De gemeentes zeggen te werken aan mogelijke oplossingen. Zo wordt er gezocht naar een partij die de ritten wél kan uitvoeren, maar die is nog niet gevonden.
In de Utrechtse gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist heerst grote onrust onder ouders van ruim 600 schoolgaande kinderen. Door een acuut tekort aan chauffeurs kunnen vervoersbedrijven Connexxion en Willemsen-De Koning de ritten voor het leerlingenvervoer niet meer garanderen. Dit zorgt ervoor dat ouders hals over kop op zoek moeten naar alternatieve manieren om hun kinderen naar school te brengen.
De problemen komen voort uit een tekort aan chauffeurs, precies op het moment dat de regio een wissel van vervoersbedrijven doormaakt. Recentelijk hebben 22 Utrechtse gemeenten samen met de provincie de Regiotaxi en het leerlingenvervoer opnieuw aanbesteed. Hieruit bleek dat vanaf 2025 Willemsen-De Koning en Connexxion gezamenlijk het vervoer zullen verzorgen. Willemsen-De Koning blijft verantwoordelijk voor de regio’s Utrecht Stad, Utrecht West en Lekstroom, terwijl Connexxion het vervoer in Eemland en Zuidoost Utrecht overneemt.
In de gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist gaat het nu echter mis. Het contract van Willemsen-De Koning loopt tot de zomervakantie van 2024, terwijl het contract van Connexxion pas ingaat in januari 2025. Beide vervoerders hebben aangegeven door de krappe arbeidsmarkt niet genoeg chauffeurs te hebben om de tussenliggende maanden te overbruggen. Dit betekent dat er van september tot aan de kerstvakantie geen leerlingenvervoer beschikbaar is voor de circa 640 kinderen die er normaal gebruik van maken.
Ouders zijn wanhopig. “Ik heb nog geen idee hoe ik dit ga oplossen,” zegt een ouder tegen RTV Utrecht. De situatie zorgt voor grote zorgen en paniek, aangezien velen afhankelijk zijn van het leerlingenvervoer om hun kinderen veilig en op tijd op school te krijgen.
Het tekort aan chauffeurs komt middenin een wissel van de vervoersbedrijven die het leerlingenvervoer uitvoeren.
De betrokken gemeenten werken hard aan mogelijke oplossingen. Er wordt gezocht naar alternatieve partijen die de ritten kunnen overnemen, maar tot nu toe is er nog geen geschikte vervanger gevonden. Daarnaast wordt onderzocht of taxi’s of vrijwilligers kunnen worden ingezet om het vervoer te verzorgen. Deze onzekerheid zorgt echter voor veel stress onder de ouders, die zich afvragen hoe zij hun kinderen de komende maanden naar school moeten krijgen.
Connexxion en Willemsen-De Koning geven aan alles in het werk te stellen om de problemen op te lossen, maar wijzen ook op de grote uitdaging die de huidige arbeidsmarkt met zich meebrengt. De krapte op de arbeidsmarkt maakt het moeilijk om op korte termijn voldoende gekwalificeerde chauffeurs te vinden.
Ondertussen blijven ouders in de vijf gemeenten in onzekerheid. “Dit had voorkomen moeten worden,” zegt een ouder. “Het is onbegrijpelijk dat er geen noodplan is voor zo’n essentiële dienst als het leerlingenvervoer.” De gemeenten benadrukken dat zij de hoogste prioriteit geven aan het vinden van een oplossing, maar de tijd dringt.
Het leerlingenvervoer is van vitaal belang voor kinderen die niet zelfstandig naar school kunnen reizen, bijvoorbeeld vanwege een beperking of de grote afstand tot de school. Het wegvallen van dit vervoer zet niet alleen de ouders onder druk, maar kan ook de schoolprestaties en het welzijn van de kinderen negatief beïnvloeden.
Met de zomervakantie voor de deur, hopen veel ouders op een snelle en effectieve oplossing. De komende weken zullen bepalend zijn voor de vraag of er in september weer leerlingenvervoer beschikbaar is, of dat ouders noodgedwongen zelf voor vervoer moeten zorgen.
Ondanks dat de vorige modelverordening in samenwerking met gemeenten was opgesteld, kreeg de VNG de afgelopen jaren kritische vragen van gemeentelijke medewerkers.
De recent aangepaste VNG Modelverordening leerlingenvervoer brengt subtiele maar belangrijke wijzigingen met zich mee voor gemeenten in Nederland. De update, die een vervanging is van de versie uit december 2020, legt nieuwe accenten op het gebied van aangepast vervoer en de bevordering van zelfredzaamheid onder leerlingen met een beperking.
De verordening bevat nu een gedetailleerdere omschrijving van ‘aangepast vervoer’. Hieronder valt elk type vervoer dat door de gemeente speciaal georganiseerd wordt voor kinderen die vanwege hun handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken. Dit omvat een breed scala aan mogelijkheden, van vergoedingen voor fietsvervoer tot het beschikbaar stellen van speciaal aangepaste voertuigen.
Een opvallend nieuw element binnen de verordening is de introductie van het ‘persoonlijk vervoersontwikkelingsplan’. Dit plan kan door het college worden opgesteld voor leerlingen die de leeftijd van negen jaar bereiken. Het doel van dit plan is om deze leerlingen te helpen de vaardigheden te ontwikkelen die nodig zijn om zo veel mogelijk zelfstandig te kunnen reizen. Dit markeert een significante verschuiving richting het stimuleren van onafhankelijkheid bij deze jongeren.
De VNG Modelverordening bekostiging leerlingenvervoer van december 2020 wordt vervangen door een nieuwe versie, de VNG Modelverordening leerlingenvervoer. Deze vervanging heeft een aantal beperkte gevolgen voor beleid en uitvoering bij gemeenten.
Tevens wordt in de nieuwe verordening sterk de nadruk gelegd op kosteneffectiviteit. De gemeente kijkt naar de goedkoopst passende vervoersoptie die voldoet aan de behoeften van de leerling. De beslissingen hierover worden genomen op basis van de individuele situatie van elke leerling, waardoor maatwerk centraal staat in de benadering van de gemeente.
Van fietsvergoeding tot aangepast busje, gemeenten vernieuwen leerlingenvervoer.
De implementatie van de verordening is echter niet zonder uitdagingen. Het vraagt om een nauwe samenwerking en heldere communicatie tussen gemeentelijke afdelingen, scholen en ouders. Dit is cruciaal om te waarborgen dat elke leerling de benodigde ondersteuning krijgt.
Daarnaast heeft de gemeente het proces voor het aanvragen van vervoersvoorzieningen gestroomlijnd. Aanvragen kunnen zowel digitaal als op papier worden ingediend, waarbij het college de taak heeft binnen acht weken na ontvangst van een complete aanvraag een beslissing te nemen. Deze termijn kan indien nodig met nog vier weken worden verlengd.
Verder zorgen duidelijke richtlijnen voor het beoordelen van de afstand en de route naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school ervoor dat het vervoer zowel kostenefficiënt als toegankelijk is. Hiermee wordt geprobeerd om de mobiliteit van leerlingen met speciale behoeften te verbeteren en inclusief onderwijs toegankelijker te maken.
Dit beleid illustreert de voortdurende inspanningen van de Nederlandse gemeenten om gelijke onderwijskansen te garanderen voor alle leerlingen, ongeacht hun fysieke of cognitieve beperkingen. Het toont een duidelijke vooruitgang in het denken over onderwijs en mobiliteit, gericht op de integratie en zelfstandigheid van jongeren met speciale behoeften.
Het Eindhovense familiebedrijf ziet de ontwikkeling van de nieuwe CDT als een cruciale stap in het verbeteren van de efficiëntie, veiligheid en gebruiksvriendelijkheid van vervoersdiensten voor taxichauffeurs.
Censys BV, gevestigd in Eindhoven, staat bekend om zijn voortrekkersrol in de ontwikkeling van gespecialiseerde software voor een breed scala aan vervoersdiensten, waaronder groeps-, zorg-, taxi- en leerlingenvervoer, evenals softwareoplossingen voor verkeersleiding, treinstremming en regiecentrales. Het bedrijf, opgericht in 1994, viert binnenkort zijn drie decennia van innovatie en dienstverlening in de vervoerssector.
De wortels van Censys BV liggen diep in de technologische ontwikkelingen die de vervoerssector in de afgelopen dertig jaar hebben getransformeerd. Als een bedrijf dat de ontwikkeling van kritische software voor diverse vervoersbehoeften leidt, heeft het Eindhovense bedrijf zich aangepast aan en geanticipeerd op de evoluerende eisen van de sector. Dit heeft niet alleen de groei van het bedrijf bevorderd, maar ook bijgedragen aan efficiëntere en effectievere vervoersoplossingen.
“Nog steeds sterk, 30 jaar lang! Bedankt voor het vertrouwen in ons software avontuur!”
Gerrit Saey – directeur Censys BV Eindhoven
Censys BV, een pionier in de technologische sector sinds de vroege jaren negentig, heeft zich stevig gevestigd als een voorloper in de evolutie van digitale technologieën en hun toepassing in de vervoersindustrie. Met het ontstaan van het internet en de daaropvolgende golf van mobiele technologieën heeft Censys BV zich niet alleen aangepast aan deze veranderingen maar heeft het ook actief bijgedragen aan de vormgeving ervan door zijn producten en diensten voortdurend te ontwikkelen.
Vanaf het prille begin heeft het bedrijf de waarde ingezien van het integreren van nieuwe technologieën in zijn aanbod. Dit inzicht heeft Censys BV in staat gesteld om innovatieve softwareoplossingen te ontwikkelen die de efficiëntie en toegankelijkheid van vervoersdiensten aanzienlijk verbeteren. Door de huidige toepassing van geavanceerde AI-technieken heeft het bedrijf ondertussen producten gecreëerd die niet alleen inspelen op de huidige behoeften van de markt maar ook anticiperen op toekomstige trends en ontwikkelingen.
In een tijd waarin innovatie de motor van vooruitgang is, onderscheidt Censys BV zich door verder te gaan dan het simpelweg toepassen van bestaande technologieën. Het bedrijf heeft zich toegewijd aan het ontwikkelen van baanbrekende oplossingen die niet alleen de toegankelijkheid, maar ook de efficiëntie van vervoersdiensten verbeteren. Dit heeft geresulteerd in de ontwikkeling van geavanceerde, gebruiksvriendelijke software die niet alleen vervoersdiensten efficiënter maakt, maar ook toegankelijker voor een breder publiek.
Het dertigjarig jubileum van Censys BV gaat verder dan een mijlpaal in de geschiedenis van het bedrijf; het weerspiegelt de voortdurende evolutie van de vervoerssector als geheel. Met een scherp oog voor de toekomst richt Censys BV zich specifiek op de ontwikkeling van de Centrale Database Taxi (CDT) software voor mobiele apparaten, die de verouderde boordcomputer taxi-systemen zal vervangen. Dit ambitieuze project zal de manier waarop vervoersdiensten worden beheerd, gecontroleerd en gecoördineerd ingrijpend veranderen.
Het Eindhovense familiebedrijf beschouwt de ontwikkeling van de nieuwe CDT als een cruciale stap in het verbeteren van de efficiëntie, veiligheid en gebruiksvriendelijkheid van vervoersdiensten voor taxichauffeurs. Deze innovatie belooft niet alleen de operationele prestaties van taxi’s te optimaliseren, maar ook een naadloze integratie met bestaande en toekomstige digitale infrastructuren te bieden.
Stichting Quadraam, een toonaangevende speler in het Nederlandse onderwijslandschap, kiest voor kwaliteit met de aanstelling van Betuwe Express als hun officiële partner voor touringcarvervoer.
