De kwaliteitseisen van Busvervoer Nederland moeten worden gecontroleerd door onafhankelijke bedrijven.
Busvervoer Nederland vindt kwaliteit zo vanzelfsprekend dat voldoen aan vastgestelde kwaliteitseisen sinds 1 januari van dit jaar een voorwaarde voor het lidmaatschap van de branchevereniging is. De betreffende kwaliteitseisen heeft de branchevereniging vastgelegd in de Kwaliteitsnorm Busvervoer Nederland.
De vernieuwde kwaliteitsnorm schrijft voor dat bedrijven met een omvang vanaf 6 touringcars moeten beschikken over ISO9001 en onafhankelijk moeten worden gecontroleerd op een flink aantal bovenwettelijke eisen. Bedrijven met maximaal 5 touringcars hoeven niet verplicht ISO9001 gecertificeerd te zijn, maar dienen net als de grotere bedrijven wel te voldoen aan de bovenwettelijke kwaliteitseisen. Ook dit dient onafhankelijk gecontroleerd te worden. Met de introductie van de verplichting hoopt Busvervoer Nederland tevens de standaard van de branche te bepalen voor de komende jaren.
Eerder bestond in de branche het Keurmerk Touringcarbedrijf (SKTB, tot 2020). Dit keurmerk was ondergebracht in een aparte stichting die zelfstandig toezicht hield op de naleving van de keurmerkeisen. Met het verplicht stellen van de kwaliteitseisen wil Busvervoer Nederland niet terug naar een dergelijke constructie.
“‘De kwaliteitseisen hebben we nu ingebed in het DNA van de vereniging. Anders dan met een aparte stichting staat de hele vereniging nu voor een hoge kwaliteit voor touringcarbedrijven. Er is geen sprake meer van onderscheid. Vergelijk het met andere brancheverenigingen, wiens naam in de volksmond synoniem is geworden voor kwaliteit en betrouwbaarheid. Uiteindelijk wil je als vereniging naar zo’n situatie toe. Het introduceren van een verplichte kwaliteitsnorm is daarmee een heel logische stap in het bestaan van Busvervoer Nederland.”
Carlo Cahn – Secretaris Busvervoer Nederland
De kwaliteitseisen van Busvervoer Nederland moeten worden gecontroleerd door onafhankelijke bedrijven. In de praktijk betekent dit dat controle-instanties die door een touringcarbedrijf worden ingeschakeld door de Raad van Accreditatie voor zowel ISO-audits als inspecties moeten zijn geaccrediteerd. Instanties die al jarenlang audits uitvoeren in de touringcarbranche, zoals onder meer DEKRA en KIWA, voldoen hieraan.
Foto: Pitane Blue
kwaliteitsnorm
Dat alle leden van BVN aan dezelfde eisen moeten voldoen zorgt voor opdrachtgevers en collega-bedrijven voor duidelijkheid. Zij weten in een oogopslag dat een bedrijf voldoet aan hoge kwaliteitseisen. Carlo Cahn hierover: ‘Het is een prettig idee voor aanbesteders en touroperators dat ze precies weten aan welke eisen ieder BVN-bedrijf voldoet. De controle op kwaliteit is stevig geborgd op deze manier.’
De kwaliteitsnorm is uniek in Europa en bevat uiteenlopende voorschriften op het gebied van kwaliteit en veiligheid, zoals het beschikken over een actueel onderhoudsprogramma en VOG-verklaringen voor chauffeurs. De kwaliteitsnorm van BVN is niet beschermd of voor exclusief gebruik door BVN-leden. Bredere toepassing van de norm wordt juist aangemoedigd.
Carlo Cahn: “Ik ben er trots op dat in ieder geval onze leden aan de hoge kwaliteitsnorm voldoen. Dat zegt overigens niet direct iets over de kwaliteit van niet-leden. Zij zullen alleen meer moeite moeten doen om aan te tonen bij opdrachtgevers dat zij voldoen aan de veiligheidseisen. Leden van BVN kunnen dat aantonen door het lidmaatschap. Het lidmaatschap van BVN is daardoor een synoniem voor kwaliteit.”
Als de scholierenlijnen worden geschrapt, dan kan de school haar deuren sluiten.
De leerlingen van Curio prinsentuin in Andel hebben alle hoop gevestigd op gedeputeerde Suzanne Otters (VVD). Zo’n tweeduizend mensen die het niet eens zijn met de provincie, omdat die de speciale scholierenbuslijnen vanaf medio 2025 wil schrappen, hebben een petitie ondertekend.
De provincie Noord-Brabant werkt aan een nieuwe aanbesteding voor het openbaar vervoer tussen 2025 en 2035. In het huidige ontwerpprogramma van eisen wordt een groot deel van de scholierenlijnen naar Curio prinsentuin Andel geschrapt. De leerlingen, ouders en medewerkers van de school begonnen een handtekeningenactie om de schoolbussen te behouden.
Het gemeentebestuur en het schoolbestuur van Curio maken zich grote zorgen om deze ontwikkeling. De initiatiefnemers van de petitie vinden dat de provincie zich onvoldoende realiseert wat het wegvallen van de scholierenlijnen naar Curio prinsentuin Andel betekent. Daarnaast is er geen redelijk vervoersalternatief geboden en door de buslijnen op te heffen wordt een grote groep leerlingen uit een groot gebied met onder andere Dongen, Oosterhout, Raamsdonksveer en Waalwijk de kans ontzegd om op deze school een hele fijne middelbare schooltijd te beleven.
“We hebben 623 leerlingen, van wie er maar liefst 454 met de bus naar school komen.”
Curio prinsentuin Andel
Opheffen van de lijnen betekent dat leerlingen in de toekomst niet meer op een veilige manier naar Curio prinsentuin Andel kunnen reizen om het onderwijs van hun keuze te volgen. De leerlingen, ouders/verzorgers, personeel en andere betrokkenen van de Curio prinsentuin Andel-school verzoeken daarom de provincie om de scholierenlijnen naar Curio prinsentuin Andel in stand te houden.
Gedeputeerde Suzanne Otters-Bruijnen (VVD) heeft de portefeuille Mobiliteit, Organisatie en Europese programma’s. De Vughtse (50) volgde de naar Den Haag vertrokken Christophe van der Maat op. De VMBO school verzorgt al sinds jaren goed onderwijs aan alle leerlingen uit de BB, KB en GL/TL leerweg. Andel is een dorp in de provincie Noord-Brabant, in de regio West-Brabant, en daarbinnen in de streek Land van Heusden en Altena, gemeente Altena.
Gedeputeerde Suzanne Otters van de VVD – fotograaf: Marc Bolsius
Van Driel is door het CBR erkend als opleidingsinstituut, opgericht om eigen taxichauffeurs op te leiden.
