De MaaS Award 2021 werd uitgereikt tijdens het landelijke MaaS Congres 2021 aan Utrechter Mark Verbeet. Mark was, net als Jaap Sytsma uit Eindhoven, genomineerd in de categorie ‘overheid’. Hij ontving de Award als blijk van waardering voor zijn bevlogen inzet om MaaS verder te laten groeien.
”Gaiyo is een digitaal platform (app) waarmee je op laagdrempelige wijze al je reizen en vervoersmiddelen kunt plannen, boeken én betalen. Mede op basis van allerlei real-time informatie. Ik ben ervan overtuigd dat deze diensten iedereen kunnen helpen in het maken van slimmere en duurzamere keuzes in hun mobiliteit. In september lanceerden we de Gaiyo app in Leidsche Rijn en Vleuten – De Meern en hiermee hebben we de eerste stappen met MaaS gezet”
Mark Verbeet werkt als senior projectmanager Smart Mobility bij Goedopweg. MaaS, dat staat voor Mobility as a Service, gaat om het plannen, boeken en betalen van al het mogelijke vervoer via een app. Bijvoorbeeld de deelfiets, -auto, -scooter, trein, tram, of (water)taxi. En vooral combinaties van al deze soorten vervoer.
Door een persoonlijk reisadvies worden gebruikers gestimuleerd om slimmer en duurzamer te reizen. In Utrecht werkt Mark Verbeet samen met marktpartij Innovactory B.V. aan één van de zeven landelijke MaaS-pilots. Hiertoe is de app Gaiyo gelanceerd.
”Met veel plezier en energie blijf ik met mijn collega’s en partners, landelijk en in de regio Utrecht, werken om deze (commerciële) MaaS-diensten te laten floreren in Nederland.”
Het belang van MaaS
Net als andere steden in de Randstad, blijft ook de stad Utrecht groeien. Naar verwachting groeit Utrecht tot 2040 met ongeveer 100.000 inwoners, waarvan maar liefst 20.000 in Leidsche Rijn. Dit betekent dat bereikbaarheid en leefbaarheid steeds verder onder druk komen te staan. En buiten de grote steden wordt het steeds moeilijker om betaalbaar en voor iedereen toegankelijk vervoer te bieden. Daarom is het belangrijk dat mensen gestimuleerd worden om slimmer en duurzamer te reizen. MaaS kan hierbij helpen.
Om Nederland klaar te maken voor de mobiliteit van morgen, moet het nieuwe kabinet vervoerstromen beter aan elkaar knopen én spreiden. Dat is de boodschap die Bertho Eckhart, voorzitter van het MaaS-Lab, aan de leden wil meegeven. Een brede coalitie van 25 partijen in de Mobiliteitsalliantie, waaronder MaaS-Lab zelf, zijn alvast overeen gekomen wat de mobiliteitspassage in het nieuwe Regeerakkoord moet zijn. MaaS-Lab wil aandringen op een geïntegreerd mobiliteitssysteem met open standaarden, een MaaS-afsprakenstelsel en financiële ondersteuning voor marktpartijen om te investeren in de digitale transitie.
Mobiliteit zou niet alleen digitaal veel meer moeten worden gekoppeld, maar ook fysiek op straat, met overstappunten op aangepaste stations en nieuwe hubs. Voor een flexibel mobiliteitssysteem is flexibele en eerlijk beprijzen nodig en dus ook aangepaste fiscale regels. Als reiziger moet je per rit een eerlijke keuze kunnen maken hoe je wilt reizen: met het ov, met een deelfiets, een deelscooter of taxi, of met je eigen auto, óf misschien wel met allemaal.
MaaS-Lab is een vooruitstrevend collectief voor de mobiliteit van morgen. Mobility as a Service (MaaS) maakt het mogelijk om steeds flexibeler te worden in het plannen van een reis en het kiezen van de vervoersmiddelen die daarbij passen. Met MaaS kunnen reizigers dagelijks, of op meerdere momenten op de dag, andere keuzes maken. De ene keer een combinatie van deelauto en openbaar vervoer, de andere keer het openbaar vervoer of de eigen auto in combinatie met een (elektrische) deelfiets. Mogelijk gemaakt en aangeboden door een aanbieder waarmee de consument, de reiziger afspraken maakt in de vorm van een abonnement of een bundel. Deze flexibiliteit en keuzevrijheid houden mobiliteit voor iedereen toegankelijk.
Vanaf 1 april start Joep Hendriks als directeur Rivier, een joint venture van vervoerders RET, HTM en NS. Met dit initiatief willen de vervoerders het voor reizigers makkelijker maken om een reis met verschillende vervoermiddelen in een keer online te plannen, boeken en betalen. In zijn nieuwe rol is Hendriks verantwoordelijk voor het door ontwikkelen van het zakelijke platform en het aantrekken van zoveel mogelijk nieuwe partijen.
Hendriks heeft brede ervaring in de vervoerssector. De afgelopen jaren was hij manager corporate strategy bij NS. Ook speelde hij vanaf de start van de corona-pandemie een rol in de crisismanagementorganisatie van het bedrijf. De laatste maanden heeft hij zich met zijn team ingezet voor de ontwikkeling van een toekomstbestendig zakelijk productportfolio. In de jaren daarvoor werkte hij als secretaris van de Raad van Bestuur en Raad van Commissarissen en als advocaat in dienstbetrekking. Voor zijn loopbaan binnen NS was hij advocaat, gespecialiseerd in Europees en mededingingsrecht. Ook werkte hij als projectmanager bij de voorganger van de Autoriteit Consument & Markt.
“In mijn nieuwe functie wil ik het voor elke Nederlander mogelijk maken om met een app naar keuze door het hele land te reizen. Dat gaan we realiseren met een nieuw, baanbrekend technisch platform dat mobiliteitsaanbieders en MaaS-aanbieders met elkaar verbindt. Laagdrempelig, kostenefficiënt en via een uniforme, open standaard. Zodat MaaS-aanbieders via hun apps een reis van deur-tot-deur kunnen aanbieden, met alle denkbare combinaties van OV, deelvervoerconcepten en ook taxi of huurauto. Als maatschappij bewegen we van bezit naar gebruik. Dat geldt ook voor de vervoerssector. Het Rivier-platform wordt dé katalysator van die beweging. Elke mobiliteitsaanbieder of MaaS-aanbieder die wil, kan toegang krijgen tot het nieuwe platform. Hoe meer partijen meedoen, hoe meer impact we samen kunnen maken voor de reiziger”
over Rivier
Vervoerders HTM, NS en RET zetten zich in om het plannen, boeken en betalen van combinaties van vervoer via een app naar keuze makkelijker te maken, zodat de reiziger op elk moment en rekening houdend met de omstandigheden (weer, werkzaamheden, filedruk, etc.) moeiteloos een optimale reis kan samenstellen. Hiervoor ontwikkelen zij samen met Siemens Mobility een open MaaS-platform dat dit technisch mogelijk maakt. Dit zakelijke platform dient als stekkerdoos om aan de ene kant MaaS-aanbieders en aan de andere kant mobiliteitsaanbieders op een efficiëntere manier met elkaar te verbinden. Om dit platform te kunnen ontwikkelen, hebben de vervoerders onlangs een onafhankelijke joint venture zonder winstoogmerk opgericht, genaamd Rivier.