Dit nieuws komt naar buiten via een officiële aankondiging op TenderNed, waarbij de scholenorganisatie details deelt over deze samenwerking. Met bijna 1500 medewerkers en het verzorgen van onderwijs aan rond de 12.000 leerlingen verspreid over 14 middelbare scholen in de regio’s Arnhem, De Liemers en Overbetuwe, markeert deze stap een belangrijke mijlpaal voor Quadraam in hun streven naar kwalitatief hoogstaand onderwijs en aanvullende diensten.
Betuwe Express, een gevestigde naam in de Nederlandse touringcarindustrie met een rijke historie die teruggaat tot 60 jaar geleden, staat bekend om haar uitgebreide ervaring en deskundigheid op het gebied van personenvervoer. Dit maakt hen de ideale keuze voor Quadraam, die het welzijn van zowel hun leerlingen als leraren hoog in het vaandel heeft staan. Vanaf 13 mei 2024 zal Betuwe Express het vervoer van deze belangrijke groepen voor hun rekening nemen, met een contractwaarde die schommelt tussen de 1,7 en 2,5 miljoen euro.
De aanbestedingsprocedure, een zorgvuldig proces waarbij zowel de prijs als de kwaliteit van de dienstverlening elk voor 50 procent meewogen, resulteerde uiteindelijk in de keuze voor Betuwe Express uit een totaal van vier inschrijvingen. Deze beslissing onderstreept de toewijding van Quadraam aan het waarborgen van de best mogelijke voorwaarden voor haar scholengemeenschap.
Foto: Betuwe Express
Quadraam wenst door middel van deze aanbesteding haar organisatie te voorzien van één contractant
die gedurende de raamovereenkomst Quadraam kan faciliteren bij de vraag naar busvervoer.
Het contract met Betuwe Express is flexibel opgesteld met een initiële looptijd van iets meer dan een jaar, specifiek tot en met 31 mei 2025. Bovendien biedt het de mogelijkheid voor drie opeenvolgende verlengingen van elk een jaar, waardoor de samenwerking potentieel kan doorlopen tot ver in 2028. Deze constructie geeft beide partijen de ruimte om de samenwerking af te stemmen op de dynamisch veranderende behoeften binnen het onderwijs en vervoer.
Deze samenwerking tussen Quadraam en Betuwe Express is niet alleen een logistieke stap voorwaarts maar symboliseert ook een diepere toewijding aan het faciliteren van toegankelijk en kwalitatief onderwijs. Door het waarborgen van veilig en betrouwbaar vervoer voor leerlingen en leraren, verstevigt Quadraam haar positie als een van de grotere onderwijsbesturen in Nederland, gericht op de toekomst en het welzijn van haar gemeenschap.
Het Rotterdamse vervoersbedrijf Trevvel, belast met het vervoeren van ouderen en leerlingen, staat aan de vooravond van een nieuwe aanbestedingsronde onder politieke druk.
Met kritiek uit verschillende hoeken, waaronder de Rotterdamse Raad, lokale media, en specifiek van raadsleden Mina Morkoç (GroenLinks) en Naoufal Akhatab (DENK), die de situatie omschrijven als “een grote bende”, ligt het bedrijf eens te meer opnieuw onder een vergrootglas. De kritiek komt op een moment dat de gemeente Rotterdam de markt peilt voor het nieuwe vervoerscontract en over de aanbesteding moet beslist worden.
De huidige problemen zijn niet gering. Klachten over de dienstverlening, zoals de punctualiteit, communicatie en klantvriendelijkheid, hebben de reputatie van Trevvel door de jaren heen geen goed gedaan. Dit werd eerder bevestigd door de resultaten van een telefonische enquête onder stakeholders zoals zorginstellingen en scholen voor speciaal onderwijs, waaruit bleek dat slechts een kleine meerderheid Trevvel’s dienstverlening als voldoende of goed beoordeelt. Specifieke punten van verbetering zijn onder meer de stiptheid, telefonische bereikbaarheid en de houding van de chauffeurs.
verschil in visie
De kritiek was niet zonder gevolgen gebleven. Incidenten in het vervoer en het vertrek van toenmalig directeur Ron van de Peppel vanwege een verschil in visie op het te voeren beleid, hadden de situatie verscherpt. Ondanks deze turbulente tijden en de negatieve publiciteit, bleef de financiering vanuit de gemeente stromen, ook tijdens de COVID-19 pandemie toen het aantal klachten weliswaar daalde, maar dat door minder vervoersbehoefte.
Over de aanbesteding van het Doelgroepenvervoer waren vrijwel alle partijen enthousiast. ‘Heel erg innovatief’, zo typeerde oud-wethouder Sven de Langen het contract met Trevvel waar hij in oktober 2017 verantwoordelijk voor werd.
In reactie op de kritiek had de gemeente Rotterdam onafhankelijke onderzoeken laten uitvoeren naar zowel het functioneren van Trevvel als de gemeentelijke aansturing. De resultaten tonen dat, ondanks de kritiek, Trevvel volgens de wethouder aan de gemeentelijke maatstaven voldoet en zelfs bovengemiddeld presteert binnen de taxibranche. Dit nam echter niet weg dat er ruimte voor verbetering was, iets wat ook de ombudsman benadrukte in het onafhankelijk meldpunt Trevvel. Hieruit bleek dat er naast de negatieve ook positieve ervaringen zijn, zoals behulpzame chauffeurs en een zorgvuldige ritverwerking.
frisse wind
Ondertussen had de vervoerder zijn hoofdkantoor Villa Trompenburg aan de Kralingse Honingerdijk verruilt voor een modernere behuizing aan de Bahialaan en ontving CEO Stef Hesselink de sleutels van het nieuwe hoofdkantoor. Het vertrek van van de Peppel had ook voor nieuw leiderschap gezorgd binnen Trevvel Rotterdam wat zowel binnen als buiten de organisatie voor opschudding heeft gezorgd.
Arno van Haasterecht, voorheen actief bij DHL, nam in augustus 2019 de rol van algemeen directeur bij Trevvel op zich, waar hij interim-directeur Aad Romijn verving. Zijn achtergrond bij DHL Parcel Service Benelux, waar hij verantwoordelijk was voor de dagelijkse operaties binnen het B2B NL netwerk beloofde een frisse wind te brengen in de organisatorische structuur van Trevvel.
Met de komst van Arno van Haasterecht werd een opvallende verschuiving in managementstijl en operationele aanpak ervaren. In de beginperiode van zijn aanstelling domineerde van Haasterecht de media-aandacht, niet zozeer vanwege beleidswijzigingen of innovatieve strategieën, maar als de centrale figuur die antwoord gaf op de prangende vragen over de situatie binnen de organisatie.
Naast zijn initiële rol als algemeen directeur, zette van Haasterecht stappen om de operationele leiding te herstructureren, wat resulteerde in de benoeming van Raoul Verheij als de nieuwe manager operations. Verheij, ook een voormalig medewerker van DHL met uitgebreide ervaring in het managen van complexe processen, nam de verantwoordelijkheid over alle directe operationele activiteiten binnen de organisatie.
vertrek
De aanstelling van Verheij markeerde een nieuwe fase voor Trevvel. Echter, ondanks de positieve ontvangst van zijn leiderschap op de werkvloer, was Verheij’s periode bij Trevvel kortstondig. Zijn vertrek, aangekondigd enkele maanden na zijn aanstelling, liet velen binnen de organisatie teleurgesteld achter. De redenen achter zijn plotselinge vertrek werden niet breed gecommuniceerd, wat leidde tot speculaties en onzekerheid onder het personeel.
Ondertussen heerste in Rotterdam een verhit debat over de toekomst van het leerlingen- en doelgroepenvervoer, een cruciaal vraagstuk dat de gemeenteraad had verdeeld. De kern van deze discussie was opnieuw de dienstverlening door Trevvel. Dit dossier heeft niet alleen politieke fracties op scherp gesteld, maar legde tevens een dieper maatschappelijk probleem bloot: de noodzaak om de meest kwetsbare groepen in de samenleving te ondersteunen.
motie
Fractievoorzitter Ellen Verkoelen van 50PLUS nam het voortouw in deze kwestie door een motie in te dienen met als doel Trevvel ertoe te bewegen haar samenwerking met onderaannemers en vervoersaanbieders te intensiveren. Dit om de dienstverlening vóór de streefdatum van 1 november aanzienlijk te verbeteren en te waarborgen. De motie, gedoopt als “Trevvel Samen”, beoogde een directe verbetering van de mobiliteit van ouderen, een groep die volgens Verkoelen extra kwetsbaar is voor sociale isolatie als gevolg van verminderde mobiliteit.
De achterliggende motivatie van de motie was het aan de kaak stellen van een eerder besluit van het college om de bewegingsvrijheid van ouderen te beperken ten gunste van het leerlingenvervoer. Dit besluit was een doorn in het oog van 50PLUS. Verkoelen beschuldigde Leefbaar, een van de tegenstanders van Trevvel, ervan 50PLUS het zwijgen op te willen leggen, op aandringen van hun eigen wethouder.
Dat de motie tijdens de raadsvergadering van 29 september 2022 werd verworpen wil niet zeggen dat de problemen van Trevvel zijn opgelost, integendeel.
De casus van Trevvel en de gemeente Rotterdam belicht de complexiteit en gevoeligheid van aanbestedingen in het openbaar vervoer, waarbij de belangen van kwetsbare groepen zwaar wegen. Sinds de aanbesteding in 2018, waarbij Trevvel als winnaar uit de bus kwam, regende het klachten. Deze kwestie, die vooral kwetsbare kinderen treft die hierdoor onderwijs missen, trok de aandacht van het consumentenprogramma Radar.
Op maandag 10 oktober gaf Radar uitgebreid aandacht aan een situatie waarbij kinderen te laat of soms helemaal niet worden opgehaald. Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, Dennis Wiersma, uitte zijn schrik over de berichten. Daarnaast klagen veel gebruikers over een onbereikbare klantenservice bij Trevvel, waardoor de communicatie stroef verloopt.
Dennis Wiersma schrikt van alle verhalen over de huidige staat van het leerlingenvervoer.
In de kern van de aanpak in Rotterdam om de voortdurende problemen met het leerlingenvervoer aan te pakken, stond een uniek politiek voorstel dat zowel lof als kritiek oogst. De stad introduceert een vergoedingsregeling die ouders stimuleert om zelf voor het vervoer van hun kinderen naar school te zorgen. Deze maatregel was een direct antwoord op de aanhoudende kritiek en operationele uitdagingen waarmee de vervoersdienst te kampen heeft.
chauffeurs
Het leerlingenvervoer in Rotterdam, een essentiële service voor veel gezinnen, werd geplaagd door een schrijnend tekort aan chauffeurs. Dit probleem, dat vlak voor de zomerse vakantieperiode aan het licht kwam, zorgde voor onzekerheid en frustratie onder ouders en leerlingen. In reactie op deze situatie nam Arno van Haasterecht een prominente rol in de media op zich om uitleg en geruststelling te bieden.
Wethouder Ronald Buijt (Leefbaar Rotterdam)
“Er zijn ongelofelijk veel maatregelen genomen op het niveau waarop we nu zitten”, zegt Buijt tegenover Rijnmond naar aanleiding van het laatste incident waarbij de 5-jarige Mete aan de aandacht van de chauffeur van vervoersbedrijf ontsnapte. “We praten over miljoenen bewegingen per jaar. Er is genoeg aan te merken op Trevvel, maar het is zo’n grote klus op zo’n ingewikkelde markt. Iedere vervoerder heeft daarmee te maken.”
De vergoedingsregeling, die van start ging in januari 2023 en liep tot de zomervakantie, bood aan ouders de mogelijkheid om een financiële tegemoetkoming te ontvangen als ze ervoor kozen om hun kinderen zelf naar school te vervoeren. Voor kinderen die meer dan 13 kilometer van school wonen, werd een vergoeding van 38 cent per kilometer aangeboden.
