders verloopt.

De Randstad, bestaande uit steden als Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, is een van de drukst bevolkte regio’s van Nederland. Deze stedelijke omgeving is een broedplaats voor innovatie en economische activiteit, wat duidelijk zichtbaar is in de ontwikkeling van elektrische mobiliteit. Het laadnetwerk in de Randstad is een van de meest uitgebreide in Europa. Overal in de steden zijn laadpalen te vinden, waardoor bewoners en bezoekers eenvoudig hun voertuigen kunnen opladen.

In contrast met de Randstad staat de Achterhoek, een regio die bekendstaat om zijn rust, natuur en kleine dorpsgemeenschappen. De lage bevolkingsdichtheid is een van de redenen waarom de laadinfrastructuur hier minder ontwikkeld is. In sommige dorpen zijn slechts een of twee laadpalen beschikbaar, wat voor veel inwoners een struikelblok vormt. Wie in een dorp woont en niet de mogelijkheid heeft om een laadpunt op eigen terrein te plaatsen, moet vaak op zoek naar een publieke laadpaal die misschien al bezet is.

Hoewel de obstakels reëel zijn, groeit het aantal elektrische voertuigen op de Nederlandse wegen gestaag. Innovaties in batterijtechnologie, de uitbreiding van het laadnetwerk en prijsdalingen maken elektrisch rijden steeds toegankelijker. Experts verwachten dat de drempels in de komende jaren verder zullen verdwijnen, waardoor steeds meer consumenten de overstap zullen maken. Voor nu blijft het echter belangrijk om potentiële kopers beter te informeren en de laadinfrastructuur verder te verbeteren.

BYD maakt debuut op Innotrans 2024: pionier in elektrische bussen toont nieuwste modellen

InnoTrans 2024, de grootste internationale vakbeurs voor transporttechnologie, zet de schijnwerpers dit jaar op de toekomst van het openbaar vervoer met de nieuwste generatie bussen.

De Bus Display, een vaste waarde binnen het evenement, biedt een indrukwekkende presentatie van de meest geavanceerde bussen en infrastructuur, waarbij duurzaamheid en innovatie centraal staan. Dit jaar trekt de Bus Display extra aandacht door de deelname van prominente internationale fabrikanten, waaronder enkele nieuwkomers op het evenement. De Bus Display, gelegen in de Zomertuin van het Berlijnse beursterrein, biedt een platform waar vervoersbedrijven en verenigingen de nieuwste modellen bussen kunnen bewonderen. 

Chinese BYD

Op een speciaal aangelegd circuit van 500 meter worden deze bussen niet alleen statisch tentoongesteld, maar kunnen ze ook in actie worden gezien. Deze demonstratieritten stellen fabrikanten in staat om de capaciteiten van hun voertuigen live te tonen, wat een uniek inzicht geeft in de prestaties en mogelijkheden van de nieuwste technologieën. Een van de grootste trekkers dit jaar is de eerste deelname van het Chinese BYD, ’s werelds grootste autofabrikant, die drie elektrische bussen presenteert: de BYD B12, B13 en B18. Met een actieradius van maar liefst 600 kilometer en innovatieve kenmerken zoals het zelfontwikkelde blade battery-chassis, zetten deze bussen een nieuwe standaard voor elektrisch stadsvervoer. BYD heeft wereldwijd al meer dan 81.000 elektrische bussen geleverd en is daarmee een pionier op het gebied van e-mobiliteit.

Ook het Nederlandse Ebusco trekt de aandacht met zijn Ebusco 3.0, de lichtste e-bus in zijn klasse. Dankzij een carrosserie van composietmaterialen weegt deze bus slechts 9950 kilogram en verbruikt hij slechts 0,65 kWh per kilometer. Met een actieradius tot 700 kilometer en een levensduur van 25 jaar, biedt de Ebusco 3.0 een duurzame en kostenefficiënte oplossing voor stedelijk vervoer. De geïntegreerde accu’s in de vlakke vloer en de mogelijkheid om het dak te benutten voor zonne-energie maken deze bus tot een van de meest innovatieve voertuigen op de markt.

Een andere opvallende deelnemer is de Hongaarse busfabrikant Ikarus, die voor het eerst aanwezig is op de InnoTrans. Ikarus, met meer dan 125 jaar ervaring, presenteert twee elektrische bussen: de Ikarus 120e en de Ikarus Midi-bus. Beide modellen zijn ontworpen met het oog op emissievrij openbaar vervoer en zijn uitgerust met de nieuwste laadstroomafnemers van Siemens, wat een naadloze integratie van laadoplossingen mogelijk maakt.

Foto: © Messe Berlin GmbH

Naast de prominente busfabrikanten zijn er ook exposanten die zich richten op ondersteunende technologieën en infrastructuur. Ventura Systems, een toonaangevende fabrikant van deursystemen voor stadsvervoer, presenteert haar nieuwste innovaties op het gebied van veiligheid en comfort. Hun “Seal” deursysteemconcept en het nieuwe ontwerp voor deurpanelen beloven een aanzienlijke verbetering in gebruiksgemak en bescherming voor passagiers.

Mont-Ele, een Italiaanse specialist in elektrische en automatiseringssystemen, introduceert op de Bus Display zijn nieuwste oplaadsysteem voor elektrische bussen. Met meer dan 40 jaar ervaring biedt Mont-Ele op maat gemaakte oplossingen voor de integratie van oplaadinfrastructuur in het openbaar vervoer.

De Bus Display toont niet alleen de nieuwste voertuigen en technologieën, maar biedt ook een platform voor het debat over de toekomst van het openbaar vervoer. Op 26 september zullen experts uit de industrie samenkomen tijdens het Internationale Bus Forum en het Openbaar Vervoer Forum om te discussiëren over de uitdagingen en kansen die de transitie naar duurzame mobiliteit met zich meebrengt.

Met de aanwezigheid van gevestigde namen en innovatieve nieuwkomers belooft de Bus Display op de InnoTrans 2024 een cruciale rol te spelen in de evolutie van het openbaar vervoer. Deze tentoonstelling laat zien hoe technologie, innovatie en duurzaamheid hand in hand gaan in de ontwikkeling van de mobiliteit van morgen.

InnoTrans is de toonaangevende internationale vakbeurs voor vervoerstechnologie, die om de twee jaar plaatsvindt in Berlijn. De vijf beurssegmenten van InnoTrans zijn Railway Technology, Railway Infrastructure, Public Transport, Interiors en Tunnel Construction. InnoTrans wordt georganiseerd door Messe Berlin. In 2022 presenteerden 2.771 exposanten uit 56 landen hun producten en diensten aan 132.319 vakbezoekers uit 137 landen. Er waren 128 voertuigen en 14 bussen te zien op het buitenterrein en het spoor/busdisplay. De volgende InnoTrans wordt van 24 tot 27 september 2024 gehouden op het beursterrein in Berlijn.