Van Driel is een familiebedrijf en uitgegroeid tot een gerenommeerde vervoersonderneming. Het servicepakket van het puur Brabants bedrijf bestaat onder andere uit leerlingenvervoer, personeels- en groepsvervoer, rolstoel- en ziekenvervoer, taxi- en luchthavenvervoer, touringcarvervoer en autoverhuur. De afgelopen weken hebben ze weer 6 nieuwe touringcars kunnen toevoegen aan het wagenpark die inzetbaar zijn voor leuke schooluitjes, excursies of bedrijfsfeesten. Voor groepen vanaf 9 personen hebben zij met het uitgebreide wagenpark verschillende mogelijkheden om vervoer te verzorgen. Zoals meer bedrijven in de sector zoekt het bedrijf chauffeurs in verschillende functies.
nieuwe contracten
Een deel van het leerlingenvervoer in de regio Noordoost-Brabant is voor vijf jaar gegund aan Van Driel. Na deze periode kan de overeenkomst nog één keer worden verlengd met twee jaar. De nieuwe contracten gaan per 1 augustus 2022 in. Vervoerservice Van Driel uit Oss kwam bij de aanbesteding hierbij als beste uit de bus. De percelen werden voor 60 procent beoordeeld op prijs. Het implementatieplan woog voor 16 procent mee en het vervoersplan voor 24 procent. De opdracht betreft het vervoer van leerlingen uit de gemeenten Bernheze, Boekel, Landerd, Meierijstad en Uden van en naar hun school- of stageadres in diverse plaatsen. Ook een deel van het Jeugdwetvervoer werd aan het bedrijf gegund. Dit vervoer wordt deels verzorgd door de zorgaanbieder, maar het overige deel is de verantwoordelijkheid van de gemeente.
Vervoerservice van Driel Oss
Doelbewust onderweg!
Het motto van het bedrijf is “Doelbewust onderweg!”. Vervoerservice van Driel is een Brabants bedrijf gevestigd in Oss, Cuijk en ‘s-Hertogenbosch. De geschiedenis van Van Driel gaat terug naar 1 januari 1973. Het familiebedrijf is uitgegroeid tot een grote logistieke speler in het personenvervoer. Ook het milieu staat bij ons voorop. Sinds begin 2012 zijn wij gecertificeerd voor ISO14001, het milieukeurmerk. Daarnaast is Van Driel ook MVO-gecertificeerd. In 2020 hebben zij ISO 14001 uitgebreid met de module CO2- reductiemanagement waarbij het bedrijf streeft naar een continue verbetering van de energieprestaties. In 2019 hebben ze een CO2-uitstoot van 321 gram/verreden kilometer gehad. Hun streven is om de uitstoot in 2025 met 5% verminderd te hebben ten opzichte van 2019. Dit proberen ze te bereiken door ondermeer de inzet van alternatieve brandstoffen, efficiëntere planningen en het trainen van de chauffeurs.
Per 1 september 2021 is Munckhof de nieuwe vervoerspartner voor het Besloten Busvervoer van het Ministerie van Defensie. Dat is de uitkomst van de Europese aanbestedingsprocedure die onlangs werd doorlopen. Op 4 augustus werd op Camp New Amsterdam te Huis ter Heide het contract ondertekend door Kolonel Dobben, Commandant van de Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie (DVVO) en Tom Roefs, algemeen directeur Munckhof Groep. Met de ondertekening van dit contract is de operationele inzet van de krijgsmacht op het gebied van besloten busvervoer in Europa geborgd. Het contract heeft een looptijd van maximaal vier jaar.
Gerenommeerde vervoerspartner Het kwaliteitsteam beoordeelde de inschrijving van Munckhof als de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitsverhouding. Dat kwaliteit een essentieel criterium is voor de DVVO onderstreept Kolonel Dobben.
“Wij zijn zeer verheugd om te kunnen samenwerken met een vervoerspartner als Munckhof. Kwaliteit en de borging van continuïteit staan bij de DVVO hoog in het vaandel. Met de ondertekening van dit contract met Munckhof zetten we hierin een belangrijke stap.”
Vertrouwde samenwerking
De samenwerking met het Ministerie van Defensie is niet geheel nieuw voor Munckhof. Sinds februari 2020 voert Munckhof reeds gedeeltelijk het Besloten Busvervoer uit. Daarnaast verzorgt Munckhof al meerdere jaren diverse taxi vervoersopdrachten.
“De gunning van de volledige opdracht voor het Besloten Busvervoer is voor Munckhof een kers op de taart. Sinds anderhalf jaar wordt het busvervoer voor het DVVO met veel passie uitgevoerd en werken we intensief samen op meerdere niveau’s. Juist in een dynamische tijd als deze is het belangrijk om veel vertrouwen te voelen in een samenwerking en uitdagingen om te zetten in oplossingen. Van beide kanten werd de huidige samenwerking al als bijzonder prettig ervaren. Dit gaan we de komende jaren met veel kennis en kunde voortzetten.”
Vanaf 26 juni is het zover en versoepelen de geldende richtlijnen in het primair onderwijs. Een belangrijk onderdeel van de versoepeling is dat groepen weer gemengd worden. Hierdoor kunnen scholen makkelijker weer op schoolreisje. Dat is goed nieuws voor touringcarondernemers die hard getroffen zijn door de coronapandemie. KNV-directeur Carlo Cahn is blij met de versoepelingen.
“Dit is heel mooi nieuws voor de touringcarondernemers. Juni is traditioneel de maand dat scholen op schoolreis gaan. Hoewel de versoepelingen pas later deze maand in gaan, zullen er toch nog wel wat ondernemers profiteren. Deze ontwikkeling is goed voor vertrouwen in de toekomst.”
Touringcarrichtlijn onveranderd
De coronarichtlijn voor het touringcarvervoer hoeft niet aangepast te worden. Samen met vakbonden FNV en CNV heeft Busvervoer Nederland een COVID19-richtlijn opgesteld. Deze richtlijn geldt voor de inzet van touringcars tijdens de coronacrisis. In de bus konden klassen al gemengd worden. Ook gold er al die tijd al geen mondkapjesplicht in de bus (voor leerlingen tot 12 jaar). Volgens Cahn is het goed dat de richtlijn voor het onderwijs en de richtlijn voor in het vervoer weer op elkaar aansluiten. Ondernemers kregen hier veel vragen over te verwerken. Aan deze onduidelijkheid is een einde gekomen.
Transport for Wales zet een nieuwe stap voorwaarts met de uitbreiding van de fflecsi-busdienst naar weer een ander deel van Wales. In samenwerking met Transport for Wales, Blaenau Gwent County Borough Council en Stagecoach in Zuid-Wales, zullen Stagecoach-diensten E2 en E4 op 14 juni 2021 worden vervangen door de nieuwe flexibele busdienst. Fflecsi biedt een veel handiger busdienst door een groter gebied van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. U betaalt in de bus zoals elke andere dienst – het grootste verschil is dat u de bus boekt via de app, telefonisch of door de website te bezoeken.
Dankzij het boekingssysteem zijn buspassagiers van fflecsi gegarandeerd van een zitplaats, wat helpt bij het nemen van fysieke afstandsmaatregelen. Cllr Dai Davies , plaatsvervangend leider / uitvoerend lid – Regeneratie en economische ontwikkeling bij Blaenau Gwent County Borough Council voegde toe verheugd te zijn om met Transport for Wales samen te werken aan de nieuwe fflecsi-service hier in Blaenau Gwent. Nu ze uit de Covid-19-beperkingen komen en een toegenomen vraag naar openbaar vervoer zien, zal fflecsi gemoedsrust bieden aan passagiers. De bussen zijn gloednieuw en de service stelt bewoners in staat om op een gemakkelijkere manier naar buiten te gaan, met directe verbindingen naar Rassau Industrial Estate, de lokale winkels en het Aneurin Bevan-ziekenhuis.