Ook NS, RET en HTM zetten in op digitale ontsluiting van heel Nederland waarvoor Siemens Mobility bouwt aan een landelijk MaaS-platform Rivier. Het platform maakt het mogelijk om een reis met verschillende vervoermiddelen in één keer online te plannen, boeken en betalen. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft de introductie van dit platform voor Mobility as a Service vorig jaar goedgekeurd. Siemens Mobility bouwt het MaaS-platform Rivier en werkt aan de mobiliteit van morgen. Met oplossingen voor onder meer geïntegreerd verkeersmanagement en het bedienen/besturen van tunnels, sluizen en bruggen leiden zij het verkeer letterlijk en figuurlijk in goede banen.
“Na de pandemie verandert ons reisgedrag. We reizen, werken en leren flexibeler: in tijd, plaats en keuze van het vervoermiddel. Daarom investeren we juist nu in de beste reismogelijkheden voor de consument. We willen de drempel verlagen om een reis met meerdere vervoermiddelen eenvoudig digitaal te plannen, boeken en betalen. Daarom roepen we alle Nederlandse mobiliteitsaanbieders op om zich aan te sluiten.”
Naar verwachting zien in het najaar de eerste apps van MaaS-providers het licht waarmee consumenten hun multimodale reis in heel Nederland kunnen plannen. Met het nieuwe platform is het straks voor consumenten veel makkelijker om gebruik te maken van beschikbare vervoermiddelen. Het platform kan verbonden worden met al bestaande apps van MaaS-providers zoals de NS, RET, HTM. Maar het platform kan ook andere bestaande apps en nieuwe apps bedienen. De snelheidswinst zit ‘m erin dat alle afzonderlijke vervoersmogelijkheden op de route in één keer inzichtelijk worden.
nieuwe entiteit
De nieuwe entiteit Rivier verzorgt de operatie van het platform, sluit nieuwe partijen aan en stuurt de verdere doorontwikkeling. Siemens Mobility bouwt een platform dat het technisch mogelijk maakt om een op maat gemaakte reis met verschillende vervoermiddelen te plannen, boeken én betalen. NS, RET en HTM zijn als aandeelhouders gezamenlijk eigenaar van de nieuwe joint venture die het MaaS-platform gaan exploiteren. Zij zijn bewust op afstand gezet van de dagelijkse exploitatie, om de neutraliteit te waarborgen.
De Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn trok eerder in een consortium met het technologiebedrijf Siemens en In2com, het callcenter van de Kortrijkse ondernemer Christian Dumolin, mee naar de overheidsopdracht voor de uitbating van de Mobiliteitscentrale, maar haakte voortijdig af. Volgens Ann Schoubs, de nieuwe directeur-generaal. waren de risico’s gelinkt aan het bestek te hoog. Vanaf volgend jaar zullen op het Vlaamse platteland niet alleen belbussen rondrijden, maar een mix van publieke en private vervoersmiddelen zoals taxi’s, buurtbusjes, shuttles en deelauto’s.
Zo’n centraal deurtje naar de marktpartijen maakt het eenvoudiger om andere partijen of toepassingen toe te voegen aan de keten, ook wel MaaS – Mobility As A Service – genoemd. Toch zijn er nog heel wat obstakels die nog moeten genomen worden om het protocol volwassen te noemen. Tomp werd wellicht net iets teveel door techneuten ontwikkeld. Belangrijke schakels om het ketenvervoer sluitend te maken missen en dat blijkt nu meer en meer nu iedereen Tomp wil omarmen om te implementeren. De TOMP-API (Transport Operator to Mobility Provider-Application Programming Interface) is een gestandaardiseerde en technische interface tussen MaaS-dienstverleners en vervoerders.
wat is een koppeling?
Vergelijk een koppeling in software tussen twee partijen maar met het gebruik van Google Translate. Je verstuurt het in de linkse zijde en het komt er in een andere taal uit aan de rechtse zijde. Maar zoals dat bij Google Translate ook vaak het geval is, wat er rechts uitkomt kan je beter niet helemaal voor waarheid aannemen en onaangepast gebruiken of publiceren. En dat is nu precies waar het aan schort bij veel koppelingen. Een standaard, zeg maar een correcte vertaalslag, is er niet en de uitkomst na elke vertaling is vatbaar voor interpretatie van de gebruiker. Hoog tijd voor afspraken en een standaard. De laatste tijd zien we het woordenboek voor doelgroepenvervoer van het kennisplatform CROW opduiken wat de kenmerken van de reiziger moet beschrijven. Een goed begin, maar we zijn er nog lang niet.
een stukje historie
Kritisch of niet, er moet geschreven worden dat de Tomp API meer voor elkaar kreeg in de taxisector dan alles wat er ooit aan vooraf ging. Wat ging er dan fout in het verleden? Leveranciers van softwaresystemen bedachten keer op keer eigen koppelingen om een opdrachtgever gelukkig te maken. Iedereen had een eigen visie en wilde vooral niet doorbouwen op datgene wat er al was. Strak plan om de markt naar je toe te trekken was het idee. Van een open standaard geregisseerd door de sector zelf is nog steeds geen sprake. Uit elke aanbesteding komt een nieuwe koppeling voort met als gevolg dat we nu beschikken over een pallet van te onderhouden software. Maar wat erger is, innovatie wordt tegengehouden door alle beperkingen van het bestaande ‘oude’ communicatiemodel tussen partijen.
Ook de branchevereniging KNV die, als innovatief omslagpunt in haar beleid, koploper wil zijn in alles wat MaaS gebruikt als verbindende factor, heeft zich de laatste jaren mede schuldig gemaakt aan de spaghetti van koppelingen. Ondanks het bezit van haar eigen innovatie commissie, waar met regelmaat de laatste 10 jaar voorstellen werden ingediend om dit probleem aan te pakken, kwam men niet verder dan dat wat elke ‘praatgroep’ de afgelopen jaren heeft gedaan. Gemiste kans, een standaard of protocol kwam er niet uit. Alle reden dus om door te pakken en TOMP geschikt te maken voor de sector.
reizigerskenmerken
Toch is de Tomp API vandaag helaas nog niet geschikt om alle facetten van het taxivervoer te bedienen. Het mist nog steeds een afsprakenstelsel. Niet op technisch vlak, integendeel, petje af. Maar op het vlak van reizigerskenmerken, budgetafspraken en ketelreizen waar een taxi in betrokken is, moet er nog veel gebeuren. Dat wil niet zeggen dat het een gemiste kans is want de Tomp werkgroep doet er alles aan om het tot een succes te maken en luistert vooral naar signalen van vervoerders en marktpartijen.
Er is lang gewacht met de komst van een universele koppeling in de taxisector. Al 20 jaar bestaat de noodzaak om centrales te koppelen maar ieder ICT bedrijf heeft z’n eigen wiel uitgevonden. De trein is nu op volle gang met allemaal verschillende wielen. De kosten voor onderhoud van al deze systemen rijzen de pan uit.