Wethouder Ronald Buijt van Leefbaar Rotterdam, de politieke partij die deze maatregel mede had vormgegeven, suggereerde dat de problemen met het leerlingenvervoer dieper liggen dan enkel een tekort aan chauffeurs. Hij benadrukte de noodzaak van flexibele werkafspraken voor ouders, waardoor zij de mogelijkheid krijgen om hun kinderen persoonlijk naar school te brengen.
De invoering van deze regeling heeft tot gemengde reacties geleid. Enerzijds werd het gezien als een innovatieve oplossing die ouders meer flexibiliteit en autonomie biedt. Anderzijds waren er zorgen geuit over de toegankelijkheid en de uitvoerbaarheid van de regeling voor alle gezinnen. Niettemin, de regeling toonde de bereidheid van de gemeente Rotterdam en Trevvel om nieuwe wegen te verkennen in het aanpakken van complexe stedelijke uitdagingen.
Stans Goudsmit – Kinderombudsman
De Rotterdamse Kinderombudsman Stans Goudsmit wil dat er voor de herfstvakantie een oplossing is of dat de gemeente anders maar ouders compenseert die zelf vervoer regelen.
In de afgelopen jaren hebben de organisatorische turbulenties binnen Trevvel de gemoederen hoog doen oplopen. Een voortdurende verandering van softwareleveranciers, onenigheid met onderaannemers en taxichauffeurs, en frequente personeelswisselingen hebben de stabiliteit van de dienstverlening aanzienlijk beïnvloed.
planning
In reactie op de aanhoudende problematiek had wethouder Struijvenberg aangekondigd dat er behoefte was aan een grondige analyse van de situatie. “Hoe vaak en op welke routes gaat het mis en hoe kunnen we dat veranderen?” vroeg Struijvenberg zich af. Zijn doel was om de feiten helder op tafel te krijgen en om transparantie te bieden aan de ouders en andere betrokkenen. Daarnaast benadrukte hij het belang van tijdige communicatie over wijzigingen in de planning, zodat ouders niet voor onaangename verrassingen komen te staan. De klachten varieerden van onbeschikbaarheid van de bijbehorende app tot verkeerde informatie over de planning. Om de dienstverlening op korte termijn te verbeteren, worden er gesprekken gevoerd met tien alternatieve vervoerders en een aantal bedrijven die al voor Trevvel werken.
aanbesteding
De politieke discussie rondom de aanbesteding en de kwaliteit van het vervoer in Rotterdam wordt verder aangewakkerd door raadsleden zoals Dennis Tak, die pleit voor meer openheid en frequentere rapportages over onder andere klanttevredenheid en punctualiteit. Ook de vraag of het vervoer aan slechts één bedrijf moet worden gegund, wordt door hem ter discussie gesteld.
De situatie rondom Trevvel en het doelgroepenvervoer in Rotterdam is exemplarisch voor de complexiteit van publieke aanbestedingen en de uitdagingen die komen kijken bij het leveren van essentiële diensten aan kwetsbare groepen in de samenleving. Terwijl de gemeente en betrokken partijen werken aan verbeteringen, blijft de vraag hoe de dienstverlening kan worden geoptimaliseerd zonder daarbij de menselijke maat uit het oog te verliezen.
Infrastructuurplannen op de pauzeknop nu de focus op renovatie ligt ondanks politieke verdeeldheid over wegenprojecten in de Tweede Kamer.
In het Nederlandse infrastructuur- en transportlandschap zijn deze week diverse ontwikkelingen aan de orde gekomen. De overheid heeft besloten om 17 grote infrastructuurprojecten tijdelijk te pauzeren, een besluit dat volgde na een lang debat in de Tweede Kamer. De uitdagingen waarvoor deze beslissing staat, omvatten gestegen bouwkosten, personeelstekorten en de stikstofproblematiek. Minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat kon geen optimistisch nieuws brengen over de voortgang van deze projecten, wat leidde tot een verschuiving in focus naar onderhoud en renovatie van bestaande infrastructuur.
De politieke verdeeldheid over deze kwestie werd duidelijk tijdens de discussie in de Tweede Kamer. Linkse partijen toonden meer begrip voor de verschuiving van middelen, terwijl rechtse partijen benadrukten dat nieuwe wegen essentieel zijn voor de bereikbaarheid van Nederland. Een ander belangrijk onderwerp dat werd besproken, was het tekort aan truckparkings. Het ministerie heeft stappen ondernomen om dit probleem aan te pakken, waaronder EU-subsidies voor vijf nieuwe locaties en een pilotproject in Limburg.
Staatssecretaris Heijnen sprak over de rol van de mobiliteitssector in de strijd tegen klimaatverandering, met nadruk op Nederland als koploper in elektrisch rijden en duurzame mobiliteit. Ondanks de goede laadinfrastructuur, blijven snelladers een uitdaging. Uit een berekening van het PBL blijkt dat de reductiedoelen voor de mobiliteitssector binnen handbereik zijn.
Melanie van der Horst, Amsterdamse wethouder voor Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit, zal als gastspreker optreden tijdens de KNV nieuwjaarsreceptie. Zij zal haar visie delen over de mobiliteitstransitie van Amsterdam en de uitdagingen en kansen die dit met zich meebrengt.
Ondertussen neemt ook de kritiek van Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) over het leerlingenvervoer toe. Voorzitter Bertho Eckhardt riep op tot dringend overleg om incidenten in het schooljaar 2024-2025 te voorkomen, wijzend op een persistente capaciteitstekort.
Nederlanders moeten steeds verder reizen voor huisartsenzorg, blijkt uit recente CBS-cijfers. De gemiddelde afstand tot de dichtstbijzijnde huisartsenpraktijk is gestegen. Er zijn opmerkelijke verschillen tussen verschillende gebieden in Nederland.
FNV heeft zijn steun uitgesproken voor een wetsvoorstel dat provincies de mogelijkheid geeft om zelfstandig het streekvervoer te organiseren. Dit volgt op de voortdurende problemen binnen het openbaar streekvervoer.
In België wordt smartphonegebruik achter het stuur strenger bestraft. Vanaf 1 februari 2024 leidt dit tot een rijverbod van vijftien dagen, een significante verandering ten opzichte van de eerdere boete van 174 euro.
Moet KNV een positievere rol spelen in de sector en bijdragen aan het verbeteren van de situatie in het leerlingenvervoer?
De kritiek van Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) over het leerlingenvervoer neemt toe na opnieuw een jaar van disbalans tussen vraag en aanbod. Voorzitter Bertho Eckhardt, die tijdens de Dag van het Leerlingenvervoer opriep tot dringend overleg tussen betrokken partijen, benadrukte de urgentie om incidenten in het schooljaar 2024-2025 te voorkomen. Het persistente capaciteitstekort, benoemd als ‘een nieuwe werkelijkheid’ door KNV, blijft een uitdaging.
Ook toenemende kritiek op de brancheorganisatie KNV zelf door haar eigen leden is een teken van groeiende frustratie en ontevredenheid binnen de sector. Het feit dat de sector zelf momenteel weinig concrete oplossingen biedt en zich voornamelijk beperkt tot het vaststellen van problemen en het uiten van waarschuwingen, kan wijzen op een aantal onderliggende uitdagingen en gebieden die aandacht behoeven waarbij KNV kan helpen.
KNV kan zelf proactief de dialoog aangaan met alle belanghebbenden, inclusief gemeenten, scholen, ouders en chauffeurs, om de problemen gezamenlijk te bespreken en op te lossen. De huidige situatie waarin Koninklijk Nederlands Vervoer mogelijk te veel wordt beïnvloed door de grootste vervoersbedrijven in de sector, kan een hindernis vormen bij het effectief aanpakken van de problemen in het leerlingenvervoer. Het is cruciaal dat de belangen van alle stakeholders, waaronder kleinere vervoersbedrijven, chauffeurs, planners, ouders en scholen, evenwichtig worden vertegenwoordigd.
adviesraden
KNV zou kunnen denken aan het oprichten van onafhankelijke commissies of adviesraden, die verschillende belanghebbenden vertegenwoordigen, kan helpen bij het formuleren van beleid en strategieën die recht doen aan de diverse behoeften en uitdagingen in de sector met betrekking tot het leerlingenvervoer. De vereniging kan streven naar een meer gediversifieerde leiding, waarbij leden van verschillende groottes en soorten vervoersbedrijven, alsmede vertegenwoordigers van chauffeurs en planners, betrokken zijn. Dit zorgt voor een meer gebalanceerde besluitvorming die rekening houdt met een breder scala aan perspectieven en belangen.
Er is een duidelijke behoefte aan een meer proactieve en oplossingsgerichte aanpak vanuit de brancheorganisatie. Dit vereist leiderschap dat verder gaat dan het alleen identificeren van problemen en zich richt op het actief ontwikkelen en implementeren van strategieën.
Het bevorderen van duurzame en maatschappelijk verantwoorde praktijken kan niet alleen de impact op het milieu verminderen, maar ook de reputatie van het leerlingenvervoer verbeteren. KNV kan specifieke programma’s of ondersteuning bieden aan KMO’s in de sector om ervoor te zorgen dat hun belangen en uitdagingen adequaat worden aangepakt. Effectieve communicatie met alle belanghebbenden, inclusief tijdige updates en transparantie over problemen en oplossingen, kan helpen bij het opbouwen van vertrouwen en het verminderen van frustraties.
Het is belangrijk dat de brancheorganisatie niet alleen reageert op onmiddellijke problemen, maar ook werkt aan een langetermijnvisie voor de sector. Dit omvat het anticiperen op toekomstige uitdagingen en trends.
De toename van de vraag naar leerlingenvervoer en de onvoldoende respons van de taxisector vormen de kern van de problematiek. KNV Zorgvervoer en Taxi, een branchevereniging, heeft herhaaldelijk gewaarschuwd voor een onhoudbare situatie, waarin men steeds meer moet doen met minder middelen. Echter, het onvermogen van de sector om zelf doeltreffende oplossingen te vinden, blijft een doorn in het oog voor opdrachtgevers of gemeenten die met de problemen worstelen.
achteruitgang
De door taxichauffeurs aangewezen problemen zoals bedrijfscultuur, loonkwesties, en onprofessionele planningen, vervaardigd door onervaren personeel, zijn belangrijke aandachtspunten die directe impact hebben op de kwaliteit van het leerlingenvervoer. De tendens van vervoerders om te besparen op ICT-kosten door zelfgebouwde software en vervoersplanningen te gebruiken, heeft blijkbaar geleid tot een achteruitgang in de kwaliteit van planningen en routes. Besparen op ICT-kosten mag niet ten koste gaan van de kwaliteit van de dienstverlening. Investeringen in robuuste, bewezen softwareoplossingen voor routeplanning en vervoersbeheer zijn cruciaal voor het optimaliseren van operationele efficiëntie.
Daarnaast blijkt uit een enquête van de branchevereniging dat een kwart van de KNV-leden samen meer dan 1600 vacatures open heeft staan. Dit wijst op een steeds complexer wordende vervoersvraag en de behoefte aan meer maatwerk, wat een professionele aanpak vereist.
Het opzetten van effectieve feedbackmechanismen waarbij chauffeurs en planners hun ervaringen en suggesties kunnen delen, kan helpen bij het identificeren van problemen en het ontwikkelen van praktische oplossingen.
Het is van groot belang te erkennen dat leerlingenvervoer primair een verantwoordelijkheid is van gemeenten, waarbij de inzet van taxibussen vaak als laatste optie wordt gezien, en niet als een standaardvereiste. Dit biedt ruimte voor het overwegen van alternatieve vervoerswijzen, die zowel praktisch als kosteneffectief kunnen zijn.
taxi geen ‘must-have’
Voor sommige groepen leerlingen kan het openbaar vervoer een haalbare optie zijn. Dit kan de druk op het leerlingenvervoer verminderen en leerlingen meer zelfstandigheid bieden. Gemeenten kunnen samenwerken met openbaarvervoerbedrijven om routes en dienstregelingen af te stemmen op de behoeften van schoolgaande kinderen, al dan niet onder begeleiding. In gebieden waar het veilig en praktisch is, kan het stimuleren van fietsen als vervoersmiddel bijdragen aan de fysieke gezondheid van leerlingen en het milieu.