Elektrisch leerlingenvervoer blijft een uitdaging in buitengebieden

Onderweg met Harry over de realiteit van elektrisch leerlingenvervoer.

Op een doorsnee werkdag treffen we Harry, een ervaren chauffeur van het vervoersbedrijf Willemsen- de Koning, terwijl hij zijn elektrische busje aan het opladen is bij De Somp langs de A50. Met meer dan 30 jaar ervaring in het vak, deelt Harry zijn inzichten over de uitdagingen en veranderingen in het leerlingenvervoer, nu de overstap naar elektrische voertuigen steeds gangbaarder wordt.

Over de toekomst van elektrisch leerlingenvervoer zegt Harry: “Het is een goede ontwikkeling, zeker met het oog op duurzaamheid. Maar het vraagt wel om een nieuwe manier van werken en denken, zowel bij de chauffeurs als bij de planners. Het is een leerproces voor ons allemaal.”

buitengebieden

Harry, die vooral in de buitengebieden rijdt, benadrukt de lange reizen die veel leerlingen moeten maken. Elektrisch rijden brengt unieke uitdagingen met zich mee, zoals de angst om stil te komen staan langs de weg met kinderen aan boord. Het vinden van geschikte chauffeurs voor schoolvervoer wordt ook steeds lastiger, mede omdat het om een specifieke doelgroep gaat die niet door iedereen met een rijbewijs kan worden bediend.

Ondanks de vaak negatieve beeldvorming rondom de leerlingen die hij vervoert, spreekt Harry positief over zijn ervaringen en de werkgever. Incidenten zijn zeldzaam en over het algemeen geniet hij van de ritten. Hij heeft het geluk gebruik te kunnen maken van de snelladers van FastNed dankzij een ontheffing van zijn werkgever. Dit is echter niet voor alle chauffeurs weggelegd. Met de huidige elektriciteitstarieven is thuisladen geen optie voor Harry, waardoor het plannen van laadmomenten een constante zorg is.

“De planners denken soms dat het net als bij dieselbussen is, maar dat is niet het geval. Je kunt niet zomaar extra ritten inplannen zonder rekening te houden met de laadtijd en actieradius. Dat moet echt beter,” benadrukt Harry. Hij vertelt dat hij regelmatig moet communiceren met de centrale over de haalbaarheid van bepaalde routes en tijdschema’s.”

Foto: Pitane Blue – Fastned laadstation

“Elektrisch rijden is echt een omschakeling, zowel voor ons chauffeurs als voor het bedrijf. We moeten constant bewust zijn van onze actieradius en de beschikbaarheid van laadpunten.” Hij legt uit dat, hoewel hij de overgang naar elektrisch rijden over het algemeen positief vindt, het planningsteam soms nog moet wennen aan de beperkingen en mogelijkheden van elektrische voertuigen.

Hij benadrukt dat elektrisch rijden steeds normaler wordt, maar waakt ervoor niet stil te komen staan. De laadtijd onderweg kan oplopen tot 45 minuten, wat betekent dat hij regelmatig tussendoor moet laden, vooral omdat de planners onvoldoende rekening houden met de actieradius van het busje. 

Harry spreekt ook over de interactie met de leerlingen: “Je bouwt echt een band op met de kinderen. Ja, er zijn dagen dat het wat uitdagender is, maar over het algemeen zijn het gewoon leuke ritten. Je ziet ze groeien en ontwikkelen, maar je moet wel weten wat je moet doen en hoe je omgaat met kinderen met een beperking.”

transitie

Zijn verhaal illustreert de transitie naar elektrisch vervoer in de sector en de impact die het heeft op de dagelijkse operaties. Van planningsuitdagingen tot de zorg voor veiligheid van de leerlingen, het elektrisch leerlingenvervoer is een wereld in verandering. Het is inderdaad waardevol om Harry, een naam die we voor ons artikel hebben gekozen, zijn ervaringen te belichten, omdat ze een ander perspectief bieden op de overstap naar elektrisch leerlingenvervoer. Zijn verhaal toont de praktische realiteit en uitdagingen waarmee chauffeurs worden geconfronteerd bij de overgang naar duurzamere transportmethoden. 

Wellicht krijgen onze lezers een dieper inzicht in zowel de positieve als de uitdagende aspecten van deze verandering in de sector en het mooie beroep van taxichauffeur in het leerlingenvervoer. Wil je zelf aan de slag gaan als taxichauffeur, kijk dan even naar de openstaande vacatures bij het vervoersbedrijf Willemsen- de Koning. Dagelijks vervoeren zij duizenden kinderen door heel Nederland ván en naar hun school. Deze leerlingen wonen niet op loop- of fietsafstand van hun school, of openbaar vervoer is voor hen geen optie. Daarom is leerlingenvervoer in het leven geroepen ván en naar regulier of speciaal onderwijs, waar de kinderen zich op hun gemak voelen en zich optimaal kunnen ontplooien. 

Foto ter illustratie: Willemsen- de Koning

Elektrisch rijden, de particuliere rijder aarzelt aan de startlijn

Particuliere kopers maken zich vaak zorgen over de restwaarde van een elektrische auto en de levensduur van de batterij.

In de wereld van de hedendaagse automobiliteit tekenen zich duidelijke scheidslijnen af. Het lijkt erop dat als het om elektrisch rijden gaat, de zakelijke rijder vooroploopt, terwijl de particuliere rijder aarzelt aan de startlijn. “Als de baas betaalt, rijden we elektrisch, anders niet”, wordt een veelgehoorde uitdrukking. Maar waarom is dit zo?

Neem een blik op de parkeerplaatsen van grote bedrijven en je zult waarschijnlijk een zee van glanzende, luxueuze stekkerauto’s aantreffen. Deze auto’s zijn veelal voorzien van de nieuwste technologie, hebben een grote actieradius en komen met een flink prijskaartje. Zakelijke rijders kunnen zich deze luxe permitteren, vaak dankzij leaseconstructies of bedrijfsbudgetten. De particuliere rijder daarentegen, kijkt vaker naar de directe kosten en kiest voor een betaalbaarder alternatief, zoals een Dacia.

Om echt een groenere toekomst voor automobiliteit te realiseren, is het noodzakelijk dat de hindernissen voor alle consumenten worden aangepakt.

De discrepantie tussen wat men kiest als bedrijfsauto versus particuliere auto is altijd al aanwezig geweest. Maar de elektrificatie van voertuigen heeft dit gat significant vergroot. Waar een zakelijke rijder kiest voor een Tesla Model 3, kiest de particulier voor een benzine- of dieselmotor. De trend toont dat elektrificatie voornamelijk een zaak is van de zakelijke markt en niet van de particuliere consument.

De voornaamste reden voor deze trend is evident: de kosten. Elektrische voertuigen zijn over het algemeen duurder in aanschaf dan hun brandstof-tegenhangers. Hoewel ze op lange termijn goedkoper kunnen zijn in gebruik – denk aan brandstofbesparingen en lagere onderhoudskosten – is de initiële uitgave voor veel particulieren een brug te ver.