“fflecsi is een zeer opwindende proef voor ons terwijl we doorgaan met het transformeren van het openbaar vervoer in Wales. De aanhoudende covid-19-pandemie heeft een directe impact gehad op het openbaar vervoer en naarmate we verder komen, blijft de veiligheid van onze collega’s en klanten onze topprioriteit. Dit biedt ons de mogelijkheid om naar een nieuwe manier van openbaar vervoer te kijken, en we voeren nu fflecsi-pilots uit in heel Wales en het is geweldig om te zien dat het wordt uitgebreid naar Blaenau Gwent.”
Naast de twee nieuwe bussen zullen er aanzienlijke investeringen worden gedaan in de technologie en de infrastructuur van bushaltes om ervoor te zorgen dat passagiers toegang hebben tot realtime informatie op belangrijke locaties. De fflecsi-bussen zullen in twee zones rijden en zullen de bewoners in staat stellen om op tijd te werken voor een dienst van 06:00 uur op Rassau Ind Estate en Ysbyty Aneurin Bevan te bereiken – die momenteel geen van beide worden bediend door het openbaar vervoer en fflecsi zal ook aansluiten op de laatste trein die aankomt op het treinstation van Ebbw Vale. Er zal ook een verbinding zijn met strategische busroute X4 voor verbindingen naar Nevill Hall Hospital, Cardiff, Merthyr Tydfil en Abergavenny.
“Vraagresponsief vervoer heeft het potentieel om snel nieuwe, technologiegedreven openbaarvervoeroplossingen te lanceren waar de behoefte het grootst is, en om onze bestaande busdiensten in Blaenau Gwent aan te vullen. De TfW fflecsi service heeft aangetoond hoe demand-responsive transport (DRT) een cruciale rol kan spelen bij het transformeren van het openbaar vervoer in andere delen van Wales, waaronder de fflecsi 152-service in de Rhondda Valleys, en we zijn verheugd een rol te kunnen spelen bij het leveren van deze innovatieve nieuwe service voor TfW en Blaenau Gwent Council. We kijken ernaar uit om met deze nieuwe flexibele service te starten en te leren van de feedback van klanten en operationele zaken”.
De Haarlemse personenvervoerder Jan de Wit Group heeft begin 2018 aangifte van fraude gedaan bij het Openbaar Ministerie. Volgens het vakblad Personenvervoer Magazine werd de aangifte gedaan nadat bij de Jan de Wit Group was gebleken dat één van haar medewerkers geld had aangenomen van onderaannemers van Jan de Wit. Deze onderaannemers waren ingeschakeld bij de uitvoering van trein- vervangend vervoer dat in opdracht van de NS door Jan de Wit wordt verzorgd. De betrokken medewerker is direct op staande voet ontslagen.
“We zijn enorm geschrokken. Nog nooit in onze bijna 100 jarige geschiedenis hebben wij zoiets meegemaakt,” zegt Walter de Wit, directeur van de Jan de Wit Group. “Het is dan ook goed te vernemen dat het Openbaar Ministerie naar aanleiding van fraude waarvan NS en wij het slachtoffer zijn geworden, stappen heeft gezet en is overgegaan tot vervolging. Er is veel schade geleden en het is aan de strafrechter om een oordeel te vellen over de personen en busondernemingen die hierbij betrokken zijn geweest.”
Jan de Wit Group – dat een groot deel van het treinvervangend vervoer bij treinuitval, calamiteiten en stremmingen voor NS coördineert – is bezorgd over de indruk die ongewild in de media zou kunnen ontstaan, en stelt met nadruk dat Jan de Wit op geen enkele wijze bij de fraude is betrokken.
“Die indruk is apert onjuist en betrokkenheid is pertinent niet aan de orde. Jan de Wit Group heeft zelf aanzienlijke schade geleden door de fraude en heeft actief alle medewerking verleend aan het strafrechtelijk onderzoek. Een en ander in samenspraak met de NS.”
Jan de Wit Group wacht het oordeel van de strafrechter af en wil – zolang de zaak onder de strafrechter is – geen verdere mededelingen doen. Het vermoeden bestaat dat de fraude te maken heeft met de toekenning van ritopdrachten aan onderaannemers van de Jan de Wit Group, maar ook dat wilde het bedrijf niet bevestigen.
Afgelopen week werden de chauffeurs van De Lijn op een toffe en originele manier bedankt door de collega-chauffeurs van de autocarfederatie FBAA voor de uitstekende samenwerking, goede verstandhouding en hartverwarmende teamspirit. Bij de start van het nieuwe schooljaar werd het drukker op de bussen en trams van De Lijn. Ondanks de maximale inzet van alle vervoercapaciteit en het herbekijken van de rittenschema’s bleek dit helaas onvoldoende.
Daarom besloot minister Lydia Peeters om een samenwerking met autocarbedrijven op te zetten. Deze samenwerking startte op maandag 5 oktober. Vanaf dan reden privébussen achter de bussen van De Lijn, ze volgen dus dezelfde route en stopten aan dezelfde haltes. Pas als het op onze voertuigen druk begon te worden, nam je een autocar. Je herkent ze gemakkelijk aan het label ‘versterkte rit’.
Voor de herfstvakantie reden er al 211 autocars ter versterking. Vanaf 16/11, na de herfstvakantie, kwamen er nog eens 164 bij. Dat brengt het totaal op 375 extra autocars per dag, goed voor zo’n 722 ritten.
“De collegialiteit en teamspirit van De Lijnchauffeurs verdienen een pluim!”, vertelt een woordvoerder van de Fbaa. “Omwille van corona helaas geen handshake, geen high five of knuffel, maar wél een leuke sticker op de autocars en een ‘dikke duim’ voor de chauffeurs.”
De Federatie van de Belgische Autobus- en Autocarondernemers (FBAA) is de enige Belgische beroepsvereniging in de sector van het bezoldigd collectief personenvervoer over de weg. Ze telt 350 leden en vertegenwoordigt 12.000 arbeidsplaatsen.
RRReis is het overkoepelende merk voor het regionale openbaar vervoer in de provincies Flevoland, Gelderland en Overijssel. In de regio IJssel-Vecht is Keolis de eerste vervoerder die vanaf 13 december 2020 het busvervoer verzorgt onder de naam RRReis. De drie provincies werken samen in de aanbesteding van het bus- en treinvervoer. Door de gezamenlijke aanbesteding moet het busvervoer beter aansluiten op reizigersstromen in de provincies.
Vanaf 13 december rijden er zo’n 250 nieuwe elektrische bussen in de regio IJssel-Vecht. De elektrische bussen zijn stiller, schoner en duurzamer en zien er anders uit dan de bussen van Syntus Gelderland en Syntus Overijssel die nu nog in de regio rijden. RRReis is vanaf 13 december de nieuwe naam voor het openbaar vervoer in jouw regio. En bij een nieuwe naam hoort ook een nieuwe uitstraling.
In de bussen zijn veel moderne snufjes verwerkt. Er zijn dubbele informatieschermen aanwezig. De schermen tonen reizigers actuele reisinformatie en updates over het openbaar vervoer in de regio. Verder zijn de bussen voorzien van wifi en usb-oplaadpunten. De bussen worden verwarmd door infraroodverwarming die is verwerkt in het plafond. Bij het in- en uitstappen bij de achterdeur knipperen automatisch lampen. Groen bij het instappen en rood als de deuren sluiten. In de bus is het mogelijk om een kaartje te kopen via pinpas, creditcard en contactloos met bijvoorbeeld je smartphone of smartwatch.