Deelvervoersystemen, zoals carpoolen georganiseerd door ouders of via gemeenschapsinitiatieven, kunnen een kosteneffectieve en sociale oplossing bieden. Dit vereist goede coördinatie en betrouwbare communicatiekanalen. In sommige gevallen kunnen ouders of vrijwilligers het vervoer van leerlingen organiseren, vooral in kleinere gemeenschappen of voor specifieke activiteiten. Dit vraagt om goede afspraken en eventueel ondersteuning vanuit de gemeente.
Het informeren en onderwijzen van ouders en leerlingen over de beschikbare vervoersalternatieven kan helpen bij het maken van geïnformeerde keuzes en het bevorderen van zelfstandigheid van leerlingen.
Door schooltijden binnen het speciaal onderwijs flexibeler te maken, kan de druk op het vervoer in piekuren verminderd worden. Dit kan helpen bij het efficiënter organiseren van vervoer en het verminderen van kosten. Samenwerking met lokale organisaties, zoals buurtverenigingen of non-profitorganisaties, kan helpen bij het opzetten van innovatieve vervoersoplossingen die aansluiten bij de specifieke behoeften van de gemeenschap.
De uitspraken van Bertho Eckhardt, voorzitter van KNV, benadrukken verschillende cruciale aspecten in de discussie over leerlingenvervoer in Nederland. Eckhardt’s nadruk op het belang van de doelgroep, de oproep tot het maken van ‘echte, structurele oplossingen’, en de erkenning van de inzet van chauffeurs, belichten de complexiteit van het vraagstuk en de noodzaak van een gecoördineerde aanpak.
Er is behoefte aan diepgaande veranderingen in plaats van tijdelijke oplossingen. Dit kan betekenen dat het huidige systeem grondig wordt herzien en dat er nieuwe strategieën worden ontwikkeld die duurzamer en effectiever zijn. Bij het zoeken naar oplossingen moet altijd rekening worden gehouden met de behoeften en het welzijn van de leerlingen. Dit omvat veilig, betrouwbaar en toegankelijk vervoer dat is afgestemd op hun specifieke behoeften.
De oproep van KNV Zorgvervoer en Taxi aan gemeenten om het vervoer minder complex te maken, wijst op de noodzaak van vereenvoudiging. Dit kan worden bereikt door het verminderen van bureaucratie, het verbeteren van communicatiekanalen en het inzetten van technologie voor efficiëntere planning. De toewijding van chauffeurs aan ‘hun’ kinderen moet worden erkend en ondersteund.
Het toepassen van geavanceerde technologieën in de optimalisatie van routes en verbetering van vervoersefficiëntie kan significant bijdragen aan kostenverlaging in operationele processen. Deze taak dient echter verschoven te worden van grote vervoersbedrijven die neigen naar het ontwikkelen van eigen ICT-oplossingen met goedkope arbeidskrachten zoals schoolverlaters en stagiairs. Hoewel dit een kostenbesparende strategie lijkt, compromitteert het vaak de kwaliteit van het vervoer, waarbij bedrijven afhankelijk worden van volumewinst in plaats van dienstverlening van hoge kwaliteit.
Het verbeteren van arbeidsomstandigheden en salarissen is cruciaal voor het aantrekken en behouden van bekwaam personeel, wat onmisbaar is voor het handhaven van een hoge kwaliteit van dienstverlening. Echter, simpelweg meer financiële middelen inzetten is geen langetermijnoplossing voor de uitdagingen in de sector. KNV zou zich moeten richten op het onderzoeken van en adviseren over meer flexibele en aanvullende vervoersmogelijkheden, zoals gedeeld vervoer, om beter tegemoet te komen aan diverse vervoersbehoeften.
Door te investeren in de scholing en professionalisering van het personeel, inclusief planners en chauffeurs, kan de kwaliteit van de dienstverlening worden verhoogd en kunnen operationele problemen worden verminderd. Bovendien kan de branchevereniging een actieve rol vervullen in het beïnvloeden van zowel lokaal als nationaal beleid, met als doel een gunstiger klimaat te scheppen voor het leerlingenvervoer.
Door de eisen die belangenorganisaties bij de ministers blijven neerleggen beginnen ouders steeds harder met hun vuist op tafel te slaan
De 10e editie van de Dag van het Leerlingenvervoer, die oorspronkelijk gepland was in november 2023, maar uitgesteld werd door de samenloop met de nationale verkiezingen, vindt nu plaats op 25 januari 2024 in Concertgebouw De Vereeniging in Nijmegen. Dit congres belicht de cruciale aspecten van het leerlingenvervoer en brengt experts samen om de toekomst van dit veld vorm te geven.
Dagvoorzitter Carolien Aalders, initiatiefneemster van ‘De Reiskoffer’, leidt het evenement en zal zelf een deelsessie verzorgen over casuïstiek. De invloed van haar werk is significant, mede door de uitdagingen en kritieken vanuit instanties zoals “Ouders en Onderwijs” en de “Belangenvereniging voor leerlingen in het VSO”.
Al in 2008 pleitte Carolien Aalders in Binnenlands Bestuur voor een minder prominent gebruik van het taxibusje voor kinderen in het speciaal onderwijs. “In mijn optiek is er helemaal geen tekort aan chauffeurs, maar zijn er té veel gebruikers van het taxivervoer.”, aldus Aalders.
Een belangrijk thema dit jaar is de politieke druk rondom het leerlingenvervoer. De visie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hierop zal uitvoerig worden besproken. René Peters, Tweede Kamerlid voor het CDA, zal zijn perspectief delen, gezien zijn achtergrond in het onderwijs en ervaring als oud-wethouder.
De Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV) zal ook aanwezig zijn om te spreken over de uitdagingen en mogelijke oplossingen in het leerlingenvervoer. Hun inzichten zijn van cruciaal belang, vooral in het licht van de chauffeurskrapte en andere operationele problemen.
Het congres behandelt ook de bredere maatschappelijke misvattingen rondom leerlingenvervoer. De focus ligt op het aanmoedigen van zelfstandig reizen voor die leerlingen die dat kunnen, wat ruimte biedt voor degenen die daadwerkelijk afhankelijk zijn van gespecialiseerd vervoer.
Communicatie met ouders en verzorgers is een ander kritiek punt. Linda Zwetsloot, expert in communicatietraining, zal inzichten delen over het effectief aangaan van deze gesprekken, een vaak onderschat aspect van het leerlingenvervoer.
Daarnaast richt het congres zich op de beleidsmatige aspecten, zoals aanbestedingen. Het Aanbestedingsinstituut Mobiliteit (AIM) zal spreken over de complexiteiten en noodzakelijke aandachtspunten in dit proces. Henk van Gelderen en Joris de Vries nemen de aanwezigen mee in de aanbestedingswereld.
Diverse sprekers, waaronder Bertho Eckhardt (KNV) en Petra Raaijen (VNG), zullen hun ervaringen en inzichten delen. Verder zal Edwin de Bruin van Connexxion, een belangrijke speler in het vervoersveld, zijn expertise delen over de praktische kanten van het leerlingenvervoer.
Linda Germs, voorzitter van “Stichting Upside van Down” en moeder van Lukas, zal spreken over de reismogelijkheden voor kinderen met het Syndroom van Down, en de rol van de stichting in het bevorderen van een realistische beeldvorming over deze groep.
Maarten van der Weijden, Olympisch en Wereldkampioen lange afstand zwemmen, zal het congres verrijken met zijn inspirerende verhaal over doorzettingsvermogen en het overwinnen van uitdagingen. Tot slot zal Kim Schrijvers, oprichter van Eljakim Information Technology BV, inzichten delen over de technologische ondersteuning van het leerlingenvervoer.
Dit congres belooft een veelzijdig platform te zijn voor discussie, kennisdeling en het aandragen van oplossingen voor de uitdagingen binnen het leerlingenvervoer.
De bekostiging van het leerlingenvervoer is een gemeentelijke taak, waarbij gemeenten financieel verantwoordelijk zijn.
Dagelijks maken 72.000 kinderen gebruik van een vorm van leerlingenvervoer. Gelukkig gaat het meestal goed, maar we kennen ook de verhalen in de media van een leerling die tevergeefs op een bus wacht, overvolle taxi’s of personeelstekort bij een vervoersbedrijf. Zo ontstond de aanleiding om een VNG-handreiking leerlingenvervoer beschikbaar te stellen aan de gemeenten.
De “VNG-handreiking leerlingenvervoer” is een uitgebreide gids die richtlijnen en adviezen biedt voor de efficiënte en effectieve organisatie van leerlingenvervoer door Nederlandse gemeenten. De handreiking is opgesteld door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in samenwerking met experts uit de sector. Het document biedt een gedetailleerd overzicht van de juridische grondslagen, beleidskaders, en verschillende rollen en verantwoordelijkheden binnen het proces van leerlingenvervoer.
Een van de hoofddoelen van de handreiking is het bieden van ondersteuning aan vier specifieke groepen gemeentelijke medewerkers: consulenten leerlingenvervoer, beleidsadviseurs, contractmanagers/accountbeheerders, en medewerkers inkoop en aanbesteding. Deze professionals werken samen om een soepele en effectieve uitvoering van het leerlingenvervoer te garanderen.
De handreiking benadrukt het belang van een zorgvuldige planning en coördinatie van het leerlingenvervoer, evenals de noodzaak voor gemeenten om hun verordeningen en beleidskaders regelmatig bij te werken. Dit is vooral van belang om te voldoen aan de voortdurend veranderende wettelijke vereisten en lokale behoeften.
Gemeenten zijn verplicht een verordening Leerlingenvervoer te hebben, gebaseerd op wetten zoals de WPO, WVO2020 en WEC. De VNG biedt een modelverordening aan die gemeenten kunnen aanpassen aan hun lokale situatie. De nadruk ligt ook op zelfstandig reizen van leerlingen, met aandacht voor de zelfredzaamheid en het zelfvertrouwen van kinderen. Ouders spelen een cruciale rol in dit proces.
Dagelijks maken ongeveer 72.000 kinderen gebruik van het leerlingenvervoer.
Het bepalen van de beste route van huis naar school is afhankelijk van diverse factoren, waaronder onderwijsbehoefte, afstand en vervoersmogelijkheden. Een belangrijk aspect van de handreiking is de nadruk op samenwerking tussen verschillende functies en stakeholders, met een focus op optimale uitvoering en het oplossen van knelpunten.
De handreiking introduceert twee belangrijke cycli: de voorbereiding van het nieuwe schooljaar en de cyclus van inkoop, aanbesteding en contractmanagement. De consulent leerlingenvervoer speelt een centrale rol in de dagelijkse uitvoering van het beleid en is het eerste aanspreekpunt voor ouders en scholen. De aanvraag voor leerlingenvervoer kan verschillende redenen hebben, waaronder afstand, handicap en denominatie. Het proces van toekenning begint met een gesprek tussen de consulent en de ouders/verzorgers, waarbij de meest passende vervoersvoorziening wordt bepaald.
Het document behandelt ook uitdagingen zoals piekbelastingen in het vervoer en de noodzaak om alternatieve vervoersoplossingen te verkennen. Bovendien wordt de rol van ouders en scholen in het proces benadrukt, waarbij de nadruk wordt gelegd op samenwerking en communicatie om de beste resultaten te bereiken. De handreiking bevat ook specifieke adviezen en richtlijnen voor de organisatie van het leerlingenvervoer, zoals het vaststellen van een jaarlijkse planning, het opstellen van contracten met vervoersbedrijven, en het beheren van klachten en klanttevredenheidsonderzoeken.