De Tomp werkgroep moet nu afwegen wat werkelijk technisch noodzakelijk is om een boeking te realiseren en wat onderlinge partijen zelf moeten regelen. Een budgetproduct door een budgetverstrekker toegekend aan een reiziger is hier een mooi voorbeeld van. Alle reizigerskenmerken die worden vastgelegd in het account van de reiziger zoals het soort budget product, machtigingsnummer, geldigheidsduur en een verwijzing naar voorwaarden en reiscondities zijn niet binnen de Tomp API terug te vinden, dit terwijl ze een essentieel onderdeel van de boeking uitmaken. Maar dan komen andere factoren weer om de hoek kijken zoals de privacywetgeving waar menig innovatie op stuk loopt de laatste jaren.
De Tomp werkgroep is een publiek-private samenwerking tussen MaaS providers, Transport Operators, andere mobiliteit gerelateerde organisaties en overheden. De werkgroep is ervan overtuigd dat de Dragonfly versie van de API nu voor langere tijd stabiel is. De gegevensuitwisseling via de Tomp omvat alle informatie met betrekking tot het plannen, reserveren, boeken, betalen en de reisondersteuning.
Sinds kort is het MaaS-Lab een deelnemer rijker, parkeerplatform ParkBee. ParkBee is een scale-up met een missie om reizigers, vastgoedeigenaren en de lokale overheid beter gebruik te laten maken van stedelijke ruimte. Als een van de eerste digitale carpark operators, halen ze auto’s uit het straatbeeld door de bestuurders een beter alternatief te bieden. Dankzij directe integraties met partners in parkeerapps en mobiliteitsaanbieders, stelt ParkBee de gebruiker met een druk op de knop in staat om een keuze te maken uit de beste parkeerplaatsen binnen hun grote netwerk van aangesloten parkeergarages.
We zijn er trots op ParkBee te mogen verwelkomen bij het MaaS-Lab. De uitbreiding met ParkBee sluit naadloos aan op onze ambitie om innovatieve marktspelers samen te brengen. Samen werken we toe naar een verschuiving binnen het mobiliteitsdenken, dat de reiziger en een geïntegreerd mobiliteitssysteem centraal stelt.
Met dit lidmaatschap ParkBee, samen met de andere partners binnen MaaS-Lab, hun oplossingen inzetten voor de toekomst van mobiliteit. De kern van ParkBee is dat ze ruimte terug te geven aan de stad, door onbenutte parkeerlocaties te optimaliseren. Dit doen zij met slimme digitale oplossingen.
Nu willen we nog een stap verder: hoe kunnen wij deze ruimte en technologie inzetten voor schone mobiliteit en een verdere transitie naar grootschalig autodelen?
Zoveel mogelijk geparkeerde auto’s uit het straatbeeld halen om ruimte terug te geven aan de stad. Dat is een van de speerpunten van ParBee. Dat doen ze door het bieden van de beste parkeerplaatsen met hun grote netwerk van aangesloten parkeergarages. Ze hebben een bereik van miljoenen gebruikers door onze directe integraties met partners in parkeerapps en mobiliteitsaanbieders. Zoals Parkmobile, Yellowbrick, ANWB en Radiuz in Nederland en RingGO in the UK. Met één druk op de knop krijgen die gebruikers gemakkelijk toegang tot alle ParkBee-locaties. Daarnaast bieden ze de mogelijkheid om een parkeerplek te reserveren.
Reizigers vandaag vertonen niet hetzelfde gedrag als tien jaar geleden. Digitale mogelijkheden en ervaringen in diverse omgevingen hebben grote invloed op de reis. Voor mobiliteitsaanbieders heeft dit grote en structurele impact, hun rol verandert mee. Afgelopen week stelden de leden van het KNV initiatief MaaS-LAB hun visie voor de komende jaren vast en werd de werkgroep voorzien van de nieuwe naam Maas-NL. De werkgroep is een samenwerkingsverband van marktpartijen die Mobility as a Service in Nederland mogelijk maken. Professionele marktpartijen die in de dienstverlening aan de reizigers elkaars concurrent kunnen zijn, maar die ook elkaar kunnen versterken en ook een gezamenlijk belang hebben om hun diensten verder te kunnen ontwikkelen in deze dynamische markt.
MaaS-NL treedt op als gesprekspartner namens haar leden richting stakeholders en overheden en bereidt standpunten voor, voor het creëren van de juiste randvoorwaarden en het wegnemen van de belemmeringen voor het ontwikkelen van MaaS in Nederland alsmede een gelijk speelveld voor alle betrokkenen. MaaS-NL biedt leden een platform voor netwerk en kennisdeling met het organiseren van evenementen en bijeenkomsten en de actieve betrokkenheid bij andere relevante organisaties zoals de MaaS Alliance, de Data Sharing Coalition en indirect ook VNO-NCW.
MaaS is een dienst op het gebied van personenmobiliteit, waarbij de dienstverlening bestaat uit het bieden van een online platform met mogelijkheden voor het zoeken naar, vergelijken van, eventueel reserveren van en betalen voor verschillende soorten mobiliteitsdiensten, aan de hand van actuele en voor die reiziger relevante informatie over die diensten.
MaaS-NL is een samenwerkingsverband van professionele marktpartijen die Mobility as a Service in Nederland mogelijk maken. Onder de vaste leden van MaaS-NL treffen we de grootste partners in mobiliteit aan zoals ANWB, 9292, Arriva, Bovag, GVB, HTM, Pitane Mobility, NS, RET, RAI vereniging, Transdev, Translink, ING, Felyx en Keolis Nederland. De conclusie is dat er een nieuwe mindset nodig is voor een geïntegreerd mobiliteitssysteem als geheel waarbij de reiziger centraal staat. MaaS-NL en haar leden kunnen die transitie niet in hun eentje realiseren en gaat hierover graag in gesprek met de overige stakeholders.
Voor overheden betekent het nieuwe mogelijkheden om het toewijzen van schaarse beperkte openbare ruimte aan mobiliteit, concessieverlening, vergunningverlening, parkeerbeleid op basis van een data gedreven sturing te stroomlijnen. Verkeerssysteem te optimaliseren om bij te dragen aan maatschappelijke doelen als duurzaamheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en inclusiviteit. Mobiliteitspatronen te beïnvloeden om beleidsdoelen zoals bereikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid te realiseren op basis van de aanwending van data met het oog op klimaatadaptatie en energietransitie.
creëren van de juiste randvoorwaarden voor gezonde en optimale MaaS-diensten
Bijna helft van thuiswerkers verwacht na coronacrisis vaker thuis te werken. Dit blijkt uit het onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) onder een representatieve groep Nederlanders die vorig jaar driemaal is bevraagd. Bij de meting van het afgelopen najaar zijn thuiswerkers iets positiever over het thuiswerken dan bij de voorgaande metingen. Het aantal mensen dat fysieke of psychische klachten ervaart door thuiswerken is stabiel. Werkenden met een kantoor- of managementfunctie hebben een positiever beeld over thuiswerken dan andere thuiswerkers.
In de mobiliteitsboom zijn het afgelopen jaar veel takken afgebroken of hebben ze grote, vaak onherstelbare, schade opgelopen. Alles bij elkaar genomen geen goed perspectief voor MaaS ontwikkelingen. De taxisector en het openbaar vervoer heeft wellicht de zwaarste klappen gekregen. Niet vreemd want we werden massaal uit het openbaar vervoer weggejaagd het laatste jaar. Uit KiM onderzoek blijkt dat Mobility as a Service in grote mate wordt gezien als een alternatief voor het openbaar vervoer en geen antwoord is op de dominantie van de auto. Deelscooters en leenfietsen daarentegen doen het beter dan ooit.