De provincies Gelderland en Overijssel en vervoerder Keolis vinden het belangrijk dat de bussen voor alle reizigers toegankelijk zijn. Alle nieuwe, elektrische bussen beschikken over een elektrische rolstoelplank bij de achterdeur die automatisch in- en uitschuift. De buschauffeur bedient de plank vanuit de chauffeurscabine. Via een knop bij de buitendeur kan een reiziger aangeven dat hij/zij de rolstoelplank wil gebruiken.
Topman Frank Janssen van vervoersbedrijf Keolis Nederland heeft donderdag aangekondigd zijn functie neer te leggen. Op 15 oktober heeft Frank Janssen, CEO Keolis Nederland, aangekondigd zijn functie per 15 november neer te leggen. Dit besluit is in goed overleg met de aandeelhouder genomen en volgt op een moment waarop Keolis zich weer positief op de toekomst kan richten.
Keolis mag voor twee jaar het contract met elektrische bussen in Gelderland en Overijssel rijden en is volop bezig met de implementatie hiervan. Intern wordt de compliance verbeterd en samen met alle OV-bedrijven en overheden wordt samengewerkt om de enorme effecten van COVID op het OV op te vangen en een perspectief te creëren voor een gezonde bedrijfsvoering.
“In de afgelopen tijd die nu achter ons ligt, heb ik ook te maken gehad met privé omstandigheden die mij diep raken. Nu Keolis zich weer op de toekomst kan richten, is het voor mij een goed moment om afscheid te nemen en in mijzelf te investeren. Ik kijk met enorm veel plezier terug op de afgelopen anderhalf jaar waarin ik Keolis heb leren kennen als een mooie OV-onderneming met betrokken en leuke mensen die zich met hart en ziel inzetten”, aldus Janssen.
Marc Renouprez, regionaal directeur Keolis Benelux, neemt de taken en verantwoordelijkheden tijdelijk waar tot geschikte opvolging is gevonden en bedankte Frank voor zijn inzet. De afgelopen maanden heeft hij op professionele wijze Keolis door een uitdagende periode geleid en daarbij constructief samengewerkt met de Keolis Groep. Renouprez wenst hem het allerbeste voor de toekomst. Daarnaast blijft de Keolis Groep vertrouwen houden in de toekomst van deze onderneming en ook de steun bieden die nodig is.
Ondanks reisorganisatie en touringcarbedrijf Betuwe Express klaar is om weer erop uit te gaan en dagtochten op de vertrouwde manier worden georganiseerd lukt het niet om, rekening houdend met de richtlijnen RIVM, het bedrijf vlot te trekken. De coronacrisis heeft touringcarbedrijf Betuwe Express zo zwaar getroffen dat directeur Albert Winnemuller zich gedwongen ziet om collectief ontslag aan te vragen.
Door de coronacrisis is bijna vijf maanden geleden nagenoeg het volledige wagenpark stil gevallen. In de Gelderlander geeft Winnemuller tekst en uitleg over de brief waarin het personeel werd ingelicht over de collectieve ontslagaanvraag. Het bedrijf deed zoals vele duizenden andere bedrijven eerder een beroep op de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW). Maar de regeling dekt slechts een deel van de loonkosten en helpt verder niet om de andere lopende verplichtingen te kunnen vervullen.
Winnemuller heeft het reorganisatieplan voor Betuwe Express inmiddels gepresenteerd aan de vakbonden en de ondernemingsraad. De reorganisatie treft de gehele organisatie van de Betuwe Express, bij de vestigingen in Herveld en in Rijsoord. Reisorganisatie en Touringcarbedrijf Betuwe Express BV uit Herveld werd ruim 50 jaar geleden opgericht en is uitgegroeid tot een van de grootste touringcarbedrijven in Nederland. Het wordt afwachten de komende week voor de gevolgen van de reorganisatie plannen.
demonstratie in Den Haag
Schakel in de economie en schakel in de maatschappij Busvervoer Nederland voorzitter Theo Vegter is helder over het belang van het touringcarvervoer. In juni kwam de touringcarbranche vanuit het hele land met honderden bussen naar Den Haag om te demonstreren voor haar levensbehoud. Zoals het er nu voor staat gaan 200 touringcarbedrijven failliet. Dat is 40% van alle touringcarbedrijven in Nederland.
Touringcarbedrijven verdienen al jaren hun geld zonder dat daar subsidies of belastingvoordelen aan te pas komen. Door de coronacrisis lukt dat dit jaar niet. Het vervoer lag de afgelopen maanden volkomen stil. Niet alleen de busreizen werden geschrapt. Maar ook al het ‘geregeld vervoer’, zoals scholierenvervoer en de pendeldiensten op bedrijfsterreinen kwamen tot stilstand. Hetzelfde gold voor de op maat gesneden vervoersoplossingen waarmee de sector Nederland draaiende houdt. Door de misgelopen omzet staat de toekomst van de touringcars op het spel. Er wordt een omzetverlies van 70% verwacht. Minstens 40% van de bedrijven zal failliet gaan.
Het touringcarvervoer vervult een veelal onzichtbare, maar onmisbare rol in het Nederlandse mobiliteitslandschap. Zonder deze flexibele vorm van busvervoer liggen een verhoogde filedruk, verkeersinfarcten rond evenementen en OV-storingen op de loer. Maar ook haar bijzondere bijdrage aan de klimaatdoelen komt onder druk te staan. De touringcarbedrijven vragen, net als het OV en de luchtvaart, steun aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het verzoek om steun is voor de ondernemers een grote stap. Nooit eerder klopten ze in Den Haag aan.
De MKB-bedrijven in de touringcarsector waren vorig jaar goed voor 9,9 miljard reizigerskilometers en een omzet van ongeveer €560 miljoen. Dit jaar verwachten de ondernemers gemiddeld een omzetverlies van meer dan 70%. Het touringcarvervoer levert een aanzienlijke maatschappelijke bijdrage. Het is goedkoop en laagdrempelig, het levert de overheid tientallen miljoenen euro’s inkomsten op in de vorm van accijnzen en btw, kent lage externe kosten en is – zeker op lange afstanden – net zo duurzaam als de trein en veel duurzamer dan het vliegtuig. Touringcars zitten altijd vol en worden niet direct of indirect gesubsidieerd, in tegenstelling tot andere vormen van collectief vervoer.
Schakel in de economie en schakel in de maatschappij Busvervoer Nederland voorzitter Theo Vegter is helder over het belang van het touringcarvervoer.
“We vormen een belangrijke schakel in de economie. Bijvoorbeeld op plekken waar het OV niet toereikend is of waar de vervoersvraag grote pieken kent. Denk aan de werknemers van bedrijven op verder weg gelegen industriecomplexen of seizoensarbeiders. Wij zetten ze voor hun werkplek af. Maar niet alleen dat: zonder ons loopt het vervoer naar belangrijke hotspots zoals de Keukenhof en de Zaanse Schans spaak. Evenementen als de Formule1, het songfestival of het EK-voetbal kunnen niet georganiseerd worden zonder onze bussen. En dan vormen we verder nog de flexibele schil van het openbaar vervoer en zijn we de toeleverancier van de horeca en de cultuursector.”
Niet alleen de economie krijgt een klap zonder toursector. Volgens Vegter zijn de maatschappelijke gevolgen van het wegvallen van de touringcarsector eveneens immens. Zonder ons zijn sporters en hun supporters veel duurder uit. Verenigingen kunnen niet meer voordelig en duurzaam reizen. Allemaal zaken waardoor het maatschappelijk leven verschraalt. Scholen en onderwijsinstellingen kunnen geen educatieve trips meer maken. Ouderen en gehandicapten moeten maar zien hoe ze nog op stap kunnen. Vegter moet er niet aan denken aan wat voor kaalslag dat oplevert voor de maatschappij.