De “VNG-handreiking leerlingenvervoer” is dus een essentieel document voor Nederlandse gemeenten, omdat het hen helpt bij het navigeren door de complexiteit van het leerlingenvervoer en het bieden van effectieve, efficiënte en op maat gemaakte vervoersoplossingen voor leerlingen.
De recente politieke verschuiving in Nederland, met de PVV als grootste partij, brengt nieuwe perspectieven op het gebied van mobiliteit.
Terwijl Parijs worstelt met mobiliteitsdilemma voor olympische spelen en burgemeester Hidalgo geconfronteerd wordt met kritiek op verkeersplannen, blijft Wondelgem in de greep van eindeloze straatwerken deze week.
De aankondiging van een nieuwe 48-urenstaking bij de NMBS, die gepland staat voor begin december, geeft de aanhoudende spanningen tussen de spoorwegvakbonden en de directie aan. Juridische werkgever HR Rail bevestigt dat ACOD en VSOA, twee van de drie grote spoorbonden, vastberaden zijn om door te gaan met hun stakingsplannen ondanks nieuwe concessies van de werkgever. De christelijke vakbond ACV Transcom kiest ervoor om zich niet aan te sluiten bij deze actie.
Deze staking is een directe reactie op de aanhoudende ontevredenheid over geplande interne reorganisaties bij de NMBS. Vooral het controversiële voorstel om de opstarttijd van treinbegeleiders te halveren tot 10 minuten veroorzaakt veel opschudding onder de bonden.
Taxi’s krijgen een slimme make-over met pitane mobility, chauffeurs worden techneuten en passagiers worden proefkonijnen.
Anne Hidalgo, de burgemeester van Parijs, uit haar zorgen over de geplande veranderingen aan de Parijse ringweg, de Périphérique, in de aanloop naar de Olympische Spelen. De voorgestelde verlaging van de snelheidslimiet naar 50 km/u en de beperking tot één rijstrook voor carpoolers zijn controversiële maatregelen. Deze stappen zijn bedoeld om de CO2-uitstoot te verminderen, maar er bestaat twijfel over de effectiviteit ervan.
In Vlaanderen kampen ondernemers en bewoners met ernstige hinder als gevolg van uitgebreide straatwerkzaamheden. De afgesloten straten, zoals de Evergemsesteenweg in Wondelgem, veroorzaken niet alleen ongemak voor bewoners en ondernemers, maar bemoeilijken ook de bereikbaarheid en verkeersveiligheid.
Na de recente overwinning van de PVV in de Nederlandse verkiezingen, geleid door Geert Wilders, wordt de focus op mobiliteit en verkeer opnieuw bekeken. De PVV, die mobiliteit ziet als een essentieel onderdeel van vrijheid, pleit voor het behoud van betaalbaar openbaar vervoer en autorijden, en stelt voor om de snelheidslimiet op sommige wegen te verhogen naar 140 km/u.
ervaring
Harry, een chauffeur met meer dan 30 jaar ervaring bij Willemsen-de Koning, deelt zijn inzichten over de overstap naar elektrische voertuigen in het leerlingenvervoer. Ondanks de voordelen voor duurzaamheid, brengt deze verandering unieke uitdagingen met zich mee, zoals de angst voor stilstaan langs de weg en de moeilijkheid om geschikte chauffeurs te vinden.
Pitane Mobility, een gevestigde naam in de taxisector, bereidt zich voor op een significante transformatie met de overstap naar een Open Core model. Deze strategische beslissing markeert een nieuw tijdperk van groei en innovatie en opent deuren voor aanpassingen en samenwerkingen in de taxisector, met een focus op de integratie van kunstmatige intelligentie.
Onderweg met Harry over de realiteit van elektrisch leerlingenvervoer.
Op een doorsnee werkdag treffen we Harry, een ervaren chauffeur van het vervoersbedrijf Willemsen- de Koning, terwijl hij zijn elektrische busje aan het opladen is bij De Somp langs de A50. Met meer dan 30 jaar ervaring in het vak, deelt Harry zijn inzichten over de uitdagingen en veranderingen in het leerlingenvervoer, nu de overstap naar elektrische voertuigen steeds gangbaarder wordt.
Over de toekomst van elektrisch leerlingenvervoer zegt Harry: “Het is een goede ontwikkeling, zeker met het oog op duurzaamheid. Maar het vraagt wel om een nieuwe manier van werken en denken, zowel bij de chauffeurs als bij de planners. Het is een leerproces voor ons allemaal.”
buitengebieden
Harry, die vooral in de buitengebieden rijdt, benadrukt de lange reizen die veel leerlingen moeten maken. Elektrisch rijden brengt unieke uitdagingen met zich mee, zoals de angst om stil te komen staan langs de weg met kinderen aan boord. Het vinden van geschikte chauffeurs voor schoolvervoer wordt ook steeds lastiger, mede omdat het om een specifieke doelgroep gaat die niet door iedereen met een rijbewijs kan worden bediend.
Ondanks de vaak negatieve beeldvorming rondom de leerlingen die hij vervoert, spreekt Harry positief over zijn ervaringen en de werkgever. Incidenten zijn zeldzaam en over het algemeen geniet hij van de ritten. Hij heeft het geluk gebruik te kunnen maken van de snelladers van FastNed dankzij een ontheffing van zijn werkgever. Dit is echter niet voor alle chauffeurs weggelegd. Met de huidige elektriciteitstarieven is thuisladen geen optie voor Harry, waardoor het plannen van laadmomenten een constante zorg is.
“De planners denken soms dat het net als bij dieselbussen is, maar dat is niet het geval. Je kunt niet zomaar extra ritten inplannen zonder rekening te houden met de laadtijd en actieradius. Dat moet echt beter,” benadrukt Harry. Hij vertelt dat hij regelmatig moet communiceren met de centrale over de haalbaarheid van bepaalde routes en tijdschema’s.”
Foto: Pitane Blue – Fastned laadstation
“Elektrisch rijden is echt een omschakeling, zowel voor ons chauffeurs als voor het bedrijf. We moeten constant bewust zijn van onze actieradius en de beschikbaarheid van laadpunten.” Hij legt uit dat, hoewel hij de overgang naar elektrisch rijden over het algemeen positief vindt, het planningsteam soms nog moet wennen aan de beperkingen en mogelijkheden van elektrische voertuigen.
Hij benadrukt dat elektrisch rijden steeds normaler wordt, maar waakt ervoor niet stil te komen staan. De laadtijd onderweg kan oplopen tot 45 minuten, wat betekent dat hij regelmatig tussendoor moet laden, vooral omdat de planners onvoldoende rekening houden met de actieradius van het busje.
Harry spreekt ook over de interactie met de leerlingen: “Je bouwt echt een band op met de kinderen. Ja, er zijn dagen dat het wat uitdagender is, maar over het algemeen zijn het gewoon leuke ritten. Je ziet ze groeien en ontwikkelen, maar je moet wel weten wat je moet doen en hoe je omgaat met kinderen met een beperking.”
transitie
Zijn verhaal illustreert de transitie naar elektrisch vervoer in de sector en de impact die het heeft op de dagelijkse operaties. Van planningsuitdagingen tot de zorg voor veiligheid van de leerlingen, het elektrisch leerlingenvervoer is een wereld in verandering. Het is inderdaad waardevol om Harry, een naam die we voor ons artikel hebben gekozen, zijn ervaringen te belichten, omdat ze een ander perspectief bieden op de overstap naar elektrisch leerlingenvervoer. Zijn verhaal toont de praktische realiteit en uitdagingen waarmee chauffeurs worden geconfronteerd bij de overgang naar duurzamere transportmethoden.
Wellicht krijgen onze lezers een dieper inzicht in zowel de positieve als de uitdagende aspecten van deze verandering in de sector en het mooie beroep van taxichauffeur in het leerlingenvervoer. Wil je zelf aan de slag gaan als taxichauffeur, kijk dan even naar de openstaande vacatures bij het vervoersbedrijf Willemsen- de Koning. Dagelijks vervoeren zij duizenden kinderen door heel Nederland ván en naar hun school. Deze leerlingen wonen niet op loop- of fietsafstand van hun school, of openbaar vervoer is voor hen geen optie. Daarom is leerlingenvervoer in het leven geroepen ván en naar regulier of speciaal onderwijs, waar de kinderen zich op hun gemak voelen en zich optimaal kunnen ontplooien.
De gemeente Breda past het vervoer voor leerlingen speciaal onderwijs aan maar ouderen zien daardoor hun regiotaxi beperkt worden en dat terwijl vervoerder Connexxion tegen een boete aanloopt.
De gemeente Breda heeft besloten tot een ingrijpende wijziging in haar vervoersbeleid. Chauffeurs die tot voor kort de ouderenpopulatie bedienden, worden nu ingeschakeld om de aanhoudende problemen binnen het leerlingenvervoer aan te pakken. Dit besluit volgt op maanden van onzekerheid voor 47 leerlingen uit het speciaal onderwijs die nog verstoken zijn van transport, naast rapportages over frequente vertragingen en wegblijvende ritten.
Ondanks de deadline van 1 november die aan vervoerder Connexxion was gesteld om de kwesties op te lossen, blijft een structurele oplossing uit. De gemeente heeft als reactie hierop niet alleen ingegrepen maar ook een substantiële boete aan de vervoerder opgelegd, hoewel het exacte bedrag onbekend blijft. Wethouder Arjen van Drunen heeft zijn diepe bezorgdheid geuit over de aanhoudende tekortkomingen in het vervoerssysteem.
“Deze problemen duren al zolang dat we onorthodoxe maatregelen moeten inzetten.”
wethouder Arjen van Drunen
Volgens Omroep Brabant gaat de gemeente Breda chauffeurs die normaal alleen ouderen rondrijden inzetten om kinderen van het speciaal onderwijs naar school te brengen. De recente maatregel betekent dat ouderen gedurende de ochtenduren hun gebruikelijke beroep op regiotaxi’s moeten beperken. Uitzonderingen worden gemaakt voor dringende zaken, zoals medische afspraken en belangrijke persoonlijke gebeurtenissen. Deze stap wordt door de wethouder als een onorthodoxe maar noodzakelijke gezien om ervoor te zorgen dat kinderen toegang tot onderwijs krijgen.
Connexxion, aan de andere kant, staat voor de uitdagende taak om te navigeren tussen de opgelegde sancties en het in stand houden van hun dienstverlening.
Diezelfde maatregel werd destijds ingezet in Rotterdam toen een capaciteitstekort parten speelde bij vervoerder Trevvel en men ook daar er niet in slaagde het leerlingenvervoer op orde te brengen. Met een motie wilde de politieke partij 50PLUS toen voor elkaar krijgen dat de beperkingen bij het vervoer van ouderen niet aan de orde was. “van levensbelang om te voorkomen dat ouderen steeds minder mobiele ouderen worden en vereenzaming zou optreden”, was de stelling. De motie werd verworpen en men ging over tot de orde van de dag.
nieuwe medewerkers
De gemeente houdt verdere maatregelen open, waaronder het mogelijk inschakelen van een ander vervoersbedrijf om de dienstverlening te verbeteren. Hiermee wordt Connexxion de mogelijkheid geboden om hun zaken op orde te krijgen en te investeren in het werven van nieuwe medewerkers wat geen gemakkelijke opgave is. Connexxion zelf reageert dat het team verrast is door de dreiging van een boete en benadrukt dat er hard gewerkt wordt aan het versterken van het personeelsteam, waarvoor zelfs een gespecialiseerde recruiter is aangesteld.
De vervoerder erkent het belang van betrouwbaar en zorgzaam vervoer voor deze gevoelige groep en betreurt het dat ze op dit moment niet aan de verwachtingen kunnen voldoen. De uitdagingen worden toegeschreven aan een groter, landelijk probleem van personeelstekorten die de sector treffen.