Een ander belangrijk aspect is het gebrek aan stimulansen vanuit de overheid voor particulieren. Waar bedrijven vaak kunnen profiteren van belastingvoordelen, subsidies of andere incentives om elektrisch te rijden, wordt de particuliere rijder in vele gevallen aan zijn lot overgelaten. Zonder financiële prikkels is de overstap naar elektrisch voor velen simpelweg niet aantrekkelijk genoeg.

Het is duidelijk dat er een groeiende kloof is tussen zakelijke en particuliere automobilisten als het gaat om elektrisch rijden. Als we echt willen dat elektrische voertuigen mainstream worden, is het van cruciaal belang dat overheden en de auto-industrie de particuliere klant niet vergeten en prikkels creëren die zowel voor bedrijven als individuen aantrekkelijk zijn.

Zakelijke rijders en bedrijven kunnen kiezen voor elektrisch rijden vanwege het groene imago en de daaruit voortvloeiende PR-voordelen. Particuliere rijders, hoewel ze vaak milieuoverwegingen hebben, moeten deze afwegen tegen hun economische realiteit, waarbij de kosten vaak zwaarder wegen dan ecologische idealen.

Er is een psychologische component die niet over het hoofd gezien moet worden. Elektrisch rijden vereist een andere mindset, zoals het plannen van laadbeurten. Terwijl een zakelijke rijder wellicht meer geneigd is zich aan te passen vanwege de voordelen op de werkvloer, kan een particuliere rijder deze verandering als hinderlijk ervaren.

De infrastructuur voor het opladen van elektrische voertuigen is in veel gebieden nog niet optimaal. Bedrijven met zakelijke wagenparken investeren vaak in eigen laadstations, wat de transitie naar elektrisch voor hun werknemers vergemakkelijkt. Particuliere rijders daarentegen zijn vaker afhankelijk van publieke laadpalen. In dichtbevolkte gebieden of regio’s zonder voldoende laadinfrastructuur kan dit een uitdaging zijn, wat een extra barrière vormt voor de particuliere koper.

Particuliere kopers maken zich vaak zorgen over de restwaarde van een elektrische auto en de levensduur van de batterij. De technologie ontwikkelt zich snel en wat vandaag nieuw is, kan morgen alweer verouderd zijn. Dit kan leiden tot aarzeling bij de consument die vreest voor de inruilwaarde van hun voertuig en eventuele hoge kosten voor batterijvervanging.

Elektrisch rijden nog ver weg op Curaçao, ondanks alle zon

Al met al is de staat van elektrisch rijden op Curaçao verre van ideaal.

In onze reeks over Curaçao is het tijd om een conclusie te trekken over de staat van de mobiliteit op het eiland. De staat van elektrisch rijden op Curaçao is ronduit teleurstellend. Ondanks de overvloed aan zonlicht en het potentieel voor duurzame energie, is de adoptie van elektrische voertuigen op het eiland tot nu toe zeer beperkt gebleven.

laadstations

Een van de grootste uitdagingen voor elektrisch rijden op Curaçao is het gebrek aan laadinfrastructuur. Er zijn slechts een handvol openbare laadstations op het eiland, en zelfs deze zijn vaak defect of niet goed onderhouden. Bovendien zijn er maar weinig particuliere laadstations beschikbaar, wat het voor eigenaren van elektrische voertuigen moeilijk maakt om hun voertuigen op te laden. 

De staat van elektrisch rijden op Curaçao is ronduit teleurstellend.

Het aantal elektrische auto’s op Curaçao is nog steeds een klein percentage van het totale aantal auto’s dat op het eiland wordt gereden.

Er zijn geen subsidies op het eiland voor de aankoop van elektrische voertuigen of laadinfrastructuur, en er is geen stimulans voor bedrijven om over te schakelen op elektrische voertuigen in hun wagenparken. Wij zagen ze wel rijden, een handvol Tesla’s en de wagen van het Analytisch Diagnostisch Centrum N.V. (ADC), hét toonaangevende analytische en diagnostische medische laboratorium van Curaçao.

oogstfeest

Het oogstfeest, oorspronkelijk Seú genoemd, is het grootste culturele evenement van Curaçao dat ieder jaar op Paasmaandag wordt gehouden. Tijdens Seú kleden de lokale bewoners zich in de traditionele kleding die teruggaat tot in de tijd van de slavernij. Jaarlijks trekken ongeveer 5000 deelnemers in kleurrijke kostuums, dansend op de aanstekelijke ritmes van traditionele muziek, door de straten van Willemstad.

De optocht is een parade van een reclamestoet en praalwagens voortgetrokken door stinkende diesels. Ook hier geen elektrische wagen te bespeuren, behalve dan de wagen van ADC. De naam ‘Seú’ komt uit West-Afrika en betekent ‘de lucht’ in de Creoolse taal. De lucht speelt een sleutelrol in deze viering, aangezien het de plek is van waaruit de regen naar beneden stort. 

Voorafgaand aan het plantseizoen, vierden de plantagearbeiders een ceremonie waarbij ze op trommels speelden. Omdat ze geloofden dat het geluid van het instrument de regen aantrok. Ze zongen tot de geesten en de aarde voor vruchtbare grond, om nieuwe zaden te dragen en te laten groeien.

Foto: Pitane Blue – Seú 2023 Curaçao

Vorige
Volgende

De headwrap, een Afrikaanse hoofddoek of tulband die je op vele manieren kunt binden en knopen, was vroeger verplicht voor Afrikaanse en Afro-Caribische vrouwen. Tegenwoordig worden headwraps uit vrije wil gedragen; als een vi­su­e­le ex­pres­sie en omarming van cultuur en iden­ti­teit.

openbaar vervoer

Met tientallen kleine busjes en het openbaar vervoer worden toeschouwers naar de optocht gebracht waar ze uitstappen bij Panaderia Molenplein (Otrabanda). Het openbaar vervoer in Otrabanda wordt geregeld door het openbaar vervoersbedrijf “Autobus Bedrijf Curaçao” (ABC), dat busdiensten aanbiedt in verschillende delen van het eiland.

In Otrabanda zijn er verschillende bushaltes waar passagiers kunnen instappen en uitstappen. Deze bushaltes bevinden zich op strategische locaties in de wijk, zoals bijvoorbeeld bij het Renaissance Mall, de Floating Market en de Koningin Emmabrug.

Foto: Pitane Blue – Molenplein Curaçao

ABC biedt verschillende buslijnen aan die door Otrabanda rijden en de wijk verbinden met andere delen van het eiland, zoals bijvoorbeeld Punda, Saliña, Jan Thiel en Banda Bou. Er zijn zowel lokale als lange-afstandslijnen beschikbaar, afhankelijk van de bestemming van de reiziger. De frequentie van de busdiensten kan variëren afhankelijk van de lijn en het tijdstip van de dag. Over het algemeen rijden de bussen regelmatig en bieden ze een handige en betaalbare manier van reizen voor zowel de lokale bevolking als toeristen.