Is er nog plaats voor alle ontwikkelingen van het MaaS platform of moeten we terug naar de tekentafel? Volgens onderzoeker bij Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) Toon Zijlstra lijkt MaaS meer op een evolutie dan een revolutie voor de komende jaren. Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) levert kennis voor het mobiliteitsbeleid van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Toon Zijlstra studeerde Stedenbouwkunde bij Avans en aan de TU Eindhoven. Na zijn studie werkte hij bij Rijkswaterstaat en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu via het Rijkstrainee programma. In 2016 promoveerde hij aan de Universiteit Antwerpen op een analyse van de kansen voor het Mobiliteitsbudget in Vlaanderen. Toon heeft onderzoekservaring op de terreinen fiets, openbaar vervoer, parkeren, keuzegedrag en data-analyse. Binnen het KiM is hij voornamelijk betrokken bij projecten op het terrein van woon-werkverkeer, openbaar vervoer, taxi en luchtvaart.
De stad is bij uitstek de plek waar Mobility-as-a-Service (MaaS) het makkelijkst van de grond kan komen. De verplaatsingen die reizigers regelen met een MaaS-app, hebben relatief vaak incidentele zakelijke en sociaal-recreatieve reismotieven. Dit concluderen onderzoekers van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) in de studie ‘Kansrijke verplaatsingen voor MaaS’. Recente inzichten uit het MaaS onderzoeksprogramma bij het KiM hebben zij gebundeld in de nieuwe brochure ‘Mobility-as-a-Service: kansen en verwachtingen’. De stad biedt volgens de onderzoekers van het KiM de meest vruchtbare voedingsbodem voor een MaaS-app, omdat daar een rijk aanbod aan openbaar vervoer en deelmodaliteiten is. De korte loopafstanden naar haltes en deelmodaliteiten maken reizen met deze ov- en deeldiensten aantrekkelijk.
Met de lancering van reisapp Gaiyo in de Utrechtse wijken Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern gaat vandaag de eerste ‘mobility as a service’-pilot (MaaS) van Nederland van start. Via de app zien gebruikers welke (deel)vervoersmogelijkheden ze in hun buurt hebben en kunnen zij alle reizen plannen, boeken én betalen.
Gaiyo is een persoonlijke reisassistent en geeft een realtime overzicht van alle beschikbare reismogelijkheden en combinaties, compleet met vertrek- en aankomsttijden, reistijd en kosten. Dat varieert van de trein, tram en bus tot het deelvervoer (zoals deelfiets, elektrische deelscooter of auto). Ook toont de app de beschikbare tijden van het aansluitende openbaar vervoer. Ten slotte toont de app de reistijd per auto, de files en de parkeerkosten. Zo kan de gebruiker steeds zelf zien welk vervoer op welk moment sneller of goedkoper is.
Bij de pilot is bewust gekozen om in de wijken Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern te starten, omdat dit gebied hard groeit en het autobezit en -gebruik hier relatief hoog is. Tot 2030 komen er nog 105.000 inwoners bij. Dat heeft gevolgen voor de leefbaarheid en bereikbaarheid van dit deel van Utrecht.
“Met deze app kunnen mensen heel makkelijk kiezen op welke manier ze willen reizen. We hopen dat ze daarmee vaker kiezen voor iets anders dan de auto, zoals fiets en OV. Dat helpt om de stad leefbaar en bereikbaar houden”, zegt Lot van Hooijdonk, wethouder Mobiliteit.
De reisapp knoopt verschillende vormen van vervoer aan elkaar, waardoor mensen zich maar één keer hoeven te registreren en al het vervoer via de app kunnen betalen. ,,Het is onze missie om steden leefbaar en bereikbaar te houden voor iedereen”, zegt CEO en oprichter Lucien Groenhuijzen van app-ontwikkelaar Innovactory. ,, Geweldig dat we deze app als eerste aan de inwoners van Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern kunnen aanbieden. We verwachten door onze ervaringen met de eerste testen dat de mensen in dit deel van Utrecht de toegevoegde waarde van de Gaiyo zullen ervaren”.
Gaiyo komt van Gaiyō – wat in het Japans overzicht betekent – en werd eerder al getest door 150 gebruikers, toen nog onder de oude naam Tripps. Daaruit bleek dat mensen dankzij de app geneigd zijn vaker de auto te laten staan en voor alternatieve vormen van vervoer te kiezen, omdat deze sneller of goedkoper zijn.
“Daarmee past Gaiyo naadloos binnen ons programma Smart Mobility. We gebruiken graag slimme ontwikkelingen om gezonder, schoner en veiliger reizen te stimuleren binnen de provincie Utrecht”, zegt Arne Schaddelee, gedeputeerde mobiliteit provincie Utrecht.
onderdeel van zeven nationale pilots
Gaiyo is de eerste van de zeven Mobility as a Service-pilots (MaaS) die live gaat. De Utrechtse proef met de digitale reisassistent loopt naar verwachting lopen tot en met eind 2021. De app is vanaf nu in heel Nederland te downloaden via de App Store en Google Play. De proef in Utrecht en de overige proeven in de rest van het land zijn een initiatief van de overheid om samen met marktpartijen te onderzoeken of dienstverlening op het gebied van mobiliteit aanslaat bij gebruikers, commercieel levensvatbaar is én bijdraagt aan beleid.
Met de privacyproof verkregen data leren het ministerie van I&W, regionale overheden, MaaS-aanbieders en vervoerders samen hoe het totale mobiliteitssysteem geoptimaliseerd kan worden. Dit kan een bijdrage leveren aan de leefbaarheid van onze woonomgeving, onder meer door vermindering van CO2, files en drukte in het openbaar vervoer. In Utrecht valt de pilot onder het programma van Goedopweg, waarin de provincie, de gemeenten Utrecht en Amersfoort, Rijkswaterstaat en het ministerie samen werken aan een goede bereikbaarheid en een gezonde leef- en werkomgeving van de regio.
CROW organiseert samen met KNV en het ministerie van IenW een reeks MaaS (Mobility as a Service) kenniscafés in 2020. Het doel van deze kenniscafés is niet alleen om anders tegen mobiliteit aan te kijken, maar ook in staat te zijn om andere keuzes te maken, nieuwe trends te zien en te leren van best practices. Elk kenniscafé in de reeks licht een ander aspect van mobiliteit uit. Waarbij ze als een rode draad de lessen uit het verleden volgen, kijken naar het heden en hoe ze samen op weg gaan naar een toekomstbestendig mobiliteitssysteem.
Verschillende partijen, waaronder het ministerie van IenW en het MaaS-Lab (een KNV-initiatief), werken aan een verantwoord, open en duurzaam MaaS-ecosysteem. In het kenniscafé wordt thematisch kennis gedeeld over de stand van zaken. Aanbieders van deelmobiliteit en gemeentelijke overheden bespreken de impact en potentie van deelmobiliteit, wat nodig is om die potentie te vervullen, de relatie tussen deelmobiliteit en MaaS en hoe deelmobiliteit past in een gezond mobiliteitssysteem.