Generieke maatregelen onvoldoende, rol busvervoer rechtvaardigt sectorale steun Door de coronacrisis viel alle omzet in het hoogseizoen weg. Voor kapitaalintensieve bedrijven als de bussector is dit een hard gelag. Ondanks de welkome versoepelingen van 1 juli zal het seizoen 2020 nooit meer worden goedgemaakt en binnen de branche nog lang doorwerken. Zonder verdere steunmaatregelen gaat tenminste 40% van de bedrijven failliet. Vooral in het najaar en in de winter, als diverse uitgestelde betalingen opgeëist gaan worden, zullen veel bedrijven sneuvelen.
Omzet in 2020 grotendeels verdampt: schade bedraagt 134 miljoen Onderzoeksinstituut Panteia rekende uit dat een gemiddeld touringcarbedrijf dat aanspraak maakt op de maximale steunvergoedingen van het rijk, nog geen 20% van de integrale lasten vergoed krijgt. De sector zal €134 miljoen zelf moeten betalen. Theo Vegter:
“Een onmogelijke opgave in een jaar waarin de omzet grotendeels weggevallen is.” De voorzitter doet dan ook een noodoproep: “Het kabinet heeft ons in een eerder stadium laten weten dat de overheid de economie niet kan overnemen. Dat begrijpen wij. We vinden het echter onbegrijpelijk dat we zo aan ons lot overgelaten worden en van het kastje naar de muur worden gestuurd. We vervullen aanwijsbaar een groot maatschappelijk nut. Zonder subsidie verbinden we diverse onderdelen van de maatschappij en economie met elkaar. Onder normale omstandigheden vragen we nooit ergens om en leveren de schatkist alleen maar geld op! Het zou absurd zijn om de kip met de gouden eieren te slachten.”
Het zal nog even op zich laten wachten tot wanneer het openbaar vervoer en de dienstregeling weer als vanouds te gebruiken is. Wat de overheid de afgelopen maanden heeft gedaan om het gebruik van trein, bus of tram te ontmoedigen, moet het wellicht dubbel doen om de mensen weer in de trein, bus of tram te krijgen van zodra dit kan.
Op dit ogenblik zit er een ‘smet’ op het vervoersmiddel en dat kan nog even duren. We moeten massaal de alternatieven opzoeken en dan is de auto bij uitstek het ideale vervoermiddel waar je veilig zonder mondkapje kan in reizen. Hoe hard in het verleden werd gewerkt om reizigers in het openbaar vervoer krijgen, het blijkt nu even allemaal vergeefse moeite te zijn geweest.
“Een vriendelijke goedemorgen van de tram- of buschauffeur is er niet meer bij want die zit veilig opgeborgen in een inderhaast getimmerde houten werkplek voorzien van plexiglas raampjes.”
mondkapje of boetegevaar
Reeds bij de halte begint de zoektocht naar het verplichte niet medische mondkapje. Draag je het niet riskeer je een fikse boete. De wijze waarop de meesten met het mondkapje omgaan doet vermoeden dat het voorafgaande aan de reis reeds al zijn functionaliteit heeft verloren. Dan heb je nog een hele groep reizigers die hoestend en zuchtend instappen in de tram of bus, eerst een zitplaats zoeken en dan pas het mondkapje opzetten.
ontmoedigingsbeleid
De Nederlandse corona-aanpak is erop gericht om het virus maximaal onder controle te houden, de zorg niet te overbelasten en kwetsbare mensen in de samenleving te beschermen. Werkgevers nemen maatregelen om drukte in de spits of dienstregeling zoveel mogelijk tegen te gaan, bijvoorbeeld door thuiswerken te stimuleren en als reizen toch nodig is de werktijden aan te passen. Het openbaar vervoer is alleen voor noodzakelijke reizen. Reis zoveel mogelijk buiten de spits en houd zoveel mogelijk 1,5 meter afstand. Vermijd drukke plekken en geef elkaar de ruimte.
drukte vermijden
Het gebruik van de trein, bus, metro en tram zijn het sterkst afgenomen door de coronacrisis. Als men de deur uitgaat is dit voornamelijk voor boodschappen of als ontspanning en in mindere mate voor werk. Voor reizigers is het nu al mogelijk om vooraf te controleren welke lijnen mogelijk druk zijn. Druk betekent hier dat ze aan de maximale vervoerscapaciteit van 40% zitten.
De komende tijd gaan vervoersbedrijven experimenteren met borden achter de voorruit van bussen en trams waarop vermeld wordt of er nog plaats is. Een rood bord betekent dat het voertuig vol is, bij een groen bord is er nog voldoende ruimte. Dat kan betekenen dat je de volgende bus moet nemen uit de dienstregeling.
Het desinfecteren van de bus na gebruik is een van de nieuwe aspecten waar we rekening moeten mee houden in het nieuwe ‘normaal’. In die zin presenteerde Marcopolo Next, een divisie van Marcopolo gericht op innovatie, verschillende oplossingen om meer veiligheid en rust te bieden aan degenen die gebruik moeten maken van het openbaar vervoer.
Met systemen zoals FIP Onboard® voor het desinfecteren van de binnenkant van de bus, en de protection kit, een scheidingssysteem dat werkt als een beschermingsbarrière voor chauffeurs, controleurs en passagiers, kunnen ondernemers alle veiligheidsmaatregelen nemen. Marcopolo heeft met klanten en partners opties ontwikkeld die gericht zijn op de preventie van Covid-19.
ondanks de crisis veel werk
Marcopolo begon crisis met een productie achterstand en er waren weinig annuleringen. Sinds het einde van de bedrijfsbrede verplichtte vakanties door de coronacrisis heeft het bedrijf ongeveer 50% van het personeel in activiteiten voor de nationale eenheden behouden hoewel ze in kleinere volumes dagelijks nieuwe bestellingen ontvangen, zowel voor de binnenlandse markt als vooral voor de buitenlandse markt.
Niet alleen werkzaamheden op en aan het spoor en plotselinge stremmingen betekenen traditioneel een bijzondere evenwichtsoefening voor de inzet van treinvervangende bussen. Die bussen moeten nu wel allemaal ‘coronaproof’ zijn en bieden dus plaats aan aanzienlijk minder reizigers – slechts 20-25% in vergelijking met de normale situatie: een 13 tot 15 passagiers.
Vooral de terugkeer naar de ‘oude’ dienstregeling zal vanaf 1 juni zorgen voor een bijzondere uitdaging. In Nederland zijn Jan de Wit Group en Transvision – namens NS – verantwoordelijk voor het treinvervangend busvervoer op het NS-hoofdnet. Arriva en Keolis regelen het (grotendeels) zelf. In België coördineren infrastructuurbeheerder Infrabel en NMBS de te nemen actie en NMBS bestelt uiteindelijk de bussen.
Toch was het spannend vorige week, toen er bij werkzaamheden in Groningen (tot 3 juni) een aantal stremmingen optraden en Assen, Veendam en Weener niet per trein bereikbaar waren. In het weekend kwamen daar nog Delfzijl, Leeuwarden en Roodeschool bij.