Foto: Pitane Blue – tickets Otrabanda Curaçao

Onze conclusie over elektrisch rijden op Curaçao is helder. Hoewel de behoefte aan elektrisch vervoer in sommige delen van de wereld toeneemt, is deze behoefte nog niet echt aanwezig bij de lokale bevolking op Curaçao. Dit komt vooral door de beschikbaarheid van betaalbare en goed geregeld openbaar vervoer op het eiland. Aangezien de meerderheid van de bevolking gebruik maakt van het openbaar vervoer, is er geen grote vraag naar elektrische voertuigen voor persoonlijk gebruik.

Bovendien is het belangrijk om te vermelden dat het implementeren van elektrisch vervoer op Curaçao niet zonder uitdagingen zou zijn. Het eiland heeft een beperkte laadinfrastructuur, waardoor het opladen van elektrische voertuigen een uitdaging kan zijn. Met deze wijsheid besluiten we ook onze speciale reeks over Curaçao.

Steeds meer tweedehands elektrische auto’s

Er komen steeds meer tweedehands elektrische auto’s bij en het tweedehands occasionaanbod wordt dus steeds groter.

Wegverkeer veroorzaakt ongeveer een vijfde van de uitstoot van broeikasgassen in Nederland. Een elektrische auto stoot geen broeikasgassen en stikstofdioxide uit. Daarom stimuleert de overheid elektrisch rijden. Dit staat in het Klimaatakkoord. In het Klimaatakkoord staat dat Nederland in 2030 49% minder CO2 moet uitstoten. In 2050 is dat 95%. Schoon vervoer helpt die doelen te bereiken. Alle nieuwe personenauto’s die in 2030 op de markt komen, moeten bijvoorbeeld 100% elektrisch zijn.

Steeds meer mensen gaan over op een elektrische auto. De ontwikkeling van elektrische auto’s is in de afgelopen tien jaar hard gegaan. Er komen steeds meer tweedehands elektrische auto’s bij en het tweedehands occasionaanbod wordt dus ook steeds groter. Ook krijg je subsidie (SEPP) van de overheid als je een tweedehands elektrische auto koopt. Als je voldoet aan de voorwaarden kun je €2000,- subsidie aanvragen. Je hebt ook als voordeel dat je tot en met 2024 geen motorrijtuigenbelasting en BPM betaald als je een elektrische auto rijdt.

Er komen steeds meer tweedehands elektrische auto’s bij en het tweedehands occasionaanbod wordt steeds groter.

Het kopen van een tweedehands elektrische auto is wel net wat anders dan een tweedehands auto met een verbrandingsmotor. Een aantal tips waar je op moet letten bij het kopen van een tweedehands elektrische auto zijn bijvoorbeeld de staat van de accu. De accu is het belangrijkste onderdeel van de elektrische auto. De accu is het duurste, grootste en zwaarste onderdeel. De staat van de accu bepaalt hoe ver je kunt komen met je auto. Het is bekend dat elektrische auto’s last hebben van accudegradatie. Accudegradatie houdt in dat de accu geleidelijk capaciteit verliest waardoor de actieradius ook minder wordt.

De meeste merkdealers en sommige autohandelaren hebben speciale apparaten die de kwaliteit kan meten van de accu. Kijk ook of de auto kan snelladen, bij wat oudere elektrische auto’s is dit niet altijd mogelijk en dat is als je langere ritten maakt misschien wel handig. Ook is het verstandig om zaken als airco, remmen en banden te checken voordat je gaat kopen. Ook is het handig om te kijken waar bij jou in de buurt laadpunten zijn, dat verschilt per gemeente. Veel elektrische auto’s staan te koop exclusief BTW, als je dus als particulier een elektrische auto koopt komt er nog 21% bij.

Aanbesteding elektrische auto bij Nederlandse politie

Voor elektrische personenbusjes is de markt nog niet ver genoeg ontwikkeld, dus dat worden wel diesels.

De politie start een aanbesteding voor het basis politievoertuig, zowel het personenvoertuig als de personenbus. De voorbereidingen voor deze aanbesteding zijn afgerond, de percelen voor voertuigen op fossiele brandstof zijn inmiddels gepubliceerd op het platform Mercell, het meest gebruikte alternatief voor TenderNed. Bijzonder is dat voor het eerst ook elektrische voertuigen worden aanbesteed. Deze aanbesteding wordt naar verwachting medio 2023 gepubliceerd.

De nieuwe voertuigen worden vanaf 1 januari 2025 opgenomen in het wagenpark. Eerst volgt een aanbestedingstraject en zal de politie op basis van de gunningscriteria een ranking maken van de aangeboden voertuigen. De leveranciers die op basis van deze ranking de beste voertuigen kunnen leveren, krijgen de opdracht (voorlopig) gegund.

“In een aantal eenheden is al getest met elektrische auto’s. De politie kiest voor elektrisch rijden om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. Het deel dat nog een fossiele verbrandingsmotor heeft, zal benzine of mild-hybride worden. Om het risico op leveringsproblemen te beperken, kiezen we voor de personenvoertuigen om twee merken te contracteren. Voor elektrische personenbusjes is de markt nog niet ver genoeg ontwikkeld, dus dat worden wel diesels. We houden wel de optie open voor elektrische busjes.”

Irene Meulenkamp – producten- en dienstenmanager Voer- & vaartuigen

Politiemedewerkers die het voertuig nodig hebben in hun werk, zijn nauw betrokken bij deze aanbesteding. Zij hebben bijvoorbeeld geholpen bij het opstellen van het Programma van Eisen. Daarin staan de eigenschappen waaraan het voertuig moet voldoen. In een later stadium spelen onder andere rijtests – door politiemedewerkers die de auto straks gebruiken – een belangrijke rol.

Het aanbestedingsproces kent diverse stappen, hieronder een overzicht van de planning per fase in de Europese aanbesteding voor basis politievoertuigen op fossiele brandstof. De Europese aanbesteding emissieloze personenvoertuigen voor de basis politiezorg, wordt naar verwachting medio 2023 gepubliceerd.

wagenpark

De Nederlandse politie gebruikt momenteel verschillende auto’s van meerdere merken. Zo is er de Mercedes-Benz B-Klasse. Het gaat om de 220D meter een 177 pk sterke viercilinder. Deze diesel wordt dus sowieso vervangen voor een elektrische auto of een benzinevariant. De huidige politiebus is een Mercedes-Benz Vito 116 CDI Tourer Lang met een 163 pk viercilinder. Het personenbusje gebruikt de politie met name in steden en dorpen en is ook niet echt snel. De politie beschikt ook over snelle undercoverauto’s enmaakt ook gebruik van de Audi A6 met 3,0-liter dieselmotor, de snelste uit het wagenpark.