Koninklijk Nederlands Vervoer, CROW en het ministerie van IenW houden dit jaar drie kenniscafés over Mobility as a Service (MaaS) met als doel om anders tegen mobiliteit aan te kijken, andere keuzes te kunnen maken, nieuwe trends te zien én te leren van best practices. Schrijf je in voor de gratis webinar op 8 september van 14.00 tot 15.30 uur.
over CROW
CROW is één van de partijen die ervoor zorgt dat in Nederland de infrastructuur, de openbare ruimte en het verkeer en vervoer goed geregeld is. Op weg naar werk, naar school of weer naar huis. Iedere Nederlander ondervindt dagelijks de positieve gevolgen van het werk van CROW. Of het nu gaat om de hoogte van de trottoirband bij een bushalte, maatregelen voor het werken met verontreinigde grond, gladheidsbestrijding tijdens de winterperiode of de hoeveelheid parkeerplaatsen bij een voetbalstadion. Bij CROW werken ze samen met de gebruikers van onze producten en diensten om te zorgen dat elke Nederlander dagelijks veilig en goed geregeld naar huis kan.
Hoe maak je het reizigers zo makkelijk mogelijk om van deur tot deur te reizen met een combinatie van vervoersmiddelen, van openbaar vervoer tot deelfiets, deelauto en watertaxi? REISinformatiegroep, de organisatie achter de 9292-reisplanner, doet mee aan een pilot gericht op de metropoolregio Rotterdam Den Haag om mobiliteit als een dienst aan te bieden – Mobility as a Service (MaaS).
“We werken samen volgens een innovatiepartnerschap. Elk brengen we onze eigen expertise in. Daarbij richten wij ons vooral op OV-reizigers, PON via mobiliteitsoplossing Shuttel op werkgevers en Tranzer, die (inter)nationaal mobiele tickets verzorgt voor OV en andere deeldiensten, op toeristen. Voor die groepen ontwikkelen we elk onze eigen vorm van MaaS. Het idee is dat die diensten elkaar straks gaan versterken.”, aldus Tania Rademaker, die het project begeleidt vanuit REISinformatiegroep.
maak kennis met Moves
Concreet betekent dit dat je binnenkort je reis kan plannen, boeken en betalen in één app, ongeacht hoe je je verplaatst. Moves, zoals deze service aan de klant gedoopt is, is een van de zeven samenhangende regionale MaaS-projecten die het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat in het leven heeft geroepen om mobiliteit als dienst naar een hoger plan te tillen. Waarbij je als reiziger betaalt voor het gebruik van (geïntegreerde) vervoersdiensten, zonder te hoeven investeren in vervoersmiddelen.
De verwachting is dat dit een positieve impact heeft op de belasting van de infrastructuur – vooral in en rondom de steden – op de luchtkwaliteit en de leefbaarheid. Want hoe eenvoudiger het wordt om met schone, voor iedereen toegankelijke vervoermiddelen van A naar B te komen, hoe meer mensen daarvoor kiezen. En dat betekent onder andere: minder autoverkeer op de weg en minder auto’s die het grootste deel van de tijd een parkeerplek bezet houden. Welkome ontwikkelingen in een tijd waarin toch al een verschuiving gaande is van bezit naar gebruik, zeker onder jongeren. Waarom nog zelf een auto, motor of fiets aanschaffen als je die net zo makkelijk kan delen?
Nieuw licht op luchthaven Elk MaaS-project heeft z’n eigen accent, om zo specifieke kennis op te doen, bijvoorbeeld over behoeften en gedrag van reizigers, van werknemers tot toeristen. Voor de metropoolregio speelt bijvoorbeeld de aansluiting met Rotterdam-The Hague Airport een belangrijke rol. Onder leiding van De Verkeersonderneming ondersteunen gemeenten Rotterdam, Den Haag, MRDH* en de luchthaven het MaaS-project.
Om regionale (vervoers)initiatieven aan de pilot te koppelen en tot een optimale invulling te komen, hebben verschillende partijen, die al bezig zijn met MaaS, de handen ineengeslagen. Waaronder REISinformatiegroep die het deur-tot-deuradvies in de 9292-reisplanner al gestaag aanvult met extra mogelijkheden. Hoofdaannemer Pon, bekend van auto- en fietsmobiliteit en bijvoorbeeld Greenwheels, HuuB/Hely en Shuttel, breidt haar diensten verder uit met een multimodale app.
Sinds kort is het MaaS-Lab verrijkt met ING Bank. Als internationale commerciële bank ondersteunt ING klanten actief in het passagierstransport per bus, trein, metro en andere modaliteiten. Parallel werkt de ING scale-up Invisible Tickets hard aan de volgende generatie betalingsmethode in het openbaar vervoer. Met behulp van track en tracetechnologie kan de passagier automatisch zijn reis afrekenen.
“We zijn er trots op ING te mogen verwelkomen bij het MaaS-Lab. De deelname van ING sluit naadloos aan op onze ambitie om innovatieve marktspelers samen te brengen om een open en inclusief MaaS-ecosysteem echt van de grond te krijgen”, zegt Bertho Eckhardt, voorzitter MaaS-Lab.
Het MaaS-Lab is een samenwerkingsverband tussen alle partijen uit het bedrijfsleven die betrokken zijn bij de ontwikkeling van MaaS (Mobility as a Service) in Nederland. Doel is het creëren van de juiste randvoorwaarden voor gezonde en optimale MaaS-diensten die aansluiten op het maatschappelijke belang en de wensen van de reiziger. Het MaaS-Lab wordt gefaciliteerd door KNV.
“We sluiten ons graag aan bij het MaaS-Lab initiatief om zo ons steentje bij te dragen aan een duurzame ontwikkeling van het personenvervoer in Nederland en daarbuiten.”, zegt Juliette van Enckevort, ING Global Lead Land Transport, Transport & Logistics.
Tania Rademaker, Sales & Business Manager bij 9292, bekijkt het huidige mobiliteitsnetwerk vanuit haar OV- perspectief en dan ziet ze ruimtegebrek. In de spitsuren is het te druk in het openbaar vervoer, en in de daluren is het op bepaalde trajecten erg rustig. Er is volgens haar niet één panklare oplossing die voor iedereen werkt. Het draait volgens haar vooral om technologie en ontwikkelingen in het mobiliteitsnetwerk. Uiteraard ookom de bereidheid van mensen om hun gedrag te veranderen. 9292 probeert zoveel mogelijk mee te bewegen met de technologische en maatschappelijke ontwikkelingen, ze hebben pas een nieuwe app gelanceerd die zich naarmate hij meer gebruik wordt zich steeds meer personaliseert aan de gebruiker.
Op de vraag aan haar of we binnenkort ook andere huursteps, -scooters en -fietsen kunnen verwachten antwoord ze lachend: “Dat is ook één van mijn petten. Ik ben ook contactpersoon voor andersoortig vervoer. Ik ben nu druk met het aansluiten van nieuwe fietsaanbieders. Op een later tijdstip wil ik daar nog deelauto’s, P&R en flex-OV aan toevoegen”.
Ze vindt de privacywetgeving heel erg belangrijk, 9292 houdt zich hier heel strikt aan. Er kan op dit gebied wel geëxperimenteerd worden, als een reiziger toestemming geeft om reisgegevens te gebruiken. Ze zijn een samenwerking met Warner Music aangegaan om te kijken wat de mogelijkheden zijn op het gebied van playlists aanbieden die bij de omgeving van je reis passen. Op deze manier wordt 9292 volgens Tania een travel buddy. Tania vindt het lastig om de toekomst op het gebied van mobiliteit te voorspellen, ze denkt dat er veel mogelijk is op het gebied van digitaal (thuis) werken.