De voorzitter van de branchevereniging roept op tot een kritische evaluatie van de instroom van het vervoer en zou graag zien dat het aantal route-mutaties wordt verminderd
In een dringende oproep aan alle Nederlandse colleges van Burgemeesters en Wethouders luidt de Koninklijke Nederlandse Vervoer (KNV) Zorgvervoer en Taxi de noodklok over de onhoudbare situatie in het leerlingenvervoer. Voorzitter Bertho Eckhardt beklemtoont de ontoelaatbare druk waaronder zorgvervoerders en hun personeel momenteel opereren. De verzuchting komt niet alleen vanuit de vervoerders; opdrachtgevers, ouders en kinderen zijn eveneens bezorgd over de problematische start van het leerlingenvervoer voor het schooljaar 2023-2024.
De verstrengelde problemen beginnen bij een nijpend tekort aan chauffeurs. Ondernemers kampen met dit tekort vanwege uiteenlopende redenen, variërend van de beperkingen van hun huidige contracten tot de dagelijkse praktijk die grilliger blijkt dan verwacht. Daarnaast bemoeilijkt de toegenomen complexiteit in de vervoersvraag de planning. Er is meer maatwerk nodig en ook het aantal solo-vervoerritten is toegenomen. Verder worden er regelmatig aanpassingen gedaan in het aantal te vervoeren leerlingen, soms zelfs nadat het schooljaar al is begonnen. Dit werpt zorgvuldig opgestelde planningen omver juist op het moment dat het werk van start gaat.
inzet
Taxichauffeurs manoeuvreren in een systeem dat soms niet optimaal is opgezet en verdienen erkenning en waardering voor hun inspanningen. De kritiek op het vervoer voor speciaal onderwijs en Valys, de dienst voor reizigers met een mobiliteitsbeperking, is inderdaad een veelbesproken onderwerp in Nederland. Vaak zijn er klachten over de punctualiteit en betrouwbaarheid van deze vormen van vervoer. Voor gezinnen en individuen die afhankelijk zijn van deze diensten, kan dit veel stress en ongemak veroorzaken.
De inzet van taxichauffeurs voor speciaal vervoer zoals leerlingenvervoer en Valys-diensten roept een aantal ethische en praktische vragen op. Het hangt van verschillende factoren af of het verantwoord is om taxichauffeurs dit soort werk te laten uitvoeren. Taxichauffeurs zijn professionals als het gaat om vervoer. Ze zijn bekend met de wegen, regelgeving en logistiek. Taxi’s zijn over het algemeen gemakkelijk beschikbaar en kunnen flexibel worden ingezet, dus in veel gevallen uitermate geschikt voor dit vervoer.
Toch zijn er aandachtspunten. De doelgroep van dit soort vervoer kan speciale behoeften hebben die buiten de expertise van een gewone taxichauffeur vallen, zoals medische of gedragsmatige uitdagingen. Als taxichauffeurs deze diensten aanbieden, moeten ze mogelijk extra training ondergaan om te kunnen omgaan met de specifieke behoeften van deze groepen.
Kinderen moeten veilig en op tijd op school kunnen komen, en vervoerders moeten in staat zijn om hun diensten op een duurzame manier te leveren
Tegelijkertijd nemen de verwachtingen van ouders en leerlingen toe. Dit zorgt voor een spanningsveld aangezien de huidige contracten met de zorgvervoerders vaak niet zijn afgestemd op deze verwachtingen. Bertho Eckhardt stelt onomwonden dat de vervoerders niet de mogelijkheid hebben om wachtrijen te creëren of een dienstregeling te versoberen, iets wat in andere sectoren van de economie wel mogelijk is.
herziening
Eckhardt pleit dan ook voor een radicale herziening van het systeem. Hij roept op tot een kritische evaluatie van de instroom van het vervoer en zou graag zien dat het aantal route-mutaties wordt verminderd. Daarnaast moeten boetes voor vervoerders die al overbelast zijn vanwege personeelstekorten en ziekteverzuim stoppen. In plaats van elkaar in gebreke te stellen, zouden opdrachtgevers en ondernemers samen aan tafel moeten om praktische oplossingen te vinden. Eckhardt benadrukt dat als dit betekent dat er afgeweken moet worden van eerder gemaakte afspraken, men de moed moet hebben om deze stap te nemen.
De bottom line is duidelijk: als we niet snel en gezamenlijk actie ondernemen, is de kans groot dat de fragiele staat van het leerlingenvervoer onherstelbare schade aanricht, met verregaande gevolgen voor het onderwijs en de toekomstige generatie.
Naast de roep om meer flexibiliteit en samenwerking is er ook aandacht voor technologische oplossingen die het probleem kunnen verlichten. Het gebruik van geavanceerde routeplanningssoftware kan hier een significante bijdrage aan leveren. Het automatiseren van routeplanning niet alleen kan helpen om de efficiëntie te verhogen, maar ook om de complexiteit van het vervoer beter te beheren. Vooral in een situatie waar maatwerk en snelle aanpassingen steeds vaker vereist zijn, kan dergelijke software de belasting op zowel de vervoerders als hun personeel verminderen.
De implementatie van moderne routeplanningssoftware kan ook de communicatie tussen opdrachtgevers, vervoerders en ouders verbeteren. Met real-time tracking en updates kunnen ouders beter op de hoogte worden gehouden over de verwachte aankomsttijden, wat de algemene tevredenheid kan verhogen en de druk op de vervoerders kan verlagen. Het kan tevens bijdragen aan het verminderen van het aantal last-minute wijzigingen in het aantal leerlingen of hun bestemmingen, een factor die momenteel de planning vaak in de war stuurt.
Deze technologische aanpak zou hand in hand moeten gaan met de structurele en contractuele veranderingen waar KNV voor pleit. Want terwijl software veel kan oplossen, kan het geen vervanging zijn voor het fundamentele menselijke element: het begrip en de samenwerking tussen alle betrokken partijen. Maar in een tijd waarin het leerlingenvervoer zo duidelijk op een kruispunt staat, kunnen alle beschikbare middelen en ideeën om het systeem te verbeteren niet snel genoeg worden ingezet.
Het leerlingenvervoer in Den Bosch wordt vanaf 1 augustus verzorgd door Willemsen- de Koning.
Het vervoersbedrijf Willemsen- de Koning, één van de grotere bedrijven in Nederland op het gebied van kleinschalig personenvervoer, voldeed aan alle gunningscriteria. Na een weging van 50% voor de kwaliteit van het implementatieplan, 10% voor duurzaamheid en 40% voor de prijs won het bedrijf de aanbesteding leerlingenvervoer voor de initiële looptijd van 6 jaar.
De overeenkomst kan worden verlengd met twee perioden van één jaar. Het vervoer omvat het aangepast vervoer, zoals omschreven in de verordening leerlingenvervoer, van leerlingen binnen de gemeente Den Bosch. Naast het leerlingenvervoer binnen Den Bosch verzorgt Willemsen de Koning vanaf 1 augustus ook de ritten van en naar scholen, stagelocaties, jeugdzorglocaties en beschutte werkplekken (voor WeenerXL) in Vught en Sint-Michielsgestel.
geen garantie
Bewezen diensten bieden geen garantie voor de toekomst. Na een aanbestedingsprocedure bleek de Arnhemse vervoerder de geschikte opvolger voor Van Driel die door een gebrek aan chauffeurs een moeizame Bossche periode achter de rug heeft. Het leerlingenvervoer voor speciaal onderwijs in de gemeente Den Bosch liep spaak. Reden was een personeelstekort bij Van Driel en ritten werden niet op tijd gereden waardoor leerlingen te laat op school kwamen.
emissievrij
Minimaal veertig procent van de voertuigkilometers (beladen en onbeladen) moeten worden gereden met voertuigen die emissievrij zijn. Dit zijn elektrische voertuigen of waterstofvoertuigen. Uitzondering hierop zijn voertuigen waarin rolstoel gebonden leerlingen of scootmobielen worden vervoerd. Inschrijvingen onder het minimum van 40,00% en boven het maximum van 100,00% respectievelijk maximaal 70,00% zijn ongeldig en worden uitgesloten.
twee percelen
Inschrijven voor beide percelen door dezelfde opdrachtnemer was niet toegestaan. Den Bosch heeft ervoor gekozen een Europees openbaar openbare aanbestedingsprocedure zonder voorselectie te doorlopen. Leerlingen, werknemers van Weener XL en kinderen uit de jeugdzorg die buiten de gemeente Den Bosch, Vught of Sint-Michielsgestel moeten zijn, worden tot 2029 door Munckhof vervoerd.
Chauffeurs
Willemsen- de Koning is begonnen met het werven van chauffeurs en het op orde brengen van het wagenpark. Wil je aan de slag, dat kan. Gedurende het schoolseizoen vervoer je van maandag tot en met vrijdag een groep leerlingen van en naar school. Mocht je nog niet in het bezit zijn van een taxi-pas dan regelen en vergoeden zij de opleiding.
Het opzetten van een effectief vervoersysteem is niet alleen de verantwoordelijkheid van de vervoerders.
Het vervoer van schoolkinderen naar verschillende scholen op verschillende locaties met behulp van taxibusjes kan een complex logistiek probleem zijn. Dat hebben we het afgelopen schooljaar gezien. Gebrek aan personeel en een gebrekkige vervoersplanning hebben er in ieder geval voor gezorgd dat de taxisector in diskrediet kwam. Koren op de molen van politici in de oppositiebankjes en wethouders die ter verantwoording werden geroepen. In de meeste gevallen ging de vervoerder licht beschadigd door de lokale media toch vrijuit.
Aan de vooravond van de vakantieperiode kunnen we de balans opmaken en concrete plannen maken hoe we de komende periode de planning aanpakken voor het komende schooljaar. In ieder geval is het overnemen van bestaande routes en planningen een grote denkfout. Een nieuw schooljaar betekent kritisch kijken naar planningen, bezetting en samenwerking met opdrachtgevers. Het doel is in de afgelopen periode niet veranderd. Ervoor zorgen dat alle kinderen veilig en tijdig op hun respectievelijke scholen aankomen, terwijl de bezettingsgraad van de taxibusjes zo hoog mogelijk wordt gehouden. Dit vereist zorgvuldige planning en coördinatie, evenals het gebruik van moderne technologieën om het proces te optimaliseren.
Het is belangrijk om regelmatig feedback te vragen aan alle betrokkenen, inclusief de kinderen, hun ouders, de chauffeurs en de schoolmedewerkers.
Het eerste wat in overweging moet worden genomen, is de begintijd van de scholen. Gezien het feit dat de aanvangstijden tussen 8:00 en 8:45 uur variëren, zou je kunnen overwegen om een gestructureerd schema te maken waarbij kinderen die naar scholen gaan die vroeger beginnen, eerst worden opgehaald. Daarna kunnen de kinderen die naar scholen gaan die later beginnen, worden opgehaald. Dit kan helpen om ervoor te zorgen dat kinderen niet onnodig vroeg worden opgehaald en te lang in de busjes hoeven te zitten.
routeplanningssoftware
Vervolgens kan het gebruik van moderne technologieën zoals routeplanningssoftware helpen om de meest efficiënte routes voor de taxibusjes te bepalen. Deze software kan rekening houden met verschillende factoren zoals verkeersinformatie, de locatie van de scholen en de huizen van de kinderen, evenals de begintijd van de scholen. Met behulp van dergelijke technologieën kan een optimale route worden vastgesteld die de tijd die kinderen in de busjes doorbrengen minimaliseert en tegelijkertijd de bezettingsgraad van de busjes maximaliseert.