Mercedes B-Klasse Politie OBT Rotterdam – foto: Pitane Blue

Elektrische wagens nu al de populairste bedrijfswagens

Toch wordt een leaseauto over het algemeen minder vanzelfsprekend voor werknemers.

Van de tien vaakst gekozen bedrijfswagens dit jaar zijn er negen met een stekker uitgerust. Dat blijkt uit cijfers van de leasingmaatschappij Arval BNP Paribas. In deze dure tijden is elektrisch rijden vaak een voordeel. De enige benzinewagen in de lijst is de Volkswagen Golf en staat in de top tien op een stevige tweede plaats. Volgens de leasingmaatschappij is het meteen ook de enige ‘lage’ auto want de rest zijn wagens in de categorie SUV.  Zeven van de wagens in het lijstje zijn zelfs volledig elektrisch.

laden

Werkgevers zijn verplicht om per 10 parkeerplaatsen 1 laadpaal te installeren maar veel EV-rijders laden ondertussen thuis. Het opladen van je EV is op dit moment nog altijd aanzienlijk goedkoper dan tanken. Toch zien we dat ook de prijzen voor laden langzaam stijgen. Thuisladen is een uitkomst voor veel EV-rijders. Je heb garantie op een plekje en hebt niet te maken met opstartkosten of boetes die je krijgt als je je auto langer aan de laadpaal laat staan dan nodig. Waar je wel op moet letten is het energietarief en hoe dit wordt verrekend als je een laadpas via je werkgever hebt. 

Als jij thuis je auto aan de laadpaal zet, betaal je de kosten hiervan aan je energieleverancier. De laadpaalprovider ziet vervolgens hoeveel je hebt geladen en verrekent dit met het energietarief dat zij van jou hebben geregistreerd. Dit bedrag krijg je één keer per maand terug. Als je energietarief is gewijzigd, wordt dit niet automatisch aangepast in het systeem bij de laadpasprovider. Hierdoor kan het gebeuren dat je aan het eind van de maand minder geld terugkrijgt dan je aan je energieleverancier betaalt. Daarom is het ontzettend belangrijk dat je laadpaalprovider het juiste energietarief heeft geregistreerd.

mobiliteitskaart

Toch wordt een leaseauto over het algemeen minder vanzelfsprekend voor werknemers, maar een mobiliteitsregeling met bijvoorbeeld een e-bike, gebruik van deelauto’s of mobiliteitskaart des te meer. Waar voorheen een deel van de medewerkers een mobiliteitsregeling ontving, zoals een leasebudget, is de focus verschoven naar het bieden van mobiliteitsoplossingen voor álle medewerkers binnen de organisatie.

Het opladen van je EV is op dit moment nog altijd aanzienlijk goedkoper dan tanken.

Arval BNP Paribas maakt onlangs bekend dat Marcus Schulz werd benoemd tot Managing Director (a.i.) Arval BNP Paribas Nederland. Hij neemt tijdelijk de taken over van General Manager Onno Bierhoff. Marcus blijft in functie als Regional General Manager voor de NLDACH-regio (Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland). Marcus Schulz werkt sinds 2014 bij Arval BNP Paribas. Hij zal zich richten op de continuering van de Arval Beyond strategie en de strategische transitie van Arval BNP Paribas Nederland om zich te ontwikkelen tot duurzame mobiliteitspartner.

Een thuisbatterij is nog helemaal niet rendabel

Een prijsdaling in de komende jaren ligt wel in de lijn der verwachtingen.

Een thuisbatterij is financieel niet rendabel, dat stelt consumentenorganisatie Test Aankoop en wordt beaamd door meerdere experts. De interesse voor thuisbatterijen groeit bij wie zonnepanelen heeft. Want zo kun je meer van je eigen stroom verbruiken. Dat is niet onbelangrijk wanneer het voordeel van de terugdraaiende teller vermindert of zelfs helemaal verdwijnt. De stroom die door je zonnepanelen wordt opgewekt, en die je niet meteen verbruikt, kun je dankzij een batterij tijdelijk bij jou thuis opslaan in plaats van hem het net op te sturen. 

Zelfs met een premie zoals in Vlaanderen zal een investering in een thuisbatterij zelden rendabel zijn. Je moet immers op een rentabiliteit in amper 10 jaar kunnen mikken. In een steekproef bleek de prijs gemiddeld op te lopen tot € 850 per kWh bij een bestaande installatie van zonnepanelen, en zelfs tot € 1 000 bij een nieuwe installatie. Een prijsdaling in de komende jaren ligt wel in de lijn der verwachtingen. Voor de productie van een thuisbatterij zijn schaarse grondstoffen nodig. Er bestaan ook alternatieve opslagsystemen. Tot slot zijn er goedkopere alternatieven om je zelfverbruik op te krikken.

stroomnet – thuisbatterijen – omvormer

terugdraaiende teller

In Vlaanderen heeft een uitspraak van het Grondwettelijk Hof een einde gemaakt aan de terugdraaiende teller voor wie zonnepanelen én een digitale meter heeft. Bij wie later zo’n digitale meter zal krijgen, zal dit stelsel eveneens op de schop gaan. Voor de stroom die je op het net steekt, krijg je dan een terugleververgoeding van je energieleverancier, die echter lager uitvalt dan het afnametarief. In Brussel draait de teller niet meer terug sinds november 2021. In het Waals gewest kun je voor een gedeeltelijke compensatie kiezen, waarbij dan het prosumententarief wegvalt. Maar als je hiermee slechter af zou zijn dan met de standaardregeling met een volledige compensatie én het prosumententarief, kun je altijd op de financieel meest voordelige optie terugvallen.

Volgens de bevindingen van  Testaankoop moet je trouwens niet denken dat je in de zomer je overtollige stroom kunt opslaan om die dan in de winter te gebruiken. De opslag in een thuisbatterij zal je hooguit een of enkele dagen uit de nood kunnen helpen.

Snor- en bromfietsen zijn nog steeds erg in trek

De vraag naar nieuwe snor- en bromfietsen (scooters) blijft ook in 2021 hoog. Over het eerste half jaar van 2021 zijn in totaal 39.455 nieuwe snor- en bromfietsen geregistreerd. Het hoogste aantal sinds 2011 en een stijging van 8,7 procent ten opzichte van de eerste zes maanden in 2020 (36.305 stuks). Van alle nieuw verkochte scooters is inmiddels 1/3 volledig elektrisch aangedreven. Dit blijkt uit cijfers van RAI Vereniging en RDC.

Steeds meer mensen kiezen voor het comfort en gemak van een scooter. Ondanks dat steeds meer mensen gevaccineerd zijn en vrij kunnen bewegen, blijven mensen zich vooralsnog in grote aantallen individueel verplaatsen. Van alle nieuwe verkochte scooters is momenteel driekwart snorfiets en een kwart bromfiets. Het aantal registraties afgelopen juni liep iets terug ten opzichte van juni 2020. Afgelopen maand werden 8.774 scooters geregistreerd, waarvan 6.337 snorfietsen en 2.437 bromfietsen. Een daling van 11,9 procent.