Op vrijdag wachtte een behoorlijke rij reizigers netjes ‘coronaproof’ op treinvervangend busvervoer. Arriva en NS hadden in overleg het busvervoer geregeld. De vervoerders hadden al laten weten dat er genoeg bussen waren, maar dat ze op dienstregeling reden en niet permanent klaar zouden staan. Dat betekende – ondanks het lage aantal treinreizigers – toch wachten voor veel passagiers. Gemiddeld konden de touringcars maar maximaal een kwart van hun capaciteit ‘coronaproof’ vullen.
Toezichthouders hielden de rij corona-veilig en bus-spotters hadden een prachtig weekend, want de touringcars die ‘coronaproof’ waren bevonden, kwamen uit heel Nederland – tot zelfs uit Noord-Brabant. Blijkbaar kostte het, in een grotendeels stilstaande bedrijfstak, toch wat moeite om dichter in de buurt coronaveilig treinvervangend busvervoer bijelkaar te sprokkelen. Niet iedere touringcarondernemer had blijkbaar enig coronaveilig materieel in de aanbieding. Ook in normale omstandigheden – met een touringcarsector die in haar hoogseizoen zit – zou het overigens niet gemakkelijk zijn geweest voor deze mega-klus een groot aantal touringcars te regelen.
Mondkapjes vanaf 1 juni ook in de treinvervangende touringcar verplicht
Hoe loopt de organisatie van dit vervoer eigenlijk?
“NS verzorgt ook bij werkzaamheden het vervoer, dus ook bij deze werkzaamheden in Groningen” vertelt een woordvoerder van NS. “In het geval van Groningen Spoorzone is er afgestemd met Arriva. Ook bij andere werkzaamheden en calamiteiten regelen wij bussen waar geen treinen kunnen rijden. Dit gaat zoals het altijd gaat – nu met inachtneming van de regelgeving rondom corona.”
Wie regelt eigenlijk wat in deze coronatijd?
“De busleveranciers zijn verantwoordelijk voor het coronaproof maken van de bussen. De leverancier draagt er dus zorg voor dat reizigers op 1,5 meter afstand van elkaar kunnen blijven in een bus. De leverancier werkt met een standaard indeling van de bus en gebruikt verschillende middelen (linten en afdekfolie/plastic hoezen) om de plekken te markeren waar de reiziger niet mag gaan zitten. In de praktijk betekent dit dat bussen momenteel plek bieden aan 13 tot 15 reizigers bij treinvervangend busvervoer.”
Ondanks deze aanzienlijk lagere capaciteit, levert de coronaproof-businzet momenteel nog geen grote problemen op: “Uiteraard houden we dit scherp in de gaten en is regelgeving vanuit de overheid voor het reizen met het OV van invloed op het aantal reizigers en het aantal bussen dat moet worden ingezet.”
En hoe zit het met de financiële kant van de inzet van extra bussen of van extra (schoonmaak)werkzaamheden? “Het aantal reizigers is op dit moment dusdanig dat dit niet tot meer inzet van bussen leidt omdat het reizigersaantal veel kleiner is dan voorheen. De kosten zijn momenteel dus ongeveer hetzelfde. ProRail en NS betalen de inzet van de bussen.”
NS heeft de leveranciers gevraagd toe te zien op het uitvoeren van corona-maatregelen in de bussen. “Op dit moment is de inzet voldoende. Maar vanaf 1 juni worden mondkapjes verplicht in het OV. De regelgeving zal in bussen op eenzelfde manier worden toegepast als in de rest van het OV in Nederland.”
aangepaste touringcars bij calamiteiten
Ook Arriva werkt op een vergelijkbare manier, legt een woordvoerder uit. Zeker nu er een aangepaste dienstregeling wordt gereden en reizen met het OV “als uitje” wordt ontmoedigd. “We richten ons op het vervoeren van mensen werkzaam in vitale beroepen. We zien dus hele andere reizigersaantallen.”
“Dit heeft ook zijn effect op het treinvervangende vervoer. We houden rekening met de lagere reizigersaantallen en tegelijkertijd houden we er ook rekening mee dat de touringcars minder mensen mee kunnen nemen bij treinvervangend busvervoer. Dus we regelen alles ‘zoals normaal’ maar houden rekening met de omstandigheden en richtlijnen die het RIVM heeft uitgevaardigd.” Ook in het geval van een calamiteit werkt dat voor Arriva niet anders. “We proberen dan de touringcars zo snel mogelijk, aangepast op de situatie, ter plaatse te krijgen. Daar waar we werkzaamheden op trajecten hebben waarop ook andere vervoerders rijden stemmen we de inzet op elkaar af.” Als voorbeeld noemt ze de recente stremming op Maastricht-Sittard: “Wij werken eigenlijk altijd samen met NS.”
In de praktijk worden in alle treinvervangende bussen die Arriva inzet, of die van Arriva zijn of van anderen, reizigers attent gemaakt op de geldende richtlijnen. “Bij het instappen gaat, net als bij de bussen die we in het OV inzetten, de voorste deur niet open en moet men instappen bij de middendeur. De chauffeur zit achter een lint, dus met een afstand tot de reizigers. Voor de schoonmaak van de bussen is extra aandacht.”
Wat de kosten van de eventuele extra businzet en extra (schoonmaak)werkzaamheden betreft, houdt Arriva zich enigszins op de vlakte: “Onze aandacht gaat uit naar het voor elkaar krijgen van een goede en op de RIVM-maatregelen aangepaste businzet bij de diverse werkzaamheden. Wij volgen de RIVM uitspraken en richtlijnen die voor Nederland gelden en als daar een andere of nieuwe beslissing in wordt genomen zullen we die – net als andere OV-bedrijven – volgen.”
Keolis heeft maar één schakelpunt
Keolis heeft een andere aanpak voor treinvervangend vervoer bij incidenten en werkzaamheden. Omdat bus- en treinactiviteiten normaal gesproken in Keolis’ ‘visgraatmodel’ nauw geïntegreerd zijn, zorgt Keolis, volgens de woordvoerder, graag een eigen oplossing voor treinvervangend busvervoer. “In principe lossen we het in het geval van geplande werkzaamheden graag zelf op. Maar mocht het maandagochtend in de spits gebeuren, dan schakelen we één bedrijf in, TG Via in Goor, een koeriersbedrijf dat ook bussen heeft en alles bij incidenten voor ons coördineert. Vroeger reden ze in de bijhuur voor ons en hebben we jarenlang samengewerkt.” Keolis heeft voor geplande werkzaamheden twee bijzondere voordelen: Keolis-machinisten kunnen ook op de bus rijden en de reisinformatie die in de trein langskomt, is ook in de bussen te vinden.
“Het voordeel bij een normale treinvervangende busdienst is dat we onze bussen die stilstaan inzetten en dat die bussen aangestuurd worden via één regiecentrale en dat ze allemaal een lage vloer hebben, dat ze rolstoeltoegankelijk zijn, dat er fietsen mee kunnen, ze vrijwel allemaal WiFi aan boord hebben en dat ze zelf de verzinkbare palen kunnen bedienen.”
Maar het meest opvallende aan recente werkzaamheden in Overijssel was wel dat Keolis haar – flink ruimere – OV-bussen uit Almere haalde. “Ja, wel een eind weg, maar in dit geval beter. Touringcars hebben maar een smal gangpad en nu met corona heb je eigenlijk wat meer ruimte nodig. We hebben de plaatsen zo afgeplakt dat er tussen de 12 en 15 mensen veilig in vervoerd kunnen worden. Want er mogen maximaal 15 mensen in zon’n bus. Daarom is er ook altijd een reservebus achter de hand.”