Daarnaast moeten we bewaken dat we flexibele vervoersplannen hebben. Dit betekent dat er back-up plannen moeten zijn in geval van onvoorziene omstandigheden zoals verkeersongevallen, slecht weer of ziekte van chauffeurs. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat er extra taxibusjes op stand-by staan, of dat er alternatieve routes zijn die kunnen worden gebruikt als de normale route niet beschikbaar is.
Er moet een heldere communicatie zijn tussen de taxichauffeurs, de schoolautoriteiten, de ouders en de kinderen. Dit kan helpen om verwarring en misverstanden te voorkomen. Bijvoorbeeld, als er wijzigingen zijn in de ophaaltijd of de route, moet deze informatie tijdig worden gecommuniceerd aan alle betrokken partijen.
Het doel is om ervoor te zorgen dat alle kinderen tijdig en veilig op school aankomen, terwijl de bezettingsgraad van de busjes zo hoog mogelijk wordt gehouden en de tijd die reizigers in de busjes doorbrengen wordt geminimaliseerd.
Om de efficiëntie van dit proces verder te verbeteren, kunnen verschillende strategieën worden toegepast. Uitgangspunt is in plaats van kinderen één voor één op te halen, efficiëntie te zoeken in het clusteren van de reizigers. Vanuit de scholen kan dit makkelijker omdat er dan an sprake is van van verzamelpunten. De andere kant op vraagt meer denkwerk en er automatisch van uit gaan dat de ochtendroute in de middag omgekeerd moet worden gereden is een structurele denkfout van veel planners. Het is vaak wel de makkelijke weg om handmatig routes samen te stellen.
De ochtendplanning is complexer. Om de totale tijd die kinderen in het busje doorbrengen te verminderen, kunnen kinderen die dichter bij hun school wonen later worden opgehaald dan kinderen die verder weg wonen. Hierdoor kunnen de kinderen die langer in het busje moeten zitten, later opgehaald worden en zo hun tijd in het busje minimaliseren.
voorspellingen
Vervoersdiensten moeten gebruik maken van realtime tracking technologieën. Deze kunnen ouders, schooladministratie en de vervoerscoördinator in staat stellen de locatie van de busjes te volgen en de aankomsttijd nauwkeurig te voorspellen. Dit helpt ook bij het identificeren van problemen op de route in realtime, zoals verkeersopstoppingen of vertragingen, en kan helpen bij het snel reageren op deze situaties. Het is essentieel om het totale systeem regelmatig te herzien om eventuele problemen te identificeren en mogelijke verbeteringen te implementeren. Dit kan onder meer het verzamelen en analyseren van feedback van leerlingen, ouders, scholen en chauffeurs omvatten.
Het gebruik van een app of online platform kan het proces van coördinatie en communicatie verbeteren. Ouders kunnen bijvoorbeeld de aankomsttijd van de busjes in realtime volgen, waardoor ze hun kinderen op tijd naar de ophaalpunten kunnen brengen. Daarnaast kan zo’n platform ook worden gebruikt om meldingen te sturen in geval van veranderingen in de planning, vertragingen of andere problemen.
De chauffeurs spelen een cruciale rol in dit systeem. Ze moeten goed opgeleid zijn, niet alleen in rijvaardigheden en veiligheid, maar ook in het omgaan met kinderen en in crisisbeheer. Dit helpt hen beter te reageren op onvoorziene situaties, en zorgt ervoor dat de kinderen zich veilig en comfortabel voelen tijdens de rit.
bezetting
Als de taxibusjes met acht zitplaatsen niet altijd volledig benut worden, kan het efficiënter zijn om kleinere wagens te gebruiken. Dit zou kunnen leiden tot meer routes maar met een hogere bezettingsgraad, wat kan leiden tot een grotere efficiëntie in het algemeen. Opdrachtgevers moeten nauw samenwerken met de vervoersbedrijven. Om de efficiëntie te verhogen, kan het handig zijn om ouders aan te moedigen om deel te nemen aan een carpoolprogramma. Dit zou het aantal kinderen dat vervoerd moet worden met de taxibusjes kunnen verminderen, waardoor de druk op de dienstverlening vermindert en de efficiëntie verbetert.
Ouders onderling kunnen ook meewerken aan een betere planning. Het verminderen van het aantal haltes kan ook bijdragen aan de efficiëntie van het vervoer. Door het aantal keer dat het busje moet stoppen om kinderen op te halen te minimaliseren, kunnen we de totale rit tijd verminderen. Dit zou kunnen betekenen dat kinderen naar een centraal ophaalpunt moeten lopen onder begeleiding van de ouders, maar het zou de totale tijd die ze in het busje doorbrengen kunnen verminderen. Als er meerdere scholen in dezelfde omgeving zijn, kan het nuttig zijn om samen te werken en een gezamenlijk vervoersysteem op te zetten. Dit zou de kosten kunnen delen en de efficiëntie kunnen verbeteren.
Met de voortschrijdende technologie kan het gebruik van geavanceerde data-analyse en machine learning technieken nuttig zijn voor het verbeteren van de efficiëntie van de busroutes. Door historische data te verzamelen over de tijden waarop kinderen worden opgehaald en afgezet, verkeerspatronen, en zelfs weersomstandigheden, kan een model worden ontwikkeld dat de meest efficiënte routes en tijdschema’s voorspelt.
aanvangstijden
Hoewel de begintijden van de scholen vast zijn, kan er flexibiliteit zijn in het rooster van de taxibusjes, met name voor scholen die later beginnen. Het kan mogelijk zijn om de ophaaltijden aan te passen op basis van de behoeften van de kinderen en de ouders, en op deze manier de efficiëntie van het vervoer te maximaliseren.
Als de scholen en ophaalpunten niet te ver uit elkaar liggen, kan het haalbaar zijn om gebruik te maken van alternatieve, milieuvriendelijke vervoersmethoden, zoals elektrische busjes. Dit kan bijdragen aan de vermindering van de ecologische voetafdruk van het vervoersysteem.
Het vervoer van schoolkinderen naar verschillende scholen met behulp van taxibusjes is een uitdagende taak die een grondige planning, een efficiënte coördinatie en effectieve communicatie vereist. Naast de reguliere planning, moet er ook een noodplan opgesteld worden. Wat gebeurt er als een busje uitvalt of een chauffeur ziek wordt? Zijn er reserve busjes of chauffeurs beschikbaar? Wat gebeurt er bij extreme weersomstandigheden? Deze vragen moeten vooraf worden beantwoord om ervoor te zorgen dat de dienstverlening zo min mogelijk wordt onderbroken.
Het advies om zelf het kind weg te brengen, of erger nog thuis te houden slaat werkelijk alles.
De communicatie tussen het vervoersbedrijf en de ouders van leerlingen kan stukken duidelijker bij vertragingen. Wellicht kan het bedrijf dan ook rekenen op meer begrip bij de gedupeerden. Het is een idee om weloverwogen berichtgeving te verzenden om sociale onrust te vermijden. Volgens de minister Wiersma hebben leerlingen en examenleerlingen van het speciaal onderwijs helemaal niet zoveel lesuren gemist vanwege leerlingenvervoer. LBVSO vraagt zich ondertussen af of ze zich in een parallel universum bevinden, maar geven aan dat dit de dagelijkse werkelijkheid is.
normaalste zaak van de wereld
Leerlingen en ouders kunnen zich na ontvangst van onderstaande bericht opmaken voor weer een uitzonderlijk plezierige reiservaring in het leerlingenvervoer. Munckhof Regie informeert de reizigers wel, maar dan op een heel vreemde manier. De kans op vertraging is namelijk nóg groter dan normaal, zo waarschuwt het vervoersbedrijf met de tekst: “Kans op vertraging is morgen groter dan u gebruikelijk van ons gewend bent.”
Als u dacht dat het niet erger kon, heeft u het mis. Het vervoersbedrijf, dat zich inmiddels heeft gespecialiseerd in het oplossen van vertragingen en ongemak, overtreft zichzelf met nog langere wachttijden. Ouders en leerlingen kunnen hun geluk niet op en zullen ongetwijfeld een vreugdedansje doen bij het lezen van deze boodschap.
factoren
Deze bijzondere situatie is wellicht te danken aan een combinatie van factoren maar dat blijkt niet echt uit echt het bericht aan de ouders van de leerling. Stof voor sociale ontmoetingsplekken waar iedereen ruimschoots de tijd heeft om bij te praten en de laatste roddels te bespreken. Het vervoersbedrijf stelt ondertussen wellicht alles in het werk om de vertraging tot een minimum te beperken, maar daar is geen begrip meer voor bij de ouders. Wie wil er immers niet nóg langer in de regen staan, wachtend op een bus die maar niet lijkt te komen?
Het advies om zelf het kind weg te brengen, of erger nog thuis te houden slaat werkelijk alles. Natuurlijk zijn er altijd zeurpieten die klagen over dit soort ontwikkelingen. Zij hebben vast geen waardering voor het harde werk dat het vervoersbedrijf verzet om van het leerlingenvervoer een onvergetelijke ervaring te maken. Gelukkig zijn er ook mensen die het glas halfvol zien en zich verheugen op een paar extra minuten quality time met hun kinderen.
Ook het leerlingenvervoer wordt aanbesteed, in de zomer van 2023 vindt de gunning van het vervoer plaats.
Dankzij de Regiotaxi kunnen mensen met een mobiele beperking toch met het OV reizen, zelfs van deur tot deur. Ook biedt de speciale taxi uitkomst voor mensen die ver van een OV-halte wonen. Tot nu toe was de provincie Utrecht de enige opdrachtgever. Vanaf 1 januari 2024 gaat ze dit samen doen met aangesloten gemeenten. Ook het leerlingenvervoer wordt aanbesteed.
De regiotaxi is een personenbus, rolstoelbus of taxi, die u deelt met andere reizigers. De chauffeur brengt u van uw huis naar het adres waar u naartoe wilt tot maximaal 25 kilometer. In principe kan iedereen met de Regiotaxi reizen. Mensen met een Wmo-pas betalen een aangepast tarief. De regiotaxi is te boeken via de telefoon of online.
De aanbesteding zorgt ook dat er één groot regiotaxi systeem komt voor de bijna de hele provincie. Tot nu toe reden er in de provincie Utrecht verschillende regiotaxi systemen. Door de samenvoeging zorgt dit voor lagere vaste kosten en dezelfde spelregels voor de reiziger. Alleen Veenendaal, Renswoude en Rhenen blijven bij de Valleihopper en werken hierin samen met Gelderse gemeenten, als regio Foodvalley.
Ook het leerlingenvervoer wordt aanbesteed, in de zomer van 2023 vindt de gunning van het vervoer plaats.
Met de nieuwe aanbesteding willen gemeenten en provincie de komende jaren betrouwbaar en veilig vervoer blijven bieden aan reizigers die zich anders veel moeilijker of zelfs niet kunnen verplaatsen. Extra aandacht wordt besteed aan zaken die volgens een enquête voor deze doelgroep belangrijk zijn: betrouwbaarheid en voorspelbaarheid, digitale maar ook telefonische beschikbaarheid, aandacht voor de rijstijl van de chauffeur en zijn of haar omgang met reizigers, mogelijkheid om voorin de auto te zitten en ruime busjes voor grotere rolstoelen.
In het voorjaar van 2023 wordt de opdracht in de markt gezet. In de zomer van 2023 vindt de gunning van het vervoer plaats. De start van het vervoer vindt plaats op 1-1-2024. Voor het leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer start het vervoer met het nieuwe schooljaar van 2024-2025.
Het probleem ligt eerder bij de slechte communicatie tussen Munckhof en vervoerders die ze in Zwolle inhuren.
Ondanks Munckhof aangeeft dat de ergste problemen van de baan zijn stelt de gemeente Zwolle dat het vervoersbedrijf ‘een wanprestatie’ levert en geeft het bedrijf een laatste kans. Sinds de zomer van 2018 is Munckhof verantwoordelijk voor het WMO- en leerlingenvervoer, maar dat verliep op z’n zachts uitgedrukt niet soepel volgens het college.