Elektrisch
Bij de keuze voor een brom- of snorfiets, wordt steeds vaker gekozen een elektrische variant. Van alle nieuwe snorfietsen is inmiddels 35,2 procent elektrisch aangedreven. Hiermee ligt de sector op koers om vanaf 2025 geen nieuwe benzine snorfietsen meer aan te bieden en volledig in te zetten op elektrisch. Ook de bromfietsen elektrificeren snel; 29,4 procent van de nieuwverkopen is elektrisch. In totaal rijden nu ruim 94.617 elektrische scooters rond, 7,2 procent van het totaal (1.322.577).

Ideale oplossing voor korte en middellange afstand
Volgens RAI Vereniging zien steeds meer mensen de waarde van een scooter voor hun reisbehoefte. De scooter is een ideaal vervoersmiddel voor de korte en middellange afstanden tot circa 25 a 30 kilometer. De gemiddelde woon-werkafstand is 19 kilometer, waarmee de moderne snor- en bromfiets voor zowel privé als zakelijk gebruik een duurzaam alternatief biedt, aldus de Koninklijke RAI Vereniging.

Lees ook: 35% meer caravans geregistreerd in eerste helft 2021

VDL Nedcar bouwt elektrische auto’s voor Canoo

In het Limburgse Born bij VDL Nedcar bouwt men binnenkort elektrische auto’s voor de Amerikaanse startup Canoo. De Nederlandse fabrikant gaat in het vierde kwartaal van 2022 starten met de productie van het model Lifestyle Vehicle , dat tegelijkertijd het eerste model is dat de Amerikaanse startup in productie brengt. In eerste instantie gaat VDL Nedcar in het vierde kwartaal van dit jaar 1.000 voertuigen bouwen voor Canoo en in 2023 zal het volume 15.000 bedragen. 

Doordat een vergunning voor nieuwbouw op het terrein van VDL Nedcar vooralsnog ontbreekt, wordt mogelijk tijdelijke huisvesting op het fabrieksterrein in Born gerealiseerd. De nieuwe productieactiviteiten voor Canoo zullen geen invloed hebben op de huidige productie van VDL Nedcar. De productie van de MINI-modellen en de BMW X1 voor BMW Group eindigt eind 2023.

“De samenwerking met Canoo is geweldig nieuws voor onze medewerkers in Born. Met het door Canoo ontwikkelde eigen voertuig inclusief platform kunnen we samen versneld de toekomst van mobiliteit vormgeven. Deze samenwerking biedt perspectief, is de eerste stap naar een nieuwe toekomst voor VDL Nedcar. Een toekomst waarbij we voor meerdere merken tegelijkertijd verschillende auto’s bouwen.”

directeur John van Soerland van VDL Nedcar

kabinet

Het kabinet, wat betrokken is geweest bij het tot stand komen van deze deal,  had VDL Nedcar eerder toegezegd zich actief in te zetten voor het behoud van de fabriek en de werkgelegenheid. Het kabinet zette daartoe de nauwe contacten met VDL Nedcar en andere betrokken partijen voort en het Netherlands Foreign Investment Agency (NFIA) was intensief betrokken bij het acquisitietraject naar nieuwe opdrachtgever(s). Volgens VDL Nedcar heeft de nieuwe opdracht geen invloed op de order van BMW, dat eind 2023 stopt met zijn productie in Born. 

Canoo

Canoo, gevestigd in Californië, gaat ‘het meest ruimtebesparende elektrische voertuig op de markt brengen, pick-ups, minibussen en bestelwagens met een grote laadcapaciteit op een kleine voetafdruk’. Het model, genaamd Lifestyle Vehicle, dat VDL Nedcar voor Canoo gaat produceren, is het eerste voertuig dat de startup in productie gaat brengen. Canoo kondigt vandaag ook aan dat het in Amerika een eigen, nieuwe autofabriek gaat bouwen.

Lees ook: SAIC kan een uitkomst worden voor VDL in Born

Canoo

Bussen Keolis van Chinese makelij in problemen

Er wordt druk gezocht naar de oorzaak van de problemen met de elektrische bussen van Keolis. De nieuwe, elektrische bussen kampen met de nodige opstartproblemen. Keolis nam de elektrische bussen half december in gebruik, toen ook de nieuwe Rrreis dienstregeling inging. In totaal gaat het om meer dan 250 bussen van Chinese makelij, die rijden in delen van Overijssel en Gelderland. Geregeld vallen bussen stil en werkt de verwarming niet, wellicht om de batterijen te sparen.

De patronen die dan volgen bij problemen tijdens de start van een nieuwe concessie werden weer keurig gevolgd. De fractie Onafhankelijke Conservatieve Liberalen heeft inmiddels schriftelijke vragen gesteld over de problemen met de bussen. Zo wil men weten of er mogelijk minder problemen waren geweest indien was gekozen voor de bussen van VDL, een Nederlandse busbouwer. Ook de softwareleverancier lag onder vuur want zonder voorafgaand onderzoek zijn volgens de woordvoerder de problemen te wijten aan de software.

Bijna 900 chauffeurs moesten worden ingewerkt om met de grootste elektrische vloot binnen Europa van start te gaan.  Er is veel gedoe om geweest, omdat Keolis fraudeerde tijdens de aanbestedingsprocedure.  In 2022 moet een ander bedrijf het vervoer in de Regio IJssel-Vecht overnemen. De nieuwe Chinese bussen blijven dan wellicht wel gewoon rijden.

Lees ook: Keolis verliest definitief contract maar rijdt noodconcessie

Steeds meer oproepen van knabbelschade aan voertuigen

VAB maakt melding van steeds meer marterschade aan voertuigen. Het afgelopen jaar kreeg de VAB-Alarmcentrale 43% meer oproepen voor schade veroorzaakt door marters. De regio waarin de beestjes actief zijn wordt ook alsmaar groter. De steenmarter komt steeds meer voor als oorzaak bij onderzoek van de pechdienst bij storingen aan wagens. De diertjes zoeken de beschutting onder de motorkap op. Sinds 2015 is het aantal pechgevallen meer dan verdrievoudigd. Rond Lier was er een stijging van 59%. Maar ook in de regio rond Leuven, waar ze het fenomeen al langer kennen, waren er opnieuw 62% meer oproepen voor marterschade.