Elke avond krijgen alle Keolis-bussen in de garage een intensieve desinfectiebeurt die zorgt voor een langdurige bescherming. “Maar overdag komen we ook langs en nemen we de vlakken af en alle gedeelten die de passagiers aanraken. We doen dat preventieve werk zoveel mogelijk in het zicht van de reizigers. En vóór 1 juni zullen we onze passagiers via pictogrammen al herinneren aan het dragen van een mondkapje na die datum.”
De touringcarsector vreest dat bijna de helft van de busbedrijven de zomer van 2020 niet overleeft. Van de vierduizend touringcars staat negentig procent stil. Uit een peiling van brancheorganisatie Busvervoer Nederland blijkt dat de sector in de periode tussen maart en juni naar schatting vierhonderd miljoen euro aan omzet misloopt. Het is een totale ramp, de schade is niet te overzien. Dat schrijft Henk Hanssen, financieel redacteur verbonden aan de website faillissementsdossier.nl.
de bussen zijn dit jaar de garage niet uit geweest
De opening van de Keukenhof eind maart staat bij elk touringcarbedrijf prominent op de agenda. Het is de officieuze opening van het seizoen. Met dagtochtjes, stedentrips, schoolreisjes en busvakanties moet in circa zes maanden tijd de omzet van het hele jaar bij elkaar worden gereden. Normaal gesproken treedt half oktober de stille winterperiode in maar dit jaar brak de winter al in het prille voorjaar aan: veel bussen zijn nauwelijks de garage uit geweest.
touringcarsector derft vierhonderd miljoen omzet
Bij Busvervoer Nederland, de brancheorganisatie die vier vijfde van de busbedrijven vertegenwoordigt, spreekt men van een ‘totale ramp’. Uit een recente ledeninventarisatie blijkt dat in de periode maart-juni bij 77 procent van de ondernemingen meer dan de helft van de omzet wegvalt. Een derde van de leden ziet de omzet met meer dan tachtig procent inzakken. De brancheorganisatie heeft berekend dat de gederfde omzet in totaal minstens vierhonderd miljoen bedraagt.
veel busondernemers zullen de klap niet overleven
De busondernemers verwachten niet dat het verlies in de tweede helft van het seizoen kan worden goedgemaakt. De meesten gaan er vanuit dat hun omzet met vijftig tot tachtig procent terugloopt. Ook wanneer zij een beroep doen op de huidige steunmaatregelen van de overheid, zullen veel bedrijven deze klap niet overleven. In een brandbrief aan staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken waarschuwt de brancheorganisatie dat er acute betalingsproblemen dreigen.
een dag stilstand kost achthonderd euro per bus
In de afgelopen jaren hebben veel bedrijven geïnvesteerd in nieuwe bussen die zuiniger en duurzamer zijn. De aanschafprijs loopt al gauw richting vier ton. Een dag stilstand kost rond de achthonderd euro per bus, rekent Busvervoer Nederland de staatssecretaris voor. Bijkomend probleem is dat veel ondernemers de bussen leasen: terwijl er geen cent meer binnenkomt, lopen de kosten voor lease en rente in beginsel gewoon door. Volgens de brancheorganisatie komen de leasebedrijven de branche wel tegemoet.
In de editie Personenvervoer Magazine aandacht voor Walter de Wit die pleit voor een beduidend “meer significante bijdrage” aan besloten busvervoersector voor een fractie van de KLM-steun.
“Eén groot drama”, zo omschrijft Walter de Wit van Jan de Wit in Haarlem de huidige situatie in de sector. “We staan voor 80% stil. We blijven nog wel in de weer met o.a. groepsvervoer en trein vervangend vervoer voor de NS. Momenteel nemen we maatregelen op korte termijn om alle variabele kosten zoveel mogelijk te reduceren.”
“Dat we als besloten busvervoer bedrijven nu aanspraak kunnen maken op de NOW en TOGS-steunmaatregelen, is mooi, maar daar ben je er niet mee. Je krijgt slechts een deel van je kosten vergoed. En onze sector is een uitermate kapitaalintensief bedrijf. Begrijp me niet verkeerd, we zijn blij met deze steunmaatregelen, maar met alle respect, er zijn ook flinke verschillen tussen de sectoren maar de basis van de steunmaatregelen is dezelfde.”
meer significante bijdrage
De Wit had liever een “meer significante bijdrage” gezien die beter aan zou sluiten bij de kenmerken van het besloten busvervoer. “Het is bijkans een 100% zekerheid dat wij als busbedrijven, volledig buiten onze invloedssfeer, een sterk negatief bedrijfsresultaat over 2020 gaan realiseren. Een meer passende steunmaatregel zou wat ons betreft dan ook een regeling zijn, waarbij de overheid onder strikte voorwaarden, het negatieve bedrijfsresultaat over 2020 gaat compenseren tot bijvoorbeeld maximaal kostenneutraal (“de 0-lijn”)”
“Ik begrijp dat er haast geboden was bij het optuigen van de steunmaatregelen, maar voor onze sector met haar arbeids- en kapitaalintensieve structuur is een andere aanpak passender. Het besloten busvervoer is bijvoorbeeld, voor wat betreft haar structuur, best goed te vergelijken met die van de burgerluchtvaart. Deze kampt veelal met dezelfde problematiek.”
“De overheid zou dan ook alles op alles moeten zetten onze sector te behouden en perspectief te bieden om in de toekomst levensvatbaar te kunnen zijn. Het besloten busvervoer speelt namelijk ook een belangrijke rol in het leerlingenvervoer, het (aanvullend) openbaar vervoer en het zakelijk verkeer in Nederland. Zonder collectief personenvervoer over de weg staat namelijk alles stil. Die steun kan voor slechts een fractie van het bedrag dat al is vrijgemaakt voor bijvoorbeeld KLM.”
“De toekomst? Ik hoop van harte dat het bij een korte termijn blijft, maar ik ben daar niet heel erg positief over. Ik heb mijn glazen bol niet bij de hand, maar als ik zie hoe voorzichtig de consument nu is en denkend aan die anderhalve meter sociale afstand die je dan in je bussen moet doorvoeren, dan wordt een gemiddelde opdracht met 100 reizigers vrijwel onmogelijk. Ga maar na, dan heb je voor zo’n groep 8 in plaats van 2 bussen nodig. Dan wordt het onbetaalbaar voor een groot deel van de opdrachtgevers.”
De Wit ziet de oplossing hiervoor in het zolang als noodzakelijk verplicht stellen van het dragen van mondkapjes door reizigers in de bus waarbij de normaal gangbare zitplaatscapaciteit zoveel mogelijk in stand blijft. Het is een drama voor elk bedrijf. Het zou dan ook ook zo maar kunnen dat er pas volgend jaar een licht herstel zal zijn, tegen de tijd dat de Keukenhof start.
Dat busbouwer VDL Groep een busorder verloor aan een Chinees bedrijf viel destijds niet in goede aarde bij leden van de Tweede Kamer en de publieke opinie. Het Chinese BYD Auto, een autofabrikant met hoofdkwartier in Shenzhen, China ging met een belangrijke order van Keolis aan de slag. Het bedrijf produceert elektrische voertuigen zoals auto’s, bussen, fietsen en trucks.
Op de vraag of er voor VDL en BYD van een gelijk speelveld en eerlijke concurrentie sprake is geweest was het antwoord overduidelijk. Het is een private transactie door Keolis, de winnaar van de aanbesteding, die de bussen heeft aangekocht.
“De bussen zijn niet ingekocht door middel van een aanbestedingstraject. Gedeputeerde Staten van de provincies Flevoland, Gelderland en Overijssel hebben de provinciegrensoverschrijdende openbaar vervoersconcessie IJssel- Vecht aanbesteed. De bussen zijn vervolgens aangekocht door de winnaar van die concessie, Keolis Nederland. De inkoop van de bussen door Keolis is een private transactie geweest.”
overheidssubsidie, Chinese steun
De minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de minister van Economische Zaken en Klimaat gaven onlangs antwoord op gestelde vragen. Zo blijkt uit de jaarrekening dat BYD voor €300 miljoen aan steun ontvangen heeft van de overheid waarvan niet te herleiden valt waarvoor dat precies is en welk deel daarvan betrekking heeft op de elektrische bussen.
BYD Auto werd in 2003 opgericht als een onderdeel van BYD Company Limited (BYD), een van China’s grootste private ondernemingen. BYD Company Limited is een high tech bedrijf dat zich richt op schone energietechnologieën, van opwekking en opslag tot toepassing. Het bedrijf is een van de grootste producenten van oplaadbare batterijen ter wereld en inmiddels ook een zeer grote fabrikant van elektrische voertuigen. Wereldwijd rijden meer dan 50.000 elektrische bussen van BYD op de weg.
BYD is 100% beursgenoteerd, deels in Hongkong en deels in het vasteland van China, en kan daarmee worden gekwalificeerd als een privaat bedrijf. Wel ontvangt het moederbedrijf BYD overheidssteun in de vorm van bijvoorbeeld subsidie voor R&D-projecten of indirect via aanschafsubsidies op elektrische voertuigen, als onderdeel van Chinees beleid om het gebruik van elektrische voertuigen te bevorderen.
mislopen van deze order door de VDL Groep
Mona Keijzer, Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, ziet graag dat Nederlandse bedrijven orders binnenhalen, zeker als de productie ook in Nederland plaatsvindt. Vanuit die optiek is het mislopen van de order door VDL Groep teleurstellend. Als deze 259 elektrische bussen in Nederland zouden worden geproduceerd had dat immers bijgedragen aan de Nederlandse werkgelegenheid en opbouw van kennis op het gebied van elektrische bussen.
productie in Hongarije
De bussen zijn aangekocht door vervoersbedrijf Keolis, de houder van de openbaar vervoersconcessie IJssel-Vecht. Keolis geeft aan dat het er vooralsnog naar uit ziet dat de BYD bussen worden geproduceerd in China en mogelijk ook deels in Hongarije. Volgens een schrijven aan de Tweede Kamer in reactie op schriftelijke vragen van de leden Amhaouch en Palland (beiden CDA), profiteert desondanks het Nederlandse bedrijfsleven tot op zekere hoogte wel mee.
Zo worden namelijk veel componenten van het interieur afgenomen van Nederlandse en (West-)Europese toeleveranciers. Zo zijn de Nederlandse bedrijven Ventura Systems (deuren), Carvision (camera’s) en Franz Kiel NL (stoelen) toeleveranciers. Verder leveren bijvoorbeeld de Duitse fabrikanten ZF en Init respectievelijk de assen en boordcomputers van de bussen. Tenslotte gaat het onderhoud in Nederland plaatsvinden.
Wanneer we de 1,5 meter economie moeten handhaven kunnen we maximaal 13 personen vervoeren in een bus- of touringcar waar voorheen 50 zitplaatsen werden gebruikt. In de OV bussen behoren staanplaatsen wellicht tot de verleden tijd en kan het aantal zitplaatsen zonder herinrichting van de huidige bussen zelfs minder zitplaatsen opleveren dan de voorspelde plaatsen.
Op 15 april kondigde Premier Rutte en Minister Wiebes aan dat we verder als 1,5 meter economie moeten doorgaan. Sinds het uitbreken van het coronavirus is de hele samenleving genoodzaakt om passende maatregelen te nemen. Men moet zoveel mogelijk thuisblijven en 1,5 meter afstand houden. Deze ingrijpende maatregelen hebben effect op alle sectoren en niet in de minste plaats op de vervoersbranche.
oproep om nieuwe ideeën met elkaar te delen
Transvision roept haar netwerk op om informatie en nieuwe ideeën met elkaar te delen. De 1,5 meter-norm raakt inmiddels goed geïntegreerd in het dagelijks werk van onze vervoerders. Diverse touringcarbedrijven die trein vervangend vervoer verzorgen, passen creatieve oplossingen toe. Denk aan het plaatsen van plexiglas schermen en het vergroten van de afstand tussen de stoelen.
Transvision ziet veel initiatieven voorbijkomen bij haar vervoerders en dat maakt ze trots op hun netwerk. Het toont aan hoe flexibel en veerkrachtig iedereen is. Alle maatregelen kan men online volgen. Deel de nieuwe ideeën met elkaar onder de vermelding van #TTVV (Transvision TreinVervangend Vervoer).
Transvision realiseerde zich meer dan ooit hoe belangrijk het is dat ze kunnen bijdragen met hun expertise. Daarom verzorgden ze, in samenwerking met Trevvel, de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC) en MICU Zuidwest-Nederland, de 24/7 planning en monitoring van het vervoer van IC-patiënten. Dit gebeurde met behulp van de in Nederland beschikbare MICU’s (Mobiele Intensive Care Units).
Dit is een speciaal aangepaste ambulance, voorzien van de benodigde IC-apparatuur, een intensive care-arts, een intensive care-verpleegkundige en een ambulance chauffeur. Vanuit het coördinatiecentrum kunnen ze de beschikbare MICU’s optimaal inzetten, verspreid door heel Nederland.
De provincie Fryslân overweegt de aanbestedingsprocedure voor het busvervoer stil te leggen. Dat laat gedeputeerde Avine Fokkens weten, in reactie op een oproep hiertoe van vakbond CNV. Volgens Pieter Atsma van het Friesch Dagblad legt de provincie momenteel de laatste hand aan de aanbesteding van het busvervoer in Fryslân voor de periode 2022-2032.
Atsma schreef dat vakbond CNV gisteren opriep om aanbestedingen in onder meer Fryslân uit te stellen. Gezien de gegeven situatie zouden vervoerders te weinig financiële ruimte hebben om een goed bod te doen, en daarbij vreest de vakbond, volgens Atsma, dat er ook minder geld is voor personeel dat niet mee over kan van de oude naar nieuwe vervoerder.
Gedeputeerde Avine Fokkens laat bij monde van haar woordvoerder Atze Jan de Vries weten aan het Friesch Dagblad dat ze gaat kijken of het nu wel een goed moment is om de aanbesteding door te zetten. De Vries zegt niet te kunnen zeggen op welke termijn meer duidelijk is.
“De vraag is gerechtvaardigd, de discussie daarover speelt nu. Voorop staat dat we een goede aanbesteding willen.”, aldus De Vries
Pieter Atsma trok eerder aan de bel in het Friesch Dagblad met het bericht dat veel kleine Friese dorpen en buurtschappen moesten oppassen dat ze hun openbaar vervoer niet helemaal zouden kwijtraken. Uit een inventarisatie van Friesch Dagblad bleek dat zeker dertien Friese dorpen en buurtschappen ontbraken in de eisenlijst voor de nieuwe busconcessie.