Rademaker denkt niet dat we over 30 jaar elektrisch zullen reizen, ook gelooft ze niet in de technologie van de zelfrijdende auto, hier los je het fileprobleem niet mee op. Volgens haar wordt het een combinatie van verschillende modaliteiten. Tania denkt dat het belangrijk is om reizigers te wijzen op een nieuwe prettige manier van reizen. Ze hoopt hier met 9292 aan bij te kunnen dragen.
Tania Rademaker is Sales & Business Manager bij 9292, aanspreekpunt voor OV-bedrijven, verantwoordelijk voor het NDOV (Nationale Databank Openbaar Vervoer) loket, stakeholder vervoerders en houd zich ook nog sinds anderhalf jaar bezig met MaaS (Mobility as a Service). 9292 is een REISinformatiegroep die 25 jaar geleden is opgericht en die in 2019 één miljard reisadviezen gaven. Tania Rademaker werd geïnterviewd voor het boek Visie op Mobiliteit: Op weg naar 2050.
Tarik Fawzi geeft vanuit zijn deelvervoer expertise zijn visie op mobiliteit in het pas verschenen boek: Visie op Mobiliteit: Op weg naar 2050. Tarik Fawzi, medeoprichter van Hely is verantwoordelijk voor het opzetten van partnerships. Hely levert vanuit 20 Hely Hubs diverse deelvoertuigen en is een initiatief van de NS. NS is samen met Pon aandeelhouder van Hely. Hely is een op zichzelf staand en opererend bedrijf met als doel om delen duurzamer, leuker en slimmer te maken.
Fawzi zegt dat de wereld niet van de ene op de andere dag gaat veranderen. Er zijn volgens hem veel verschillende internationale en nationale aanbieders van deelvoertuigen. Dit komt omdat er volgens hem in de grote steden steeds minder ruimte is voor o.a. parkeren en dan biedt een deelvoertuig een uitkomst. Technologie maakt het makkelijker om via je mobiele telefoon een deelvoertuig te vinden, reserveren en te betalen. Nu dit soort diensten steeds meer beschikbaar zijn zal volgens hem de vraag ernaar steeds groter worden.
‘Als je 1% van het geld dat aan OV wordt besteed aan deelvervoer zou besteden, dan kun je de wereld veranderen’.
Volgens Fawzi heeft elke nieuwbouwwijk straks een Hely Hub, wat het voor bewoners makkelijk maakt om met één app verschillende vormen van mobiliteit te boeken. Gemeentes willen hier wel iets mee, maar ze weten niet hoe. Daar komt Hely om de hoek kijken, zij kunnen de gemeentes daar mee helpen. Fawzi denkt dat er over 5 jaar meerdere grote internationale aanbieders zullen zijn die verschillende multimodaliteiten aan zullen bieden. Dit zal volgens hem een grote verandering met zich meebrengen. Ook denkt hij dat deelvervoer en OV veel meer met elkaar gecombineerd zullen worden. Het deelvervoer wordt in nieuwbouwwijken de norm omdat het opgelegd wordt door projectontwikkelaars en gemeentes en omdat het parkeerprobleem steeds groter wordt.
Op de vraag hoe Fawzi denkt dat het vervoer en mobiliteit er over 30 jaar uitziet, voorspelt hij dat we heel veel andere typen voertuigen zullen hebben, zoals bijvoorbeeld elektrische drones. Ook denkt hij dat er dan elektrische of zelfrijdende auto’s voor je deur kunnen verschijnen d.m.v. een app. Hij denkt dat tegen die tijd alles uitgerust zal zijn met loT en alles (koelkasten, auto’s etc.) met elkaar communiceert zonder daar speciaal opdracht voor te hoeven geven. Ook is Fawzi ervan overtuigd dat de overheid meer geld moet investeren in deelvervoer. Hij is van mening dat we in 2050 geen mobiliteitsproblemen meer hebben omdat de technologische ontwikkelingen steeds verder uitbreiden.
Het MaaS-Lab concludeert naar aanleiding van een enquête onder de 24 aangesloten partijen waaronder vervoerders, MaaS-aanbieders en softwarebedrijven dat “Business as usual” geen optie is voor mobiliteit na deze coronacrisis. Wij moeten nu versneld inzetten op MaaS. Het MaaS-Lab richt zich op het ontwikkelen van een afsprakenstelsel voor MaaS in publiek-private samenwerking.
als iedereen de auto pakt, loopt Nederland vast
Met de maximaal 40% beschikbare capaciteit in het openbaar vervoer moeten mensen die gewoonlijk met het ov reizen een alternatief zoeken. Als iedereen de auto pakt, loopt Nederland vast en worden klimaat- en milieudoelstellingen niet gehaald. Mobility as a Service (MaaS) biedt alternatieven voor mensen om verantwoord en duurzaam te reizen. Dankzij MaaS kan men zien welke andere vormen van mobiliteit er mogelijk zijn naast het ov en eigen vervoer (bijv. taxi, deelauto, deelfiets enz.). Daarom is het van belang dat de ontwikkeling van MaaS in Nederland nu wordt versneld.
Via MaaS worden alle vormen van mobiliteit voor de reiziger geïntegreerd aangeboden in een eenvoudig toegankelijk digitaal systeem dat plannen, boeken en betalen mogelijk maakt. MaaS biedt meer gemak, meer keuzevrijheid en maatwerk voor reizigers, marktpartijen en overheden. Middels MaaS is het mogelijk om de reiziger een multimodaal en gepersonaliseerd reisadvies te geven, waardoor drukte verspreid kan worden over meerdere modaliteiten of naar andere tijdstippen.
coronacrisis; een grote kans om duurzamer en slimmer te bewegen
De noodzaak voor een transitie naar een nieuw mobiliteitsecosysteem is nu groter dan ooit. Om Nederland verantwoord en duurzaam in beweging te krijgen én houden is een bredere samenwerking tussen marktpartijen, overheden, werkgevers en instellingen nodig. MaaS biedt hiervoor een oplossing om te zorgen dat wij verantwoord en duurzaam in beweging blijven. Op dit moment wordt MaaS nog veelal ontwikkeld op basis van bilaterale afspraken en tijdelijke pilots. Voor een verdere opschaling is een open en inclusief MaaS-ecosysteem benodigd.
data is de toekomst; ook in mobiliteit
Als MaaS-Lab geloven wij in het creëren van waarde uit betrouwbare data voor de reizigers, voor de mobiliteitsaanbieders en de MaaS-aanbieders. Daarom is het MaaS-Lab onlangs ook lid geworden van de Data Sharing Coalition. Deze coalitie stimuleert de samenwerking en het delen van data tussen verschillende sectoren en is een belangrijke hub voor kennisuitwisseling tussen verschillende afsprakenstelsels. In de afgelopen jaren is in verschillende sectoren een samenwerkingsstructuur gecreëerd voor datadelen in een gemeenschappelijk ecosysteem. Zo heeft de banking sector iDEAL ontwikkeld, de zorgsector heeft MedMij ontwikkeld en de logistieke sector heeft iSHARE ontwikkeld. MaaS biedt een kans voor de mobiliteitssector voor verdere innovaties in de data-economie.