Wezels en marters blijken o.a. aangetrokken te zijn door het vismeel of door de visolie die gebruikt wordt in sommige kabels of door het isolatiemateriaal. Elk jaar berokkenen ze honderdduizenden euro’s herstelkosten aan het wagenpark. Er bestaan verschillende trucjes die men kan toepassen om die intelligente diertjes te weren, maar ze bieden zelden 100% garantie. Het meest doeltreffende (en het meest logische) middel om uw wagen te beschermen is hem in een afgesloten ruimte of garage op te sluiten. Toestellen die geluiden opwekken van hoge frequentie. U vindt dergelijke toestellen in de handel. Dit middel is niet altijd doeltreffend want wezels of marters blijken het geluid na een tijdje gewoon te worden indien de frequentie ongewijzigd blijft. De meest doeltreffende toestellen werken bijgevolg met variabele sterkte en frequentie. 

De schade die deze knabbelgrage dieren aanrichten, kan behoorlijk oplopen. Vooral bij elektrische voertuigen loopt de rekening snel op. Dat ondervond de CEO van VAB Groep zelf. Een steenmarter knaagde de isolatie van het motorcompartiment en de hoogvoltkabel van zijn hybride wagen door. Kostprijs van de herstellingen: € 3117. De installatie van een marterverjager (tussen € 25 en € 200) loont dus zeker de moeite als je in een risicogebied woont. De wezel (Martes nivalis), de  steenmarter (Martes foina) en de boommarter (Martes martes) behoren toe tot de marterachtigen. Het zijn dieren die gewoonlijk een eenzaam bestaan leiden en ‘s nachts actief zijn. In België is de marter een beschermde diersoort.

Lees ook: Nederland is een zware elektrische truck rijker

marterschade aan bekabeling kostbaar

Oegema Transport gebruikt ook de Volvo FL Electric truck


Oegema Transport uit Dedemsvaart heeft de eerste Volvo FL Electric in gebruik genomen. De truck wordt ingezet voor de B2C distributieactiviteiten die Oegema verricht voor een grote Zweedse meubelfabrikant. Duurzaamheid staat voorop bij de keuze voor een zwaar elektrisch voertuig. Met de Volvo FL Electric verwacht Oegema 38 ton CO2 op jaarbasis te kunnen besparen. De Volvo FL Electric van Oegema Transport wordt ingezet voor distributietaken in Noord-Nederland.

“Wij willen vooral ervaring opdoen met een elektrisch voertuig en zetten de truck daarom in op verschillende routes. Op deze manier kunnen we leren hoe we de truck optimaal kunnen gebruiken”, verklaart Gerlof Oegema, werkplaatsdirecteur bij Oegema Transport.

De Volvo FL Electric is naast de zwaardere Volvo FE Electric de eerste zware truck die door een OEM in serie geproduceerd wordt. “Het gegeven dat Volvo de truck af fabriek kan leveren, is voor ons belangrijk. Zo krijgen we alle fabrieksgarantie en dat geeft ons zekerheid en totale ontzorging”, vervolgt Gerlof Oegema.

Voor de aanschaf van de Volvo FL Electric neemt Oegema Transport deel in het DKTI subsidieproject GreenFlex, opgezet door Green Planet. Hierdoor werd 25% van de investering in de elektrische truck gesubsidieerd.

Duurzaamheid
Duurzaamheid was voor Oegema Transport de voornaamste reden om een elektrische truck in te zetten. “De Volvo FL Electric gaat rijden voor een grote Zweedse meubelfabrikant. Net als voor onze opdrachtgever staat duurzaamheid ook voor ons heel hoog in het vaandel. We zijn een innovatief bedrijf en passen graag de nieuwste technologieën toe”, licht Gerlof Oegema toe.  

Ter voorbereiding op elektrische vrachtwagens, heeft Oegema in de afgelopen jaren ook de bedrijfsvoering verduurzaamd door middel van 8500 zonnepanelen op het dak van de vestiging. Hiermee verzorgt het bedrijf volledig haar eigen elektriciteit.

Actieradius voor distributieritten
De truck is voorzien van zes accu’s van 50 kW elk. Hiermee kan een actieradius van 250 km worden gehaald. Volvo Trucks Nederland heeft Oegema met de Volvo Electric Range Simulator bijgestaan in het plannen van enkele optimale routes. 

“De berekende actieradius is voldoende voor onze dagelijkse regionale B2C distributieactiviteiten. Bovendien gaat het hier om relatief veel start-stop bewegingen. Tijdens het remmen laadt de truck ook weer op. Dus onze inzet is ideaal voor een elektrisch voertuig”, vertelt Gerlof Oegema.

Opladen van de elektrische truck
Opladen gaat met een CCS/Combo2-aansluiting met 400 V AC met 22 kW en met 50 kW gedurende de nacht. Daarnaast kan Oegema Transport overdag DC-snelladen tot maximaal 150 kW. Dit wordt vanaf begin volgend jaar gedaan bij Green Planet in Pesse. De chauffeur kan hier tijdens zijn verplichte rust een half uur tot driekwartier bijladen waardoor de actieradius met zo’n 150 km wordt vergroot.

Bijladen is dus mogelijk, maar voor Oegema Transport in principe geen must. “Wij verwachten met de berekende actieradius van 250 km onze gebruikelijke distributieroutes te kunnen halen. We zetten de truck echter in op meerdere routes om ook het bijladen uit te proberen en daar ervaring mee op te doen. Volvo gaf het al aan: elektrisch rijden, is anders werken. Wij willen ondervinden hoe dit in onze dagelijkse praktijk gaat”, besluit Gerlof Oegema.

Lees ook: Elektrische Volvo trucks in 2021 beschikbaar in Europa

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp



software koppelen aan Chiron

Pitane Driver Tikkie
Pitane Mobility Gent

Elektrisch rijden heeft ook een prijskaartje bij het opladen

Over elektrisch rijden en opladen valt enorm veel te vertellen. Elektrisch rijden is goedkoper dan rijden op fossiele brandstof. Je rijdt wegenbelastingvrij, de onderhoudskosten zijn veel lager en het opladen van een auto is goedkoper dan tanken. Daarnaast betaal je ook geen BPM bij de aanschaf van een elektrische auto, omdat deze geen CO2 uitstoot. Het opladen van een elektrische auto is bovendien veel voordeliger dan het tanken van brandstof.

Hoewel de kosten voor het opladen van een elektrische auto verschillen per model, is elektrisch laden voordeliger dan je denkt. Wanneer je uitgaat van een bedrag van € 0,21 per kWh, is de accu van bijvoorbeeld de Hyundai IONIQ Electric al volledig opgeladen voor nog geen € 10,-. Het opladen van een elektrische auto is goedkoper dan brandstof tanken, maar wat zijn de kosten nu precies? Dat hangt af van het elektrische model dat je rijdt en waar je oplaadt. Thuis opladen kost gemiddeld € 0,21 per kWh. 

Ook het onderhoud van een elektrische auto is voordeliger, omdat deze auto minder onderdelen bevat die periodiek vervangen moeten worden. Het onderhoud van een elektrische auto bedraagt daarom doorgaans maar een derde van de onderhoudskosten van een brandstofauto. Het rijden van een elektrische auto heeft dus een hoop financiële voordelen.