Zoals de rest van Nederland voert Munckhof als voornaamste reden hoog ziekteverzuim aan onder chauffeurs en lange wachttijden bij het CBR voor de benodigde keurmerken voor nieuwe chauffeurs, maar daar heeft de gemeente Zwolle geen begrip meer voor. Als Munckhof niet aan de verplichtingen voldoet, zegt de gemeente zelf maatregelen te nemen. Ondertussen heeft het Zwolse college besloten Munckhof formeel in gebreke te stellen.
communicatie
Het probleem ligt niet zo zeer bij het vervoersbedrijf maar de slechte communicatie tussen Munckhof en vervoerders die ze in Zwolle inhuren. Klachten moeten via Munckhof, als aannemer van de opdracht, worden afgehandeld. Op zijn beurt zet de opdrachtnemer bij klachten de vragen uit bij de vervoerder, en daar gaat naar de mening van een van de ouders teveel tijd overheen.
Munckhof werd op het laatste moment overvallen door RM-taxi met het bericht dat RM-taxi de routes niet rond kreeg.
Op een inloopbijeenkomst in het gemeentehuis over het leerlingenvervoer bleek vorig jaar al dat een aantal leerlingen niet goed werd vervoerd. Munckhof werd op het laatste moment overvallen door RM-taxi met het bericht dat RM-taxi de routes niet rond kreeg. Munckhof, de gemeente en de scholen werkten er hard aan om de problemen op te lossen die maximaal tot aan de herfstvakantie zouden duren.
De gemeente Zwolle constateert een half jaar later dat het doelgroepenvervoer – waaronder het leerlingenvervoer en het Wmo-vervoer valt – ‘nog steeds niet’ volgens de gemaakte afspraken wordt uitgevoerd. Volgens De Stentor is Zwolle is helemaal klaar met leerlingenvervoer en geeft bedrijf laatste kans.
Voor leerlingen die niet zelfstandig naar school kunnen of ver weg wonen, komen gemeenten nu met een speciaal programma.
In tegenstelling tot wat veel mensen denken zijn gemeenten helemaal niet verplicht om kinderen met taxibusjes naar het speciaal onderwijs te brengen. Vervoer is kostbaar en wettelijk heeft de gemeente de taak om het goedkoopst mogelijke vervoer te bekostigen. Sommige kinderen kunnen prima op een andere manier naar school en steeds meer gemeenten doen onderzoek naar de mogelijkheden om kinderen te stimuleren om zelfstandiger te worden zodat ze zelf naar school kunnen reizen.
Daarbij wordt niet enkel gekeken naar de mogelijkheden om openbaar vervoer in te zetten, maar ook zijn elektrische fietsen steeds meer in trek om zelfstandigheid nog aantrekkelijker te maken. Ondertussen zijn Amersfoort en Oldenzaal als voortrekkers om samen met de ouders te kijken naar andere vervoersvormen voorbeelden voor veel verantwoordelijken binnen andere gemeenten.
bekostiging
Sinds 1987 zijn gemeenten financieel verantwoordelijk voor het bieden van een bekostiging leerlingenvervoer en krijgen zij hiervoor middelen in het gemeentefonds. Sindsdien heeft ze de wettelijke taak om, weliswaar binnen criteria, te zorgen voor een vergoeding voor passend vervoer naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school, die aansluit op de levensovertuiging van de ouders en/of de leerling.
Dennis Wiersma – minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs – foto: Pitane Blue
Kwetsbare kinderen zitten soms uren in een busje op weg naar en van school, waardoor ze vervolgens overprikkeld en moe in de klas zitten.
Pas de laatste tijd, mede door de negatieve publiciteit in de pers, de aandacht in de Tweede Kamer en het advies van de verantwoordelijke Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs Dennis Wiersma, is het besef gekomen dat er vaak voorbij werd gegaan aan de volgorde van mogelijkheden bekijken om kinderen op maat naar school te brengen.
vertrouwen
Het leerlingenvervoer in Nederland heeft te lang onder druk gestaan door grote personeelstekorten in de taxisector. Te veel leerlingen kwamen te laat op school en ouders konden niet meer vertrouwen op de vervoerders, die op hun beurt in een aantal gevallen de schuld bij de gemeenten teruglegden.
Over de reistijd, wisselende chauffeurs, drukte in het busje en de kwaliteit van de chauffeur zijn ouders het vaakst ontevreden. Verder worden zaken genoemd als: wisselende routes, ontbrekende communicatie, busjes die te laat komen, fouten in de planning, problemen met gebruik van een opstaphalte en het ontbreken van begeleiding in het taxibusje.
Het zoeken naar alternatieven voor de gemeenten is geen gemakkelijke klus maar zal de taxisector geld kosten, met name in het doelgroepenvervoer. Voor de toekomst kunnen aanbestedingen er anders uit zien, en is aangepast vervoer niet zo vanzelfsprekend taxivervoer.
Wat passend vervoer is, is niet bij wet gedefinieerd en moet per leerling onderzocht worden. Gebruikelijke vergoedingen zijn een fietskilometervergoeding voor de leerling en al dan niet een begeleider, een vergoeding voor het gebruik van het openbaar vervoer voor de leerling en al dan niet een begeleider, een vergoeding voor het gecombineerd of aangepast taxivervoer en een vergoeding voor de inzet van de eigen auto van de ouder/verzorger.
vervoer met de fiets
De gemeente kijkt eerst of de leerling zelfstandig of eventueel onder begeleiding met de fiets naar school kan gaan. De leerling kan dan in aanmerking komen voor een fietsvergoeding. Als er begeleiding nodig is, dan is de ouder daar zelf verantwoordelijk voor. Als de gemeente vindt dat begeleiding noodzakelijk is, dan wordt zowel een fietsvergoeding uitbetaald voor de leerling als voor de begeleider.
openbaar vervoer
Kan de leerling niet met de fiets naar school, dan kijkt de gemeente of de leerling met het openbaar vervoer kan reizen. Ook hier geldt dat als begeleiding noodzakelijk is, er ook een vergoeding wordt uitbetaald voor de kosten van de reis met het openbaar vervoer van de begeleider.
aangepast vervoer
In een aantal gevallen kunnen leerlingen niet met de fiets of het openbaar vervoer naar school. Dan regelt de gemeente aangepast vervoer. De leerling wordt dan met een taxi of een busje naar school gebracht. De ouder zorgt ervoor dat het kind op tijd klaar staat als hij of zij wordt opgehaald en dat er iemand bij de opstapplaats of thuis aanwezig is als het kind wordt teruggebracht.
eigen vervoer/vervoersvergoeding
Als er aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening, kan het college de ouder(s) op aanvraag toestaan de leerling zelf te vervoeren of te laten vervoeren. De vervoerskosten worden dan door de gemeente vergoed. Voorwaarde die daaraan wordt verbonden is dat dit goedkoper is dan het vervoer dat op grond van de Verordening kan worden verstrekt (openbaar vervoer of aangepast vervoer), dan wel, dat andere vervoersvoorzieningen niet toegankelijk of geschikt zijn. Met dat laatste wordt bedoeld, dat deze vormen van vervoer redelijkerwijs niet van de leerling kunnen worden verlangd, gelet op zijn handicap. Dit moet door de ouder(s) onderbouwd worden met objectieve gegevens van deskundigen.
De CAO die er nu ligt is nog niet algemeen bindend verklaard.
Werkgevers in het zorg- en leerlingenvervoer hebben tot vrijdag 17 februari om een tweedaagse landelijke staking af te wenden. Vakbond FNV stelde de werkgevers namens de leden afgelopen november een ultimatum over een nieuwe cao. In de sector liggen de lonen laag, worden ziektedagen en wachttijden niet uitbetaald en wordt het risico van rituitval bij de werknemers neergelegd door in zo’n geval te korten op het loon.
“Al met al een middeleeuwse cao. Mensen komen van het lage loon al bijna niet meer rond, zeker in deze dure tijden. Daarbovenop worden ze dus ook nog eens van alle kanten gekort. De cao moet verbeteren, anders blijft het onrustig, ben ik bang” aldus Gorter. De vraag is of staken nog zin heeft nu CNV heeft getekend? Volgens FNV wel. De CAO die er nu ligt is nog niet algemeen bindend verklaard. Daarnaast heeft FNV niet getekend. Daardoor zijn ze vrij om in actie te komen voor een nog betere CAO. Met deze actie gaat FNV de druk opvoeren zodat ze nieuwe afspraken kunnen maken.
“Werkgevers hebben nog steeds niet aan de eisen uit dat ultimatum voldaan, maar ondertussen wel met andere bonden een zeer matige cao afgesloten. Onze leden pikken dat niet en gaan door met acties tot er een fatsoenlijke cao ligt.”
Meindert Gorter, bestuurder FNV Zorgvervoer en Taxi
Dat de chauffeurs zich genoodzaakt voelen om misschien te gaan staken, gaat ze niet in de koude kleren zitten. Gorter: ‘Deze chauffeurs rijden mensen van a naar b, die afhankelijk zijn van dat vervoer. Dus als er gestaakt wordt, kunnen die mensen geen kant op. Dat beseffen de chauffeurs heel goed. Dat ze er toch toe bereidt zijn, zegt heel veel. Alleen daarom al hopen de werknemers dat er snel een eerlijke cao ligt, dan kunnen ze gewoon weer doen waar ze goed in zijn, namelijk passagiers vervoeren.’
Meindert Gorter – vakbondsbestuurder FNV Taxi
Leerlingenbelang Voortgezet Speciaal Onderwijs is op zijn zachtst uitgedrukt niet blij met de aangekondigde stakingen. “Wij krijgen het gevoel alsof er op onze ellende gelift wordt. Sinds onze campagne over wanbeleid leerlingenvervoer waar kwetsbare kinderen de dupe van zijn, zijn er plots stakingen! Het is wel klaar zo, we zijn kapot en mentale schade en lesachterstand is niet meer te fiksen!”
17 en 18 februari
Als de werkgevers niet aan de eisen van werknemers tegemoetkomen, wordt er landelijk gestaakt op vrijdag 17 februari en zaterdag 18 februari. Er is voor een zaterdag gekozen, omdat zo minder passagiers overlast hebben. In de sector werken 22.000 mensen, voornamelijk met een parttime contract van gemiddeld 20 uur per week. De vorige cao liep af op 31 december 2022. De onderhandelingen daarvoor begonnen vorig jaar mei.
Bertho Eckhardt – voorzitter KNV en Busvervoer Nederland
Volgens Bertho Eckhardt werkt je punten maar blijven herhalen en daarbij het vervoer van kwetsbare groepen hinderen nu alleen nog maar contraproductief. Uiteindelijk is er in het akkoord sprake van een bovengemiddelde loonstijging ten opzichte van andere sectoren in Nederland. “Dit eindresultaat doet recht aan zowel de belangen van de werknemers als de werkgevers.”, aldus Eckhardt.
“Staken is een recht en dat betwist ik ook niet, maar ik zet wel vraagtekens bij een staking wanneer er een cao-akkoord ligt. Hopelijk komt FNV ook weer aan boord.”
KNV-voorzitter Bertho Eckhardt over de stakingen
KNV Zorgvervoer en Taxi roept FNV op te stoppen met het organiseren van stakingen in het leerlingen- en zorgvervoer. De stakingen werken contraproductief, schaden het imago van de branche en leveren de kwetsbare reizigers die gebruik maken van het zorgvervoer stress en een hoop ongemak op. Tijdens de vorige stakingen staakte landelijk gezien nog geen 2% van het personeel. De gevolgen van de staking vielen daarom mee, hoewel er regionaal verschillen waren. Door goede communicatie met opdrachtgevers en gebruikers kon de overlast veelal tot het minimum beperkt blijven.