Door de coronacrisis zien we een grote toename van digitale transacties en online interactie tussen individuen, bedrijven en overheden. Mensen zoeken alternatieve vormen van contact en dienstverlening en ervaren het gemak van nieuwe digitale diensten. Mensen willen en kunnen flexibeler met mobiliteit omgaan.
“Business as usual” is geen optie voor de reizigers en het milieu. Daarom roept het MaaS-Lab alle relevante stakeholders op om versneld op MaaS in te zetten.
Vandaag werd het kenniscafé MaaS en Gedragsverandering door de CROW Academie georganiseerd in samenwerking met KNV en het Mobility as a Service (MaaS) van het Ministerie IenW. Ondanks dat de techniek bij de aanvang niet helemaal wilde meewerken werd het kenniscafé een goed georganiseerde middag via een webinar waar ruim 120 deelnemers aan deel hebben genomen.
Uit onderzoek gepresenteerd door Marije Hamersma van het KiM instituut, blijkt dat mensen verwachten terug te gaan naar het oude gedrag van voor de coronacrisis. Het doorbreken van reisgewoontes en blijvend anders reizen is een van de belangrijkste vraagstukken wanneer we het over MaaS hebben.
Gedragsverandering bij de consument.
Mensen veranderen hun gedrag niet. Komt men onder stress te staan dan gaan mensen het basisgedrag vertonen. Omdat mensen niet veranderen moet je de omgeving veranderen om toch mensen aan te zetten te veranderen. Er is een tegenwerkende groep en een coöperatieve groep. De grootste groep mensen is onnadenkend.
Menno van der Linden, gedragsexpert MaaS bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat denkt dat het koppelen van allerlei vervoersmogelijkheden marginaal gaan bijdragen tot veranderingen in vervoersgedrag.
Wanneer we mensen duurzaam van gedrag willen veranderen gebeurt dit in een aantal stappen. Wat tijdens de coronacrisis is gebeurd is dat mensen in een veranderen en volhouden fase werden gedwongen. Dat bekennen dat we een aantal fasen hebben overgeslagen zoals de verandering overwegen.
“Wat een echte uitdaging is, is de consument bij MaaS krijgen. Wanneer je gedragstechnieken wil inzetten staat men voor een behoorlijke uitdaging. Je kan vanuit een analyse een goede maatregel neerzetten, maar daar heb je niet altijd invloed op. Er spelen ook krachten van buitenaf.”, aldus Matthijs Dicke-Ogenia – gedragsveranderaar in verkeer en mobiliteit bij Goudappel Coffeng.
MaaS heeft er baat bij dat je massa weet te maken. Wanneer de MaaS consument de indruk heeft dat alles goed geregeld is, maakt MaaS een goede kans. In coronatijd hebben we ontdekt dat we versneld kunnen veranderen en snel inspringen op veranderingen. Snel onderzoek naar wensen en inspringen op veranderingen is een noodzaak om te slagen. MaaS voor consumenten is een uitdaging. Corona brengt wel versnelling maar intrinsieke motivatie wordt niet opgebouwd. De kunst is MaaS robuust te maken voor grote veranderen.
Mobiliteit is een veelomvattend onderwerp, niet eenvoudig te overzien of te voorspellen. De afgelopen maanden werd gewerkt aan een publicatie over de toekomst van mobiliteit. Hiervoor werden elf prominenten uit het vak gevraagd naar hun visie op hoe mobiliteit zich zal ontwikkelen in de komende 30 jaar. Het resultaat is een uitgebreide publicatie met een breed spectrum aan visies.
toekomstige mobiliteit
Om aan de juiste oplossingen te werken is het belangrijk om te begrijpen hoe mobiliteit en Mobility-as-a-service zich zal ontwikkelen in de komende 30 jaar. Is 2050 een andere wereld? Of valt de snelheid waarmee ze verandert wel mee?
Er staan veel veranderingen op stapel; Mobility-as-a-service, autonoom vervoer, klimaatverandering. Om antwoord te krijgen op de vraag hoe de toekomst van mobiliteit eruitziet, besloot INFO om elf experts van marktpartijen, de overheid en academici te vragen naar hun visie. Deelnemers aan het rapport zijn KiM, ANWB, Hely, 9292, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Parkbee, Gemeente Utrecht, De Verkeersonderneming, TU Delft, Lightyear en NS.
visie op Mobiliteit 2050: lancering rapport 2050
Op donderdag 25 juni lanceert INFO het rapport ‘Visie op Mobiliteit: Op weg naar 2050’ tijdens een livecast. Tijdens deze livestream vanuit Droog Amsterdam gaat Remmert Stipdonk (CEO bij INFO) in gesprek met een aantal toonaangevende spelers in mobiliteit en Mobility-as-a-service waaronder Joost van der Made (Mobiliteitsstrateeg bij NS), Eric Mink (Programmamanager MaaS Ministerie IenW, Tarik Fawzi (Co-founder bij Hely) en Ronald de Jong (Teammanager Mobiliteit en Verkeersveiligheid bij ANWB).
Mobility as a Service (MaaS) is een grote verandering ten opzichte van mobiliteit zoals we die nu kennen en ervaren. Daarvoor moeten we anders, en nu meer dan ooit tijdens deze coronacrisis, tegen mobiliteit gaan aankijken. KNV, CROW, en het ministerie van IenW organiseren in 2020 drie kenniscafés over Mobility as a Service (MaaS). De eerste digitale bijeenkomst op woensdag 24 juni, georganiseerd door CROW, gaat in op de gevolgen van de coronacrisis voor MaaS en gedragsverandering.
Een reeks kenniscafés met als doel om niet alleen anders tegen mobiliteit aan te kijken, maar ook om andere keuzes te kunnen maken, nieuwe trends te zien én te leren van best practices. Elk kenniscafé in de reeks zal een ander aspect van mobiliteit uitlichten. Als een rode draad volgen we de lessen uit het verleden, het heden en gaan we samen op weg naar een toekomstbestendig mobiliteitssysteem. Met in deze eerste editie gedragsverandering als centraal thema.
welkom in de nieuwe wereld
Gedragsverandering in mobiliteit is moeilijk en gaat met kleine stappen. Maar externe factoren als het coronavirus kunnen in sommige situaties een bevorderend effect hebben. Er wordt noodgedwongen anders met mobiliteit omgegaan. Waar werkgevers eerder terughoudend waren in thuiswerken, kunnen we nu niet meer zonder. En wordt dit in deze nieuwe wereld nu als ‘normaal’ beschouwd.
alvast een inkijkje
Matthijs Dicke – werkzaam bij Goudappel Coffeng – geeft alvast een inkijkje in gedragsverandering op het gebied van mobiliteit en wat de sleutel is voor het succesvol bouwen van een toekomstbestendig mobiliteitssysteem.
Wil je ook weten hoe gedragsverandering mobiliteit toegepast kan worden op MaaS of wat de mogelijk gevolgen van corona zijn voor MaaS concepten? Dan zien we je graag op 24 juni! Inschrijven kan via deze link.
In antwoord op de vraag van leden van de VVD-fractie of er mogelijkheden zijn het tempo ten aanzien van de MaaS te verhogen, ondanks de moeilijkheden met betrekking tot de huidige situatie in Nederland, geeft de staatssecretaris Stientje van Veldhoven aan kansen te zien rond MaaS. Vanuit de overheid geïnitieerd, zouden vanaf april dit jaar de MaaS-apps vanuit de 7 nationale MaaS-pilots gefaseerd van start gaan.
Een aantal is inmiddels gelanceerd via de app-stores, maar er wordt geen actieve marketing gedaan gezien de oproep van het kabinet om zo min mogelijk te reizen tijdens de intelligente lockdown-periode in verband met corona. Deze apps bieden immers het plannen, boeken en betalen voor alle modaliteiten (deelauto, -fiets, -scooter, (water)taxi, bus, tram, metro, trein, etc.).
“Ik wil dan ook bezien in hoeverre de MaaS-apps kunnen bijdragen aan de 1,5m-samenleving, bijvoorbeeld door reserveringen in OV mogelijk te maken en voor korte ritten bijvoorbeeld de (elektrische deel-) fiets te stimuleren. Daarnaast is geanonimiseerde data over hoe mensen reizen bruikbaar om reisbewegingen beter te monitoren en eventueel bij te sturen.”, aldus Staatssecretaris van Veldhoven.
parkeren bij deelauto concepten
De leden van de VVD-fractie vragen of er mogelijkheden zijn om een pilot te faciliteren in samenwerking met de grote gemeenten en aanbieders van deelauto’s om ervaring op te doen met parkeervergunningen voor free floating deelauto’s voor diverse gemeenten. Deelsystemen zijn een hefboom voor MaaS en vice versa. Autodelen is dus een belangrijke hoeksteen van MaaS. Er zijn verschillende deelautoconcepten waaronder ook deelauto’s zonder vaste parkeerplek.
Het is momenteel inderdaad niet mogelijk om met een deelauto zonder vaste parkeerplek te parkeren in elk van de vier grote steden. Een vergunning die het mogelijk maakt om in meerdere steden te kunnen parkeren met een deelauto zou de ontwikkeling van deelautogebruik en MaaS kunnen bevorderen. Het ministerie van IenW is samen met gemeenten, het ServiceHuisParkeer en Verblijfrechten (SHPV) dat gemeenten ondersteunt, de RDW en andere stakeholders de mogelijkheden voor een nationale danwel regionale parkeervergunningenpilot aan het onderzoeken.
Op het moment dat wij het volop hadden over de TOMP-API om MaaS een spreekbuis te geven kwam uit onverwachte hoek de stoorzender COVID-19. Een pandemie die nu zorgt voor een trage economie die de komende periode de normale bedrijfsvoering gaat belemmeren. Alle goede bedoelingen ten spijt van MaaS aanbieders, gaan bedrijven hun visie over het aanbieden van grootschalige mobiliteitsdiensten even moeten bijstellen.
Andere prioriteiten zijn aan de orde van de dag binnen Europese OV-, touringcar- en taxibedrijven die zware klappen krijgen. Het oppakken van de MaaS draad is ver weg voor zover al deze bedrijven nog bezig zijn met MaaS projecten. Toch hoort men ook signalen dat deze crisis wellicht een mooi moment is om extra aandacht te besteden aan een andere vorm van reizen, werken en vakantie nemen. Wellicht toch MaaS omarmen?
schade beperken en meedenken over de nieuwe mobiliteit
Het zal aan de verschillende MaaS ‘projectgroepen’ liggen hoe snel er sprake is van bijsturen. Branchevereningingen en initiatieven zoals het MaaS-Lab, een initiatief van KNV, zetten zich in voor deze nieuwe mobiliteit. Wanneer vergaderingen in de vertrouwde samenstelling niet kunnen kan video-vergaderen wellicht een optie zijn. Het is zaak voor al deze MaaS projectgroepen dat alles opnieuw in beweging komt na deze ongewenste stilstand en daarna in beweging blijft. De schade beperken en meedenken over de nieuwe mobiliteit is nu punt van aandacht, zelfs al ziet MaaS er straks anders uit dan de originele bouwschetsen.
anderhalvemeter economie jaagt iedereen de auto in
Momenteel doet men proeven om het reisgedrag vast te stellen in treinstellen waar groene en rode stickers bepalen waar men nog kan zitten. De nieuwe anderhalvemeter economie jaagt straks iedereen terug de auto in omdat zekerheid van een zitplaats in openbaar vervoer momenteel ver weg is. Op Europese schaal is de impact van de coronacrisis zo groot dat mobiliteit, wellicht gedwongen door nieuwe regelgeving, financiële schade en torenhoge leningen, op een andere wijze invulling zal krijgen.
kleine bedrijven te helpen overleven
Frankrijk is een van de Europese landen die het meest worden getroffen door het coronavirus. Op 6 april bedroeg het aantal gevallen van COVID-19 in Frankrijk bijna 70.000 en het aantal doden meer dan 8.000. President Macron vaardigde op 17 maart een 14-dagen nationaal verbod uit en premier Edward Philip verlengde het verbod. Frankrijk lanceerde noodmaatregelen om kleine bedrijven te helpen overleven.
vergrijzende bevolking en volksgezondheidsproblemen
Italië is sinds de eerste dag een van de zwaarst getroffen landen, met extreem hoge sterftecijfers. Een vergrijzende bevolking en volksgezondheidsproblemen vergroten de impact van COVID-19 op Italië. Op 22 maart beval het land de sluiting van alle niet-strategische ondernemingen om de verspreiding van de ziekte tegen te gaan. Gedurende deze periode blijven alleen die bedrijven actief die van cruciaal belang worden geacht voor het behoud van de toeleveringsketen van het land. Supermarkten, apotheken, bankdiensten en andere openbare diensten (zoals transport) blijven open.
gezondheidszorgsysteem van wereldklasse
Duitsland is de grootste economie van Europa en heeft een openbaar gezondheidszorgsysteem van wereldklasse. Op 6 april was het aantal mensen dat besmet was met COVID-19 in Duitsland meer dan 90.000 mensen, maar het sterftecijfer in het land is veel lager dan in de buurlanden. De sleutel tot het lage sterftecijfer in Duitsland is een vroege diagnose, omdat dit de verspreiding van de ziekte kan voorkomen.
gevolgen voor de economie van het land
In Spanje werd op 1 februari het eerste coronavirus vastgesteld, maar begin maart nam het aantal nieuwe infecties toe. Het land werd op 14 maart geblokkeerd. Alleen basiswinkels en apotheken zijn open, scholen, musea, bibliotheken, hotels en restaurants zijn gesloten en sport- en culturele activiteiten zijn verboden. De wereldwijde noodsituatie op het gebied van de gezondheid veroorzaakt door het coronavirus en de door Spanje aangekondigde waarschuwingstoestand zullen grote gevolgen hebben voor de economie van het land.
problemen met nauwkeurigheid van de test
De Russische regering meldde begin april de grootste toename van COVID-19 per dag sinds Rusland de ziekte begon te volgen. Hoewel critici van de regering beweren dat het werkelijke aantal veel hoger is dan officieel geroepen, vanwege problemen met de schaal en nauwkeurigheid van de test, heeft de epidemie ook zeer grote gevolgen voor de Russische toeristenindustrie.