De prijzen voor het opladen van je elektrische auto bij een openbaar laadpunt verschillen. Net zoals bij brandstoftankstations variëren de prijzen per aanbieder. De gemiddelde kosten zijn € 0,33 per kWh. Voor snellaadstations variëren deze kosten ook. Sommige oplaadpalen en snellaadstations berekenen bij de kosten per laadsessie een starttarief. En soms komt het voor dat je een snellaadsessie per minuut afrekent in plaats van per kWh.

Lees ook: Tips van TestKees voor veilig fietsen op de elektrische fiets

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp


Pitane Mobility laadpalen opzoeken
Kona electric


Uber wil de helft van de ritten elektrisch rijden in Brussel

Mooie marketing beloften bij Uber die in de politiek vast zorgen voor draagvlak. De Amerikaanse taxi-app Uber wil tegen 2040 een emissievrij mobiliteitsplatform zijn. Daarbij moet de dienstverlening in de Nederlandse hoofdstad Amsterdam al tegen 2025 voor 100 procent worden uitgevoerd door voertuigen die geen schadelijk stoffen uitstoten. 

Uiteraard is door de algemene groei van het elektrisch wagenpark deze doelstelling niet zo moeilijk te bereiken. Het platform voor taxiritten speelt handig in met deze uitspraak om zo op het politieke ‘groene’ blaadje te komen. Tenslotte is het aan de ondernemer die voor Uber wil werken om te investeren in elektrische wagens. 

Volgens Belga wil Uber dat in 2025 zeker 50 procent van de in totaal gereden kilometers in zeven Europese hoofdsteden door emissievrije voertuigen gereden zal worden. Naast Amsterdam gaat het om Brussel, Berlijn, Lissabon, Londen, Madrid en Parijs. Amsterdam moet dus een voorloper zijn in de plannen, met 100 procent elektrische ritten binnen de ringweg (A10). Volgens Uber kleven er financiële voordelen aan die stap voor passagiers en chauffeurs die kiezen voor Uber Green.

Om de plannen uit te voeren maakt Uber 800 miljoen dollar vrij. Met dat geld wil het bedrijf chauffeurs in Europa en Noord-Amerika financieel ondersteunen bij de overstap op een voertuig zonder uitstoot. Uber ondertekende voor de plannen een intentieverklaring met de Franse wagenbouwer Renault en diens partner, het Japanse Nissan, om het Uberaanbod te “elektrificeren”.

Lees ook: Uber en Lyft verliezen rechtszaak, chauffeur geen zelfstandige

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Contract goed voor aankoop 15 nieuwe elektrische bussen

Keolis Sverige, de Zweedse dochteronderneming van Keolis, kreeg een contractverlenging van vier jaar van de Zweedse openbaar vervoerautoriteit (PTA) Storstockholms Lokaltrafik (SL) ter waarde van 500 miljoen euro voor het exploiteren en onderhouden van een fossielvrije busvloot in Stockholm, Zweden. Het oorspronkelijke contract, dat afloopt in augustus 2022, loopt nu tot augustus 2026 en omvat de introductie van 15 nieuwe volledig elektrische bussen in het huidige wagenpark.

Met ingang van augustus 2022 omvat het vernieuwde contract de exploitatie en het onderhoud van 335 fossielvrije bussen naar het centrum van Stockholm en het eiland Lidingö ten noordoosten van de stad, met 400.000 inwoners. Onder dit nieuwe contract zullen 15 nieuwe elektrische bussen vanaf augustus 2022 de bestaande vloot vervolledigen.

Keolis zal ook de passagierservaring verbeteren door een IT-systeem te implementeren waarmee forenzen de precieze positie en aankomsttijd van de volgende bus kunnen volgen en het aantal passagiers aan boord kunnen kennen. Het 361 km lange netwerk heeft 41 lijnen, 400 busstations, drie depots en vervoert jaarlijks 80 miljoen passagiers. Er wordt een nieuw depot gebouwd met een laadsysteem voor de e-bussen en 1.400 Keolis-medewerkers zullen zich inzetten voor het beheer en onderhoud van dit netwerk.

Keolis Sverige, aanwezig in Zweden sinds 2003, is de op één na grootste speler op de Zweedse busmarkt met meer dan 6000 werknemers. Het is actief in zes regio’s met ongeveer 1.800 fossielvrije bussen, die 93 miljoen km afleggen en jaarlijks 240 miljoen passagiers vervoeren.

Lees ook: Marie-Ange Debon benoemd tot uitvoerend voorzitter Keolis

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp

Regio’s gaan samenwerken voor snellere aanleg laadpalen

Verschillende regio’s willen gaan samenwerken met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en netbeheerders om sneller meer laadpalen te kunnen plaatsen in Nederland. Er komen namelijk steeds meer elektrische auto’s op de weg dus de vraag naar laadpalen neemt hierdoor ook toe. Deze week kondigde de diverse partijen hun samenwerking aan op de website van de Rijksoverheid. De 6 regio’s die gaan samenwerken zijn: Provincies Zeeland en Zuid-Holland, G4 (Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht), MRA Elektrisch (provincies Noord-Holland, Flevoland, Utrecht), Provincies Groningen, Fryslân en Drenthe, Provincies Overijssel en Gelderland en Provincies Noord-Brabant en Limburg. De netbeheerders maken in elke regio ook deel uit van de samenwerking, zij denken mee over waar de aansluitingen op het stroomnet moeten komen en hoe het stroomnet het best belast kan worden.

Staatssecretaris Van Veldhoven: ‘Elektrisch rijden heeft veel voordelen. Om die maximaal te benutten moet je er wel van op aan kunnen dat je je auto overal in Nederland makkelijk kunt opladen. Dat vraagt de komende jaren nog veel werk. Daarom vind ik het mooi dat we samen met gemeenten, provincies en netbeheerders vandaag deze stap zetten op weg naar een landelijk dekkend netwerk van laadpalen’.

De overheid heeft 15 miljoen euro uitgetrokken voor de aanleg van een landelijk dekkend laadpalen netwerk, de regio’s leggen samen dit bedrag ook bij. De samenwerking tussen deze partijen scheelt tijd en geld en geeft een éénduidig beleid voor de gebruiker. Het doel van het kabinet is dat in 2030 alle nieuwe auto’s die op de weg komen helemaal zonder uitlaatgassen rijden. Ze verwachten dat er tegen die tijd ongeveer 1,9 miljoen elektrische auto’s rijden, die hebben samen ongeveer 1,7 miljoen laadpunten nodig. Volgens de overheid zijn er naar schatting in Nederland in 2021 ongeveer 213 nieuwe laadpunten en in 2025 ongeveer 550 nieuwe laadpunten per werkdag nodig. Nederland is de koploper wat betreft het aantal laadpunten per vierkante meter.

Lwees ook: Mobiliteitsplatform Bolt nu ook operationeel in Amsterdam

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp